Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ6165

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
10-01-2013
Datum publicatie
03-04-2013
Zaaknummer
423112 OA VERZ 12-216
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bij een ontbinding van de arbeidsovereenkomst na (meer dan) twee jaar arbeidsongeschiktheid wordt in beginsel geen vergoeding toegekend. Dit is alleen anders als sprake is van bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld als de werkgever is tekortgeschoten bij de re-integratie. In dit geval is daarvan sprake en wordt een vergoeding met correctiefactor C=0.5 toegekend. De vergoeding wordt vastgesteld op basis van het laatstelijk door werknemer ontvangen salaris en niet op basis van het salaris voorafgaande aan de arbeidsongeschiktheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2013-0283
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton - locatie Hoorn

Zaaknr/repnr.: 423112 OA VERZ 12-216

Uitspraakdatum: 10 januari 2013

Beschikking in de zaak van:

de besloten vennootschap Securitas Beveiliging B.V., gevestigd te Badhoevedorp

verzoekende partij

verder ook te noemen: Securitas

gemachtigde: mr. H. Dammingh, advocaat te Utrecht

tegen

[naam], wonende te [plaats]

verwerende partij

verder ook te noemen: [werknemer]

gemachtigde: mr. A. Hendrickx, verbonden aan Eerlijkarbeidsrecht te Utrecht.

Het procesverloop

1. Securitas heeft op 22 november 2012 een verzoekschrift ingediend tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen haar en [werknemer]. Daar heeft [werknemer] bij verweerschrift op gereageerd.

2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 20 december 2012, waar voor Securitas zijn verschenen [A], branchemanager, en [B]a, HR Consultant, bijgestaan door mr. Dammingh, en waar [werknemer] in persoon is verschenen, bijgestaan door mr. Hendrickx. Partijen hebben hun standpunt ter zitting toegelicht aan de hand van pleitaantekeningen. Bij brief van 19 december 2012 heeft Securitas met het oog op de zitting nog nadere stukken overgelegd.

3. Vervolgens is vandaag uitspraak bepaald.

De feiten

4. [werknemer], geboren op [datum], is op 5 november 2001 bij (de rechtsvoorganger van) Securitas in dienst getreden, en laatstelijk werkzaam geweest in de functie van beveiliger, voor gemiddeld 160 uur per periode van vier weken.

5. In een faxbericht van 1 december 2008 heeft een opdrachtgever van Securitas, Shell NTC, een klacht geuit over het feit dat [werknemer] zich niet aan werkinstructies houdt en is verzocht [werknemer] niet meer in te roosteren bij het object van de opdrachtgever.

6. Op 9 februari 2009 is [werknemer] wegens ziekte uitgevallen voor zijn werk. Nadien heeft een re-integratietraject plaatsgevonden, in het kader waarvan [werknemer] op verschillende objecten werkzaamheden als beveiliger heeft verricht.

7. Bij e-mail van 14 april 2010 heeft opdrachtgever gemeente Haarlemmermeer, waar [werknemer] werkzaam was als beveiliger, kritiek geuit op zijn functioneren. Die kritiek is besproken op 19 april 2010, en in een verslag daarvan is neergelegd dat [werknemer] aan verbetering gaat werken.

8. De bedrijfsarts van Securitas heeft op 4 januari 2011 gerapporteerd dat [werknemer] volledig inzetbaar was voor zijn eigen werk, zij het dat hij nog beperkt was voor het verrichten van nachtdiensten. Nadien heeft [werknemer] zijn werkzaamheden als beveiliger weer hervat, waarbij hij geen nachtdiensten (meer) heeft gedaan.

9. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: UWV) heeft op 26 januari 2011 beslist dat aan [werknemer] geen WIA-uitkering wordt toegekend met ingang van 20 februari 2011, omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht.

10. In een verslag van een functioneringsgesprek van 25 februari 2011 is neergelegd dat het functioneren van [werknemer] in de periode van september 2009 tot februari 2011 onvoldoende is geweest.

11. In april 2011 heeft opdrachtgever gemeente Haarlemmermeer een aantal incidenten met [werknemer] besproken en schriftelijke afspraken gemaakt met [werknemer] over het nakomen van een aantal punten, waaronder het kennisnemen van procedures, collega’s raadplegen en het niet verlaten van het bewakingsobject voordat er zekerheid is dat alles goed is.

12. Bij e-mails van 22 april 2011 en 13 mei 2011 heeft opdrachtgever IBM aan Securitas laten weten dat zij [werknemer] niet meer als beveiliger wil inzetten, vanwege de passieve houding van [werknemer], zijn uitstraling en communicatieve vaardigheden. Op 16 mei 2011 zijn de klachten van IBM besproken met [werknemer].

13. Bij e-mail van 1 juni 2011 heeft de gemeente Haarlemmermeer aan Securitas laten weten dat [werknemer] op 31 mei 2011 te laat op het bewakingsobject was verschenen en dat de “rek er nu geheel uit” was ten aanzien van [werknemer].

14. In een e-mail van 6 juni 2011 heeft [werknemer] gemeld dat hij het werk op het object gemeente Haarlemmermeer te zwaar vond en gevraagd om plaatsing op een rustiger object. In reactie daarop heeft Securitas laten weten dat het object gemeente Haarlemmer¬meer één van de meest rustige objecten is en dat de bedrijfsarts geen beperkingen voor dit werk heeft aangegeven.

15. Op 20 juni 2011 heeft [werknemer] zich wegens toegenomen beperkingen opnieuw ziek gemeld. Bij besluit van 16 augustus 2011 heeft het UWV naar aanleiding van die ziekmelding aan [werknemer] met ingang van 20 juni 2011 een WIA-uitkering toegekend (een WGA-uitkering), berekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 67%. Daarbij is blijkens een rapportage van 2 augustus 2011 van de verzekeringsarts van het UWV aangenomen dat [werknemer] naast de door de bedrijfsarts al aangenomen beperkingen voor het verrichten van nachtdiensten ook in die zin beperkt was dat hij maximaal 20 uur per week en vier uur per dag kon werken, waarbij het in verband met zijn medicijngebruik verstandig werd geacht dat hij pas in de middag aan het werk zou gaan.

16. In de periode na 20 juni 2011 heeft [werknemer] weer werkzaamheden als beveiliger verricht, onder andere op het project Global Switch, en voor maximaal 20 uur per week.

17. Bij e-mail van 29 juli 2011 heeft de gemeente Haarlemmermeer aan Securitas bericht dat zij [werknemer] niet meer als beveiliger wil, omdat zij er door langdurige afwezigheid van [werknemer] en zijn gebrek aan kennis van procedures geen vertrouwen meer in had dat [werknemer] eerder gemaakte afspraken kon nakomen.

18. In een e-mail van 14 januari 2012 is door opdrachtgever Global Switch geklaagd over een gebrek aan interesse bij [werknemer] ten aanzien van het object waar hij werkte.

19. Op 20 januari 2012 heeft [werknemer] zich (volledig) ziek gemeld.

20. In een gespreksverslag van 26 januari 2012 is onder meer neergelegd dat is afgesproken dat Securitas zo veel mogelijk rekening zal gaan houden met de privé-situatie van [werknemer] en dat [werknemer] zich tijdens zijn werk volledig zal inzetten en interesse zal gaan tonen in het object waar hij werkzaam is.

21. Bij e-mail van 29 januari 2012 heeft [werknemer] gemeld dat hij het werk op het object Global Switch te hectisch vindt en heeft hij gevraagd om hem op een ander project te werk te stellen. In e-mails van 30 januari en 13 februari 2012 heeft Securitas geweigerd aan dit verzoek te voldoen, omdat de bedrijfsarts had geoordeeld dat [werknemer] geschikt was voor de werkzaamheden bij Global Switch.

22. In een deskundigenoordeel van 1 februari 2012 heeft de arbeidsdeskundige van het UWV gesteld dat de re-integratie-inspanningen van Securitas niet voldoende zijn geweest. Daarbij is door de arbeidsdeskundige aangegeven dat de bedrijfsarts eerst een standpunt moet innemen over de vraag of het aangeboden werk passend is, en zo nodig moet beoordelen of het in het kader van de re-integratie beter is [werknemer] te werk te stellen op een minder hectische werkplek.

23. De bedrijfsarts heeft op 7 februari 2012 gerapporteerd dat het opstellen van een aangepaste Functionele mogelijkhedenlijst (hierna: FML) niet zinvol is, omdat de medische beperkingen van [werknemer] al bekend zijn vanuit de beoordeling door het UWV. Bij toegenomen beperkingen zal [werknemer] dit volgens de rapportage van de bedrijfsarts moeten aangeven bij het UWV.

24. In een deskundigenoordeel van 6 maart 2012 heeft de arbeidsdeskundige van het UWV opnieuw gesteld dat de re-integratie-inspanningen van Securitas niet voldoende zijn geweest, omdat de bedrijfsarts had nagelaten zelf een onderzoek te doen naar de vraag of er sprake was van toegenomen beperkingen en of deze eventueel in de weg staan aan de geschiktheid van de laatst verrichte werkzaamheden.

25. In een e-mail van 13 april 2012 is door opdrachtgever KPN geklaagd over de werkhouding van [werknemer], te weten een niet-actieve houding, te veel bezig zijn met een mobiele telefoon, te lang lopen van rondes zonder contact en te traag bedienen van apparatuur.

26. In een gespreksverslag van 11 juni 2012 is neergelegd dat door [werknemer] is aangegeven dat het vak van beveiliger hem eigenlijk niet goed ligt en is besproken dat eventueel een outplacementtraject zal worden gestart.

27. In een verslag van een functioneringsgesprek van 11 juni 2012 is neergelegd dat het functioneren van [werknemer] over de periode van 25 februari 2011 tot 11 juni 2012 als onvoldoende is beoordeeld.

28. Bij e-mail van 21 juli 2012 heeft [werknemer] aan Securitas laten weten dat hij gaat voor re-integratie in zijn eigen werk.

29. In augustus 2012 is [werknemer] als beveiliger gaan werken op het object Ricoh. Bij e- mail van 3 oktober 2012 heeft [werknemer] aan Securitas laten weten dat het werk bij Ricoh hem goed ligt.

30. De bedrijfsarts heeft in een rapportage van 20 september 2012 aangegeven dat de belasting van 20 uur per week gecontinueerd kan worden.

31. In een e-mail van 10 oktober 2012 heeft Ricoh aan Securitas bericht dat zij geen vertrouwen meer heeft in [werknemer] als beveiliger, omdat hij de motor van een auto aan had laten staan, een sleutelbos had afgegeven aan een nachtbewaker, een deur had laten openstaan waardoor het alarm niet werd ingeschakeld en regelmatig na aanvang van diensttijd arriveerde.

32. In een gespreksverslag van 11 oktober 2012 is genoteerd dat voor Securitas de maat vol was nu [werknemer] was weggestuurd bij Ricoh en Securitas een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst zal gaan indienen. Bij e-mail van 14 oktober 2012 heeft [werknemer] de door Ricoh geuite klachten weersproken.

Het geschil

33. Securitas verzoekt de arbeidsovereenkomst met [werknemer] te ontbinden wegens gewichtige redenen, gelegen in veranderingen in de omstandigheden. Aan haar verzoek heeft Securitas – kort samengevat – ten grondslag gelegd dat haar klanten de afgelopen jaren bij herhaling klachten hebben geuit over de werkzaamheden van [werknemer] als beveiliger en dat sommige klanten [werknemer] niet meer als beveiliger binnen hun organisatie willen inzetten. Nu [werknemer] in oktober 2012 opnieuw door een klant – Ricoh – is weggestuurd, heeft Securitas er geen vertrouwen meer in dat er nog verbetering mogelijk is en dat er nog een vruchtbare invulling aan de arbeidsovereenkomst kan worden gegeven. Daarbij heeft Securitas ook aangevoerd dat [werknemer] meer dan twee jaar arbeidsongeschikt is, dat [werknemer] ongeschikt blijkt voor zijn eigen werk en dat er geen (andere) re-integratie¬mogelijkheden meer zijn. Securitas is niet bereid enige vergoeding aan [werknemer] te voldoen, omdat de grond voor ontbinding volgens Securitas geheel aan [werknemer] te verwijten is.

34. [werknemer] verweert zich tegen de gevraagde ontbinding. Volgens [werknemer] zijn de klachten van de opdrachtgevers (deels) onterecht. Verder stelt [werknemer] dat de werk¬zaam¬¬heden bij sommige opdrachtgevers te hectisch voor hem waren en dat met zijn noodkreten daarover niets is gedaan door Securitas. Ook wijst [werknemer] erop dat Securitas begin 2012 ten onrechte geen (aangepaste) FML heeft laten opstellen door de bedrijfsarts en heeft verzuimd een onderzoek te laten doen naar de vraag of de werkzaam¬heden bij Global Switch wel geschikt voor hem waren, terwijl zijn verzoeken om overplaatsing niet gehonoreerd zijn en Securitas hem voortdurend onder druk heeft gezet. [werknemer] vindt daarom dat de ontbinding moet worden afgewezen en dat zijn re-integratie moet worden voortgezet, zo nodig in het tweede spoor bij een andere werkgever. Verder is daarbij volgens [werknemer] van belang dat hij gelet op zijn gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid moeilijk aan een andere baan zal kunnen komen. In geval van ontbinding verzoekt [werknemer] om toekenning van een vergoeding op basis van de kantonrechtersformule met correctiefactor C=1.5 (zoals bedoeld in de Aanbevelingen van de kring van kantonrechters, gepubliceerd op www.rechtspraak.nl).

35. Bij de beoordeling wordt zo nodig nog nader ingegaan op de standpunten van partijen.

De beoordeling

36. Het gaat in deze zaak om de vraag of de arbeidsovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden, en zo ja, of daarbij een vergoeding aan [werknemer] moet worden toegekend.

37. De kantonrechter overweegt dat niet is gebleken van een opzegverbod dat in de weg staat aan ontbinding, met name niet waar het gaat om het opzegverbod tijdens ziekte. Blijkens de stukken is de ongeschiktheid voor de bedongen arbeid wegens ziekte aangevangen op 9 februari 2009. Ter zitting is gebleken dat partijen het erover eens zijn dat als bedongen arbeid moet worden aangemerkt het werk van [werknemer] als beveiliger voor 40 uur per week (gemiddeld 160 uur per vier weken), inclusief vaste nachtdiensten. Niet in geschil is dat [werknemer] ook op en na 9 februari 2011 niet meer in staat was om nachtdiensten te verrichten. Dat betekent dat ervan moet worden uitgegaan dat [werknemer] vanaf 9 februari 2009 wegens ziekte onafgebroken ongeschikt is geweest voor de bedongen arbeid en dat die ongeschiktheid is blijven voortbestaan op en na 9 februari 2011. Het opzegverbod tijdens ziekte is gelet op artikel 7:670 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) per 9 februari 2011 dus niet meer van toepassing, omdat de ongeschiktheid wegens ziekte van [werknemer] voor de bedongen arbeid toen twee jaar had geduurd. Er is niet gesteld of gebleken dat er na 9 februari 2011 sprake is geweest van nieuwe of andere bedongen arbeid en een nieuwe ziekteperiode. Ook van een ander opzegverbod dat in de weg zou kunnen staan aan ontbinding is niet gebleken.

38. De kantonrechter is van oordeel dat de arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden op grond van de door Securitas gestelde verandering van omstandigheden. Daarover wordt het volgende overwogen.

39. Vooropgesteld wordt dat de werkzaamheden die [werknemer] sinds 9 februari 2009 heeft verricht, geacht moeten worden te hebben plaatsgevonden in het kader van zijn re-integratie in de eigen of andere passende arbeid bij Securitas. Securitas is in dat verband op grond van artikel 7:658a lid 1 BW verplicht om de inschakeling van [werknemer] in de eigen of andere passende arbeid bij Securitas te bevorderen, ook nadat de ongeschiktheid wegens ziekte van [werknemer] twee jaar heeft geduurd. Gelet op artikel 7:658 lid 2 BW moet Securitas daartoe zodanige maatregelen treffen als redelijkerwijs nodig is om [werknemer] in staat te stellen die eigen of andere passende arbeid te verrichten.

40. Uit de stukken en hetgeen hiervoor onder de feiten is weergegeven, blijkt dat er na de uitval wegens ziekte op 9 februari 2009 op nagenoeg alle objecten waar [werknemer] in het kader van zijn re-integratie werkzaamheden heeft verricht klachten zijn geuit door opdracht¬gevers – gemeente Haarlemmermeer, IBM, Global Switch, KPN en Ricoh – over meerdere aspecten van de werkzaamheden van [werknemer]. Anders dan [werknemer] stelt, kan niet worden gezegd dat KPN tevreden was over zijn werkzaamheden, nu KPN blijkens de hiervoor genoemde e-mail van 13 april 2012 ook heeft geklaagd over de werkhouding van [werknemer]. De gemeente Haarlem¬mer¬meer, IBM en Ricoh hebben daarbij laten weten dat zij [werknemer] niet meer als beveiliger willen inzetten. Verder moet er gelet op de door Securitas overgelegde gespreksverslagen en de verslagen van functioneringsgesprekken vanuit worden gegaan dat door Securitas met [werknemer] regelmatig is gesproken over de klachten van de opdrachtgevers en over zijn werkhouding, en dat er afspraken zijn gemaakt om tot verbetering te komen.

41. Vastgesteld moet worden dat het vanaf 9 februari 2009 in een periode van meer dan 3½ jaar dus niet is gelukt om [werknemer] succesvol te laten re-integreren als beveiliger, ondanks meerdere pogingen daartoe. Ook staat vast dat er in die periode door verschillende opdrachtgevers is geklaagd over [werknemer] en dat hij bij sommige opdrachtgevers niet meer werd toegelaten. Onder die omstandigheden kon naar het oordeel van de kantonrechter van Securitas, nadat [werknemer] in oktober 2012 opnieuw door een opdrachtgever was weggestuurd, in redelijkheid niet meer worden gevergd om de re-integratie-inspanningen in het werk als beveiliger nog langer te blijven voortzetten. Immers, niet aannemelijk is dat er na oktober 2012 na de reeks van mislukte re-integratiepogingen nog een reële mogelijkheid was dat [werknemer] alsnog succesvol zou kunnen hervatten in de functie van beveiliger. Daarbij neemt de kantonrechter mede in aanmerking dat [werknemer] blijkens een gespreks¬verslag van 11 juni 2012 ook zelf heeft aangegeven dat het vak van beveiliger hem eigenlijk niet goed ligt en dat hij ter zitting heeft erkend dat hij vaak ongemotiveerd was voor zijn werk als beveiliger. Dat laatstgenoemd gebrek aan motivatie mede te maken had met het feit dat [werknemer] ‘boven sterkte’ werkte, zoals hij stelt, neemt niet weg dat dit gebrek zich voordeed en aan [werknemer] zelf is te wijten. Gelet op het re-integratietraject en de met Securitas gemaakte afspraken had van [werknemer] gevergd kunnen worden dat hij volledige inzet had getoond, ook bij werken ‘boven sterkte’.

42. Dat [werknemer] de klachten van de opdrachtgevers heeft weersproken, doet er niet aan af dat het niet aannemelijk is dat re-integratie in de functie van beveiliger nog mogelijk is. Daarbij komt dat [werknemer] wat betreft de klachten van de gemeente Haarlemmermeer, IBM, Global Switch en KPN onvoldoende heeft toegelicht en onderbouwd waarom die klachten feitelijk onjuist en onterecht zouden zijn. [werknemer] heeft ter zitting ook erkend dat hij vaak ongemotiveerd was voor zijn werk als beveiliger. Ten aanzien van de klacht van Ricoh geldt dat [werknemer] kennelijk erkent dat hij te laat is gekomen, terwijl hij op de overige punten van de klachten van Ricoh niet zozeer de gestelde feitelijke gang van zaken betwist, alswel een andere zienswijze heeft over zijn verantwoordelijkheden en taken. Dat laatste biedt onvoldoende aanknopingspunten om aan te nemen dat de klachten van Ricoh ongegrond zijn.

43. De stelling van [werknemer] dat Securitas is tekortgeschoten in haar inspanningen om hem te re-integreren in de functie van beveiliger leidt evenmin tot een andere conclusie. Ook hier geldt dat indien al moet worden aangenomen dat Securitas in dit verband op één of meer punten is tekortgeschoten, overeind blijft dat inmiddels niet (meer) aannemelijk is dat re-integratie in de functie van beveiliger nog reëel is en van Securitas gevergd kan worden, zoals hiervoor is overwogen. Daarbij wordt mede in aanmerking genomen dat [werknemer] zelf van oordeel was dat de laatste door hem verrichte werkzaamheden bij Ricoh geschikt voor hem waren en hij Securitas ten aanzien van die werkzaamheden kennelijk geen verwijt maakt ten aanzien van haar re-integratie-inspanningen. Niettemin is ook bij Ricoh de re-integratie mislukt. Een tekortschieten bij re-integratie kan wel een rol spelen bij de toe te kennen vergoeding, waarop hierna zal worden ingegaan.

44. Niet gebleken is dat er naast de functie van beveiliger voor [werknemer] nog andere mogelijkheden zijn voor re-integratie in passende arbeid bij Securitas.

45. Voor zover [werknemer] heeft gesteld dat Securitas zich ook had moeten inspannen voor re-integratie in ‘het tweede spoor’, kan hij daarin niet worden gevolgd. Securitas heeft terecht gesteld dat zij niet verplicht is om te bevorderen dat [werknemer] wordt ingeschakeld in passende arbeid bij een andere werkgever, het zogenoemde tweede spoor. Volgens artikel 7:658a lid 1 BW bestaat deze verplichting alleen gedurende het tijdvak van 104 weken waarin de werknemer recht heeft op loondoorbetaling tijdens ziekte op grond van artikel 7:629 lid 1 BW. Zoals hiervoor onder punt 37 is overwogen, moet ervan worden uitgegaan dat [werknemer] vanaf 9 februari 2009 wegens ziekte onafgebroken ongeschikt is geweest voor de bedongen arbeid en dat die ongeschiktheid is blijven voortbestaan op en na 9 februari 2011. Dat brengt mee dat het recht op loondoorbetaling tijdens ziekte, als bedoeld in artikel 7:629 lid 1 BW, is geëindigd 104 weken na 9 februari 2009, dus op of omstreeks 9 februari 2011. Na die datum is Securitas dus ook niet meer verplicht tot re-integratie in het tweede spoor.

46. De conclusie is dat [werknemer] inmiddels ruim 3½ jaar wegens ziekte ongeschikt is voor het verrichten van de bedongen arbeid en dat ervan moet worden uitgegaan dat er geen re-integratiemogelijkheden meer bestaan, zodat in redelijkheid van Securitas niet meer kan worden gevergd om de re-integratie nog langer te blijven voortzetten. Onder die omstandigheden is voortzetting van de arbeidsovereenkomst niet meer zinvol. De arbeidsovereenkomst zal daarom worden ontbonden per 1 februari 2013.

47. De kantonrechter komt vervolgens toe aan de vraag of het gelet op de omstandigheden billijk is om aan [werknemer] een vergoeding toe te kennen, als bedoeld in artikel 7:685 lid 8 BW.

48. De kantonrechter neemt tot uitgangspunt dat bij een ontbinding van de arbeidsovereen-komst na (meer dan) twee jaar arbeidsongeschiktheid in beginsel geen vergoeding wordt toegekend. Dit is alleen anders als sprake is van bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld als de werkgever is tekortgeschoten bij de re-integratie.

49. Uit hetgeen hiervoor is overwogen, volgt dat een deel van de reden van het mislukken van de re-integratie is gelegen in het feit dat de werkhouding en de werkzaam¬heden van [werknemer] bij herhaling aanleiding zijn geweest voor klachten van opdracht¬gevers en dat sommige van deze opdrachtgevers [werknemer] niet meer als beveiliger wilden inzetten. Die omstandigheid is blijkens het voorgaande in ieder geval deels te wijten aan [werknemer] zelf.

50. Anderzijds heeft ook Securitas in het re-integratietraject steken laten vallen. Uit de door [werknemer] overgelegde stukken blijkt dat hij in december 2011 en januari 2012 bij zeven gelegenheden is ingeroosterd in de ochtenduren, terwijl het blijkens de rapportage van 2 augustus 2011 van de verzekeringsarts van het UWV verstandig werd geacht dat hij pas in de middag aan het werk zou gaan, waarvan door de bedrijfsarts niet (kenbaar) is afgeweken. Ook ten aanzien van het werk bij KPN heeft [werknemer] voldoende aannemelijk gemaakt dat van hem werd gevergd dat hij volcontinue diensten ging draaien, terwijl hij daartoe medisch nog niet in staat was. Gelet op de rapportage van de bedrijfsarts van 22 mei 2012 kon immers pas een begin worden gemaakt met inzet in ochtenddienst als na een maand zou blijken dat de middag- en avonddiensten goed verliepen. Daarnaast is in de twee hiervoor genoemde deskundigenoordelen van het UWV van 1 februari 2012 en 6 maart 2012 geoordeeld dat de re-integratie-inspanningen van Securitas niet voldoende zijn geweest. Anders dan Securitas is de kantonrechter het eens met de arbeidsdes¬kundige van het UWV dat het op de weg ligt van de bedrijfsarts om in geval van een melding van toegenomen klachten van een werknemer, zoals in dit geval door [werknemer], een nadere FML op te stellen, althans de (toegenomen) medische beperkingen in kaart te brengen, en vervolgens de passendheid van aangeboden werk aan de hand daarvan te beoordelen. De bedrijfsarts kan dit niet overlaten aan het UWV, omdat die beoordeling primair de verantwoordelijkheid is van de werkgever en diens bedrijfsarts. De nalatigheid van de bedrijfsarts komt voor rekening en risico van Securitas. Het voorgaande brengt mee dat de reden voor het mislukken van de re-integratie deels ook geacht moet worden te zijn gelegen in genoemde tekortkomingen van de kant van Securitas.

51. Gelet op de hiervoor genoemde omstandigheden en alles afwegend ziet de kantonrechter aanleiding voor toekenning van een vergoeding met toepassing van correctiefactor C=0.5. Daarbij neemt de kantonrechter mede in aanmerking dat [werknemer] tot 2008 goed heeft gefunctioneerd, althans van het tegendeel niet is gebleken, en dat aannemelijk is dat [werknemer] moeilijk aan ander werk zal kunnen komen waarmee hij een vergelijkbaar inkomen als bij Securitas zal kunnen verdienen.

52. De vergoeding zal verder worden vastgesteld op basis van een maandsalaris van € 1.352,68 bruto per maand (inclusief 8% vakantietoeslag). Dat is het salaris dat [werknemer] sedert juni 2011 verdient met de werkzaamheden die hij verricht op basis van een werkweek van 20 uur. Anders dan [werknemer] ziet de kantonrechter geen reden om uit te gaan van het salaris op basis van een werkweek van 40 uur dat hij verdiende voordat hij arbeidsongeschikt werd. In aansluiting op hetgeen hiervoor is overwogen onder punt 37 en 45 moet worden aangenomen dat het recht op volledige loondoorbetaling tijdens ziekte is geëindigd op of rond 9 februari 2011. Na die tijd kan [werknemer] geen aanspraak meer maken op volledige loondoorbetaling, maar in beginsel alleen op het salaris voor de feitelijk verrichte werkzaamheden op basis van een werkweek van 20 uur. Dat betekent dat ook voor vaststelling van de ontbindingsvergoeding moet worden uitgegaan van laatstgenoemd salaris. Dat leidt tot een vergoeding van afgerond € 8.792,00 bruto (aantal gewogen dienstjaren 13, salaris € 1.352,68 bruto, correctiefactor C=0.5).

53. Partijen worden van de voorgenomen beslissing in kennis gesteld en Securitas is bevoegd het verzoek binnen de hierna te noemen termijn in te trekken. Gelet op de uitkomst van de procedure is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Indien Securitas haar verzoek intrekt, zal zij de proceskosten van [werknemer] moeten betalen.

De beslissing

De kantonrechter:

Bepaalt dat de termijn, waarbinnen Securitas haar verzoek zal kunnen intrekken [i.c. door middel van een schriftelijke mededeling (eventueel bij faxbericht) aan de griffier en in afschrift aan de (gemachtigde van de) wederpartij], zal lopen tot en met 25 januari 2013.

Voor het geval Securitas haar verzoek niet binnen die termijn zal hebben ingetrokken:

Ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 februari 2013.

Kent aan [werknemer] ten laste van Securitas een vergoeding toe van € 8.792,00 bruto.

Bepaalt dat beide partijen de eigen kosten dragen.

Voor het geval Securitas haar verzoek binnen die termijn zal hebben ingetrokken:

Veroordeelt Securitas in de proceskosten, die aan de zijde van [werknemer] worden vastgesteld op € 400,00 voor salaris van de gemachtigde van [werknemer].

Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 10 januari 2013 in het openbaar uitgesproken.