Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:2293

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
21-03-2018
Datum publicatie
30-03-2018
Zaaknummer
C/15/252033 / FA RK 16-7178
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Adoptie. Hoog technologisch draagmoederschap

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Sectie Familie & Jeugd

locatie Alkmaar

Zaak-/rekestnr.: C/15/252033 / FA RK 16-7178

beschikking van 21 maart 2018 betreffende adoptie

gegeven op het verzoek van:

[verzoeker]

en

[verzoekster] ,

echtelieden,

beiden wonende te [woonplaats] ,

hierna te noemen: verzoekers,

advocaat: mr. C.L. Verhoeven, kantoorhoudende te Haarlem,

1 Verloop van de procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift, met bijlagen, van verzoekers, ingekomen op 6 december 2016;

  • -

    de brieven van de advocaat van verzoekers, ingekomen op 22 december 2016, op 4 april 2017 met als bijlage een afschrift van de geboorteakte van het te adopteren kind, op 9 november 2017, op 18 januari 2018 en op 13 februari 2018 met bijlage.

1.2

Er heeft geen mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden.

2 Verzoek

2.1

Verzoekers hebben verzocht, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

- na te noemen draagouders te ontheffen van het gezamenlijk gezag over na te noemen minderjarige en verzoekers te belasten met het gezamenlijk gezag over deze minderjarige;

- de adoptie uit te spreken van na te noemen minderjarige, door verzoekers, alsmede dat verzoekers en het kind in familierechtelijke betrekking tot elkaar komen te staan met ingang van het tijdstip van de geboorte van het kind.

3 Feiten en omstandigheden

3.1

De minderjarige [minderjarige] is op [geboortedatum] in [plaats] geboren als zoon van [draagouder] en [draagouder] ), beiden wonende te [woonplaats] .

3.2

De draagouders zijn gehuwd op [huwelijksdatum] in [plaats] .

3.3

De draagvader en verzoeker zijn broers van elkaar. Verzoekers kunnen niet via de natuurlijke weg kinderen krijgen. [minderjarige] is via zogenaamd hoogtechnologisch draagmoederschap ter wereld gekomen. [minderjarige] is derhalve genetisch verwant aan verzoekers. In overleg met de Raad voor de Kinderbescherming is [minderjarige] na de geboorte direct in het gezin van verzoekers opgenomen.

3.4

[minderjarige] verblijft volgens het uittreksel uit de Basisregistratie Personen van de gemeente [plaats] sinds [datum] in het gezin van verzoekers;

3.5

Bij beschikking van deze rechtbank, locatie Haarlem, van 2 augustus 2017 (C/15/259325 / FA RK 17-2949) is het ouderlijk gezag van de draagouders over [minderjarige] beëindigd en zijn verzoekers benoemd tot voogden over [minderjarige] .

3.6

Verzoekers zijn op [huwelijksdatum] in [plaats] met elkaar gehuwd.

3.7

[minderjarige] is het eerste kind tot wie verzoekers in familierechtelijke betrekking komen te staan.

3.8

Uit de stukken blijkt dat de draagouders instemmen met het verzoek tot adoptie.

4 Beoordeling

4.1

Om te komen tot toewijzing van het verzoek tot adoptie, dient te zijn voldaan aan de in artikel 227 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) genoemde gronden voor adoptie, alsmede aan de in artikel 1:228 BW weergegeven voorwaarden voor adoptie.

4.2

Uit het vorenstaande volgt dat aan alle in artikel 1:228 BW gestelde voorwaarden voor adoptie is voldaan. Ook aan de in artikel 1:227 BW genoemde gronden voor adoptie is voldaan. De adoptie is in het kennelijk belang van [minderjarige] . Gelet op het gegeven dat de draagouders instemmen met het verzoek tot adoptie, is de rechtbank van oordeel dat thans vaststaat en voor de toekomst redelijkerwijs is te voorzien dat [minderjarige] niets meer van de draagouders in de hoedanigheid van ouders te verwachten heeft. Op grond van al het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat het verzoek tot adoptie kan worden toegewezen.

4.3

Zowel verzoeker als de draagvader hebben de geslachtsnaam “ [geslachtsnaam] ”. Verzoekers hebben er voor gekozen dat [minderjarige] deze geslachtsnaam zal (blijven) dragen.

4.4

Bij beschikking van deze rechtbank, locatie Haarlem, van 2 augustus 2017, is het gezag van de draagouders over [minderjarige] beëindigd en zijn verzoekers belast met de voogdij. Zodra de onderhavige beschikking in kracht van gewijsde is gegaan zullen verzoekers de juridische ouders zijn van [minderjarige] . Daarmee zullen zij op grond van artikel 1:251 BW van rechtswege belast zijn met het gezag over [minderjarige] , zodat er vanaf dat moment geen sprake meer is van voogdij. Het verzoek om het gezag van de draagouders te beëindigen en verzoekers te belasten met het gezag, zal daarom bij gebrek aan belang worden afgewezen.

4.5

De rechtbank zal in verband met het bepaalde in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder k van het Besluit gezagsregisters bepalen dat de griffier, wanneer deze uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan, een afschrift van deze beschikking zal doen toekomen aan het gezagsregister om daarin aantekening te doen van deze beschikking.

5 Beslissing

De rechtbank:

5.1

spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het mannelijk geslacht:

- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] in [plaats] ,

door verzoekers voornoemd;

5.2

wijst af het meer of anders verzochte;

5.3

bepaalt dat de griffier, wanneer deze uitsprak in kracht van gewijsde is gegaan, een afschrift van deze beschikking zal doen toekomen aan het gezagsregister, om daarin aantekening te doen van deze beschikking;

5.4

draagt de griffier op niet eerder dan drie maanden na de dag van de uitspraak van

deze beschikking - en indien daartegen geen hoger beroep is ingesteld - een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] .

Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Allegro, tevens kinderrechter, in tegenwoordigheid van A.M. Bergen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 21 maart 2018.

Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.