Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2021:4033

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
10-05-2021
Datum publicatie
17-05-2021
Zaaknummer
C/15/315108 / FT RK 21-283
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Instellen voorlopige schuldeiserscommissie ex art. 74 Fw.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

Zittingsplaats Haarlem

zaaknummer / rekestnummer: C/15/315108 / FT RK 21-283

Beschikking van 10 mei 2021

op het verzoek strekkende tot benoeming van een voorlopige schuldeiserscommissie ex artikel 74 Faillissementswet (Fw) van:

-STICHTING GARANTIEFONDS REISGELDEN,

statutair gevestigd te Rotterdam,

gemachtigde mr. N.A. de Leeuw

-PRIJSVRIJ.NL B.V.,

statutair gevestigd te ’s-Hertogenbosch

gemachtigde mr. M. van Os

-TUI NEDERLAND N.V.,

statutair gevestigd te Rijswijk

gemachtigde mr. B.W.E.J. Jegerings

verzoekers,

in de faillissementen van

-D-RT Groep B.V.

-D-RT Retail B.V.

-D-RT Shared Services Center B.V.

alle statutair gevestigd te Hoofddorp,

curatoren: mr. K.J. Willemse en mr. A.J. Tekstra.

Verzoekers worden hierna afzonderlijk SGR, Prijsvrij en TUI genoemd. Mrs. Willemse en Tekstra worden hierna curatoren genoemd.

De gefailleerde vennootschappen worden hierna gezamenlijk D-RT en ieder afzonderlijk D-RT Groep, D-RT Retail en D-RT Shared Services Center genoemd.

1 Het (verdere) verloop van de procedure

1.1.

Voor het procesverloop wordt verwezen naar de tussenbeschikking van 22 april 2021 en de daaraan ten grondslag liggende stukken.

1.2.

In voornoemde tussenbeschikking van 22 april 2021 heeft de rechtbank geoordeeld dat de aard van de faillissementen van D-RT aanleiding geeft tot het instellen van een voorlopige schuldeiserscommissie en het verzoek daartoe derhalve toewijsbaar geacht. Voorts heeft de rechtbank geoordeeld dat zij drie leden zal benoemen in de voorlopige schuldeiserscommissie. Eén lid namens de belastingdienst (Ontvanger), één lid namens de werknemers (bijvoorbeeld uit een van de vakbonden) en één lid namens de Algemene Nederlandse Vereniging van Reisondernemingen (ANVR). Vervolgens zijn curatoren in de gelegenheid gesteld om bij brief personen voor te dragen die namens genoemde groepen van schuldeisers tot leden van de voorlopige schuldeiserscommissie benoemd kunnen worden en zijn verzoekers in de gelegenheid gesteld hierop bij brief te reageren.

1.3.

Bij brief van 30 april 2021 hebben curatoren drie kandidaten voorgedragen uit voormelde geledingen.

1.4.

Bij brief van 5 mei 2021 heeft Prijsvrij zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Van SGR en TUI is binnen de daarvoor gestelde termijn ‑ uiterlijk 8 mei 2021 - geen reactie ontvangen.

2 De beoordeling

2.1.

Zoals de rechtbank in haar tussenbeschikking van 22 april 2021 heeft aangekondigd, zal zij het verzoek ten aanzien van het instellen van een voorlopige schuldeiserscommissie in de faillissementen van D-RT toewijzen. De rechtbank zal de voorlopige schuldeiserscommissie bij deze beschikking instellen en daarvoor drie leden benoemen, overeenkomstig de voordracht van curatoren.

2.2.

Als eerste lid van de voorlopige schuldeiserscommissie zal de rechtbank namens de werknemers benoemen: mr. [A.] van FNV-advocaten te Utrecht.

2.3.

Als tweede lid van de voorlopige schuldeiserscommissie zal de rechtbank namens de belastingdienst (Ontvanger) benoemen: mr. [B.], Vaktechnisch coördinator invordering van de Belastingdienst Grote ondernemingen Noordwest te Amsterdam.

2.4.

Als derde lid van de voorlopige schuldeiserscommissie zal de rechtbank namens de ANVR benoemen: [C.], adjunct-directeur van de ANVR.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

stelt in een voorlopige schuldeiserscommissie in de faillissementen van D-RT,

3.2.

benoemt als leden van de voorlopige schuldeiserscommissie in de faillissementen van D-RT:

- mr. [A.], voornoemd;

- mr. [B.], voornoemd;

- [C.], voornoemd.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.S.J. Thijs, rechter, en in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 10 mei 2021.1

1 Conc.: 299