Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2018:638

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
26-02-2018
Datum publicatie
26-02-2018
Zaaknummer
C/17/159541 / KG ZA 18-26
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Vordering afgifte stukken na beslissing op WOB-verzoek.

Toetsing beslissing voorbehouden aan bestuursrechter.

Geen vergoeding werkelijke gemaakte proceskosten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaaknummer / rolnummer: C/17/159541 / KG ZA 18-26

Vonnis in kort geding van 26 februari 2018

in de zaak van

1 [eiser 1] ,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PAVILJOEN DE WALVIS B.V.,

3. [eiser 3],

4. [eiser 4],

5. [eiser 5],

allen wonend of gevestigd te [plaatsnaam] ,

eiseres,

advocaat mr. F. Gietema-van der Heide te Leeuwarden,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE TERSCHELLING,

zetelend te West-Terschelling,

gedaagde,

advocaat mr. S. Ravelli en mr. L. van der Maden te Amsterdam.

Partijen zullen hierna eisers en de Gemeente genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 13 februari 2018,

  • -

    productie 9 van eisers,

  • -

    de mondelinge behandeling op 22 februari 2018,

  • -

    de pleitnota van de Gemeente.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Bij brief van 30 november 2016 hebben eisers met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur de Gemeente verzocht om toezending van afschriften van 'alle documenten tussen alle medewerkers van de Segesta Groep (al haar BV's waaronder maar niet beperkt tot Segesta Vastgoedbeheer B.V., Segesta Exploitatie B.V. en Segesta Bouw B.V.) aan de ene kant en de wethouders Iemke van Zwol, Jort Spanjer, Teun de Jong en Jeltje Hoekstra, danwel alle ambtenaren die namens de voornoemde wethouders over het onderwerp hebben gecorrespondeerd aan de andere kant, in de jaren 2006 t/m heden met betrekking tot het bovenstaande onderwerp'. Het onderwerp betreft een voormalig bedrijfsterrein aan het Groene Strand op Terschelling en de aan Segesta Bouw B.V. verleende omgevingsvergunning met betrekking tot (bouwactiviteiten op) dat perceel.

2.2.

Bij e-mail van 1 maart 2017 heeft [naam medewerkster] , medewerkster Juridisch Control van de Gemeente, aan eisers onder meer meegedeeld:

Ondertussen is er een redelijk zicht op de hoeveelheid stukken die opgevraagd worden in dit Wob-verzoek. Totaal aantal pagina's (inclusief digitale bestanden) beslaat zo'n 3000 stukken. (..) De 3000 stukken bestaan uit een enkele pagina tot veel meer pagina's.

De onderwerpen van de fysieke dossiers zijn als volgt:

(..).

2.3.

Bij besluit van 28 maart 2017 heeft het college van burgemeesters en wethouders van de Gemeente (hierna: het college) het verzoek van eisers afgewezen, omdat het verzoek volgens het college was gedaan in het kader van een lopende procedure.

2.4.

Bij besluit van 17 januari 2018 heeft het college beslist op het bezwaarschrift van eisers tegen het primaire besluit. De beslissing luidt:

Omdat uit uw bezwaarschrift van 1 mei 2017 is gebleken dat uw verzoek (..) niet slechts is gericht op een lopende procedure, heeft het college besloten uw bezwaarschrift van 1 mei 2017 gegrond te verklaren.

Het college heeft bovendien besloten de door u gevraagde documenten, voor zover het college daartoe op grond van de Wob is gehouden, tegelijkertijd met dit besluit aan u te verstrekken. Bij dit besluit treft u een overzicht van deze stukken aan. Telkens wanneer het college van mening is dat bepaalde passages in de documenten niet openbaar zijn, of niet aan u verstrekt kunnen worden, is in het overzicht verwezen naar de weigeringsgrond die daarop van toepassing is. In voorkomend geval is informatie in de documenten onleesbaar gemaakt.

Volgens het genoemde overzicht gaat het om 23 documenten. Die documenten zijn aan eisers verstrekt.

3 Het geschil

3.1.

Eisers vorderen dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de Gemeente zal gebieden, kort gezegd, om alle stukken af te geven die zijn genoemd in de onder 2.2 genoemde e-mail en het onder 2.4 genoemde besluit, op straffe van verbeurte van een dwangsom, met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten.

3.2.

De Gemeente voert verweer.

3.3.

De rechtbank zal de stellingen van partijen hierna bespreken, voor zover die van belang zijn voor de beslissing.

4. De beoordeling

4.1.

De burgerlijke rechter is ingevolge artikel 112 van de Grondwet bevoegd om van de vordering van eisers kennis te nemen omdat eisers kennelijk hebben willen stellen dat de Gemeente onrechtmatig jegens hen handelt door de onder 3.1 bedoelde documenten niet aan hen af te geven.

4.2.

Eisers hebben bij brief van 30 november 2016 het college verzocht om afschrift van nader omschreven documenten die een voormalig bedrijfsterrein aan het Groene Strand te Terschelling betreffen. Bij de beslissing op bezwaar van 17 januari 2018 heeft het college het verzoek toegewezen en de 23 documenten verstrekt waarop het verzoek volgens het college betrekking heeft.

4.3.

Voor zover de vordering van eisers is gericht op de afgifte van de documenten die zijn genoemd in de beslissing op bezwaar, moet de vordering bij gebrek aan belang worden afgewezen. De desbetreffende documenten zijn immers verstrekt.

4.4.

Voor zover de vordering van eisers is gericht op de afgifte van de documenten die zijn genoemd in de e-mail van 1 maart 2017 (zie 2.2), komt het er in wezen op neer dat eisers het niet eens zijn met de beslissing op bezwaar. Volgens die beslissing heeft het verzoek immers betrekking op 23 documenten, terwijl eisers stellen dat er veel meer documenten zijn waarop het verzoek betrekking heeft. De burgerlijke rechter kan de beslissing echter niet toetsen omdat daartegen een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang open staat bij de bestuursrechter. Die rechtsgang voorziet ook in de mogelijkheid om een voorlopige voorziening te vragen. Dit brengt mee dat eisers in zoverre niet-ontvankelijk in hun vordering moeten worden verklaard.

4.5.

De proceskosten komen voor rekening van eisers omdat zij in het ongelijk zijn gesteld.

4.6.

De Gemeente heeft verzocht om vergoeding van de werkelijke proceskosten in plaats van de proceskostenvergoeding die volgt uit toepassing van het liquidatietarief, omdat, kort gezegd, de vordering van eisers bij voorbaat geen kans van slagen had.

Volgens de Gemeente bedragen de werkelijke advocaatkosten € 19.646,50.

4.7.

Het zou verbazen als de Gemeente met gemeenschapsgeld daadwerkelijk een dergelijk buitensporig bedrag aan advocaatkosten betaalt voor alleen maar het voeren van verweer in dit kort geding, tegen een vordering die volgens de Gemeente zelf bij voorbaat kansloos was. Afgezien daarvan is er onvoldoende reden om aan te nemen dat het instellen van de vordering, als bij voorbaat kansloos, in verband met de betrokken belangen van de Gemeente achterwege had behoren te blijven. Voor vergoeding van de werkelijke kosten is daarom geen plaats.

4.8.

De proceskosten aan de zijde van de Gemeente worden met toepassing van het liquidatietarief begroot op:

- griffierecht € 626,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal € 1.442,00

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

wijst de vordering af voor zover die betrekking heeft op de afgifte van de documenten die zijn genoemd in de beslissing op bezwaar van 17 januari 2018;

5.2.

verklaart eisers voor het overige niet-ontvankelijk in hun vordering;

5.3.

veroordeelt eisers, uitvoerbaar bij voorraad, in de proceskosten, aan de zijde van de Gemeente tot op heden begroot op € 1.442,00;

5.4.

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J.J. Los en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.