Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2021:2108

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
04-05-2021
Datum publicatie
25-05-2021
Zaaknummer
1628992620
Rechtsgebieden
Materieel strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Minderjarige vrijgesproken van twee straatroven. Benadeelde partijen n-o.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummers: 16/289926-20; 16/209562-20 (gev.ttz) (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 4 mei 2021

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [2004] te [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] , [postcode] te [woonplaats] .

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 april 2021. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering en standpunten van de officier van justitie mr. C.J. Booij en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. J. Visscher, advocaat te Amersfoort, naar voren hebben gebracht.

Tevens waren ter zitting aanwezig:

  • -

    de moeder van verdachte, bijgestaan door een tolk Somali, de heer M. Abdullahi;

  • -

    dhr. [A] van [naam organisatie] ,

  • -

    de benadeelde partij [slachtoffer 1] en zijn broer;

  • -

    mw. [B] namens Slachtofferhulp Nederland.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte

- ten aanzien van parketnummer 16/209562-20:

op 8 mei 2020 te Amersfoort samen met anderen met (bedreiging met) geweld een pet, bodywarmer en Airpods van [slachtoffer 1] heeft gestolen;

- en ten aanzien van parketnummer 16/289926-20:

op 13 juli 2020 te Amersfoort samen met anderen met (bedreiging met) geweld Ipods en geld van [slachtoffer 2] heeft gestolen

en/of

op 13 juli 2020 te Amersfoort samen met anderen met [slachtoffer 2] heeft afgeperst.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 VRIJSPRAAK

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het onder parketnummer 16/209562-20 ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen en verwijst daartoe naar de zich in het dossier bevindende bewijsmiddelen. De officier van justitie verzoekt de rechtbank om verdachte vrij te spreken van het onder parketnummer 16/289926-20 ten laste gelegde.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het onder beide parketnummers ten laste gelegde.

Ten aanzien van parketnummer 16/209562-20 heeft de raadsman naar voren gebracht dat verdachte wel aanwezig is geweest, maar dat hij niet heeft gezien wat er is gebeurd en vervolgens is weggegaan. Verdachte heeft vooraf niet van het plan gehoord en is weggegaan op het moment dat er uitvoering werd gegeven aan dit plan. Daarnaast verklaren de aangever, getuigen [getuige 1] en [getuige 2] allen dat verdachte geen rol heeft gehad.

Ten aanzien van parketnummer 16/289926-20 heeft de raadsman naar voren gebracht dat het onduidelijk is of verdachte hier aanwezig is geweest en wat zijn rol dan geweest zou zijn. De beelden van het [locatie 1] en de [locatie 2] leveren geen bruikbare herkenning op.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Ten aanzien van parketnummer 16/209562-20 heeft [slachtoffer 1] aangifte gedaan van een straatroof. Verdachte heeft ontkend een rol te hebben gespeeld bij de beroving.

De rechtbank is van oordeel dat op grond van de stukken in het dossier niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte medepleger van de straatroof is geweest. Hoewel verdachte op de hoogte was van het plan - hij heeft immers verklaard dat hij tegen zijn medeverdachten heeft gezegd dat zij dit niet moesten doen - en hij is meegegaan naar aangever [slachtoffer 1] , is niet komen vast te staan dat hij enige betrokkenheid heeft gehad bij de beroving van [slachtoffer 1] . Het enkel aanwezig zijn bij de beroving is onvoldoende om te kunnen spreken van de vereiste nauwe en bewuste samenwerking. De rechtbank zal verdachte dan ook vrijspreken van dit feit.

Ten aanzien van parketnummer 16/289926-20 heeft [slachtoffer 2] aangifte gedaan van een straatroof. Verdachte heeft ontkend bij de straatroof aanwezig te zijn geweest. Na de straatroof vindt aangever op sociale media een foto van [C] (links) en een negroïde jongen (rechts). Van de rechter persoon kan aangever niet zeker zeggen dat hij erbij is geweest. Verdachte verklaart tijdens het politieverhoor dat hij degene is die rechts op de afbeelding staat. Ook getuige [getuige 3] herkent verdachte niet overtuigend als een van de personen die bij de straatroof aanwezig is geweest. Nu het niet vast staat dat verdachte bij de straatroof aanwezig is geweest, dan wel wat zijn rol hierin geweest zou zijn, zal de rechtbank verdachte vrijspreken van dit feit.

5 BENADEELDE PARTIJ

9.1

Benadeelde partij [slachtoffer 1]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 945,50. Dit bedrag bestaat uit € 284,00 materiële schade en € 600,00 immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/209562-20 ten laste gelegde. Daarnaast vordert de benadeelde partij een bedrag van € 61,50 aan reis- en parkeerkosten.

9.1.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen, te vermeerderen met de wettelijke rente.

9.1.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich, gelet op de bepleite vrijspraak, primair op het standpunt gesteld dat de vordering in zijn geheel dient te worden afgewezen. Subsidiair heeft de raadsman aangevoerd dat het door de benadeelde partij gevorderde bedrag aan immateriële schade dient te worden gematigd, omdat er geen sprake is van daadwerkelijk geweld of letsel. De materiële schade ten aanzien van de bodywarmer is niet voor toewijzing vatbaar of moet worden gematigd. De bodywarmer kan namelijk makkelijk gerepareerd worden.

9.1.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering, nu verdachte van het onder parketnummer 16/209562-20 ten laste gelegde feit zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij kan haar vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. De rechtbank compenseert de kosten van partijen aldus, dat elke partij de eigen kosten draagt.

9.2

Benadeelde partij [benadeelde partij]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 449,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade.

9.2.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht om de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering, omdat de straatroof waarbij [benadeelde partij] slachtoffer is geweest niet aan verdachte ten laste is gelegd.

9.2.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft geen standpunt ingenomen ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij] .

9.2.3.

Het oordeel van de rechtbank

De vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij] houdt geen verband met de ten laste gelegde feiten. De rechtbank zal de vordering van [benadeelde partij] dan ook afwijzen.

9.3

Benadeelde partij [slachtoffer 2]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van €184,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/289926-20 ten laste gelegde feit.

9.3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft de rechtbank, gelet op de verzochte vrijspraak, verzocht om de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering

9.3.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich, gelet op de bepleite vrijspraak, op het standpunt gesteld dat de vordering in zijn geheel dient te worden afgewezen.

9.3.3.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering, nu verdachte van het onder parketnummer 16/289926-20 ten laste gelegde feit zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij kan haar vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen. De rechtbank compenseert de kosten van partijen aldus, dat elke partij de eigen kosten draagt.

6 BESLISSING

De rechtbank:

Vrijspraak

- verklaart het onder parketnummers 16/209562-20 en 16/289926-20 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Benadeelde partij [slachtoffer 1]

- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt;

Benadeelde partij [benadeelde partij]

- wijst de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij] af;

- nu de benadeelde partij als de overwegend in het ongelijk gestelde partij moet worden beschouwd, zal de benadeelde partij in de kosten van verdachte worden veroordeeld. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op nihil;

Benadeelde partij [slachtoffer 2]

- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.G. Bakker, voorzitter, tevens kinderrechter, mrs. H.F. Koenis en R.A. Hebly, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L. Steijns, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 4 mei 2021.

Mr. A.G. Bakker is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

t.a.v. parketnummer 16-209562-20:

hij op of omstreeks 8 mei 2020 te Amersfoort, op of aan de openbare weg, te weten

de [straatnaam] ,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een pet en/of een bodywarmer en/of airpods, in elk geval enig goed, dat geheel of

ten dele aan een ander dan aan

verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 1] ,

heeft weggenomen

met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,

terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] , gepleegd met het oogmerk om

die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op

heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

door

- met meerdere perso(o)n(en) op die [slachtoffer 1] af te lopen en/of

dichtbij die [slachtoffer 1] te gaan staan en/of

- de kleding en/of schoenen van die [slachtoffer 1] vast te pakken

en/of aan de kleding en/of schoenen van die [slachtoffer 1] te

trekken en/of

- ( daarbij) dreigend een stok omhoog te houden en/of voor die [slachtoffer 1]

zichtbaar vast te houden en/of

- een pet van het hoofd van die [slachtoffer 1] te trekken/pakken en/of

- een bodywarmer van die [slachtoffer 1] uit te trekken en/of

- uit een broekzak van die [slachtoffer 1] airpods te pakken;

( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 2

ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht )

t.a.v. parketnummer 16-289926-20:

hij op of omstreeks 13 juli 2020 te Amersfoort, althans in het arrondissement

Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans

alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening op of aan de openbare

weg, te weten het [locatie 3] , heeft weggenomen IPods en/of geld, in elk geval enig

goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] , in elk geval aan een

ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd

voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met

geweld tegen die [slachtoffer 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te

bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan

zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te

verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit het

- bellen en/of erbij halen van een andere persoon ter ondersteuning van het

plegen van onderhavig feit en/of

- dreigend om die [slachtoffer 2] heen gaan staan en/of in de nabijheid van

die [slachtoffer 2] te verblijven, althans het creëren van een dreigende

sfeer en/of

- dreigend aan die [slachtoffer 2] de woorden toevoegen: "wat heb je in je

buiktas" en/of "als je je tas niet open doet krijg je klappen" en/of "ik

heb een pistool bij me", althans woorden van dreigende aard en/of

strekking en/of

- ( vervolgens) (nadat die [slachtoffer 2] zijn tas opende) kijken in de tas

van die [slachtoffer 2] en/of

- ( vervolgens) pakken/graaien in de tas van die [slachtoffer 2] ;

en/of

hij op of omstreeks 13 juli 2020 te Amersfoort, althans in het arrondissement

Midden-Nederland,

tezamen en in vereniging, met een of meer anderen, althans alleen, op of aan de

openbare weg, te weten het [locatie 3] ,

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door

geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de

afgifte van Ipods en/of geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan die [slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan

verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit het

- bellen en/of erbij halen van een andere persoon ter ondersteuning van het

plegen van onderhavig feit en/of

- dreigend om die [slachtoffer 2] heen gaan staan en/of in de nabijheid van

die [slachtoffer 2] te verblijven, althans het creëren van een dreigende

sfeer en/of

- dreigend aan die [slachtoffer 2] de woorden toevoegen: "wat heb je in je

buiktas" en/of "als je je tas niet open doet krijg je klappen" en/of "ik

heb een pistool bij me", althans woorden van dreigende aard en/of

strekking en/of

- ( vervolgens) (nadat die [slachtoffer 2] zijn tas opende) kijken in de tas

van die [slachtoffer 2] en/of

- ( vervolgens) pakken/graaien in de tas van die [slachtoffer 2] ;

( art 310 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 2

ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht )