Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2016:1556

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
07-03-2016
Datum publicatie
08-06-2016
Zaaknummer
C/15/238106 / KG ZA 16-30
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Reputatieschade door onrechtmatige uitlatingen. Verbod en rectificatie. Gedaagde wekt naar derden de suggestie dat eisers inbreuk maken op IE-rechten met betrekking tot software, terwijl conform vaststellingsovereenkomst wordt gehandeld. Na verstrijken concurrentiebeding is het eisers toegestaan gedaagde te beconcurreren. Dit kan anders zijn indien daarbij gebruik wordt gemaakt van ongeoorloofde middelen of als andere bijkomende omstandigheden de concurrentie oneerlijk en daarmee ongeoorloofd maken. Daarvan is in het onderhavige geval niets gesteld of gebleken. Hoe dan ook niet toegestaan zich daar tegen te weren op de wijze zoals gedaagde heeft gedaan. Zij had haar klanten op een neutrale, in het maatschappelijk verkeer aanvaardbare, wijze kunnen uitleggen hoe de vork in de steel zit, zonder daarbij allerlei onterechte suggesties te wekken en eiseres in een kwaad daglicht te stellen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling privaatrecht

Zittingsplaats Haarlem

zaaknummer / rolnummer: C/15/238106 / KG ZA 16-30

Vonnis in kort geding van 7 maart 2016

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LEAD SOLUTIONS B.V.,

gevestigd te Zeist,

2. [eiser2],

wonende te [woonplaats],

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DBMASTER BEHEER B.V.,

gevestigd te Utrecht,

eisers,

advocaat mr. C. [C.] te Utrecht,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PROMPTUS CURSUSSOFTWARE B.V.,

gevestigd te Winterswijk,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LISDONK SOLUTION DEVELOPMENT (LSD) B.V.,

gevestigd te Driebergen-Rijsenburg,

gedaagden,

in persoon verschenen bij monde van de heer [A.].

Partijen zullen hierna genoemd worden eisers gezamenlijk’ LEAD c.s.’ en ieder afzonderlijk ‘LEAD’, ‘[eiser2]’ dan wel ‘DBMaster’ en gedaagden gezamenlijk ‘Promptus c.s.’ en ieder afzonderlijk ‘Promptus’ dan wel ‘LSD’ genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

  • -

    een schriftelijk verweerschrift van Promptus c.s.

  • -

    de mondelinge behandeling op 22 februari 2016

  • -

    de pleitnota van LEAD c.s.

  • -

    de pleitnota (getiteld “verweerschrift”) van de zijde van Promptus c.s.

1.2.

Bij gelegenheid van de mondelinge behandeling op 22 februari 2016 zijn verschenen namens LEAD c.s. [eiser2] voor zich in privé en als indirect bestuurder van LEAD en DBMaster voornoemd, vergezeld van mr. [C.] voornoemd en namens Promptus c.s. [A.] (directeur) voornoemd.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Uit een uittreksel uit de Kamer van Koophandel blijkt dat LEAD zich bezig houdt met het ontwikkelen, produceren en uitgeven van software. De enig aandeelhouder/ bestuurder van LEAD is Campus Vinoven B.V. Via DBMaster Beheer B.V. is haar indirect bestuurder de heer [eiser2] (hierna: [eiser2]). LEAD voert onder meer als handelsnamen ‘Carta Software’ en ‘Carta Online’.

2.2.

Ook Promptus houdt zich blijkens het uittreksel uit de Kamer van Koophandel bezig met het ontwikkelen, produceren en uitgeven van software. Haar enig aandeelhouder/bestuurder is Lisdonk Solution Development B.V. De enig aandeelhouder/bestuurder van die vennootschap is de heer [A.] (hierna: [A.]).

2.3.

In het verleden hebben DBMaster Beheer B.V. en Promptus samengewerkt in een vennootschap onder firma. Op enig moment zijn daarbij tussen hen verschillen van mening gerezen over de bedrijfsvoering.

2.4.

Om een eind te maken aan de meningsverschillen en de samenwerking is tussen DBMaster Beheer B.V. en Lisdonk Solutions Development (LSD) B.V. op 10 januari 2014 een vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. Deze overeenkomst houdt voor zover hier van belang het volgende in:

“(…)

OVERWEGENDE

  • -

    A) In 1997 zijn Partijen (vzr.: DBMaster en LSD gezamenlijk) als vennoten gaan samenwerken in een v.o.f.

  • -

    B) De activiteiten uit deze v.o.f. zijn in 2007 deels overgedragen aan Lead Solutions B.V. (…) en deels aan Promptus Cursussoftware B.V. (…)

  • -

    C) Aandeelhouders van Lead waren (ieder voor 33 %) de heer [eiser2] als directeur van DBMaster Beheer B.V. (…), de heer [A.] als directeur van Lisdonk Solution Development B.V. (…) en de heer [B.]. Aandeelhouders van Promptus zijn Partijen, LSD voor 51% en DBM voor 49%.

  • -

    D) In 2009 heeft LSD haar aandelen in Lead overgedragen aan DBM en [B.]. Later heeft ook [B.] zijn aandelen overgedragen aan DBM. DBM is thans via Campus Vinoven B.V. enig aandeelhouder van Lead. LSD en DBM zijn gezamenlijk aandeelhouder in Promptus gebleven.

  • -

    E) Tussen Partijen is verschil van mening ontstaan over de beleidsvoering van Promptus, welke onenigheid heeft geleid tot diverse juridische procedures.

  • -

    F) Partijen hebben vervolgens via mediation (…) alsnog de tussen hen bestaande geschillen beslecht en wensen de gemaakte afspraken vast te leggen in deze vaststellingsovereenkomst (hierna: Overeenkomst).

KOMEN HET NAVOLGENDE OVEREEN:

Artikel 1 Aandelen

1.1

DBM verkoopt hierbij haar aandelen (…) in Promptus aan LSD en LSD koopt hierbij de Aandelen van DBM, onbezwaard en met alle vanaf het moment van leveren behorende of daaruit voortvloeiende rechten en plichten, één en ander met inachtneming van het bepaalde in deze Overeenkomst.

(…)

Artikel 2 Koopprijs

2.1

De koopprijs voor de Aandelen wordt voldaan in natura en wel door middel van overdracht per de Leveringsdatum door Promptus aan Lead/DBM van de licentieovereenkomsten tussen Promptus en de volgende drie klanten: Dukers & Baelemans B.V., de Rino Groep en Stichting Ipse de Bruggen.

2.2

Artikel 2.1 brengt met zich dat Lead de inkomsten die vanaf 1 januari 2014 door bovengenoemde klanten uit hoofde van de licentieovereenkomsten verschuldigd zijn, zal ontvangen. (…)

2.3

Lead behoudt de door haar met de in lid 1 genoemde klanten afgesloten onderhoudscontracten op de software.

2.4

De onderhoudscontracten op de software van Lead met alle andere klanten van Promptus worden per de Leveringsdatum, overgedragen aan Promptus. Dit betreft volgens opgave van Lead de onderhoudscontracten met de klanten: SNS Reaal, De Kempel, Venwoude, IPABO, GMIA, GGNet, LFS, JPAO, Inrush en Huibers, thans genaamd Financieel College.

(…)

2.7

Promptus behoudt de overige klanten met wie zij licentieovereenkomsten heeft afgesloten (…)

2.8

Gedurende twee jaar vanaf 1 januari 2014 (derhalve tot en met 31 december 2015) zal het Partijen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere partij niet zijn toegestaan om op enigerlei wijze (direct dan wel indirect) werkzaamheden te verrichten of anderszins betrokken te zijn bij die klanten die aan de andere partij zijn toebedeeld in het kader van de Overeenkomst.

2.9

Promptus mag in afwijking van het onder 2.8 gestelde gedurende het jaar 2014 cursussen en trainingen blijven verzorgen voor de aan DBM overgedragen klanten als genoemd in 2.1. In voorkomende gevallen is Promptus geen (financiële) afdracht of andersoortige vergoeding verschuldigd aan Lead.

(…)

Artikel 5 Software

5.1

Lead en Promptus verkrijgen, met inachtneming van artikel 5.2, vanaf de Leveringsdatum gezamenlijk de aan de software verbonden rechten van intellectueel eigendom, welke software bekend is onder de namen Promptus SE, Promptus SBE, Promptus CRM, Promptus QueryBuilder, E-Register en Promptus Licentietool, alsmede een kopie van alle bestaande koppelingen tussen Promptus en externe systemen zoals financiële pakketten en personeelsinformatiesystemen (hierna “de Software”). Ontwikkelingen (updates en nieuwe versies) aan de Software na de Leveringsdatum vallen nadrukkelijk buiten de werkingssfeer van dit artikel en op de partij die deze ontwikkelingen tot stand heeft gebracht, rust geen enkele verplichting om die te delen met de andere partij.

5.2

Promptus behoudt de merken, domeinen (voor zover van toepassing) en namen Promptus, Promptus SE, Promptus SBE, E-Register, Promptus QueryBuilder en Promptus Licentietool. LEAD zal voor deze producten extern uitsluitend nieuwe namen hanteren. Lead zal de hiervoor benodigde aanpassingen in de software, op haar website en in haar documentatie op een zo kort mogelijke termijn aanbrengen.

5.3

Voor het overige hebben Partijen alle rechten, daaronder begrepen intellectuele eigendomsrechten, en andere rechten op de Software.

5.4

Onder de Software wordt in deze Overeenkomst naast het gebruiksklare product, tevens begrepen de broncode van de Software, al het maatwerk op de Software en de broncode hiervan, eventuele documentatie, grafische elementen en objectcode.

5.5

Partijen respecteren over en weer de (gezamenlijke) eigendomsrechten die zij met ingang van de Leveringsdatum ter zake van de Software zullen hebben overeenkomstig de regeling als vastgelegd in deze Overeenkomst.

(…)

Artikel 11 Betamelijkheid

Partijen zullen zich ten opzichte van elkaar (blijven) gedragen zoals het in het maatschappelijk verkeer betamelijk is en zich dienovereenkomstig over elkaar uitlaten.”

2.5.

Op 14 januari 2016 is door [A.] in zijn hoedanigheid van directeur van Promptus aan (voormalig) klanten van Promptus een e-mail verzonden met de volgende inhoud:

“Zeer gewaardeerde Promptus-relatie,

Ik heb van een aantal van u verontrustende e-mailtjes ontvangen over iemand die ze benadert met een cursusadministratiesysteem dat wel heel erg op Promptus lijkt.

Vandaar dat ik u nu deze e-mail stuur.

Het blijkt dat een ex-medewerker van ons onder de naam Carta Online relaties van Promptus benadert om ze over te halen naar zijn cursusadministratiesysteem.

Carta Online is nota bene een kopie van Promptus dat hij bij zijn vertrek heeft meegenomen!!

Dus opleiders let op: de naam Carta Online is een nep-Promptus van een rancuneuze ex ontwikkelaar.

Indien u ook een dergelijke e-mail van Carta hebt ontvangen zou u mij een groot plezier doen door ze een e-mail te sturen waarin u dit soort praktijken afkeurt!”

2.6.

[A.] heeft tevens een bericht op Facebook geplaatst hierover, welk bericht luidt:

“het blijkt dat een ex-medewerker van mijn bedrijf, Promptus Cursussoftware, onze klanten benadert om ze over te halen naar zijn cursusadministratiesysteem. En dat is nota bene een kopie van ons systeem!!

Hahaha Hoe dom moet je dan zijn? Dus opleiders let op: De naam, Carta Online is een kopie van Promptus van een rancuneuze ex ontwikkelaar.

Hahaha.”

2.7.

Bij brief van 15 januari 2016 van haar advocaat heeft LEAD Promptus gesommeerd een lijst over te leggen van de personen/bedrijven aan wie zij haar

e-mail van 14 januari 2016 heeft toegezonden, inclusief mailadressen, verder om vóór 21 januari 2016 de door haar verzonden tekst te rectificeren op de door de advocaat voorgeschreven wijze, met kopie van de verzonden rectificaties aan de advocaat en tot slot om met uitzondering van de rectificatie de uitlatingen over Carta Online software te verwijderen en verwijderd te houden.

2.8.

Op deze sommatiebrief is als volgt gereageerd door Promptus:

“Geachte heer [C.], Geachte heer [eiser2],

Gezien het feit dat u in uw PDF-sommatie een kopie hebt opgenomen van een aan de heer [B.] persoonlijk verzonden e-mail, en gezien het feit dat de heer [B.] deze e-mail nooit heeft doorgezonden aan u of op welke andere wijze dan ook heeft gedeeld met u, rest er vooralsnog geen andere conclusie dat u heeft ingebroken op de computersystemen van Promptus.

Ik geef u tot zondagavond 17 januari 2016, 20:00 uur de tijd om een sluitende verklaring te geven voor uw bezit van deze e-mail.

Heb ik op dat moment geen verklaring dan zal ik maandagochtend aangifte doen bij de politie van computerfraude.

Ik heb begrepen dat de heer [B.] voornemens is hetzelfde te doen.

Indien ik uiterlijk zondagavond geen verklaring heb van de heer [D.] met betrekking tot zijn rol in dit geheel, zal ik maandagochtend tevens de deken van de orde op de hoogte brengen van mijn vermoedens.

Justitie en de orde moeten dan verder maar uitzoeken hoe de vork in de steel zit en wie er waar heeft ingebroken.”

3 Het geschil

3.1.

LEAD c.s. vordert dat de voorzieningenrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

Primair:

1) Promptus c.s.zal bevelen dat zij zich binnen 24 uur na betekening van dit vonnis dient te onthouden van negatieve berichtgeving over LEAD aan derden - al dan niet via social media - waaronder berichten met de strekking dat LEAD kopie software van Promptus zou verhandelen, alsmede om de reeds geplaatste Berichtgeving te verwijderen en verwijderd te houden;

2) Promptus c.s. zal bevelen de verplichting voortvloeiend uit arttket 11 van de vaststellingsovereenkomst na te komen;

3) Promptus c.s. zal bevelen om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis aan de advocaat van LEAD c.s. schriftelijk een bericht in de Nedertandse taal te doen toekomen waaruit blijkt aan welke derden, waaronder zowel natuurlijke personen als rechtspersonen, de Berichtgeving (ongeacht de vorm) is verzonden, dan wel kenbaar te maken onder overlegging van kopieën (inclusief adressen en/of

e-mailadressen) van de desbetreffende Berichtgeving aan die derden;

4) Promptus c.s. zal bevelen binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis aan alle derden als bedoeld sub 3 van dit petitum een rectificatie te verzenden (lettertype Trebuchet MS, grootte 11 in kleur zwart met achtergrond wit) met uitsluitend de volgende tekst:

“Zeer gewaardeerde Promptus-relatie,

Recent heb ik via een bericht aan u volstrekt ten onrechte de indruk gewekt dat Carta Online kopie software van Promptus zou verhandelen. Die stelling is niet juist, Carta Online heeft een eigen software programma dat geen kopie is van ons product en geen inbreuk maakt op onze software. Het staat u derhalve vrij om te kiezen voor de software van Carta Online. Wij betreuren het u met onjuiste informatie te hebben lastig gevallen en bieden u en Carta Online daarvoor excuses aan.

Met vriendelijke groet

[A.]

Promptus Cursussoftware B. V.”

5) Promptus c.s. zal bevelen kopieën van alle verzonden rectificatieberichten, inclusief de zichtbaarheid naar welk (e-mail) adres deze zijn verzonden, binnen 24 uur na verzending te doen toekomen aan de advocaat van LEAD;

6) zal bepalen dat Promptus c.s. bij het niet, niet volledig en/of niet geheel tijdig nakomen van de hierboven sub 1 t/m 5 genoemde bevelen een direct opeisbare dwangsom aan LEAD verschuldigd is van € 25.000,- alsmede van € 500,- voor iedere dag - een gedeelte van de dag daaronder begrepen – dat Promptus niet tijdig of volledig nakomt, met een maximum van € 50.000,-;

7) Promptus c.s. zal veroordelen in de kosten van deze procedure.

Subsidiair:

1) Promptus c.s. zal bevelen uitvoering te geven aan door de voorzieningenrechter passend geachte (voorlopige) maatregelen die de negatieve gevolgen van de onrechtmatige Berichtgeving voor LEAD redresseren;

2) Promptus c.s. zal veroordelen in de kosten van deze procedure.

3.2.

LEAD c.s. legt aan haar vorderingen ten grondslag dat Promptus c.s. onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld door het doen van onrechtmatige uitlatingen en jegens DBMaster toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van artikel 11 van de vaststellingsovereenkomst. LEAD c.s. stelt daartoe dat [A.] in zijn hoedanigheid van directeur van Promptus zich onrechtmatig over haar heeft uitgelaten in de onder 2.5 en 2.6 bedoelde berichten en dat LSD als bestuurder van Promptus en partij bij de vaststellingsovereenkomst daar niet tegen is opgekomen, hetgeen eveneens onrechtmatig is jegens LEAD c.s.

3.3.

Promptus c.s. voert verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

Bevel tot nakoming artikel 11 vaststellingsovereenkomst

4.1.

De in 3.1. sub 2 weergegeven vordering van LEAD c.s. strekt ertoe dat Promptus c.s. zal worden bevolen artikel 11 van de vaststellingsovereenkomst na te komen. Artikel 11 van de vaststellingsovereenkomst luidt: Partijen zullen zich ten opzichte van elkaar (blijven) gedragen zoals het in het maatschappelijk verkeer betamelijk is en zich dienovereenkomstig over elkaar uitlaten.

Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is deze bepaling dermate vaag en ruim geformuleerd dat bij toewijzing van deze vordering de tenuitvoerlegging daarvan zeer waarschijnlijk tot executiegeschillen zal leiden. Reeds om die reden wijst de voorzieningenrechter de vordering sub 2 af.

Ten aanzien van DBMaster

4.2.

De overige vorderingen van LEAD c.s. zijn gebaseerd op de stelling dat Promptus c.s. onrechtmatig heeft gehandeld jegens haar door het doen van onrechtmatige uitlatingen.

Bedoelde uitlatingen richten zich tegen LEAD en tegen [eiser2] persoonlijk. DBMaster wordt door die berichtgeving niet (direct) geraakt. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat DBMaster geen belang heeft bij de overige vorderingen.

4.3.

Mede in aanmerking genomen het in 4.1. overwogene, volgt uit het vorenstaande dat DBMaster onvoldoende belang heeft bij de ingestelde vorderingen en om die reden niet in haar vorderingen kan worden ontvangen. DBMaster zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering.

4.4.

Waar in de rest van dit vonnis zal worden gesproken over LEAD c.s. worden daarmee uitsluitend LEAD en [eiser2] bedoeld.

Ten aanzien van LSD

4.5.

Door LEAD c.s. zijn zowel Promptus als LSD gedagvaard. LEAD c.s. stelt dat zij LSD heeft gedagvaard omdat zij als bestuurder/enig aandeelhouder van Promptus en als partij bij de vaststellingsovereenkomst niet heeft ingegrepen toen Promptus haar onrechtmatige uitlatingen deed. Volgens LEAD c.s. heeft LSD hierdoor eveneens onrechtmatig gehandeld.

4.6.

De voorzieningenrechter volgt LEAD c.s. hierin niet. De uitlatingen waar LEAD c.s. op doelt zijn gedaan door Promptus en [A.]. LSD kan hiervoor niet zonder meer aansprakelijk worden gehouden. Voor zover LEAD c.s. met haar stelling dat sprake is van onrechtmatig handelen omdat LSD als bestuurder van Promptus had moeten ingrijpen, hebben bedoeld te stellen dat er sprake is van externe bestuurdersaansprakelijkheid, hebben zij dat standpunt volstrekt onvoldoende onderbouwd, zodat daaraan voorbij gegaan zal worden. De jegens LSD ingestelde vorderingen zullen derhalve worden afgewezen.

4.7.

LEAD c.s. zal worden veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van LSD. Nu Promptus en LSD gezamenlijk verweer hebben gevoerd, zullen deze kosten worden begroot op nihil.

Inhoudelijk

4.8.

Door LEAD c.s. is in de dagvaarding gesteld dat Promptus zich schuldig heeft gemaakt aan het doen van onrechtmatige uitlatingen, bestaande uit een e-mailbericht en een bericht op Facebook. De voorzieningenrechter ziet aanleiding de uitlatingen hierna ieder afzonderlijk te behandelen.

Ten aanzien van het e-mailbericht

4.9.

Tussen partijen is niet in geschil dat [A.] in zijn hoedanigheid van (indirect) directeur van Promptus een e-mailbericht heeft rondgestuurd aan de (voormalige) klanten van Promptus met de inhoud zoals die hiervoor onder rechtsoverweging (hierna: r.o.) 2.5 is weergegeven.

4.10.

Door Promptus is in haar verweerschrift gemotiveerd uiteen gezet waarom volgens haar de tekst van deze e-mail niet als onrechtmatig kan worden beschouwd. In dat verband heeft zij benadrukt dat [eiser2] een ex-medewerker van Promptus is, dat [eiser2] bij het uiteengaan van partijen een kopie van de Promptus software zoals deze tot op dat moment was ontwikkeld heeft meegekregen, dat het product dat [eiser2] onder de naam Carta Online aanbiedt voortkomt uit die kopie van Promptus, en dat het geen Promptus heet en dus in feite een kopie van Promptus is. Ter zitting heeft zij erkend dat hetgeen LEAD gedaan heeft juridisch en contractueel wel is toegestaan, maar daar heeft zij tegenover gesteld dat zij graag zelf haar klanten wil behouden. Zij heeft verklaard dat zij het onbetamelijk vindt van LEAD dat zij haar klanten is gaan benaderen, vooral gelet op alle problemen die in het verleden tussen partijen gespeeld hebben.

4.11.

De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Het is Promptus uiteraard toegestaan om te trachten haar klanten voor zich te behouden. De vraag is echter of zij dat mag doen op de wijze waarop zij dat heeft geprobeerd. Dat is naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet het geval. De sfeer die in de e-mail wordt neergezet is er eentje die de suggestie wekt van ongeoorloofde praktijken aan de zijde van Carta Online en van inbreuk op de IE-rechten van Promptus. Dit blijkt onder meer uit een zin als ‘Carta Online is nota bene een kopie van Promptus dat hij bij zijn vertrek heeft meegenomen!!’. Hiermee wordt gesuggereerd dat [eiser2] de kopie heeft meegenomen zonder dat hij daartoe gerechtigd was, terwijl dit gewoon onderdeel van de afspraken in de vaststellingsovereenkomst was. Verder wordt met de zin ‘de naam Carta Online is een nep-Promptus’ gesuggereerd dat [eiser2] met Carta Online inbreuk maakt op de IE-rechten van Promptus, hetgeen evenmin het geval is. Partijen zijn immers overeengekomen dat zij beiden de beschikking zouden krijgen over (een kopie van) de Promptus software voorzover die tot het moment van uiteengaan was ontwikkeld en dat zij ook beiden de IE-rechten voor dat deel van de software zouden behouden. Verder wordt met de tekst ‘van een rancuneuze ex ontwikkelaar’ de negatieve sfeer versterkt. Dit is schadelijk voor [eiser2] omdat hij bij de (voormalige) klanten van Promptus bekend was als (een van) de ontwikkelaar(s) van Promptus, zodat het voor klanten duidelijk zal zijn dat op [eiser2] wordt gedoeld. Promptus was (in ieder geval via LSD) bekend met de inhoud van de vaststellingsovereenkomst. Zij heeft derhalve tegen beter weten in de gewraakte uitlatingen gedaan en heeft daarmee onrechtmatig gehandeld jegens LEAD en jegens [eiser2].

4.12.

Het betoog van Promptus dat haar e-mail een reactie was op eerdere onrechtmatige berichten van LEAD aan klanten van haar waarin gesuggereerd werd dat Promptus (bijna) failliet zou zijn, leidt niet tot de conclusie dat Promptus (al dan niet wegens het bestaan van een rechtvaardigingsgrond) niet onrechtmatig heeft gehandeld of dat de onrechtmatige daad haar niet kan worden toegerekend. Door LEAD is nadrukkelijk betwist dat zij een dergelijke suggestie heeft gedaan. Zij heeft daarbij verklaard dat zij met de zinsnede ‘waar Promptus is gestopt’ alleen maar heeft willen wijzen op het moment van uiteen gaan van partijen en geenszins de suggestie heeft willen wekken dat Promptus helemaal gestopt was. In het licht van de betwisting door LEAD heeft Promptus haar verwijt aan LEAD niet nader onderbouwd, zodat daaraan in deze procedure voorbij gegaan zal worden. Maar ook als dit verwijt juist zou zijn, zou het Promptus nog niet een vrijbrief geven om zich over LEAD naar (potentiële) klanten uit te laten zoals zij heeft gedaan.

4.13.

Ook het betoog van Promptus dat LEAD onbetamelijk jegens haar heeft gehandeld door haar klanten te benaderen, leidt evenmin tot de conclusie dat Promptus (al dan niet wegens het bestaan van een rechtvaardigingsgrond) niet onrechtmatig heeft gehandeld of dat de onrechtmatige daad haar niet kan worden toegerekend. De voorzieningenrechter overweegt hieromtrent als volgt. In de vaststellingsovereenkomst was een periode van twee jaar overeengekomen waarin het LEAD c.s. niet was toegestaan om de klanten die bij Promptus bleven te benaderen. Die periode van twee jaar is met ingang van 1 januari 2016 verstreken. Het is LEAD c.s. vanaf dat moment in beginsel weer toegestaan om Promptus te beconcurreren. Dit kan anders zijn indien daarbij gebruik wordt gemaakt van ongeoorloofde middelen of als andere bijkomende omstandigheden de concurrentie oneerlijk en daarmee ongeoorloofd maken. Daarvan is in het onderhavige geval niets gesteld of gebleken. Bovendien zou het Promptus, ook als haar beroep op oneerlijke concurrentie zou zijn opgegaan, nog altijd niet zijn toegestaan zich daar tegen te weren op de wijze zoals zij heeft gedaan. Zij had haar klanten op een neutrale, in het maatschappelijk verkeer aanvaardbare, wijze kunnen uitleggen hoe de vork in de steel zit, zonder daarbij allerlei onterechte suggesties te wekken en LEAD en [eiser2] in een kwaad daglicht te stellen.

Ten aanzien van het Facebook-bericht

4.14.

Door [A.] is op 14 januari 2016 een bericht op Facebook geplaatst met de inhoud zoals hiervoor onder r.o. 2.6 weergegeven. In deze tekst wordt verwezen naar Promptus en uit de zinsnede “Dus opleiders let op” blijkt dat [A.] zich ervan bewust was dat dit bericht ook gelezen kon worden door klanten van Promptus. De voorzieningenrechter is van oordeel dat dit Facebook-bericht van dezelfde strekking is en derhalve in beginsel op één lijn gezet kan worden met de verzonden e-mailberichten. Echter, het Facebook-bericht is door [A.] op persoonlijke titel geplaatst, niet in zijn hoedanigheid van directeur van Promptus. Voor zover de vorderingen van LEAD c.s. zijn gebaseerd op dit Facebook-bericht worden zij derhalve afgewezen.

Conclusie

4.15.

Uit hetgeen hiervoor is overwogen volgt dat geoordeeld wordt dat Promptus met het versturen van het e-mailbericht met de onder r.o. 2.5 weergegeven inhoud aan haar (voormalige) klanten onrechtmatig heeft gehandeld jegens LEAD c.s.

4.16.

Door Promptus is betoogd dat, voor zover haar uitlatingen onrechtmatig worden geoordeeld, LEAD c.s. geen schade heeft ondervonden als gevolg van die uitlatingen. Dit betoog faalt. De voorzieningenrechter is van oordeel dat door LEAD c.s. voldoende aannemelijk is gemaakt dat LEAD en [eiser2] als gevolg van de onrechtmatige uitlatingen door Promptus reputatieschade hebben geleden. Zij heeft immers gemotiveerd uiteengezet dat LEAD en [eiser2] zich tegenover klanten van LEAD en de door haar benaderde potentiële klanten meermalen hebben moeten verdedigen over de inhoud van deze uitlatingen en dat sommige (potentiële) klanten ook zijn afgehaakt omdat zij het te risicovol vonden om zaken te (gaan) doen met LEAD. Dat deze schade (op dit moment) niet op een geldbedrag waardeerbaar is, maakt de impact van de uitlatingen niet minder schadelijk.

4.17.

Om de geleden reputatieschade thans verder zoveel mogelijk te beperken heeft LEAD c.s. belang bij de door haar op grond van artikel 6:167 BW gevorderde rectificatie en overige vorderingen. Behoudens het gevorderde in het petitum sub 2 zijn de vorderingen derhalve toewijsbaar. Promptus c.s. heeft geen verweer gevoerd tegen de tekst van de gevorderde rectificatie. Om de spanningen die, mede blijkens de zitting, tussen partijen bestaan, niet verder op te voeren acht de voorzieningenrechter het evenwel juist de zinsnede “Wij betreuren het u met onjuiste informatie te hebben lastig gevallen” in de gevorderde rectificatie, te wijzigen in de meer neutrale zinsnede “Wij betreuren het u onjuiste informatie te hebben verstrekt”. De gevorderde rectificatie zal aldus worden toegewezen.

4.18.

De gevorderde dwangsom als prikkel tot nakoming is eveneens toewijsbaar, zij het dat deze zal worden gematigd.

4.19.

Promptus zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit geding, met dien verstande dat de kosten van het dagvaardingsexploot uitgebracht aan LSD voor rekening van LEAD c.s. dienen te blijven, nu haar vorderingen jegens deze partij worden afgewezen.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

verklaart DBMaster niet-ontvankelijk in haar vorderingen;

5.2.

beveelt Promptus om zich binnen 24 uur na betekening van dit vonnis te onthouden van negatieve berichtgeving over LEAD aan derden - al dan niet via social media - waaronder berichten met de strekking dat LEAD kopie software van Promptus zou verhandelen;

5.3.

beveelt Promptus om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis aan de advocaat van LEAD schriftelijk een bericht in de Nedertandse taal te doen toekomen waaruit blijkt aan welke derden, waaronder zowel natuurlijke personen als rechtspersonen, het e-mailbericht van 14 januari 2016 is verzonden, onder overlegging van e-mailadressen;

5.4.

beveelt Promptus om binnen vijf dagen na betekening van dit vonnis aan alle derden als bedoeld in r.o. 5.3. een rectificatie te verzenden (lettertype Trebuchet MS, grootte 11 in kleur zwart met achtergrond wit) met uitsluitend de volgende tekst:

“Zeer gewaardeerde Promptus-relatie,

Recent heb ik via een bericht aan u volstrekt ten onrechte de indruk gewekt dat Carta Online kopie software van Promptus zou verhandelen. Die stelling is niet juist, Carta Online heeft een eigen software programma dat geen kopie is van ons product en geen inbreuk maakt op onze software. Het staat u derhalve vrij om te kiezen voor de software van Carta Online. Wij betreuren het u onjuiste informatie te hebben verstrekt en bieden u en Carta Online daarvoor excuses aan.

Met vriendelijke groet

[A.]

Promptus Cursussoftware B. V.”

5.5.

beveelt Promptus om kopieën van alle verzonden rectificatieberichten, inclusief de zichtbaarheid naar welk (e-mail)adres deze zijn verzonden, binnen 24 uur na verzending te doen toekomen aan de advocaat van LEAD;

5.6.

bepaalt dat Promptus bij het niet, niet volledig en/of niet geheel tijdig nakomen van de hiervoor in r.o. 5.2. tot en met 5.5. genoemde bevelen een direct opeisbare dwangsom aan LEAD verschuldigd is van € 2.500,- per overtreding, alsmede van € 500,- voor iedere dag - een gedeelte van de dag daaronder begrepen - dat die overtreding voortduurt, met een maximum aan de te verbeuren dwangsommen van € 25.000,-;

5.7.

veroordeelt Promptus in de kosten van dit geding tot op heden aan de zijde van LEAD c.s. begroot op € 696,75 (€ 619,-- vastrecht en € 77,75 kosten dagvaarding) aan verschotten en op € 816,-- aan salaris advocaat;

5.8.

veroordeelt LEAD c.s. in de kosten van dit geding aan de zijde van LSD gevallen, tot op heden begroot op nihil;

5.9.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

5.10.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.I. de Vreese-Rood en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier C. Vis-van Zanden op 7 maart 2016.