Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2021:3541

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
26-03-2021
Datum publicatie
28-04-2021
Zaaknummer
C/15/314518 / KG RK 21-176
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Conservatoire maatregel
Beschikking
Inhoudsindicatie

Afwijzing verzoek verlof conservatoir beslag te mogen leggen. Diverse al lopende procedures. Verzoekster heeft in eerdere instantie zelf dat New Wave een “grote speler” en zelfs een beursgenoteerd bedrijf is. Onvoldoende onderbouwd waarom het noodzakelijk is voor het behoud van verhaal op wederpartij om op dit moment conservatoir beslag te leggen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

Zittingsplaats Alkmaar

zaaknummer / rolnummer: C/15/314518 / KG RK 21-176

Beschikking van 26 maart 2021

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[verzoekster] ,

gevestigd te [woonplaats],

verzoekster,

advocaat mr. C.P.B. Kroep te Enschede,

en

de vennootschap naar Zweeds recht

NEW WAVE GROUP AB,

gevestigd te Ytterby (Zweden),

verweerster,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna verzoekster en New Wave worden genoemd.

1 De procedure

Bij verzoekschrift van 24 maart 2021 heeft verzoekster aan de voorzieningenrechter verzocht om conservatoir beslag te mogen leggen ten laste van New Wave. Op 25 maart 2021 heeft verzoekster een nieuw verzoekschrift ingediend

2 De beoordeling

2.1.

Tussen verzoekster en New Wave zijn diverse procedures gevoerd en aanhangig. Als grondslag van het verzoek om conservatoir beslag te mogen leggen verwijst verzoekster naar de nog bij deze rechtbank aanhangige procedure 18-764. In die zaak heeft de rechtbank op 22 april 2020 in de zogenoemde ‘uitstotingsprocedure’ beslissingen genomen, die er uiteindelijk toe zullen leiden dat er een toewijzend vonnis zal komen. Daarbij zal verzoekster worden veroordeeld om haar 36.5% aandelen in Intraco Holding B.V. over te dragen aan New Wave met tevens ex artikel 2:340 lid 4 BW veroordeling van New Wave tot contante betaling aan verzoekster van een prijs voor de over te dragen aandelen. In het kader daarvan is een deskundige benoemd die de waarde van de aandelen zal vaststellen.

Verzoekster voert aan dat New Wave tot heden heeft laten weten geen waarde aan de aandelen toe te kennen en daarom dus ook niets aan verzoekster voor de aandelen te betalen.

Gelet hierop heeft verzoekster nu aan de voorzieningenrechter verzocht om conservatoire derdenbeslagen te mogen leggen onder zes dochter- en kleindochtervennootschappen van New Wave in Nederland.

2.2.

Naar aanleiding van het verzoekschrift van 24 maart 2021 heeft de voorzieningenrechter aan de advocaat van verzoekster verzocht om het verzoekschrift aan te vullen en de noodzaak voor het leggen van deze conservatoire beslagen nader te onderbouwen. Verzoekster heeft hierop op 25 maart 2021 een nieuw verzoekschrift ingediend.

2.3.

Uit de nadere onderbouwing blijkt vooral dat verzoekster New Wave ervan beschuldigt geen eerlijk spel te spelen en dat New Wave verzoekster op alle mogelijke manieren probeert het (handels)leven zuur te maken. De voorzieningenrechter merkt op dat die beschuldigingen allemaal in de lopende procedures aan de orde zijn of zijn gesteld en dat daarover al is beslist of nog – in hoger beroep – zal worden beslist. Op zichzelf vormen die beschuldigingen geen grond voor het leggen van een conservatoir beslag.

2.4.

Daarnaast voert verzoekster aan dat gelet op de opstelling en handelwijze van New Wave valt aan te nemen dat New Wave niet aan haar betalingsverplichting jegens verzoekster zal (willen) voldoen. Daarbij verliest verzoekster echter uit het oog dat partijen nog aan het procederen zijn en dat New Wave tot heden nog niet is veroordeeld tot betaling van enig bedrag aan verzoekster.

2.5.

Verzoekster stelt dat New Wave een Zweeds bedrijf is en dat zij in Zweden niet eenvoudig conservatoir beslag kan leggen ter verzekering van haar recht op betaling. Dat is een vraag van subsidiariteit, maar gaat voorbij aan de vraag van de voorzieningenrechter waarom het überhaupt noodzakelijk is om conservatoir beslag te leggen.

2.6.

Ten slotte stelt verzoekster dat het gezien de procedures tussen partijen tot op heden volledig in de lijn der verwachting ligt dat als verzoekster enige betaling in Zweden van New Wave zou willen afdwingen zij daarover opnieuw vele en jaren durende kostbare procedures in Zweden kan en moet beginnen. Ook dat argument kan de voorzieningenrechter niet overtuigen. Een door de rechtbank te geven executoriale titel zal ingevolge de toepasselijke verdragsbepalingen ook in Zweden kunnen worden tenuitvoergelegd. Dat dat vele jaren en vele kostbare procedures zou duren, heeft verzoekster in het geheel niet onderbouwd.

2.7.

Zoals verzoekster in eerdere instantie zelf heeft aangevoerd, is New Wave een “grote speler” en zelfs een beursgenoteerd bedrijf. De hiervoor vermelde argumenten leveren in dat verband niet op dat het noodzakelijk is voor het behoud van verhaal op New Wave om op dit moment conservatoir beslag te leggen.

Het verzoek moet daarom worden afgewezen.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. L.J. Saarloos en in het openbaar uitgesproken op

26 maart 2021