Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2017:1037

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
10-02-2017
Datum publicatie
10-02-2017
Zaaknummer
15/743450-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank komt grotendeels tot bewezenverklaring van de aan verdachte tenlastegelegde feiten. In 2013 en 2016 heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het handelen in strijd met de Wet wapens en munitie. Vanwege het atypische karakter van de zaak komt de rechtbank tot een lagere strafmaat dan door de officier van justitie is geëist.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf

Locatie Alkmaar

Meervoudige strafkamer

Parketnummers: 15/743450-13 en 15/800252-16 (gevoegd ttz)

Uitspraakdatum: 10 februari 2017

Tegenspraak

verkort strafvonnis (art. 138b Sv)

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 27 januari 2017 in de zaak tegen:

[verdachte]

geboren op [geboortedatum]

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres]

De rechtbank heeft de zaken, die bij afzonderlijke dagvaardingen onder de bovenvermelde parketnummers zijn aangebracht, gevoegd.

De rechtbank heeft kennisgenomen van

- het standpunt van de officier van justitie, mr. S.H.S. Ayre, dat ertoe strekt dat de rechtbank:

* verdachte van het onder parketnummer 15/800252-16 onder 2 tenlastegelegde zal vrijspreken

* verdachte van het onder parketnummer 15/800252-16 onder 4 eerste alternatief/cumulatief ten laste gelegde zal vrijspreken;

* het onder parketnummer 15/743450-13 onder 1 tot en met 3 en onder 4 tweede alternatief/cumulatief en het onder parketnummer 15/800252-16 onder 1, 3 en 4 ten laste gelegde bewezen zal verklaren;

* en verdachte hiervoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden met aftrek van de periode dat verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft verbleven, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, met oplegging van de algemene voorwaarden en de bijzondere voorwaarden zoals opgenomen in het reclasseringsrapport van 31 augustus 2016.

Ten aanzien van de in beslag genomen goederen heeft de officier van justitie gevorderd dat de rechtbank deze aan het verkeer zal onttrekken, met uitzondering van de kerstverlichting en verrekijker, welke kunnen worden teruggegeven aan verdachte.

- hetgeen door verdachte en mr. G. Lieffijn, raadsman van verdachte, naar voren is gebracht.

1 Tenlastelegging

Met betrekking tot parketnummer: 15/743450-13:

Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging als bedoeld in artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) en rubricering door de rechtbank ten laste gelegd dat:

Feit 1:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013 te Den Helder (telkens) een (grote) hoeveelheid, in elk geval een of meer, wapens van categorie II te weten onder meer:

A

1een vuurwapen, kaliber .22 LR, (merk GSC-5, Made in Germany) (IBN #2200 A2.01) en/of

2.een semi-automatisch geweer, kaliber .22lr (merk Chiappa Firearms) en/of een Launcher Grenade (airsoft granaatwerper) (IBN #1700 A2) en/of

3.een onderdeel van) een machinegeweer MG42 , met een patroontoevoer mechanisme bestemd voor kaliber 7.62x51mm munitie (IBN #AAGJ0853NL) en/of

4.een onderdeel van) een machinepistool MP40, kaliber 9x19mm (IBN #1700 A18) en/of

5.twee lopen, althans onderdelen van een vuurwapen (merk Tokarev), kaliber 8x25mm (IBN #2200 B14)

6.drie/een lopen/loop van een vuurwapen, kaliber 9x19 mm, geschikt voor machinepistool STEN-gun (dossier map FO, pagina 421) en/of

7.twee patroonmagazijnen van een machinepistool (type STEN), althans van een automatisch vuurwapen (IBN # AAGJ0849NL) en/of

8.zes patroonmagazijnen, geschikt voor kaliber 9x19 mm patronen en/of een 9. machinepistool MP38 en/of MP40 (IBN #1700 A19) en/of

9.twaalf spuitbusje(s) pepperspray/CS-gas (IBN #1700 A10) en/of

10.een hoeveelheid diverse vuurwapenonderdelen (IBN #1500 B6) waaronder in elk geval een (werkende) afsluiter en/of een trommelmagazijn en/of een kast met loopmantel (grendelhuis) en/of een de loop van een vuurwapen, kaliber 7.92 x 57mm (IBN #1500-4) en/of

11slagsnoer met een explosieve (netto) inhoud van 13,2 gram springstof (Pentriet) (IBN #B.1700.A.15.003) en/of

12militair snijband (Blade 450) met een (netto) explosieve inhoud van 207 gram springstof (RDX) (IBN #B.1700.A.15.005) en/of

13.dertien squib explosive bolts (elektrische slagpijpjes) (IBN #B.1700.A.15.004) en/of

14ongeveer 1580 gram, althans een grote hoeveelheid,TNT (Trinitrotolueen) (map B, pag. 323 en SIN #AACX4030NL en SIN #AACX4031NL) en/of

en/of wapens van categorie III te weten onder meer:

B

1.onderdelen van/voor) een semi-automatisch pistool (merk Sig Sauer) (IBN #2200 B10 en 1500-15)

2.twee semi-automatische (double action) pistolen, kaliber 9x19mm (merk Walther P5) (IBN #AAGJ0836NL en #AAGJ0839NL) en/of

3.een semi-automatisch `double action' pistool, kaliber.9mm (merk Walther P38)

(IBN #AAGJ0845NL) en/of

4.een revolver, kaliber 9.4 mm (merk Hembrug) (IBN #AAGJ0850NL) en/of

5.twee semi-automatische pistolen, kaliber 9x19 mm (merk Norinco) (IBN # 2200 C15 en beslag # 2200 A3) en/of

6.een semi-automatische pistool, kaliber 9x19 mm (merk Norinco en/of Norconia) (IBN #2200 B13) en/of

7.een alarm/startpistool, kaliber 9 mm PAK (merk Glock, model 17) (IBN #2200 B9) en/of

8.een meerloops pistool, kaliber 4mm (merk Derringer) (IBN # 2200 C17) en/of

9.een alarmpistool, kaliber 6 mm knal (merk 'Gun Toys') (beslaglijst #C120) en/of

10.een pistool (merk STEYR 1916 567) (IBN #AAGJ0842NL) en/of

11.semi-automatisch gas/alarm-pistool, kaliber 9x19mm (merk Pvazi Strojarne) (IBN #2200 B11) en/of

12.een onderdeel (kast) van een semi-automatisch geweer, kaliber 7.62x39 mm (merk Siminov SKS) (IBN #1500 A07) en/of

13.een semi-automatisch pistool (merk Bernardelli) (IBN #3300A5) en/of

14.een pistool, kaliber: 9x19mm (merk Tokarev TT33) (IBN #1700A10) en/of

15.een (6 schots) revolver, kaliber .45 centraalvuur (IBN #1800-2) en/of

16een (6 schots) revolver, kaliber .32 centraalvuur (IBN #1500-A2) en/of

bijbehorende munitie van categorie II te weten onder meer:

C

* (Uit plastic zak met IBN #2200 A7)

- 31 kogelpatronen, kaliber 9x19mm (voorzien van bodemstempel IMI 91 en/of bedoeld voor gebruik in een vuurwapen met geluiddemper) en/of

D

bijbehorende munitie van categorie III te weten onder meer:

1 * (Uit de munitiekist met IBN # 1700 A5):

- 250 stuks patronen, kaliber 9x19mm en/of

- 50 kogelpatronen (randvuur), kaliber 22WMR en/of

- 8 ( scherpe) patronen, kaliber .22lr en/of

- 691 kogelpatronen, kaliber .22 lr en/of

- 40 gaspatronen, kaliber .22 long ga (randvuur) en/of

2 * (Uit de munitiekist IBN #1700 A6):

- 84 scherpe kogelpatronen, kaliber 7.62x25 (merk Tokarev) en/of

- 22 kogelpatronen, kaliber 12/67 (Brenneke) en/of

- 48 hagelpatronen , kaliber 12/70 en/of

- 8 ( rubber) hagelpatronen, kaliber 12/67 en/of

- 4 signaalpatronen, kaliber 12/70 en/of

- 14 gebruikte (en/of voorzien van een nieuw (ongebruikt) slaghoedje) hulzen, kaliber 7.62x25 Tokarev, althans munitiedelen en/of

- 500 hollowpoint projectielen 9 mm, althans munitiedelen en/of

3 * (Uit plastic zak met IBN #2200 A7):

- 295 kogelpatronen, kaliber .22lr en/of

4 * (Uit munitiekist IBN #1700 A11):

- 444 kogelpatronen van diverse kalibers en/of

5 * (Uit munitiekist IBN #1700 A12):

- 100 scherpe kogelpatronen, kaliber 9x19mm en/of

- 24 lichtsignaal patronen, kaliber 12/70 en/of

6 * (Uit munitiekist IBN #1700 A14):

- 129 kogelpatronen en/of

- 39 patroon hulzen, kaliber .32NAA (voorzien van nieuwe slaghoedjes) en/of

7 * (Uit kunststof vat IBN #1700 A16):

- 3550 ongebruikte (nieuwe) slaghoedjes (primers) en/of

- 535 nieuwe projectielen (kogelpunten) en/of

- 350 nieuwe (lege) patroonhulzen ne/of

- 279 ( gebruikte) patroonhulzen (voorzien van een nieuw slaghoedje) en/of

8 * (Uit kartonnen doos met opschrift 'uit garage R. Smit') (map F, pag. 545):

- 750 scherpe kogelpatronen, kaliber 9x19mm en/of

- 50 kogelpatronen, kaliber 9x19mm (action 3 en/of specifiek

bedoeld voor gebruik door de Nederlandse politie)

voorhanden heeft gehad;

Feit 2:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013

te Den Helder, zonder erkenning één of meer (onderdelen van) wapens van categorie II en/of categorie III te weten

A

1.twee semi-automatische pistolen, kaliber 9x19 mm (merk Norinco) (IBN # 2200 C15 en beslag # 2200 A3) en/of

2.een semi-automatische pistool, kaliber 9x19 mm (merk Norinco en/of Norconia) (IBN #2200 B13) en/of

3.een alarmpistool, kaliber 6 mm knal (merk 'Gun Toys') (beslaglijst #C120) en/of

4.een semi-automatisch geweer, kaliber .22lr (merk Chiappa Firearms) en/of een Launcher Grenade (airsoft granaatwerper) (IBN #1700 A2) en/of

5.een semi-automatisch pistool .22LR (merk Glock Ges.m.b.H.) (IBN #3100 A1) en/of

6.een geluiddemper (Fins fabricaat) (IBN #3100 A1) en/of

7.twee lopen, althans onderdelen van een vuurwapen (merk Tokarev), kaliber 8x25mm (IBN #2200 B14) en/of

8.drie patroonmagazijnen (merk Vigneron), geschikt voor kaliber 9x19 mm patronen en/of een machinepistool MP38 en/of MP40 (IBN #1700 A19) en/of

9.een pistool, kaliber: 9x19mm (merk Tokarev TT33)(IBN #1700 A10) en/of

10.een (grendelkast van een) machinepistool MP40, kaliber 9x19 mm (IBN #1700A18) en/of munitie van categorie II en/of categorie III, te weten

B

1.vijf kogelpatronen, kaliber 9 x 19mm (uit beslagzakje met opschrift Walther P38) en/of

2.veertien hulzen, kaliber 7.62x25 Tokarev, althans munitiedelen (IBN #1700 A6) en/of

3.kogelpatronen, kaliber 9x19mm, voorzien van hollowpoint projectielen (IBN # 2200 C16)

heeft vervaardigd, getransformeerd en/of in de uitoefening van een bedrijf heeft uitgewisseld en/of verhuurd en/of anderszins ter beschikking gesteld en/of hersteld en/of beproefd en/of verhandeld;

Feit 3:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013 te Den Helder een of meer wapens van categorie I onder 7°, te weten

1.een nabootsing van een (airsoft) granaatwerper (merk Colt, model M203) (IBN #B1700.04.006) en/of

2een luchtdrukwapen (model AK47) (IBN #3300D6) en/of

3.een gasdrukwapen (model Glock 30) (IBN #3100 A1) en/of

4.gasdrukwapen (gamo auto 45) (IBN #1500-12) en/of

5.vijf geluiddempers (voor een vuurwapen) (IBN #3100 A11 en #2200 A4) en/of

6.een luchtdrukwapen, kaliber 4.5mm nabootsing Husqvarna 8X57 (IBN #3400-1) en/of

7een persluchtwapen, kaliber 4,5mm (model karabijn 30M1) (IBN #3400-2) en/of

8.een luchtdrukwapen, kaliber 5,5 mm (merk Anschutz, model Hakim) (IBN # 3400-3) en/of

9.een luchtdrukwapen, co2.38, (nabootsing Remington 1100)(IBN #3400-5) en/of

10.een luchtdrukwapen, kaliber 4,5mm (voorzien van tekst RONNA51) (model K98 grendelgeweer) (IBN #3400-6) en/of

11.een luchtdrukwapen, kaliber 4,5mm nabootsing K98 (IBN #3400-7)

12.een luchtdrukwapen, kaliber 4,4mm (merk Venus Waffenwerk, model Mars 100), nabootsing Karabijn K98 (IBN #3400-8) en/of

13.een luchtdrukwapen, kaliber 4,5mm (merk Ceska Zbrojovka, model VZ47) (IBN # 3400-7),

zijnde (een) voorwerp(en) dat/die voor wat betreft zijn/hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde(n) met (een) vuurwapen(s) en/of met (een) voor ontploffing bestemde voorwerp(en) voorhanden heeft gehad;

Feit 4:

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013 te Den Helder, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

A

1.een stuk explosief snijband (Blade 450) (IBN nr. B.1700.A.15.005) en/of

2.een explosief slagsnoer (lengte 120 cm, bevattende 13,2 gram springstof) (IBN nr. B.1700.A.15.003) en/of

3.dertien squib explosieve bolts, zijnde electrische slagpijpjes (ontstekers) (IBN nr.B.1700.A.15.004) en/of

4.een doosje munitie (FX) bevattende 50 (verf)trainingspatronen, kaliber 9 mm en/of 6 trainingspatronen, kaliber 9 mm en/of 5 trainingspatronen, kaliber 5.56 mm (IBN nr. E110) en/of

5.een scherfvest (veiligheidsvest) (IBN nr.B1700.A.04.002) en/of

6vier Diver Recall Signals (duiksignalen) (IBN nr.B.1700.A.12.004) en/of

7.een night vison goggle (helderheidsversterker) (IBN nr.B.1800.11), in elk geval enig goed, (telkens) geheel of ten dele toebehorende aan de Koninklijke Marine (Ministerie van Defensie), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen (telkens) onder

zijn bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

en/of

(telkens) opzettelijk

B

1.een stuk explosief snijband (Blade 450) (IBN nr. B.1700.A.15.005) en/of

2een explosief slagsnoer (lengte 120 cm, bevattende 13,2 gram springstof) (IBN nr. B.1700.A.15.003) en/of

3.dertien squib explosieve bolts, zijnde electrische slagpijpjes (ontstekers) (IBN nr.B.1700.A.15.004) en/of

4een doosje munitie (FX) bevattende 50 (verf)trainingspatronen, kaliber 9 mm en/of 6 trainingspatronen, kaliber 9 mm en/of 5 trainingspatronen, kaliber 5.56 mm (IBN nr. E110) en/of

5. een scherfvest (veiligheidsvest) (IBN nr.B1700.A.04.002) en/of

6.vier Diver Recall Signals (duiksignalen) (IBN nr.B.1700.A.12.004) en/of

7.een night vison goggle (helderheidsversterker) (IBN nr.B.1800.11),

in elk geval enig goed, dat/die (telkens) geheel of ten dele toebehoorde(n) aan de Koninklijke Marine (Ministerie van Defensie), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en welk(e) goederen) verdachte (telkens) uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking van/als burgermedewerker van de afdeling duik- en demonteergroep bij de Koninklijke Marine (Ministerie van Defensie), in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had, (telkens) wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.

met betrekking tot parketnummer: 15/800252-16:

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

Feit 1

hij op of omstreeks 13 juni 2016 te Den Helder zonder erkenning één of meer wapens van categorie III, te weten een machinepistool (617979), heeft vervaardigd, getransformeerd en/of in de uitoefening van een bedrijf heeft uitgewisseld en/of verhuurd en/of anderszins ter beschikking gesteld en/of hersteld en/of beproefd en/of verhandeld;

Feit 2

hij op of omstreeks 13 juni 2016 te Den Helder zonder consent een of meer onderdelen van wapens van categorie II (en/of III), te weten een of meerdere patroonhouders, heeft doen binnenkomen vanuit Duitsland;

Feit 3

hij op of omstreeks 13 juni 2016 te Den Helder tezamen en in vereniging, althans alleen, voorhanden heeft gehad vuurwapens van categorie II te weten onder meer

- een schietpen (617898) en/of

- een of meerdere patroonmagazijnen (618034)

en/of

vuurwapens van categorie III te weten onder meer

- single-action semi-automatisch pistool (merk Sig-Sauer) (617936) en/of

- double-action semi-automatisch pistool (merk FEG) (617984) en/of

- double-action semi-automatisch pistool (merk CZ) (617985) en/of

- double-action semi-automatisch pistool (merk CZ) (617987) en/of

- een of meerdere vuurwapenonderdelen (618028 , 617976 en/of 618033 )

en/of munitie van categorie III te weten onder meer

- een of meerdere hagelpatronen (Fiocchi Hagel) (617907, 617928) en/of

- een of meerdere kogelpatronen (.22 longrifle) (617929) en/of

- 2 dozen slaghoedjes voor kogelpatronen (617930) en/of

- 2 dozen projectielen van meerdere kalibers (617931) en/of

- zakje hulzen voorzien van slaghoedjes en bijbehorende projectielen (617934 ) en/of

- 3 zakjes scherpe kogelpatronen (617932) en/of

- 2 doosjes kogelpatronen kaliber .380 (617935) en/of

- 2 zakjes met projectielen voor kogelpatronen (617938) en/of

- een zakje hulzen voorzien van slaghoedjes en bijbehorende projectielen (617939) en/of

- 2 kogelpatronen (.380 auto en/of 7,65) (617977617939) en/of

- 2 dozen hulzen voorzien van slaghoedjes van het merk Sellier & Bellot (617942617939) en/of

- 1 doosje hulzen voorzien van slaghoedjes van het merk Smith & Wesson (617944617942617939) en/of

- 3 doosjes kogelpatronen .22 long (617947617942617939) en/of

- 3 zakken kogelpatronen .22 longrifle (617929) en/of

- 3 doosjes scherpe volmantel kogelpatronen van het kaliber 7,65 x 17 (617952) en/of

- 2 zakjes volmantel kogelpatronen van het kaliber 765 x 17 mm (617953), in elk geval wapens en/of munitie in de zin van de Wet Wapens en Munitie van categorie II en/of III;

Feit 4

hij op of omstreeks 13 juni 2016 te Den Helder een of meer wapens van categorie I, onder 3 en/of 7, te weten,

- een geluidsdemper (617937) en/of

- een gasdrukwapen (RAM CO2 combat .43) (618005) en/of

- een paintballgeweer/ airsoftwapen (618010)

- een gasdrukwapen (M16 replica .43 en/of patroonhouders voorhanden heeft gehad.

2 Voorvragen

De dagvaardingen zijn geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

3 Vrijspraak

Parketnummer 15/743450-13

De rechtbank deelt het standpunt van de officier van justitie en de raadsman dat verdachte partieel dient te worden vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde. Dit betreft het voorhanden hebben van een Launcher Grenade (A2) en de wapens die zijn gerubriceerd onder de nummers A6, A13 en B9, nu het feit ten aanzien van deze wapens niet wettig en overtuigend is bewezen.

In navolging van de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank evenmin bewezen dat verdachte zonder erkenning de wapen(onderdelen) heeft getransformeerd dan wel daarmee de andere handelingen heeft verricht die onder feit 2, onder de nummers A3, A6 en A10 zijn ten laste gelegd.

De rechtbank is het ten aanzien van feit 3 eens met de officier van justitie dat niet kan worden bewezen dat de onder 3 en 5 genoemde voorwerpen wapens zijn in de zin van categorie I onder 7 van de Wet wapens en munitie (hierna: WWM), zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. De rechtbank zal verdachte eveneens vrijspreken van het voorhanden hebben van het onder nummer 13 genoemde voorwerp, nu ditzelfde wapen reeds onder nummer 11 in de tenlastelegging is opgenomen.

Met betrekking tot het onder 4 eerste alternatief/cumulatief ten laste gelegde feit zal de rechtbank verdachte vrijspreken. De rechtbank deelt het standpunt van de officier van justitie en de raadsman dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten bevat om tot een bewezenverklaring te komen van de aan verdachte ten laste gelegde diefstal van de goederen. Ten aanzien van de onder 4 tweede alternatief/cumulatief ten laste gelegde verduistering in dienstbetrekking zal de rechtbank verdachte vrijspreken voor zover het gaat om het scherfvest en de night vision goggle, nu op basis van de bewijsmiddelen niet kan worden vastgesteld dat deze goederen aan de Koninklijke Marine toebehoorden en verdachte zich deze goederen heeft toegeëigend. Ten aanzien van de overige goederen acht de rechtbank het ten laste gelegde medeplegen niet bewezen.

Parketnummer 15/800252-16

Met betrekking tot het onder parketnummer 15/800252-16 onder 1 ten laste gelegde feit kan de rechtbank niet tot een bewezenverklaring komen. Weliswaar heeft verdachte ter terechtzitting bekend dat hij een machinepistool heeft getransformeerd en hersteld, maar naar het oordeel van de rechtbank kan niet worden vastgesteld dat verdachte dit op de ten laste gelegde datum (de dag waarop hij is aangehouden) heeft gedaan. Verdachte dient dan ook van dit feit te worden vrijgesproken.

Wat betreft het onder 2 ten laste gelegde feit deelt de rechtbank het standpunt van de officier van justitie en de raadsman dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten bevat om tot een bewezenverklaring van dit feit te komen. Verdachte zal daarom ook hiervan worden vrijgesproken.

Ten aanzien van feit 3 acht de rechtbank niet bewezen dat sprake is van medeplegen, zodat verdachte van dat deel van de tenlastelegging zal worden vrijgesproken.

Ten slotte deelt de rechtbank het standpunt van de officier van justitie en de raadsman dat verdachte bij gebrek aan bewijs partieel dient te worden vrijgesproken van het onder 4 ten laste gelegde voor zover het gaat om de geluidsdemper.

4.1

Bewijs

De rechtbank grondt de beslissing dat verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan, op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

De bewijsmiddelen worden slechts gebruikt ten aanzien van het feit waarop zij blijkens hun inhoud betrekking hebben.

De bewijsmiddelen zullen worden uitgewerkt in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis vereist en zullen dan in een aan dit vonnis te hechten aanvulling worden opgenomen.

4.2.

Bewijsoverwegingen

Wapen(onderdelen) in de zin van de Wet wapens en munitie?

Ter terechtzitting heeft verdachte zich op het standpunt gesteld dat hij moet worden vrijgesproken van het voorhanden hebben van een aantal in de tenlastelegging genoemde wapens of onderdelen daarvan, omdat dit geen voorwerpen betreffen die kunnen worden aangemerkt als wapens in de zin van de Wet wapens en munitie. Verdachte heeft aangevoerd dat een halffabricaat (parketnummer 15/743450-13, feit 1, onderdeel A4) geen wezenlijk onderdeel van een wapen is en daarom niet valt onder de Wet wapens en munitie. Ook onbruikbare wapens vallen volgens verdachte niet onder de Wet wapens en munitie. Dit gaat volgens verdachte om de voorwerpen die zijn ten laste gelegd onder parketnummer 15/743450-13, feit 1, onderdeel A13 en onder parketnummer 15/800252-16, feit 3, een pistool van het merk Sig Sauer en de bij categorie III genoemde vuurwapenonderdelen. Verder heeft verdachte betwist dat de voorwerpen genoemd onder parketnummer 15/743450-13, feit 1, onderdeel A5 (lopen), feit 2, onderdeel A8 (patroonmagazijnen) en onder parketnummer 15/800252-16, feit 3 (patroonmagazijnen) wezenlijke onderdelen van een wapen betreffen.

De rechtbank overweegt hierover het volgende.

In artikel 3, eerste lid, van de Wet wapens en munitie is bepaald dat de bepalingen betreffende wapens mede van toepassing zijn op onderdelen en hulpstukken die specifiek bestemd zijn voor die wapens en van wezenlijke aard zijn. Hieruit volgt dat onbruikbare wapens waarvoor nog (herstel)handelingen moeten worden verricht, wel degelijk als wapens kunnen worden aangemerkt en dus onder de Wet wapens en munitie kunnen vallen.

De circulaire Wapens en Munitie bepaalt dat uitgaande van artikel 3, eerste lid, van de Wet wapens en munitie met betrekking tot vuurwapens, de in dat onderdeel van de circulaire genoemde onderdelen dienen worden aangemerkt als onderdelen waarop de Wet wapens en munitie van toepassing is, omdat deze onontbeerlijk zijn voor het functioneren als vuurwapen, in sterke mate de werking van het vuurwapen mede bepalen, de werking van het vuurwapen kunnen wijzigen dan wel het vuurwapen identificeren. De onderdelen die in de circulaire worden genoemd zijn: de loop en de onderdelen die bestemd zijn om een vuurwapen (vol)automatisch te doen schieten. Daarnaast zijn in de circulaire nog specifiek enkele onderdelen genoemd, te weten de kast (frame), de loop, de cilinder, het magazijn, de bascule, het staartstuk, de grendel of afsluiter. Patroonschakels, patroonhouders en laadstrips zijn geen onderdeel van een wapen. Anders dan verdachte heeft betoogd, is een patroonmagazijn dus aan te merken als een wezenlijk onderdeel van een vuurwapen.

Voor zover verdachte wapens dan wel wezenlijke onderdelen daarvan in zijn bezit had die niet schietklaar of onbruikbaar waren, vallen ook deze naar het oordeel van de rechtbank onder de Wet wapens en munitie. Volgens verdachtes verklaring ter terechtzitting waren zijn reparatiewerkzaamheden erop gericht deze weer bruikbaar dan wel schietklaar te maken.

Een halffabricaat kan eveneens worden aangemerkt als een wapen in de zin van de Wet wapens en munitie, voor zover aan de daarvoor gestelde eisen wordt voldaan.

De voorwerpen waarvan verdachte betwist dat deze zijn aan te merken als wapens in de zin van de Wet wapens en munitie, zijn alle onderzocht door een vuurwapenexpert van de politie en in de betreffende rapportages aangemerkt als vuurwapens in de zin van artikel 1, onder 3̊ van de Wet wapens en munitie. De verdediging heeft deze bevindingen onvoldoende gemotiveerd weerlegd. De rechtbank volgt de conclusies van de verbalisanten dan ook en verwerpt de verweren.

Verdachte heeft met betrekking tot de onder parketnummer 15/743450-13 onder 1 A 5 ten laste gelegde lopen (merk Tokarev) nog specifiek aangevoerd dat hij deze lopen had dichtgelast, waardoor deze lopen niet langer als een wezenlijk onderdeel van een vuurwapen kunnen worden beschouwd. Hieromtrent overweegt de rechtbank als volgt.

Blijkens het proces-verbaal van bevindingen van 7 november 2013 (dossierpagina’s 321 / 322) heeft de verbalisant twee lopen van het merk Tokarev onderzocht. Loop 1 betreft een loop met een lengte van 285 millimeter en voorzien van het nummer: “116094”. De loop was voorzien van trekken en velden. In de loop is een sper aangebracht. Door deze sper kunnen er geen projectielen worden afgeschoten. Gassen en/of stoffen kunnen wel de sper passeren. De loop is afkomstig van een vuurwapen een model SA 24 of een SA 26.

Loop 2 betreft een loop met een lengte van 264 millimeter. Ook deze loop is voorzien van trekken en velden en heeft een kaliber van 7.62 x 25 millimeter. Deze loop is nog niet volledig maar verkeert wel in een reeds vergevorderd productiestadium. Om deze loop te completeren moet de uitsparing voor de afsluiter en patroontrekker nog uitgefreesd worden. Deze handeling is eenvoudig en in korte tijd uit te voeren. Beide onderzochte lopen zijn daarom essentiële wapenonderdelen voor een machinepistool (vuurwapen), aldus de verbalisant.

Gelet op dit proces-verbaal van bevindingen inhoudende wapenexpertise is de rechtbank van oordeel dat ook deze halffabricaten onder de Wet wapens en munitie vallen (dossierpagina’s 321/322).

Wapens die vallen onder artikel 2, eerste lid, categorie 1 onder 7̊?

Met betrekking tot het onder parketnummer 15/743450-13 onder 3 ten laste gelegde feit heeft verdachte aangevoerd dat de bij hem aangetroffen luchtdrukwapens, genoemd onder de nummers 6 tot en met 13, geen gelijkenis vertonen met een bestaand vuurwapen. Ook dit verweer verwerpt de rechtbank.

De betreffende luchtdrukwapens zijn beoordeeld door een wapenexpert, en deze heeft per luchtdrukwapen zijn bevindingen vermeld. Telkens is de wapenexpert tot de conclusie gekomen dat sprake is van een voorwerp dat zodanig op een vuurwapen gelijkt dat het voor bedreiging of afdreiging geschikt is. Bij sommige luchtdrukwapens heeft de wapenexpert geconstateerd dat het wapen (optisch) slechts in detail van een echt vuurwapen afwijkt en dat het onderscheid van een echt vuurwapen slecht waarneembaar is. De luchtdrukwapens zijn vaak nabootsingen van bestaande, zij het verouderde, wapens, waarvoor verdachte een verzamelvoorliefde had. Dat verdachte als wapenverzamelaar een (duidelijk) verschil kan zien tussen het bij hem aangetroffen wapen en het originele wapen betekent niet dat dit daarmee niet voor bedreiging of afdreiging geschikt is. Immers: er moet, zoals door de officier van justitie terecht is betoogd, uitgegaan worden van de waarneming en indruk van de gemiddelde mens. Nu verdachte voorts slechts in algemene zin heeft opgemerkt dat de aangetroffen luchtdrukwapens geen gelijkenis vertonen met een bestaand vuurwapen, zonder daarbij specifiek aan te geven waarom de bevindingen van de wapenexpert onjuist zouden zijn, zal de rechtbank het verweer van verdachte passeren en de bevindingen van de wapenexpert overnemen.

Verduistering

Met betrekking tot het onder parketnummer 15/743450-13 onder 4 tweede alternatief/cumulatief ten laste gelegde feit heeft de raadsman zich ten aanzien van de dertien squib explosieve bolts die verdachte bij de Koninklijke Marine had meegenomen voor de Koninklijke Marine een res nullius zijn.

De rechtbank verwerpt dit verweer. Dat deze goederen niet meer zouden worden gebruikt door de Koninklijke Marine, maakt ze nog niet tot res derelicta, of res nullius, zoals door de raadsman betoogd. Uit de bewijsmiddelen volgt dat de Koninklijke Marine van dergelijke goederen, juist in verband met de daaraan verbonden gevaren, niet zonder meer afstand zou doen. Integendeel: deze behoren, zoals ook verdachte ter terechtzitting heeft verklaard, volgens de geldende protocollen moeten worden vernietigd. Verdachte heeft blijkens zijn verklaring welbewust in strijd met de bij zijn werkgever geldende regels gehandeld door genoemde goederen mee naar huis te nemen en zich deze daarmee wederrechtelijk toegeëigend in de zin van artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht. Wat betreft de vier duiksignalen volgt de rechtbank verdachte niet in diens verweer dat deze geen eigendom waren van de Koninklijke Marine. Ook als juist is dat een lid van een arrestatieteam deze had overgedragen aan verdachte, is dit in diens hoedanigheid van medewerker van de Koninklijke Marine geweest, waarmee de duiksignalen niet verdachtes eigendom, maar die van de Koninklijke Marine zijn geworden.

4.3.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de navolgende ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat

met betrekking tot parketnummer: 15/743450-13:

Feit 1:

hij op 22 september 2013 te Den Helder een hoeveelheid wapens van categorie II te weten :

A

1een vuurwapen, kaliber .22 LR, (merk GSC-5, Made in Germany) (IBN #2200 A2.01) en

2.een semi-automatisch geweer, kaliber .22lr (merk Chiappa Firearms) en

3.een onderdeel van een machinegeweer MG42, met een patroontoevoer mechanisme bestemd voor kaliber 7.62x51mm munitie (IBN #AAGJ0853NL) en

4.een onderdeel van een machinepistool MP40, kaliber 9x19mm (IBN #1700 A18) en

5.twee lopen van een vuurwapen (merk Tokarev), kaliber 8x25mm (IBN #2200 B14) en

7.twee patroonmagazijnen van een machinepistool (type STEN), althans van een automatisch vuurwapen (IBN # AAGJ0849NL) en

8.zes patroonmagazijnen, geschikt voor kaliber 9x19 mm patronen en een machinepistool MP38 en MP40 (IBN #1700 A19) en

9.twaalf spuitbusjes pepperspray/CS-gas (IBN #1700 A10) en

10.een hoeveelheid diverse vuurwapenonderdelen (IBN #1500 B6), te weten een werkende afsluiter en een trommelmagazijn en een kast met loopmantel (grendelhuis) en een loop van een vuurwapen, kaliber 7.92 x 57mm (IBN #1500-4) en

11slagsnoer met een explosieve (netto) inhoud van 13,2 gram springstof (Pentriet) (IBN #B.1700.A.15.003) en

12militair snijband (Blade 450) met een (netto) explosieve inhoud van 207 gram springstof (RDX) (IBN #B.1700.A.15.005) en

14ongeveer 1580 gram TNT (Trinitrotolueen) (map B, pag. 323 en SIN #AACX4030NL en SIN #AACX4031NL) en

wapens van categorie III te weten:

B

1.onderdelen van/voor een semi-automatisch pistool (merk Sig Sauer) (IBN #2200 B10 en 1500-15) en

2.twee semi-automatische (double action) pistolen, kaliber 9x19mm (merk Walther P5) (IBN #AAGJ0836NL en #AAGJ0839NL) en

3.een semi-automatisch ‘double action’ pistool, kaliber .9mm (merk Walther P38)

(IBN #AAGJ0845NL) en

4.een revolver, kaliber 9.4 mm (merk Hembrug) (IBN #AAGJ0850NL) en

5.twee semi-automatische pistolen, kaliber 9x19 mm (merk Norinco) (IBN # 2200 C15 en beslag # 2200 A3) en

6.een semi-automatisch pistool, kaliber 9x19 mm (merk Norinco en/of Norconia) (IBN #2200 B13) en

7.een alarm/startpistool, kaliber 9 mm PAK (merk Glock, model 17) (IBN #2200 B9) en

8.een meerloops pistool, kaliber 4mm (merk Derringer) (IBN # 2200 C17) en

10.een pistool (merk STEYR 1916 567) (IBN #AAGJ0842NL) en

11.een semi-automatisch gas/alarm-pistool, kaliber 9x19mm (merk Pvazi Strojarne) (IBN #2200 B11) en

12.een onderdeel (kast) van een semi-automatisch geweer, kaliber 7.62x39 mm (merk Siminov SKS) (IBN #1500 A07) en

13.een semi-automatisch pistool (merk Bernardelli) (IBN #3300A5) en

14.een pistool, kaliber: 9x19mm (merk Tokarev TT33) (IBN #1700A10) en

15een (6 schots) revolver, kaliber .45 centraalvuur (IBN #1800-2) en

16een (6 schots) revolver, kaliber .32 centraalvuur (IBN #1500-A2) en

munitie van categorie II te weten ongeveer:

C

* (Uit plastic zak met IBN #2200 A7)

- 31 kogelpatronen, kaliber 9x19mm (voorzien van bodemstempel IMI 91 en bedoeld voor gebruik in een vuurwapen met geluiddemper) en

D.

bijbehorende munitie van categorie III te weten ongeveer:

1 * (Uit de munitiekist met IBN # 1700 A5):

- 250 stuks patronen, kaliber 9x19mm en

- 50 kogelpatronen (randvuur), kaliber 22WMR en

- 691 kogelpatronen, kaliber .22 lr en

- 40 gaspatronen, kaliber .22 long ga (randvuur) en

2 * (Uit de munitiekist IBN #1700 A6):

- 84 scherpe kogelpatronen, kaliber 7.62x25 (merk Tokarev) en

- 22 kogelpatronen, kaliber 12/67 (Brenneke) en

- 48 hagelpatronen , kaliber 12/70 en

- 8 ( rubber) hagelpatronen, kaliber 12/67 en

- 4 signaalpatronen, kaliber 12/70 en

- 14 gebruikte (en/of voorzien van een nieuw (ongebruikt) slaghoedje) hulzen, kaliber 7.62x25 Tokarev, althans munitiedelen en

- 500 hollowpoint projectielen 9 mm en

3 * (Uit plastic zak met IBN #2200 A7):

- 295 kogelpatronen, kaliber .22lr en

4 * (Uit munitiekist IBN #1700 A11):

- 444 kogelpatronen van diverse kalibers en

5 * (Uit munitiekist IBN #1700 A12):

- 100 scherpe kogelpatronen, kaliber 9x19mm en

- 24 lichtsignaal patronen, kaliber 12/70 en

6 * (Uit munitiekist IBN #1700 A14):

- 129 kogelpatronen en

- 39 patroon hulzen, kaliber .32NAA, voorzien van nieuwe slaghoedjes en

7 * (Uit kunststof vat IBN #1700 A16):

- 3550 ongebruikte (nieuwe) slaghoedjes (primers) en

- 535 nieuwe projectielen (kogelpunten) en

- 350 nieuwe (lege) patroonhulzen en

- 279 ( gebruikte) patroonhulzen (voorzien van een nieuw slaghoedje)

8 * (Uit kartonnen doos met opschrift 'uit garage R. Smit') (map F, pag. 545):

- 750 scherpe kogelpatronen, kaliber 9x19mm en

- 50 kogelpatronen, kaliber 9x19mm (action 3 en/of specifiek bedoeld voor gebruik door de Nederlandse politie)

voorhanden heeft gehad;

Feit 2:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013

te Den Helder, zonder erkenning (onderdelen van) wapens van categorie II en categorie III te weten

A.

1.twee semi-automatische pistolen, kaliber 9x19 mm (merk Norinco) (IBN # 2200 C15 en beslag # 2200 A3) en

2.een semi-automatisch pistool, kaliber 9x19 mm (merk Norinco en/of Norconia) (IBN #2200 B13) en

4.een semi-automatisch geweer, kaliber .22lr (merk Chiappa Firearms) (IBN#1700 A2) en

5.een semi-automatisch pistool .22LR (merk Glock Ges.m.b.H.) (IBN #3100 A1) en

7.twee lopen van een vuurwapen (merk Tokarev), kaliber 8x25mm (IBN #2200 B14) en

8.drie patroonmagazijnen (merk Vigneron), geschikt voor kaliber 9x19 mm patronen en een machinepistool MP38 en/of MP40 (IBN #1700 A19) en

9.een pistool, kaliber: 9x19mm (merk Tokarev TT33) (IBN #1700 A10)

en munitie van categorie II en/of categorie III, te weten

B

2.veertien hulzen, kaliber 7.62x25 Tokarev, althans munitiedelen (IBN #1700 A6) en

3.kogelpatronen, kaliber 9x19mm, voorzien van hollowpoint projectielen (IBN # 2200 C16)

heeft getransformeerd;

Feit 3:

hij op 22 september 2013 te Den Helder wapens van categorie I onder 7°, te weten

1.een nabootsing van een (airsoft) granaatwerper (merk Colt, model M203) (IBN #B1700.04.006) en

2een luchtdrukwapen (model AK47) (IBN #3300D6) en

6.een luchtdrukwapen, kaliber 4.5mm nabootsing Husqvarna 8X57 (IBN #3400-1) en

7een persluchtwapen, kaliber 4.5mm (model karabijn 30M1) (IBN #3400-2) en

8.een luchtdrukwapen, kaliber 5.5 mm (merk Anschutz, model Hakim) (IBN # 3400-3) en

9.een luchtdrukwapen, co2.38, (nabootsing Remington 1100)(IBN #3400-5) en

10.een luchtdrukwapen, kaliber 4.5mm (voorzien van tekst RONNA51) (model K98 grendelgeweer) (IBN #3400-6) en

11.een luchtdrukwapen, kaliber 4.5mm nabootsing K98 (IBN #3400-7) en

12.een luchtdrukwapen, kaliber 4.4mm (merk Venus Waffenwerk, model Mars 100), nabootsing Karabijn K98 (IBN #3400-8),

zijnde voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonden met vuurwapens en/of met voor ontploffing bestemde voorwerpen,

voorhanden heeft gehad;

Feit 4:

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 22 september 2013 te Den Helder, opzettelijk

B

1.een stuk explosief snijband (Blade 450) (IBN nr. B.1700.A.15.005) en

2een explosief slagsnoer (lengte 120 cm, bevattende 13,2 gram springstof) (IBN nr. B.1700.A.15.003) en

3.dertien squib explosieve bolts, zijnde elektrische slagpijpjes (ontstekers) (IBN nr.B.1700.A.15.004) en

4een doosje munitie (FX) bevattende 50 (verf)trainingspatronen, kaliber 9 mm en 6 trainingspatronen, kaliber 9 mm en 5 trainingspatronen, kaliber 5.56 mm (IBN nr. E110) en

6.vier Diver Recall Signals (duiksignalen) (IBN nr.B.1700.A.12.004)

toebehoorde aan de Koninklijke Marine (Ministerie van Defensie), welke goederen verdachte uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking als burgermedewerker van de afdeling duik- en demonteergroep bij de Koninklijke Marine (Ministerie van Defensie) anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.

met betrekking tot parketnummer: 15/800252-16:

Feit 3

hij op 13 juni 2016 te Den Helder voorhanden heeft gehad vuurwapens van categorie II te weten

- een schietpen (617898) en

- een of meerdere patroonmagazijnen (618034) en

vuurwapens van categorie III te weten

- single-action semi-automatisch pistool (merk Sig-Sauer) (617936) en

- double-action semi-automatisch pistool (merk FEG) (617984) en

- double-action semi-automatisch pistool (merk CZ) (617985) en

- double-action semi-automatisch pistool (merk CZ) (617987) en

- meerdere vuurwapenonderdelen (618028, 617976 en 618033 )

en munitie van categorie III te weten

- meerdere hagelpatronen (Fiocchi Hagel) (617907, 617928) en

- meerdere kogelpatronen (.22 longrifle) (617929) en

- 2 dozen slaghoedjes voor kogelpatronen (617930) en

- 2 dozen projectielen van meerdere kalibers (617931) en

- zakje hulzen voorzien van slaghoedjes en bijbehorende projectielen (617934 ) en

- 3 zakjes scherpe kogelpatronen (617932) en

- 2 doosjes kogelpatronen kaliber .380 (617935) en

- 2 zakjes met projectielen voor kogelpatronen (617938) en

- een zakje hulzen voorzien van slaghoedjes en bijbehorende projectielen (617939) en

- 2 kogelpatronen (.380 auto en/of 7.65) (617977617939) en

- 2 dozen hulzen voorzien van slaghoedjes van het merk Sellier & Bellot (617942617939) en

- 1 doosje hulzen voorzien van slaghoedjes van het merk Smith & Wesson (617944617942617939) en

- 3 doosjes kogelpatronen .22 long (617947617942617939) en

- 3 doosjes scherpe volmantel kogelpatronen van het kaliber 7.65 x 17 (617952) en

- 2 zakjes volmantel kogelpatronen van het kaliber 7.65 x 17 mm (617953);

Feit 4

hij op 13 juni 2016 te Den Helder wapens van categorie I, onder 3 en/of 7, te weten,

- een gasdrukwapen (RAM CO2 combat .43) (618005) en

- een paintballgeweer (618010) en

- een gasdrukwapen (M16 replica .43)

voorhanden heeft gehad.

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. Verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

5 Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten:

Het bewezenverklaarde levert op:

met betrekking tot parketnummer 15/774345-13

ten aanzien van feit 1:

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en een vuurwapen van categorie III en munitie van categorie II en categorie III, meermalen gepleegd;

ten aanzien van feit 2:

Handelen in strijd met artikel 9, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en een vuurwapen van categorie III en munitie van categorie II en categorie III, meermalen gepleegd;

ten aanzien van feit 3:

Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;

ten aanzien van feit 4, tweede alternatief/cumulatief:

Verduistering gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking onder zich heeft, meermalen gepleegd.

met betrekking tot parketnummer 15/80252-16

ten aanzien van feit 3:

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en vuurwapen van categorie III en munitie van de categorie III, meermalen gepleegd.

ten aanzien van feit 4:

Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is derhalve strafbaar.

6 Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is derhalve strafbaar.

7.1

Motivering van de hoofdstraffen

Bij de beslissing over de hoofdstraffen die aan verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

In 2013 is bij verdachte in zowel zijn woning als een garage die hij in gebruik had, een zeer grote hoeveelheid wapens en munitie aangetroffen. Verdachte verzamelde niet alleen wapens, maar maakte onklaar gemaakte vuurwapens weer gangbaar. Hij testte deze door hiermee te schieten, waartoe hij in de genoemde garage voorzieningen had getroffen.

Ofschoon verdachte voor de verdenking van wapenbezit in 2013 enige tijd in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, heeft hij zich in 2016 wederom schuldig gemaakt aan verboden wapenbezit. In de woning van verdachte werd opnieuw een hoeveelheid wapens en munitie aangetroffen, waaronder een aantal gebruiksklare vuurwapens met bijhorende munitie. Ook is verdachte bezig geweest met het modificeren van wapens.

Verboden wapenbezit is een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen. Door te experimenteren met diverse wapens en munitie heeft verdachte ook zijn eigen veiligheid en die van zijn gezinsleden in gevaar gebracht.

Tevens heeft verdachte zich in de periode 2012/2013 schuldig gemaakt aan verduistering in dienstbetrekking. In de woning van verdachte werd een aantal goederen aangetroffen die hij zonder toestemming had meegenomen van zijn werkplek bij de Koninklijke Marine. Hiermee heeft verdachte misbruik gemaakt van het vertrouwen dat zijn werkgever in hem stelde.

Met betrekking tot de persoon van verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

- het op naam van verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie gedateerd 29 december 2016, waaruit blijkt dat verdachte reeds eerder voor overtreding van de Wet wapens en munitie onherroepelijk is veroordeeld.

- de over verdachte uitgebrachte pro justitia rapportage gedateerd 8 augustus 2016 van [deskundige]

Het psychologisch rapport gedateerd 8 augustus 2016 houdt onder meer het volgende in.

Betrokkene heeft sedert zeer jonge leeftijd een fascinatie voor oorlogen en militair wapentuig. In 2013 is hij aangehouden en preventief gehecht wegens eenzelfde feit. Hij heeft toen een reclasseringstoezicht en een aantal behandeltrajecten met positief gevolg afgerond.

De patroonhulzen en de machine die is gevonden om lopen te vervaardigen, waren volgens hem onderdeel van een nieuw ‘project’. Het zelf kunnen vervaardigen van geweerslopen zou voor hem de ultieme prestatie betekenen. Hij omschrijft dat hij in de periode rondom het ten laste gelegde weer aan het ‘afglijden’ was, in reactie op een groot aantal stressvolle gebeurtenissen in zijn leven, zoals het overlijden van zijn moeder en beste vriend, het tweemaal verliezen van zijn baan, een echtscheiding en de vele conflicten met zijn ex-vrouw, in het bijzonder die rondom de opvoedingsproblemen van zijn jongste zoon.

Betrokkene labelt zijn fascinatie voor wapens zelf als een verslaving, waar hij moeilijk van loskomt en die hij, net als drugs, soms nodig lijkt te hebben om zich goed te voelen. Met name in periodes waarin hij zich somber of onzeker voelt, is het vervaardigen en herstellen van kapotte wapens volgens hem het enige wat voor hem een zekere opleving in stemming of ‘kick’ met zich meebrengt.

Hij stelt nadrukkelijk dat het de mechaniek van het wapen is dat hem interesseert, niet het schieten zelf of de schade die hiermee kan worden aangericht. In periodes waarin hij zich niet met wapens bezig houdt, voelt hij zich naar eigen zeggen prikkelbaar.

Betrokkene is een man met een persoonlijkheidsstoornis met paranoïde en obsessief compulsieve trekken. Bij hem is in beschrijvende zin sprake van een kwetsbaar zelfgevoel, dat sterk leunt op zijn prestaties en aanzien ten opzichte van belangrijke anderen. Voorts is er bij hem sprake van een kwetsbare persoonlijkheidsstructuur en een hoge mate van angstgevoeligheid, die vooral tot uiting komen in internaliserende psychische problemen, zoals overmatig piekeren, slaapproblemen en periodes van somberheid/depressies. Bij hoge druk bestaat er zelfs een risico op psychotische decompensatie. Betrokkene heeft van huis uit nauwelijks geleerd om onlustgevoelens te onderkennen en te hanteren, waardoor deze door hem worden onderdrukt, ontkend en gecontroleerd. Door zich vast te houden aan planningen, perfectionisme en vastomlijnde ideeën over anderen en de wereld, houdt hij zijn omgeving enigszins voorspelbaar en hanteerbaar, waardoor hij zijn angsten in de hand kan houden en eventuele decompensatie voor kan zijn. Betrokkene had moeite om zijn gevoelens van verdriet, maar ook die van boosheid en teleurstelling te uiten en te reguleren, hetgeen leidde tot depressieve gevoelens. Betrokkene is beperkt in zijn emotionele copingstrategieën om onlustgevoelens op constructieve wijze te reguleren, en weet zijn kwetsbare zelfgevoel vrijwel uitsluitend te repareren door iets te doen waar hij heel goed in is.

Gezien bovenstaande kan er een verband worden aangetoond tussen de persoonlijkheidsproblematiek en recidiverende depressies van betrokkene en zijn strafbare gedrag. Enerzijds was betrokkene zich er goed van bewust, zeker na zijn preventieve hechtenis wegens eenzelfde feit in 2013, welke negatieve consequenties zijn gedrag kon hebben. De aard van het ten laste gelegde herbergt bovendien vele momenten waarbij betrokkene zijn gedrag kon (her)overwegen, zeker aangezien er bij hem geenszins sprake is van een gestoorde impulscontrole en de persoonlijkheidsproblematiek van betrokkene juist een overmatige planmatigheid met zich meebrengt. Aan de andere kant zijn de emotionele copingstrategieën bij betrokkene beperkt en eenzijdig ontwikkeld. De periode in aanloop naar het ten laste gelegde werd gekenmerkt door een groot aantal stressvolle en emotionele gebeurtenissen, die vermoedelijk leidden tot een depressieve episode.

Bovenstaande tegen elkaar afwegende is toch gekozen voor het advies om betrokkene licht verminderd toerekeningsvatbaar te houden voor de hem ten laste gelegde feiten.

Om de kans op recidive ook op langere termijn terug te dringen, is het zinvol als betrokkene zich (opnieuw) in behandeling stelt voor zijn persoonlijkheidsproblematiek. Uit de behandelgegevens van de FPD komt naar voren dat betrokkene na zijn aanhouding in 2013 een periode is behandeld door middel van schematherapie. Toen het weer slechter met hem ging, heeft hij zich echter beter voorgedaan dan hij was. Het zich groot houden in situaties waarin stress en spanning bij hem oplopen, is onderdeel van zijn persoonlijkheidspathologie. Binnen een nieuw behandeltraject dient hiervoor oog te zijn, en een drangkader in de vorm van een reclasseringstoezicht kan hierin van toegevoegde waarde zijn. Binnen de behandeling dient met name te worden gewerkt aan het versterken van de eigenwaarde en het verdragen en aangaan van onlustgevoelens, in plaats van ze te vermijden door het bezighouden met wapens.

Geadviseerd wordt om betrokkene een ambulante behandeling binnen een forensische polikliniek als bijzondere voorwaarde op te leggen bij een reclasseringstoezicht.

Met het advies en de conclusie van dit rapport kan de rechtbank zich verenigen.

- het over verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport gedateerd 31 augustus 2016 van [reclasseringsmedewerker], verbonden aan Reclassering Nederland.

Het reclasseringsrapport gedateerd 31 augustus 2016 houdt onder meer het volgende in.

Betrokkene ontvangt vooralsnog een WW-uitkering van ongeveer € 1.200 per maand. Hij kan goed rondkomen van dit inkomen en geeft aan dat hij sinds een maand ook een financiële aanvulling ontvangt uit zijn werkzaamheden als bloemenbezorger. Hij heeft de belastingdienst hierover ingelicht, zo vertelt hij.

Betrokkene draagt samen met zijn partner zorg voor het betalen van hun vaste lasten. Zijn partner ontvangt een inkomen uit haar werkzaamheden als activiteiten begeleidster bij de hulpverlenende organisatie ActiefTalent.

Werk

Positief te noemen is dat betrokkene momenteel over een zinvolle dagbesteding beschikt. Hij vertelt dat hij via zijn buurman een baan heeft gevonden als bloemenbezorger, hetgeen hij met veel plezier uitvoert. Dit werk doet hij parttime zes dagen per week, variërend tussen de één en vier uren per dag.

Houding ten opzichte van begeleiding/behandeling

Betrokkene toont een meewerkende houding ten aanzien van een begeleidingstraject. Betrokkene staat open voor deelname aan ambulante behandeling binnen een forensische polikliniek.

Inschatting recidiverisico

Het recidiverisico wordt (o.b.v. de beschikbare informatie) ingeschat als laag (op kort termijn). Op langer termijn bestaat er echter wel een matig recidiverisico in verband met de aanwezige persoonlijkheidsproblematiek en beperkt ontwikkelde emotionele copingstrategieën.

Geadviseerd wordt een (gedeeltelijk) voorwaardelijke straf op te leggen. Hierbij worden de volgende bijzondere voorwaarden geadviseerd:

• Meldplicht

[verdachte] zal zich moeten houden aan de aanwijzingen die Reclassering Nederland hem geeft, voor zover deze niet reeds zijn opgenomen in een andere bijzondere voorwaarde.

[verdachte] zal zich moeten blijven melden zo frequent als Reclassering Nederland dat nodig acht.

• Behandelverplichting – Ambulante behandeling

[verdachte] wordt verplicht mee te werken aan een behandeltraject bij Dienst Forensische Psychiatrie of een soortgelijke instelling.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd

Hoewel, gelet op de hoeveelheid van de aangetroffen wapens en munitie, een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf in de rede ligt, zal de rechtbank aan verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf opleggen dan de duur van het voorarrest. De rechtbank heeft bij deze beslissing het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte is een fervent vuurwapenverzamelaar, die gefascineerd is door de techniek van oudere wapens met name uit de periode van de Tweede wereldoorlog. Het ging er verdachte met name om onklaar gemaakte of defecte wapens weer gangbaar en schietklaar te maken. Het schieten vormde daarbij geen doel op zichzelf. Hoewel verdachte in het verleden een diploma/certificaat heeft behaald voor het transformeren van wapens, is deze poging om een erkenning voor zijn op zichzelf illegale liefhebberij te krijgen, mislukt. Dit omdat vanwege een eerdere veroordeling in verband met illegaal wapenbezit geen Verklaring Omtrent Gedrag werd afgegeven. De wapens en munitie werden op verborgen plekken in de woning en de garage van verdachte bewaard. Niemand was op de hoogte van het bestaan van de collectie, zelfs niet de gezinsleden van verdachte. Bovendien is niet gebleken dat verdachte handelde in wapens en munitie en dat hij contacten had in het criminele circuit.

Verder heeft de rechtbank in het voordeel van verdachte laten meewegen dat hij ter terechtzitting volledige openheid van zaken heeft gegeven en dat hij zich schaamt voor zijn handelen. Deze meewerkende houding van verdachte is de rechtbank ook gebleken uit de wijze waarop hij op de zeer uitgebreide tenlastelegging van het Openbaar Ministerie heeft gereageerd in de vorm van het aanleveren van een tabel met commentaar op alle afzonderlijke onderdelen, hoewel verdachte destijds in 2013 door de politie niet in detail op al deze beslagnummers was gehoord.

Verdachte heeft als gevolg van de gepleegde verduistering in 2013 zijn baan verloren en heeft vervolgens moeite gehad met het vinden van vast werk. Ook liep zijn huwelijk stuk. Nadat de strafzaak van 2013 geen verder vervolg van het Openbaar Ministerie leek te krijgen, verviel verdachte in verband met zijn persoonlijke problemen opnieuw in strafbaar gedrag. Eerst doordat verdachte naar aanleiding van deze zaak is onderzocht door een psycholoog, is hem duidelijk geworden wat de oorzaak van zijn handelen is, en dat hij voor zijn problematiek verder behandeld moet worden. Deze behandeling is inmiddels in gang gezet. Ter terechtzitting heeft verdachte zich bereid verklaard de verdere behandeling te ondergaan. In de bepaling van de op te leggen straf houdt de rechtbank hier rekening mee.

Voorts neemt de rechtbank in aanmerking dat verdachte voor de ten laste gelegde feiten volgens de deskundige verminderd toerekeningsvatbaar moet worden geacht. Het gegeven dat de strafzaak uit 2013 pas na de tweede inval in de woning van verdachte in 2016 door het Openbaar Ministerie weer is opgepakt, betekent daarnaast dat ten aanzien van de feiten uit 2013 sprake is van een aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn waarbinnen de strafzaak had moeten worden berecht.

De rechtbank zal teneinde verdachte te weerhouden wederom in de fout te gaan, naast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest, een lange voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden opleggen, en zal daaraan een proeftijd verbinden van drie jaren. Aan het voorwaardelijke deel van de gevangenisstraf zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden koppelen zoals genoemd in het reclasseringsadvies van 31 augustus 2016.

Naar het oordeel van de rechtbank dient daarnaast aan verdachte een taakstraf voor de maximale duur te worden opgelegd.

Dadelijke uitvoerbaarheid

Omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte gezien zijn strafrechtelijk verleden en de problematiek zoals geschetst in het uitgebrachte psychologisch rapport wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, beveelt de rechtbank dat de voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn. De zonder gerichte behandeling kennelijk moeilijk bedwingbare drang van verdachte om wapens te verzamelen en schietklaar te maken, gecombineerd met het door de deskundige geconstateerde gevaar van psychotische decompensatie van verdachte vormen naar het oordeel van de rechtbank tezamen een reëel gevaar voor de onaantastbaarheid van het lichaam van personen die de maatregel van dadelijke uitvoerbaarheid zonder meer rechtvaardigen. De rechtbank acht het van groot belang dat de inmiddels gestarte forensische behandeling van verdachte door een mogelijk hoger beroep niet wordt onderbroken.

7.2

Beslag

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten

1. STK Patroonhouder 617712

2 1.00 STK Wapen schietpen 617898

3 1.00 STK Dolk K1:Zwart 617901

4 1.00 STK Munitie hagelpatroon 617907

5 1.00 STK Munitie hagelpatroon 17 928

6 3.00 ZAK Munitie.22 617929

7 2.00 DS Munitie slaghoedjes 617930

8 2.00 DS Munitie Projectiel 617931

9 2.00 ZAK Munitie 7.62 617932

10 1.00 ZAK Munitie IWLS 617934

11 2.00 DS Munitie 9 MM kort 617935

12 1.00 STR Wapen SIG 617936

13 1.00 STK Wapen Demper 617937

14 2.00 ZAK Munitie onbekend Kalibr

617938

15 1.00 ZAK Munitie huis + koppen 9mm

617939

16 2.00 DS Munitie huizen 10 mm 617 942

17 1.00 DS Munitie Winchester 617944

18 2.00 DS Munitie .22 617945

19 3.00 DS Munitie • 22 617947

20 7.00 DS Munitie .23 & .45 617952

21 2.00 ZAK Munitie 7.65 617953

22 2.00 ZAK Munitie .38 Special

617963

23 1.00 STK Wapen loop 617969

24 1.00 STK Wapen onderdeel 617976

25 1.00 ZAK Munitie Steekmunitie 617977

26 1.00 STK Wapen machinepistool

617979

27 1.00 STK Wapen FEG 617984

28 1.00 STK Wapen Cz 617985

29 1.00 STK Wapen CZ pistool 617987

30 8.00 STK Patroonhouder 617989

31 1.00 STK Wapen R.M CO2 618005

32 1.00 STK Wapen MP5 Replica 618010

33 1.00 STK Wapen M16 Replica 618012

34 1.00 STK Wapen drie klauw 618015

35 1.00 STK Munitie projectiel618016

36 1.00 STK Kruit Rookzwartkruit 618017

37 2.00 DS Matrijs 618019

39 1.00 STK Wapen Loop 618028

40 1.00 STK Wapen 0350 618029

41 1.00 STK Wapen Loop 618033

42 3.00 STK Wapen Magazijnhouder

618034

43 1.00 STK Gereedschap Trekken Velden

618036

44 1.00 STK Wapen Pistoolloop

618047

45 1.00 STK Munitie HAGEL

618053

dienen te worden onttrokken aan het verkeer. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de onder parketnummer 15/800252-16 onder 3 en 4 bewezen verklaarde feiten met betrekking tot die voorwerpen zijn begaan. Het ongecontroleerde bezit van die voorwerpen is in strijd met de wet en het algemeen belang.

8. Overige beslissingen omtrent in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

38. 1.00 stk kerstartikel verlichting 618022 en

1. stk. Verrekijker GPIMS b. 1800.11 454405,

dienen te worden teruggegeven aan verdachte.

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36b, 36c, 57, 322 van het Wetboek van Strafrecht,

artikelen 9, 13, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie,

zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

10 Beslissing

De rechtbank:

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte onder parketnummer 15/743450-13 onder 4, eerste alternatief/cumulatief is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte onder parketnummer 15/800252-16 onder 1 en 2 is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte de onder parketnummer 15/743450-13 onder 1 tot en met 3 en 4 tweede alternatief/cumulatief en onder parketnummer 15-800252-16 onder 3 en 4 ten laste gelegde feiten heeft begaan zoals hiervoor onder 4.3 weergegeven.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt hem daarvan vrij.

Bepaalt dat de onder parketnummer 15/743450-13 onder 1 tot en met 3 en 4 tweede alternatief/cumulatief en onder parketnummer 15-800252-16 onder 3 en 4 bewezen verklaarde feiten de hierboven onder 5. vermelde strafbare feiten opleveren.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 16 (ZESTIEN) MAANDEN.

Beveelt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot 12 (TWAALF) MAANDEN niet ten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van drie jaren.

Stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.

- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen.

Stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich zal melden bij Reclassering Nederland gevestigd te (1824 DX) Alkmaar, Drechterwaard 102, en zich zal blijven melden zolang en zo frequent als Reclassering Nederland dit noodzakelijk acht;

- wordt verplicht mee te (blijven) werken aan een behandeltraject bij de Dienst Forensische Psychiatrie of een soortgelijke instelling, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.

Beveelt dat de op grond van artikel 14c gestelde voorwaarden en het op grond van artikel 14d uit te oefenen toezicht dadelijk uitvoerbaar zijn.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Veroordeelt verdachte tot het verrichten van 240 (tweehonderdveertig) uren taakstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.

Onttrekt aan het verkeer:

1. STK Patroonhouder 617712

2 1.00 STK Wapen schietpen 617898

3 1.00 STK Dolk K1:Zwart 617901

4 1.00 STK Munitie hagelpatroon 617907

5 1.00 STK Munitie hagelpatroon 17 928

6 3.00 ZAK Munitie.22 617929

7 2.00 DS Munitie slaghoedjes 617930

8 2.00 DS Munitie Projectiel 617931

9 2.00 ZAK Munitie 7.62 617932

10 1.00 ZAK Munitie IWLS 617934

11 2.00 DS Munitie 9 MM kort 617935

12 1.00 STR Wapen SIG 617936

13 1.00 STK Wapen Demper 617937

14 2.00 ZAK Munitie onbekend Kalibr

617938

15 1.00 ZAK Munitie huis + koppen 9mm 617939

16 2.00 DS Munitie huizen 10 mm 617 942

17 1.00 DS Munitie Winchester 617944

18 2.00 DS Munitie .22 617945

19 3.00 DS Munitie • 22 617947

20 7.00 DS Munitie .23 & .45 617952

21 2.00 ZAK Munitie 7.65 617953

22 2.00 ZAK Munitie .38 Special

617963

23 1.00 STK Wapen loop 617969

24 1.00 STK Wapen onderdeel 617976

25 1.00 ZAK Munitie Steekmunitie 617977

26 1.00 STK Wapen machinepistool

617979

27 1.00 STK Wapen FEG 617984

28 1.00 STK Wapen Cz 617985

29 1.00 STK Wapen CZ pistool 617987

30 8.00 STK Patroonhouder 617989

31 1.00 STK Wapen R.M CO2 618005

32 1.00 STK Wapen MP5 Replica 618010

33 1.00 STK Wapen M16 Replica 618012

34 1.00 STK Wapen drie klauw 618015

35 1.00 STK Munitie projectiel618016

36 1.00 STK Kruit Rookzwartkruit 618017

37 2.00 DS Matrijs 618019

39 1.00 STK Wapen Loop 618028

40 1.00 STK Wapen 0350 618029

41 1.00 STK Wapen Loop 618033

42 3.00 STK Wapen Magazijnhouder

618034

43 1.00 STK Gereedschap Trekken Velden

618036

44 1.00 STK Wapen Pistoolloop

618047

45 1.00 STK Munitie HAGEL

618053

Gelast de teruggave aan verdachte van:

38. 1.00 stk kerstartikel verlichting 618022 en

1. stk. Verrekijker GPIMS b. 1800.11 454405

Heft op de reeds geschorste bevelen tot voorlopige hechtenis van verdachte.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. J.M. Sassenburg, voorzitter,

mr. K.G. Witteman en mr. N. Boots, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier D.H. Geuze,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 10 februari 2017.