Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2016:11292

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
28-06-2016
Datum publicatie
13-03-2017
Zaaknummer
244154
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

Beroep tegen beschikking van de rechter-commissaris ex artikel 67 Faillissementswet

Wetsverwijzingen
Faillissementswet
Faillissementswet 69
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
INS-Updates.nl 2017-0117
AR 2017/1277
JOR 2017/204
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Handel & Insolventie

rekestnummer: C/16/244154/FT-RK 16.1065

Uitspraak: 28 juni 2016

Beschikking ex artikel 67 Faillissementswet

Inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Tilam Vastgoed B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

appellante,

hierna: Tilam,

advocaat mr. D. Evertsz,

tegen de door de rechter-commissaris d.d. 3 juni 2016 gegeven beschikking ex artikel 69 Fw in het faillissement van:

P & H Holding B.V.,

voorheen gevestigd te Landsmeer,

curator mr. P. Ingwersen.

1 De procedure

1.1

Bij vonnis van 22 mei 2014 is P&H Holding failliet verklaard. Als curator is aangesteld mr. P. Ingwersen. De rechter-commissaris is thans mr. J.J. Dijk.

1.2

De rechter-commissaris heeft bij beschikking d.d. 3 juni 2016 het verzoek van Tilam om de curator te bevelen om de in opdracht van LPOG B.V. opgestelde taxatieverslagen van de woningen [adres] aan Tilam te verstrekken, afgewezen.

1.3

Tegen voormelde beschikking is Tilam op 7 juni 2016 in hoger beroep gekomen. Tilam heeft de rechtbank verzocht a) de beschikking van de rechter-commissaris d.d. 3 juni 2016 met rekestnummer F.15/14/232 te vernietigen en b) opnieuw rechtdoende bij beschikking de curator te bevelen het tweetal taxatierapporten dat in opdracht van LPOG is opgesteld ter zake van de woningen aan de [adres] aan haar te verstrekken.

1.4

Het beroepschrift is behandeld ter zitting van 21 juni 2016. Ter zitting zijn voor zover relevant verschenen mr. D. Evertsz, namens Tilam, en mr. P. Ingwersen, curator. Het proces-verbaal van de zitting dient als hier ingelast te worden beschouwd.

2 De beoordeling

2.1

Uitgangspunt is dat een schuldeiser informatie van de curator kan verlangen indien deze informatie nodig is om zich een behoorlijk beeld van het beheer van de curator te vormen. Verder moet een belangenafweging plaatsvinden waarbij het belang van de boedel en/of de curator om de informatie niet te verstrekken moet worden afgewogen tegen het belang van de verzoeker om die informatie te ontvangen. Het belang van de verzoeker tot verkrijging van een handvat voor de beoordeling of hij de curator of de Staat zelf aansprakelijk kan stellen, valt buiten het bereik van art. 69 Fw, welk artikel er niet toe strekt schuldeisers in de gelegenheid te stellen om de aan hen persoonlijk toekomende rechten tegen de boedel geldend te maken. Indien evenwel een schuldeiser informatie verzoekt teneinde te beoordelen of de boedel een vordering heeft op de curator of de Staat is dit wel een belang waarop art. 69 Fw ziet (vgl. HR 21 januari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS3534).

2.2

Vaststaat dat het verzoek van Tilam ziet op het beheer van de curator.

2.3

Tilam heeft, zoals uit het proces-verbaal van de zitting blijkt, bij herhaling aangegeven dat haar verzoek tot afgifte van de onderhavige taxatierapporten niet dient tot verkrijging van een handvat voor de beoordeling of zij de curator of de Staat zelf aansprakelijk kan stellen. Tilam heeft gesteld dat het haar in casu gaat om de beoordeling van de deugdelijkheid van de taxatierapporten in het kader van een mogelijke aansprakelijkheidsstelling de rechtbank begrijpt door de boedel van LPOG en/of de taxateurs. De taxatierapporten zullen een inzicht geven tegen welke uitgangspunten de taxateurs de woningen hebben gewaardeerd; met andere woorden hoe de waardes zijn onderbouwd. Pas na beoordeling hiervan kan een behoorlijke afweging worden gemaakt van de kans van slagen van een procedure en of zulks in het belang van de boedel is, aldus Tilam.

2.4

Hoewel de rechtbank zich op grond van de stellingen van (de advocaat van) Tilam kan voorstellen dat bij de curator de gedachte heeft postgevat dat Tilam met de gevraagde taxatierapporten een handvat tracht te verkrijgen voor de beoordeling of zij zelf de curator of de Staat aansprakelijk kan stellen, heeft Tilam voldoende expliciet verklaard dat dit niet het geval is. Gelet op wat in rechtsoverweging 2.3 is overwogen staat in ieder geval thans vast dat Tilam een belang bij de door haar verzochte informatie heeft dat binnen de reikwijdte van artikel 69 Fw valt. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat Tilam beschikt over twee taxatierapporten voor de woning aan de [adres] waarin een substantieel hogere waarde wordt vastgesteld dan in de taxatierapporten waarover de curator beschikt, terwijl de woningen aan de [adres] voor substantieel hogere bedragen dan getaxeerd zijn doorverkocht en/of te koop zijn aangeboden. Gesteld dat vast zou komen te staan dat de taxaties van de panden in opdracht van LPOG zijn gebaseerd op onjuiste uitgangspunten, dan kan op voorhand niet worden uitgesloten dat de curator en de rechter-commissaris tot een andere beslissing waren gekomen ten aanzien van de verkoop van de panden indien zij over juiste taxaties hadden beschikt. In hoeverre een procedure tegen de taxateurs en/of LPOG alsdan kans van slagen heeft, is een vraag waarop in het kader van deze procedure niet kan worden vooruitgelopen, alleen al niet omdat dat oordeel mede zal afhangen van de bevindingen ten aanzien van de taxatierapporten. Voorts is bij de beoordeling niet van belang of Tilam uiteindelijk zelf profijt zal hebben van een eventuele voor de boedel succesvolle schadevergoedingsactie.

2.5

Tegenover het belang van Tilam staat het belang van de boedel en/of de curator. De curator heeft ter zitting aangegeven dat het hem niet vrijstaat de taxatierapporten aan Tilam te verstrekken, doch heeft dit standpunt onvoldoende onderbouwd. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat niet is aangevoerd of gebleken dat bij de overhandiging van de taxatierapporten aan de curator door LPOG geheimhouding is bedongen. Het moet er daarom voor worden gehouden dat LPOG de taxatierapporten zonder voorbehoud aan de curator heeft verstrekt. Dat LPOG later heeft aangegeven dat zij liever niet ziet dat de taxatierapporten aan Tilam worden verstrekt, maakt niet dat het de curator thans niet vrijstaat om door overlegging van de taxatierapporten aan Tilam inzicht te verschaffen in het beheer van de boedel.

2.6

Gelet op vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat het belang van Tilam zwaarder weegt dan het belang van de boedel en/of de curator. Vorenstaande leidt dan ook tot het oordeel dat de beschikking van de rechter-commissaris van 3 juni 2016 dient te worden vernietigd en dat het verzoek van Tilam alsnog dient te worden toegewezen, met dien verstande dat de curator zal worden bevolen om afschriften van de desbetreffende taxatierapporten aan Tilam te verstrekken.

3 De beslissing

De rechtbank:

- vernietigt de beschikking van de rechter-commissaris van 3 juni 2016;

en opnieuw rechtdoende:

- beveelt de curator afschriften van de twee taxatierapporten die in opdracht van LPOG zijn opgesteld ter zake van de woningen aan de [adres] aan Tilam te verstrekken.

Deze beschikking is gegeven door mr. W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 28 juni 2016.