Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2015:4725

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
14-09-2015
Datum publicatie
12-10-2015
Zaaknummer
18.930010-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Vrijspraak van mensenhandel (gedwongen webcamwerkzaamheden) en heling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2016/18
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Locatie Groningen

parketnummer 18/930010-15

vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 14 september 2015 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ( [land] ),

verblijvende in [verblijfplaats] .

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

31 augustus 2015.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. M.M. Helmers, advocaat te Utrecht.

Het openbaar ministerie werd ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. M. Kappeijne van de Coppello.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 16 januari 2015 te [pleegplaats 1] en/of te [pleegplaats 2] en/of te [pleegplaats 3] , (althans) in het arrondissement Noord Nederland, in elk geval in Nederland,

A) een ander of anderen, te weten [slachtoffer] , (telkens) door dwang, geweld of (een)

andere feitelijkhe(i)d(en) of door dreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en),

door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden

voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie

- heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen, met het oogmerk van seksuele uitbuiting van [slachtoffer] (sub 10) en/of

- heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard (webcamseks) dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van die arbeid of diensten van seksuele aard (sub 4°) en/of

- heeft gedwongen dan wel bewogen verdachte te bevoordelen uit de opbrengst van haar, [slachtoffer] , seksuele handelingen met en/of voor een derde (sub 9°) en/of

B) (telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de seksuele uitbuiting van een ander, te weten voornoemde [slachtoffer] , (sub 6°) immers is/heeft hij, verdachte:

- een relatie aangegaan met [slachtoffer] en/of

- [slachtoffer] gevraagd om bij hem, verdachte, in de woning te verblijven en/of tegen [slachtoffer] gezegd dat zij toch nergens anders terecht kon en/of

-tegen [slachtoffer] gezegd dat zijn ex-vriendin veel geld had verdiend met webcamseks en/of dat je gemakkelijk veel geld kon verdienen met webcamseks en/of haar voorgehouden

dat ze nergens anders heen kon, dat ze geen goed contact had met haar familie en dat haar telefoon was afgesloten en/of

- de pinpas (met pincode) en/of ID-kaart en/of telefoon van [slachtoffer] afgepakt en/of in beheer genomen en/of

- de deur van de woning waar [slachtoffer] verbleef op slot gedaan, indien hij, verdachte, niet thuis was en/of

- tegen [slachtoffer] gezegd dat zij achter de webcam moest werken en/of (daarbij) gezegd dat hij, verdachte, schulden had en/of dat [slachtoffer] wel moest luisteren, omdat hij zijn ex weleens in het ziekenhuis had geslagen en/of

- advertenties op [meerdere internetsites] gemaakt waarin [slachtoffer] zich aanbood voor webcamseks, althans [slachtoffer] heeft gezegd zich aan te melden bij die websites en/of

- [slachtoffer] gezegd dat zij meer moest verdienen en zonder kleren voor de webcam moest gaan zitten en/of

- [slachtoffer] geslagen en/of (gewelddadig) geduwd en/of de jas en/of schoenen van [slachtoffer] onder de douche gezet, toen [slachtoffer] kenbaar maakte dat ze weg wilde en/of

- met de telefoon van [slachtoffer] gegooid en/of

- tegen [slachtoffer] gezegd: “Als ik je niet kan hebben, kan niemand je hebben” en/of Als je wegloopt, dan hak ik je in stukjes en geef ik je aan de hond” althans (telkens) woorden van gelijke aard of strekking en/of

- het door [slachtoffer] verdiende geld van de bank opgenomen en/of afgepakt en/of ingenomen en/of

- [slachtoffer] bewogen/gedwongen om één of meerdere telefoonabonnement(en) op afbetaling/krediet en/of haar naam af te sluiten;

2.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 16 januari 2015 te [pleegplaats 1] en/of te [pleegplaats 2] en/of te [pleegplaats 3] en/of (elders) in het arrondissement Noord Nederland, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, [slachtoffer] heeft gedwongen tot het plegen van een of meer ontuchtige handelingen, te weten het voor de webcam:

- tonen van haar ontblote borsten en/of vagina en/of billen en/of

- betasten van haar eigen ontblote borsten en/of vagina en/of zichzelf vingeren en/of

- vasthouden en/of in de mond nemen van het geslachtsdeel van hem, verdachte en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin, dat verdachte is/heeft

- een relatie aangegaan met [slachtoffer] en/of

- [slachtoffer] gevraagd om bij hem, verdachte, in de woning te verblijven en/of tegen [slachtoffer] gezegd dat zij toch nergens anders terecht kon en/of

-tegen [slachtoffer] gezegd dat zijn ex-vriendin veel geld had verdiend met webcamseks en/of dat je gemakkelijk veel geld kon verdienen met webcamseks en/of haar voorgehouden

dat ze nergens anders heen kon, dat ze geen goed contact had met haar familie en dat haar telefoon was afgesloten en/of

- de pinpas (met pincode) en/of m-kaart en/of telefoon van [slachtoffer] afgepakt en/of in beheer genomen en/of

- de deur van de woning waar [slachtoffer] verbleef op slot gedaan, indien hij, verdachte, niet thuis was en/of

- tegen [slachtoffer] gezegd dat zij achter de webcam moest werken en/of (daarbij) gezegd dat hij, verdachte, schulden had en/of dat [slachtoffer] wel moest luisteren, omdat hij zijn ex weleens in het ziekenhuis had geslagen en/of

- advertenties op [meerdere internetsites] gemaakt waarin [slachtoffer] zich aanbood voor webcamseks, althans [slachtoffer] heeft gezegd zich aan te melden bij die websites en/of

- [slachtoffer] gezegd dat zij meer moest verdienen en zonder kleren voor de webcam moest gaan zitten en/of

- [slachtoffer] geslagen en/of (gewelddadig) geduwd en/of de jas en/of schoenen van [slachtoffer] onder de douche gezet, toen [slachtoffer] kenbaar maakte dat ze weg wilde en/of

- met de telefoon van [slachtoffer] gegooid en/of

- tegen [slachtoffer] gezegd: “Als ik je niet kan hebben, kan niemand je hebben” en/of Als je wegloopt, dan hak ik je in stukjes en geef ik je aan de hond” althans (telkens) woorden van gelijke aard of strekking;

3.

hij in of omstreeks de periode van 2 mei 2014 tot en met 16 januari 2015 te [pleegplaats 1] en/of te [pleegplaats 2] , (althans) in Nederland, een laptop (merk Asus) en/of een (aantal) fotocamera(s) (merk Fuji en/of Canon) heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van voornoemde goederen (telkens) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Bewijsvraag

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van het ten laste gelegde onder:

  1. voor wat betreft de periode van 1 september 2014 tot en met 16 januari 2015, met uitzondering van het dwingen tot arbeid;

  2. voor wat betreft de periode van 1 september 2014 tot en met 16 januari 2015;

  3. voor zover betreffende de schuldheling van een laptop merk Acer.

De officier van justitie heeft ter onderbouwing van zijn standpunt het volgende aangevoerd.

Het onder 1 ten laste gelegde

Voor de middelen ten aanzien van sub 1, 4, en 9 geldt dat op grond van de

bewijsmiddelen misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht,

misbruik van een kwetsbare positie, dreiging met andere feitelijkheden zijn bewezen.

Misbruik van de kwetsbare positie/overwicht ziet dan vooral op de omstandigheden dat

verdachte de huisvesting regelde op afgelegen locaties, zijn kennis van het webcamwerk,

dat hij beschikte over haar financiën, dat zij afhankelijk was van hem voor sociale

contacten. Ook het leeftijdsverschil speelt hier een rol.

Gedragingen

Door deze middelen is, onder sub 1, het slachtoffer geworven en vervoerd en gehuisvest.

Onder sub 4 is zij bewogen tot de webcamseks (arbeid) en onder sub 9 is bewezen dat zij door deze middelen is bewogen de verdachte te bevoordelen uit de prostitutie/opbrengsten.

Het oogmerk van uitbuiting (sub 1) bij het werven, vervoeren en huisvesten blijkt in casu uit het innemen door verdachte van alle verdiensten van aangeefster, zijn werkwijze en zijn uitlatingen in de trant van dat hij goed naar haar heeft gekeken en nagedacht en dat ze veel geld kan verdienen.

Opzet op voordeel trekken uit seksuele uitbuiting blijkt uit dezelfde omstandigheden als het oogmerk onder sub 1.

Op grond van het vorenstaande is tevens het onder 2 ten laste gelegde - het dwingen tot het plegen van webcamseks - te bewijzen.

Het onder 3 ten laste gelegde is te bewijzen op grond van de aangifte van diefstal van de laptop, het aantreffen ervan onder verdachte en de verklaring van verdachte. Via Marktplaats kopen van een onbekende voor een mooi prijsje levert wettig en overtuigend bewijs voor schuldheling.

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van hetgeen hij te bewijzen acht wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 21 maanden met aftrek van voorarrest. Verder heeft de officier van justitie gevorderd dat ten behoeve van aangeefster een maatregel van schadevergoeding ten bedrage van € 9477,39 aan verdachte zal worden opgelegd.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft vrijspraak van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde bepleit. Zij heeft - kort samengevat - aangevoerd dat wettig en overtuigend bewijs ontbreekt.

Beoordeling

De rechtbank acht het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen. Verdachte zal daarom hiervan worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt hierbij het volgende.

Ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde overweegt de rechtbank dat kan worden vastgesteld dat verdachte een relatie met aangeefster is aangegaan, dat aangeefster werkzaamheden voor de webcam heeft verricht en dat de verdiensten van die werkzaamheden mede ten goede zijn gekomen van verdachte. Dit is zowel door aangeefster als verdachte verklaard. Dat er bij het uitoefenen van de even bedoelde werkzaamheden van de zijde van verdachte sprake is geweest van dwang, (dreiging met) geweld, (dreiging met) andere feitelijkheden, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht of misbruik van een kwetsbare positie kan alleen worden afgeleid uit de verklaring van aangeefster. Haar verklaring wordt op deze onderdelen naar het oordeel van de rechtbank niet ondersteund door overige bewijsmiddelen. Op het moment dat aangeefster een relatie met verdachte aanging was er geen sprake van een kwetsbare positie van aangeefster. Zij had werk en woonruimte en heeft vrijwillig de keus gemaakt om haar toen bestaande relatie te verbreken. Ook nadien is niet van een dergelijke kwetsbare positie gebleken. Aangeefster had regelmatig contact met haar vader en zus en werd bovendien financieel door hen ondersteund als zij daarom vroeg. Niet is gebleken van andere omstandigheden, bijvoorbeeld psychische problematiek, op grond waarvan zou moeten worden aangenomen er sprake was van misbruik van omstandigheden. Van een feitelijke opsluiting van aangeefster of tegen haar gepleegd geweld is evenmin gebleken.

Ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde is de rechtbank met de raadsvrouw en de officier van justitie van oordeel dat met betrekking tot de fotocamera’s niet wettig en overtuigend bewezen verklaard kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan (schuld)heling.

Met betrekking tot de laptop is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard dat verdachte ten tijde van het verkrijgen van dit goed wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze van diefstal afkomstig was.

De rechtbank kan de officier van justitie niet volgen in zijn standpunt dat via Marktplaats van een onbekende kopen voor een mooi prijsje wettig en overtuigend bewijs levert voor schuldheling. Op grond van de stukken en het verhandelde ter terechtzitting kan niet worden vastgesteld dat verdachte is tekortgeschoten in zijn onderzoeksplicht en dat hij met de voor schuldheling vereiste aanmerkelijke onvoorzichtigheid heeft gehandeld. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat niet vastgesteld kan worden dat de waarde van de laptop destijds zoveel hoger lag dan de prijs die verdachte er voor heeft betaald, dat deze prijs alarmbellen had moeten doen rinkelen. De rechtbank neemt voorts in aanmerking dat bij een koop via Marktplaats niet vreemd is om te kopen van een onbekende en af te spreken op een andere locatie dan bij de verkoper thuis.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte onder 1, 2 en 3 is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.M.E. Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter,

mr. B.I. Klaassens en mr. M.B. de Wit, rechters, bijgestaan door W. Brandsma, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 14 september 2015.

Mr. Klaassens is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.