Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2014:170

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
10-01-2014
Datum publicatie
16-01-2014
Zaaknummer
2190639 - CV EXPL 13-5009
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Inschrijving als woningzoekende bij woningcoöperatie levert geen recht op toewijzing van een woning toe.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 2190639 \ CV EXPL 13-5009

vonnis van de kantonrechter d.d. 10 januari 2014

inzake

[A],

wonende te [woonplaats],

eiseres,

procederende onder toevoegingsnr.:5CO3182

gemachtigde: mr. A.J. Welvering,

tegen

De stichting

STICHTING WONINGBOUW ACHTKARSPELEN,

gevestigd te Buitenpost,

gedaagde,

gemachtigde: mr. D. van der Wal,

Partijen zullen hierna [A] en SWA worden genoemd.

Procesverloop

1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de conclusie van antwoord

- het tussenvonnis van 6 september 2013

- het proces-verbaal van comparitie van partijen van 3 december 2013

- de conclusie van dupliek.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

Motivering

De feiten

2.1. In deze procedure kan van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan.

[A] heeft in de periode van 5 december 1994 tot 1 september 2002 van SWA de woning aan de [adres] gehuurd. [A] heeft voorts vanaf 16 augustus 2002 tot 13 augustus 2008 van SWA een woning gehuurd aan de [adres]. [A] staat sedert 21 maart 2005 als woningzoekende in de gemeente Achtkarspelen ingeschreven bij SWA. [A] huurt thans een niet aan SWA toebehorende woning aan de [adres].

Het standpunt van [A]

3.1. [A] vordert veroordeling van SWA om aan [A] op grond van haar inschrijving als woningzoekende bij SWA op 21 maart 2005 en de daarop volgende verlengingen van deze inschrijving, huurwoningen aan te bieden welke voldoen aan de specifieke wensen van [A] zoals opgegeven bij deze inschrijving althans bij de verlengingen daarvan, zulks op straffe van een dwangsom van € 500 per dag of gedeelte van een dag dat SWA daartoe na betekening van het in dezen te wijzen vonnis niet bereid blijkt te zijn, zulks onder veroordeling van SWA in de kosten van de procedure, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad.

3.2. [A] baseert haar vordering op voormelde feiten alsmede op haar stelling dat SWA ten onrechte weigert aan [A] huurwoningen aan te bieden. Volgens [A] heeft SWA op basis van haar langjarige inschrijving recht op een woning van SWA en heeft SWA de plicht haar woningen aan te bieden op basis van haar specifieke wensen. Zij wijst er op dat SWA haar inschrijving als woningzoekende niet heeft geweigerd en ook geen bezwaar heeft gemaakt tegen de verlengingen van haar inschrijving.

Het standpunt van SWA

4.1. SWA heeft de vordering betwist, daartoe aanvoerende dat er sprake is van contractsvrijheid en dat zij geen verplichting heeft om alleen op basis van een (langjarige) inschrijving aan [A] huurwoningen voor bewoning aan te bieden. Zij wijst er op dat iedereen zich als woningzoekende mag inschrijven en dat er bij haar ruim 1400 gegadigden staan ingeschreven voor een woning. Toewijzing van een woning vindt plaats door een toewijzingscommissie, waarbij rekening wordt gehouden met een aantal criteria, waaronder het (huur)verleden van de gegadigde. Indien er aan een woningzoekende een woning wordt aangeboden, komt de huurovereenkomst tot stand na aanvaarding door de woningzoekende van het aanbod. SWA wenst geen huurovereenkomst met [A] meer aan te gaan, nu zij in het verleden slechte ervaringen heeft opgedaan met de wijze waarop [A] haar woningen achterliet. Van haar kan niet worden gevergd om tegen haar wil een contract aan te gaan met [A]. Dat zij al jaren staat ingeschreven als woningzoekende geeft haar geen recht op toewijzing van een woning.

4.2. Geheel onverplicht verklaart SWA zich bereid om voor [A] te bemiddelen bij een of meer andere aanbieders van huurwoningen.

De beoordeling van het geschil

5.1. Naar het oordeel van de kantonrechter levert de enkele inschrijving van een woningzoekende bij een woningcorporatie geen verplichting van die woningcorporatie op tot het aanbieden van huurwoningen aan de betreffende woningzoekende. Voorop staat immers de contractsvrijheid van partijen. Dat kan anders zijn indien SWA zich daartoe zelf heeft verplicht, bijvoorbeeld door een wachtlijstreglement voor de ingeschreven woningzoekende te hanteren. Daarvan is in het onderhavige geval niet gebleken. Ook kunnen er bijzondere omstandigheden zijn op grond waarvan van een woningcorporatie gevergd kan worden iedere of bepaalde woningzoekende(n) te accepteren, bijvoorbeeld wanneer zij in een bepaalde regio als monopolist op de huurmarkt actief is. Ook daarvan is in het onderhavige geval niet gebleken. In tegendeel, SWA heeft onweersproken aangevoerd dat er naast haar meerdere aanbieders van huurwoningen actief zijn in haar werkgebied. Ten slotte overweegt de kantonrechter dat [A] geen specifieke omstandigheden heeft aangevoerd waaruit kan worden afgeleid dat zij uitsluitend op de woningvoorraad van SWA is aangewezen of andere omstandigheden krachtens welke SWA een (maatschappelijke) zorgplicht zou hebben tot het aanbieden van woningen aan [A]. De door [A] in haar vordering genoemde specifieke eisen – zo begrijpt de kantonrechter de door haar ter terechtzitting gegeven toelichting – zien vooral op haar voorkeur voor bepaalde straten of wijken, maar zijn niet nader door [A] onderbouwd. De stelling van [A] waarop haar vordering is gebaseerd mist daarom rechtsgrond zodat haar vordering als ongegrond zal worden afgewezen.

5.2. [A] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de procedure worden verwezen. De kosten van SWA, bestaande uit salaris gemachtigde, zullen tot op heden worden vastgesteld op 2 punten van het liquidatietarief ad € 100, zijnde in totaal €200.

Beslissing

De kantonrechter:

wijst het gevorderde af;

veroordeelt [A] in de kosten van deze procedure tot op heden aan de zijde van SWA vastgesteld op € 200 wegens salaris gemachtigde.

Aldus gewezen door mr. A. van der Meer, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 januari 2014 in tegenwoordigheid van de griffier.

c 28