Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:7483

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
22-08-2018
Datum publicatie
03-09-2018
Zaaknummer
6322088 / CV EXPL 17-8389
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Luchtvaartzaak. Beroep op buitengewone omstandigheid slaagt. Blikseminslag. Vervangend toestel. Bemanning.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NTHR 2018, afl. 6, p. 317
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton - locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 6322088 / CV EXPL 17-8389

Uitspraakdatum: 22 augustus 2018

Vonnis in de zaak van:

1 [passagier sub 1] ,

2. [passagier sub 2] ,

beiden wonende te [woonplaats] ,

3. [passagier sub 3],

4. [passagier sub 4] ,
beiden wonende te [woonplaats] ,

eisers,

hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers,

gemachtigde: mr. R. Bos,

tegen

de besloten vennootschap naar Nederlands recht: Tui Airlines Nederland B.V.,

gevestigd te Schiphol-Rijk, gemeente Haarlemmermeer,

gedaagde,

hierna te noemen: Tui,

gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer.

1 Het procesverloop

1.1.

De passagiers hebben bij dagvaarding van 15 augustus 2017 een vordering tegen Tui ingesteld. Tui heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

De passagiers hebben hierop schriftelijk gereageerd, waarna Tui een schriftelijke reactie heeft gegeven.

2 De feiten

2.1.

De passagiers onder sub 1 en 2 hebben met Tui een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Tui de passagiers diende te vervoeren van Punta Cana (Dominicaanse Republiek), via Montego Bay (Jamaica) naar Schiphol op 13 januari 2017 met vluchtnummer OR344.

2.2.

De passagiers onder sub 2 en 3 hebben met Tui een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Tui de passagiers diende te vervoeren van Montego Bay (Jamaica) naar Schiphol op 13 januari 2017 met vluchtnummer OR344.

2.3.

Vlucht OR344 maakt deel uit van de rotatievlucht OR343/344 (Amsterdam – Punta Cana – Montego Bay – Amsterdam).

2.4.

De vlucht heeft meer dan drie uur vertraging opgelopen.

2.5.

De passagiers hebben compensatie van Tui gevorderd in verband met voornoemde vertraging.

2.6.

Tui heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 De vordering

3.1.

De passagiers vorderen dat Tui, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 2.400,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 14 januari 2017 althans vanaf de datum van de ingebrekestelling dan wel vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 360,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 14 januari 2017 althans vanaf de datum van de ingebrekestelling dan wel vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente en de nakosten.

3.2.

De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat Tui vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 600,00 per passagier.

4 Het verweer

4.1.

Tui betwist de vordering. Tui stelt dat de vertraging is ontstaan als gevolg van een buitengewone omstandigheid. De rotatievlucht (OR343/344) zou worden uitgevoerd door toestel PH-TFM (hierna: het toestel). Dit toestel heeft voorafgaand aan de rotatievlucht een vlucht vanuit Cancún (Mexico) naar Amsterdam uitgevoerd (vlucht OR388). Tijdens de daling naar Amsterdam werd het toestel getroffen door bliksem. Vlucht OR388 stond op 13 januari 2017 om 07:39 uur UTC aan de gate te Schiphol. Wanneer een toestel getroffen is door bliksem dient er verplicht een “lightning strike inspection” plaats te vinden. Het toestel mocht omstreeks 14:30 uur UTC naar hangar H11 gesleept worden. Uiteindelijk is gebleken dat de bliksem op 15 punten schade heeft veroorzaakt. Er moest nader onderzoek worden uitgevoerd om de gevonden schade in kaart te brengen. Uit het nadere onderzoek is gebleken dat de schade op twee punten uit de limieten viel. Het toestel moest worden gerepareerd alvorens er weer met het toestel gevlogen kon worden.

4.2.

Al snel werd duidelijk dat het toestel op korte termijn, mogelijk zelfs langdurig, niet kon worden ingezet. Tui is direct op zoek gegaan naar alternatief vervoer. Tui kon geen toestel vrij maken uit haar eigen vloot. Het snelste alternatief was het inhuren van een toestel van de Portugese luchtvaartmaatschappij Hifly. Het toestel van Hifly is zo spoedig mogelijk naar Amsterdam gevolgen. Het toestel is daar om 14:15 uur UTC gearriveerd. De vertrekprocedure is zo spoedig mogelijk uitgevoerd. De onderhavige rotatievlucht is om 16:00 uur UTC aangevangen, dus met een vertraging van vier uur.

4.3.

Op grond van de geldende arbeidstijden regelgeving mag de bemanning die de vlucht naar Punta Cana heeft uitgevoerd niet ook de retourvlucht uitvoeren. Hifly had te Punta Cana geen vervangende crew beschikbaar om het toestel terug te vliegen. Tui had wel vervangende crew te Punta Cana maar deze crew mag geen vluchten uitvoeren met toestellen van Hifly. De crew van Hifly moesten derhalve de wettelijk verplichte rusttijden in acht nemen alvorens met het toestel doorgevlogen kon worden naar Montego Bay. Hifly heeft Tui geïnformeerd over het feit dat zij geen vervangende crew beschikbaar hadden. Desalniettemin heeft Tui toch voor Hifly gekozen omdat er geen sneller alternatief voor handen was. Tui stelt dat zij alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging te voorkomen.

4.4.

Tui betwist wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten aan de passagiers verschuldigd te zijn.

5 De beoordeling

5.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is van het geschil kennis te nemen. De Verordening is van toepassing op het geschil.

5.2.

Vast staat dat de passagiers met een vertraging van méér dan drie uur zijn aangekomen op de eindbestemming Amsterdam. Gelet hierop is Tui compensatie aan de passagiers verschuldigd, tenzij Tui kan aantonen dat de vertraging is ontstaan als gevolg van buitengewone omstandigheden, in de zin van artikel 5 lid 3 van de Verordening en dat de vertraging ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen had kunnen worden.

5.3.

Ten aanzien van het beroep van Tui op de aanwezigheid van buitengewone omstandigheden geldt (in algemene zin) het volgende. Ingevolge de punten 14 en 15 van de Considerans van de Verordening staat dat dergelijke omstandigheden zich onder meer kunnen voordoen in geval van weersomstandigheden die de uitvoering van de vlucht in kwestie verhinderen.

5.4.

Het toestel waarmee de vlucht in kwestie zou worden uitgevoerd is tijdens de daling naar Amsterdam getroffen door bliksem. Een blikseminslag is een van buiten komende omstandigheid waar een luchtvaartmaatschappij geen invloed op kan uitoefenen en vormt dan ook een buitengewone omstandigheid. De vraag die vervolgens beantwoord dient te worden is of Tui alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging als gevolg van de buitengewone omstandigheid van de vlucht in kwestie te voorkomen dan wel te beperken.

5.5.

Uit de Aircraft Flight Log (productie 1 bij conclusie van antwoord) blijkt dat de voorgaande vlucht (OR338) op 13 januari 2017 om 07:39 uur UTC op Schiphol is gearriveerd aan de gate. In het kader van de vliegveiligheid dient na een blikseminslag het toestel te worden geïnspecteerd. Gebleken is dat het toestel pas om 14:30 uur UTC kon worden verplaatst naar een hangar om deze controle uit te voeren. Uit de Aircraft Flight Log blijkt dat om 22:00 uur UTC door de inspecteurs het advies is gegeven om het toestel nader te onderzoeken op schade. Het toestel van Tui was dermate beschadigd dat niet met het toestel gevlogen mocht worden. Uit productie 4 bij conclusie van antwoord blijkt dat het toestel op 14 januari 2017 om 11:00 uur UTC weer gereed was om te vliegen. Uit de Aircraft Flight Log blijkt ook dat tijdens de controle een onderdeel van het toestel is verwijderd. Dit onderdeel is op 14 januari 2017 om 03:30 uur UTC weer teruggeplaatst. Dit vond plaats toen reeds vast stond dat het toestel niet in staat was om te vliegen als gevolg van de blikseminslag en dat he toestel gerepareerd diende te worden. Dit heeft geen invloed gehad op de vertraging van de vlucht.

5.6.

De onderhavige rotatievlucht OR343/344 stond gepland te vertrekken vanaf Schiphol op 13 januari 2017 om 12:00 uur UTC. Naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende gebleken dat Tui zo snel mogelijk een vervangend toestel heeft geregeld. Tui kon geen toestel vrij maken uit de eigen vloot en heeft een toestel en crew bij Hifly kunnen huren. De rotatievlucht is uiteindelijk om 16:00 uur UTC vanaf Schiphol vertrokken. Dit is vier uur later dan de oorspronkelijk geplande vertrektijd.

5.7.

Tui wist dat de crew van Hifly bij aankomst in Punta Cana uit de uren zou lopen en aldaar de wettelijk verplichte rusttijd in acht diende te nemen. Tui had immers een vervangende crew gereed staan in Punta Cana. De Crew van Tui mag echter geen vluchten in een ander toestel dan dat van Tui uitvoeren. Desalniettemin is de kantonrechter van oordeel dat in deze situatie niet meer van Tui kon worden verwacht. Tui heeft immers in een relatief kort tijdsbestek een vervangend toestel kunnen regelen zodat de rotatievlucht OR343/344 met een vertraging van vier uur kon vertrekken. Naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende gebleken dat dit het snelste alternatief was voor de uitvoering van de rotatievlucht OR343/344 en derhalve voor de vlucht in kwestie OR344.

5.8.

Gelet op het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat Tui alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagiers te beperken. De vordering van de passagiers zal dan ook worden afgewezen. De overige verweren van Tui behoeven derhalve geen bespreking meer.

5.9.

Als de in het ongelijk gestelde partij zullen de passagiers veroordeeld worden in de kosten van de procedure, alsmede in de nakosten, voor zover Tui daadwerkelijk nakosten zal maken.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

wijst de vordering van de passagiers af;

6.2.

veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor Tui worden vastgesteld op een bedrag van € 300,00 aan salaris van de gemachtigde van Tui;

6.3.

veroordeelt de passagiers tot betaling van € 75,00 aan nakosten, voor zover Tui daadwerkelijk nakosten zal maken.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en op 22 augustus 2018 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter