Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2015:9608

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
30-07-2015
Datum publicatie
05-11-2015
Zaaknummer
C/15/209523/ FA RK 13-4391
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Op tegenspraak
Beschikking
Inhoudsindicatie

Op grond van nader overgelegde stukken waaronder een rapport van een dactyloscopisch onderzoek waaruit is komen vast te staan dat [naam moeder 2] dezelfde persoon is als degene die zich bij de asielaanvraag op 12 december 1999 als [naam moeder 1] heeft voorgedaan en de verklaring van verzoekster, is de rechtbank, alle gegevens in onderling verband en samenhang bezien, van oordeel dat de werkelijke identiteit van verzoekster [naam moeder 2] is en dat zij dezelfde persoon is als [naam moeder 1]. De gegeven van verzoekster zullen worden aangepast op de geboorteakte van het kind.

Op grond van de uitkomst van de DNA-onderzoeken en de verklaring van de moeder in combinatie en samenhang met de overige stukken in het dossier acht de rechtbank eveneens voldoende aannemelijk dat het kind [naam kind 2] hetzelfde kind is als het kind [naam kind 1], geboren in de gemeente Beverwijk op [geboortedatum 1], van welke geboorte geboorteakte 1G0017 is opgemaakt. Het verzoek tot wijziging van de voornaam van het kind op de geboorteakte wordt ook toegewezen.

De vermelding van de vadergegevens op de geboorteakte wordt afgewezen omdat de verzoekster ten tijde van de geboorte niet gehuwd was en geen (Chinese) notariële akte van erkenning heeft overgelegd en evenmin enig ander bewijsstuk waaruit blijkt dat het juridisch vaderschap van [achternaam vader] over het kind op een andere wijze naar Chinees recht tot stand is gekomen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Sectie Familie & Jeugd

locatie Haarlem

beroep weigering medewerking ambtenaar burgerlijke stand (1:27 BW)

zaak-/rekestnr.: C/15/209523 / FA RK 13-4391

beschikking van de meervoudige kamer voor familiezaken van 30 juli 2014

in de zaak van:

[naam verzoekster],

wonende te Amsterdam,

hierna mede te noemen: verzoekster,

advocaat mr. J.F. Jim, kantoorhoudende te Rotterdam,

--tegen--

de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Beverwijk,

zetelend te Beverwijk,

hierna te noemen: de ambtenaar.

Als belanghebbende wordt aangemerkt de officier van justitie in het arrondissement Noord-Holland, hierna mede te noemen: de officier.

1 Procedure

1.1

Voor het verloop van de procedure verwijst de rechtbank naar de volgende stukken:

- het verzoekschrift, met bijlage, van verzoekster, ingekomen op 13 december 2013;

- de brief, met bijlagen van de advocaat van verzoekster van 22 januari 2014;

- de brief met nadere onderbouwing van het verzoek van de advocaat van verzoekster van 22 januari 2014;

- de conclusie van de officier van 10 april 2014;

- de reactie op de conclusie van de officier, tevens wijziging verzoek, met bijlagen, van de advocaat van verzoekster van 28 mei 2014;

- de brief, met bijlage, van de advocaat van verzoekster, van 10 juni 2014;

- de brief, met bijlagen, van de advocaat van verzoekster, van 10 juli 2014.

1.2

De behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op de zitting van 26 juni 2014 in aanwezigheid van verzoekster bijgestaan door mr. J.F. Jim en van mevrouw [naam 1] en mevrouw [naam 2], ambtenaren van de burgerlijke stand van de gemeente Beverwijk.

Als toehoorder was aanwezig: de heer [naam 3], ambtenaar bestuursrechtzaken van de gemeente Beverwijk.

Op de zitting is bijstand verleend door een tolk in de Chinese taal.

2 Feiten en procesverloop

2.1

Op [geboortedatum 1] is in de gemeente Beverwijk geboren [naam kind 1]; aangifte werd gedaan door zijn moeder [naam moeder 1], geboren op [geboortedatum 2] te When[achternaam moeder 2], China, welke aangifte is opgenomen in de geboorteakte met nummer 1G00117.

2.1

Bij beschikking van 20 maart 2012 van deze rechtbank is een eerder verzoek van verzoekster tot wijziging van de geboorteakte van het kind afgewezen.

2.2

Verzoekster heeft op 9 september 2013, onder overlegging van een groot aantal stukken, aan de ambtenaar van de burgerlijke stand verzocht voormelde akte te verbeteren, in die zin dat de naam van het kind komt te luiden [naam kind 2] en de gegevens van de moeder en van de aangever gewijzigd worden in [naam moeder 2], geboren op [geboortedatum 3] in Zhejiang, China.

3 Het verzoek

3.1

Verzoekster komt op tegen het besluit van de ambtenaar, verzonden op 1 november 2013, waarin deze weigert om op haar verzoek van 9 september 2013, de geboorteakte van het kind met nummer 1G00117 te wijzigen.

3.2

Verzoekster verzoekt - na wijziging van haar verzoek - primair het verzoek gegrond te verklaren en de ambtenaar de opdracht te geven de geboorteakte met nummer 1G0017 te wijzigen zodat de gegevens komen te luiden als hieronder is omschreven.

Geslachtsnaam: “[achternaam kind 2]”

Voornamen: “[voornaam kind 2]”

Dag van geboorte: “[geboortedatum 1]”

Uur en minuut van geboorte: “10.12”

Plaats van geboorte: “Beverwijk”

Geslacht: “M” (Mannelijk)

Geslachtsnaam vader: -

Voornamen vader: -

Geslachtsnaam moeder: “[achternaam moeder 2]”

Voornamen moeder: “[voornaam moeder 2]”

Overige gegevens:

Plaats van geboorte vader: -

Dag van geboorte vader: -

Plaats van geboorte moeder: “Zhejiang, China”

Dag van geboorte moeder: “[geboortedatum 3]”

Aangever:

Geslachtsnaam: “[achternaam moeder 2]”

Voornamen: “[voornaam moeder 2]”

Plaats van geboorte: “Zhejiang, China”

Dag van geboorte: “[geboortedatum 3]”

3.3

Subsidiair verzoekt verzoekster de geboorteakte met nummer 1G0017 te wijzigen zoals verzocht in het primaire verzoek, met aanvulling van de gegevens van [achternaam kind 2], zoals deze blijken uit de gelegaliseerde notariële verklaring met betrekking tot de geboorte van vader [achternaam kind 2], zoals vermeld in bijlage 3 van het verzoek om wijziging van de geboortegegevens in de geboorteakte, ingediend op 9 september 2013 bij de ambtenaar.

3.4

Meer subsidiair verzoekt verzoekster de geboorteakte met nummer 1G0017 te wijzigen zoals verzocht in het primaire verzoek, met het verschil dat de geslachtsnaam van zoon wordt gewijzigd in de geslachtsnaam van moeder [achternaam moeder 2].

3.5

Ten aanzien van de door haar gemaakte kosten in deze procedure verzoekt verzoekster de Gemeente Beverwijk te veroordelen in de kosten van:
- het dactyloscopisch onderzoek ad € 800;

  • -

    de kosten van de notariële akte en legalisatie van het recente DNA rapport en de verklaring van de PSD van 17 mei 2014, indien de rechtbank het nodig acht deze twee stukken te alten opnemen in een notariële akte en te laten voorzien van een legalisatie; deze kosten worden geschat op € 250 tot € 300 per notariële akte met legalisatie;

  • -

    het griffierecht;

  • -

    het salaris van de advocaat.

3.6

Verzoekster is van mening dat de ambtenaar haar verzoek van 9 september 2013 ten onrechte heeft afgewezen. Daarnaast stelt verzoekster dat de ambtenaar de beslissing onvoldoende heeft onderbouwd en zich opnieuw en ten onrechte heeft gebaseerd op de uitspraak van de rechtbank van 20 maart 2012, alsmede op de destijds in die procedure genomen conclusie van de officier.

3.7

Verzoekster heeft ter onderbouwing van haar verzoek in China een nieuw DNA-onderzoek laten uitvoeren waaruit is komen vast te staan dat zij de moeder is van het kind en dat de heer [achternaam kind 2] (hierna [achternaam kind 2]) de vader is. Verzoekster heeft het kind in China samen met [achternaam kind 2] ingeschreven in het Hukou- huishoudregistratieboekje waarbij [achternaam kind 2] en zij er samen voor hebben gekozen het kind de geslachtsnaam [achternaam kind 2] te geven. Bij deze registratie hebben zij hun eigen identiteitsdocumenten getoond, de geboorteakte van het kind en de laisser passer van het kind. Naar Chinees recht draagt het kind de familienaam van zijn vader [achternaam kind 2].

Verzoekster wijst er op dat in de Hukou alle mutaties van personen worden geregistreerd en dat wijzigingen alleen kunnen worden aangebracht door het Public Security Bureau (PSB), welk bureau verantwoordelijk is voor de bevolkingsregistratie in China en dat ook voor het aanvragen van een paspoort het Hukou-registratieboekje dient te worden overgelegd. In het Chinese paspoort van het kind wordt op bladzijde 4 verwezen naar de asielnaam van het kind (‘The name of the bearer of this passport is also spelled as: [NAAM KIND 1]’). Deze asielnaam kan alleen zijn afgeleid van de laisser passer van het kind. Van dit paspoort is in China een notariële verklaring omtrent de echtheid opgemaakt. Daarnaast is door verzoekster nog overgelegd een uitspraak van 1 april 2009 van een in China gevoerde procedure tussen verzoekster en de vader van het kind waaruit kan worden afgeleid dat verzoekster en [achternaam kind 2] zijn overeengekomen dat zoon [achternaam kind 2] zal worden opgevoed door verzoekster. Volgens verzoekster blijkt daaruit dat ook de rechtbank in China uit gaat van het gegeven dat verzoekster en [achternaam kind 2] de ouders zijn van het kind.

3.8

Verzoekster heeft in de loop van de procedure een dactyloscopisch onderzoek laten doen door onderzoeksbureau Forensica te Hengelo, welk bureau de vingerafdrukken van verzoekster heeft vergeleken met de kopie van de in 1999 van de asielzoekster [naam moeder 1] (geboren op [geboortedatum 2]) door de IND afgenomen vingerafdrukken. Dit bureau is blijkens het rapport van 19 mei 2014, dat door verzoekster is overgelegd, tot de conclusie is gekomen dat het een en dezelfde persoon betreft.

3.9

Op basis van bovengenoemde bewijsstukken is verzoekster van mening dat onomstotelijk is komen vast te staan dat zij dezelfde persoon is als [naam moeder 1] en dat het kind [naam kind 1] hetzelfde kind is als het kind [naam kind 2].

3.10

Verzoekster meent dat zij –in tegenstelling tot hetgeen de ambtenaar in de afwijzingsbrief van 1 november 2013 stelt – voldoende heeft aangetoond dat zij ten tijde van de geboorte van het kind op [geboortedatum 1] ongehuwd was door bij haar verzoek aan de ambtenaar van 9 september 2013 een ongehuwdverklaring uit China over de periode 21 december 1993 tot 23 januari 2013 over te leggen.

3.11

Daarnaast wijst zij er op dat in China geen verschil bestaat tussen een wettig en een onwettig kind en dat het kind, nu uit het DNA-onderzoek is gebleken dat [achternaam kind 2] zijn biologische vader is, daarom met de geslachtsnaam [achternaam kind 2] in de geboorteakte kan worden opgenomen.

4 Het verweer

De ambtenaar heeft ter zitting verzocht het verzoek af te wijzen.

De ambtenaar erkent dat uit het rapport van het dactyloscopisch onderzoek van Forensica van 19 mei 2014 blijkt dat het om de vingerafdrukken van een en dezelfde persoon gaat, maar stelt dat nog steeds niet kan worden vastgesteld of verzoekster persoon [naam moeder 1] is of persoon [achternaam moeder 2]. Verzoekster heeft destijds bij de burgerlijke stand door middel van een verklaring onder ede verklaard dat haar geslachtsnaam [naam moeder 1] was. Ter zitting heeft de ambtenaar desgevraagd gezegd niet te kunnen aangeven door overlegging van welke stukken verzoekster wel zou kunnen bewijzen wat haar werkelijke identiteit is.

De ambtenaar heeft er voorts op gewezen dat de moeder ten tijde van de geboorte van het kind niet was gehuwd en dat de geslachtsnaam van een kind dan wordt afgeleid van de geslachtsnaam van de moeder. Omdat verzoekster ten tijde van de geboorte van het kind een onbekende nationaliteit had, is Nederlands recht toegepast op het namenrecht. Ter zitting heeft de ambtenaar meegedeeld ten aanzien van de vadergegevens op dit moment niet te weten of alsnog Chinees recht kan worden toegepast op het vaststellen van de geslachtsnaam van het kind.

De ambtenaar heeft de rechtbank verzocht het verzoek ten aanzien van de kosten van verzoekster af te wijzen, omdat de grondslag voor een dergelijk verzoek ontbreekt. Het is aan verzoekster om voor het opmaken of wijzigen van een akte aan te tonen wat haar werkelijke identiteit is alsmede wat de identiteit van haar kind is. Dat verzoekster daarvoor kosten moet maken, is niet aan de gemeente te wijten.

5 Conclusie van de officier

De officier stelt in zijn conclusie van 10 april 2014 dat op basis van de zich in het dossier bevindende bescheiden niet onomstotelijk kan worden vastgesteld dat verzoekster [naam moeder 2] dezelfde persoon is als die zich bij de asielaanvraag als [naam moeder 1] heeft voorgedaan. De officier geeft de rechtbank in overweging het verzoek van verzoekster tot het instellen van een dactyloscopisch onderzoek in te willigen omdat op die wijze onomstotelijk kan worden vastgesteld dat [naam moeder 1] daadwerkelijk [naam moeder 2] betreft.

Ten aanzien van de gegevens van het kind is de officier van mening dat het kind niet met de geslachtsnaam [achternaam kind 2] kan worden opgenomen in de geboorteakte. De opmerking in het (Chinese) paspoort van het kind dat [naam kind 1] daadwerkelijk [naam kind 2] is, is onvoldoende nu niet kan worden vastgesteld op basis van welke gegevens de Chinese autoriteiten deze opmerking hebben geplaatst omdat de onderliggende stukken niet bij het verzoek zijn gevoegd. Indien bekend zou zijn wie de vader is van het kind, zouden deze gegevens – voor zover bekend is wat de juridische status van deze vader is ten opzichte van het kind – in de akte kunnen worden opgenomen.

Hoewel verzoekster een nieuw DNA-rapport heeft overgelegd, wijst de officier er op dat de moeder en de vader van het kind zich bij het DNA-onderzoek hebben gelegitimeerd door middel van een identiteitsbewijs, maar dat van het kind geen legitimatiebewijs is opgenomen in het rapport, zodat niet kan worden vastgesteld van wie het DNA-materiaal is afgenomen.

De officier concludeert dat wanneer uit dactyloscopisch onderzoek blijkt dat [naam moeder 1] daadwerkelijk [naam moeder 2] betreft, de akte gewijzigd kan worden, in die zin dat de gegevens van [naam moeder 2] in de akte worden opgenomen in plaats van de gegevens van [naam moeder 1]. Voorts zal de geslachtsnaam van het kind gewijzigd moeten worden van [naam moeder 1] in [achternaam moeder 2].
Voorts concludeert de officier dat zelfs indien het DNA-onderzoek volledig zou zijn de juridische verhouding tussen Xiao[achternaam moeder 2] [achternaam kind 2] en het kind vastgesteld moet worden.

De officier geeft tenslotte aan dat het Openbaar Ministerie , na aanvulling van het verzoek door verzoekster, op verzoek van de rechtbank een nieuwe conclusie zal kunnen nemen.

6 Beoordeling van het verzoek

6.1

Op grond van de artikelen 1:18b en 1:20c van het Burgerlijk Wetboek (hierna BW) is de ambtenaar bevoegd te weigeren een akte van de burgerlijke stand op te maken of een latere vermelding aan een akte toe te voegen wanneer hij meent dat de partij of de belanghebbende in gebreke is met het overleggen van vereiste bescheiden of dat deze bescheiden ongenoegzaam zijn of wanneer hij meent dat de Nederlandse openbare orde zich daartegen verzet.

6.2

Op grond van artikel 1:27 BW hebben de belanghebbende partijen de bevoegdheid zich binnen zes weken na verzending van het besluit bij verzoekschrift te wenden tot de rechtbank binnen welk rechtsgebied de standplaats van de ambtenaar van de burgerlijke stand is gelegen. Het verzoek is ingediend binnen deze termijn.

6.3

Verzoekster heeft naar aanleiding van de conclusie van de officier van 10 april 2014 zelf een dactyloscopisch onderzoek laten uitvoeren door Forensica, onderzoek en advies. In het rapport, met bijlagen, van dit onderzoeksbureau opgesteld op 19 mei 2014 door Ing. [naam 4] blijkt dat op basis van de resultaten kan worden aangenomen dat de classificatie van alle vingerafdrukken, welke door Forensica zijn afgenomen op 6 mei 2014 te Rotterdam, overeenkomen met alle vingerafdrukken welke door de IND zijn afgenomen op 12 december 1999 en zijn vastgelegd onder dossier/zaaknummer: 070.203.0804.
Naar aanleiding van de bovengenoemde bevindingen kan, aldus het rapport, worden geconcludeerd dat de cliënt van de opdrachtgever dezelfde persoon is als de persoon die op 12 december 1999 bij de IND te Zevenaar vingerafdrukken heeft afgelegd en werd geregistreerd onder dossier/zaaknummer: 070.203.0804, geboortedatum geboortedatum 4], van Chinese nationaliteit. Bij brief van 8 juli 2014 heeft onderzoeksbureau Forensica verklaard dat de geboortedatum niet geboortedatum 4] is, maar dat dit [geboortedatum 2] moet zijn.

6.4

In haar brief van 28 mei 2014 deelt de advocaat van verzoekster mee dat het Forensisch Centrum voor Identificatie van de Medische Academie te Wen[achternaam moeder 2], China, dat het DNA-onderzoek heeft uitgevoerd, heeft verzuimd het identiteitsnummer dan wel paspoortnummer van het kind te vermelden in het rapport van 31 januari 2013. Verzoekster heeft bij voormeld Forensisch Centrum in China opnieuw een DNA-onderzoek laten verrichten, waarbij ten aanzien van verzoekster en [achternaam kind 2] gebruik gemaakt is van de nog aanwezige bloedmonsters. Het onderzoeksbureau heeft op 26 mei 2014 meegedeeld dat de conclusie in het nieuwe rapport overeenstemt met de conclusie in het eerdere rapport van 31 januari 2013 waardoor de biologische familieband tussen zoon [ACHTERNAAM KIND 2] en vader [ACHTERNAAM KIND 2] enerzijds en zoon [ACHTERNAAM KIND 2] en moeder [ACHTERNAAM MOEDER 2] anderzijds is komen vast te staan.

Omdat de conclusie van het rapport van 26 mei 2014 overeenkomt met de conclusie van het (gelegaliseerde) rapport van 31 januari 2013 heeft de moeder om financiële redenen van dit rapport in China geen notariële akte laten opmaken en is dit rapport ook niet gelegaliseerd.

6.5

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen en de nieuwe stukken met betrekking tot het DNA-onderzoek en het dactyloscopisch onderzoek zal de rechtbank de behandeling van het verzoek pro forma aanhouden en de officier alsnog in de gelegenheid stellen zich nader uit te laten over deze nieuwe informatie, zoals ook reeds is aangegeven in de conclusie van 10 april 2014.

7 Beslissing

De rechtbank:

7.1

Verzoekt de officier zich schriftelijk uit te laten over de volgende vragen:

a. Is uit het dactyloscopisch onderzoek onomstotelijk komen vast te staan dat [naam moeder 2] dezelfde persoon is als degene die zich bij de asielaanvraag als [naam moeder 1] heeft voorgedaan?
Indien dit zo is, is dit aanleiding om de gegevens van [naam moeder 2] in de geboorteakte van het kind op te nemen in plaats van de gegevens van [naam moeder 1] en de geslachtnaam van het kind in [achternaam moeder 2] te wijzigen?

b. Is uit het overgelegde en gelegaliseerde DNA-rapport van 31 januari 2013 en het niet gelegaliseerde DNA-rapport van 26 mei 2014 voldoende komen vast te staan dat [naam moeder 2] de moeder is van het kind [naam kind 2] en dat [naam man] de biologische vader is van[naam kind 2]?

Indien dit zo is, is dit aanleiding om de voornaam van het kind [voornaam kind 1] in de geboorteakte te wijzigen in [voornaam kind 2]?

c. Geven de overgelegde stukken en de nadere informatie over de vader van het kind aanleiding om een nader standpunt in te nemen over het verzoek de geslachtsnaam van het kind in de geboorteakte te wijzigen in [achternaam kind 2]?

6.2

Houdt de behandeling van het verzoek aan tot 3 september 2014 pro forma.

6.3

Verzoekt de officier zijn conclusie uiterlijk op 31 augustus 2014 aan de rechtbank toe te zenden, waarna de rechtbank een termijn zal bepalen waarbinnen verzoekster en de ambtenaar een schriftelijke reactie op de conclusie kunnen geven, alsmede zich kunnen uitlaten over de vraag of zij een nadere behandeling ter zitting wenselijk achten.

Deze beschikking is gegeven door mr. H.M. van Dam, voorzitter, mr. A.A.F. Donders en mr. B.M.A. Bataille, rechters, in tegenwoordigheid van M.P. Joukes, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 30 juli 2014

Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en de verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.