Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:5636

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
04-07-2018
Datum publicatie
23-07-2018
Zaaknummer
6429036 \ CV EXPL 17-9723
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Luchtvaartzaak (EPGV). Storing in de communicatie tussen Eurocontrol en Austro control vormt een buitengewone omstandigheid. De luchtvaartmaatschappij heeft echter niet aangetoond dat de storing op zichzelf tot annulering van de onderhavige vlucht heeft geleid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton - locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 6429036 \ CV EXPL 17-9723

Uitspraakdatum: 4 juli 2018

Beschikking in de zaak van:

1 [passagier 1]

wonende te [woonplaats]

2. [passagier 2]

wonende te [woonplaats]

verzoekende partijen

verder gezamenlijk te noemen: de passagiers

gemachtigde: mr. C. Uyar

tegen

de rechtspersoon naar Oostenrijks recht

Austrian Airlines A.G.

gevestigd te Wenen (Oostenrijk)

verwerende partij

verder te noemen: Austrian Airlines

gemachtigde: mr. E.C. Douma

1 Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:

  • -

    het vorderingsformulier (formulier A) van de passagiers, ingekomen ter griffie op 30 oktober 2017;

  • -

    het verweerschrift van Austrian Airlines, ingekomen ter griffie op 16 januari 2018.

2 De feiten

2.1.

De passagiers hebben met Austrian Airlines een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Austrian Airlines de passagiers diende te vervoeren van Vienna Airport (Oostenrijk) naar Amsterdam Schiphol op 28 augustus 2016 met vluchtnummer OS375, hierna: de vlucht.

2.2.

De vlucht is geannuleerd. De passagiers zijn omgeboekt naar een vlucht op 29 augustus 2016.

2.3.

De passagiers hebben compensatie van Austrian Airlines gevorderd in verband met voornoemde annulering.

2.4.

Austrian Airlines heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 Het verzoek en het verweer

3.1.

De passagiers verzoeken Austrian Airlines te veroordelen tot betaling van:

- € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 augustus 2016 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 181,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- de proceskosten.

3.2.

De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof).

3.3.

De passagiers stellen dat Austrian Airlines vanwege de annulering van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 250,00 per passagier. Daarnaast maken de passagiers aanspraak op betaling door Austrian Airlines van de buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente.

3.4.

Austrian Airlines betwist de vordering. Op haar verweer wordt - voor zover relevant - bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

4.2.

Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. Gesteld noch gebleken is dat Austrian Airlines zich kan beroepen op artikel 5, eerste lid, onder c sub i, ii of iii van de Verordening, zodat Austrian Airlines op grond van de Verordening in beginsel gehouden is de compensatie als bedoeld in de Verordening te voldoen. Dit is anders indien Austrian Airlines kan aantonen dat de annulering het gevolg is van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening, die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet konden worden voorkomen.

4.3.

Austrian Airlines heeft in dit verband aangevoerd dat op 28 augustus 2016 sprake was van een technische storing in de communicatie tussen Eurocontrol (de Europese luchtverkeersleiding) en Austro Control (de Oostenrijkse luchtverkeersleiding). Hierdoor werd de overdracht van relevante (vlucht)data van vliegtuigen tussen deze twee luchtverkeersleidingen ernstig gehinderd. Vanuit het oogpunt van de veiligheid van het luchtverkeer heeft de Oostenrijkse luchtverkeersleiding bepaald dat de luchthaven van Wenen nog slechts 10 vluchten per uur mocht ontvangen in plaats van 34 per uur en 10 vluchten per uur mocht laten vertrekken in plaats van 45 vluchten per uur. Austrian Airlines voert aan dat zij door de beperkte capaciteit van de luchthaven te Wenen niet anders kon dan het annuleren van een aantal vluchten

4.4. .

. De beperkte capaciteit van de luchthaven ten gevolge van de storing in de communicatie bij de luchtverkeersleiding moet volgens Austrian Airlines als een buitengewone omstandigheid worden aangemerkt. De communicatiestoring bij de luchtverkeersleiding is volgens Austrian Airlines niet inherent aan haar gewone bedrijfsvoering. Het kon volgens Austrian Airlines niet anders dan dat de onderhavige vlucht is geannuleerd.

4.5.

De kantonrechter oordeelt dat Austrian Airlines voldoende heeft aangetoond dat op 28 augustus 2016 sprake was van een storing in de communicatie tussen Eurocontrol en Austro control. Deze storing vormt op zichzelf een buitengewone omstandigheid als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening. Austrian Airlines heeft echter niet aangetoond dat de storing op zichzelf tot annulering van de onderhavige vlucht heeft geleid. Stukken van luchtvaartautoriteiten waaruit kan worden afgeleid op welk moment precies de storing is ontstaan ontbreken. Ook ontbreken stukken van de luchtverkeersleiding betreffende het genomen besluit om de luchthaven beperkt open te stellen en vooral op welke tijdstippen. Austrian Airlines beperkt zich tot het verwijzen naar persberichten, terwijl zij van luchtvaartautoriteiten informatie moet hebben ontvangen en voorts een tweetal buitenlandse vonnissen, waarvan de eerste betrekking heeft op een vlucht op een veel later tijdstip, terwijl het andere overgelegde vonnis geen enkele inhoudelijke informatie bevat. De kantonrechter gaat hieraan voorbij.
De kantonrechter overweegt dat evenmin duidelijk is geworden op welk moment Austrian Airlines heeft besloten de onderhavige vlucht te annuleren. De onderhavige vlucht zou vertrekken om 17.20 uur lokale tijd. Het staat niet ter discussie dat de Oostenrijkse luchtverkeersleiding het aantal vliegtuigen dat op 28 augustus 2016 mocht landen en vertrekken heeft beperkt. Dit betekent dat ondanks de storing wel degelijk vliegverkeer mogelijk was van en naar de luchthaven te Wenen. Austrian Airlines heeft dit ook erkend. Zij voert aan dat zij ten gevolge van de capaciteitsreductie keuzes heeft moeten maken. Zij heeft echter geen informatie verstrekt over de reden dat specifiek de onderhavige vlucht moest worden geannuleerd, daar waar een latere vlucht naar Amsterdam, tijdens de gestelde beperkingsperiode, wel is vertrokken.
De kantonrechter overweegt dat bij een beperking van het aantal vluchten door de luchtverkeersleiding het een operationele keuze van de luchtvaartmaatschappij is welke vluchten doorgang vinden en welke vluchten niet. Het maken van dergelijke keuzes ligt niet buiten de invloedssfeer van Austrian Airlines en is naar het oordeel van de kantonrechter inherent aan de normale uitoefening van het bedrijf van de luchtvaartmaatschappij. Andere omstandigheden zijn niet aangevoerd. Er kan dan ook niet geoordeeld worden dat de capaciteitsreductie er noodzakelijkerwijs toe heeft geleid dat de onderhavige vlucht geannuleerd moest worden. Dat de door Austrian Airlines gemaakte keuze door haar niet gepland/gewenst was, maakt dat niet anders. Austrian Airlines kan zich dus niet beroepen op buitengewone omstandigheden. Gelet op het voorgaande komt de kantonrechter niet toe aan de beantwoording van de vraag of de annulering ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet kon worden voorkomen.

4.6.

Nu Austrian Airlines voor het overige geen verweer heeft gevoerd, zal de vordering tot betaling van de hoofdsom worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.

4.7.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Nu de onderhavige vordering geen betrekking heeft op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is, zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. De passagiers hebben onvoldoende aangetoond en onderbouwd dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal daarom worden afgewezen.

4.8.

De proceskosten komen voor rekening van Austrian Airlines omdat zij grotendeels ongelijk krijgt, met dien verstande dat Austrian Airlines - nu een gedeelte van het gevorderde bedrag niet toewijsbaar is - ten aanzien van het griffierecht slechts kan worden veroordeeld tot betaling van het griffierecht dat verschuldigd is voor het toe te wijzen bedrag, te weten € 78,00. Het meerdere, dat op grond van de dagvaarding aan de passagiers in rekening is gebracht, dient voor rekening van de passagiers te blijven.

4.9.

Op verzoek van de passagiers zal een certificaat betreffende een beslissing in de Europese procedure voor geringe vorderingen of een gerechtelijke schikking aan deze beschikking worden gehecht.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt Austrian Airlines tot betaling aan de passagiers van € 500,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 28 augustus 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

5.2.

veroordeelt Austrian Airlines tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op € 78,00 aan griffierecht en € 60,00 aan salaris gemachtigde;

5.3.

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gewezen door mr. L.M. de Vries, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open