Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2013:CA2224

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
05-06-2013
Datum publicatie
06-06-2013
Zaaknummer
C/17/126331 / KG ZA 12-103
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Aanbesteding, artikel 56 Bao, abnormaal lage inschrijving.

Wetsverwijzingen
Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten
Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten 56
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Aanbesteding 2013/14
JAAN 2013/143 met annotatie van mr. M.G.J. van der Velden
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaaknummer / rolnummer: C/17/126331 / KG ZA 13-103

Vonnis in kort geding van 5 juni 2013

in de zaak van

de besloten vennootschap

GEOMAAT B.V.,

gevestigd te Groningen,

eiseres,

advocaat: mr. M.B.W. Litjens te Assen,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

WETTERSKIP FRYSLÂN,

zetelend te Leeuwarden,

gedaagde,

advocaat: mr. Th. Dankert te Leeuwarden,

en

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MUG INGENIEURSBUREAU B.V.,

gevestigd te Leek,

verzoekster in het incident tot voeging,

advocaat: mr. S.S. Schouten te Enschede.

Partijen zullen hierna "Geomaat", "Wetterskip" en "MUG" genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Geomaat heeft Wetterskip in kort geding doen dagvaarden tegen de openbare terechtzitting van 21 mei 2013.

1.2. Geomaat heeft toen op de bij dagvaarding geformuleerde gronden gevorderd dat de voorzieningenrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

primair:

a. Wetterskip verbiedt uitvoering te geven aan het door haar geuite voornemen tot gunning, dit op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100.000,-, althans een in goede justitie te bepalen dwangsom, indien Wetterskip hieraan niet voldoet;

b. Wetterskip gebiedt de opdracht Europese aanbesteding Landmeetkundige diensten, contractnummer CON-0062, aan geen ander dan aan Geomaat te gunnen, op straffe van een dwangsom van € 100.000,-, althans een in goede justitie te bepalen dwangsom, indien Wetterskip hieraan niet voldoet;

subsidiair:

c. Wetterskip gebiedt om over te gaan tot intrekking van de aanbestedingsprocedure of, voor zover Wetterskip de opdracht alsnog wenst te gunnen, over te gaan tot heraanbesteding, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100.000,-, althans een in goede justitie te bepalen dwangsom, indien Wetterskip hieraan niet voldoet;

meer subsidiair:

d. Wetterskip gebiedt de inschrijvingen opnieuw te beoordelen met inachtneming van dit vonnis, op straffe van verbeurte van een dwangsom;

e. in goede justitie een andere maatregel oplegt die passend is en recht doet aan de belangen van Geomaat, op straffe van verbeurte van een dwangsom van

€ 100.000,-, althans een in goede justitie te bepalen dwangsom, indien Wetterskip hieraan niet voldoet;

primair, subsidiair en meer subsidiair:

f. Wetterskip veroordeelt in de kosten van het geding, te vermeerderen met de wettelijke rente en de nakosten.

1.3. MUG heeft bij incidentele conclusie tot voeging gevorderd dat het haar, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad en op de minuut en op alle dagen en uren, wordt toegestaan om zich aan de zijde van Wetterskip te voegen in dit kort geding, met conclusie tot afwijzing van de vorderingen van Geomaat en veroordeling van Geomaat in de kosten van het geding, te vermeerderen met nasalaris en wettelijke rente over de kosten van het geding.

1.4. De terechtzitting heeft met instemming van partijen plaatsgevonden op de locatie Groningen van deze rechtbank. De voorzieningenrechter heeft de door MUG in het incident verzochte voeging aan de zijde van Wetterskip ter zitting (mondeling) toegestaan.

Ter terechtzitting hebben partijen hun standpunten toegelicht, waarbij de advocaten van partijen gebruik hebben gemaakt van pleitaantekeningen. Hierbij heeft Wetterskip geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Geomaat, met veroordeling van Geomaat - bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad - in de kosten van het geding.

1.5. Partijen hebben producties overgelegd.

1.6. Ten slotte is vonnis bepaald op heden.

2. De feiten

In dit kort geding wordt van de volgende vaststaande feiten uitgegaan.

2.1. Wetterskip heeft een openbare Europese aanbesteding landmeetkundige diensten uitgeschreven betreffende de opdracht tot het verrichten van landmeetkundige diensten- met contractnummer CON-0062. De opdracht is erop gericht om een contract af te sluiten voor de duur van twee jaar met een optionele verlenging van twee maal één jaar, onder dezelfde voorwaarden. Op de aanbesteding is het Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (hierna te noemen: het Bao) van toepassing. Het streven van Wetterskip was om met ingang van 15 april 2013 een raamovereenkomst voor de opdracht te sluiten met de winnende inschrijver. De opdracht heeft een geraamde waarde van

€ 120.000,- per jaar.

2.2. In hoofdstuk 5 van het door Wetterskip opgestelde Bestek zijn de (sub)gunningscriteria voor de opdracht vermeld. De beoordeling van de inschrijvingen vindt plaats aan de hand van het criterium van de "economisch meest voordelige inschrijving". De opdracht wordt gegund aan de inschrijver die voldoet aan het programma van eisen en de hoogste score heeft behaald op de kwaliteit (planning, plan van aanpak en tariefstelling) en de tarieven. Daarbij is de volgende onderverdeling van de wegingsfactoren gemaakt:

Criterium Omschrijving Maximaal aantal punten

Gu1 Mate van akkoord met het programma van eisen Knock out

Gu2 Uitwerking van de casuïstiek 90

Gu2.1. Planning 30

Gu2.2. Plan van Aanpak 20

Gu 2.3. Gespecificeerde tariefstelling 40

Gu3 Tarieven 10

In paragraaf 5.3. van het bestek is ten aanzien van Gu2 - uitwerking van de casuïstiek - het volgende bepaald:

"Om de kwaliteit te kunnen beoordelen wordt een document (maximaal 3 A4) gevraagd waarin Inschrijver in een uitwerking beschrijft hoe hij/zij de casus, opgenomen in bijlage B, aanpakt. Dit document dient in ieder geval te bevatten:

1. een planning

2. een plan van aanpak

3. gespecificeerde tariefstelling.

(…)

In de uitwerking dient u de volgende 3 onderwerpen te benoemen en te beschrijven:

? Onderdeel 1: Planning (max. 30 punten):

Graag ontvangen wij van u een uitgewerkte planning met mijlpalen en een toelichting hoe deze planning tot stand is gekomen. De planning wordt beoordeeld op de gehele doorlooptijd, vanaf het moment van opdracht verstrekking tot oplevering meetgegevens.

? Onderdeel 2: Plan van Aanpak (max. 20 punten):

Graag ontvangen wij van u een Plan van Aanpak op basis van de in Bijlage B opgenomen tekening. Daarin moet o.a. aandacht besteed worden aan:

I. de werkzaamheden die Opdrachtnemer uitvoert,

II. de wijze waarop Opdrachtnemer de werkzaamheden uitvoert en

III. welke bijdrage Opdrachtnemer verwacht van Opdrachtgever.

Dit Plan van Aanpak zal beoordeeld worden op:

I. of uitvoering plaatsvindt volgens voorschriften in bijlage A,

II. de wijze waarop opdrachtgever wordt ontzorgd en

III. de manier waarop Opdrachtnemer omgaat met omgevingsfactoren als burgers en Flora & Fauna.

? Onderdeel 3: Gespecificeerde tariefstelling (max. 40 punten):

Het onderdeel tariefstelling bestaat uit de prijs, die door de Inschrijver wordt opgegeven voor het uitvoeren van de opdracht in bijlage B (excl. BTW). Dit wordt tevens gezien als Inschrijfprijs. Inschrijver dient voor dit onderdeel bij de Inschrijving een open begroting te voegen (zie Excel bijlage 11-C). Opdrachtgever verstaat hieronder een opsomming van de in te zetten medewerkers met bijbehorende tariefstelling, uiteenzetting van alle gemaakte kosten + de totaalprijs voor betreffende opdracht. De geoffreerde prijzen zijn weer uitgangspunt voor de opdrachten die, gedurende de looptijd van de overeenkomst, zullen worden verstrekt. De gehanteerde tarieven dienen overeen te komen met de opgegeven tarieven onder paragraaf 5.4. in Bijlage 11-B, echter kunnen bij de uitwerking van de case, andere personen worden opgevoerd dan gevraagd in Bijlage 11-B.

(…)

Wijze van beoordelen

(…)

Het onderwerp gespecificeerde tariefstelling wordt beoordeeld op basis van laagste prijs. De Inschrijver met de laagste inschrijfprijs excl. BTW krijgt het maximale punten (40). De prijzen van de andere Inschrijvers worden hieraan gerelateerd, volgens de formule 40 x (A/B) = C. A staat voor ingediende bedrag laagste Inschrijver, B voor bedrag van de te beoordelen Inschrijver en C voor de punten die de te beoordelen Inschrijver krijgt. (…)

2.3. In de Eerste Nota van Inlichtingen van Wetterskip zijn - voor zover hier relevant - de navolgende vragen aan de orde gekomen:

(…)

Vraag 9. "De prijzen dienen in reële verhouding te staan tot de te verrichten leveringen en diensten. Hoe wordt beoordeeld of sprake is van reële prijzen?"

Hierop heeft Wetterskip geantwoord:

"Of de inschrijfprijs reëel is wordt gebaseerd op ervaring bij beoordeling van vergelijkbare opdrachten."

(…)

----------------

Vraag 15. "De (fictieve) prijs voor de casus telt voor 40% mee voor de gunning van de raamovereenkomst. Hoe gaat de opdrachtgever uitsluiten dat er irreëel (tegen een veel te lage prijs) wordt ingeschreven?"

Hierop heeft Wetterskip geantwoord:

"De geoffreerde prijzen die Inschrijver opgeeft bij uitwerking van de casus, zullen uitgangspunt zijn voor de gehele looptijd van de raamovereenkomst en dienen tevens overeen te komen met de opgegeven tarieven onder paragraaf 5.4.

2.4. In de Derde Nota van Inlichtingen van Wetterskip zijn - voor zover hier relevant - de navolgende vragen aan de orde gekomen:

(…)

Vraag 8. "Op pagina 22 schrijft u: "De geoffreerde prijzen zijn weer uitgangspunt voor de opdrachten die, gedurende de looptijd van de overeenkomst, zullen worden verstrekt." Wat wordt hiermee bedoeld?"

Hierop heeft Wetterskip geantwoord:

"De afgegeven tarieven en geoffreerde prijzen in deze aanbesteding zijn uitgangspunt voor de raamovereenkomst. Hiermee probeert Opdrachtgever te voorkomen dat een partij laag inschrijft en het contract wint en tijdens de looptijd van het contract tarieven omhoog bijstelt."

(…)

------------------

Vraag 17. "Welke sancties hanteert het Wetterskip wanneer de opgegeven tarieven, inclusief de gespecificeerde tariefstelling als onderdeel van de casus, niet in reële verhouding staan tot de te verrichten diensten? Wat doet u wanneer er duidelijk te lage tarieven aangeboden worden? Het is gebruikelijk om bedrijven die kunstgrepen uithalen, uit te sluiten."

Hierop heeft Wetterskip geantwoord:

"Wanneer opdrachtgever twijfelt aan opgegeven tarieven zal opdrachtgever op basis van artikel 56 Bao handelen.

------------------

Vraag 39. De (fictieve) prijs van de casus. Het uurtarief komt overeen met de opgegeven tarieven, maar hoe voorkomt u dat er met irreële uren wordt ingeschreven?

Hierop heeft Wetterskip geantwoord:

"Beoordelaars hebben ervaring met het beoordelen van vergelijkbare en recente offertes. Dit zal dan ook getoetst worden op basis van ervaring."

2.5. (Onder meer) Geomaat en MUG hebben (tijdig) ingeschreven op de aanbesteding van de opdracht.

2.6. Bij brief van 19 maart 2013 heeft Wetterskip aan Geomaat medegedeeld dat de inschrijving van Geomaat niet als de economisch meest voordelige inschrijving is beoordeeld en dat deze inschrijving daarom is afgewezen. Tevens is in deze brief medegedeeld dat Wetterskip voornemens is om een raamovereenkomst met MUG - als economisch meest voordelige inschrijver - te sluiten.

Bij de brief van Wetterskip is een bijlage gevoegd met de door de diverse Inschrijvers behaalde scores (in volgorde van behaalde punten). Deze bijlage luidt - voor zover hier van belang - als volgt:

Gu1 Gu 2.1. Gu 2.2. Gu2.3. Gu3. Totaal:

MUG Akkoord 30,0 20,0 24,0 10,0 84,0

Inschrijver A Akkoord 16,0 14,7 40,0 7,5 78,2

GeoMaat Akkoord 30,0 18,7 13,9 7,9 70,5

(…)

Hier volgt puntsgewijs een korte toelichting op de scoretabel:

(…)

Gu2 Uitwerking casuïstiek

2.1. Planning

Het maximaal aantal te behalen punten op dit onderdeel was 30. U scoorde het maximaal aantal punten. De korte doorlooptijd en duidelijke toelichting worden gewaardeerd.

2.2. Plan van Aanpak

Het maximaal aantal te behalen punten op dit onderdeel was 20. U scoorde 18,7 punten. Het door u ingediende Plan van Aanpak wordt als goed beoordeeld. Ten opzichte van de score van de nummer één van dit onderdeel mist Opdrachtgever de benoeming van risico's.

2.3. Gespecificeerde tariefstelling

Het maximaal aantal te behalen punten was 40 en u scoorde op dit onderdeel 13,9 punten. Dit is het resultaat van de berekeningswijze zoals in de offerteaanvraag beschreven.

Gu3 Tarieven

Het maximaal aantal te behalen punten was 10 en u scoorde op dit onderdeel 7,9 punten. Dit is het resultaat van de berekeningswijze zoals in de offerteaanvraag beschreven.

2.7. Bij brief van haar advocaat van 22 maart 2013 heeft Geomaat Wetterskip medegedeeld, dat er gegronde redenen zijn voor twijfel omtrent de vraag of er bij de twee inschrijvers met het hoogste aantal behaalde punten (MUG en inschrijver A, toevoeging rb.) wel sprake is van een reële inschrijving, althans of er reële prijzen zijn gehanteerd alsmede een reële tijdsinschatting, met name met betrekking tot de onderdelen Gu2 (uitwerking casuïstiek) en Gu3 (tarieven). Verder heeft Geomaat Wetterskip verzocht om een nadere motivering van de (voorlopige) gunningsbeslissing en een toelichting op de kwaliteitsbeoordeling.

2.8. Wetterskip heeft bij brief aan de advocaat van Geomaat van 27 maart 2013 de (voorlopige) gunningsbeslissing nader gemotiveerd. In deze brief meldt Wetterskip onder meer:

"(…)

Op onderdeel Gu2.2. Plan van Aanpak, heeft uw cliënt 1,3 punten minder gescoord dan de maximale score. Zoals in ons schrijven d.d. 19 maart 2013 met kenmerk WFN1303303 is weergegeven, heeft uw cliënt niet de maximale score behaald, omdat er in het door uw cliënt ingediende Plan van Aanpak geen risico's zijn benoemd. Ter nadere toelichting hierop, kunnen wij u meedelen dat de winnende inschrijver in zijn uitwerking wel heeft aangegeven met welke risico's hij rekening houdt en welke beheersmaatregelen hij treft. Dit is een wijze waarop hij de opdrachtgever ontzorgt. Het ontbreken van risico's en beheersmaatregelen in het plan van aanpak van uw cliënt heeft derhalve geleid tot aftrek van punten op dit onderdeel.

(…) De inschrijfprijs van MUG is door het beoordelingsteam als reëel beoordeeld. Zoals ook in de nota's van inlichtingen is weergegeven, hebben de beoordelaars ervaring met het beoordelen van offertes van vergelijkbare opdrachten. De vraag of er sprake is van een irreële inschrijfprijs, is dan ook getoetst op basis van ervaring. Wetterskip Fryslân heeft op basis van deze ervaring een raming gemaakt van de in de offerteaanvraag beschreven opdracht. Eveneens heeft Wetterskip Fryslân in 2011 een gelijksoortige opdracht laten uitvoeren. Op basis van deze informatie is geconcludeerd dat de inschrijfprijs van MUG tussen de 10 en 20% lager ligt dan de raming en de prijsstelling uit 2011. Dit kan verklaard worden door de huidige economische omstandigheden, wat ook bij andere aanbestedingen een prijsverlagend effect heeft. Voor ons is dit echter geen aanleiding geweest om de inschrijving van MUG als irreëel aan te merken.

Eveneens heeft Wetterskip Fryslân m.b.t. Gu3, Tarieven, gekeken naar de vraag of er sprake is van irreële tarieven. Hiertoe heeft Wetterskip Fryslân van de middels bijlage 11-B afgegeven tarieven, per gevraagde categorie, de gemiddelde prijs per uur over alle 13 inschrijvers berekend. Op 4 van de 6 categorieën liggen de uurtarieven van MUG in lijn met het gemiddelde. Slechts bij 2 categorieën liggen de tarieven minder in lijn, zijnde een grotere afwijking van het gemiddelde. Echter, zijn deze tarieven door het beoordelingsteam niet als irreëel beoordeeld, als zijnde dat MUG daarvoor de betreffende werkzaamheden niet zou kunnen verrichten.

Artikel 56 Bao schrijft voor dat, indien er inschrijvingen worden gedaan die in verhouding tot de te verrichten diensten abnormaal laag lijken, de aanbestedende dienst verzoekt om een toelichting. In het geval van de inschrijving van MUG is er naar de mening van Wetterskip Fryslân geen sprake van een abnormaal lage inschrijving, zoals hiervoor ook is onderbouwd. Om die reden hebben wij dan ook geen toepassing gegeven aan het bepaalde in artikel 56 Bao.

(…)"

3. Het standpunt van Geomaat

3.1. Geomaat legt aan haar vorderingen - samengevat - het volgende ten grondslag.

3.2. Wetterskip heeft zowel ten aanzien van MUG als inschrijver A ten onrechte geoordeeld dat er geen sprake is van een irreële inschrijving en dat daarom kon worden afgezien van nader onderzoek van de betreffende inschrijvingen op de voet van artikel 56 Bao. Van de uren waarmee MUG en inschrijver A hebben ingeschreven, kan objectief worden vastgesteld dat deze in de praktijk niet realiseerbaar zullen zijn. De irreële uren zijn louter door MUG opgevoerd om binnen de beoordelingssystematiek het hoogste aantal punten te scoren. Ook de door MUG en inschrijver A gehanteerde prijzen zijn niet reëel te noemen. Zowel qua uren als qua prijs wijken de inschrijvingen van MUG en inschrijver A volgens Geomaat significant af van het gemiddelde. Voor zover Wetterskip niet gehouden was om artikel 56 Bao toe te passen, dan is de beoordeling door Wetterskip van de inschrijvingen van MUG en inschrijver A in strijd met de algemene beginselen van het aanbestedingsrecht. Omdat er in beide gevallen sprake is van irreële inschrijvingen, kunnen deze twee inschrijvingen niet op reële wijze worden vergeleken met de andere inschrijvingen. Genoemde twee inschrijvingen zijn manipulatief. Redelijkheid en billijkheid brengen met zich dat een inschrijver een aanbesteding niet mag manipuleren. Het accepteren van de irreële inschrijvingen van MUG en inschrijver A door Wetterskip is in strijd met het door Wetterskip als aanbestedende dienst jegens de inschrijvers in acht te nemen gelijkheidsbeginsel, aldus Geomaat.

3.3. De inschrijving van MUG kan volgens Geomaat ook niet als de "economisch meest voordelige inschrijving" worden aangemerkt, aangezien te verwachten valt dat de lage tarieven die MUG hanteert zullen worden gecompenseerd met relatief meer uren bij de uitvoering van het werk.

3.4. Geomaat maakt verder bezwaar tegen de puntenaftrek die Wetterskip op haar inschrijving heeft toegepast ten aanzien van onderdeel Gu2.2., Plan van Aanpak, paragraaf 5.3. Hier heeft Geomaat 1,3 punten minder gescoord dan de maximale score, omdat zij bij het beschrijven van het ontzorgen van de opdrachtgever - anders dan MUG - geen risico's en beheersmaatregelen heeft benoemd. Geomaat heeft in haar Plan van Aanpak uitgebreid beschreven welke werkzaamheden zij zal uitvoeren, de wijze waarop en welke bijdrage van de opdrachtnemer wordt verwacht, overeenkomstig de beschrijving bij onderdeel 2. Uit de toelichting op genoemd onderdeel kan niet worden opgemaakt dat in het Plan van Aanpak ook de risico's en beheersmaatregelen moeten worden beschreven. Nu dit kennelijk wel relevant was voor het behalen van punten, had Wetterskip zulks in de toelichting moeten opnemen. Indien dat was gebeurd, dan had Geomaat ook de risico's en beheersmaatregelen beschreven en had zij het maximaal aantal punten gehaald. Wetterskip heeft ten deze in strijd met het transparantiebeginsel gehandeld. Ten slotte wijst Geomaat er nog op dat voor zover in het Plan van Aanpak van MUG en inschrijver A niet is beschreven dat er een grondslagpunt in de nabijheid van het projectgebied wordt gebruikt, er bij de beoordeling van hun inschrijvingen ten onrechte geen puntenaftrek is toegepast.

4. Het standpunt van Wetterskip en MUG

4.1. Wetterskip en MUG voeren - samengevat - het volgende verweer.

4.2. Wetterskip stelt dat de ingediende plannen van aanpak ten opzichte van elkaar zijn beoordeeld. Daarbij was het aan de diverse inschrijvers om zich op basis van eigen inventiviteit te onderscheiden met hun plan van aanpak. Ter zake de beoordeling van de plannen van aanpak komt aan een beoordelingscommissie beoordelingsvrijheid toe, die de rechter slechts marginaal kan toetsen. In dit geval is het plan van aanpak van MUG op het punt van het ontzorgen van de opdrachtgever beter beoordeeld dan het plan van aanpak van Geomaat. Die vrijheid kwam de beoordelingscommissie toe. Wetterskip heeft verder, anders dan Geomaat stelt, wel degelijk een grondslagpunt toegepast, zo blijkt uit de inschrijving van MUG. Voor een puntenaftrek ter zake bestaat dan ook geen grond. MUG heeft geen irreële inschrijving gedaan. In dat kader dient te worden vooropgesteld dat Geomaat zichzelf niet als maatstaf kan nemen om te bezien of een andere inschrijver al dan niet reëel heeft ingeschreven. Daarnaast ontlopen de inschrijvingen van MUG en Geomaat elkaar ten aanzien van het aantal voor de uitvoering van de casus genoemde uren weinig; het gaat om een verschil van slechts enkele uren. MUG heeft de tijdsbesteding bovendien uitgebreid gespecificeerd. Dat MUG en overigens ook Geomaat de casus in minder uren konden uitvoeren, is te verklaren vanuit het feit dat zij vaker opdrachten voor Wetterskip uitvoeren. De beoordelaars van Wetterskip hebben niet getwijfeld aan de door MUG opgevoerde prijzen. MUG heeft een scherpere prijs aangeboden aan Geomaat, waarbij op twee onderdelen - waterpasploeg en meetploeg - flink lagere tarieven dan gemiddeld zijn aangeboden. Een dergelijke wijze van inschrijving maakt de inschrijving van MUG evenwel nog niet irreëel. Wetterskip was niet gehouden om ten aanzien van de inschrijving van MUG toepassing te geven aan artikel 56 Bao, zoals Geomaat stelt.

4.3. MUG stelt dat zij wel degelijk een grondslagpunt in haar inschrijving heeft opgenomen. Voor puntenaftrek ter zake bestaat dan ook geen grond. Voorts heeft MUG geen irreële inschrijving gedaan. Daarbij dient allereerst te worden bedacht dat de door Geomaat gedane verwijzing naar artikel 56 Bao haar niet kan baten. Dit artikel strekt namelijk ter bescherming van de belangen van de aanbestedende dienst en niet ter bescherming van de belangen van de inschrijvers. Uit artikel 56 Bao vloeit een discretionaire bevoegdheid voor de aanbestedende dienst voort om in voorkomende gevallen een inschrijving als abnormaal laag terzijde te kúnnen leggen, met dien verstande dat alsdan eerst om verduidelijking/toelichting moet zijn gevraagd aan de betreffende inschrijver. Artikel 56 Bao legt geen verplichting op de aanbestedende dienst om een inschrijving als abnormaal laag terzijde te leggen. Dat is in deze kwestie niet anders. In de Nota's van Inlichtingen heeft Wetterskip zich niet verplicht om abnormaal lage inschrijvingen terzijde te leggen. MUG heeft geen irreële prijzen genoemd. Het is MUG toegestaan om scherp in te schrijven. De door MUG gehanteerde prijzen zijn verantwoord en marktconform te noemen. MUG is in staat om de tarieven voor haar meetploegen laag te houden gelet op de inrichting van haar bedrijfsvoering (personeelsbestand) en de marktprijzen liggen heden ten dage nu eenmaal laag. MUG is bovendien de zittende dienstverlener, waardoor zij minder overhead- en offertekosten heeft en mede daarom een scherpere prijs kan bieden. Het aantal door MUG genoemde uren valt evenmin als irreëel te bestempelen. Geomaat heeft haar stellingen ter zake ook niet onderbouwd, aldus MUG. Niet is aangetoond dat MUG haar inschrijving niet zou kunnen waarmaken bij het uitvoeren van de opdracht. De door MUG gedane tijdsinschatting is gebaseerd op reële uitgangspunten, mede gebaseerd op de kennis die MUG in huis heeft ter zake de specifieke kenmerken van de casus. Het aantal uren dat MUG noemt, wijkt ook weinig af van het aantal uren dat door Geomaat is genoemd.

5. De beoordeling van het geschil

5.1 Het spoedeisend belang bij de gevraagde voorzieningen wordt voldoende aanwezig geacht, nu Geomaat slechts door middel van dit kort geding tegen de (voorlopige) gunningsbeslissing van Wetterskip kan opkomen.

5.2. Ingevolge artikel 56 Bao kan een aanbestedende dienst, indien zij van mening is dat sprake lijkt te zijn van een abnormaal lage inschrijving, niet direct tot uitsluiting van de betreffende inschrijver overgaan, maar dient zij om een toelichting op de inschrijving bij de betreffende inschrijver te vragen.

5.3. Artikel 56 Bao is naar het oordeel van de voorzieningenrechter geschreven ter bescherming van de belangen van de aanbestedende dienst - om te voorkomen dat inschrijvers de opdracht niet althans niet voor de geoffreerde prijs kunnen uitvoeren, alsmede ter bescherming van de belangen van de inschrijver die vermoedelijk een abnormaal lage aanbieding heeft gedaan, opdat een dergelijke inschrijver niet te snel - alleen na nadere toelichting op de inschrijving - kan worden uitgesloten. De aanbestedende dienst heeft een discretionaire bevoegdheid om al dan niet van artikel 56 Bao gebruik te maken, waar zij meent dat een bepaalde inschrijving abnormaal laag lijkt. Zij is niet verplicht om abnormaal lage inschrijvingen uit te sluiten dan wel om een nader onderzoek daarnaar in te stellen. Gelet op het vorenstaande kan Geomaat aan de regeling van artikel 56 Bao geen rechten ontlenen en op die grond zich tegen een (voornemen tot) gunning aan MUG verzetten.

5.4. Een en ander zou anders kunnen zijn, indien in de aanbestedingsdocumenten zou zijn vermeld onder welke omstandigheden Wetterskip als aanbestedende dienst zonder meer van haar bevoegdheid ex artikel 56 Bao gebruik zal maken. In een dergelijk geval is Wetterskip - vanuit het oogpunt van gelijke behandeling van de inschrijvers - verplicht om overeenkomstig deze nadere invulling van haar bevoegdheid te handelen. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter volgt uit de aanbestedingsstukken echter niet dat Wetterskip zich heeft verbonden om onder bepaalde omstandigheden zonder meer van haar discretionaire bevoegdheid ex artikel 56 Bao gebruik te maken. In de Derde Nota van Inlichtingen is door Wetterskip - bij haar antwoord op vraag 17 - slechts vermeld dat, wanneer zij twijfelt aan opgegeven tarieven, op basis van artikel 56 Bao zal worden gehandeld. Enig recht kan Geomaat naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet aan deze zinsnede uit de Derde Nota van Inlichtingen ontlenen, nog daargelaten dat er naar de mening van Wetterskip kennelijk geen twijfel bestaat omtrent de door MUG opgegeven tarieven.

5.5. Ook overigens is naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet aannemelijk geworden dat de inschrijving van MUG als een abnormaal lage inschrijving zou moeten worden aangemerkt. Het verschil tussen het aantal uren waarmee MUG en Geomaat op de opdracht hebben ingeschreven, is zeer gering, terwijl MUG - ter zitting - ook voldoende gemotiveerd heeft uiteengezet hoe zij tot de tarieven is gekomen. Geomaat heeft niet aannemelijk weten te maken dat de prijsstelling van MUG als abnormaal laag of manipulatief moet worden beschouwd. Daarbij zij nog opgemerkt dat het feit dat Geomaat zichzelf kennelijk als maatstaf neemt om te bepalen of andere gegadigden te hoge of te lage tarieven aanbieden onvoldoende is om de inschrijving van MUG als abnormaal laag te diskwalificeren. Uit het voorgaande volgt dat Wetterskip niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel heeft gehandeld door de inschrijving van MUG qua uren en tarieven te accepteren.

5.6. In de dagvaarding heeft Geomaat gesteld dat indien in het plan van aanpak van MUG en inschrijver A niet zou zijn beschreven dat er een grondslagpunt in de nabijheid van het projectgebied wordt gebruikt, er bij de beoordeling van hun inschrijvingen een puntenaftrek zou moeten plaatsvinden. Dit betoog kan geen hout snijden. MUG en Wetterskip hebben ter zitting gemotiveerd aangegeven dat er wel degelijk gebruik is gemaakt van een grondslagpunt, waarna Geomaat haar stellingen ter zake niet nader heeft onderbouwd. Naar voorlopig oordeel is voor enige puntenaftrek bij MUG ten aanzien van het gebruik van een grondslagpunt dan ook geen enkele grond.

5.7. Geomaat heeft ook gesteld dat de inschrijving van MUG niet als de "economisch meest voordelige inschrijving" kan worden aangemerkt, aangezien naar de mening van Geomaat te verwachten valt dat de lage tarieven die MUG hanteert zullen worden gecompenseerd met relatief meer uren bij de uitvoering van het werk. Dit betoog kan geen doel treffen. Nog daargelaten dat op geen enkele wijze aannemelijk is gemaakt dat MUG bij de uitvoering van de opdracht, zoals Geomaat stelt, haar lage tarieven met meer uren zal compenseren, ziet de stelling van Geomaat er naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook aan voorbij dat het bij het gunningscriterium van de economisch meest voordelige aanbieding niet een verplichting is dat de voordeligste aanbieder met de beste prijs per definitie de winnende inschrijving doet. Immers, bij het criterium van de economisch meest voordelige aanbieding mogen ook andere, kwaliteitsaspecten, worden meegewogen (zie gerechtshof Leeuwarden, 5 juni 2012, LJN: BW7551).

5.8. Het bezwaar van Geomaat tegen de puntenaftrek die Wetterskip op haar inschrijving heeft toegepast ten aanzien van onderdeel Gu2.2., Plan van Aanpak, paragraaf 5.3. zal worden verworpen. Geomaat heeft op dit onderdeel 1,3 punten minder dan de maximale score behaald, omdat zij bij het beschrijven van het ontzorgen van de opdrachtgever - anders dan MUG - geen risico's en beheersmaatregelen heeft genoemd.

5.9. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter behoefde Wetterskip, anders dan Geomaat meent, in het Bestek niet (specifiek) aan te geven dat er aandacht moest worden besteed aan risico's en beheersmaatregelen. Het betreft hier het kwaliteitsaspect 'ontzorgen van de opdrachtgever'. Van een aanbestedende dienst kan naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet worden verlangd dat zij exact omschrijft hoe zij wenst dat de inschrijver een bepaald kwaliteitscriterium invult om een maximale score te kunnen behalen. Daarmee zou immers elke concurrentie en inventiviteit uit de markt worden gehaald en het onderscheidend vermogen van de inschrijvers verminderd worden. Een gunningssystematiek (mede) op basis van kwaliteit zal daarom aan een inschrijver ruimte moeten laten om de gestelde vragen naar eigen inzicht te beantwoorden. Daardoor wordt een inschrijver optimaal gestimuleerd om inventief in te schrijven en door middel van de beantwoording van de vraag zoveel mogelijk kenbaar te maken begrip te hebben voor en inzage te hebben in die aspecten van de opdracht die naar zijn oordeel relevant zijn voor de aanbestedende dienst. Tevens kan de inschrijver zo laten zien op welke wijze, in zijn perceptie, de hoogste kwaliteit in het licht van de aan te besteden opdracht zal worden gerealiseerd. Alleen op die wijze kan naar het oordeel van de voorzieningenrechter door de aanbestedende dienst een serieuze selectie - en daaraan verbonden puntentoekenning - op grond van kwaliteit plaatsvinden.

5.10. Uit het voorgaande volgt dat geen van de bezwaren van Geomaat tegen de door Wetterskip gevolgde aanbestedingsprocedure, waarbij (voorlopig) aan MUG is gegund slaagt. De vorderingen van Geomaat dienen dan ook te worden afgewezen.

5.11. Geomaat zal als de in het ongelijk te stellen partij in de kosten van het geding worden veroordeeld.

De proceskosten worden aan de zijde van Wetterskip vastgesteld op:

- vast recht € 589,00

- salaris advocaat € 816,00

-------------

Totaal € 1.405,00

De proceskosten worden aan de zijde van MUG vastgesteld op:

- vast recht € 589,00

- salaris advocaat € 816,00

-------------

Totaal € 1.405,00

Tevens is toewijsbaar de door MUG gevorderde wettelijke rente over de proceskosten alsmede het nasalaris.

5.12. MUG heeft geconcludeerd tot het uitvoerbaar bij voorraad verklaren van het vonnis op de minuut en op alle dagen en uren. Deze verzoeken zullen worden afgewezen. De wet kent niet (meer) de mogelijkheid om een vonnis uitvoerbaar bij voorraad op de minuut te verklaren. Daarnaast heeft MUG niet onderbouwd welk belang zij erbij heeft dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad op alle dagen en uren wordt verklaard.

6. De beslissing

De voorzieningenrechter:

in het incident

1. staat de voeging van MUG aan de zijde van Wetterskip toe;

in de hoofdzaak

2. wijst de vorderingen van Geomaat af;

3. veroordeelt Geomaat in de kosten van het geding aan de zijde van Wetterskip, tot op heden vastgesteld op € 1.405,00;

4. veroordeelt Geomaat in de kosten van het geding aan de zijde van MUG, tot op heden vastgesteld op € 1.405,00, vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf veertien dagen na de dagtekening van dit vonnis tot aan de dag der voldoening van de proceskosten, indien deze kosten niet binnen veertien dagen na heden zijn voldaan, alsmede het nasalaris, dat wordt vastgesteld op € 131,00 zonder betekening van dit vonnis en € 199,00 in geval van betekening van dit vonnis;

5. verklaart het vonnis voor wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.J. Oostdijk en in het openbaar uitgesproken door mr. J. Smit op 5 juni 2013, in tegenwoordigheid van mr. M. Postma als griffier.

fn 343

?