Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2022:25

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
07-01-2022
Datum publicatie
07-01-2022
Zaaknummer
16/188006-21; 09/303855-20 (vord. tul) (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een 33-jarige man en een 34-jarige vrouw zijn door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot maandenlange celstraffen. Het Duitse stel trok in de zomer van 2021 langs verschillende saunacomplexen in Nederland om daar kluisjes open te breken. Uit zeker 27 kluisjes stalen ze onder andere contant geld, bankpassen, telefoons, sierraden en autosleutels.

In de periode van 6 juli tot en met 14 juli 2021 bezochten de man en vrouw saunacomplexen in Nijmegen, Wijchen, Soesterberg, Almere en ’s-Hertogenbosch. Op de eerste locatie – in Nijmegen – stalen ze een auto om de strooptocht langs de sauna’s voort te zetten. Saunabezoekers werden na een ontspannen dagje geconfronteerd met een opengebroken kluisje. Van sommige slachtoffers is voor meer dan duizend euro aan geld en spullen meegenomen, waaronder kleding. Zij waren daardoor totaal onthand. Ook is met sommige uit de kluisjes gestolen bankpassen later nog gepind. Het duo gaf op zitting toe bewust voor saunacomplexen te kiezen omdat daar geen cameratoezicht is. Uiteindelijk werd het duo in Almere herkend door de bedrijfsleider. Beelden van de twee waren inmiddels gedeeld onder bedrijfsleiders van saunacomplexen in Nederland. Op hun hotelkamer werden diverse gestolen goederen gevonden, maar ook drugs en wapens.

Wat voor de slachtoffers een ontspannende dag had moeten zijn ontaardde in het tegendeel. De twee kozen puur en alleen voor hun eigen financieel gewin. Hoeveel zij precies buit hebben gemaakt is niet duidelijk. 17 mensen hebben zich gemeld als slachtoffer. Het duo moet hen bijna 10.000 euro aan schade terugbetalen. Dit bedrag bestaat uit geld dat is gestolen, maar ook de waarde van gestolen telefoons, sierraden, kleding en andere spullen.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op de reeks van strafbare feiten, het grote aantal slachtoffers en de omvang van de schade alleen een gevangenisstraf op z’n plek is. De man is eerder veroordeeld voor soortgelijke zaken, maar dit heeft hem kennelijk er kennelijk niet van weerhouden opnieuw in de fout te gaan. De officier van justitie vroeg de rechtbank een gevangenisstraf waarvan een deel voorwaardelijk op te leggen. Maar de rechtbank vindt dat een gepasseerd station. De man heeft laten zien niet geleerd te hebben van eerdere veroordelingen. Dat hij nu zegt spijt te hebben en zijn leven wil beteren verandert niets aan het oordeel van de rechtbank. Hem is een gevangenisstraf van 20 maanden opgelegd. Daarbovenop moet hij nog 5 maanden uitzitten die hem eerder voorwaardelijk is opgelegd. Voor de vrouw ligt dat anders, zij is niet eerder veroordeeld. De rechtbank legt haar een gevangenisstraf op van 18 maanden, waarvan 6 voorwaardelijk. Het voorwaardelijk deel is als stok achter de deur, een waarschuwing om niet opnieuw strafbare feiten te plegen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Lelystad

Parketnummer: 16/188006-21; 09/303855-20 (vord. tul) (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 7 januari 2022

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1988] te [geboorteplaats] (Duitsland),

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

wonende aan de [adres] , [woonplaats] Bondsrepubliek Duitsland,

thans gedetineerd te Penitentiaire Inrichting Nieuwegein, locatie Zeist in Soesterberg,

hierna: verdachte.

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 24 december 2021.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en de standpunten van officier van justitie mr. A.E. Lohuis en van hetgeen verdachte en zijn raadsman mr. R.A.L.F. Frijns, advocaat te Rotterdam, alsmede de benadeelde partijen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] naar voren hebben gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is op de terechtzitting van 24 december 2021 gewijzigd.

De gewijzigde tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er op neer dat verdachte:

feit 1

in de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 in Almere, Soesterberg, Wijchen, Den Bosch en/of Nijmegen met een ander door middel van braak en/of verbreking goederen heeft weggenomen die toebehoorden aan bezoekers van de [sauna 1] , de [sauna 2] , de [sauna 3] , de [sauna 4] en de [sauna 5] ;

feit 2

in de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 in Almere, Zeist, Soesterberg, Den Bosch, Wijchen en/of Nijmegen met een ander geldbedragen van [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] , [benadeelde 12] , [benadeelde 13] , [benadeelde 14] en/of [benadeelde 2] heeft gestolen, waarbij gebruik is gemaakt van valse sleutels;

feit 3

in de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 in Nijmegen met een ander een personenauto (Suzuki Alto) van [benadeelde 15] heeft gestolen, waarbij gebruik is gemaakt van valse sleutels.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 WAARDERING VAN HET BEWIJS

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich voor wat betreft het bewijs gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Indien hoger beroep wordt ingesteld zullen de bewijsmiddelen worden uitgewerkt en opgenomen in een bijlage die aan dit vonnis zal worden gehecht.

5 BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

feit 1

op tijdstippen in de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 te Almere, Soesterberg, Wijchen, Den Bosch en Nijmegen telkens tezamen en in vereniging met een ander portemonnees (met inhoud), pinpassen, creditcards, sieraden, tassen (met inhoud), tablets, sleutels, e-readers en/of telefoons die aan onder andere:

([sauna 1] te Nijmegen, 6 juli 2021)
- [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] ;
- [benadeelde 15] ;
- [benadeelde 16] ;
- [benadeelde 5] ;
- [benadeelde 17] .

( [sauna 2] te Wijchen, 7 juli 2021)
- [benadeelde 18] en/of [benadeelde 7] en/of [benadeelde 8] ;
- [benadeelde 6] ;
- [benadeelde 19] en/of [benadeelde 20] ;
- [benadeelde 21] ;
- [benadeelde 22] ;
- [benadeelde 23] ;
- [benadeelde 9] ;
- [benadeelde 24] en/of [benadeelde 25] ;
- [benadeelde 26] , en/of [benadeelde 27] en/of [benadeelde 28] ;
- [benadeelde 29] ,en/of [benadeelde 30] .

( [sauna 3] te Soesterberg, 10 juli 2021)
- [benadeelde 10] [benadeelde 11] ;
- [benadeelde 12] ;
- [benadeelde 31] ;
- [benadeelde 13] ;
- [benadeelde 32] .

( [sauna 5] te Den Bosch, 13 juli 2021)
- [benadeelde 33] ;
- [benadeelde 34] .

( [sauna 4] te Almere, 14 juli 2021)
- [benadeelde 14] ;
- [benadeelde 1] ,;
- [benadeelde 2] ;
- [benadeelde 35] .

toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededader die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking, door bij:
- [sauna 1] te Nijmegen (6 juli 2021)
- [sauna 2] te Wijchen (7 juli 2021)
- [sauna 3] te Soesterberg (10 juli 2021)

- [sauna 5] te Den Bosch (13 juli 2021)
- [sauna 4] te Almere (14 juli 2021)
kluisjes open te breken;

feit 2
op tijdstippen in de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 te Almere, Zeist, Soesterberg, Den Bosch, Wijchen en Nijmegen (telkens) tezamen en in vereniging met een ander geldbedragen die aan onder andere: [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] , [benadeelde 12] , [benadeelde 13] , [benadeelde 14] en [benadeelde 2] toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededader die weg te nemen geldbedragen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door met onrechtmatig verkregen pinpassen, betaalpassen en/of creditcards (contactloos) geld te pinnen en/of betalingen te verrichten;
feit 3
op 6 juli 2021 te Nijmegen tezamen en in vereniging met een ander een auto (Suzuki Alto) die aan [benadeelde 15] toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededader die weg te nemen auto onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door met een onrechtmatig verkregen autosleutel die auto te openen en starten.

Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.

6 STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op:

feit 1

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking, meermalen gepleegd;

feit 2
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd;

feit 3

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels.

7 STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE

Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 OPLEGGING VAN STRAF

8.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot:

- een gevangenisstraf van dertig (30) maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van zes (6) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft het volgende aangevoerd. Aan verdachte zou, gelet op de eis tegen de medeverdachte en gelet op opgelegde straffen in vergelijkbare zaken, een gevangenisstraf van minder lange duur moeten worden opgelegd.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft, met zijn mededader, een strooptocht langs verschillende sauna’s in Nederland gehouden. In een tijdsbestek van slechts acht dagen hebben zij bij vijf verschillende sauna’s meerdere kluisjes opengebroken en daaruit goederen van een groot aantal bezoekers weggenomen. Met een bij de eerste sauna weggenomen autosleutel hebben zij een auto gestolen, waarmee ze hun strooptocht vervolgens hebben kunnen voortzetten. Met uit de kluisjes weggenomen betaalpassen hebben zij bovendien nog diverse betalingen verricht. Pas door ingrijpen van de politie is aan de reeks van strafbare feiten een einde gekomen.

Met de door hem en zijn mededader gepleegde feiten heeft verdachte een groot aantal personen schade berokkend. Bezoekers die al hun kleding en eigendommen in een kluisje moesten achterlaten, werden bij terugkomst geconfronteerd met een opengebroken kluisje waaruit al hun waardevolle en persoonlijke eigendommen waren verdwenen. Niet alleen betekende dat financieel nadeel, deze bezoekers waren door het ontbreken van identiteitspapieren, betaalpassen, autosleutels, telefoons en soms zelfs kleding, ook totaal onthand. Wat voor hen een ontspannende dag had moeten zijn, is daardoor ontaard in het tegendeel. De rechtbank neemt het verdachte kwalijk dat hij aan de gevolgen voor de slachtoffers geheel voorbij is gegaan; sterker nog: hij heeft ter zitting verklaard juist bewust voor inbraken in sauna’s te hebben gekozen omdat daar – in verband met de positie van de bezoekers – geen cameratoezicht is.

Verdachte is, zowel in Duitsland als in België als in Nederland, al vaker wegens vergelijkbare feiten veroordeeld tot (ook langdurige) vrijheidsstraffen. Hij was kort tevoren door de politierechter te Rotterdam wegens een soortgelijke reeks van feiten veroordeeld tot een deels voorwaardelijke gevangenisstraf. Kennelijk kunnen noch onvoorwaardelijke noch voorwaardelijke straffen verdachte weerhouden van het plegen van misdrijven.

Gelet op het voorgaande is uitsluitend een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur passend en geboden. Voor een voorwaardelijk deel, zoals door de officier van justitie gevorderd, ziet de rechtbank geen aanleiding. Verdachte heeft ter zitting verklaard spijt te hebben, zijn leven opnieuw vorm te willen geven en daarbij hulp te willen. Het is aan verdachte zelf om dit voornemen, na het uitzitten van zijn straf, waar te maken.

9 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 10]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 85,94. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

9.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

9.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

9.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

10 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 12]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 799,00. Dit bedrag bestaat uit € 699,00 aan materiële schade en € 100,00 aan immateriële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

10.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering tot een bedrag van € 749,00 kan worden toegewezen en voor het overige niet ontvankelijk moet worden verklaard.

10.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

10.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. Die schade stelt de rechtbank, gelet op de toelichting en (nadere) onderbouwing, vast op € 749,00. Dit bedrag, dat door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

Immateriële schade kan niet worden toegewezen nu van objectief vastgesteld geestelijk letsel geen sprake is. Voor het overige zal de vordering dan ook worden afgewezen.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

11 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 2] EN [benadeelde 1]

[benadeelde 2] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert, mede namens [benadeelde 1] een bedrag van € 1.587,01. Dit bedrag bestaat materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

11.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering tot een bedrag van € 1.511,06 kan worden toegewezen en voor het overige niet ontvankelijk moet worden verklaard.

11.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

11.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. Die schade stelt de rechtbank, gelet op de toelichting en onderbouwing, vast op € 1.511,06. Dit bedrag, dat door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 14 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

Voor het overige zal de vordering worden afgewezen.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

12 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 17]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 368,71. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

12.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

12.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

12.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

13 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 26]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 890,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

13.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering tot een bedrag van € 365,00 kan worden toegewezen en voor het overige niet-ontvankelijk moet worden verklaard.

13.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging stelt zich op het standpunt dat de vordering moet worden afgewezen c.q. niet ontvankelijk is.

13.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt vast dat uit de aangifte van [benadeelde 26] volgt dat hij rechtstreekse schade heeft geleden door het onder 1 bewezenverklaarde feit. Een onderbouwing van de verschillende schadeposten ontbreekt, maar de rechtbank acht de bedragen van € 45,00 voor een portemonnee, € 130,00 cash, € 20,00 voor bankpassen, € 45,00 voor een rijbewijs, € 45,00 voor een kentekenbewijs en € 80,00 voor een tas redelijk en – gelet op het ontbreken van een deugdelijke betwisting van deze bedragen – toewijsbaar. In totaal derhalve € 365,00, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

Voor het overige zal de vordering worden afgewezen.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

14 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 16]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 551,21. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

14.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

14.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

14.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

15 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 23]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 5.970,00. Dit bedrag bestaat uit € 5.670,00 aan materiële schade en € 300,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

15.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering tot een bedrag van € 27,50 kan worden toegewezen en voor het overige niet-ontvankelijk is.

15.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet ontvankelijk is in haar vordering.

15.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt vast dat de benadeelde partij rechtstreeks materiële schade heeft geleden door het onder 1 bewezenverklaarde feit. Een deugdelijke onderbouwing van de gevorderde schade ontbreekt echter. Wel acht de rechtbank – evenals de officier van justitie – een bedrag van € 12,50 voor een potje wax en € 15,00 voor ondergoed redelijkerwijs toewijsbaar, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

Voor het overige zal de benadeelde partij in haar vordering materiële schade, nu deze een nadere onderbouwing en bewijslevering zou vergen, niet-ontvankelijk worden verklaard; dit zou namelijk een onevenredige belasting van het strafgeding opleveren.

De vordering immateriële schade zal worden afgewezen. Hiervoor is het nodig dat geestelijk letsel op objectieve wijze wordt aangetoond. De (begrijpelijke) angst om voortaan nog goederen in kluisjes te leggen valt daar niet onder.

De verdachte is voor de toegewezen schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

16 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 8]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 376,70. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

16.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat een bedrag van € 904,99 kan worden toegewezen.

16.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

16.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling. Het volgens de officier van justitie toewijsbare bedrag is hoger dan het gevorderde bedrag; dit omdat er gelet op het schadeformulier onduidelijkheid kan bestaan over de verhouding tussen het totale schadebedrag en het vergoede deel daarvan. Er kan echter niet meer worden toegewezen dan gevorderd.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

17 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 29]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 646,23. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

17.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering dient te worden toegewezen.

17.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft betoogd dat de werkelijke schade reeds is vergoed door de verzekering en dat er geen reden is om meer dan de door de verzekering uitgekeerde schade te vergoeden.

17.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade is door de benadeelde partij voldoende onderbouwd en zal daarom worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling. De schade is niet beperkt tot het bedrag dat de verzekering, op basis van de door haar gehanteerde polisvoorwaarden, heeft uitgekeerd; de daadwerkelijke en in dit strafgeding toewijsbare schade kan hoger zijn en door de benadeelde partij is voldoende onderbouwd dat dit inderdaad zo is.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

18 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 5]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 114,74. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

18.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

18.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

18.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen. te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

19 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 7]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.517,76. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

19.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering tot een bedrag van € 1.009,55 kan worden toegewezen en voor het overige niet-ontvankelijk is.

19.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

19.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. Die schade stelt de rechtbank, gelet op de toelichting en de onderbouwing vast op een bedrag van € 1.009,55. Met betrekking tot de telefoon geldt namelijk dat uitsluitend de waarde van het toestel toewijsbaar is, niet van reeds betaalde of nog te betalen abonnementskosten. Dit bedrag, dat door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling. Voor het overige zal de vordering worden afgewezen.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

20 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 9]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 122,17. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van de aan verdachte onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.

20.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

20.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

20.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door de onder 1 en 2 bewezenverklaarde feiten. De gevorderde schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

21 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 19]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 513,16. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit. Zij vordert daarnaast een bedrag van € 54,80 aan proceskosten.

21.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering (met uitzondering van de proceskosten) dient te worden toegewezen.

21.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

21.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade van € 513,16, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil. Het bedrag aan reiskosten voor het bijwonen van de zitting kan niet worden toegewezen, nu de benadeelde partij niet ter zitting aanwezig is geweest.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

22 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 20]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.177,45. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit. Zij vordert daarnaast een bedrag van € 66,55 aan proceskosten.

22.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering kan worden toegewezen tot een bedrag van € 1.189,20 .

22.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

22.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De rechtbank merkt de kosten voor de pasfoto’s, die als proceskosten zijn gevorderd, aan als materiële schade en zal aldus aan materiële schade in totaal een bedrag van € 1.189,20 toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil. Het bedrag aan reiskosten voor het bijwonen van de zitting kan niet worden toegewezen, nu de benadeelde partij niet ter zitting aanwezig is geweest.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

23 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 25]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 614,46. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

23.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

23.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging betoogt dat slechts de – door de verzekering vergoede – dagwaarde van de telefoon als schade kan worden aangemerkt.

23.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De schade is niet beperkt tot het bedrag dat de verzekering, op basis van de door haar gehanteerde polisvoorwaarden, heeft uitgekeerd; de daadwerkelijke en in dit strafgeding toewijsbare schade kan hoger zijn en door de benadeelde partij is voldoende onderbouwd dat dit inderdaad zo is. De gevorderde schade zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ‘Beslissing’ te melden.

24 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 33]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 414,80. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

24.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

24.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft betoogd dat de vordering, gelet op het gebrek aan onderbouwing, moet worden afgewezen dan wel gematigd.

24.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde schade is weliswaar niet met bewijsstukken onderbouwd, maar de rechtbank acht deze voldoende aannemelijk. Nu die schade door de verdachte ook niet gemotiveerd is betwist, zal deze worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 13 juli 2020 tot de dag van volledige betaling.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ’29. Beslissing’ te melden.

25 BENADEELDE PARTIJ [benadeelde 31]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.299,36 aan materiële schade en € 200,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 1 ten laste gelegde feit.

25.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de vordering dient te worden toegewezen.

25.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

25.3

Het oordeel van de rechtbank

Aan de benadeelde partij is rechtstreeks schade toegebracht door het onder 1 bewezenverklaarde feit. De gevorderde materiële schade, die door de verdachte niet is betwist, zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van volledige betaling. De gevorderde immateriële schade zal worden afgewezen, nu niet is komen vast te staan dat sprake is van geestelijk letsel. Dat de benadeelde partij ongemak en ongenoegen heeft ervaren is hiervoor onvoldoende.

De verdachte is voor de schade naar burgerlijk recht met zijn mededader hoofdelijk

aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partij voor dat hele bedrag

aansprakelijk is.

Verdachte zal ook worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt

en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten

worden tot op dit moment begroot op nihil.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van aan verdachte de

verplichting opleggen tot betaling aan de Staat, zoals hierna onder ’29. Beslissing’ te melden.

26 VORDERING TENUITVOERLEGGING MET PARKETNR. 09/303855-20

Ter terechtzitting is behandeld de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de vijf maanden gevangenisstraf die voorwaardelijk aan verdachte zijn opgelegd bij het onherroepelijk geworden vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 14 december 2020, gewezen onder parketnummer 09/303855-20.

26.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering.

26.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft geen verweer tegen de vordering gevoerd.

26.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 14 december 2020, gewezen onder parketnummer 09/303855-20, is verdachte een gevangenisstraf van 5 maanden voorwaardelijk opgelegd. Verdachte heeft zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig gemaakt aan de onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde strafbare feiten. Om die reden zal deze straf alsnog ten uitvoer gelegd worden.

27 TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De beslissing berust op de artikelen 36f, 57, 63 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

28 BESLISSING

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;

- verklaart het meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Strafbaarheid

- verklaart het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

Oplegging straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 20 (twintig) maanden;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 09/303855-20

- wijst de vordering toe;

- gelast de tenuitvoerlegging van de door de politierechter in de rechtbank Rotterdam bij vonnis van 14 december 2020 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) maanden;

Benadeelde partij [benadeelde 10]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 85,94;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat € 85,94 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 2 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 12]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 749,00;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat € 749,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 14 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 2] en [benadeelde 1]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 1.511,06;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 1.511,06 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 25 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 17]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 749,00;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan van het toegewezen bedrag,

te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van

de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een

ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 749,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 10 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 14 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 26]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 365,00;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 365,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 7 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 16]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 551,21;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 551,21 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 10 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 23]

- wijst de vordering materiële schade toe tot een bedrag van € 27,50;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het meer gevorderde aan materiële schade niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

- wijst af de vordering immateriële schade;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 27,50 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 1 dag hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 8]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 376,70;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 376,70 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 7 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 29]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 646,23;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 646,23 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 12 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 5]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 114,74;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 114,74 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 2 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 7]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 1.009,55;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 1.009,55 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 20 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 9]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 122,17;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 122,17 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 2 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 19]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 513,16;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 513,16 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 10 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 20]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 1.189,20;

- wijst de vordering voor wat betreft het meer gevorderde af;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 1.189,20 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 21 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 25]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 614,46;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 614,46 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 12 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 33]

- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 414,80;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 414,80 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 8 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Benadeelde partij [benadeelde 31]

- wijst de vordering materiële schade toe tot een bedrag van € 1.299,36;

- wijst af de vordering immateriële schade;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten

behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden

begroot op nihil;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde aan de Staat € 1.299,36 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juli 2020 tot de dag van de algehele voldoening. bij niet betaling aan te vullen met 22 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde heeft vergoed;

Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, voorzitter, mr. A.M. Loots en mr. H.B.W. Beekman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.M.M. Weyers, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 7 januari 2022.

Mrs Beekman en Weyers zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

1

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 te Almere, Soesterberg, Wijchen, Den Bosch en/of Nijmegen, althans in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, portemonnees (met inhoud), pinpassen, creditcards, sieraden, tassen (met inhoud), tablets, sleutels, e-readers en/of telefoons, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan onder andere:

( [sauna 1] te Nijmegen, 6 juli 2021)

- [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] ,

- [benadeelde 15] ,

- [benadeelde 16] ,

- [benadeelde 5]

- [benadeelde 17] ,

( [sauna 2] te Wijchen, 7 juli 2021)

- [benadeelde 18] en/of [benadeelde 7] en/of [benadeelde 8] ,

- [benadeelde 6] ,

- [benadeelde 19] en/of [benadeelde 20] ,

- [benadeelde 21] ,

- [benadeelde 22] ,

- [benadeelde 23] ,

- [benadeelde 9] ,

- [benadeelde 24] en/of [benadeelde 25] ,

- [benadeelde 26] , en/of [benadeelde 27] en/of [benadeelde 28]

- [benadeelde 29] ,en/of [benadeelde 30]

( [sauna 3] te Soesterberg, 10 juli 2021)

- [benadeelde 10] [benadeelde 11] ,

- [benadeelde 12] ,

- [benadeelde 31]

- [benadeelde 13] ,

- [benadeelde 32]

( [sauna 5] te Den Bosch, 13 juli 2021)

- [benadeelde 33]

- [benadeelde 34]

( [sauna 4] te Almere, 14 juli 2021)

- [benadeelde 14] ,

- [benadeelde 1] ,

- [benadeelde 2]

- [benadeelde 35] ,

in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft

en/of die weg te nemen goederen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking, door bij:

- [sauna 1] te Nijmegen (6 juli 2021)

- [sauna 2] te Wijchen (7 juli 2021)

- [sauna 3] te Soesterberg (10 juli 2021)

- [sauna 5] te Den Bosch (13 juli 2021)

- [sauna 4] te Almere (14 juli 2021)

één of meerdere kluisjes open te breken/te verbreken;

2

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 te Almere, Zeist, Soesterberg, Wijchen, Den Bosch en/of Nijmegen, althans in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, één of meerdere geldbedragen, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan onder andere: [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] ,, [benadeelde 12] , [benadeelde 13] , [benadeelde 14] en/of [benadeelde 2] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen geldbedragen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door één of meermaals met onrechtmatig verkregen pinpassen, betaalpassen en/of creditcards, althans passen waartoe de verdachte en/of zijn mededader niet bevoegd waren die te gebruiken, (contactloos) geld te pinnen en/of betalingen te verrichten;

3

hij in of omstreeks de periode van 6 juli 2021 tot en met 14 juli 2021 te Nijmegen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een auto (Suzuki Alto), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 15] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen auto onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door één of meermaals met een onrechtmatig verkregen autosleutel, althans een autosleutel waartoe de verdachte en/of zijn mededader niet bevoegd waren die te gebruiken, (telkens) die auto te openen en/of starten.