Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:5363

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
27-06-2018
Datum publicatie
03-07-2018
Zaaknummer
6532367 \ CV EXPL 17-9145
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Koop op afstand. Consument niet gewezen op herroepingsrecht. Ambtshalve toetsing. Artikel 6:230h - 6:230m BW - 6:230o. Consument kan koopovereenkomst zonder opgave van redenen ontbinden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2018/204
RCR 2018/89
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton - locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 6532367 \ CV EXPL 17-9145

Uitspraakdatum: 27 juni 2018

Vonnis in de zaak van:

[eiser]

wonende te [woonplaats]

eiser

verder te noemen: [eiser]

gemachtigde: mr. K.M. ten Pas (DAS)

tegen

[gedaagde] , h.o.d.n. D.G. Tomassen Transport en Koeriersdiensten, D.G. Tomassen Motorsports, D.G. Tomassen Autoruitherstelbedrijf

wonende te Valthermond

gedaagde

verder te noemen: [gedaagde]

gemachtigde: mr. J.M.A. Mooij

1 Het procesverloop

1.1.

[eiser] heeft bij dagvaarding van 7 december 2017 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

Op 30 mei 2018 heeft een zitting plaatsgevonden. Op de zitting zijn [eiser] en zijn gemachtigde mr. K.M. ten Pas verschenen. Namens [gedaagde] is [naam] met gemachtigde mr. J.M.A. Mooij verschenen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde] handelt in Amerikaanse Classic Cars. Hij biedt klassieke auto’s aan zonder Nederlands kenteken.

2.2.

Op 10 maart 2017 heeft [eiser] naar aanleiding van een advertentie van [gedaagde] op Facebook een voertuig, te weten een Dodge Ram 1500 Conversion Van uit 1998 (hierna: de Dodge), van [gedaagde] gekocht voor € 4.000,00. [eiser] wilde de Dodge gebruiken als camper en heeft voorafgaand aan de koop aan [gedaagde] meegedeeld dat hij er een camperkenteken op wil hebben. [gedaagde] heeft daarop gereageerd met de mededeling: “Camper kenteken is simpel op deze.. Kastje erin met een wasbakje, kooksetje op propaan en je bent klaar…”. Afgesproken is dat [eiser] zelf het kenteken voor de Dodge zou regelen.

2.3.

De Dodge is door [gedaagde] vanuit Amerika verscheept en ingeklaard in Nederland. [eiser] heeft de kosten voor het verschepen en inklaren en het transport ad € 3.906,06 in totaal aan [gedaagde] betaald.

2.4.

De Dodge is op 1 juni 2017 aan [eiser] geleverd.

2.5.

Bij brief van 14 juli 2017 heeft (de gemachtigde van) [eiser] aan [gedaagde] bericht, zakelijk weergegeven voor zover van belang, dat na aflevering van de Dodge bleek dat de binnenhoogte 160 centimeter is, terwijl voor een camperkenteken een minimale binnenhoogte van 170 centimeter geldt, en het verkrijgen van een camperkenteken niet eenvoudig dan wel onmogelijk is. In de brief is de overeenkomst primair op grond van dwaling vernietigd en subsidiair op grond van non-conformiteit ontbonden. In de brief is voorts vermeld dat het rechtsgevolg van vernietiging is dat [gedaagde] de door [eiser] betaalde prijs ad € 7.906,06 dient terug te betalen en de auto bij hem kan komen ophalen en dat ontbinding van de koopovereenkomst tot gevolg heeft dat [gedaagde] de door [eiser] betaalde prijs ad € 7.906,06 dient terug te betalen en de auto bij hem kan komen ophalen. In de brief is [gedaagde] vervolgens gesommeerd genoemd bedrag binnen 14 dagen te betalen.

3 De vordering

3.1.

[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag, kort weergegeven.
De Dodge beantwoordt niet aan de overeenkomst, omdat deze niet de minimale hoogte van 1.70 meter heeft die vereist is voor het verkrijgen van een camperkenteken. Op grond van artikel 7:22 lid 1 onder a van het Burgerlijk Wetboek (BW) was [eiser] bevoegd de koopovereenkomst te ontbinden. De afwijkingen aan de Dodge zijn dusdanig dat deze de ontbinding met haar gevolgen rechtvaardigen. [eiser] vordert derhalve primair nakoming van de door de ontbinding ontstane ongedaanmakingsverbintenissen door [gedaagde] .

3.2.

Subsidiair geldt dat de koopovereenkomst tot stand is gekomen onder invloed van dwaling. De overeenkomst is dan ook vernietigbaar. Voor het geval de kantonrechter oordeelt dat ontbinding niet gerechtvaardigd is, verzoekt [eiser] de kantonrechter meer subsidiair de koopovereenkomst gedeeltelijk te ontbinden op grond van artikel 7:22 lid 1 onder b BW en de koopprijs te verminderen in evenredigheid met de mate van afwijking van het overeengekomene.

3.3.

Daarnaast is [gedaagde] buitengerechtelijke kosten verschuldigd op grond van artikel 6:96 lid 2 sub c BW en wettelijke rente op grond van artikel 6:119 BW vanaf de datum van verzuim, zijnde 29 juli 2017.

4 Het verweer

4.1.

[eiser] betwist de vordering. Hij voert – samengevat – het volgende verweer.
De Dodge kan normaal worden gebruikt en mist geen andere eigenschappen die daaraan in de weg staan. Er is geen sprake van non-conformiteit. Afgesproken is dat [eiser] het kenteken zelf regelt. Het had op de weg van [eiser] gelegen om onderzoek te doen naar de eisen waaraan de Dodge moet voldoen om een kenteken te verkrijgen. [eiser] heeft voorafgaand aan de koop niet gevraagd naar de hoogte van de Dodge en dus niet voldaan aan zijn onderzoeksplicht.

4.2.

Zelfs indien er wel sprake zou zijn van non-conformiteit, dan is [eiser] niet gerechtigd de overeenkomst te ontbinden. Ontbinding op grond van artikel 7:22 BW is niet aan de orde, omdat herstel mogelijk is. Daarbij rechtvaardigt de afwijking de ontbinding niet. Voor de Dodge kan immers wel degelijk een Nederlands kenteken verkregen worden en – na enige aanpassing – is ook het verkrijgen van een camper kenteken mogelijk, aldus [gedaagde] . Verder voert [gedaagde] aan dat de ongedaanmakingsverbintenis wegens ontbinding en de vernietiging wegens dwaling alleen kunnen zien op de koopovereenkomst en niet op de overeenkomst van goederenvervoer.

4.3.

[gedaagde] verweert zich voorts tegen het beroep op dwaling. Als er al sprake is van het ontbreken van een juiste voorstelling van zaken, dient dit voor rekening van [eiser] te blijven, omdat hij zijn onderzoeksplicht heeft verzaakt. [gedaagde] betwist dat [eiser] de overeenkomst niet zou hebben gesloten bij een juiste voorstelling van zaken. Subsidiair verzoekt [gedaagde] , als er sprake is van dwaling, de gevolgen van de overeenkomst ter opheffing van het nadeel te wijzigen op grond van artikel 6:230 BW. Daarnaast betwist [gedaagde] de door [eiser] genoemde prijsvermindering.

5 De beoordeling

5.1.

[eiser] heeft ter zitting gesteld dat sprake is van een koop op afstand, omdat de koopovereenkomst tot stand is gekomen via Facebook en [gedaagde] hem niet heeft gewezen op zijn herroepings- of ontbindingsrecht. Volgens [eiser] kan de koopovereenkomst met [gedaagde] reeds op die grond worden ontbonden en is de vraag of sprake is van non-conformiteit niet (meer) aan de orde. [gedaagde] heeft hiertegen aangevoerd dat dit standpunt voor het eerst ter zitting is ingenomen en betwist dat [eiser] een beroep op een herroepingsrecht toekomt. De kantonrechter overweegt hieromtrent als volgt.

5.2.

[eiser] is de overeenkomst aangegaan als natuurlijk persoon niet handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf. [gedaagde] handelde in de uitoefening van zijn bedrijf en is dus aan te merken als handelaar. Nu alle relevante contractshandelingen tot en met het sluiten van de overeenkomst via internet of telefoon - en dus op afstand - hebben plaatsgevonden, is sprake van een overeenkomst op afstand in de zin van artikel 6:230g lid 1, onderdeel e BW.

5.3.

De kantonrechter dient waar nodig ambtshalve te toetsen of sprake is van schending van de uit de wettelijke bepalingen voor een overeenkomst op afstand voortvloeiende consumentenbescherming. De omstandigheid dat [eiser] zich voor het eerst ter zitting op die consumentenbescherming heeft beroepen, is in zoverre dus niet relevant, te minder nu [gedaagde] daarop heeft kunnen reageren.

5.4.

Op grond van artikel 6:230m lid 1, onderdeel h BW moet de handelaar, voordat de koop op afstand wordt gesloten, de consument op de hoogte stellen van het ontbindingsrecht, zoals verwoord in artikel 6:230o BW, en het modelformulier voor ontbinding zoals opgenomen in bijlage I, deel B, van de Richtlijn consumentenrechten (Richtlijn 2011/83/EU). Doet hij dat niet, dan kan de consument op grond van artikel 6:230o lid 1 en 2 BW de overeenkomst op afstand zonder opgave van redenen ontbinden gedurende (in dit geval) ten hoogste twaalf maanden na de dag waarop de consument de zaak heeft ontvangen. Een van de achterliggende gedachten van deze ontbindingsbevoegdheid is dat bij op afstand gesloten koopovereenkomsten de consument niet in de gelegenheid is om de gekochte zaak vooraf te inspecteren. Tijdens de ontbindingstermijn kan de consument de gekochte zaak inspecteren.

5.5.

[eiser] heeft gesteld, en [gedaagde] heeft dat niet weersproken, dat hij niet op de hoogte is gesteld van het hiervoor bedoelde ontbindingsrecht. Uit de gedingstukken blijkt ook niet dat dit is gebeurd. Nu [gedaagde] niet die informatie heeft verstrekt waartoe hij op grond van artikel 6:230m, onderdeel h BW is gehouden, kan [eiser] de koopovereenkomst met [gedaagde] - zonder opgave van redenen - ontbinden.

5.6.

De ontbinding van de overeenkomst is vormvrij. Wel is vereist dat de consument daartoe een ondubbelzinnige verklaring afgeeft. [eiser] heeft [gedaagde] bij brief van 14 juli 2017 bericht dat de koopovereenkomst primair wegens dwaling wordt vernietigd en subsidiair wegens non-conformiteit wordt ontbonden. Hoewel de ontbinding in de brief als subsidiaire grond is genoemd, blijkt duidelijk uit de brief dat [eiser] van de overeenkomst af wil. Hij verzoekt daarin immers ook om terugbetaling van het totale door hem betaalde bedrag en geeft aan dat [gedaagde] de auto bij hem kan komen ophalen. De kantonrechter merkt dit aan als een ondubbelzinnige verklaring gericht op ontbinding.

5.7.

De koopovereenkomst is dus bij brief van 14 juli 2017 ontbonden. Dat is binnen de hiervoor bedoelde termijn van twaalf maanden na ontvangst van de Dodge.

5.8.

Hoewel hij daartoe niet verplicht was, heeft [eiser] een reden voor de ontbinding opgegeven, namelijk non-conformiteit wegens het ontbreken van de eigenschap dat de Dodge voldoet aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een camperkenteken. Dat betekent echter niet dat [eiser] zich thans niet op een andere grond voor ontbinding kan beroepen, te weten schending van de informatieverplichting door [gedaagde] . Het ontbindingsrecht is immers al gegeven met het schenden van die informatieverplichting door [gedaagde] . De omstandigheid dat het debat tussen partijen steeds over de gegeven (andere) reden voor de ontbinding is gegaan, namelijk non-conformiteit, doet dat ontbindingsrecht niet teniet gaan.

5.9.

Ingevolge artikel 230q lid 2 BW worden door een ontbinding alle aanvullende overeenkomsten van rechtswege ontbonden. Dat betekent dat de overeenkomst tot vervoer van de Dodge, eveneens is ontbonden. Het verweer op dit punt van [gedaagde] , wordt verworpen.

5.10.

De ontbinding van de overeenkomst heeft ingevolge artikel 6:271 BW geen terugwerkende kracht, maar doet verbintenissen tot ongedaanmaking van de reeds geleverde prestaties ontstaan. [eiser] heeft van zijn kant voldaan aan de verplichting tot ongedaanmaking aangezien hij heeft aangeboden de Dodge terug te geven door deze te komen ophalen. [gedaagde] heeft niet aan zijn verplichting tot ongedaanmaking, namelijk het terugbetalen van de betaalde sommen, voldaan. De primaire vordering van [eiser] zal derhalve worden toegewezen. Evenals de wettelijke rente, nu vast staat dat [gedaagde] in verzuim verkeert met terugbetaling van de betaalde sommen.

5.11.

Nu het beroep op ontbinding op grond van het voorgaande opgaat, behoeven de verdere stellingen en verweren geen bespreking.

5.12.

[eiser] maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim na 1 juli 2012 is ingetreden. De kantonrechter stelt verder vast dat [eiser] voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.

5.13.

De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij ongelijk krijgt. Daarbij wordt [gedaagde] ook veroordeeld tot betaling van € 100,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door [eiser] worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

verklaart voor recht dat de koopovereenkomst tussen [eiser] en [gedaagde] op 14 juli 2017 rechtsgeldig is ontbonden;

6.2.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van € 8.838,13, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 7.906,06 vanaf 29 juli 2017 tot aan de dag van volledige betaling;

6.3.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [eiser] tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 106,91

griffierecht € 223,00

salaris gemachtigde € 500,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

6.4.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van € 100,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door [eiser] worden gemaakt;

6.5.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

6.6.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.H. Lips en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter