Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2020:5769

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
05-08-2020
Datum publicatie
24-08-2020
Zaaknummer
8474385
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

tussenvonnis uitlating overleg of uitkomst betreffende indexering

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 8474385 CV EXPL 20-1669

Uitspraakdatum: 5 augustus 2020

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

Exploitatiemaatschappij Bungalowpark Het Geesterambacht B.V.

gevestigd te Warmenhuizen, gemeente Schagen

eiseres

verder te noemen: Geesterambacht

gemachtigde: mr. L.T. van Eijk van Heslinga

tegen

[gedaagde 1] en

[gedaagde 2]

beiden wonende te [woonplaats]

gedaagden

verder te noemen: [gedaagden] (in enkelvoud)

procederend in persoon.

1 Het procesverloop

1.1.

Geesterambacht heeft bij dagvaarding van 28 februari 2020 een vordering tegen [gedaagden] ingesteld. [gedaagden] heeft schriftelijk geantwoord. Geesterambacht heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna [gedaagden] nog een schriftelijke reactie heeft gegeven.

2 De feiten

2.1.

Geesterambacht is eigenaar van alle percelen in het bungalowpark Het Geesterambacht te Warmenhuizen.

2.2.

[gedaagden] heeft bij notariële akte van 21 juli 1995 het recht van erfpacht gekregen op het perceel locatie [adres] , alwaar zijn recreatiebungalow staat.

2.3.

Ingevolge artikel 4 van de tussen partijen geldende erfpacht bepalingen is [gedaagden] aan Geesterambacht een jaarlijkse canon verschuldigd. De canon bedroeg bij aanvang fl. 2.500,- (€ 1.134,45). De canon is onderhevig aan indexering. In artikel 4 lid 2 van de erfpacht bepalingen staat daarover vermeld:

“De canon zal per 1 januari 1998 voor het eerst en vervolgens telkens om de drie jaren worden verhoogd of verlaagd overeenkomstig de stijging of daling, welke het consumentenprijsindex (..) zal vertonen. Hiertoe wordt het bovengenoemde bedrag vermenigvuldigd met een breukgetal (..) Onder consumentenprijsindex wordt ten deze verstaan het door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) te publiceren totaal-prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie (..) op basis van 1990. Mocht het CBS te enigertijd overgaan tot publikatie van de consumentenprijsindex op een meer recente tijdsbasis, dan zullen de cijfers van de nieuwe reeks in aanmerking worden genomen, zo nodig na koppeling aan de cijfers van de voorafgaande reeksen. De wijze van koppeling zal geschieden in overleg met het CBS (..).”

3 De vordering

3.1.

Geesterambacht vordert na vermeerdering van eis dat de kantonrechter [gedaagden] veroordeelt tot betaling van € 898,77, vermeerderd met de contractuele boete, rente en kosten.

3.2.

Geesterambacht legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat [gedaagden] vanaf begin 2019 een deel van de verschuldigde erfpachtcanon onbetaald heeft gelaten.

4 Het verweer

4.1.

[gedaagden] betwist de vordering. Hij voert aan – samengevat – dat Geesterambacht de indexatie van de verschuldigde erfpachtcanon onjuist berekent en derhalve teveel heeft gefactureerd.

5 De beoordeling

5.1.

Geesterambacht stelt dat de canon aanvankelijk werd geïndexeerd op basis van het totaalprijsindexcijfer van de gezinsconsumptie van het CBS, uitgaande van de reeks 1990 is 100. In 2019 diende opnieuw te worden geïndexeerd. Daarbij is echter uitgegaan van de nieuwe reeks van het CBS voor de totaalprijsindexcijfer van de gezinsconsumptie, 2015 is 100, aangezien de oude reeks niet werd voortgezet. Daarbij dient de indexering plaats te vinden, aldus Geesterambacht, over de canon zoals die op dat moment gold en niet over de canon die oorspronkelijk was afgesproken.

5.2.

[gedaagden] is het daar niet mee eens. Volgens hem volgt uit de erfpacht bepalingen dat de indexering dient te worden toegepast op de uitgiftecanon. Dat de verschuldigde canon daardoor lager wordt dan in de jaren daarvoor, maakt niet uit, zolang deze maar niet lager wordt dan het bedrag van de eerst verschuldigde canon.

5.3.

De indexering van de door partijen afgesproken canon is bedoeld om de canon waardevast te laten zijn, waarbij de canon iedere drie jaren wordt aangepast aan de algemene prijsstijgingen of –dalingen volgens de totaalprijsindexcijfer van de gezinsconsumptie. Partijen zijn het eens over de toepassing van dit indexcijfer tot 2019: de indexering diende plaats te vinden over het bedrag waarvoor de canon oorspronkelijk werd uitgegeven. Deze wijze van indexering lijkt echter niet zonder meer te kunnen worden toegepast, nadat het CBS op een consumentenprijsindex op basis van een meer recente tijdsbasis is overgegaan, namelijk die waarbij het prijsniveau van 2015 op 100 is bepaald. Immers, als in 2019 het dan geldende prijsindexcijfer zou worden toegepast op het bedrag van de canon bij uitgifte van de erfpacht, dan zouden de waardestijgingen en –dalingen tot 2015 niet meer meetellen. Om die reden bepalen de toepasselijke erfpacht voorwaarden dat “zo nodig” de nieuwe reeks wordt gekoppeld aan de cijfers van de voorgaande reeksen. Verder bepalen de voorwaarden dat “de wijze van koppeling zal geschieden in overleg met het CBS”.

5.4.

Geesterambacht heeft niet geschreven dat zulk overleg heeft plaatsgevonden, noch wat de uitkomst daarvan is geweest. Zij zal daarom in de gelegenheid worden gesteld om zich hier over bij akte uit te laten en aan te geven hoe de nieuwe prijsindex die gold vanaf 2015 is gekoppeld aan de cijfers van de prijsindex die gold vanaf 1990, alsmede welk overleg hierover heeft plaatsgehad met het CBS en wat het standpunt hierover is van het CBS. [gedaagden] zal hierop bij akte mogen reageren.

5.5.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

Verwijst de zaak naar de rolzitting van 2 september 2020 voor akte aan de zijde van Geesterambacht tot het doel als hierboven sub 5.4 omschreven.

6.2.

Bepaalt dat [gedaagden] op de rolzitting van 30 september 2020 een antwoordakte mag nemen.

Dit vonnis is gewezen door M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter