Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2014:2706

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
28-05-2014
Datum publicatie
02-06-2014
Zaaknummer
C-17-129307 - HA ZA 13-261
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBNNE:2014:2728
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Algemene voorwaarden; toepasselijkheid, vernietigbaarheid, onredelijk bezwarend beding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaaknummer / rolnummer: C/17/129307 / HA ZA 13-261

Vonnis van 28 mei 2014

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] B.V.,

gevestigd te[plaats],

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat: mr. J.F. Veenstra, kantoorhoudende te Leeuwarden,

tegen

1. de vennootschap onder firma

[B] V.O.F.,

gevestigd te [plaats],

2. [C],

3. [D],

beiden wonende te [plaats],

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. J.J. Hengst, kantoorhoudende te Joure.

Partijen zullen hierna[A], de vof en haar vennoten (en afzonderlijk: de vof, [C] en [D]) genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 11 december 2013

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 20 februari 2014, welke comparitie gelijktijdig met de comparitie in de zaak onder zaak-rolnummer C/17/129305 / HA ZA 13-260 is gehouden

  • -

    de akte zijdens de vof en haar vennoten ter gelegenheid van de comparitie.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

in conventie en in reconventie

2.1.

In een schriftelijke, ondertekende "overeenkomst van aanneming" van 18 oktober 2010 - hierna: de overeenkomst - is onder meer het volgende vermeld:

[…]

Datum : 18-10-10

[…]

De ondergetekenden:

1. Profi-Clean

[…]

hierna te noemen: "opdrachtgever"

2. [A] bv

[…]

hierna te noemen "aannemer"

verklaren als volgt te zijn overeengekomen:

HET WERK

De opdrachtgever heeft opgedragen aan de aannemer, die deze opdracht heeft aanvaard, de uitvoering van de volgende werkzaamheden:

De realisatie van een bedrijfspand

e.e.a. conform:

Globale omschrijving werkzaamheden d.d. 11-10-10

1e nota van aanvulling d.d. 02-12-10

Lijst bepaling aanneemsom/wijzigingen d.d. 10-10-10

Tekening 1910091-BV2 d.d. 14-06-10

Tekening 1910091-BV3 d.d. 14-06-10

Tekening 1910091-BV4 d.d. 14-06-10

Tekening 1910091-BV5 d.d. 21-04-10

Tekening 1910091-BV6 d.d. 21-04-10

[…]

DE PRIJS

De opdrachtgever verbindt zich om aan de aannemer voor het aan deze hierbij opgedragen werk te betalen exclusief omzetbelasting:

Totale aanneemsom € 188.100,=

[…]

BETALINGSREGELING

De betaling zal geschieden in 6 termijnen, zijnde;

[…]

5e termijn 10% van de aanneemsom groot € 18.810,= na 1e oplevering

6e termijn 5% van de aanneemsom groot € 9.405,= na einde onderhoudstermijn

[…]

Aldus overeengekomen en ondertekend te Berlikum,

de 20e oktober 2010

De opdrachtgever, De aannemer,

Profi-Clean.[A] b.v.

2.2.

Aan het ondertekenen van de overeenkomst zijn diverse offertes van[A] voorafgegaan. In deze offertes worden de algemene voorwaarden van[A] van toepassing verklaard.

2.3.

In de hiervoor bedoelde algemene voorwaarden van[A] is onder meer het volgende bepaald:

[…]

Artikel 19 Aansprakelijkheid

[…]

19-2[A] is aansprakelijk, voor zover zijn verzekering dit dekt, […] voor schade aan het werk.

[…]

Artikel 23 Betaling

[…]

23-2[A] is gerechtigd indien de betaling van het verschuldigde niet binnen de gestelde termijn door hem is ontvangen, aan de opdrachtgever een rente ad 1,25% per maand te berekenen, gerekend vanaf de dag van verzending van de facturen.

23-3[A] is voorts gerechtigd, buiten de hoofdsom en rente om van de opdrachtgever alle kosten, zowel gerechtelijke als buitengerechtelijke, door de niet betaling veroorzaakt te vorderen, waaronder begrepen de kosten van advocaat, procureur, zaakwaarnemer, gerechtsdeurwaarder en incassobureau.

23-4 Alle te maken gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten komen voor rekening van opdrachtgever. De buitengerechtelijke zullen worden berekend overeenkomstig het rapport Voorwerk II dan wel, indien dit Rapport niet langer actueel is, overeenkomstig de tarieven die door de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak alsdan redelijk zullen worden geacht. Tevens worden de buitengerechtelijke kosten verhoogd met alle kosten voor juridisch advies en bijstand.

[…]

2.4.

[A] heeft de in de overeenkomst bedoelde bedrijfsloods opgeleverd.[A]

2.5.

[A] heeft alle in de overeenkomst genoemde termijnen gefactureerd.

2.6.

De in de overeenkomst bedoelde, door[A] gefactureerde 5e termijn (een bedrag van EUR 18.810,00 exclusief BTW) en 6e termijn (een bedrag van EUR 9.405,00 exclusief BTW) zijn tot op heden onbetaald gelaten.[A] heeft de vof ter zake een factuur gezonden op 11 september 2012 voor een totaalbedrag van EUR 33.575,85 inclusief BTW. Op deze factuur is vermeld dat betaling binnen 14 dagen dient plaats te vinden. De factuur is tot op heden onbetaald gelaten.

2.7.

De in de bedrijfsloods door de onderaannemer van[A] (Installatiebedrijf[E]) aangebrachte vloerverwarming werkt niet. Installatiebedrijf [E] heeft de vloerverwarming na het aanbrengen daarvan gevuld met water om opdrijven van de verwarmingsslangen tijdens het betonstorten te voorkomen. Door het intreden van vorst is het water in de verwarmingsslangen bevroren en zijn deze verwarmingsslangen daardoor beschadigd en lek geraakt.

2.8.

In opdracht van de vof heeft een derde, te weten Koelvisie B.V., een heaterverwarmingssysteem geleverd en in de bedrijfsloods gemonteerd. Blijkens de opdrachtbevestiging van Koelvisie B.V. zou dit heaterverwarmingssysteem op 24 oktober 2011 worden afgeleverd in de bedrijfsloods. De montage heeft vier dagen in beslag genomen. Koelvisie B.V. heeft voor het leveren en het monteren van het heaterverwarmingssysteem een tweetal facturen aan de vof gezonden, te weten een factuur van 24 oktober 2011 ter hoogte van EUR 7.306,60 inclusief BTW en een factuur van

1 november 2011 ter hoogte van EUR 10.959,90 inclusief BTW.

2.9.

Op 27 oktober 2011 heeft er een gesprek plaats gevonden over de niet werkende vloerverwarming tussen [A] (directeur van[A]), [D], [C], [F] (accountant van de vof), [E] (directeur van Installatiebedrijf [E]), [G] (vertegenwoordiger van de verzekeraar van[A]) en een vertegenwoordiger van de verzekeraar van [E]. In dat gesprek is een plan van aanpak besproken, welk plan van aanpak inhield dat er nieuwe verwarmingsleidingen in de bestaande betonvloer en cementdekvloer zouden worden gefreesd en aangebracht. De freessleuven dienden vervolgens te worden aangeheeld en de door deze werkzaamheden beschadigde wanden, plinten, vloerbedekking, schilderwerk etc. zouden worden hersteld. De herstelkosten hiervan zijn daarbij begroot op een bedrag van EUR 67.110,00 exclusief BTW, waarbij de verzekeraar van[A] een bedrag van EUR 39.360,00 voor haar rekening zou nemen ten aanzien van het freeswerk, het aanbrengen van de nieuwe verwarmingsleidingen en het aanhelen van de freessleuven en de verzekeraar van [E] een bedrag van EUR 27.750,00 ter zake van het herstel van de beschadigingen ten gevolge van het vernieuwen van de verwarmingsleidingen.

2.10.

De verzekeraars hebben uiteindelijk - nadat de bedrijfsloods door de verzekeraar van Installatiebedrijf [E] was bezocht - slechts de hiervoor in rechtsoverweging 2.8 bedoelde twee facturen van Koelvisie B.V. vergoed, alsmede advieskosten, in totaal een bedrag van ongeveer EUR 25.000,00.

3 De vordering

in conventie

3.1.

De vordering van[A] strekt ertoe, dat de rechtbank, bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

I. de vof en haar vennoten hoofdelijk veroordeelt om aan[A] te betalen een bedrag van EUR 33.575,85, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de contractuele rente van 1,25% per maand, althans de wettelijke handelsrente, althans de wettelijke rente vanaf 26 september 2011, althans vanaf de dag der dagvaarding, althans vanaf een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, zulks tot de dag van volledige betaling;

II. de vof en haar vennoten hoofdelijk veroordeelt om aan[A] te betalen een bedrag van EUR 1.788,00 wegens door[A] gemaakte buitengerechtelijke incassokosten, althans een zodanig bedrag als de rechtbank zal bepalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding, althans vanaf een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, zulks tot de dag van volledige betaling;

III. de vof en haar vennoten hoofdelijk veroordeelt in de na de te geven uitspraak ontstane kosten, begroot op EUR 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, zulks onder de voorwaarde dat betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden en de vof en haar vennoten niet binnen veertien dagen na aanschrijving van het vonnis hebben voldaan, met een bedrag van EUR 68,00 aan salaris advocaat, de explootkosten vanaf de dagtekening van de uitspraak en de wettelijke rente vanaf de dag nadat bedoelde termijn van veertien dagen voor nakoming is verstreken;

IV. de vof en haar vennoten hoofdelijk veroordeelt in de kosten van deze procedure.

3.2.

De vof en haar vennoten voeren verweer.

3.3.

Op de stellingen en verweren van partijen wordt hierna - voor zover van belang - nader ingegaan.

in reconventie

3.4.

De vordering van de vof en haar vennoten strekt ertoe, dat de rechtbank, bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

I. voor recht verklaart dat[A] aansprakelijk is voor de door de vof en haar vennoten geleden schade;

II.[A] veroordeelt tot het vergoeden van de schade van EUR 67.110,00, te vermeerderen met 21% BTW, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 november 2011 tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van[A] in de kosten van de procedure, kosten rechtens.

3.5.

[A] voert verweer.

3.6.

Op de stellingen en verweren van partijen wordt hierna - voor zover van belang - nader ingegaan.

4 Het geschil en de beoordeling daarvan

in conventie en in reconventie

4.1.

De vordering van[A] strekt tot betaling van de nog openstaande 5e termijn (een bedrag van EUR 18.810,00) en de 6e termijn (een bedrag van EUR 9.405,00), vermeerderd met BTW, contractuele rente en (contractuele buitengerechtelijke) kosten.

4.2. "

"de vennootschap onder firma [B] V.O.F."

4.2.1.

De advocaat van de vof en haar vennoten heeft ter gelegenheid van de comparitie van partijen een online uittreksel van de Kamer van Koophandel met betrekking tot de vennootschap onder firma V.O.F. [naam], met handelsnaam [B] in het geding gebracht. Hij heeft daarbij onweersproken gesteld dat [B] de handelsnaam is van v.o.f. [naam] en dat er niet zoiets bestaat als [B] vo.f. De oude handelsnaam van V.O.F. [naam] was Profi Clean, te weten de partij die als opdrachtgever in de sub 2.1. bedoelde overeenkomst is vermeld. Gelet hierop, alsmede gelet op de mededeling van de advocaat van de vof en haar vennoten dat hij zich voor alle drie de gedaagden stelt, waarbij hij er vanuit gaat dat met gedaagde "[B] V.O.F." Westra V.O.F. is bedoeld, wordt met de aanduiding "de vof" (de gedaagde vennootschap onder firma "[B] V.O.F.") hierna bedoeld: "Westra V.O.F."

4.3.

De rechtbank constateert dat - hoewel de vof en haar vennoten dit niet in de hoogte van hun reconventionele vordering hebben verdisconteerd - de vof en haar vennoten hebben erkend dat de 5e termijn en de 6e termijn onbetaald zijn gelaten. De vof en haar vennoten beroepen zich in conventie echter op hun opschortingsrecht. Volgens de vof en haar vennoten werkt de vloerverwarming niet en is de schade vastgesteld op een bedrag van EUR 67.110,00. De schade - waarvoor[A] volgens de vof en haar vennoten aansprakelijk is - is tot op heden niet door[A] hersteld. Het in opdracht van de vof door Koelvisie B.V. geleverde en in de bedrijfsloods gemonteerde heaterverwarmingssysteem betrof volgens de vof en haar vennoten slechts een tijdelijke oplossing. De vof en haar vennoten vorderen thans in reconventie een verklaring voor recht dat[A] aansprakelijk is voor de schade aan de vloerverwarming, alsmede vervangende schadevergoeding ter hoogte van EUR 67.110,00, vermeerderd met rente en kosten.[A]

4.4.

[A] heeft gemotiveerd weersproken dat het in opdracht van de vof door Koelvisie B.V. geleverde en in de bedrijfsloods gemonteerde heaterverwarmingssysteem slechts een tijdelijke oplossing zou betreffen.[A] heeft er daarbij op gewezen dat dit systeem enkele dagen vóór de bespreking van 27 oktober 2011 is geleverd/gemonteerd, waarbij de - aanzienlijke - kosten hiervan niet door de vof en haar vennoten naar voren zijn gebracht tijdens deze bespreking. Volgens[A] zijn partijen - op initiatief van de vof - dit andere, goedkopere alternatief voor de op 27 oktober 2011 besproken wijze van herstel overeengekomen. De vof hoopte daarbij dat zij het verschil tussen de kosten van het goedkopere alternatief en het door de verzekeraars uit te keren bedrag "in haar zak kon steken".[A] is de overeenkomst correct nagekomen door de kosten van dit alternatief - dat door de verzekeraars is vergoed - namens de vof aan Koelvisie B.V. te betalen, aldus[A]. Volgens[A] heeft zij de vof en haar vennoten ervoor gewaarschuwd dat het door de verzekeraars toegezegde bedrag was gebaseerd op de op 27 oktober 2011 besproken wijze van herstel en dat derhalve het risico zou worden gelopen dat de verzekeraars niet tot uitkering van het volledige bedrag van EUR 67.110,00 zouden overgaan. Volgens[A] kan van haar niet verwacht worden dat zij overgaat tot betaling van de kosten van het herstel van de vloerverwarming, welke kosten - indien de vof en haar vennoten zich hadden gehouden aan de op 27 oktober 2011 besproken wijze van herstel - door de verzekeraars vergoed zouden zijn. Afgezien van de omstandigheid dat[A] zich op het standpunt stelt dat zij correct is nagekomen, beroept zij zich op artikel 19-2 van haar algemene voorwaarden, op grond waarvan zij niet aansprakelijk is voor schade die haar verzekeraar niet dekt.

4.5.

De rechtbank constateert dat de vof en haar vennoten niet hebben weersproken dat[A] op grond van haar algemene voorwaarden niet aansprakelijk is voor schade die haar verzekeraar niet dekt. De rechtbank constateert voorts dat de vof en haar vennoten niet hebben weersproken dat de kosten van Koelvisie B.V., alsmede advieskosten (in totaal een bedrag van ongeveer EUR 25.000,00) na uitkering daarvan aan[A] door de verzekeraar van[A], door eerstgenoemde namens de vof aan Koelvisie B.V. is betaald en dat zij bovendien niet hebben weersproken dat de verzekeraar van[A] (en ook die van [E]) elke verdere uitkering weigert.[A] heeft ter gelegenheid van de comparitie van partijen toegelicht - hetgeen evenmin door de vof en haar vennoten is weersproken - dat de verzekeraar van Installatiebedrijf [E], die op grond van hetgeen is besproken op 27 oktober 2011 het herstel van de vloer en de plinten en dergelijke zou vergoeden, is gaan kijken in de bedrijfsloods, waarbij is geconstateerd dat er voor een andere, goedkopere oplossing is gekozen (de montage van een heaterverwarmingssysteem), waarbij de vloer niet open hoefde en waaruit is geconcludeerd dat er geen schade is die zij hoeft te vergoeden.

4.6.

De vof en haar vennoten hebben aangevoerd dat[A] geen beroep kan doen op haar algemene voorwaarden, waaronder de bepaling dat[A] niet aansprakelijk is voor schade die haar verzekeraar niet dekt. Hierna zal worden ingegaan op hetgeen de vof en haar vennoten daartoe hebben aangevoerd.

4.7.

Toepasselijkheid algemene voorwaarden

4.7.1.

Allereerst hebben de vof en haar vennoten aangevoerd dat de algemene voorwaarden van[A] niet van toepassing zijn verklaard op de overeenkomst. Zij wijzen er daarbij op dat in de overeenkomst niet wordt verwezen naar de algemene voorwaarden van[A] en evenmin naar door[A] uitgebrachte offertes.

4.7.2.

De rechtbank constateert dat op de offertes van[A] - zoals de vof en haar vennoten niet hebben weersproken - de algemene voorwaarden van[A] van toepassing zijn verklaard. De offertes van[A] dienen volgens[A] te worden beschouwd als een aanbod aan de vof en dit aanbod (één van deze offertes) is volgens[A] door de vof geaccepteerd. Aan de hand van deze offerte zijn volgens[A] nadere stukken opgemaakt.

4.7.3.

Ter gelegenheid van de comparitie van partijen heeft de advocaat van de vof en haar vennoten aangevoerd dat het bouwplan - nadat diverse aannemers offertes hadden uitgebracht - met[A] in gang is gezet op basis van de contracten met het door de vof ingeschakelde bedrijf Bouwadvies Oldenburger en niet op basis van een offerte van[A]. De rechtbank constateert echter dat [D] ter gelegenheid van de comparitie van partijen heeft verklaard - in lijn met hetgeen de advocaat van[A] toen heeft verklaard - dat het project is begeleid door Bouwadvies Oldenburger en dat de stukken door dit bureau zijn opgesteld, maar dat het klopt dat[A] meerdere opties heeft geoffreerd, waar een keuze uit is gemaakt. Hieruit leidt de rechtbank af, dat het aanbod van[A] - één van de door haar uitgebrachte offertes - door de vof is aanvaard. De in die offerte van toepassing verklaarde algemene voorwaarden van[A] zijn dan ook van toepassing op de onderhavige overeenkomst. De enkele omstandigheid dat de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden niet is opgenomen in de - zeer summiere - overeenkomst, is onvoldoende om tot een ander oordeel te komen. Dit zou slechts anders zijn indien de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden van[A] daarbij door de vof van de hand is gewezen. Weliswaar heeft de advocaat van de vof en haar vennoten ter gelegenheid van de comparitie van partijen opgemerkt dat de algemene voorwaarden van[A] bewust niet van toepassing zijn verklaard, maar dit verweer is niet nader onderbouwd. Zo is gesteld noch gebleken dat de algemene voorwaarden van[A] - na de van toepassing verklaring in de offerte van[A] - nadien nog tussen partijen aan de orde zijn geweest en zo ja, op welke wijze.

4.7.4.

Op grond van het voorgaande zal het verweer in zoverre worden verworpen. Uitgegaan zal worden van de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden van[A].

4.8.

Vernietigbaarheid algemene voorwaarden; ter hand gesteld?

4.8.1.

De vof en haar vennoten hebben voorts een beroep gedaan op de vernietigbaarheid van de algemene voorwaarden van[A] omdat - zoals zij bij conclusie van antwoord in conventie, tevens conclusie van eis in reconventie hebben aangevoerd - deze algemene voorwaarden niet vóór of bij het sluiten van de overeenkomst ter hand zijn gesteld.

4.8.2.

De rechtbank overweegt dat[A] bij conclusie van antwoord in reconventie, alsmede ter gelegenheid van de comparitie van partijen heeft aangevoerd dat haar algemene voorwaarden - zoals in de offertes is vermeld - telkens aan de achterzijde van het voorblad van de diverse offertes zijn afgedrukt. Gelet op de omstandigheid dat de vof en haar vennoten dit vervolgens niet hebben weersproken en de algemene voorwaarden hiermee ter hand zijn gesteld, zoals in artikel 234 BW bedoeld, zal het beroep op vernietiging van de algemene voorwaarden worden verworpen.

4.9.

Vernietigbaarheid artikel 19-2 van de algemene voorwaarden; onredelijk bezwarend beding?

4.9.1.

Ten slotte hebben de vof en haar vennoten aangevoerd dat artikel 19-2 van de algemene voorwaarden van[A] - in welk artikel is bepaald dat[A] niet aansprakelijk is voor schade die haar verzekeraar niet dekt - onredelijk bezwarend is en op die grond vernietigbaar is.

4.9.2.

De rechtbank stelt voorop dat een beding in algemene voorwaarden slechts vernietigbaar is, indien sprake is van feiten en omstandigheden waaruit volgt dat het beding gelet op de aard en inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen, de wederzijds kenbare belangen van partijen en de overige omstandigheden van het geval onredelijk bezwarend zou zijn voor de vof en haar vennoten (zie artikel 6:233 onder a BW).

4.9.3.

Van een onredelijk bezwarend beding in de hiervoor bedoelde zin is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Uit het enkele feit dat[A] haar aansprakelijkheid heeft beperkt tot het bedrag dat haar verzekeraar uitkeert - een veel voorkomend beding - volgt naar het oordeel van de rechtbank niet dat het beding daarmee onredelijk bezwarend is. Overige feiten en omstandigheden waaruit zou volgen dat dit artikel onredelijk bezwarend zou zijn, zijn door de vof en haar vennoten niet gesteld. Het beroep op vernietiging van artikel 19-2 van de algemene voorwaarden van[A] zal dus worden verworpen.

4.10.

Conclusie

4.10.1.

Gelet op de omstandigheid dat - zoals hiervoor is overwogen - de algemene voorwaarden van[A] van toepassing zijn op de onderhavige overeenkomst, het beroep op vernietiging van deze algemene voorwaarden (in haar geheel of alleen van artikel 19-2) zal worden verworpen, alsmede gelet op hetgeen hiervoor in rechtsoverweging 4.5. is overwogen, is[A] naar het oordeel van de rechtbank op grond van artikel 19-2 van haar algemene voorwaarden - indien er al vanuit zou worden gegaan dat sprake is van een toerekenbare tekortkoming aan de zijde van[A] - niet aansprakelijk voor de onderhavige beweerde schade van de vof en haar vennoten. Het beroep van de vof en haar vennoten in conventie op een aan hen toekomend opschortingsrecht ter zake van de schade aan de vloerverwarming zal dus worden verworpen.

voorts in conventie

4.11.

De in conventie gevorderde hoofdsom ter zake van de 5e en 6e termijn (inclusief BTW) zal - bij gebreke van een rechtsgeldig beroep op een opschortingsrecht - worden toegewezen. Weliswaar hebben de vof en haar vennoten bij conclusie van antwoord in conventie, tevens conclusie van eis in reconventie aangevoerd dat de opstelling van[A] onjuist is, maar ter gelegenheid van de comparitie van partijen hebben zij erkend dat de 5e en de 6e termijn openstaan. Het had naar het oordeel van de rechtbank op de weg van de vof en haar vennoten gelegen om expliciet aan te geven om welke reden (behoudens het door hen ingeroepen opschortingsrecht) de gevorderde hoofdsom desondanks (deels) niet toewijsbaar zou zijn, hetgeen zij hebben nagelaten. De enkele verwijzing naar een door henzelf opgestelde eindafrekening is daartoe - zonder nadere onderbouwing, die ontbreekt - onvoldoende.

4.12.

Hoofdelijkheid

4.12.1.

Tegen de gevorderde hoofdelijke veroordeling van de vof en haar vennoten is door laatstgenoemden geen verweer gevoerd, zodat de gevorderde hoofdelijkheid - die uit artikel 18 WvK voortvloeit ten aanzien van vennoten van een vennootschap onder firma - zal worden toegewezen.

4.13.

Contractuele rente

4.13.1.

Ook de gevorderde contractuele rente van 1,25% per maand, acht de rechtbank gelet op artikel 23-2 van de algemene voorwaarden van[A] toewijsbaar.[A] vordert deze rente vanaf 26 september 2011, te weten - zo begrijpt de rechtbank - vanaf de vijftiende dag na verzending van de factuur van 11 september 2012. Gelet op het bepaalde in artikel 23-2 van de algemene voorwaarden van[A] - waarin is bepaald dat de rente reeds verschuldigd is vanaf de dag van verzending van de facturen - zal de vordering tot betaling van rente vanaf 26 september 2011 worden toegewezen.

4.14.

Buitengerechtelijke incassokosten

4.14.1.

[A] vordert voorts buitengerechtelijke incassokosten ter hoogte van EUR 1.788,00 (2 punten van het toepasselijke liquidatietarief) en wel op grond van artikel 23 van haar algemene voorwaarden, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding (21 augustus 2013). Volgens[A] heeft zij daadwerkelijk buitengerechtelijke incassokosten gemaakt. Gelet op artikel 23 van de algemene voorwaarden van[A] acht de rechtbank de vordering in zoverre toewijsbaar.

4.15.

Proceskosten

4.15.1.

De vof en haar vennoten zullen als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding. De kosten aan de zijde van[A] worden vastgesteld op:

- dagvaardingskosten en GBA EUR 90,71

- griffierecht EUR 1.836,00

- salaris voor de advocaat EUR 868,50 (1,5 punt x tarief EUR 579,00)

Totaal EUR 2.795,21.

4.15.2.

Opgemerkt wordt dat de kosten van de comparitie van partijen - die gelijktijdig heeft plaatsgevonden met de comparitie van partijen in de zaak C/17/129305 HA ZA 13-260 - voor de helft wordt toegerekend aan de onderhavige zaak en voor de helft aan de andere zaak.

4.15.3.

Ook de gevorderde nakosten en de daarover gevorderde wettelijke rente acht de rechtbank toewijsbaar, met uitzondering van de gevorderde explootkosten vanaf de dagtekening van dit vonnis. Deze kosten zijn slechts toewijsbaar als zij in redelijkheid zijn gemaakt, hetgeen niet op voorhand is te beoordelen.

voorts in reconventie

4.16.

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, zal de reconventionele vordering worden afgewezen.[A] is immers gelet op artikel 19-2 van haar algemene voorwaarden niet aansprakelijk voor de onderhavige beweerde schade.

4.17.

Proceskosten

4.17.1.

De vof en haar vennoten zullen als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding. De kosten aan de zijde van[A] worden vastgesteld op:

- salaris voor de advocaat EUR 670,50 (0,5 x 1,5 punten x tarief 894,00).

5 De beslissing

De rechtbank

in conventie

5.1.

veroordeelt de vof en haar vennoten hoofdelijk om aan[A] te betalen een bedrag van EUR 33.575,85, te vermeerderen met de contractuele rente van 1,25% per maand vanaf 26 september 2011 tot de dag van volledige betaling,

5.2.

veroordeelt de vof en haar vennoten hoofdelijk om aan[A] te betalen een bedrag van EUR 1.788,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 augustus 2013 tot de dag van volledige betaling,

5.3.

veroordeelt de vof en haar vennoten hoofdelijk in de na deze uitspraak ontstane kosten, begroot op EUR 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, zulks onder de voorwaarde dat betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden en de vof en haar vennoten niet binnen veertien dagen na aanschrijving van het vonnis heeft voldaan, met een bedrag van EUR 68,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag nadat bedoelde termijn van veertien dagen voor nakoming is verstreken,

5.4.

veroordeelt de vof en haar vennoten hoofdelijk in de kosten van deze procedure, aan de zijde van[A] vastgesteld op een bedrag van EUR 2.795,21,

5.5.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.6.

wijst af het anders of meer gevorderde,

in reconventie

5.7.

wijst de vordering af,

5.8.

veroordeelt de vof en haar vennoten in de kosten van het geding, aan de zijde van[A] vastgesteld op EUR 670,50,

5.9.

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

Dit vonnis is gewezen door mr. E.Th.M. Zwart-Sneek en in het openbaar uitgesproken op

28 mei 2014.1

1 82.