Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2020:4197

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
22-04-2020
Datum publicatie
25-06-2020
Zaaknummer
8129684 \ CV EXPL 19-16644
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Luchtvaartzaak. Vordering niet weersproken door luchtvaartmaatschappij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 8129684 \ CV EXPL 19-16644

Uitspraakdatum: 22 april 2020

Vonnis in de zaak van:

1 [passagier sub 1] , wonende te [woonplaats]

2. [passagier sub 2]wonende te [woonplaats]

3. [passagier sub 3]wonende te [woonplaats]

4. [passagier sub 4]wonende te [woonplaats]

5. [passagier sub 5]wonende te [woonplaats]

6. [passagier sub 6]wonende te [woonplaats]

7. [passagier sub 7]wonende te [woonplaats]

8. [passagier sub 8]wonende te [woonplaats]

eisers

hierna gezamenlijk te noemen de passagiers

gemachtigde Webcasso B.V.

tegen

De vennootschap naar buitenlands recht EasyJet

te Luton, mede kantoorhoudende te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen EasyJet

1 Het procesverloop

1.1.

De passagiers hebben bij dagvaarding van 16 oktober 2019 een vordering tegen EasyJet ingesteld. EasyJet heeft niet tijdig geantwoord.

2 De vordering

2.1.

De passagiers vorderen dat EasyJet bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 2.000,-, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 10 juni 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 363,- aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente over dit bedrag vanaf 16 oktober 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;
- de proceskosten en de nakosten.

2.2.

De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie. De passagiers stellen dat EasyJet vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 250,- per passagier.

3 De beoordeling

3.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

3.2.

Easyjet heeft, ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, de vordering niet weersproken. De niet betwiste vordering van de passagiers zal dan ook worden toegewezen, behoudens het navolgende.

3.3.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is. Daarom zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. De passagiers hebben onvoldoende aangetoond en onderbouwd dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten en de daarover gevorderde rente moet daarom worden afgewezen.

3.4.

De proceskosten komen voor rekening van EasyJet, omdat deze ongelijk krijgt. Ook de nakosten kunnen worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt.

4 De beslissing

De kantonrechter:

4.1.

veroordeelt EasyJet tot betaling aan de passagiers van € 2.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 10 juni 2018, tot aan de dag van voldoening van (de deelbetalingen van) dit bedrag;

4.2.

veroordeelt EasyJet tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 104,39
griffierecht € 231,00
salaris gemachtigde € 180,00
vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

4.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

4.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W. Aardenburg, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter