Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2021:8576

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
08-01-2021
Datum publicatie
28-12-2021
Zaaknummer
8690480 \ WM VERZ 20-792
Rechtsgebieden
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

WAHV, geslotenverklarig. Met gebruikmaking van een rijbewijs kan de houder daarvan een kenteken op zijn naam laten stellen. Betrokkene heeft een aantal auto’s op zijn naam laten zetten, waarvoor hij een geldbedrag heeft ontvangen. Met deze auto’s zijn meerdere overtredingen begaan. Naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende komen vast te staan dat betrokkene enorme gevolgen heeft ondervonden van zijn handelen, welke hij gelet op zijn psychische gesteldheid niet kon overzien. Er dient dan ook een boete achterwege te blijven en om die reden matigt de kantonrechter de boete naar nihil.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknummer : 8690480 \ WM VERZ 20-792

CJIB-nummer : 228400797

Uitspraakdatum : 18 januari 2021

Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)

in de zaak van

[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 8 januari 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder handelen in strijd met een gesloten verklaring in beide richtingen.

Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.

De kantonrechter acht de termijnoverschrijding bij de officier van justitie verschoonbaar, gelet op hetgeen door de bewindvoerder is aangevoerd.

In de Wahv is geregeld, zakelijk weergegeven, dat de kentekenhouder aansprakelijk is in gevallen waarin niet aanstonds kan worden vastgesteld wie de bestuurder is. Bedoelde aansprakelijkheid impliceert dat de overheid ervoor zorg dient te dragen dat de kentekenregistratie uiterst zorgvuldig dient plaats te vinden. Voorts mag van de overheid verwacht worden dat zo veel mogelijk wordt voorkomen dat onjuiste of onterechte registraties plaatsvinden.

Met gebruikmaking van een rijbewijs kan de houder daarvan een kenteken op zijn naam laten stellen. Betrokkene heeft een aantal auto’s op zijn naam laten zetten, waarvoor hij een geldbedrag heeft ontvangen. Met deze auto’s zijn meerdere overtredingen begaan. Naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende komen vast te staan dat betrokkene enorme gevolgen heeft ondervonden van zijn handelen, welke hij gelet op zijn psychische gesteldheid niet kon overzien. Er dient dan ook een boete achterwege te blijven en om die reden matigt de kantonrechter de boete naar nihil.

Het beroep is gelet op de matiging gedeeltelijk gegrond. De beslissing van officier van justitie zal worden gewijzigd.

De uitspraak

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;

‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie, in die zin dat de boete wordt gematigd tot nihil;

‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S. Slijkhuis, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.

Datum toezending: