Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2014:5027

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
15-10-2014
Datum publicatie
14-11-2014
Zaaknummer
2950781 CV EXPL 14-5482
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Consolid Rail B.V. vs Markar B.V. Werknemer hoeft opleidingskosten niet geheel terug te betalen omdat werkgever ook steken heeft laten vallen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2014/860
AR-Updates.nl 2014-0960
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie Groningen

Zaak\rolnummer: 2950781 CV EXPL 14-5482

Vonnis d.d. 15 oktober 2014

inzake

de besloten vennootschap Consolid Rail B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Amsterdam,

eiseres, hierna te noemen Consolid,

gemachtigde mr. C.J. Tijman, advocaat te Ede (postbus 442, 6710 BK),

tegen

de besloten vennootschap Markar B.V., h.o.d.n. De Bewindvoerster, handelend in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde],

kantoorhoudende te Veendam,

gedaagde, hierna te noemen Markar c.q. [gedaagde],

gemachtigde mr. T.T. Stellingwerff-Kok, advocaat te Groningen.

PROCESGANG

Bij inleidende dagvaarding met bijlagen heeft Consolid gevorderd Markar bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad te veroordelen om aan haar te betalen de somma van € 7.020,30, vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 6.160,55 vanaf 11 februari 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, een en ander kosten rechtens.

Bij conclusie van antwoord met bijlagen heeft Markar de vorderingen betwist en geconcludeerd tot afwijzing daarvan, een en ander kosten rechtens.

Ingevolge het tussenvonnis van 4 juni 2014 heeft op 16 september 2014 een comparitie van partijen plaatsgevonden. Daarbij heeft Consolid zich deugdelijk doen vertegenwoordigen. Markar is niet verschenen; [gedaagde] wel. Ook de gemachtigden van partijen waren aanwezig.

Vonnis is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

De feiten

1.1 De ondernemingsactiviteiten van Consolid bestaan onder meer uit de exploitatie van een uitzendbureau op het gebied van personeel ten behoeve van het railvervoer.

1.2 Tussen Consolid en [gedaagde] is op of omstreeks 24 augustus 2011 een opleidingsovereenkomst tot stand gekomen in het kader waarvan Consolid op voorschotbasis heeft voldaan de opleidingskosten voor een door [gedaagde] te volgen leertraject tot machinist.

1.3 De opleidingsovereenkomst bevat onder meer de volgende bepalingen:

2.2 Indien Cursist het theorie- en praktijkgedeelte van de Opleiding inclusief de examens (40-dagen) met goed gevolg heeft afgerond, zal Consolid Rail met Cursist een uitzend(arbeids)overeenkomst aangaan voor de duur van 60-dagen praktijkperiode, waarbij een opleidingssalaris wordt gehanteerd.

2.3 Consolid zal met Cursist opeenvolgende uitzend(arbeids)overeenkomsten conform het gehanteerde CAO aangaan, indien Cursist alle hierna genoemde examens en onderdelen t.b.v. het Leertraject Machinist Volledig Bevoegd heeft behaald:

- Theorie- en praktijk inclusief examens (40 dagen)

- 60-dagen praktijkperiode.

3.1 Consolid Rail voldoet de kosten van de opleiding ten bedrage van € 6.330,- vermeerderd met de kosten van eventuele extra lessen en/of herexamens van Cursist. Cursist is gehouden om de opleidingskosten volledig aan Consolid Rail terug te betalen. Verwezen wordt naar de desbetreffende bepalingen in het Reglement.

4.1 Cursist is gehouden om de opleidingskosten volledig aan Consolid Rail terug te betalen. Door op basis van de na de 60-dagen praktijkperiode aangegane uitzend(arbeids)overeenkomst voor Consolid Rail te werken kan Cursist de opleidingskosten geheel of gedeeltelijk terugverdienen en wel op de volgende wijze:

4.2 Krachtens de gewerkte uren voor Consolid Rail, voortvloeiend uit de na de 60-dagen praktijkperiode aangegane uitzend(arbeids)overeenkomst, wordt een bedrag van € 2,11 per uur in mindering gebracht op de opleidingskosten van Cursist (dus niet ingehouden op salaris) totdat de hoogte van de gehele opleidingskosten is terugverdiend.

6.2 Cursist machtigt Consolid Rail het resterende terug te betalen bedrag, dat voortvloeit uit artikel 6 van het Reglement en dat niet verrekend kan worden conform artikel 6.1 van rekeningnummer (…) af te schrijven volgens een nader overeen te komen aflossingsschema. Het aflossingsschema heeft maximaal 6 termijnen en een doorlooptijd van maximaal 6 maanden.

1.4 Op de opleidingsovereenkomst is van toepassing het Reglement Opleidingen Leertraject Machinist Volledig Bevoegd.

1.5 [gedaagde] heeft de opleiding gevolgd, maar is voor het op 14 oktober 2011 afgenomen examen gezakt. Hetzelfde geldt voor het herexamen op 2 november 2011.

1.6 Bij e-mail van 2 oktober 2011 heeft [gedaagde] zich beklaagd over de bejegening die hem zijdens zijn docent [naam] ten deel was gevallen.

1.7 Op 14 november 2011 heeft Consolid een e-mail aan [gedaagde] gestuurd met de volgende tekst:

Beste [gedaagde],

Graag zouden wij een afspraak met je willen maken, het lukt ons alleen niet om contact met je te krijgen. We willen graag kijken wat de mogelijkheden voor je zijn. Zou jij zo spoedig mogelijk contact met ons willen opnemen.

1.8 Bij e-mail van 14 november 2011 heeft [gedaagde] als volgt gereageerd:

Met alle respect…… ik zie niet veel mogelijkheden (met dank aan [naam] van RDP) na het gesprek met[naam] omtrent de uitslag van het herexamen. Vraag het hem zelf maar.

Ik lever de spullen die ik van Arriva nog heb vanavond (14 nov) in een gesloten enveloppe bij jullie in de brievenbus.

De tas van Arriva met de wagensleutels enz, liggen in mijn kluisje bij Arriva.

Ik ben per heden ook niet meer bereikbaar op het huidige adres.

(de post bereikt mij dus niet)

Omdat er zeer slecht is omgegaan met het voorval omtrent [naam] van RDP door [naam] was dat het verschil dat mijn toekomst, voorzover daar nog sprake van is, bepaald heeft.

(T.a.v. [naam]

Ach ja, bij de leerling zit toch altijd fout! Dus die heeft geen gegronde reden voor een 2e herexamen.)

[naam]… bedankt voor het luisterend oor destijds het voorval met [naam]. Tevens ook bedankt voor de administratieve afhandelingen.

Ik ben zeer tevreden over Consolid rail Rotterdam en Arriva. Daar heeft het absoluut niet aan gelegen.

1.9 Op 1 december 2011 heeft [gedaagde] een e-mail gezonden aan [naam] voornoemd. De tekst daarvan luidt als volgt:

Aan [naam]

Heb jij het nieuws al gehoord?

Mijn bloed kleeft aan jouw handen!

Mijn bloed kleeft aan jouw handen!

Mijn bloed kleeft aan jouw handen!

Mijn bloed kleeft aan jouw handen!

Slapeloze nachten toegewenst.

Afz. Een leerling die volgens jou te veel bladert door de lesstof als jij lesgeeft! Wat bij jouw irritatie opwekt en daardoor grof uitvalt zonder excuses aan te bieden.

1.10 Artikel 6 sub b van het Reglement Opleidingen Leertraject Machinist Volledig Bevoegd luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

Cursist dient de volledige dan wel resterende aan Consolid Rail in rekening gebrachte opleidingskosten aan Consolid Rail terstond terug te betalen:

. bij beëindiging/staking van de opleiding door Consolid Rail als gevolg van verwijtbaar gedrag zijdens Cursist;

. bij uitdrukkelijke beëindiging van de opleidingsovereenkomst op initiatief van de Cursist;

. indien Cursist er niet in slaagt een afsluitend examen of, indien van toepassing, herexamen met goed gevolg af te sluiten;

(…)

1.11 Artikel 3 c van het Reglement luidt:

Consolid Rail verplicht zich om Cursist bij eventuele problemen die zich tijdens de opleiding voordoen naar vermogen behulpzaam te zijn.

2 Het standpunt van Consolid

2.1

Zij heeft betoogd dat [gedaagde] de opleidingsovereenkomst op eigen initiatief heeft beëindigd, dat hij er niet in is geslaagd het herexamen met goed gevolg af te sluiten, alsook dat [gedaagde] [naam] heeft bedreigd, hetgeen tot beëindiging van de opleiding heeft geleid.

2.2

Op grond van vorenstaande dient [gedaagde] de opleidingskosten van € 6.160,55 terug te betalen. Dat bedrag zou met ingang van 6 maart 2013 in 6 termijnen van de bankrekening van [gedaagde] worden afgeschreven. Die afschrijving is evenwel niet mogelijk gebleken, zodat het bedrag in hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke rente en de incassokosten, ineens opeisbaar is geworden.

3 Het standpunt van Markar

3.1

Vanwege de onheuse bejegening door zijn docent [naam] had [gedaagde] concentratieproblemen. Nadat hij voor het eerste examen was gezakt zou er een gesprek plaatsvinden tussen [gedaagde] en [naam] voornoemd in aanwezigheid van iemand van Consolid. Daarbij zou onder meer aan de orde komen welke fouten [gedaagde] had gemaakt, zodat hij daar bij het herexamen zijn voordeel mee kon doen. Dat gesprek heeft evenwel niet plaatsgevonden, omdat het herexamen reeds op 2 november 2011 stond gepland en Consolid daartoe geen kans meer zag. Verder vond Consolid dat gesprek ook niet meer nodig. Deze gang van zaken, die in strijd is met artikel 3 c van het Reglement, heeft er toe geleid dat [gedaagde] ook voor het herexamen is gezakt. Door toedoen van Consolid is hem derhalve de mogelijkheid onthouden om de opleidingskosten terug te betalen.

3.2

De beëindiging van de opleidingsovereenkomst is niet het gevolg van een initiatief van [gedaagde]. Nadat bekend was geworden dat [gedaagde] ook voor het herexamen was gezakt is hem reeds telefonisch te verstaan gegeven dat het traject was geëindigd. De e-mail van Consolid van 14 november 2011 zag op de mogelijkheden om een uitzendovereenkomst aan te gaan en niet om de onderzoeken of de opleiding kon worden voortgezet.

3.3

Consolid kan [gedaagde] in het licht van de redelijkheid en de billijkheid ook niet aan de terugbetalingsverplichting houden omdat zij het initiatief tot beëindiging heeft genomen. Verder is [gedaagde] bij aanvang van de overeenkomst onvoldoende geïnformeerd over de reikwijdte van het terugbetalingsbeding, zodat het onaanvaardbaar is hem daar aan te houden.

3.4

Markar betwist dat de hoogte van de gevorderde opleidingskosten, alsmede de verschuldigdheid van de buitengerechtelijke kosten.

4 De beoordeling

4.1

Naar het oordeel van de kantonrechter kan Consolid aan haar vordering niet met vrucht ten grondslag leggen dat op initiatief van [gedaagde] een eind is gekomen aan de opleidingsovereenkomst. Ter comparitie heeft Consolid doen verklaren dat zij in verband met de verantwoordelijkheid die een treinmachinist heeft te dragen strenge eisen stelt aan haar cursisten. Indien deze ook zakken voor het herexamen wordt het opleidingstraject beëindigd. Van een extra herexamen kan volgens de ter zitting aanwezige vertegenwoordigers van Consolid geen sprake zijn.

4.2

Gelet op het hiervoor geschetste beleid van Consolid was de e-mail van [gedaagde] van 14 november 2011 van nul en generlei waarde aangezien de opleiding op dat moment de facto reeds was geëindigd. Voorts heeft de kantonrechter in aanmerking genomen dat Consolid onweersproken heeft gelaten dat [gedaagde] die ochtend zijdens Consolid reeds telefonisch te verstaan is gegeven dat hij niet verder kon met de opleiding.

4.3

De e-mail van 14 november 2011 zijdens Consolid maakt voormeld oordeel niet anders, nu deze, gelijk Consolid ter comparitie heeft doen bevestigen, niet de strekking had om over continuering van de opleiding van gedachten te wisselen, maar om gezamenlijk te onderzoeken of Consolid andere uitzendwerkzaamheden kon aanbieden opdat [gedaagde] op die wijze aan zijn betalingsverplichtingen zou kunnen voldoen.

4.4

Dat het initiatief tot beëindiging de facto van Consolid afkomstig was rechtvaardigt, anders dan [gedaagde] ingang wil doen vinden, evenwel niet de gevolgtrekking dat terugvordering van de lesgelden in strijd is met de redelijkheid en de billijkheid. Dat kan anders zijn indien sprake is van bijkomende bijzondere feiten en omstandigheden. Deze zijn echter niet door [gedaagde] gesteld.

4.5

Hoewel de e-mail van [gedaagde] d.d. 1 december 2011 aan [naam] de juridische toets der kritiek geenszins kan doorstaan, kan Consolid ook daaraan niet het door haar gewenste rechtsgevolg verbinden, waar reeds op 14 november 2011 een eind was gekomen aan de opleidingsovereenkomst. De kwalijke uitlatingen van [gedaagde] hebben daarop dus geen invloed kunnen hebben.

4.6

Naar het oordeel van de kantonrechter kan Consolid haar aanspraken in beginsel alleen baseren op het feit dat [gedaagde] voor het examen en voor het herexamen is gezakt als bedoeld in artikel 6 onder b van het Reglement. Dat beginsel kan echter uitzondering lijden als het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn om Markar c.q. [gedaagde] (integraal) aan die bepaling te houden. In het verlengde daarvan overweegt de kantonrechter nader als volgt.

4.7

Als vaststaand moet worden aangenomen dat Consolid aan [gedaagde] heeft toegezegd een gesprek te zullen arrangeren tussen de docent [naam] en [gedaagde], waarbij de spanningen tussen beiden aan de orde zouden komen en waarbij tevens een evaluatie zou plaatsvinden van het eerste examen, zodat [gedaagde] van zijn fouten zou kunnen leren. Dat gesprek heeft tegen de wil van [gedaagde] niet plaatsgevonden omdat Consolid daarvan bij nader inzien het nut niet inzag. Wel heeft [gedaagde] het examen kunnen inzien.

4.8

Door af te zien van bedoeld gesprek voorafgaand aan het door [gedaagde] af te leggen herexamen heeft Consolid [gedaagde] de kans ontnomen om zich maximaal op het herexamen voor te bereiden, hetgeen in strijd moet worden geacht met artikel 3 onder c van het Reglement. Dat betekent echter niet dat, anders dan [gedaagde] heeft betoogd, [gedaagde] met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid voor dat herexamen zou zijn geslaagd indien de voorbereiding op de aanvankelijk voorgenomen wijze gestalte had gekregen.

4.9

Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen gaat de kantonrechter voorbij aan het verweer dat [gedaagde] in het geheel niet kan worden gehouden aan het terugbetalingsbeding, te meer nu Consolid [gedaagde] de kans heeft geboden om te onderzoeken of hij andere, betaalde uitzendwerkzaamheden zou kunnen verrichten, een aanbod waar [gedaagde] om hem moverende redenen niet op in is gegaan. In het licht van hetgeen hiervoor is overwogen zal de kantonrechter 25% op de vordering in mindering brengen, zodat in hoofdsom, welke Consolid middels productie 11 naar behoren heeft onderbouwd, voor toewijzing gereed ligt de somma van € 4.620,41. Daarnaast is de meegevorderde rente over voormeld toe te wijzen bedrag aan hoofdsom toewijsbaar te rekenen vanaf 30 maart 2013.

4.10

Voorts overweegt de kantonrechter dat de vordering ter zake van de buitengerechtelijke kosten toewijsbaar is, waar de buitengerechtelijke kosten meer hebben omvat dan het redigeren en verzenden van een enkele standaardsommatie en de ter zake toe te wijzen kosten zijn ontleend aan de staffel van Voorwerk II. Deze kosten zullen worden vastgesteld op basis van het toe te wijzen bedrag aan hoofdsom, zodat terzake toewijsbaar is een bedrag van € 587,04.

4.11

Als grotendeels in het ongelijk gestelde partij zal Markar in de kosten van de procedure worden veroordeeld. Deze zullen worden gerelateerd aan het toe te wijzen bedrag aan hoofdsom en buitengerechtelijke kosten. De meegevorderde rente over de proceskosten is toewijsbaar. Omdat sprake moet zijn van een redelijke termijn voor betaling, is de ingangsdatum 14 dagen na de betekening van dit vonnis.

4.12.

De meegevorderde nakosten zullen worden toegewezen zoals hierna bij de beslissing nader omschreven.

BESLISSING

De kantonrechter:

veroordeelt Markar, handelend in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde], om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Consolid te voldoen een bedrag van € 5.207,45 vermeerderd met de wettelijke rente over € 4.620,41 te rekenen vanaf 30 maart 2013 tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt Markar, handelend in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde], in de kosten van de procedure die aan de zijde van Consolid tot aan deze uitspraak zullen worden vastgesteld op € 77,52 aan dagvaardingskosten, € 462,-- aan vastrecht en € 500,00 aan salaris gemachtigde, een en ander vermeerderd met de wettelijke rente voor zover deze kosten niet binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis zijn voldaan;

veroordeelt Markar, handelend in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde], in de nakosten die worden begroot op een bedrag van € 100,00;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

ontzegt het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Fokkema, kantonrechter, en op 15 oktober 2014 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: af