Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2017:175

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
06-01-2017
Datum publicatie
20-01-2017
Zaaknummer
C18/173045 / PR RK 16-525
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Rekestprocedure
Wraking
Inhoudsindicatie

Wrakingsverzoek voldoet niet aan de vereisten van de wet.

Niet ontvankelijk

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Groningen

zaaknummer: C18/173045 / PR RK 16-525

beslissing van de meervoudige kamer van 6 januari 2017

op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van

[naam],

wonende te [woonplaats],

verzoeker.

1 Procesverloop

Bij brief van 30 december 2016 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot wraking van de rechter(s) in de procedure met nummer 5195026 CV EXPL 16-9648 (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Privaatrecht, locatie Groningen) waarbij verzoeker als partij is betrokken.

2 Overwegingen

2.1.

Ingevolge artikel 36 Rv kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

2.2.

Het wrakingsverzoek bevat niet de naam c.q. namen van de behandelende rechter(s) in de zaak, waarin verzoeker de rechter(s) wraakt. Daaruit leidt de rechtbank af dat verzoeker kennelijk beoogt alle rechters van deze rechtbank te wraken. De wet voorziet echter niet in een door een partij gedaan verzoek om wraking van een rechter die geen bemoeienis heeft met de behandeling van de zaak, zie ook het arrest van de Hoge Raad van 18 december 1998 (NJ 1999/271).

2.3.

Omdat verzoeker voorts geen concrete feiten of omstandigheden aanvoert waaruit blijkt van vooringenomenheid van de rechter(s) in de procedure met zaaknummer 5195026 CV EXPL 16-9648, is het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan daarom achterwege blijven.

3 Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het verzoek niet-ontvankelijk;

- bepaalt dat de procedure in de hoofdzaak (met zaaknummer 5195026 CV EXPL 16-9648) wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek tot wraking;

- beveelt de onverwijlde mededeling van deze beslissing aan verzoeker en aan de (gemachtigde van) Enexis B.V.

Deze beslissing is gegeven door mrs. Th.A. Wiersma, voorzitter, R.B.M. Keurentjes en
P.J. Duinkerken, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 6 januari 2017.

typ: 123