Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2016:10973

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
11-08-2016
Datum publicatie
03-01-2017
Zaaknummer
C/15/245456
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Rekestprocedure
Beschikking
Inhoudsindicatie

Benoeming vereffenaar

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling privaatrecht

Sectie handel en insolventie

Zittingsplaats Alkmaar

zaaknummer / rekestnummer: C/15/245456 / HA RK 16-118

Beschikking van 11 augustus 2016

in de zaak van

de naamloze vennootschap

REGIOBANK N.V.,

gevestigd te Utrecht,

verzoekster,

advocaat mr. M. van der Meulen te Rosmalen

betreffende de

nalatenschap van

JOHANNES MARIA SMIT,

geboren op 9 oktober 1954 te Amsterdam,

overleden op 10 juni 2016 te Beverwijk,

hierna te noemen: de erflater.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift tot het benoemen van een vereffenaar ex artikel 4:204 BW ingekomen op 6 juli 2016, met producties.

2 De beoordeling

2.1.

Het verzoek strekt tot het benoemen van een vereffenaar van de nalatenschap van erflater op grond van artikel 4:204 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

De laatste bekende woonplaats van erflater is Winkel, gemeente Hollands Kroon, zodat deze rechtbank bevoegd is kennis te nemen van het verzoek.

2.2.

Ingevolge genoemd wetsartikel kan de rechtbank, als geen beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap heeft plaatsgevonden, een vereffenaar benoemen op verzoek van een belanghebbende (artikel 4:204 lid 1 sub a BW) of van een schuldeiser van de nalatenschap (artikel 4:204 lid 1 sub b BW). Het eerste (sub a) kan onder meer wanneer de nalatenschap niet door een executeur wordt beheerd en de erfgenamen die bekend zijn haar geheel of ten dele onbeheerd laten. Het tweede (sub b) kan onder meer wanneer het gevaar bestaat dat de schuldeiser niet ten volle of niet binnen redelijke tijd zal worden voldaan, hetzij omdat de nalatenschap niet toereikend is of niet behoorlijk beheerd en afgewikkeld wordt.

2.3.

Verzoekster (hierna: Regiobank) heeft, zo blijkt uit het verzoekschrift en de daarbij gevoegde stukken, een overeenkomst van hypothecaire geldlening met erflater gesloten en heeft van erflater het recht van eerste hypotheek verkregen op het woonhuis met berging, onder- en omliggende grond, plaatselijk bekend als Hyacinthlaan 25, 1731 XZ Winkel (gemeente Niedorp). Dit onderpand valt in de nalatenschap.

2.4.

Uit de overgelegde gegevens van de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens volgt dat erflater ten tijde van zijn overlijden niet gehuwd of een geregistreerd partner was. Uit het Centraal Testamentenregister blijkt dat erflater geen testament heeft opgemaakt.

2.5.

Erflater heeft een zoon achtergelaten (Sander Smit, geboren op 15 februari 1994). Regiobank stelt dat de zoon voornemens is de nalatenschap van erflater te verwerpen. Bij het verzoekschrift is een daartoe strekkende, schriftelijke verklaring van de zoon overgelegd. Regiobank stelt dat naast de zoon van erflater ook andere directe familieleden (waaronder de moeder van erflater) het voornemen hebben om de nalatenschap te verwerpen. Ook van deze familieleden zijn schriftelijke verklaringen overgelegd. Regiobank is er niet mee bekend wie de erfgenamen zullen zijn indien de directe familieleden tot verwerping zijn overgegaan. Een uitgebreid erfgenamenonderzoek zou mogelijk uitkomst kunnen bieden om dit te achterhalen, maar een dergelijk onderzoek is tijdrovend en brengt bovendien kosten met zich, waarvoor de nalatenschap naar verwachting van Regiobank geen dekking biedt. Regiobank stoelt deze verwachting op de aanname dat de directe familieleden er “niet voor niets voor hebben gekozen om de nalatenschap te gaan verwerpen”.

2.6.

Regiobank voert aan dat de nalatenschap van erflater thans volledig onbeheerd wordt gelaten en ook niet behoorlijk wordt afgewikkeld. De erven Smit zijn in verzuim met de voldoening van hetgeen waarvoor de hypotheek tot waarborg strekt, zodat Regiobank op grond van artikel 3:268 BW bevoegd is het onderpand in het openbaar ten overstaan van een bevoegde notaris te doen verkopen. De totale vordering van Regiobank bedroeg per 27 januari 2016 een bedrag van

€ 203.147,01. Doordat Regiobank op dit moment aan niemand rechtsgeldig de executie kan laten aanzeggen, is zij niet in staat om gebruik te maken van het recht tot parate executie. Omdat de erfgenamen onbekend zijn, is er ook niemand die namens erflater tot reguliere onderhandse verkoop van het onderpand kan overgaan.

2.7.

Regiobank stelt dat zij er alle belang bij heeft dat de afwikkeling van de nalatenschap van erflater op de kortst mogelijke termijn ter hand wordt genomen. Het onderpand is afgebrand en ligt er thans onbeheerd bij. Regiobank verzoekt dan ook de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Ingevolge artikel 4:206 lid 4 BW kan de vereffenaar dan direct aan de slag.

2.8.

De rechtbank overweegt als volgt. Voldoende gebleken is dat de nalatenschap thans onbeheerd wordt gelaten. Nu alle bekende erfgenamen, voor zover deze eenvoudig te achterhalen waren, blijkens de overgelegde verklaringen het voornemen hebben om de nalatenschap te verwerpen (productie 6 bij het verzoekschrift) heeft de rechtbank afgezien van een mondelinge behandeling van het verzoek, zoals bedoeld in artikel 4:206 BW.

2.9.

De rechtbank is op basis van de inhoud van het verzoekschrift van oordeel dat voor Regiobank het gevaar bestaat dat haar vordering niet ten volle en niet binnen redelijke tijd zal worden voldaan omdat de nalatenschap van erflater thans niet behoorlijk wordt beheerd en afgewikkeld, zoals bedoeld in artikel 4:204 lid 1 sub b BW.

2.10.

Het verzoek is op de wet gegrond en zal worden toegewezen. Na te noemen

mr. B.J. Groenhuijzen, mr. M. van der Meulen en mevrouw R. Hulsman hebben zich bereid verklaard de benoeming tot vereffenaar te aanvaarden.

2.11.

Stellend dat de lasten van de nalatenschap van erflater de baten naar verwachting ruimschoots zullen overtreffen en publicaties in dagbladen onnodig kostbaar zijn, heeft Regiobank uit oogpunt van kostenbesparing de rechtbank verzocht te bepalen dat de bekendmaking als bedoeld in artikel 4:206 lid 6 BW uitsluitend in de Staatscourant hoeft plaats te vinden en dat de te benoemen vereffenaars voor het overige worden ontheven van hun publicatieverplichting.

2.12.

Nu er in het onderhavige geval geen dwingende noodzaak bestaat voor de - kostbare - wettelijk voorgeschreven wijze van bekendmaking in een dagblad, zal deze niet worden voorgeschreven. De belanghebbenden kunnen - naast de publicatie in de Staatscourant - immers ook op een andere wijze, namelijk via internet, worden geïnformeerd. Dit leidt ook niet tot extra kosten.

De bekendmaking van deze beschikking zal plaatsvinden op www.rechtspraak/nl/uitspraken. Deze wijze van bekendmaking komt in de huidige tijd, waarin steeds meer huishoudens toegang tot internet hebben en steeds minder huishoudens over een krantenabonnement beschikken, beter tegemoet aan de bedoeling van de wetgever dan in de tijd dat de toegang tot internet nog niet algemeen was. De te benoemen vereffenaars zullen daarom deels worden ontheven van de wettelijke publicatieplicht, zoals hierna beslist.

3 De beslissing

De rechtbank:

3.1.

benoemt

mr. B.J. Groenhuijzen,

geboren op 23 juni 1964 te Almelo,

en

mr. M. van der Meulen,

geboren op 28 september 1976 te Groningen,

en

mevrouw R. Hulsman

geboren op 6 augustus 1981 te ‘s-Hertogenbosch

allen kantoorhoudend aan de Edelweisstraat 5 te (5240 AG) Rosmalen,

tot vereffenaars van de nalatenschap van:

JOHANNES MARIA SMIT,

geboren op 9 oktober 1954 te Amsterdam,

laatstelijk wonende te Winkel,

overleden op 10 juni 2016 te Beverwijk,

3.2.

bepaalt dat de hiervoor onder 3.1. benoemde vereffenaars ieder voor zich bevoegd zijn alle benodigde werkzaamheden alleen te verrichten;

3.3.

draagt de griffier op de benoeming van deze vereffenaar onverwijld in het boedelregister in te schrijven;

3.4.

draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant en ontslaat de vereffenaar van de plicht tot publicatie in een nieuwsblad;

3.5.

verstaat dat deze beschikking bekend zal worden gemaakt door plaatsing op www.rechtspraak.nl/uitspraken;

3.6.

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.M. Jongkind-Jonker en in het openbaar uitgesproken op 11 augustus 2016.