Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2018:1188

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
14-02-2018
Datum publicatie
16-02-2018
Zaaknummer
C/15/263444 / FA RK 17-5031
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

herroeping adoptie

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JPF 2018/49 met annotatie van prof. mr. I. Sumner
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Sectie Familie & Jeugd

locatie Alkmaar

zaak-/rekestnr.: C/15/263444 / FA RK 17-5031

beschikking van 14 februari 2018 betreffende herroeping adoptie

in de zaak van:

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna te noemen: verzoeker,

advocaat: mr. M. Verkijk, kantoorhoudende te Haarlem,

--tegen--

1 [adoptiefouder] , en

2. [adoptiefouder],

beiden wonende te [woonplaats] ,

hierna te noemen: de adoptiefouders.

1 Procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift, met bijlagen, van verzoeker, ingekomen op 23 augustus 2017;

- de brief, met bijlage, van de advocaat van verzoeker, ingekomen op 17 januari 2018.

1.2

De behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op de zitting van 17 januari 2018 in aanwezigheid van verzoeker bijgestaan door mr. M. Verkijk en de adoptiefouders.

2 Feiten en omstandigheden

2.1

Verzoeker is op [geboortedatum] te [plaats] , Thailand geboren. Zijn biologische moeder is genaamd: [biologische moeder] en zijn biologische vader is genaamd: [biologische vader] .

2.2

Bij beschikking van de rechtbank Haarlem van 28 september 2000 is de adoptie uitgesproken van verzoeker door de adoptiefouders. Voorts zijn in die beschikking de voornamen van verzoeker gewijzigd in: [voornamen] . Uit een van de geboorteakte van verzoeker deel uitmakende latere vermelding betreffende adoptie en voornaamswijziging blijkt dat voormelde beschikking op 10 januari 2001 is ingeschreven door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’ [plaats] .

3 Het verzoek

3.1

Verzoeker heeft verzocht, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

a. de door de rechtbank Haarlem op 28 september 2000 uitgesproken adoptie te herroepen;

b. de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] te gelasten de geboorteakte van verzoeker aldus te wijzigen dat de adoptie is herroepen;

c. te verstaan dat de wijziging geschiedt doordat aan de desbetreffende akte een latere vermelding wordt toegevoegd overeenkomstig artikel 20a, eerste lid van het Burgerlijk Wetboek (BW);

d. te bepalen dat de griffier een afschrift van de in deze te geven beschikking ter inschrijving aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] zal sturen zodra deze uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan.

3.2

Ter onderbouwing van het verzoek heeft verzoeker in het verzoekschrift het volgende aangevoerd. In de jeugd van verzoeker zijn de nodige strubbelingen geweest. Hij weet dat zijn adoptiefouders het beste met hem voor hebben gehad, maar hij heeft zich feitelijk altijd buitengesloten gevoeld in die zin dat hij het gevoel had dat het gezin zich aan hem opdrong, terwijl hij het moeilijk vond zichzelf als lid van het gezin te ervaren. De laatste jaren heeft hij praktisch geen contact meer met de andere gezinsleden. Herroeping van de adoptie is in zijn belang. De adoptie heeft voor hem weinig betekenis of zin gehad. Hij heeft zich nooit geïdentificeerd met zijn adoptiefouders en dit heeft zich geuit in de situatie dat verzoeker van het adoptiegezin is vervreemd. Alle gedragingen die verzoeker in zijn puberteit heeft vertoond, hangen samen met het feit dat hij zich immer verloren heeft gevoeld binnen het gezin, dit ondanks de inspanningen die zijn adoptieouders zich hebben getroost om hem een fijne jeugd en een goede basis voor zijn leven mee te geven.

Verzoeker heeft het uitdrukkelijke voornemen op zoek te gaan naar zijn biologische ouders. De naam van zijn moeder is hem bekend en het is zijn sterk gevoelde wens het contact met haar te herstellen en een band met haar op te bouwen teneinde te ervaren wat een werkelijke familieband is. Verzoeker meent dat het voor zijn identiteit van bijzonder belang is dat er een juridische band met zijn biologische ouders, of in elk geval met zijn moeder, ontstaat. Zijn wens om te worden geaccepteerd als biologisch kind van zijn ouders is een rechtens te rechtvaardigen belang. Herroeping van de adoptie zal rust brengen in zijn leven. Hij wil dat zijn afstamming voor hemzelf, zijn directe omgeving en de buitenwereld kenbaar wordt. Daarnaast bestaat er een medisch belang in verband met het (her)kennen van erfelijke ziekten.

3.3

Ter aanvulling op het verzoek is door de advocaat van verzoeker ter zitting nog het volgende meegedeeld. De eigen identiteit is voor verzoeker heel belangrijk. In verband met gevoelens van ontworteling heeft verzoeker zich gewend tot Kenter Jeugdhulp. In dat kader is nog overgelegd een brief van 18 oktober 2017 van [sociaal psychiatrisch verpleegkundige] , sociaal psychiatrisch verpleegkundige van Kenter Jeugdhulp. Daaruit blijkt dat verzoeker van begin 2015 tot eind 2016 in behandeling is geweest bij Kenter Jeugdhulp en dat hij in gesprekken regelmatig heeft laten blijken dat hij veel bezig was met zijn Thaise afkomst en identiteit. Verzoeker heeft ook sterk de behoefte om los te komen van zijn adoptiegezin, alles aldus de [sociaal psychiatrisch verpleegkundige] . De advocaat heeft met verzoeker gesproken over de consequenties van herroeping van de adoptie.

Verzoeker heeft zelf ter zitting nog het volgende verklaard. Vanaf het moment van zijn adoptie is hij meerdere keren met de adoptiefouders naar Thailand geweest. In die periode was hij er niet mee bezig om op zoek te gaan naar zijn biologische ouders. Dat is pas later gekomen. Dit had er mee te maken dat hij zichzelf probeerde te ontlopen. Het gaat nu naar omstandigheden goed, hetgeen ook komt omdat verzoeker thans weer therapie volgt bij de [sociaal psychiatrisch verpleegkundige] . Verzoeker heeft een Wajong-uitkering en daarnaast heeft hij inkomsten uit werk dat hij verricht voor een organisatie die zich bezighoudt met hulp op allerlei gebied aan vluchtelingen. Verzoeker woont samen met zijn Duitse verloofde, die in Nederland studeert. Hij heeft een goede band met zijn schoonouders.

Verzoeker geeft aan jarenlang te hebben gevochten om te weten wie hij eigenlijk is. Zijn ware identiteit vond hij niet bij de adoptiefouders. Als de adoptie wordt herroepen zal dat voor verzoeker niet het einde betekenen van het contact met de adoptiefouders. Dat contact zal blijven bestaan volgens verzoeker. Op termijn wil verzoeker graag in Duitsland gaan wonen om zijn leven verder vorm te geven.

Desgevraagd heeft verzoeker nog verklaard dat hij zich realiseert dat herroeping van de adoptie niet ongedaan gemaakt kan worden. Hij geeft aan geen spijt te zullen krijgen van de herroeping van de adoptie.

4 Standpunt adoptiefouders

4.1

De adoptiefouders hebben ter zitting het volgende naar voren gebracht.

Zij weten al enige tijd van de wens van verzoeker om de adoptie te herroepen. Wat hen betreft is herroeping van de adoptie niet nodig. Emotioneel doet het verzoek hen ook pijn. Verzoeker heeft voor het merendeel van de tijd van zijn leven geen keuzes kunnen maken. Het verzoek om herroeping van de adoptie is één van de eerste werkelijke keuzes die verzoeker zelf heeft gemaakt en het is een uiting van het zoeken naar zijn identiteit. De adoptiefouders weten dat het verzoek een authentieke wens van verzoeker is en daarin willen ze hem steunen. Zij hebben verzoeker bij de adoptie in liefde ontvangen en ze willen hem ook in liefde weer loslaten.

5 Beoordeling

5.1

Het verzoek is gebaseerd op artikel 1:231 BW. In dit artikel is bepaald dat het verzoek tot herroeping van de adoptie ingediend moet worden niet eerder dan twee jaren en niet later dan vijf jaren na de dag, waarop de geadopteerde meerderjarig is geworden. Verzoeker was ten tijde van de indiening van het verzoek 22 jaar oud. Daarmee staat vast dat het verzoek tijdig is ingediend en verzoeker kan derhalve in het verzoek worden ontvangen.

5.2

Gelet op de stukken en het verhandelde ter zitting, is de rechtbank van oordeel dat herroeping van de adoptie in het kennelijk belang van verzoeker is. Daarbij heeft de rechtbank met name het volgende in aanmerking genomen.

5.3

Verzoeker heeft ter zitting gemotiveerd aangegeven dat het voor zijn identiteit van bijzonder belang is dat de juridische band met zijn adoptief ouders wordt verbroken. Daartoe is vereist dat de adoptie wordt herroepen. Dit zal rust brengen in zijn leven. Vanuit deze situatie wenst hij zijn leven verder op te pakken.

Naar het oordeel van de rechtbank is ook gebleken dat verzoeker het verzoek goed heeft doordacht en dat het verzoek weloverwogen is ingediend, terwijl eveneens is komen vast te staan dat verzoeker zich bewust is van de consequenties van de herroeping van de adoptie. Voorts is gebleken dat de adoptiefouders instemmen met het verzoek.

5.4

De rechtbank is op grond van het vorenstaande in gemoede overtuigd van de redelijkheid van het verzoek. Het verzoek van verzoeker zal dan ook worden toegewezen.

6 Beslissing

De rechtbank:

6.1

herroept de adoptie van [verzoeker], geboren op [geboortedatum] te [plaats] , Thailand, door [adoptiefouder] en [adoptiefouder] ;

6.2

gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] een latere vermelding van de herroeping van de adoptie aan de daarvoor in aanmerking komende akte toe te voegen;

6.3

draagt de griffier op niet eerder dan drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking - en indien daartegen geen hoger beroep is ingesteld - een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] .

Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Allegro, voorzitter, mr. F. Kleefmann en mr. W.M. Schrama, allen kinderrechters, in tegenwoordigheid van A.M. Bergen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 14 februari 2018.

Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.