Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:7169

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
22-08-2018
Datum publicatie
28-08-2018
Zaaknummer
6425801 \ CV EXPL 17-9689
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Luchtvaartzaak. Besluiten luchtverkeersleiding ten aanzien van voorgaande vlucht; niet onderbouwd dat sprake was van besluiten in de zin van overweging 15 van de considerans van de Verordening.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 6425801 \ CV EXPL 17-9689

Uitspraakdatum: 22 augustus 2018

Vonnis in de zaak van:

1 [passagier sub 1]

wonende te [woonplaats]

2. [passagier sub 2]

wonende te [woonplaats]

eisers

hierna gezamenlijk te noemen de passagiers

gemachtigde mr. H.W. Leemans

tegen

de rechtspersoon naar het recht van de plaats van haar vestiging

Delta Air Lines Inc.

statutair gevestigd te Wilmington, Delaware (Verenigde Staten van Amerika)

gedaagde

hierna te noemen Delta Air Lines

gemachtigde mr. M. Lustenhouwer

1 Het procesverloop

1.1.

De passagiers hebben bij dagvaarding van 9 oktober 2017 een vordering tegen Delta Air Lines ingesteld. Delta Air Lines heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

De passagiers hebben hierop schriftelijk gereageerd, waarna Delta Air Lines een schriftelijke reactie heeft gegeven.

2 De feiten

2.1.

De passagiers hebben met Delta Air Lines een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Delta Air Lines de passagiers op 8 juli 2017 diende te vervoeren van Amsterdam naar Detroit (Verenigde Staten van Amerika, hierna: VS) met als geplande vertrektijd 13:20 uur (lokale tijd) en geplande aankomsttijd 16:03 uur (lokale tijd) met vluchtnummer DL137(KL6120). Vervolgens diende Delta Air Lines de passagiers te vervoeren van Detroit naar Kalamazoo (VS) met als geplande vertrektijd 20:10 uur (lokale tijd) en geplande aankomsttijd 21:02 uur (lokale tijd) met vluchtnummer DL4801.

2.2.

Vlucht DL137 van Amsterdam naar Detroit is vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben hierdoor hun aansluitende vlucht naar Kalamazoo gemist. Delta Air Lines heeft de passagiers omgeboekt naar een vervangende vlucht met als geplande vertrektijd 12:10 uur op 9 juli 2017. De passagiers zijn uiteindelijk 15 uur en 47 minuten later dan oorspronkelijk gepland op hun eindbestemming aangekomen.

2.3.

De passagiers hebben compensatie van Delta Air Lines gevorderd in verband met voornoemde vertraging.

2.4.

Delta Air Lines heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 De vordering

3.1.

De passagiers vorderen primair dat Delta Air Lines bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 1.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 1 september 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 180,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- de proceskosten en de nakosten, indien Delta Air Lines niet primair binnen 14 dagen na aanschrijving c.q. binnen twee dagen, althans binnen een door de rechtbank redelijk geachte termijn na betekening van dit vonnis vrijwillig aan het vonnis heeft voldaan.

3.2.

Subsidiair vorderen de passagiers Delta Air Lines te veroordelen in de proceskosten.

3.3.

De passagiers hebben aan de primaire vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat Delta Air Lines vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 600,00 per passagier. Aan de subsidiaire vordering leggen de passagiers ten grondslag dat Delta Air Lines ondanks herhaaldelijke verzoeken heeft geweigerd om aan te tonen op welke gronden er sprake zou zijn geweest van buitengewone omstandigheden en dat de passagiers aldus zijn gedwongen tot het voeren van een procedure.

4 Het verweer

4.1.

Delta Air Lines betwist de vordering. Zij voert hiertoe het volgende aan. Vlucht DL137 van Amsterdam naar Detroit maakt deel uit van een rotatievlucht New-York – Amsterdam - Detroit. De aan DL137 voorafgaande vlucht van New York naar Amsterdam met vluchtnummer DL48 is vertraagd uitgevoerd door instructies van de luchtverkeersleiding. Het toestel waarmee onderhavige rotatie werd uitgevoerd (shipnummer 003311) stond tijdig gereed voor vertrek. De geplande vertrektijd was 20:29 uur (lokale tijd) en het toestel is met een korte vertraging van 9 minuten van de gate vertrokken. Ter onderbouwing hiervan heeft Delta Air Lines een vluchtrapport overgelegd, waaruit volgt dat het toestel om 20:38 uur van de gate is vertrokken. De bemanning kreeg echter geen toestemming van de luchtverkeersleiding om op te stijgen. In het vluchtrapport staat hierover volgens Delta Air Lines vermeld “OUT NOT OFF JFK DUE TO TRAFFIC”. Het was op dat moment niet duidelijk wanneer het toestel toestemming zou krijgen om op te stijgen. In verband met strikte regelgeving in de VS met betrekking tot zogeheten “tarmac delays” was Delta Air Lines verplicht om terug te keren naar de gate. Het toestel kwam daarom om 23:59 uur lokale tijd weer terug aan de gate. Direct nadat het weer mogelijk was, is het toestel opnieuw van de gate vertrokken om 02:02 uur, maar ook dit keer kreeg het toestel niet direct de vereiste take-off clearance. Het toestel mocht pas om 02:42 uur lokale tijd opstijgen. Uiteindelijk is vlucht DL48 om 15:12 uur lokale tijd en dus met een vertraging van 5 uur en 12 minuten aan de gate te Amsterdam gearriveerd. In Amsterdam is de vertrekprocedure zo spoedig mogelijk uitgevoerd en vlucht DL137 is met een vertraging van 3 uur en 30 minuten van de gate vertrokken. Vlucht DL137 is vervolgens om 19:42 uur lokale tijd en dus met een vertraging van 3 uur en 39 minuten in Detroit aan de gate gearriveerd. De vlucht is daarom met een vertraging uitgevoerd als gevolg van beslissingen van de luchtverkeersleiding voor dit specifieke toestel (shipnumber 003311) op 8 juli 2017. Instructies van de luchtverkeersleiding moeten worden nageleefd. Dit vormt een buitengewone omstandigheid als bedoeld in overweging 15 van de considerans van de Verordening, aldus Delta Air Lines. Volgens Delta Air Lines heeft zij alles in het werk gesteld om haar vlucht onder de gewijzigde omstandigheden alsnog volledig uit te voeren en kon redelijkerwijs van haar niet meer worden gevergd dan dat zij de passagiers zo spoedig mogelijk heeft omgeboekt op alternatief vervoer naar hun eindbestemming.

5 De beoordeling

5.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

5.2.

Vast staat dat de passagiers met een vertraging van meer dan drie uren zijn aangekomen op de eindbestemming te Kalamazoo, zodat Delta Air Lines op grond van de Verordening in beginsel gehouden is de compensatie als bedoeld in de Verordening te voldoen. Dit is anders indien Delta Air Lines kan aantonen dat de vertraging het gevolg is van buitengewone omstandigheden.

5.3.

Ten aanzien van het beroep op buitengewone omstandigheden van Delta Air Lines, overweegt de kantonrechter als volgt. In overweging 15 van de considerans van de Verordening is opgenomen dat sprake is van een buitengewone omstandigheid bij een langdurige vertraging door een besluit van het luchtverkeersbeheer voor een specifiek vliegtuig op een specifieke dag. Beoordeeld dient dan ook te worden of de vertraging van de vlucht is veroorzaakt door een besluit van de luchtverkeersleiding voor het toestel dat de vlucht zou uitvoeren. Gelet op het arrest Wallentin-Hermann (C-549/07) van het Hof van 22 december 2008 dient de luchtvaartmaatschappij in het voorkomende geval ook aan te tonen dat zij zelfs met de inzet van alle beschikbare materiële en personeelsmiddelen kennelijk niet had kunnen vermijden - behoudens indien zij op het relevante tijdstip onaanvaardbare offers uit het oogpunt van de mogelijkheden van haar onderneming had gebracht - dat de buitengewone omstandigheden waarmee zij werd geconfronteerd tot vertraging van de vlucht leidden.

5.4.

Delta Air Lines beroept zich op instructies van het luchtverkeersbeheer ten aanzien van de aan vlucht DL137 voorafgaande vlucht, te weten vlucht DL48. De kantonrechter oordeelt dat buitengewone omstandigheden die zich op de voorgaande vlucht hebben voorgedaan, in beginsel kunnen doorwerken op de vlucht in kwestie. Ten aanzien van de eerste beslissing van de luchtverkeersleiding, waarbij Delta Air Lines geen toestemming tot opstijgen verkreeg, heeft Delta Air Lines verwezen naar het gedeelte van het rapport waar staat vermeld “OUT NOT OFF JFK DUE TO TRAFFIC”. Uit de door Delta Air Lines overgelegde stukken wordt niet duidelijk waarom de luchtverkeersleiding dit besluit heeft genomen en Delta Air Lines heeft dit verder niet toegelicht. Daarnaast staat voormelde tekst in het rapport bij het tijdstip 1:30:46 AM, terwijl het toestel volgens Delta Air Lines na de eerste beslissing van de luchtverkeersleiding om 23:59 uur lokale tijd weer bij de gate zou zijn teruggekeerd. Wat hiervan ook zij, niet in geschil is dat het toestel om 20:38 lokale tijd met 9 minuten vertraging van de gate was vertrokken. Onduidelijk is waardoor de eerste 9 minuten vertraging zijn ontstaan en of de toestemming tot opstijgen wel was verkregen indien het toestel tijdig van de gate was vertrokken. Voorts heeft Delta Air Lines niet toegelicht waarom het toestel 3 uur en 21 minuten heeft gewacht alvorens terug te keren naar de gate. Ten aanzien van de tweede keer dat het toestel van de gate was vertrokken om 02:02 uur, waarna volgens Delta Air Lines opnieuw geen toestemming van de luchtverkeersleiding tot opstijgen werd verkregen, heeft Delta Air Lines in het geheel geen stukken verstrekt. Niet is komen vast te staan waardoor de tweede beslissing van de luchtverkeersleiding zou zijn ingegeven. Delta Air Lines heeft dan ook niet aangetoond dat sprake was van een tweede weigering van de luchtverkeersleiding om op te mogen stijgen, althans dat sprake was van een beslissing van de luchtverkeersleiding specifiek voor het toestel dat vlucht DL48 en vlucht DL137 op 8 juli 2017 zou uitvoeren. Al met al kan naar het oordeel van de kantonrechter niet worden vastgesteld dat de vertraging van de voorgaande vlucht is veroorzaakt door een of meerdere beslissingen van de luchtverkeersleiding als bedoeld in overweging 15 van de considerans van de Verordening en deze vertraging kan dan ook niet doorwerken op de onderhavige vlucht.

5.5.

Gelet op het voorgaande heeft Delta Air Lines haar verweer dat de vertraging het gevolg is van een buitengewone omstandigheid onvoldoende onderbouwd. Aan het door Delta Air Lines gedane bewijsaanbod wordt daarom niet toegekomen. De kantonrechter komt daarom evenmin toe aan de beantwoording van de vraag of Delta Air Lines voldoende redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging te voorkomen.

5.6.

Nu Delta Air Lines voor het overige geen verweer heeft gevoerd, zal de primaire vordering tot betaling van de hoofdsom worden toegewezen. Delta Air Lines heeft in dupliek weliswaar aangevoerd dat zij reeds in de conclusie van antwoord verweer heeft gevoerd tegen de hoogte van gevorderde compensatie per passagier, maar dit leest de kantonrechter in de conclusie van antwoord niet terug. Dit verweer zal daarom als tardief worden gepasseerd.

5.7.

De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.

5.8.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Nu de onderhavige vordering geen betrekking heeft op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is, zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. Delta Air Lines heeft deze vordering gemotiveerd betwist. De passagiers hebben hiertegenover onvoldoende aangetoond en onderbouwd dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten moet daarom worden afgewezen.

5.9.

De proceskosten komen voor rekening van Delta Air Lines, omdat zij ongelijk krijgt. Ook de nakosten kunnen worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt. De gevorderde termijnstelling ten aanzien van de betaling van de proceskosten en de nakosten wordt afgewezen, nu de passagiers bij die vordering aldus geformuleerd geen belang hebben.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt Delta Air Lines tot betaling aan de passagiers van € 1.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 1 september 2017 tot aan de dag van algehele voldoening;

6.2.

veroordeelt Delta Air Lines tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 97,31;
griffierecht € 223,00
salaris gemachtigde € 200,00

6.3.

veroordeelt Delta Air Lines tot betaling van € 50,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de passagiers worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis;

6.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Candido, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter