Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2016:2699

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
30-03-2016
Datum publicatie
05-04-2016
Zaaknummer
4941835 OA VERZ 16-80
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Wwz. Ontbinding arbeidsovereenkomst

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/1005
AR 2016/1006
AR-Updates.nl 2016-0365
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton - locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 4941835 \ OA VERZ 16-80 (PA)

Uitspraakdatum: 30 maart 2016

Beschikking in de zaak van:

de stichting Stichting Parlan,

gevestigd te Alkmaar

verzoekende partij

verder te noemen: Parlan

gemachtigde: mr. E.A.T. den Haan-van Wijk

tegen

[naam] ,

wonende te [woonplaats]

verwerende partij

verder te noemen: [de werknemer]

gemachtigde: mr. P.P.J.L. Appelman

1 Het procesverloop

1.1.

Parlan heeft een verzoek gedaan om de arbeidsovereenkomst tussen partijen te ontbinden. [de werknemer] heeft een verweerschrift ingediend.

2 De beoordeling

2.1.

Parlan verzoekt de arbeidsovereenkomst met [de werknemer] te ontbinden op grond van artikel 7:671b lid 1, onderdeel a, van het Burgerlijk Wetboek (BW). Aan dit verzoek legt Parlan ten grondslag dat sprake is van – kort gezegd – een verstoorde arbeidsverhouding en dat herplaatsing van [de werknemer] niet meer mogelijk is.

2.2.

[de werknemer] heeft verweer gevoerd, maar heeft ook erkend dat inmiddels sprake is van een zodanig verstoorde arbeidsverhouding dat van Parlan in redelijkheid niet meer kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Ook [de werknemer] ziet geen mogelijkheden meer voor herplaatsing.

2.3.

Nu [de werknemer] heeft erkend dat de arbeidsverhouding verstoord is, en partijen het erover eens zijn dat die verstoring onherstelbaar is en herplaatsing van [de werknemer] niet meer mogelijk moet worden geacht, zal de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ontbinden. Gelet op de standpunten van partijen is immers sprake van een redelijke grond voor ontbinding als bedoeld in artikel 7:671b lid 1, onderdeel a, BW, in verbinding met artikel 7:669 lid 3, onderdeel g, BW, en is er geen mogelijkheid tot herplaatsing van [de werknemer] .

2.4.

Partijen zijn het erover eens dat sprake is van een opzegtermijn van vier maanden. Daarvan uitgaande zal de arbeidsovereenkomst met toepassing van artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW worden ontbonden met ingang van 1 augustus 2016.

2.5.

Gezien de uitkomst van de zaak is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 augustus 2016;

3.2.

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

3.3.

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gewezen door mr. P.J. Jansen, kantonrechter en op 30 maart 2016 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter