Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2020:9630

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
18-11-2020
Datum publicatie
02-12-2020
Zaaknummer
7999490
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Luchtvaartzaak. Vertraging is het gevolg van buitengewone omstandigheden, maar niet is komen vast te staan dat de luchtvaartmaatschappij alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagier te voorkomen dan wel te beperken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 7999490 \ CV EXPL 19-12761

Uitspraakdatum: 18 november 2020

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[de passagier]

wonende te [woonplaats]

eiser

hierna te noemen: de passagier

gemachtigde: mr. D.E. Lof

tegen

de buitenlandse rechtspersoon

Austrian Airlines A.G.

gevestigd te Wenen, Oostenrijk, mede kantoorhoudend te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen: Austrian Airlines

gemachtigde: mr. E.C. Douma

1 Het procesverloop

1.1.

De passagier heeft bij dagvaarding van 23 juli 2019 een vordering tegen Austrian Airlines ingesteld. Austrian Airlines heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

De passagier heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna Austrian Airlines een schriftelijke reactie heeft gegeven.

2 De feiten

2.1.

De passagier heeft met Austrian Airlines een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Austrian Airlines de passagier diende te vervoeren van Amsterdam-Schiphol naar Wenen, Oostenrijk, met vluchtnummer OS376 en van Wenen naar Kosice, Slowakije, met vluchtnummer OS743, hierna: de vlucht.

2.2.

Volgens de overeenkomst zou vlucht OS376 om 18.00 uur UTC vertrekken vanaf Amsterdam-Schiphol en om 19.50 uur UTC arriveren in Wenen. Vlucht OS743 zou om 20.20 uur UTC vertrekken uit Wenen en om 21.10 uur UTC aankomen in Kosice.

2.3.

Vlucht OS376 is vertraagd uitgevoerd, waardoor de passagier zijn aansluitende vlucht heeft gemist en meer dan drie uur later zijn eindbestemming heeft bereikt.

2.4.

De passagier heeft compensatie van Austrian Airlines gevorderd in verband met voornoemde vertraging.

2.5.

Austrian Airlines heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 De vordering

3.1.

De passagier vordert dat Austrian Airlines bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 3 juni 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 37,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

3.2.

De passagier heeft aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat Austrian Airlines vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is de passagier te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 250,00.

4 Het verweer

4.1.

Austrian Airlines betwist de vordering en voert aan dat 68 minuten vertrekvertraging van vlucht OS376 het gevolg is van buitengewone omstandigheden. Om 16.00 uur UTC, twee uur voor vertrek, kreeg het toestel een later slot door de luchtverkeersleiding toegewezen, welk slot vervolgens meerdere malen is herzien. Vlucht OS376 kreeg uiteindelijk om 19.08 uur UTC toestemming om te vertrekken en is met een vertraging van 39 minuten om 20.29 uur UTC aangekomen in Wenen. De passagiers konden hun aansluitende vlucht niet halen. Austrian heeft de passagiers omgeboekt naar de eerstvolgende vlucht met voldoende plaats, aldus Austrian.

4.2.

Austrian betwist voorts buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente verschuldigd te zijn.

5 De beoordeling

5.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

5.2.

Vast staat dat de passagiers met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming zijn gearriveerd, zodat Austrian Airlines op grond van de Verordening in beginsel gehouden is de compensatie als bedoeld in de Verordening te voldoen. Dit is anders indien Austrian Airlines kan aantonen dat de vertraging het gevolg is van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening en dat de vertraging, ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen, niet voorkomen had kunnen worden.

5.3.

Ten aanzien van het beroep van Austrian Airlines op buitengewone omstandigheden geldt (in algemene zin) het volgende. In punt 15 van de Considerans van de Verordening staat dat dergelijke omstandigheden zich onder meer kunnen voordoen in geval van een besluit van de luchtverkeersleiding voor een specifiek toestel op een specifieke dag een langdurige vertraging, een vertraging van een nacht of de annulering van één of meer vluchten van dat vliegtuig veroorzaakt, ook al heeft de betrokken luchtvaartmaatschappij alle redelijke inspanningen geleverd om de vertragingen of annuleringen te voorkomen. Gelet op het arrest Wallentin-Hermann (C-549/07) van het Hof van 22 december 2008 dient de luchtvaartmaatschappij in het voorkomende geval ook aan te tonen dat zij zelfs met de inzet van alle beschikbare materiële en personeelsmiddelen kennelijk niet had kunnen vermijden – behoudens indien zij op het relevante tijdstip onaanvaardbare offers uit het oogpunt van de mogelijkheden van haar onderneming had gebracht – dat de buitengewone omstandigheden waarmee zij werd geconfronteerd tot de langdurige vertraging van de vlucht leidden.

5.4.

Austrian Airlines voert aan dat de luchtverkeersleiding om 16.00 uur UTC, twee uur voor het geplande vertrek, aan vlucht OS376 een ‘slot’ van 18.55 uur UTC heeft opgelegd, welke vervolgens meermalen is herzien. Ter onderbouwing verwijst Austrian naar het vluchtrapport en de slot history (producties 3 en 4 bij antwoord). Austrian Airlines heeft toegelicht dat de ‘slots’ zijn opgelegd vanwege vertragingscodes 81 en 82. Austrian verwijst naar de overgelegde “Standard IATA Delay Codes” van Eurocontrol, waaruit volgt dat vertragingscode 81 staat voor ATFM due to ATC En-route Demand/ Capacity Standard Demand/ Capacity Problems en vertragingscode 82 voor ATFM due to ATC STAFF/EQUIPMENT EN-ROUTE. Het toestel is uiteindelijk om 19.05 uur UTC vertrokken en in plaats van om 19.50 uur UTC met een vertraging van 39 minuten om 20.29 uur UTC in Wenen gearriveerd. De passagier heeft hierdoor de aansluitende vlucht OS743 gemist, welke om 20.20 uur UTC uit Wenen vertrok, aldus nog steeds Austrian Airlines.

5.5.

De kantonrechter overweegt dat Austrian Airlines met de door haar overgelegde stukken en toelichting daarop voldoende heeft aangetoond dat de vertraagde uitvoering van vlucht OS376 is veroorzaakt door meerdere ‘slots’ opgelegd door de luchtverkeersleiding. Het opleggen van een slot kan worden gezien als een besluit van de luchtverkeersleiding ten aanzien van een specifiek vliegtuig op een specifieke dag in de zin van overweging 15 van de Considerans van de Verordening, zodat het een buitengewone omstandigheid kan opleveren. Voldoende gebleken is dat de uiteindelijke vertraging van de passagiers van meer dan drie uur op de eindbestemming het directe gevolg is geweest van de vertraagde uitvoering van vlucht OS376. De passagiers hebben immers door deze vertraging de aansluitende vlucht gemist. De vertraging van de passagiers is dan ook het gevolg van buitengewone omstandigheden.

5.6.

Voorts dient de vraag te worden beantwoord of Austrian Airlines alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagier te voorkomen dan wel te beperken. Tussen de twee aansluitende vluchten was een overstaptijd van 30 minuten gepland. Gesteld noch gebleken is hoeveel de minimale overstaptijd in Wenen bedraagt, zodat niet kan worden vastgesteld of Austrian Airlines voldoende reservetijd in acht heeft genomen. Aldus is niet vast komen te staan dat Austrian Airlines alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagier te voorkomen dan wel te beperken, zodat de vordering van de passagier tot betaling van een compensatievergoeding zal worden toegewezen.

5.7.

De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.

5.8.

De passagier heeft een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is. Daarom zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. Austrian Airlines heeft deze vordering (gemotiveerd) betwist. De passagier heeft hiertegenover onvoldoende aangetoond en onderbouwd dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten moet daarom worden afgewezen.

5.9.

De proceskosten komen voor rekening van Austrian Airlines, omdat deze ongelijk krijgt. De gevorderde rente is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt Austrian Airlines tot betaling aan de passagier van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke vanaf 3 juni 2019, tot aan de dag van voldoening dit bedrag;

6.2.

veroordeelt Austrian Airlines tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagier tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 99,01;
griffierecht € 81,00;
salaris gemachtigde € 36,00;
vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

6.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

6.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter