Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2020:7101

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
10-09-2020
Datum publicatie
14-09-2020
Zaaknummer
8617528
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Ontruiming vanwege overlast. Geen aanleiding om alsnog gedragsaanwijzing op te leggen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 8617528 \ KG EXPL 20-68 KB

Uitspraakdatum: 10 september 2020

Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:

De stichting Stichting Woonwaard Noord-Kennemerland

gevestigd te Alkmaar

eiseres

verder te noemen: Woonwaard

gemachtigde: mr. M.J. Dekker

tegen

de besloten vennootschap TK Bewindvoering B.V., in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van mevrouw [naam] , wonende aan de [adres] te [plaats]

gevestigd te Alkmaar

gedaagde

verder te noemen: TK Bewindvoering q.q. en [naam]

gemachtigde: mr. F.J.J. Baars

1 Het procesverloop

1.1.

Woonwaard heeft TK Bewindvoering q.q. op 16 juli 2020 gedagvaard.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 28 juli 2020. Voorafgaand aan de zitting heeft Woonwaard bij brief van 24 juli 2020 nog stukken toegezonden. De behandeling van de zaak is vervolgens enige tijd geschorst in afwachting van de uitkomst van het door TK Bewindvoering q.q. gedane verzoek tot wraking van de kantonrechter. Na uitspraak van de wrakingskamer is de mondelinge behandeling voortgezet op 1 september 2020. Voorafgaand aan de zitting heeft Woonwaard bij brief van 28 augustus 2020 nog stukken toegezonden.

2 De feiten

2.1.

[naam] huurt sinds 1 oktober 2008 van Woonwaard de woning inclusief aanhorigheden aan de [adres] te [plaats] .

2.2.

Van de huurovereenkomst maken deel uit de algemene huurvoorwaarden zelfstandige woonruimte d.d. januari 2006.

2.3.

In artikel 6.3. van de algemene huurvoorwaarden staat:

Huurder zal het gehuurde gebruiken en onderhouden zoals het een goed huurder betaamt.

2.4.

In artikel 6.6. van de algemene huurvoorwaarden staat –voor zover hier van belang- het volgende:

Huurder dient ervoor zorg te dragen dat aan omwonenden geen overlast of hinder wordt veroorzaakt door huurder, huisgenoten, huisdieren of door derden die zich vanwege huurder in het gehuurde of in de gemeenschappelijke ruimten bevinden. Verhuurder kan aan het houden van huisdieren beperkingen stellen, indien hierdoor overlast voor omwonenden gaat ontstaan.(…)

2.5.

Bij beschikking van 9 maart 2011 is [naam] onder bewind gesteld met benoeming van [bewindvoerder] , h.o.d.n. TK Bewindvoering tot bewindvoerder.

2.6.

Op 22 oktober 2019 en op 25 juni 2020 hebben twee afzonderlijke buren aangifte bij de politie gedaan van bedreiging.

2.7.

In mei en november 2019 en ook in februari 2020 heeft Woonwaard gesprekken met [naam] gevoerd en haar er op gewezen dat zij de door haar veroorzaakte overlast diende te staken en dat Woonwaard bij gebreke daarvan een procedure tot ontruiming zou starten.

3 De vordering

3.1.

Woonwaard vordert dat de kantonrechter bij wijze van voorlopige voorziening TK Bewindvoering q.q. veroordeelt te ontruimen en ontruimd te houden en te verlaten de woning aan de [adres] te [plaats] met alle daarin van haar, de haren en derden aanwezige personen en zaken, zodanig dat de woning leeg en bezemschoon wordt opgeleverd en wel binnen 3 dagen na betekening van dit vonnis, onder afgifte van alle sleutels aan Woonwaard, op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag of dagdeel dat TK Bewindvoering q.q. in gebreke blijft deze veroordeling na te komen, met veroordeling van TK Bewindvoering q.q. tot betaling aan Woonwaard van € 499,57 voor iedere maand of gedeelte daarvan dat de woning niet is ontruimd, met ingang van 1 juli 2020 zulks totdat de woning is ontruimd, alsmede veroordeling in de proceskosten en de nakosten.

3.2.

Woonwaard legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat omwonenden van [naam] sinds zeer lange tijd ernstige overlast ervaren die door haar wordt veroorzaakt. Het gaat met name om ernstige geluidsoverlast – vooral in de nacht - door bonken, schreeuwen en om bedreigingen. Deze omwonenden zijn ook (grotendeels) huurders van Woonwaard. Vanaf het voorjaar van 2019 begonnen omwonenden, nadat ze eerder steeds de politie belden als er overlast was, ook bij Woonwaard te klagen.

4 Het verweer

4.1.

TK Bewindvoering q.q. erkent dat sprake is van overlast zoals geschetst door Woonwaard. Zij stelt zich echter op het standpunt dat ontruiming, dat in feite neerkomt op een beëindiging van de huurovereenkomst, een te zwaar middel is. Zij betoogt dat op dit moment een gedragsaanwijzing aangewezen is.

5 De beoordeling

5.1.

De vordering in kort geding kan alleen worden toegewezen als Woonwaard daarbij een spoedeisend belang heeft. Dat is het geval, nu het hier gaat om ernstige overlast die bovendien niet wordt betwist.

5.2.

Verder is voor toewijzing van de vordering in dit kort geding vereist dat de aan die vordering ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden voldoende aannemelijk zijn en dat het ook in voldoende mate waarschijnlijk is dat die vordering in een nog te voeren gewone procedure (bodemprocedure) zal worden toegewezen. Voor nader onderzoek naar bepaalde feiten en omstandigheden of voor bewijslevering door bijvoorbeeld getuigen is in dit kort geding in beginsel geen plaats. Dat moet gebeuren in een eventuele bodemprocedure. De beoordeling in dit kort geding is dan ook niet meer dan een voorlopig oordeel over het geschil tussen partijen.

5.3.

De kantonrechter is van oordeel dat de vordering moet worden toegewezen. TK Bewindvoering q.q. erkent dat op dit moment een situatie is ontstaan waarin ingrijpen noodzakelijk is. Een maatregel kan daarom ook in het belang van [naam] zijn, aldus TK Bewindvoering q.q., omdat in dat geval haar huisvesting eventueel behouden kan worden. [naam] is immers gedurende een flink aantal jaren in staat geweest zich als goed huurder te gedragen. [naam] is thans echter ook voor haar niet te bereiken en niet te motiveren haar gedrag te veranderen. TK Bewindvoering q.q. betoogt dat dit mogelijk alsnog afgedwongen kan worden met een gedragsaanwijzing waarbij het [naam] verboden wordt gedurende een periode van twee maanden in of nabij de woning te verblijven, zodat zij na herstel terug kan keren in de woning. Daarnaast zou een verplichting aan [naam] opgelegd kunnen worden een nadere gedragsaanwijzing met Woonwaard overeen te komen. TK Bewindvoering q.q. heeft op de zitting getracht Woonwaard te bewegen haar eis in die zin aan te passen. Dat is niet gebeurd. Met Woonwaard is de kantonrechter van oordeel dat [naam] al genoeg kansen en waarschuwingen heeft gehad om haar gedrag aan te passen. Tot drie maal toe zijn gesprekken met haar gevoerd, waarin is gewaarschuwd voor de gevolgen indien zij haar gedrag niet zou aanpassen. Na géén van deze gesprekken is structurele verbetering opgetreden, recentelijk is de overlast zelfs toegenomen. Dat betekent dat niet valt in te zien waarom een gedragsaanwijzing zoals beschreven door TK Bewindvoering q.q. wel een verandering teweeg zou kunnen brengen. Bovendien voert Woonwaard terecht aan dat een gedragsaanwijzing alleen zinvol is als beide partijen daartoe gemotiveerd zijn. Van motivatie aan de zijde van [naam] of enig concrete aanwijzing dat een verbetering te verwachten is, is niet gebleken. De kantonrechter ziet aldus geen aanleiding een gedragsaanwijzing te formuleren, als dat al mogelijk zou zijn nu Woonwaard haar petitum niet in die zin heeft aangepast.

5.4.

Naar het oordeel van de kantonrechter zijn de tekortkomingen in de nakoming van de verplichtingen die voortvloeien uit de huurovereenkomst zodanig ernstig dat het woonbelang van [naam] moet wijken voor de belangen van Woonwaard en de omwonenden. De overlast die [naam] veroorzaakt raakt rechtstreeks aan het ongestoorde en veilige huurgenot van andere bewoners. De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van Woonwaard zal toewijzen, waarbij de ontruimingstermijn gesteld zal worden op vijf dagen. Voor het toewijzen van de gevraagde dwangsom ziet de kantonrechter geen grond, omdat deze niet gemotiveerd is en Woonwaard bovendien de bevoegdheid heeft bij de ontruiming de hulp van de sterke arm in te roepen.

5.5.

De bewindvoerder q.q. zal verder worden veroordeeld tot betaling van € 499,57 per maand voor iedere maand dat het gehuurde niet is ontruimd, ingaande per 1 juli 2020.

5.6.

De proceskosten komen voor rekening van TK Bewindvoering q.q., omdat zij ongelijk krijgt.

5.7.

TK Bewindvoering q.q. wordt ook veroordeeld tot betaling van € 120,00 aan gevorderde nakosten, voor zover daadwerkelijk nakosten door Woonwaard worden gemaakt.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt TK Bewindvoering q.q. binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen en ontruimd te houden en te verlaten de woning aan de [adres] te [plaats] met alle daarin van haar, de haren en derden aanwezige personen en zaken, zodanig dat de woning leeg en bezemschoon wordt opgeleverd, onder afgifte van alle sleutels aan Woonwaard;

6.2.

veroordeelt van TK Bewindvoering q.q. tot betaling aan Woonwaard van € 499,57 voor iedere maand of gedeelte daarvan dat de woning niet is ontruimd, met ingang van 1 juli 2020 zulks totdat de woning is ontruimd, en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum waarop deze termijnen opeisbaar worden tot aan de dag der algehele voldoening;

6.3.

veroordeelt TK Bewindvoering q.q. tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van Woonwaard tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 106,47
griffierecht € 124,00

salaris gemachtigde € 480,00 ;

6.4.

veroordeelt de bewindvoerder q.q. tot betaling van € 120,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door Woonwaard worden gemaakt;

6.5.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

6.6.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter