Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2016:1023

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
11-02-2016
Datum publicatie
11-02-2016
Zaaknummer
15/741088-13 (P) en 15/750030-12 (tul)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Promis; bewezenverklaring bedreiging met terroristisch misdrijf; plaatsen van dreigtweets op Twitter gericht tegen personeel dan wel bezoekers van de V&D / La Place vestigingen in Haarlem; dreigtweets geplaatst middels een ‘fakemailer’ en Torbrowser; bewijsverweren verworpen; strafoplegging; recidive ten aanzien van bedreiging middels dreigtweets op Twitter; geheel voorwaardelijke gevangenisstraf met proeftijd van drie jaren met bijzondere voorwaarden van reclasseringstoezicht en meldplicht; onvoorwaardelijke taakstraf voor de duur van 240 uren; vordering benadeelde partij V&D niet ontvankelijk verklaard vanwege onevenredige belasting van het strafgeding; vordering tot tenuitvoerlegging voorwaardelijke jeugddetentie van 1 maand gelast en omgezet in een taakstraf voor de duur van 60 uur.

Verdachte heeft zich in de avond en nacht van 24 september 2013 op 25 september 2013 schuldig gemaakt aan bedreigingen met een terroristisch misdrijf gericht aan bezoekers en medewerkers van de V&D en La Place vestigingen te Haarlem door op het social media platform Twitter middels het door hem aangemaakte Twitteraccount ‘Cricus Bloed’ een vijftal berichten (tweets) te plaatsen met teksten als: “circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot!” en “gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna” en “Bloedpartij vandaag 11:50 vd/laplace haarlem centrum Min 10 dood hah.” Bij die tweets gebruikte verdachte zogenaamde ‘hashtags’ met woorden als dood, bom, moord, schieten en shoot. Door vervolgens ook de ‘hashtags’ als V&D, La Place, V&D Prijzencircus en Haarlem te gebruiken heeft verdachte doelbewust verwezen naar de plaats en het moment waarop de bedreigingen waren geuit, namelijk het V&D Prijzencircus dat op 25 september 2013 zou beginnen. Hierbij is verdachte zeer geraffineerd te werk gegaan door gebruik te maken van een programma dat het IP-adres van de gebruiker verhult, het zogenoemde TOR-netwerk en van een zogenaamde ‘fakemailer’ genaamd 10minutemail.com, waarmee hij een e-mailadres heeft aangemaakt teneinde zonder zijn persoonsgegevens prijs te geven het Twitteraccount ‘Cricus Bloed’ aan te maken. Als gevolg van de door verdachte geuite bedreigingen zijn de drie vestigingen van V&D/La Place in Haarlem op 25 september 2013 ontruimd en gesloten gebleven. Aldus heeft verdachte met zijn handelen inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer en het gevoel van veiligheid van zowel de bezoekers als de medewerkers van voornoemde winkelketen door hen op deze wijze behoorlijke vrees aan te jagen. Feiten als de onderhavige zijn ernstig en verdachte had zich van het uiten van dergelijke bedreigingen moeten onthouden. Bovendien brengt het openlijke karakter van de bewezenverklaarde uitingen het risico met zich mee dat derden worden geïnspireerd tot het daadwerkelijk uitvoeren van dergelijke bedreigingen en worden daardoor de heersende gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving versterkt. Hoewel niet is gebleken dat verdachte daadwerkelijk van plan was zijn bedreigingen uit te voeren is het gelet op de inhoud van de geuite bedreigingen zeer terecht dat de politie en de V&D de bedreigingen zo serieus hebben opgevat, de winkels hebben ontruimd en de rest van de dag gesloten hebben gehouden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
IR 2016/37, UDH:IR/13082 met annotatie van Onder redactie van Tina van der Linden – Smit en Kea Kroeks – de Raaij
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Publiekrecht, Sectie Straf

Locatie Haarlemmermeer

Meervoudige strafkamer

Parketnummers: 15/741088-13 (P) en 15/750030-12 (tul)

Uitspraakdatum: 11 februari 2016

Tegenspraak

Strafvonnis (Promis)

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 28 oktober 2015 en 28 januari 2016 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] te Amsterdam,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres].

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. S.M. de Vries en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. H.J.G. Dudink, advocaat te Beverwijk, naar voren hebben gebracht.

1 Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 24 september 2013 en/of 25 september 2013 te Ijmuiden, gemeente Velsen en/of in de gemeente Haarlem, in elk geval in Nederland, de bezoekers en/of medewerkers van de V&D heeft bedreigd met een terroristisch misdrijf, althans met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, althans met enig misdrijf waardoor gevaar voor de algemene veiligheid van personen of goederen ontstaat, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend meermalen twitterberichten met zeer dreigende teksten gestuurd en/of geplaatst op het Twitteraccount "Cricus Bloed":

- " circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot!

#25-9-13#dood #moord#laplace#prijzencircus#vd#ontslag#Haarlem en/of

- " gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna"

#dood#moord#laplace#prijzencircus #vd#ontslag#haarlemopenen en/of

- " Bloedpartij vandaag 11:50 vd/laplace haarlem centrum Min 10 dood hah

@vd@laplace@haarlem@dood@bom@rtvnh@nhdagblad@vdprijzencircus" en/of

- " Niemand hoeft iets te doen, het gebeurt gwn!omtruim onmg" en/of

- Nog7:30uur@schieten@shoot@vdwebcare@laplace@haarlem@dood@bom@@rtvnh

@nhdagblad @ vd prijzencircus".

2 Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3 Bewijs

3.1.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit.

3.2.

Standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft vrijspraak van het aan verdachte ten laste gelegde feit bepleit.

3.3.

De bewijsmiddelen

De rechtbank gaat bij haar beslissing dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit uit van de volgende bewijsmiddelen en de daarin vervatte redengevende feiten en omstandigheden.

De door de rechtbank in deze rubriek als proces-verbaal aangeduide bewijsmiddelen zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door personen die daartoe bevoegd zijn en voldoen ook overigens aan de daaraan bij de wet gestelde eisen.

1. Het proces-verbaal van bevindingen handelingen RTIC bij opstart onderzoek 12Dinara opgemaakt door verbalisant [verbalisant 1] d.d. 1 oktober 2013 (p. 197-200):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

In de nacht van 25 september 2013 omstreeks 05:30 uur heeft verbalisant [verbalisant 1] van het RTIC (Real Time Intelligence Center) behorende bij de Regiopolitie Noord-Holland, gegevens opgevraagd bij Twitter nadat hij via het programma Hootsuite via bepaalde zoekwoorden, in dit geval het woord ‘dood’, op een vijftal (5) tweets stuitte van het account @CricusBloed. Uit een door [verbalisant 1] gemaakt screenshot blijkt het te gaan om de vijf (5) tweets:

Cricus Bloed

Nog 7:30 uur @schieten @shoot @vdwebcare @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vd prijzencircus

Cricus Bloed

Niemand hoeft iets te doen, het gebeurt gwn! Ontruim onmg @VDWebcare @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vdprijzencircus

Cricus Bloed

Bloedpartij vandaag 11:50 VD/laplace haarlem centrum. Min. 10 dood hah @VD @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vdprijzencircus

Cricus Bloed

Gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna #dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #HaarlemOpenen

Cricus Bloed

Circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot! #25-9-13 #dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #Haarlem

2. Het proces-verbaal van bevindingen OSINT screenshot dreigtweets opgemaakt door verbalisant [verbalisant 2] d.d. 25 oktober 2013 (p. 201-202):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Op 26 september 2013 is aan het OSINT (Open Source Intelligence) afdeling van de Landelijke Eenheid de vraag gesteld wat de vijf exacte tijdstippen van de verzending van de tweets zijn vanaf het account @CricusBloed. Als antwoord is op 27 september 2013 door het OSINT een printscreen gestuurd waaruit de volgende tijdstippen blijken:

25/09/2013 04:19 Cricus Bloed

Nog 7:30 uur @schieten @shoot @vdwebcare @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vd prijzencircus

25/09/2013 04:17 Cricus Bloed

Niemand hoeft iets te doen, het gebeurt gwn! Ontruim onmg @VDWebcare @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vdprijzencircus

25/09/2013 04:15 Cricus Bloed

Bloedpartij vandaag 11:50 VD/laplace haarlem centrum. Min. 10 dood hah @VD @laplace @haarlem @dood @bom @rtvnh @nhdagblad @vdprijzencircus

24/09/2013 22:25 Cricus Bloed

Gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna #dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #HaarlemOpenen

24/09/2013 22:19 Cricus Bloed

Circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot! #25-9-13 #dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #Haarlem

Daarbij werd door het OSINT toegelicht dat de tijd van het Twitteraccount van OSINT staat ingesteld op de lokale Nederlandse tijd, dus de tijdstippen van de tweets komen overeen met de Nederlandse tijdstippen.

3. Het proces-verbaal internetonderzoek Twitter opgemaakt door verbalisant [verbalisant 3] d.d. 30 september 2013 (p. 184-196):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Op 25 september 2013 omstreeks 08:00 uur was verbalisant [verbalisant 3] aanwezig bij het eerste TGO 12Dinara overleg waarbij werd medegedeeld dat er de afgelopen avond en nacht een vijftal tweets waren verzonden door het account Cricus Bloed vanaf drie verschillende IP-adressen [IP-adres 1], [IP-adres 2] en [IP-adres 3].

Uit een e-mailbericht van Twitter verzonden aan [verbalisant 1] naar aanleiding van een door hem ingediende spoedaanvraag bij Twitter, welke op 25 september 2013 om 08:57 uur is doorgestuurd aan verbalisant [verbalisant 3] (Dienst Regionale Recherche) van de politie Noord-Holland, blijkt dat het account CricusBloed op 24 september 2013 om 20:00:25 uur is aangemaakt met het e-mailadres [fakemail e-mailadres].

Met het account CricusBloed is meerdere malen ingelogd bij Twitter, te weten op:

2013-09-25 02:20:30, last_login_ip: [IP-adres 2]

2013-09-25 02:19:00, last_login_ip: [IP-adres 2]

2013-09-24 20:25:55, last_login_ip: [IP-adres 3]

2013-09-24 20:25:40, last_login_ip: [IP-adres 3]

2013-09-24 20:19:58, last_login_ip: [IP-adres 4]

2013-09-24 20:13:57, last_login_ip: [IP-adres 4]

2013-09-24 20:13:32, last_login_ip: [IP-adres 5]

2013-09-24 20:09:29, last_login_ip: [IP-adres 6]

2013-09-24 20:06:31, last_login_ip: [IP-adres 1]

2013-09-24 20:04:51, last_login_ip: [IP-adres 1]

Uit onderzoek naar de IP-adressen bleek dat deze toebehoren aan:

[IP-adres 2] Vodafone Mobile Office Nederland

[IP-adres 3] SpaceDump IT, Tor exit node, locatie Zweden

[IP-adres 4] Nforce Entertaiment, Tor exit node network, locatie Nederland

[IP-adres 5], Kaia Global Networks, Tor exit router, locatie Duitsland

[IP-adres 6], BROADNET, mogelijk Tor exit node, locatie Noorwegen

[IP-adres 1], Chaos Computer Club, mogelijk Tor exit node, locatie Duitsland

Het e-mailadres [fakemail e-mailadres] is aangemaakt op de website 10minutemail.com. Dit is een website waar men een e-mailadres aan maakt wat maar 10 minuten geldig is. Na deze 10 minuten vervalt automatisch het e-mailadres. Alle berichten die binnenkomen bij het e-mailadres worden getoond op de website zelf. Inloggen op de website is hiervoor niet nodig.

Naar aanleiding van het IP-adres [IP-adres 2], behorend bij Vodafone Mobile office Nederland, is contact opgenomen met Vodafone. Uit dat gesprek bleek dat ongeveer 65.000 telefoons op dat moment het IP-adres [IP-adres 2] gebruikten.

4. Het proces-verbaal van bevindingen rechtshulpverzoek 10minutemail opgemaakt door verbalisant [verbalisant 4] d.d. 8 oktober 2013 (p. 235-245):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Met tussenkomst van het Internationaal Rechtshulpcentrum NWMN is middels een rechtshulpverzoek contact opgenomen met [bestuurder], contactpersoon van ISP Digital Sanctuary, die de service “10 Minute Mail” aanbiedt, en verzocht om informatie te verstrekken nadat bekend was geworden dat het Twitteraccount CricusBloed op 24 september 2013 om 20:00:25 uur was aangemaakt met het e-mailadres [fakemail e-mailadres] via de website 10minutemail.com. Uit de door [bestuurder] verstrekte informatie bleek dat [fakemail e-mailadres] bij de website 10minutemail.com met het IP-adres [IP-adres huis verdachte] is aangemaakt. Blijkens een CIOT-bevraging op 8 oktober 2013 van voornoemd IP-adres kwam het adres [adres verdachte] te IJmuiden naar voren. Op dit adres is onder andere woonachtig [verdachte], geboren op [geboortedatum]. Voorts is naar aanleiding van het verhoor van V&D manager [manager] gebleken dat [verdachte] werkzaam is bij de V&D La Place aan de Grote Houtstraat 70 te Haarlem.

5. Het proces-verbaal ondersteuning doorzoeking/uitlezen modem/router opgemaakt door verbalisant [verbalisant 5] d.d. 9 december 2013 (p. 423-426):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Op woensdag 9 oktober 2013 ontving de afdeling digitale expertise het verzoek ondersteuning te verlenen bij een doorzoeking in een woning waar mogelijk digitale gegevensdragers veiliggesteld dienden te worden. Op woensdag 9 oktober 2013 omstreeks 18:15 uur werd de woning betreden. In de woonkamer stond een modem/router van het merk Ubee. De modem/router was voorzien van het interne netwerk IP-adres [intern IP-adres router] en de MAC-adressen [MAC-adres router] (CC, CE of CF). De router was volgens de sticker van de fabrikant voorzien van een gebruikersnaam “ziggo” en wachtwoord “draadloos”. Middels een daarvoor bestemde kabel, werd een onderzoeklaptop van de afdeling digitale expertise verbonden met het router. (…) Nadat de onderzoeklaptop werd gekoppeld aan het router werd het IP-adres, welke door de internetprovider “Ziggo.nl” verstrekt werd vastgesteld. Het externe IP-adres van de aansluiting betrof: [IP-adres huis verdachte] ten tijde van het onderzoek. (…) De datum/tijd van dit modem/router ten tijde van dit onderzoek was woensdag 9 oktober 2013, 17:27 en liep ongeveer een uur achter met de werkelijke datum/tijd. Als systeem start tijd van de modem/router stond vermeld: “Donderdag 29 augustus 2013, 14:25.”

6. Het proces-verbaal ontvangen informatie van Ziggo over IP-adres [IP-adres huis verdachte] opgemaakt door verbalisant [verbalisant 4] d.d. 30 oktober 2013 (p. 341):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Op 28 oktober 2013 werden de historische verkeersgegevens van e-mail en historische verkeersgegevens internet (IP-logs) van het IP-adres [IP-adres huis verdachte] over de periode 24 september 2013 te 00.00 uur t/m 26 september 2013 te 23.59 uur gevorderd bij Ziggo. Op woensdag 30 oktober 2013 werd het volgende antwoord van Ziggo ontvangen:

“Van het genoemde IP-adres ([IP-adres huis verdachte]) kunnen wij geen historische verkeersgegevens leveren. Het MAC adres op de gevraagde datum in uw vordering is [MAC adres router], de laese is gestart op 24-06-2013 2:25 tot op heden. (…)”

7. Het proces-verbaal van bevindingen opgemaakt door verbalisant [verbalisant 6] d.d. 24 december 2015 (los opgenomen):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

(…) Op maandag 28 oktober 2013 werden de historische verkeersgegevens bij de afdeling Interceptie en Sensing van Ziggo gevorderd van e-mail en historische verkeersgegevens internet (IP-logs) van het IP-adres [IP-adres huis verdachte] over de periode 24 september 2013 te 00.00 uur t/m 26 september 2013 te 23.59 uur. Hierop heeft het onderzoek het antwoord ontvangen dat dergelijke historische gegevens niet worden gelogd door Ziggo. Wel heeft Ziggo gesteld dat het MAC adres [MAC adres router] is gestart op 24 juni 2013. Dit MAC adres is statisch gekoppeld aan de kabelrouter welke geplaatst was op de huisaansluiting van het adres [adres verdachte] te IJmuiden. Digitaal rechercheur, [verbalisant 5], heeft op woensdag 9 oktober 2013 ten tijde van de doorzoeking onderzoek verricht aan de router welke op dat moment in gebruik en actief was op het adres [adres verdachte] te IJmuiden. Uit dat onderzoek is gebleken dat ten tijde van dat onderzoek de router met MAC adres [MAC adres router] gekoppeld stond aan het externe IP adres [IP-adres huis verdachte]. (…)

Op donderdag 24 december 2015 heb ik, verbalisant, via [verbalisant 7], de coördinator interceptie van de Politie Noord Holland verzocht een verdiepende vraag te stellen aan de afdeling Interceptie en Sensing van Ziggo ten aanzien van het relateren van het adres [adres verdachte] te IJmuiden aan het IP adres [IP-adres huis verdachte]. Ik, verbalisant, ontving de volgende informatie via, via [verbalisant 7], de coördinator Interceptie van de Politie Noord Holland:

“Op mijn verzoek heeft een medewerker van de afdeling Interceptie en Sensing van Ziggo nogmaals de tenaamstelling van het IP-adres [IP-adres huis verdachte] bevraagd. Daar kwam een ander adres uit dan [adres verdachte] te IJmuiden. Desgevraagd vertelde de medewerker dat als het IP-adres op 08-10-2013 is bevraagd en toen als adres [adres verdachte] te IJmuiden heeft gegenereerd, dat het dan ook 100% zeker is dat dat IP-adres toen op dat adres actief is geweest.”

8. Het aanvullend proces-verbaal uitlezen router opgemaakt door verbalisant [verbalisant 5] d.d. 14 januari 2014 (p. 356-357):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

De modem/router in de woonkamer was voorzien van een gebruikersnaam “ziggo” en het wachtwoord “draadloos”. Met behulp van deze gegevens is de modem/router middels een kabel te benaderen. De modem/router was, ten tijde van het onderzoek in de woning, draadloos beveiligd middels WPA2-PSK, met als sleutel [wachtwoord].

9. Het proces-verbaal van bevindingen nadere verklaring vragen verdediging opgemaakt door verbalisant [verbalisant 8] d.d. 13 april 2015 (los opgenomen):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

(…) Bij deze vraag verwijs ik naar het opgemaakte proces-verbaal van digitaal rechercheur [verbalisant 5], met dagtekening 14 januari 2014. In dit proces-verbaal staat vermeld dat beide routers bij aantreffen voorzien waren van een beveiliging en dus niet ‘open’ waren. Dit betekend dat niemand openbaar toegang had tot beide routers zonder op de hoogte te zijn van het wachtwoord. (…)

10. Het proces-verbaal onderzoeksgegevens laptop opgemaakt door verbalisant [verbalisant 9] d.d. 16 oktober 2013 (p. 428-438):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Uit het onderzoek verricht aan de Asus laptop van verdachte [verdachte] bleek, dat er op 25 september 2013 om 17:25 uur een nieuwe versie van Windows 7 Home Premium service pack 1 is geïnstalleerd op naam van [voornaam verdachte]. Het betreft een zogenaamde herinstallatie van het systeem waardoor veel benaderbare informatie overschreven is. Met een zoekprogramma is er in de computer gezocht met zoekwoorden. Er bleken sporen te zijn aangetroffen van de zoekwoorden ‘10minutemail’ en ‘torbrowser’. Bij ‘10minutemail’ ging het om de unallocated sectors die niet benaderbaar zijn. Voorts werden er delen van bezochte websites middels de browser Google Chrome aangetroffen waaruit blijkt dat er op internet meermalen is gezocht met Google Search door het intypen van de woorden ‘10minutemail’, ‘10 minuten mail’ en ‘60 minuten mail’. Het internetadres 10minutemail.com is in een Windows systeembestand aangetroffen hetgeen een spoor van gebruik van die website betekent. In de unallocated clusters werden nog twee verwijzingen aangetroffen naar de torbrowser. Deze applicatie had op het bureaublad van de gebruiker [voornaam verdachte] gestaan.

11. Het proces-verbaal historische verkeersgegevens opgemaakt door verbalisant [verbalisant 6] d.d. 19 november 2013 (p. 276-281):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Op 11 oktober 2013 zijn de historische verkeersgegevens van [mobiele telefoonnummer verdachte], dat volgens een CIOT bevraging op naam is gesteld van [verdachte], door Vodafone verstrekt. Hieruit blijkt dat het telefoonnummer op 25 september 2013 om 04:08:52 uur gedurende 1083 seconden een dataverbinding had waarbij gebruik werd gemaakt van het basisstation Vodafone-47851 gelegen aan de Spaarnestraat te IJmuiden. De woning van verdachte [verdachte] is gelegen op de [adres verdachte] te IJmuiden welke binnen het gebied is gelegen waaraan het basisstation Vodafone-47851 dekking geeft.

12. Het proces-verbaal van bevindingen overzicht registraties van activiteiten uit DCS van het 06 nummer en IMEI-nummer van [verdachte] opgemaakt door verbalisant [verbalisant 4] d.d. 25 november 2013 (p. 343-345):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

Uit de registraties uit DCS (Digitale Communicatie Sporen) blijkt dat ten aanzien van het telefoonnummer [mobiele telefoonnummer verdachte] en IMEI-nummer [IMEI-nummer] in gebruik bij [verdachte] op 25 september 2013 om 04:08 uur internetactiviteiten zijn geregistreerd.

13. Het proces-verbaal onderzoek data uit Samsung Galaxy Note opgemaakt door verbalisant [verbalisant 10] d.d. 16 oktober 2013 (p. 449-452):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

In de telefoon van [verdachte], de Samsung Galaxy Note, werd een cookie aangetroffen van 10minutemail.com. Tevens werd in Android Chrome Bookmarks een link naar twitter.com aangetroffen welke was gecreëerd op 25 september 2013 om 04:23:22 uur. Op datzelfde tijdstip werd met die telefoon gebruik van internet in de telefoon aangetroffen waaronder met de link twitter.com. De datum en tijd van toegang tot twitter.com bleek te zijn op 25 september 2013 om 02:21:57 uur, 02:22:48 uur en 02:23:22 uur waarbij echter een herberekening dient plaats te vinden waardoor de werkelijke tijd uitkomt op 04:21:57 uur, 04:22:48 uur en 04:23:22 uur.

14. Het proces-verbaal van bevindingen nadere toelichting onderzoeksresultaten opgemaakt door verbalisant [verbalisant 8] d.d. 21 januari 2016 (los opgenomen):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in:

(…) Voor de cruciale tijden, waaronder Twitteraccount en 10minutemail aanmaken is hieronder een uitleg bijgevoegd. In het algemeen zal voor het aanmaken van een nieuw social media account een geldig e-mailadres benodigd zijn. Dit is niet het geval bij Twitter. Tijdens het aanmaken van een nieuw Twitteraccount wordt wel gevraagd naar een e-mailadres, maar deze is alleen benodigd om alle functies van Twitter te kunnen gebruiken. Zonder bevestiging kunnen direct berichten (Tweets) worden geplaatst. Bij de Amerikaanse dienst 10minutemail is een tijdelijk e-mailadres aangemaakt. Met dit e-mailadres is een Twitteraccount aangemaakt en dit Twitteraccount is later gebruikt om de dreigingen te uiten. Het tijdstip van het aanmaken van e-mailadres [fakemail e-mailadres] bij 10minutemail is lokale tijd 21:53:17 uur.

Voor wat betreft het aanmaken van het Twitteraccount ‘CricusBloed’ zijn de bijzonderheden omtrent dit account gevorderd bij Twitter. Hieruit blijkt dat dit account aangemaakt is op 24-09-2013 om 20:00:25 uur UTC tijd. Omgerekend naar Nederlandse tijd (CET) is dit de UTC tijd + 1 uur is 21:00:25 uur. Aangezien Nederland zomer- en wintertijd hanteert en de zomertijd op 24-09-2013 van toepassing was komt er nog een uur bij de CET tijd en dan wordt het 22:00:25 uur lokale (Nederlandse) tijd. (…)

Het aanmaken van het e-mailadres bij l0minutemail gebeurde om 14:53:17 uur CST tijd. Net als CET tijd kent CST ook een zomer- en wintertijd genaamd DST (Daylight Saving Time). Voor CST gold deze voor 2013 van 07 april 02:00 tot 27 oktober 02:00, wat inhoudt dat het verschil met UTC in die periode 5 uren bedroeg. Omgerekend van CST naar UTC was de tijd 14:53:17 + 5 = 19:53:17 UTC. Verder gaand naar CET komt er nog een uur bij wat komt op 20:53:17 CET tijd. De zomertijd in Nederland van toepassing nemend, betekend dit een verschil van +1 uur met de CET tijd en wordt dit 21:53:17 uur. (…)

Het is mogelijk om middels een applicatie op een mobiele telefoon gebruik te maken van een TOR netwerk. De verdachte maakte gebruik van een mobiele telefoon van het merk Samsung, type Galaxy Note, welke draait op het Android besturingssysteem. Middels in de daarvoor bestemde app Google Play (app winkel) zijn diverse applicaties te installeren, waarmee anoniem via het TOR netwerk contact kan worden gelegd met internet. Eén van de bekendste applicaties is ‘Orbit: Proxy with Tor’ (…) Middels de voornoemde Google Play store zijn tientallen soortgelijke applicaties te vinden en te installeren.

15. Het proces-verbaal van aangifte van [aangever] namens La Place Dreefzicht Haarlem, V&D B.V. Grote Houtstraat Haarlem en V&D B.V. Rivieradreef Haarlem d.d. 11 oktober 2013 (p. 203-209):

Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als verklaring van aangever:

Namens V&D B.V. deed de heer [aangever] aangifte van bedreigingen die tegen V&D B.V. alsmede een niet met naam genoemde manager zijn geuit op 24 en 25 september 2013. Deze bedreigingen werden door een onbekende persoon middels zogenaamde dreigtweets op Twitter geuit. Aangever heeft begrepen dat er vijf (5) tweets op internet zijn geplaatst door afzender Cricus Bloed:

circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot!

#25-9-13 #dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #Haarlem

Gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna

#dood #moord #laplace #prijzencircus #vd #ontslag #HaarlemOpenen

Bloedpartij vandaag 11:50 VD/laplace haarlem centrum. Min. 10 dood hah

@vd@laplace@haarlem@dood@bom@rtvnh@nhdagblad@vdprijzencircus

Niemand hoeft iets te doen, het gebeurt gwn! Ontruim onmg

Nog 7:30 uur

@schieten@shoot@vdwebcare @laplace@haarlem@dood@bom@rtvnh@nh dagblad@vd prijzencircus

Nadat er melding is gemaakt bij de politie is er besloten om de filialen van V&D alsmede La Place in de plaats Haarlem te sluiten. Het betrof de filialen gevestigd aan de Grote Houtstraat 70 te Haarlem (filiaal Haarlem Centrum), filiaal Rivieradreef 2 te Haarlem (filiaal V&D Haarlem Schalkwijk) en filiaal Fonteinlaan 1 te Haarlem (filiaal La Place Dreefzicht). Haarlem Centrum was nog niet geopend voor het publiek. De overige twee wel en er waren klanten aanwezig in die twee filialen. Door zowel V&D B.V. als La Place is er zowel financiële schade als immateriële schade geleden. Dat laatste bestaat uit het feit dat een aantal personeelsleden gebruik moeten hebben maken van Slachtofferhulp daar zij door de bedreigingen emotionele problemen ondervonden en zich zelfs ziekgemeld hebben. De financiële schade bestaat uit zowel inkomstenderving, kosten extra beveiliging, kosten personeel, extra kosten opvang personeel en productieschade daar er reeds een aanvang was gemaakt met het produceren van goederen voor de opstart van de eetgelegenheden van V&D B.V. en La Place.

3.4.

Bespreking van bewijsverweren en bewijsoverwegingen

Modem en IP-adres [adres verdachte] te IJmuiden

Door en namens verdachte is aangevoerd, dat het IP-adres [IP-adres huis verdachte] niet aan de woning van verdachte aan [adres verdachte] te IJmuiden en de daaraan gekoppelde Ziggo router, maar een woning in Amsterdam toebehoort. Volgens verdachte is niet hij degene geweest die middels voornoemd IP-adres het e-mailadres bij 10minutemail en daarmee het Twitteraccount Cricus Bloed heeft aangemaakt. Daartoe heeft verdachte ter zitting een foto van de sticker op het door Ziggo verstrekte modem overgelegd.

De rechtbank verwerpt dit verweer en overweegt daartoe, dat het verweer van verdachte wordt weerlegd door de inhoud van de ambtsedige processen-verbaal van verbalisant [verbalisant 5] d.d. 9 december 2013 en verbalisant [verbalisant 6] d.d. 24 december 2015 waaruit blijkt dat er op 9 oktober 2013 tijdens de doorzoeking in de woonkamer van de woning van verdachte een router/modem van het merk Ubee voorzien van het MAC adres [MAC adres router] is aangetroffen waarvan de lease door Ziggo vanaf 24 juni 2013 om 02:25 uur is gestart en statisch gekoppeld is met het externe IP-adres [IP-adres huis verdachte]. De aangetroffen modem had een uptime vanaf donderdag 29 augustus 2013 om 14:25 uur. Daar komt bij dat verdachte zich op geen enkel moment gedurende het onderzoek, maar pas twee jaar na dato, op het standpunt heeft gesteld, dat er een ander IP-adres aan de woning aan [adres verdachte] te IJmuiden zou zijn toegewezen. Ook indien er ten tijde van de onderzoeken ter terechtzitting een ander IP-adres dan het hierboven genoemde aan de woning aan [adres verdachte] te IJmuiden zou zijn toegewezen, doet dit, gelet op het feit dat er sinds 24 september 2013 twee jaren zijn verstreken, niet ter zake.

Tijdstippen

De raadsman van verdachte heeft zich voorts op het standpunt gesteld, dat de tijdstippen van het aanmaken van het e-mailadres via 10minutemail, het aanmaken van het Twitteraccount en de tijdstippen van het plaatsen van de tweets niet kunnen worden vastgesteld, nu er tussen de vastgestelde tijdstippen afkomstig uit de servers van 10minutemail en Twitter een tijdsverschil zit. Daartoe heeft de raadsman onder meer gewezen op het feit dat de servers van Twitter zich in San Francisco bevinden alwaar een andere tijdzone geldt. Nu de tijdstippen van het aanmaken en plaatsen niet overeenkomen met de Nederlandse tijdstippen en hierop onvoldoende is door gerechercheerd, dient verdachte ook daarom vrij te worden gesproken.

De rechtbank verwerpt ook dit door de raadsman gevoerde verweer en overweegt daartoe, dat in het aanvullende proces-verbaal van bevindingen van 21 januari 2016 andermaal een uitleg is gegeven met betrekking tot de tijdstippen welke gedurende het onderzoek naar voren zijn gekomen. Daaruit is de rechtbank gebleken, dat uit de gegevens van Twitter is gebleken dat het Twitteraccount om 20:00:25 uur UTC tijd is aangemaakt. Omgerekend naar Nederlandse tijd is UTC tijd + 1 uur, dus 21:00:25 uur CET en omdat Nederland zomer- en wintertijd hanteert en de zomertijd op 24 september 2013 van toepassing was wordt het 22:00:25 uur. Voor het aanmaken van het e-mailadres via 10minutemail is de rechtbank uit het aanvullende proces-verbaal gebleken, dat dit e-mailadres is aangemaakt om 14:53:17 uur CST tijd. Ook voor CST tijd geldt een zomer- en wintertijd, welke van toepassing is van 7 april om 02:00 tot 27 oktober om 02:00 uur, wat inhoudt dat het verschil tussen CST en UTC 5 uren bedroeg, zodat 14:53:17 uur in UTC 19:53:17 uur was. Dit was omgerekend naar CET 20:53:17 uur en in geval van de zomertijd in Nederland was het op dat moment 21:53:17 uur Nederlandse tijd toen de 10minutemail werd aangemaakt.

65.000 Vodafone gebruikers met hetzelfde IP-adres

De raadsman van verdachte heeft voorts gesteld, dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte de tweets heeft geplaatst welke zijn geplaatst middels het IP-adres [IP-adres 2] nu er volgens Vodafone op dat litigieuze moment 65.000 gebruikers van datzelfde IP-adres gebruik hebben gemaakt.

De rechtbank verwerpt dit verweer en overweegt daartoe als volgt. Uit het aanvullende proces-verbaal van bevindingen van 21 januari 2016 blijkt dat er wereldwijd te weinig IP-adressen (IP4) zijn om elke aansluiting een uniek IP-adres te geven. Zo is dit probleem ook voor de providers van mobiele telefoonaansluiting, zoals in het huidige geval die van de provider Vodafone, die miljoenen abonnees hebben die met hun mobiele telefoons het internet op gaan met een IP-adres. De enige manier om dit op te kunnen lossen is om de gebruikers eerst een uniek intern IP-adres te geven die contact maakt met de dataverbinding van Vodafone. Vervolgens worden binnen het netwerk de netwerkverbindingen van de abonnees verbonden met het internet middels een beperkt aantal buiten IP-adressen. Met de raadsman is de rechtbank van oordeel dat er blijkens voornoemd proces-verbaal inderdaad meerdere abonnees tegelijkertijd hetzelfde en dus niet unieke buiten IP-adres gebruiken. Echter zijn er met betrekking tot de telefoon van verdachte meer bevindingen. Zo blijkt uit het vorengenoemde proces-verbaal historische verkeers-gegevens alsmede het vorengenoemde proces-verbaal overzicht registraties DCS met betrekking tot het Vodafone telefoonnummer van verdachte dat er op 25 september 2013 om 04:08 uur internetactiviteit is geregistreerd waarbij het telefoonnummer van verdachte vanaf 04:08 uur gedurende 1083 seconden een internetverbinding/dataverbinding heeft gehad waarbij gebruik werd gemaakt van het basisstation Vodafone-47851 gelegen aan de Spaarnestraat te IJmuiden. De woning van verdachte is gelegen op [adres verdachte] te IJmuiden welke binnen het gebied is gelegen waaraan het basisstation Vodafone-47851 dekking geeft. Uit het vorengaande leidt de rechtbank af, dat de telefoon van verdachte vanaf 04:08 uur gedurende minimaal 18 minuten en 3 seconden (1083 seconden) tot minimaal 04:26 uur een dataverbinding heeft gehad terwijl de tijdstippen van het plaatsen van de laatste 3 tweets, te weten om 04:15 uur, 04:17 uur en 04:19 uur, binnen dat tijdsbestek vallen. Daar komt bij dat verdachte blijkens de CIOT bevraging van 8 oktober 2013 de enige is op het adres [adres verdachte] te IJmuiden die een telefoonnummer van Vodafone in gebruik heeft en de andere leden van zijn gezin gebruik maken van andere telecomproviders. Voorts blijkt dat er op de telefoon van verdachte cookies van Twitter zijn aangetroffen van 25 september 2013 om 04:21:57 uur, 04:22:48 uur en 04:23:22 uur, zodat kan worden vastgesteld dat Twitter ook kort na het plaatsten van de drie laatste tweets middels de telefoon van verdachte is bezocht. Gelet hierop kan het naar het oordeel van de rechtbank dan ook niet anders zijn dan dat verdachte degene is geweest die de laatste drie tweets middels het gebruik van zijn mobiele telefoon middels een Vodafone dataverbinding heeft geplaatst.

Gebruik maken van TOR browser en 10minutemail

Verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat hij geen gebruik heeft gemaakt van een TOR browser en de website 10minutemail, zodat niet bewezen kan worden verklaard dat hij degene is geweest die met het e-mailadres van 10minutemail het Twitter account heeft aangemaakt en onder andere middels een TOR browser (een deel van) de tweets heeft geplaatst.

De rechtbank verwerpt dit verweer en overweegt daaromtrent als volgt. Naar het oordeel van de rechtbank dient voornoemde ontkennende verklaring van verdachte als ongeloofwaardig ter zijde te worden gesteld. Uit het proces-verbaal onderzoeksgegevens laptop blijkt immers dat er op de laptop van verdachte sporen zijn aangetroffen van de zoekwoorden “10minutemail”, “10 minuten mail”, “60 minuten mail” en “tor browser” alsmede cookies van de site 10minutemail hetgeen duidt op gebruik dan wel raadpleging van die website. Daar komt bij dat er eveneens sporen van een TOR browser, die op het bureaublad van de laptop heeft gestaan, in de laptop zijn aangetroffen. Niet is gesteld en niet is gebleken dat een ander dan verdachte (op deze manier) gebruik maakt van zijn laptop, zodat het naar het oordeel van de rechtbank niet anders kan zijn dan dat het verdachte is geweest die voornoemde zoekslagen heeft gemaakt en van de website 10minutemail gebruik heeft gemaakt.

Terroristisch misdrijf

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld, dat van bedreiging met een terroristisch misdrijf geen sprake is nu enig oogmerk daartoe ontbreekt. Immers heeft het Twitter account Cricus Bloed geen volgers gehad en werd er aldus in het luchtledige getweet. De tweets zijn slechts door één iemand gelezen en hebben verder niemand bereikt, zodat het uitermate ongeloofwaardig is hoe er bij mensen überhaupt enige redelijke vrees kon ontstaan dat zij het leven zouden verliezen noch dat zij met een terroristisch misdrijf werden bedreigd. Nu er geen volgers van het account waren is evenmin van enig aanmerkelijk risico daartoe sprake geweest.

De rechtbank verwerpt door dit door de raadsman gevoerde verweer en overweegt hieromtrent als volgt. In artikel 83 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) is limitatief opgesomd welke misdrijven terroristische misdrijven betreffen. Door het gebruik van de woorden bom, schieten en shoot in de dreigtweets heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank gedreigd met het teweegbrengen van een ontploffing hetgeen strafbaar is gesteld in artikel 157 Sr welk artikel eveneens in de limitatieve opsomming van artikel 83 Sr is opgenomen. Op grond van artikel 83 Sr jo. artikel 83a Sr kunnen bedreigingen worden aangemerkt als terroristische misdrijven, indien verdachte deze bedreigingen heeft gepleegd met het oogmerk om een bevolking of een deel van de bevolking ernstige vrees aan te jagen. Hoewel het terroristisch oogmerk een subjectief bestanddeel is, kan het bewijs ook uit objectieve omstandigheden worden afgeleid. Onder het oogmerk om (een deel van) de bevolking ernstige vrees aan te jagen moet naar het oordeel van de rechtbank worden verstaan dat een verdachte met het gepleegde misdrijf tot doel heeft te veroorzaken dat (een - voldoende substantieel - deel van) de bevolking angstige gevoelens voor iets dreigends krijgt. Niet vereist is dat het aanjagen van vrees tot het daadwerkelijk geïntimideerd zijn van de bevolking heeft geleid.

De rechtbank constateert dat verdachte het plegen van het feit heeft ontkend, zodat de rechtbank dient te bezien of het bewijs van een terroristisch oogmerk kan worden afgeleid uit objectieve feiten en omstandigheden, waaronder de aard van de bedreiging en de omvang van de beoogde gevolgen daarvan. De bedreigingen zijn naar hun inhoud voldoende concreet en niet voor tweeërlei uitleg vatbaar. Daar komt bij dat verdachte bij het plaatsen van de tweets gebruik heeft gemaakt van zogenaamde ‘hashtags’ met woorden als: dood, min 10 dood, bom, moord, schieten en shoot. Door vervolgens ook de ‘hashtags’ als V&D, La Place, V&D Prijzencircus en Haarlem te gebruiken heeft verdachte verwezen naar de plaats en het moment waarop de bedreigingen waren geuit, namelijk het V&D Prijzencircus dat op 25 september 2013 zou beginnen.

De rechtbank is dan ook van oordeel dat op grond van de gebezigde bewijsmiddelen kan worden bewezen verklaard dat de bedreigingen die door middel van de door verdachte gebezigde teksten op Twitter zijn geplaatst, van dien aard en omvang waren dat bij de bedreigde personen, in dit geval zowel de bezoekers als de medewerkers van V&D/La Place te Haarlem, de ernstige vrees kon ontstaan dat de bedreigingen zouden worden verwezenlijkt.

Voorts heeft verdachte zich naar het oordeel van de rechtbank willens en wetens blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat dit deel van de bevolking bedreigd kon raken. Niet alleen de inhoud van de tweets en de daarbij gebruikte hashtags maar ook de openbaarheid van het door hem gekozen social media platform Twitter acht de rechtbank daarbij doorslaggevend. Dat het Twitteraccount Cricus Bloed, zoals door de raadsman gesteld, geen volgers had, doet daaraan naar het oordeel van de rechtbank niet af. Immers zorgt het gebruik van de hashtags ervoor dat de tweets openbaar op Twitter zichtbaar worden en daardoor kunnen worden gelezen, zodat het hebben van volgers daarvoor niet noodzakelijk is. Hiermee is voldaan aan het bestanddeel terroristisch oogmerk.

Uit vorenstaande bewijsmiddelen en de daarin vervatte redengevende feiten en omstandigheden en uit op hetgeen hiervoor is overwogen, volgt naar het oordeel van de rechtbank dat verdachte degene is geweest die de vijf dreigtweets middels het account Cricus Bloed op Twitter heeft geplaatst. Daarbij heeft de rechtbank met name het volgende in aanmerking genomen. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat het account ‘CricusBloed’ via welk account de tenlastegelegde tweets zijn geplaatst, op 24 september 2013 om 22:00 uur is aangemaakt. Daarbij is gebruik gemaakt van het e-mailadres [fakemail e-mailadres], welk e-mailadres diezelfde avond om 21:53 uur is aangemaakt. Dit e-mailadres is aangemaakt via het IP-adres [IP-adres huis verdachte] dat was gekoppeld aan [adres verdachte] te IJmuiden. De modem/router was beveiligd. Verdachte woonde, met zijn vader, moeder en zusje op dat adres (dossierpagina 236). De tweets zijn (grotendeels) geplaatst via het TOR-netwerk. Op de laptop van verdachte zijn sporen aangetroffen van het zoeken op internet naar ‘10minutemail’ en verwijzingen naar een Torbrowser. De mobiele telefoon van verdachte heeft een dataverbinding met internet op het moment dat de laatste drie tweets zijn geplaatst. Op deze telefoon zijn sporen van Twitter.com rond de tijdstippen van het plaatsen van die tweets aangetroffen. Uit het onderzoek is niet gebleken dat de vader, moeder en/of zus van verdachte de laptop dan wel de telefoon van verdachte in de avond en nacht van 24 op 25 september 2013 hebben gebruikt, dan wel dat er iemand anders in de woning aanwezig was.

De rechtbank is op grond van vorenstaande dan ook van oordeel dat bewezen kan worden verklaard dat verdachte bezoekers en medewerkers van V&D heeft bedreigd met een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 285, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht.

3.5.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 24 september 2013 en 25 september 2013 te IJmuiden, gemeente Velsen en in de gemeente Haarlem, in elk geval in Nederland, de bezoekers en medewerkers van de V&D heeft bedreigd met een terroristisch misdrijf, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend meermalen twitterberichten met zeer dreigende teksten geplaatst op het Twitteraccount "Cricus Bloed":

- " circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot!

#25-9-13#dood#moord#laplace#prijzencircus#vd#ontslag#Haarlem en

- " gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna"

#dood#moord#laplace#prijzencircus#vd#ontslag#haarlemopenen en

- " Bloedpartij vandaag 11:50 vd/laplace haarlem centrum Min 10 dood hah

@vd@laplace@haarlem@dood@bom@rtvnh@nhdagblad@vdprijzencircus" en

- " Niemand hoeft iets te doen, het gebeurt gwn!omtruim onmg" en

- " Nog7:30uur@schieten@shoot@vdwebcare@laplace@haarlem@dood@bom@@rtvnh

@nhdagblad @ vd prijzencircus".

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

4 Kwalificatie en strafbaarheid van het feit

Het bewezenverklaarde levert op:

bedreiging met een terroristisch misdrijf.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is derhalve strafbaar.

5 Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is derhalve strafbaar.

6 Motivering van de sancties

6.1.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot de oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twaalf (12) maanden met een proeftijd van vier (4) jaren en daarnaast een geheel onvoorwaardelijke taakstraf voor de duur van tweehonderdveertig (240) uren met aftrek van voorarrest.

6.2.

Standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld, dat indien de rechtbank toch tot een bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit komt, bij de strafmaat rekening te houden met de jeugdige leeftijd van verdachte en het feit dat hij nog naar school gaat.

6.3.

Oordeel van de rechtbank

Bij de beslissing over de sancties die aan verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting en de bespreking aldaar van het omtrent verdachte uitgebrachte reclasseringsadvies gedateerd 1 september 2014 opgesteld door [reclasseringswerkster], als reclasseringswerkster verbonden aan Reclassering Nederland te Haarlem en de mondelinge toelichting daarvan ter terechtzitting van 28 oktober 2015 door [reclasseringswerker], eveneens als reclasseringswerker verbonden aan Reclassering Nederland te Haarlem, is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich in de avond en nacht van 24 september 2013 op 25 september 2013 schuldig gemaakt aan bedreigingen met een terroristisch misdrijf gericht aan bezoekers en medewerkers van de V&D en La Place vestigingen te Haarlem door op het social media platform Twitter middels het door hem aangemaakte Twitteraccount ‘Cricus Bloed’ een vijftal berichten (tweets) te plaatsen met teksten als: “circus krijgt dodelijk begin Hagha, 11:50 v&d haarlemC, manager shoot!” en “gevolgen niet te overzien pleeg zelfmoord daarna” en “Bloedpartij vandaag 11:50 vd/laplace haarlem centrum Min 10 dood hah.” Bij die tweets gebruikte verdachte zogenaamde ‘hashtags’ met woorden als dood, bom, moord, schieten en shoot. Door vervolgens ook de ‘hashtags’ als V&D, La Place, V&D Prijzencircus en Haarlem te gebruiken heeft verdachte doelbewust verwezen naar de plaats en het moment waarop de bedreigingen waren geuit, namelijk het V&D Prijzencircus dat op 25 september 2013 zou beginnen. Hierbij is verdachte zeer geraffineerd te werk gegaan door gebruik te maken van een programma dat het IP-adres van de gebruiker verhult, het zogenoemde TOR-netwerk en van een zogenaamde ‘fakemailer’ genaamd 10minutemail.com, waarmee hij een e-mailadres heeft aangemaakt teneinde zonder zijn persoonsgegevens prijs te geven het Twitteraccount ‘Cricus Bloed’ aan te maken. Als gevolg van de door verdachte geuite bedreigingen zijn de drie vestigingen van V&D/La Place in Haarlem op 25 september 2013 ontruimd en gesloten gebleven. Aldus heeft verdachte met zijn handelen inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer en het gevoel van veiligheid van zowel de bezoekers als de medewerkers van voornoemde winkelketen door hen op deze wijze behoorlijke vrees aan te jagen. Feiten als de onderhavige zijn ernstig en verdachte had zich van het uiten van dergelijke bedreigingen moeten onthouden. Bovendien brengt het openlijke karakter van de bewezenverklaarde uitingen het risico met zich mee dat derden worden geïnspireerd tot het daadwerkelijk uitvoeren van dergelijke bedreigingen en worden daardoor de heersende gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving versterkt. Hoewel niet is gebleken dat verdachte daadwerkelijk van plan was zijn bedreigingen uit te voeren is het gelet op de inhoud van de geuite bedreigingen zeer terecht dat de politie en de V&D de bedreigingen zo serieus hebben opgevat, de winkels hebben ontruimd en de rest van de dag gesloten hebben gehouden.

Ten nadele van verdachte neemt de rechtbank voorts in aanmerking dat hij blijkens het hem betreffende Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 10 oktober 2013, in het verleden reeds eerder onherroepelijk is veroordeeld ter zake een soortgelijk feit en in een proeftijd liep ten tijde van het ten laste gelegde en tevens bewezenverklaarde feit. Dit heeft de verdachte er kennelijk niet van kunnen weerhouden te recidiveren. Voorts heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat verdachte door zijn houding ervan blijk gegeven heeft het laakbare van zijn handelen niet in te (willen) zien. Anderzijds heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat verdachte nog jong is en blijkens het reclasseringsadvies gediagnosticeerd is met PDD-NOS en ADHD en mede daarom begeleiding nodig heeft. De rechtbank houdt er tevens rekening mee dat er sinds de aanhouding en het eerste verhoor van verdachte op 9 oktober 2013 ongeveer twee jaren en vier maanden zijn verstreken.

De rechtbank is van oordeel dat de strafeis van de officier van justitie recht doet aan de onderhavige zaak. De rechtbank ziet echter geen aanleiding om een langere proeftijd op te leggen dan de standaard proeftijd van drie jaren, anders dan door de officier van justitie is gevorderd.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd. De rechtbank zal echter bepalen dat deze straf vooralsnog niet ten uitvoer zal worden gelegd en zal daaraan een proeftijd verbinden van drie (3) jaren, opdat verdachte ervan wordt weerhouden zich voor het einde van die proeftijd schuldig te maken aan een strafbaar feit. In dat kader acht de rechtbank – hoewel niet door de officier van justitie gevorderd – verplicht contact met en begeleiding door Reclassering Nederland noodzakelijk. Een dergelijke verplichting zal als bijzondere voorwaarde aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen straf worden verbonden.

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat aan verdachte een taakstraf bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid van het na te noemen aantal uren moet worden opgelegd.

7 Vordering benadeelde partij V&D

De benadeelde partij V&D (t.a.v. [gemachtigde]) heeft een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 77.395,00 ingediend tegen verdachte wegens materiële en immateriële schade die zij als gevolg van het ten laste gelegde feit zou hebben geleden.

7.1.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld, dat de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel voor toewijzing vatbaar is en deze dient te worden vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente onder oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht.

7.2.

Standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft zich op het standpunt gesteld, dat de vordering van de benadeelde partij zich gezien de complexiteit niet leent voor toewijzing in het strafrecht en deze mede gezien de onvoldoende en magere onderbouwing thuishoort in het civiele recht.

7.3.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding vormt, zodat de benadeelde partij niet in haar vordering zal kunnen worden ontvangen.

Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij V&D niet ontvankelijk is in de door haar ingediende vordering.

8 Vordering tot tenuitvoerlegging voorwaardelijk opgelegde straf

Bij vonnis van 22 januari 2013 in de zaak met parketnummer 15/750030-12 heeft de meervoudige strafkamer in de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem verdachte ter zake van “bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd” veroordeeld tot onder meer een voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van één (1) maand. Ten aanzien van die voorwaardelijke straf is de proeftijd op twee (2) jaren bepaald onder de algemene voorwaarde dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

De mededeling als bedoeld in artikelen 366a van het Wetboek van Strafvordering en 77bb van het Wetboek van Strafrecht is aan de verdachte toegezonden.

De bij genoemd vonnis vastgestelde proeftijd is ingegaan op 6 februari 2013 en was ten tijde van het indienen van de vordering van de officier van justitie niet geëindigd.

De officier van justitie vordert thans dat de rechtbank zal gelasten dat die voorwaardelijke straf alsnog ten uitvoer zal worden gelegd in die zin dat de jeugddetentie voor de duur van één (1) maand wordt omgezet in een taakstraf bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van zestig (60) uren bij het niet of niet behoren voldoen daarvan te vervangen door dertig (30) dagen hechtenis.

De rechtbank heeft bij het onderzoek ter terechtzitting bevonden dat zij bevoegd is over de vordering te oordelen en dat het Openbaar Ministerie daarin ontvankelijk is.

De rechtbank is van oordeel dat de vordering dient te worden toegewezen, nu uit de overige inhoud van dit vonnis blijkt dat verdachte niet heeft nageleefd de voorwaarde dat hij zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit, maar zal daarbij bepalen dat de opgelegde jeugddetentie zal worden omgezet in een taakstraf bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid van na te noemen aantal uren.

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 57 en 285 van het Wetboek van Strafrecht.

10 Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan zoals hiervoor onder 3.5. weergegeven;

verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven onder 3.5. als bewezen is aangenomen en spreekt hem daarvan vrij;

bepaalt dat het onder 3.5. bewezen verklaarde feit het hierboven onder 4. vermelde strafbare feit oplevert;

verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van TWAALF (12) MAANDEN, met bevel dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van DRIE (3) JAREN;

stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde:

  • -

    zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

  • -

    ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

  • -

    medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

stelt als bijzondere voorwaarde dat de veroordeelde:

- zich zal houden aan een meldplicht, inhoudende dat hij zich gedurende de proeftijd van drie (3) jaren meldt bij Reclassering Nederland, adviesunit 2, regio Noord-West op het adres (2015 BJ) Haarlem, Zijlweg 148c en zich gedurende de proeftijd zal blijven melden bij de reclassering zo frequent en zolang als deze dit noodzakelijk acht;

waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden, zolang deze instelling dit, in overleg met de officier van justitie te Haarlem noodzakelijk oordeelt;

veroordeelt verdachte tot het verrichten van TWEEHONDERDVEERTIG (240) UREN taakstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door HONDERDTWINTIG (120) DAGEN hechtenis;

bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde taakstraf in mindering wordt gebracht, met dien verstande dat voor elke dag die verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht twee (2) uren taakstraf, subsidiair één (1) dag hechtenis, in mindering worden gebracht;

verklaart de benadeelde partij V&D (t.a.v. [gemachtigde]) niet-ontvankelijk in haar vordering;

ten aanzien van de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 15/750030-12:

wijst toe de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging in de zaak met parketnummer 15/750030-12, met dien verstande dat in plaats van de tenuitvoerlegging van de niet ten uitvoer gelegde jeugddetentie voor de duur van één (1) maand, opgelegd bij vonnis van de meervoudige strafkamer van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, gedateerd 22 januari 2013, wordt opgelegd een taakstraf bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van ZESTIG (60) UREN, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door DERTIG (30) DAGEN hechtenis;

heft op het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door:

mr. J.C. van den Bos, voorzitter,

mr. C.A.M. van der Heijden en mr. G. Demmink, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. S.V. Ramdharie, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van donderdag 11 februari 2016.

Mr. G. Demmink is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.