Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2017:5735

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
11-07-2017
Datum publicatie
11-07-2017
Zaaknummer
15/800545-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bezit kinderporno en maken van gewoonte daarvan alsmede verspreiding kinderpornografisch materiaal. Opgelegde straf: 12 maanden gevangenisstraf waarvan 4 maanden voorwaardelijk, proeftijd 3 jaren met oplegging van bijzondere voorwaarden.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 240b
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf

Locatie Alkmaar

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/800545-16 (P)

Uitspraakdatum: 11 juli 2017

Tegenspraak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 27 juni 2017 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres] ,

thans gedetineerd in Justitieel Complex Zaanstad te Westzaan.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie

mr. A.M.H.G. Peters en van hetgeen verdachte en zijn raadsvrouw, mr. E. van Meeteren, advocaat te Schagen, naar voren hebben gebracht.

1 Tenlastelegging

Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging als bedoeld in artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering, ten laste gelegd dat:

hij op een of meer verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 december 2013 tot en met 20 december 2016 in de gemeente Heerhugowaard, althans in Nederland, (telkens) afbeeldingen, - en/of gegevensdragers ( te weten: een USB stick NUON en/of een laptop Packard Bell en/of een LG telefoon), bevattende afbeeldingen van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft verspreid, aangeboden, openlijk tentoongesteld, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd, verworven, in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

( [bestandsnaam]

)

en/of

het betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

( [bestandsnaam]

)

en/of

het door een dier oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het door een dier likken, betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt likken, in de mond nemen, betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van een dier en/of het door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van een dier

( [bestandsnaam] )

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met een voorwerp en/of in een erotisch getinte houding

(op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's /film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [bestandsnaam]

)

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt (en waarbij al dan niet op dat gezicht/lichaam een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is) (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

( [bestandsnaam]

)

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.

2 Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3 Bewijs

3.1.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het in bezit hebben en het verspreiden van kinderpornografisch materiaal.

3.2.

Standpunt van de verdediging
De raadsvrouw van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte verweten gewoonte van het bezit van kinderpornografisch materiaal alsmede het delen van dit materiaal wettig en overtuigend kan worden bewezen. Het overig tenlastegelegde, waaronder het verspreiden, anders dan het delen, kan volgens de raadsvrouw niet worden bewezen.

3.3.

Redengevende feiten en omstandigheden

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij de rechtbank – nu verdachte dit feit heeft bekend en door of namens hem geen vrijspraak is bepleit – zal volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:

  • -

    de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd;

  • -

    het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 20 februari 2017 (dossierpagina 407);

  • -

    het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] en [verbalisant] d.d. 20 december 2016 (dossierpagina 28-29);

  • -

    het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] d.d. 22 december 2016 (dossierpagina 40-49);

  • -

    het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] d.d. 9 februari 2017 (dossierpagina 79-92).

3.4.

Bewijsoverweging

Verspreiden, aanbieden, verwerven en in bezit hebben

Verdachte heeft verklaard dat hij bestanden die kinderporno bevatten heeft geruild met anderen. Dit was een manier voor verdachte en die anderen om bestanden te verwerven, waarover zij anders niet konden beschikken. De rechtbank acht dan ook bewezen dat verdachte zich mede schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden, aanbieden en verwerven van kinderporno.

Verwerven, in bezit hebben en gewoonte

Verdachte heeft verklaard dat hij sinds een paar jaar gebruik maakte van een P2P-programma om kinderpornografisch materiaal te downloaden. De rechtbank acht mede op grond daarvan een periode van twee jaar bewezen, een jaar korter dan de tenlastegelegde periode.

Ten aanzien van het verwerven en het in bezit hebben van kinderporno acht de rechtbank bewezen dat verdachte hiervan een gewoonte heeft gemaakt, gezien de hoeveelheid afbeeldingen, de lengte van de periode waarin verdachte deze afbeeldingen verzamelde en de frequentie waarmee hij zich met het verzamelen van deze afbeeldingen bezig hield.

3.5.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat

hij in de periode van 1 december 2014 tot en met 20 december 2016 in de gemeente Heerhugowaard, althans in Nederland, telkens

- afbeeldingen van seksuele gedragingen waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft verspreid, aangeboden, verworven en in bezit heeft gehad en zich daartoe met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft

en

- gegevensdragers (te weten: een USB stick NUON en een laptop Packard Bell en een LG telefoon), bevattende afbeeldingen van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit heeft gehad,

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

( [bestandsnaam]

)

en

het aanraken van de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

( [bestandsnaam] )

en

het door een dier likken van het geslachtsdeel van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

( [bestandsnaam] )

en

het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon poseert in een omgeving en in een erotisch getinte houding op een wijze die niet bij haar leeftijd past en waarbij door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose van deze persoon nadrukkelijk het ontblote geslachtsdeel en billen van deze persoon in beeld gebracht worden waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

( [bestandsnaam] )

en hij van het plegen van het onder het tweede gedachtestreepje opgenomen misdrijf, zijnde bezit van gegevensdragers bevattende genoemde afbeeldingen, een gewoonte heeft gemaakt.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

4 Kwalificatie en strafbaarheid van het feit

Het bewezenverklaarde levert op:

Een afbeelding, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, aanbieden, verwerven en in bezit hebben, meermalen gepleegd

en

een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is derhalve strafbaar.

5 Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is derhalve strafbaar.

6 Motivering van de sanctie

6.1.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 16 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en daaraan de verbonden de bijzondere voorwaarden conform het reclasseringsadvies.

6.2.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft bepleit aan verdachte een gevangenisstraf op te leggen waarvan het onvoorwaardelijk deel niet langer zal zijn dan de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, zodat een voorwaardelijk deel gekoppeld kan worden aan de in het reclasseringsrapport geadviseerde bijzondere voorwaarden. Zij heeft erop gewezen dat het politieonderzoek heeft voortgebouwd op een met weinig waarborgen omkleed undercoveronderzoek in het kader van een televisieprogramma, dat grote gevolgen heeft gehad voor verdachte en zijn gezin.

6.3.

Oordeel van de rechtbank

Bij de beslissing over de sanctie die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft gedurende een langere periode kinderpornografische afbeeldingen en filmpjes verworven en in bezit gehad. Ook heeft hij kinderpornografische bestanden verspreid en aangeboden en gedeeld met anderen, om zo zélf nieuw materiaal te verkrijgen. Het grootste deel van de verzameling bevatte afbeeldingen van zeer vergaande seksuele handelingen met kinderen jonger dan 12 jaar, waarbij veelal sprake was van penetratie.

Verdachte heeft aldus een bijdrage geleverd aan het in stand houden van de productie en verspreiding van kinderporno en hierdoor indirect ook aan het misbruik en de exploitatie van de daarbij betrokken minderjarigen. Dergelijk misbruik kan zeer nadelige en langdurige psychische, emotionele en lichamelijke gevolgen hebben voor de betrokken kinderen en zij kunnen hierdoor ernstig worden geschaad in hun verdere ontwikkeling. Verdachte heeft hiervoor geen oog gehad, maar is louter uit geweest op het bevredigen van zijn eigen lustgevoelens. De rechtbank neemt dit verdachte zeer kwalijk.

Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

- het op naam van de verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 31 mei 2017, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder terzake van soortgelijke delicten met justitie in aanraking is geweest.

- het over de verdachte uitgebrachte Pro Justitia rapport gedateerd 27 februari 2017 van [psycholoog] , GZ-psycholoog.

Uit het psychologisch rapport komt naar voren dat bij verdachte sprake is van een pedofiele stoornis van het niet exclusieve type. Naast een seksuele interesse in volwassenen raakt betrokkene seksueel geprikkeld door het zien van kinderpornografische afbeeldingen en fantaseert hij over seks met kinderen. Naast de pedofiele stoornis is sprake van seksuele problematiek in bredere zin. Betrokkene heeft een buitensporige seksuele interesse in allerlei ‘spannende’ erotische bezigheden, die op zichzelf staand weliswaar niet deviant zijn en in die zin niet pathologisch genoemd kunnen worden, maar die wel weergeven dat betrokkene een grote behoefte aan seksuele prikkels heeft. Aan het seksueel spanningzoekend gedrag heeft betrokkene het downloaden van kinderporno toegevoegd. Er is sprake van een pedofiele stoornis en terugkerende seksuele fantasieën over kinderen.

Van een persoonlijkheidsstoornis is geen sprake, wel is er sprake van onderliggende persoonlijkheidsproblematiek in de zin van tekorten op het gebied van inlevingsvermogen, emotieregulatie, identiteitsontwikkeling en intimiteitsbeleving. De persoonlijkheids-problematiek neemt, voor zover hier zicht op is gekregen, niet de vorm aan van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Het lijkt echter aannemelijk dat verdachte’s seksuele problematiek verband houdt met de beschreven onrijpheid van de persoonlijkheid.

Gezien de seksuele interesse in kinderen, voortkomend uit de pedofiele stoornis, in combinatie met de onderliggende persoonlijkheidsproblematiek, is het aannemelijk dat betrokkenes vermogen tot zelfsturing beperkt is geweest. Geadviseerd wordt verdachte het tenlastegelegde in verminderde mate toe te rekenen.

Het recidiverisico wordt op de korte termijn als laag ingeschat, maar verwacht wordt dat dit op de langere termijn op zal lopen tot een hoog recidiverisico. Om het aanwezige recidiverisico te reduceren wordt geadviseerd verdachte te verplichten een behandeling te ondergaan bij De Waag, of een soortgelijke instelling met specifieke expertise op het gebied van zeden.

- het over de verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport gedateerd 21 juni 2017 van [reclasseringswerker] , als reclasseringswerker verbonden aan Reclassering Nederland.

De reclassering adviseert verdachte een deels voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. Hierbij wordt de oplegging van bijzondere voorwaarden geadviseerd zoals een meldplicht, een ambulante behandelverplichting bij De Waag, Centrum voor ambulante forensische psychiatrie, of een soortgelijke instelling en een verplichting tot verblijf bij Stichting Exodus of een soortgelijke instelling. Voorts wordt de oplegging van voorwaarden met betrekking tot het internetgebruik van verdachte geadviseerd.

Met de adviezen en conclusies van deze rapporten kan de rechtbank zich verenigen.

Bij de straftoemeting heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de door het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) geformuleerde oriëntatiepunten. In strafverzwarende zin heeft de rechtbank de aard van de kinderpornografische afbeeldingen betrokken. Het betrof afbeeldingen van zeer jonge kinderen, waarbij in veel gevallen sprake was van penetratie.

In strafmatigende zin heeft de rechtbank betrokken dat verdachte voor de eerste keer wegens een dergelijk delict met justitie in aanraking is gekomen. Daarnaast zijn de gevolgen die een en ander heeft gehad voor het persoonlijk leven van verdachte en zijn gezin groot geweest, waarbij de media aandacht een rol heeft gespeeld. Verdachte is inmiddels gescheiden, is zijn baan en zijn woning kwijtgeraakt en zijn gezin heeft een nieuw bestaan moeten opbouwen.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd. De rechtbank zal echter bepalen dat een gedeelte daarvan vooralsnog niet ten uitvoer zal worden gelegd en zal daaraan, gelet op de aard van de problematiek, een proeftijd verbinden van drie jaren, opdat verdachte ervan wordt weerhouden zich voor het einde van die proeftijd schuldig te maken aan een strafbaar feit.

Daarnaast acht de rechtbank verplicht contact met en verplichte begeleiding door Reclassering Nederland noodzakelijk. Tevens acht de rechtbank de oplegging van een ambulante behandeling alsmede de overige door de reclassering aanbevolen op te leggen voorwaarden geboden. Deze voorwaarden zullen aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen straf worden verbonden.

7 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

artikel 14a, 14b, 14c, 57, 240b van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

8 Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan zoals hiervoor onder 3.5 weergegeven.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt hem daarvan vrij.

Bepaalt dat het bewezen verklaarde feit het hierboven onder 4. vermelde strafbare feit oplevert.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden.

Beveelt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot 4 (vier) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van 3 (drie) jaren.

Stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde:

  • -

    zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

  • -

    ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.

  • -

    medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen.

Stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

  • -

    zich na ommekomst van de detentie gedurende de proeftijd zal melden bij Reclassering Nederland te Amsterdam, Wibautstraat 12, op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zo lang deze instelling dat noodzakelijk acht;

  • -

    gedurende de proeftijd de reeds ingezette behandeling bij het Centrum voor ambulante forensische psychiatrie De Waag te Amsterdam zal voortzetten en voltooien, waarbij veroordeelde zich dient te houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de behandelaar worden gegeven;

  • -

    zal verblijven – vanaf het moment waarop een plaats voor hem beschikbaar gesteld wordt – in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te weten Exodus te Amsterdam of een soortgelijke instelling, zulks ter beoordeling van de reclassering, en zich zal houden aan het (dag-)programma dat deze instelling in overleg met de reclassering heeft opgesteld;

  • -

    zich zal onthouden, op welke wijze dan ook, van gedragingen die zijn gericht op internetomgevingen waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen en/of gedragingen die zijn gericht op internetomgevingen waarin over seksuele handelingen met kinderen wordt gecommuniceerd en/of het op digitale wijze verspreiden van beeld- en videomateriaal van seksuele handelingen met kinderen, waarbij de reclassering het recht heeft, in het kader van toezicht controle uit te oefenen op computer(s) en andere apparatuur van betrokkene waarop afbeeldingen (kunnen) worden opgeslagen of waarmee het internet kan worden benaderd.

Geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte met ingang van het tijdstip waarop de duur van die voorlopige hechtenis gelijk wordt aan de duur van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. P.H.B. Littooy, voorzitter,

mr. H.E. van Harten en mr. E.J.M. Tuijp, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M. van Randeraat, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 11 juli 2017.

Mr. E.J.M. Tuijp is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.