Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNHO:2013:6008

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
16-07-2013
Datum publicatie
23-07-2013
Zaaknummer
570358 - CV EXPL 12-10818
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Anders dan in een eerder vonnis van deze rechtbank hanteert de kantonrechter bij het bepalen van de duur van de vertraging voor wat betreft de aankomsttijd het tijdstip dat het toestel 'on blocks' is en niet het tijdstip van de 'touch down'. Voortschrijdend inzicht heeft tot de voorgaande overweging geleid. Met de taxitijd is immers al rekening gehouden bij het op het ticket vermelde aankomsttijdstip.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Afdeling Privaatrecht

Sectie Kanton – locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 570358 \ CV EXPL 12-10818

datum uitspraak: 16 juli 2013

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

1.

[X.]

2.

[Y.], pro se en in hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger voor zijn minderjarige kinderen[A.],[B.],[C.] en [D.],

allen te [woonplaats]

eisers

hierna gezamenlijk te noemen de passagiers

gemachtigde E.S.A. Wiggers

tegen

de commanditaire vennootschap

TRANSAVIA AIRLINES C.V.

te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen Transavia

gemachtigde mr. T.R. van Ginkel

De procedure

De passagiers hebben Transavia gedagvaard op 26 juni 2012. Transavia heeft schriftelijk geantwoord. De kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 20 december 2012 een comparitie van partijen gelast, die heeft plaatsgevonden op 27 mei 2013. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen verder naar voren hebben gebracht.

De feiten

  1. De passagiers hebben met Transavia een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Transavia de passagiers zou vervoeren van Dalaman (Turkije) naar Amsterdam op 17 juli 2010 met vertrektijd 22:35 uur (lokale tijd) en aankomst op zondag 18 juli 2010 met aankomsttijd 1:30 uur (lokale tijd) en vluchtnummer HV 720, hierna: de vlucht.

  2. De passagiers hebben bij brief van 12 januari 2011 compensatie van Transavia gevorderd in verband met vertraging.

  3. Transavia heeft geweigerd een bedrag te betalen.

De vordering

De passagiers vorderen dat Transavia bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 2.400,00 vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 18 juli 2010 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 535,50 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;
- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en het Sturgeon‑arrest van 19 november 2009. De passagiers stellen dat Transavia vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 400,00 per passagier.

Het verweer

Transavia betwist de vordering. Primair heeft Transavia verzocht om de procedure aan te houden totdat de Hoge Raad zich in zeven cassatieprocedures zal hebben uitgesproken over de uitspraak van het Hof in de gevoegde zaken C-581/10 en C-629/10 van 23 oktober 2012 (hierna: het Nelson-arrest).

Transavia beroept zich primair op niet‑ontvankelijkheid van de passagier sub 2. Transavia voert daartoe aan dat bij gebreke van een rechterlijke machtiging eiser sub 2 niet bevoegd is om namens zijn minderjarige kinderen deze procedure te voeren.

Transavia heeft verder aangevoerd dat zij geen compensatie verschuldigd is, omdat de vlucht minder dan 3 uur vertraagd was. De geplande aankomsttijd was 23.30 uur UTC (01.30 uur lokale tijd) en de werkelijke aankomsttijd was 02.22 uur UTC (04.22 lokale tijd), zodat de vertraging 2 uur en 52 minuten bedroeg, aldus Transavia.

Tot slot betwist Transavia de rente en de (buitengerechtelijke) kosten.

De beoordeling

1.

De kantonrechter zal het verzoek van Transavia om aanhouding niet honoreren. Nu uit het Nelson-arrest - kort samengevat - ondubbelzinnig volgt dat het Sturgeon-arrest als geldend recht dient te worden beschouwd, zodat de passagiers ook bij vertraging van een zekere duur recht op compensatie kunnen hebben, zijn er geen termen om de uitspraak in de onderhavige zaak aan te houden.

2.Het beroep op de niet‑ontvankelijkheid wordt verworpen, omdat de passagier sub 2 bij akte de beschikking d.d. 5 juli 2012 van de kantonrechter te Utrecht in het geding heeft gebracht, met een machtiging van de passagier sub 2 om namens zijn minderjarige kinderen deze procedure te voeren.

3.

Ten aanzien van het verweer van Transavia dat de vlucht geen 3 uur en 5 minuten maar 2 uur en 52 minuten vertraagd was overweegt de kantonrechter als volgt. Anders dan in het eerdere vonnis van deze rechtbank hanteert de kantonrechter bij het bepalen van de duur van de vertraging voor wat betreft de aankomsttijd het tijdstip dat het toestel ‘on blocks’ is en niet, zoals Transavia heeft gedaan het tijdstip van de ‘touch down’. Het ‘on blocks’ tijdstip dat staat vermeld in het Air Flight Log is in het voorliggende geval 02.35 uur. Afgezet tegen de geplande aankomsttijd oordeelt de kantonrechter dat de vertraging meer dan 3 uur bedraagt, zodat het verweer van Transavia faalt.

Voortschrijdend inzicht heeft tot de voorgaande overweging geleid. Ter comparitie heeft Transavia toegelicht dat op de tickets de aankomsttijden ruim zijn genomen, met andere woorden, de werkelijke duur van de vlucht is in de regel korter dan volgens de vertrek- en de aankomsttijden op het ticket, omdat, zo heeft Transavia aangevoerd, de luchtvaartmaat-schappij de taxitijd niet kan inschatten. Aldus gaat het argument van Transavia dat het ‘touch down’ tijdstip moet worden gehanteerd als aankomsttijd omdat Transavia geen invloed heeft op de taxitijd niet op; met de taxitijd is immers al rekening gehouden bij het op het ticket vermelde aankomsttijdstip. Het onderscheid tussen ‘operationele aankomsttijd’ en ‘juridische aankomsttijd’ dat Transavia ter comparitie heeft gemaakt ziet de kantonrechter niet. Tot slot is de uitleg van de passagiers dat het ‘on blocks’ tijdstip moet worden gehanteerd in lijn met de doelstelling van de Verordening, te weten een hoog niveau van consumentenbescherming. Immers, in de regel is het moment van ‘on blocks’ kort voor het moment dat de passagiers zich weer vrij kunnen bewegen.

4.

De gevorderde hoofdsom zal gelet op de duur van de vertraging worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar vanaf 18 juli 2010.

5.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Transavia heeft deze vordering (gemotiveerd) betwist. Niet gesteld of gebleken is dat de door de passagiers verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten moet daarom worden afgewezen.

6.

Transavia zal als de overwegend in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld.

De beslissing

De kantonrechter:

- veroordeelt Transavia tot betaling aan de passagiers van € 2.400,00 te vermeerderen met de wettelijke rente over € 2.400,00 vanaf 18 juli 2010 tot aan de dag van voldoening van (de deelbetalingen van) dit bedrag;

- veroordeelt Transavia tot betaling van de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf 14 dagen na heden tot de dag van volledige betaling, die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 90,64

griffierecht € 207,00

salaris gemachtigde € 300,00;

- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W. Aardenburg en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

Coll.