Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2021:6513

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
28-07-2021
Datum publicatie
12-08-2021
Zaaknummer
8957864
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Betaling facturen voor twee projecten. Website en applicatie. Vordering toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 8957864 \ CV EXPL 21-44

Uitspraakdatum: 28 juli 2021

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Trive Technology B.V.

gevestigd te Amsterdam

eiseres

verder te noemen: Trive

gemachtigde: mr. R.M.A. Gielisse

tegen

[gedaagde] h.o.d.n. [handelsnaam]

wonende en zaakdoende te [woonplaats]

gedaagde

verder te noemen: [gedaagde]

procederend in persoon

1 Het procesverloop

1.1.

Trive heeft bij dagvaarding van 7 december 2020 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft per e-mail d.d. 7 januari 2021 geantwoord en later op 19 februari 2021 telefonisch mondeling verweer gevoerd en dit antwoord per e-mail d.d. 21 februari 2021 aangevuld.

1.2.

Op 29 juni 2021 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht. Trive heeft gebruik gemaakt van pleitaantekeningen, die zijn overgelegd. Voorafgaand aan de zitting heeft Trive bij brief van 14 juni 2021 nog stukken toegezonden.

2 De feiten

2.1.

Trive ontwikkelt, produceert en geeft software uit en adviseert en ondersteunt klanten op het gebied van IT.

2.2.

[gedaagde] (voornaam: [voornaam gedaagde] ), die een eenmanszaak onder de naam [handelsnaam] heeft, exploiteert eveneens een IT-gerelateerde onderneming en is consulent op het gebied van videogames.

2.3.

Op 26 september 2019 heeft Trive aan [gedaagde] een “proposal” gestuurd voor het realiseren van een website voor het bedrijf van [gedaagde] . Daarin staat het volgende:
(…)
Overeenkomst
(1) Trive Technology B.V. (…), hierna te noemen: “Opdrachtnemer”
(2) [handelsnaam] (…), hierna te noemen: “Opdrachtgever”
KOMEN ALS VOLGT OVEREEN:
Partijen komen onder de ICT Offic voorwaarden (…) overeen dat Opdrachtnemer voor Opdrachtgever de werkzaamheden, in de hieronder vermelde drie paragrafen, zal uitvoeren:
(…)
Scope:
• Het doel van deze opdracht is het realiseren van een nieuwe website voor [handelsnaam] .
• Nieuw design inclusief implementatie.
• Voor de realisatie van de website wordt gebruik gemaakt van Webflow. (…)
Als team wordt er een website ontwikkeld die voldoet aan de eisen en wensen van [voornaam gedaagde] . Middels een coöperatieve samenwerking wordt op best effort de website gerealiseerd.

2.4.

Verder volgt uit het proposal:
- Trive hanteert een tarief van € 75,00 per uur per medewerker;
- [gedaagde] is ‘product owner’, die de deliverables bepaald en ten alle tijden verantwoordelijk is voor de progressie, scope, en kosten;
- [gedaagde] kan ten alle tijden inzicht krijgen in de gespendeerde uren en is verantwoordelijk voor het eventueel limiteren van de weekly effort van het team.

2.5.

Op 2 oktober 2019 heeft Trive aan [gedaagde] twee facturen gestuurd, een van € 944,77 en een van € 211,70. Op 1 november 2019 heeft Trive [gedaagde] een factuur gestuurd van
€ 4.393,21.

2.6.

Op 26 november 2019 heeft Trive aan [gedaagde] een projectvoorstel gestuurd voor een project genaamd ‘Bon!’. Het ging hierbij om de ontwikkeling van een “tracking app”, waarbij de werkzaamheden in drie fases werden onderverdeel:
- fase 0: ideation and concepting, budget € 16.000,-;
- fase 1: prototype, budget € 8.000,- per sprint;
- fase 2: MPV and dedicated team, budget 8.000,- per sprint.
Blijkens het proposal diende [gedaagde] in alle fases op te treden als product owner.
Het proposal is door geen van partijen ondertekend.

2.7.

Op 7 december 2019 heeft Trive aan [gedaagde] een factuur van € 10.180,65 gestuurd.

2.8.

Blijkens de tijdspecificatie die aan de facturen ten grondslag ligt, heeft Trive in de periode 1 september 2019 tot en met 31 december 2019 188:48 uur aan werkzaamheden ten behoeve van [handelsnaam] besteed, waarbij het deels om het project Bon! ging en voor het overige om de [handelsnaam] website.

2.9.

Op 27 januari 2020 heeft Trive aan [gedaagde] per e-mail een ingebrekestelling gestuurd waarin Trive aangeeft: mocht een tijdige betaling uitblijven, dan zie ik geen andere mogelijkheid dan de verdere werkzaamheden voor [handelsnaam] tijdelijk te stoppen totdat [handelsnaam] alsnog betaald.

2.10.

Per e-mail d.d. 28 januari 2020 heeft [gedaagde] aan Trive specificaties gevraagd van de werkzaamheden aan Bon! Ook heeft [gedaagde] geschreven: Ingebrekestelling moet niet zijn [handelsnaam] , maar [handelsnaam] . Anders is de mail nog zinloos.

2.11.

In app-verkeer tussen Trive en [gedaagde] staat het volgende:
- 17 februari 2020, Trive: [voornaam gedaagde] , in alle openheid, de afgelopen twee weken zit ik steeds privé bij te storten, in afwachting van je beloftes, en ik trek het niet langer. Vandaag heb ik echt storting nodig en moet het op mijn rekening staan, anders kan ik niet anders dan de stekker eruit te trekken en onze samenwerking te stoppen. Ik hoop echt dat het je lukt!
- 17 februari 2020, [gedaagde] : Ik moet extra gelden regelen. Vandaag ben ik vrij. Verjaardag [naam 1] .
- 17 februari 2020, Trive: Wanneer lukt het?
- 18 februari 2020, Trive: [voornaam gedaagde] , same question, other day. Wat is het plan? Wanneer ga je wat betalen? Hoeveel ga je doen? Moeten we zo doorgaan? Dit kost jou en mij zoveel tijd en zorgt voor heel veel stress.
- 18 februari 2020, [gedaagde] : Ik ben ff geld prive aan het regelen. Kom nog op mail terug.
- 24 februari 2020, Trive: Hoi [voornaam gedaagde] , hopelijk heb je een goed weekend gehad. Even een vriendelijke reminder voor de e-mail die je nog hebt beloofd te sturen en de betaling die je nog beloofd had te doen.
- 25 februari 2020, [gedaagde] : Ja. Einde dag. Net klaar met oplevering.
- 25 februari 2020, Trive: Vandaag bedoelde je wel toch?
- 25 februari 2020, [gedaagde] : Yup.

2.12.

Op 26 februari 2020 heeft [gedaagde] aan Trive - onder andere - het volgende gemaild:
(…)
Zoals beloofd mijn mail en gewoon lekker mijn persoonlijke site en bon door elkaar, aangezien die communicatie toch gewoon lekker proffessioneel door elkaar worden gegooid.
(…)
- [handelsnaam] site is nog niet klaar en toch ligt er een faktuur. Deze faktuur is te hoog, meerdere keren heb ik beide punten aangeven. (…) Enkele pagina’s zijn niet af. Andere pagina mist een foto, voor de header die toegevoegd zou worden. Kortom, dat. Ik zei; ach, laat maar, we gaan een oplossing vinden. In betaal in gedeeltes.
- Bon; Teveel uren van [naam 2] . 2 weken voor hem in rekening gebracht. Serieus, [naam 3] ? Dat kan toch niet? Ik ben nog steeds in shock. Maar ik heb gezegd, we gaan een oplossing vinden.
(…)
Ik begrijp je stress qua financien, maar ik vind ook dat als je die stress had, niet zomaar aan Bon had moeten beginnen. We hebben hier dingen te los gelaten omdat we dachten, deze eerste fase een idee/concept uitwerken, [naam 3] ook en stuk medepartner etc. Hier komt en een hoge rekening uitvoort en gelijk druk om nu te betalen. [handelsnaam] is domweg niet af, en ik moet gewoon lappen.
Allez, we gaan oplossen.
Ik neem de 10K voor mijn rekening (…) Op dit moment durf ik niet verder omdat ik denk dat de kosten om onze oren gaan vliegen, en dat vind ik in deze fase niet goed (…)
(…)
Dit betekent dat ik prive een bak met kosten moet nemen. Ik ga hiertoe eerst mijn huidige venture deal over de brug tillen en dan vanuit mijn commissie jou het hele bedrag ineens betalen. Tot dat moment aub geen verder werk aan Bon, tenzij [naam 4] anders aangeeft (…)

2.13.

Per brieven d.d. 17 maart 2020 en 28 april 2020 heeft (de gemachtigde van) Trive [gedaagde] aangemaand tot betaling van de facturen.

2.14.

[gedaagde] heeft de facturen onbetaald gelaten.

3 De vordering

3.1.

Trive vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 17.913,01
(€ 15.730,33 aan hoofdsom, € 932,30 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 1.250,38 aan handelsrente berekend tot en met 3 december 2020) te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over een bedrag van € 15.730,33 vanaf 4 december 2020 met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten en de nakosten.

3.2.

Trive legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat zij [gedaagde] een offerte heeft aangeboden voor het realiseren van een nieuwe website, welke offerte [gedaagde] heeft geaccepteerd. Daarnaast heeft Trive in opdracht en voor rekening van [gedaagde] een applicatie ontwikkeld, genaamd Bon! In de maanden september 2019 tot en met november 2019 heeft Trive werkzaamheden verricht voor deze projecten. Voor de werkzaamheden heeft Trive [gedaagde] facturen gestuurd die hij onbetaald heeft gelaten. Inmiddels is [gedaagde] ook de wettelijke handelsrente en de buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd.

4 Het verweer

4.1.

[gedaagde] betwist de vordering (gedeeltelijk) en voert aan – samengevat – dat hij Trive de opdracht heeft gegeven een kleine website te realiseren van 4 à 5 pagina’s in Wordpress. De overeenkomst die Trive heeft overgelegd, kent hij niet en heeft hij niet ondertekend. Daarnaast is de kwaliteit van de door Trive geleverde website onvoldoende en er zijn veel te veel uren gedeclareerd. Ook heeft Trive inmiddels de website offline gehaald waardoor [gedaagde] schade heeft geleden. Het was voor [gedaagde] van belang dat hij de website zelf kon beheren en onderhouden. Nadat de website klaar was, bleek dat [gedaagde] hiervoor een abonnement moest afsluiten bij Trive wat veel te veel geld zou kosten. Tot slot is [gedaagde] nooit in gebreke gesteld.

4.2.

Voor wat betreft Bon! voert [gedaagde] aan dat hiervoor nooit akkoord is gegeven, behalve voor enkele brainstormsessie en dat hiervoor niets, althans bijna niets is geleverd. Verder betwist [gedaagde] dat hij partij is bij dit project.

5 De beoordeling

5.1.

De facturen waarvan Trive betaling vordert, zien op twee projecten: de bouw van een website voor [handelsnaam] (hierna: website [handelsnaam] ) en de bouw van een horeca-app (hierna: app Bon!). Hierna zullen de verweren van [gedaagde] per project worden besproken.
Website [handelsnaam]

5.2.

Ten aanzien van de website [handelsnaam] heeft Trive een overeenkomst in het geding gebracht waarvan [gedaagde] (aanvankelijk) heeft betwist dat hij die voor akkoord had ondertekend. Trive heeft echter een e-mail van 1 oktober 2019 waarbij [gedaagde] de door hem ondertekende overeenkomst aan Trive heeft geretourneerd, overgelegd en ook toegelicht dat hier sprake is van digitale ondertekening. Daarmee staat voldoende vast dat partijen gebonden zijn aan hetgeen in die overeenkomst is opgenomen.

5.3.

Blijkens de overeenkomst is [gedaagde] verplicht om te betalen voor de door Trive voor hem verrichte werkzaamheden, waarbij de gewerkte uren tegen een uurtarief van € 75,- in rekening worden gebracht. Uit de overeenkomst blijkt verder dat [gedaagde] “product owner” is: hij bepaalt de “deliverables” en is verantwoordelijk voor de progressie, scope en kosten. Hij heeft bovendien steeds inzage in de urenverantwoording en heeft ook de mogelijkheid het aantal uren te limiteren. Trive heeft verder toegelicht dat “agile” gewerkt werd: partijen werkten op basis van een samenwerkingsappliciatie (Trello) waarin werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden door [gedaagde] als “to do” werden aangemerkt en werkzaamheden die naar tevredenheid waren afgerond door hem als “done” werden afgevinkt. Trive heeft daarmee duidelijk gemaakt dat [gedaagde] intensief bij de werkzaamheden betrokken is geweest en dat hij daarover ook een zekere mate van controle had en dat is door [gedaagde] onvoldoende weersproken.

5.4.

Gelet op het voorgaande kunnen de verweren van [gedaagde] dat de kwaliteit van het geleverde onvoldoende was en dat er te veel uren zijn gedeclareerd niet slagen. Indien Trive op enig punt jegens [gedaagde] niet aan haar verplichtingen had voldaan of buiten de opdracht had gewerkt, had [gedaagde] namelijk kunnen en moeten ingrijpen. Dat heeft hij nagelaten. Zijn verweer dat hij meermaals heeft geklaagd, is op geen enkele wijze onderbouwd en wordt daarom gepasseerd. Dat laatste geldt ook voor het verweer dat pas achteraf bleek dat [gedaagde] de website niet zonder een nader abonnement met Trive kon beheren en onderhouden. [gedaagde] heeft onvoldoende onderbouwd dat hij bij het verlenen van de opdracht als eis had gesteld dat hij zelf het onderhoud en beheer moest kunnen doen. Verder is hij steeds zodanig intensief bij de werkzaamheden betrokken geweest dat hij al in een veel eerder stadium had kunnen en moeten aangeven dat niet werd voldaan aan zijn wens tot eigen onderhoud en beheer.

5.5.

De omstandigheid dat Trive de website op enig moment offline heeft gehaald, ontslaat [gedaagde] niet van zijn verplichting om de facturen te betalen. Aangezien [gedaagde] ondanks aanmaningen niet voldeed aan zijn verplichting om de facturen te betalen, was Trive namelijk gerechtigd om haar verplichtingen jegens [gedaagde] op te schorten, waaronder het online hosten van de website. Trive heeft overigens ook tijdig aangekondigd dat zij hiertoe zou overgaan als [gedaagde] niet voldeed aan haar sommaties.

5.6.

Het verweer van [gedaagde] dat hij niet in gebreke is gesteld, kan evenmin slagen. Hij is immers meerdere malen door zowel Trive zelf als haar gemachtigde schriftelijk gesommeerd tot betaling (zie overweging 2.13). Blijkens het app-verkeer heeft Trive ook via dat medium aangedrongen op betaling. Dat [gedaagde] zich ervan bewust was dat hij moest betalen, blijkt wel uit zijn app-berichten waarin hij telkens toezegt voor betaling te zullen zorgdragen.
App Bon!

5.7.

Voor wat betreft de app Bon! ligt er wel een overeenkomst (proposal) waarin Trive als opdrachtnemer en [handelsnaam] als opdrachtgever is vermeld, maar deze is door partijen niet getekend. Trive heeft ook geen ander stuk overgelegd waaruit blijkt dat [gedaagde] met de inhoud van de overeenkomst akkoord is gegaan.

5.8.

Uit de in 2.10 tot en met 2.12. genoemde correspondentie kan echter worden afgeleid dat [gedaagde] heeft ingestemd met het door Trive voor zijn rekening verrichten van de werkzaamheden inzake de app Bon! en dat hij daarbij ook betrokken is geweest. In de e-mail van 26 februari 2020 zegt [gedaagde] toe dat hij “10K” voor zijn rekening zal nemen, waarbij uit de verdere context van de e-mail moet worden afgeleid dat dit bedrag betrekking heeft op de factuur van 7 december 2019 van € 10.180,65 die zag op de werkzaamheden inzake de app Bon!. [gedaagde] is dat bedrag dan ook verschuldigd. Zijn verweer dat voor de app Bon! niet meer dan het idee is opgeleverd, kan gelet op het voorgaande niet slagen. Dat was [gedaagde] immers ook bekend op het moment dat hij de toezegging tot betaling deed. Hij was er, mede gelet op de opdracht inzake de [handelsnaam] website en het hem toegestuurde proposal inzake de app Bon! ook mee bekend dat Trive factureerde op basis van gewerkte uren en niet op basis van behaalde resultaten. Verder volgt uit het proposal dat ook aan de conceptfase van de ontwikkeling van de app werkzaamheden verbonden zijn zoals het voeren van brainstormsessies.
Conclusie

5.9.

De conclusie is dat geen van de door [gedaagde] gevoerde verweren slaagt en de kantonrechter de vordering van Trive zal toewijzen.

Buitengerechtelijke incassokosten, handelsrente en proceskosten

5.10.

Trive maakt aanspraak op vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat Trive voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Het gevorderde bedrag van
€ 932,30 aan buitengerechtelijke incassokosten wordt toegewezen.

5.11.

De wettelijke handelsrente zal als onvoldoende gemotiveerd betwist worden toegewezen.

5.12.

De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij ongelijk krijgt. Daarbij wordt [gedaagde] ook veroordeeld tot betaling van het nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Trive worden gemaakt.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Trive van € 17.913,01 te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 15.730,33 vanaf 4 december 2020 tot aan de dag van de gehele betaling;

6.2.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van Trive tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 102,96

griffierecht € 996,00

salaris gemachtigde € 746,00;

6.3.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van € 124,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Trive worden gemaakt;

6.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr J.J. Dijk en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter