Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2014:5778

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
25-11-2014
Datum publicatie
25-11-2014
Zaaknummer
19.910451-12
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Met de officier van justitie en de raadsman van verdachte is de rechtbank van oordeel dat het proces-verbaal van politie op een aantal wezenlijke aspecten onvolledig is. Van enige daadwerkelijke betrokkenheid van verdachte als medepleger of als medeplichtige bij de aangetroffen hennepkwekerij in Hoogeveen is onvoldoende gebleken.

Verdachte dient derhalve van de gehele tenlastelegging te worden vrijgesproken.

Wetsverwijzingen
Opiumwet, geldigheid: 2014-11-24
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht

Locatie Assen

Parketnummer: 19.910451-12

vonnis van de Meervoudige kamer d.d. 25 november 2014 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op[geboortedatum],

wonende te [woonplaats], [adres].

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 11 november 2014.

De verdachte is verschenen en werd bijgestaan door mr. A.A. Bos, advocaat te Zwolle.

Tenlastelegging

De verdachte is bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

hij op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip, in of omstreeks de periode van 1 oktober 2010 tot en met 17 mei 2011, in de gemeente Hoogeveen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk (in de uitoefening van een beroep of bedrijf) (telkens) heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of aanwezig heeft gehad een grote hoeveelheid hennep, te weten ongeveer 1.752, althans meer dan 200, hennepplanten, in ieder geval meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep (telkens) een middel als bedoeld in artikel 1 van de Opiumwet en als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, terzake dat

een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip, in of omstreeks de periode van 1 oktober 2010 tot en met 17 mei 2011, in de gemeente Hoogeveen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging, althans alleen, (telkens) opzettelijk (in de uitoefening van een beroep of bedrijf) (telkens) hebben/heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of aanwezig hebben/heeft gehad een grote hoeveelheid hennep, te weten ongeveer 1.752, althans meer dan 200, hennepplanten, in ieder geval meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep (telkens) een middel als bedoeld in artikel 1 van de Opiumwet en als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip, in of omstreeks de periode van 1 oktober 2010 tot en met 17 mei 2011, in de gemeente Hoogeveen, althans in Nederland, (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door aan die perso(o)n(en) een voor dat telen en/of bereiden en/of bewerken en/of verwerken van hennep geschikt(e) pand/ruimte beschikbaar te stellen;

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie, mr. A.M. Ariese, acht hetgeen aan de verdachte zowel primair als subsidiair is tenlastegelegd niet bewezen en vordert dat de verdachte daarvan zal worden vrijgesproken.

Vrijspraak

De verdachte dient van het hem zowel primair als subsidiair tenlastegelegde te worden vrijgesproken omdat de rechtbank deze feiten, evenals de verdachte, diens raadsman en de officier van justitie, niet wettig en overtuigend bewezen acht.

Met de officier van justitie en de raadsman van verdachte is de rechtbank van oordeel dat het proces-verbaal van politie op een aantal wezenlijke aspecten onvolledig is. Van enige daadwerkelijke betrokkenheid van verdachte als medepleger of als medeplichtige bij de aangetroffen hennepkwekerij in Hoogeveen is onvoldoende gebleken.

Verdachte dient derhalve van de gehele tenlastelegging te worden vrijgesproken.

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte zowel primair als subsidiair is tenlastegelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Läkamp, voorzitter, en mr. O.J. Bosker en mr. J.G. de Bock, rechters, in tegenwoordigheid van J. Bos, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 25 november 2014.