Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2020:580

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
20-02-2020
Datum publicatie
20-02-2020
Zaaknummer
16/189042-19 en 16/660099-17 (Tul) (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een 76-jarige man is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot 5 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. Daarnaast legt de rechtbank hem een contactverbod op met zijn kinderen. De man heeft zich schuldig gemaakt aan seksueel misbruik van zijn dochter en zijn twee zoons.

Het misbruik begon bij zijn oudste zoon, die toen 5 of 6 jaar oud was. De man vergreep zich in de periode daarna ook aan zijn dochter en zijn andere zoon. Alle drie de kinderen moesten seksuele handelingen bij de man verrichten en ondergaan. Hij misbruikte de situatie, als moeder weg of beneden was, om zijn eigen lusten te bevredigen. Met dreigementen zorgde hij ervoor dat zijn kinderen jarenlang hun mond hielden.

De man is in 1986 veroordeeld voor ontucht met kinderen uit zijn vorige huwelijk. Ook in 2017 is hij veroordeeld, toen voor potloodventen. De man is meermalen onderzocht, door een psycholoog en een psychiater. Hij werkte maar beperkt mee aan dit onderzoek en ontkent de strafbare feiten. Op basis van eerdere zedendelicten uit 2017 kwam de psychiater tot de conclusie dat er bij de man sprake is van een pedofiele stoornis. Omdat de man geen noodzaak ziet tot behandeling adviseert de psychiater tbs met dwangverpleging. De rechtbank neemt die conclusies over.

De man heeft met zijn lichamelijke integriteit het vertrouwen van zijn kinderen geschonden en hun normale seksuele ontwikkeling verstoord. Slachtoffers van seksueel misbruik zullen de psychische en lichamelijke gevolgen daarvan nog lange tijd meedragen. De ernst van die problemen – veroorzaakt door de verdachte - zal in de toekomst moeten blijken. De rechtbank rekent dit alles de man zwaar aan. Bij het bepalen van de straf is ook meegenomen dat hij eerder is veroordeeld voor vergelijkbare strafbare feiten. Zijn leeftijd is geen aanleiding om een lagere straf op te leggen. De straf is gelijk aan de eis van de officier van justitie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
PS-Updates.nl 2020-0210
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummers: 16/189042-19 en 16/660099-17 (Tul) (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 20 februari 2020

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1943] te [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] ,
thans gedetineerd in de PI Rijnmond - HvB De IJssel te Krimpen aan den IJssel.

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 20 november 2019 en 6 februari 2020. De zaak is inhoudelijk behandeld op 6 februari 2020.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. T. Tanghe en van hetgeen verdachte en zijn raadsvrouw mr. D. Schaddelee, advocaat te Breukelen, alsmede hetgeen de benadeelde partijen en hun raadsvrouw mr. N. Durdabak, advocaat te Hilversum, naar voren hebben gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

Feit 1: ontuchtige handelingen heeft gepleegd met zijn minderjarige dochter [slachtoffer 1] (geboren op [2008] ) die nog geen 12 jaar oud was, in de periode van 5 augustus 2016 tot en met 4 augustus 2018 te Amersfoort, onder andere bestaande uit het seksueel binnendringen van het lichaam;

Feit 2: ontuchtige handelingen heeft gepleegd met zijn minderjarige zoon [slachtoffer 2] (geboren op [2009] ) die nog geen 16 jaar oud was, in de periode van 30 november 2017 tot en met 30 september 2018 te Amersfoort;

Feit 3: ontuchtige handelingen heeft gepleegd met zijn minderjarige zoon [slachtoffer 3] (geboren op [2006] ) die nog geen 16 jaar oud was, in de periode van 5 december 2011 tot en met 4 december 2016 te Amersfoort.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 WAARDERING VAN HET BEWIJS

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht alle drie ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend te bewijzen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw van verdachte heeft vrijspraak bepleit van alle drie ten laste gelegde feiten, omdat wat haar betreft sprake is van onvoldoende bewijs.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.

Bewijsmiddelen 1

Studioverhoor [slachtoffer 1]

Mijn vader douwde mijn mond open, deed de rits van zijn broek open en toen deed hij daar zijn piemel in.

Ik ging naar de tandarts. Ik had dus het slangenfluitje uitgekozen toen ik klaar was en het was eigenlijk bijna hetzelfde alleen toen pakte hij mijn hand en douwde zijn piemel (…) aan. En toen ik naar bed ging, kwam hij naar me toe, deed hij zijn broek open, trok hij mijn broek omlaag en daar ging hij zijn piemel naartoe doen.2

Hoe ging dat toen hij de piemel in je mond deed?

Nou ik moest naar bed en mama zei tegen papa dat hij mij moest toedekken en de jongens, maar papa ging gewoon in mijn kamer, naar mijn kamer toe, toen uh ging hij me rechtop zetten zo van als ik dit ben, heeft papa dit gedaan en naar het trappetje van mijn half hoogslaper. En papa deed gewoon toen zo bij me, ja. De piemel erin.3

Hij stopte de piemel in mijn mond en volgende avond deed hij mijn broek uittrekken en andere avonden daarna ook.

Hoe kon papa met zijn piemel bij jouw mond komen?

Nou ik zat rechtop, papa trekte me ook een heel erg klein beetje naar onder toe. Ik zat op de middelste tree van het trapje.

Hoe kwam jij daar?

Papa trok me helemaal daar en ik wou nog weg gaan, maar papa trok me gewoon een stukje aan de been. Aan de, hier bij de voet. Dus bij de onderbeen. Hier was ik toen en mijn benen zaten nog een beetje zo want ik ging kruipen naar mijn kussen toe een stukje. Toen trok papa me hier zo aan de been.4 Papa had zijn kleren nog aan, want hij had namelijk de rits open gemaakt. Toen ging hij daar de piemel uithalen, een stukje. Hij had een spijkerbroek aan. Dan heeft hij zo’n stukje hier en dan gaat hij de piemel pakken want hij heeft namelijk wel zijn onderbroek, heeft hier zo’n gleufje en opening daar.5 En dan stopt hij hem zo in de mond. Hij deed dit zo, open maken met zijn vingers, twee of vier, toen douwde hij zo de piemel erin.6

En toen de piemel in jouw mond zat, wat gebeurde er toen?

Probeerde ik het uit te spugen maar papa duwde hem zo weer in.

En verder, wat gebeurde er daarna?

Toen de jongens roepten ging hij naar de jongens toe.

Hoe probeerde je papa’s piemel uit te spugen?

Ik bedoelde dus uit te trekken dat bedoelde ik. Zo hop.7

Je doet het voor met je hand. Wat deed papa toen jij dat probeerde?

Deed hij hem gewoon verder douwen.

Hoe zag papa’s piemel er uit toen hij dat deed?

Een beetje, als je dit hebt, was het hier gerimpeld.8

Mocht je er ook over praten van papa?

Papa dreigde ermee, van als je dat zegt dan gaan we scheiden en ik wou dus niet dat ze gingen scheiden.9

Ok, en jij vertelde ook aan mij van de tandarts en dat slangen fluitje he?

Nou als dit de auto is, ik teken effe snel, en dan heb je hier dus het raam, en hier zo het stuur, en ik zat dus naast papa voorin dus, en toen wist ik nog niet dat papa dat deed allemaal, en ja toen we richting huis gingen toen deed papa de rits van de broek open, en toen pakte hij m'n hand en douwde hij er tegenaan. Tegen z'n piemel. Want ik had mijn handen zo op mijn schoot liggen, en eentje zo bij het fluitje en toen ging ik telkens blazen, en papa pakte dus steeds aan m'n hand die hier zo lag, en douwde hem er toen tegen. Papa had hem eruit gehaald en ja ik trok een beetje terug zo van ik wil niet ik wil niet, maar hij ging toch er tegenaan douwen. Tegen de piemel.10

Ik probeerde nog tegen te stribbelen van papa niet doen en zo, maar hij ging gewoon door, en toen ik zo ging deed het ook heel erg veel pijn bij m'n arm, hij heeft namelijk ook zulke lange nagels en dat kraste ook een heel erg klein beetje over m'n arm toen hij m'n pols pakte. Nou en toen deed hij hem zo duwen.

En wat voelde jij toen van de piemel?

Dat hij rimpelig was en dat was dus niet echt zo'n fijn gevoel en ik probeerde hem nog weg te trekken maar papa douwde hem er weer tegen.11

En hoe was jouw hand toen tegen de piemel van papa aan?

Ja papa kneep ook een beetje m’n hand zo er omheen. Zo m’n vingers, raar ik probeerde nog zo te doen, papa douwde het weer zo hop er omheen.12

En jij vertelde ook toen je naar bed ging toen deed papa de broek open en jouw broek omlaag he? 13

Ja. Nou ik ging naar bed, ik wou dus weer rustig gaan slapen, en toen trok papa m'n broek open toen hij naar bed kwam, want hij trok ook weer een stukje aan m’n been. En duwde m'n benen een stuk wijd maar dat wou ik dus niet, dus ik deed ze weer terug alleen

papa deed ze weer wijd en toen deed papa daar de piemel.

Waar deed hij de piemel, vertel eens?

Nou uh eerst deed hij het gewoon, ik weet niet echt hoe het heet, hij deed het hier zo, bij m'n blaas ongeveer.

Hoe kon papa dan daar zo bij jouw blaas komen?

Nou toen ik weer de benen terug douwde. Dat papa ze denk ik klem zette of zoiets, dat weet ik niet echt zo goed meer, en toen trok hij ook m'n onderbroek uit en toen deed hij het hier. Ik was op bed.14

Nou hetzelfde gewoon ik probeerde het ook weg te kruipen maar dan deed hij precies hetzelfde wat bij m'n mond is gebeurd. Ik probeerde dus zo weg te kruipen maar papa trok precies weer bij de been.15 Nou toen had hij de rits al een stuk open en z'n piemel er uit steken en toen had hij de benen weer wijd gedaan, toen deed hij, want ik had m'n broek weer omhoog getrokken met de onderbroek, en toen had hij dat weer omlaag getrokken. Gewoon met de hand zo hop en toen deed hij daar de piemel.16 De piemel van papa, kwam tegen m'n blaas. En als ik weer ga slapen heb ik daar een heel erg gek gevoel. Nou dan lijkt het net alsof daar slijm is gekomen of zo.

Wat gebeurde er toen hij zijn piemel daar had gedaan?

Toen riepen de jongens ook weer.17

En toen ik zo een beetje naar boven keek, toen zei ik stop hou op en zo, maar hij luisterde niet.

Hoe stopte het?

De jongens riepen weer van ik wil toegedekt worden, eigenlijk hetzelfde een beetje.

En dat papa daar de piemel deed, hoe voelde dat?

Niet fijn. Nou ja dan had ik zo'n gek gevoel alsof iemand zo hier, alsof hier een spin zit of zo. Alsof je onder een hele grote berg spinnen zit.18

Hoe oud was jij toen dit gebeurde?

Acht of negen.19

Waar kwam de piemel nou tegen aan bij jou?

Hier dus. Hier, tussen de benen. Daar kan je mee plassen. Ik noem het de blaas.

En waar zijn papa's handen dan?

Bij z'n piemel.20 Hij gaat dan met de piemel daar tegen aan wrijven en dingen. Hij wrijft er heel vaak tegen aan, en soms gaat hij wel hier dus tussen in het gat van m'n blaas. Als ik slaap dan, voelt het daar heel erg slijmerig aan.21

Studioverhoor [slachtoffer 2]

Papa deed bij ons alle drie voor af dat met de piemel ons laten zien, en dat we met papa aan de piemel moeten zitten. En als we dat niet wouden dan gaf papa, ging papa ons dreigen, en als we gingen zeggen ook dat papa mama ging vermoorden. En ging ons slaan heel vaak als we het niet wouden.22 Papa deed met de piemel ons dreigen dat wij anders dat hij ons, mij op de pols ging slaan, hier dus. En de, bij de krantjes werken deed hij dat vooral bij ons. En hij liet ons van die piemels filmpjes zien, hoe mensen gaan seksen.23

Vertel daar eens over?

Nou de vader deed de piemel laten zien, en hij zegt o dat het gezond is om het daarmee te doen, en hij zit er vooral bij de (…) werken wilt hij ons meenemen. Met de auto, rijden wil hij ons meenemen.24 Nou dat hij zo met die dingen zit te, met die piemel zo zit te (…) zo zit te doen. Zo omlaag en omhoog. En dat doet hij ook wel eens bij mij, en papa deed vooral met die piemel als wij wat gingen vertellen, en ging hij echt heel erg dreigen, dat hij bij alle kinderen dit zou doen.

Is dit één keer of vaker gebeurd?

Vaker. Het was in de auto.25

Vertel eens alles over dat met de piemel omhoog en omlaag?

Nou dat deed hij ook wel eens bij mij, gewoon bij mij en bij [slachtoffer 3] , dat vond ik heel erg vervelend om dat te zien.

Kan jij eens vertellen over een keer dat jij bij papa in de auto was?

Toen moest ik voor in zitten. En dan moest ik met m’n handen om, met mijn handen bij papa’s piemel omhoog en omlaag. Ik wist hoe ik het moest doen omdat ik het wel eens vaker had gedaan. De eerste keer moest ik, deed papa het met mijn piemel.26 Papa vertelde wat ik moest doen. Dat ik de ding de broek uit moest doen. Hij stuurt met z’n benen. Dan moest ik van papa de broek omlaag trekken. En dan zei papa: je zit nu aan je gaat nu heen en weer.27 Soms moesten wij dat ook met z’n drieën in bed doen. Als mama eten ging klaar maken.

Nog even over het heen en weer gaan, waarmee moest je dat doen?

Met mijn handen. Met één hand. En dan werd zijn piemel stijf. Zo rechtop. En dan moest pappa opeens plassen.28 Dat zei hij. En dan ging hij in de bosjes plassen. We waren ook wel eens samen in papa’s bed. [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] en ik.29 Papa roept ons. Hij deed de deken eraf en toen zagen we papa’s piemel. Toen zei papa jullie moeten heen en weer, omstebeurt met jullie hand. En hij zei dat we dat niet tegen mama mochten vertellen, dat vond ik niet echt leuk, om het geheim te houden, en dat was het. Dan werd de piemel ook stijf.30

Hoe stopte het?

Als mama ons ging roepen. Zij was beneden.

En papa heeft het ook een keer bij jou gedaan?

Ook wel tien keer. Dat was in de auto. Nou dan ging ik (…) krantjes werken, toen dacht ik dat pap ermee ging stoppen, daarmee dat dacht ik elke keer, dat hij met de piemel ging stoppen. Dan moet je mee elke keer naar de auto en toen ging het gewoon zo. Hij ging met de benen sturen en dan met zijn handen zo te doen.31

En hoe ging dat dan bij jou?

Hij kan met zijn benen sturen.32 Hij trekt dan mijn broek uit. Mijn onderbroek trok hij ook uit. Tot een beetje boven de knieën. Toen ging papa omhoog en omlaag, bij mij net als wat ik bij hem moest doen.33 Ik vond dat niet echt zo leuk.

Hij ging dreigen om mama te vermoorden. Hij zei: Ik ga als jullie het gaan vertellen, dat over de piemel, ga ik mama vermoorden.

Hoe oud was jij toen papa dat voor de eerste keer aan je vroeg?

Acht jaar.34

Vertel eens over die filmpjes?

Seks filmpjes. Nou papa ging filmpjes laten zien op de wc. Ja, want dat mensen op de wc gingen om te seksen en dat liet hij ons al een keer zien, hij ging ons roepen en toen liet hij dat zien.35 Hij was in de woonkamer. Het was als mama er niet was. Het filmpje was op de computer.36

Studioverhoor [slachtoffer 3]

Mijn vader heeft de piemel laten zien. Hij deed het ook toen wij in bed waren met z’n allen, met het hele gezin deed hij dat ook, ongemerkt.37

Dat je vader zijn piemel heeft laten zien, is dat één keer gebeurd of vaker?

Vaker. Het was thuis. In de woonkamer en op de slaapkamer. De slaapkamer van papa en mama.38

Hoe ging dat?

Nou hij liet gewoon zijn piemel zien. Toen dwong, ging hij ons dwingen om het ook te doen en als we het tegenover mijn moeder zouden vertellen, ging hij echt heel erg dreigen met klappen. Met slaan.39

Soms liet hij ook gewoon stripfilms zien hoe mensen gingen neuken.

Vertel eens over hoe dat ging in de slaapkamer van papa en mama?

Nou als mama in bed lag en als bijvoorbeeld ging even voorlezen dan gingen we naast papa liggen en toen deed hij dat, en ik moest ook aan zijn piemel zitten.

Ik lag dan naast papa. Het was wel onder de deken gebeurd.

Ik zie bij ieder poppetje een lachend mondje en hier zie ik geen lachend mondje? 40

Ja, dat ben ik want ik vind het niet leuk, hier is dan de deken.

Hoe weet je dan dat je dat moet doen?

Heeft hij ons aangeleerd. We moesten gewoon zo doen. Niet altijd, dat gebeurde soms.

En hoe kwam jij er dan achter dat hij dat wou?

Toen deed hij gewoon m'n broek omlaag en deed hij het. Hij zat ook aan mijn piemel, en toen pakte hij mijn hand vast en moest ik ook aan zijn piemel zitten.41 Dan doet hij mijn hand uit elkaar vouwt hij hem om zijn piemel vast en doet hij dit en laat hij hem los. En dan gaat hij weer aan mijn piemel zitten.

En wat doet jouw hand als papa die los laat?

Dan doe ik wat hij heeft gedaan want ik was bang voor klappen.

Wat kan je mij vertellen over jouw kleren?

Pyjama. Mijn pyjamabroek en m’n onderbroek zijn omlaag.42 Dat heeft hij gedaan.

En wanneer stopt dat dan?

Als mama uit bed gaat.43

Kan je vertellen over een keer dat hij zijn piemel liet zien in de woonkamer?

Nou dan trekte hij zijn broek omlaag en z’n onderbroek en toen moesten wij aan zijn piemel zitten. [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en ik. Omstebeurt.44

Dan heb je hier een grote ronde tafel, had hij hier zo'n laptop altijd, daar staat altijd een laptop, dit ben ik dan, en dan staan hier [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] .

Waar is mama?

Die is weg. Ja want soms gaat ze naar een vriendin dan doet papa dat. Moeten wij aan z'n piemel zitten en laat hij filmpjes zien.

Hoe weet je dan wie er van de drie aan z'n piemel moet zitten?

Dat zegt hij, nu ben jij [slachtoffer 3] . Tijdje later, nu ben jij [slachtoffer 1] , tijdje later, nu ben jij [slachtoffer 2] .45

En alleen maar aanraken, je hand stil nog bewegen of anders?

Dih-hit. Die filmpjes zijn strip filmpjes hoe mensen neuken. Het stopt als we gaan eten en dan gaan we daarna weer verder. Als we stoppen met bewegen, bijvoorbeeld omdat we ook wel moe zijn dan zegt hij doorgaan.46

Dus jij was vijf of zes 47 , hoe weet je dat het zo lang geleden was?

Uh, omdat hij heel, omdat hij dat heel lang deed. De laatste keer was toen ik ongeveer tien of negen was.48

De slaapkamer van papa en mama daar heb je al over verteld, gebeurde het dan alleen als mama aan het voorlezen was, of ook nog wel eens met andere dingen, of andere momenten?

Nee. Het gebeurde ook, want soms ging mama niet voorlezen dan gingen we gewoon kletsen en toen deed papa het ook.49

Heb je wel eens met [slachtoffer 1] gepraat over de dingen die papa deed?

Nee.

En met [slachtoffer 2] ?

Nee.

Met wie heb je er wel over gepraat?

Niemand. We mochten niks vertellen. Papa dreigde ons. Hij zei: Als jullie het doorvertellen krijgen jullie klappen.50

Wat bedoelde je toen je zei: hij heeft het aangeleerd?

Mijn vader heeft mij geleerd hoe we de piemel moesten, hoe dat het lekker is. Hij vindt het lekker om dat gevoel, dat gevoel vindt hij lekker.51

Aangifte door moeder

Ik doe aangifte van incest. Het heeft plaatsgevonden bij ons thuis in Amersfoort en in de auto.52

Ik doe aangifte tegen mijn (ex-)man en de vader van onze kinderen. Ik doe de aangifte voor hen: [slachtoffer 3] (junior), geboren op [2006] , [slachtoffer 1] , geboren op [2008] en [slachtoffer 2] , geboren op [2009] .

[slachtoffer 2] kwam op een avond naar mij toe en zei: “ik moet je iets vertellen”. Hij vertelde dat papa zijn piemel had laten zien aan hem. Boven op de slaapkamer. Hij klapte de deken open. Hij vertelde dat papa zijn hand tegen zijn piemel drukte. [slachtoffer 2] vertelde ook dat hij dat niet leuk vond. Het was duidelijk te zien dat [slachtoffer 2] gene had.53

Kort daarna had [slachtoffer 1] een woedebui. Ik zei tegen haar dat ik wist dat er verdriet achter zat en dat het te maken had met papa en dat ze erover mocht vertellen. Ze vroeg: “hoe weet je dat”.54

Ze zei: “mama, papa heeft zijn piemel aan mij laten zien”. Ze zei het en kroop tegen mij aan. Later heeft zij nog een ding verteld, dat was pas geleden. Ze zei: “mama, papa heeft me een keer vastgepakt en heeft zijn vingers in mijn mond gestopt en hij heeft zijn broek uitgedaan en zijn piemel in mijn mond gestopt”. Het was toen ik thuis was, ik zat beneden en hij was boven.55

Daarna ben ik naar [slachtoffer 3] gegaan en heb ik tegen hem gezegd dat ik wist dat er iets gebeurd was en dat hij geen geheimen voor mij hoefde te hebben. Hij zei toen iets van: “pap heeft zijn piemel laten zien”. Verder hield hij de boot af. Ik vroeg hem waarom hij het niet eerder verteld had en toen zei hij: “we mochten het niet vertellen anders zou papa mij slaan”. De angst voor hun vader zit er bij alle drie diep in.56

Mijn man deed veel met de laptop. Hij deed spelletjes, maar soms als ik mijn eigen dingen wilde zoeken, zag ik reclame van lingerie en seksuele dingen en datingsites. Zelf zocht ik zulke dingen nooit op. Ik vermoed dus dat hij meer heeft gedaan dan alleen spelletjes.57

Verbalisant: Keek hij weleens naar seksfilms?

De kinderen zeiden dat ze weleens seksfilms te zien hadden gekregen en als je van die rare reclames te zien krijgt moet dat haast wel. Ik krijg dat niet.58

Met z'n allen in het grote bed op zondagochtend gebeurde wel vaak en dat gebeurde spontaan. Dan kwamen ze gewoon de slaapkamer in en kropen ze bij ons in bed.
Niemand liep naakt door het huis, alleen met een handdoek eromheen.59
Mijn man bracht vaak de kinderen naar school. Dat deed hij met de auto. Ze gingen ook alle drie wel eens met hem mee als hij kranten ging halen of rondbrengen.60

Verklaring verdachte

Hoe zag het ritueel eruit van het naar bed brengen?
Ze kregen onder in de kamer een kus en een knuffel, lekker slapen, en dan gingen ze naar boven. Als ze riepen ging mijn vrouw of ik naar boven, net wie ze roepen.
Op welke momenten lagen de kinderen bij uw vrouw en u in bed ?
Als we samen bij elkaar waren kwamen ze ’s morgens weleens bij ons op de kamer. Meestal in het weekend.61 Dat hebben ze tot het laatste moment gedaan.62

Wie van de kinderen gingen wel eens mee met het kranten halen of rondbrengen?
Allemaal wel eens.63

Bewijsoverweging en conclusie

De rechtbank stelt voorop dat in zedenzaken (zoals ook deze zaak) bij de beoordeling van het bewijs zich vaak de situatie voordoet dat alleen het veronderstelde slachtoffer en de veronderstelde dader aanwezig zijn geweest bij de bewuste handelingen. Als de verdachte ontkent, is het het woord van de één (slachtoffer) tegen het woord van de ander (verdachte).

Volgens het tweede lid van artikel 342 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) kan het bewijs dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van de deugdelijkheid van de bewijsbeslissing, in die zin dat zij de rechter verbiedt tot een bewezenverklaring te komen ingeval de door één getuige gereleveerde feiten en omstandigheden op zichzelf staan en onvoldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal. De vraag of aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, Sv is voldaan, kan, volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, niet in algemene zin worden beantwoord, maar vergt een beoordeling van het concrete geval. Uit de jurisprudentie kan worden afgeleid dat in zedenzaken niet is vereist dat het misbruik als zodanig bevestiging vindt in ander bewijsmateriaal, maar dat het afdoende is wanneer de verklaring van de aangever op onderdelen steun vindt in andere bewijsmiddelen, afkomstig van een andere bron dan degene die de belastende verklaring heeft afgelegd. Tussen de verklaring en het overige gebezigde bewijsmateriaal mag geen sprake zijn van een te ver verwijderd verband.

In dit geval is sprake van drie op zichzelf staande verklaringen van drie kinderen. De rechtbank heeft geen twijfel ten aanzien van de betrouwbaarheid van de verklaringen van de kinderen. Hun verklaringen zijn concreet (geven een precieze beschrijving van hoe en waar), zeer gedetailleerd (ze noemen details die alleen een slachtoffer kan weten) en consistent (de kern van hetgeen zij tegen hun moeder hebben gezegd komt overeen met hun verklaring bij de zedenrechercheurs). De rechtbank acht de lezing van de kinderen authentiek en geloofwaardig en zal daarom van hun verklaringen uitgaan. De rechtbank is voorts van oordeel dat de verklaringen van de kinderen ten aanzien van bepaalde elementen worden ondersteund door enerzijds de verklaring van verdachte zelf (bed ritueel, meegaan in de auto voor het krantenwerk) en anderzijds door de verklaring van aangeefster (bed ritueel, seks gerelateerde onderwerpen op de laptop). Daarnaast worden de verklaringen van de kinderen op verschillende onderdelen ondersteund door elkaar. Zowel [slachtoffer 2] als [slachtoffer 3] verklaren immers dat de andere kinderen bij de ontuchtige handelingen aanwezig waren en dat de andere kinderen het ook moesten doen. Ze verklaren derhalve over elkaar, ze hebben het elkaar zien doen bij verdachte. Dat is geen schakelbewijs, maar een eigen verklaring over hetgeen zij gezien hebben van de ander.

Daarenboven vinden de verklaringen van de kinderen steun in elkaars verklaringen in de zin van schakelbewijs. Volgens de jurisprudentie van de Hoge Raad is het gebruik van aan andere bewezen geachte, soortgelijke, feiten ten grondslag liggende bewijsmiddelen als ondersteunend bewijs toegelaten. Daarbij moet het gaan om bewijsmateriaal van die andere feiten dat op essentiële punten belangrijke overeenkomsten vertoont met het bewijsmateriaal van het te bewijzen feit. Anders dan de raadsvrouw ziet de rechtbank wel degelijk een ‘modus operandi’(specifieke handelwijze) van verdachte. Immers, alle drie kinderen verklaren dat de handelingen bij hen thuis plaatsvonden als hun moeder niet aanwezig was of beneden was. [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] hebben het beiden over het bed in de ouderlijke slaapkamer en over de woonkamer (filmpjes). [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] hebben het daarnaast ook over de auto.

De verklaringen van de kinderen ondersteunen elkaar over en weer wat betreft de aard van de handelingen – dat verdachte zijn piemel liet zien en dat de kinderen zijn piemel moesten betasten en bewegen. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] omschrijven ook precies hoe dat ging: verdachte duwde hun hand naar zijn piemel en vouwde hun hand er omheen. De verklaringen van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] ondersteunen elkaar bovendien in die zin dat verdachte diezelfde handelingen ook bij hen deed. Dat [slachtoffer 1] niet verklaart over ontuchtige handelingen waarbij alle drie kinderen aanwezig waren en evenmin over het tonen van seksfilmpjes, maakt haar verklaring niet onbetrouwbaar. [slachtoffer 1] is hier niet over bevraagd en dat zij hier niet spontaan over heeft verklaard, heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat de handelingen waarover zij wel heeft verklaard (zoals de piemel in haar mond, piemel in/bij het gat van haar blaas) de meeste impact op haar gehad zullen hebben.

De verklaringen van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] ondersteunen elkaar over en weer wat betreft de omstandigheden waaronder het plaatsvond – in het kader van de handelingen moesten ze vaak seksfilmpjes kijken (in de woonkamer).

Alle drie kinderen verklaren over dreigementen van verdachte: ze mochten niets tegen mama zeggen, want dan zouden ze klappen krijgen ( [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] ) of zou papa mama vermoorden ( [slachtoffer 2] ) of zouden ze gaan scheiden ( [slachtoffer 1] ). Dat de inhoud van de dreigementen niet gelijk is, is voor de rechtbank juist een aanwijzing dat de verklaringen authentiek zijn en het is niet ondenkbaar dat verdachte zijn dreigement per kind heeft aangepast op datgene waar dat kind bang voor was.

De verdediging heeft nog aangevoerd dat de verklaringen van de kinderen elkaar tegenspreken op het punt van de gezamenlijke gebeurtenissen in combinatie met de leeftijden. De rechtbank overweegt dat het feit dat de kinderen over het tijdsbestek van de gebeurtenissen niet gelijk verklaren, de verklaringen van de kinderen niet ongeloofwaardig maakt. Het tijdsbesef van kinderen is anders. Zo geeft de deskundigen M.J. van Hoof in haar rapportage van 15 januari 2020 aan dat “het tijdsbestek dat elk kind geeft voor de gebeurtenissen [haar] wat (…) minder betrouwbaar lijkt te zijn gezien hun leeftijd en het feit dat tijd op die leeftijd anders beleefd wordt”.

Gelet op bovengenoemde feiten en omstandigheden in onderling verband en samenhang bezien, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde.

5 BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

1.

op tijdstippen omstreeks de periode van 5 augustus 2016 tot en met 4 augustus 2018 te Amersfoort met zijn minderjarige dochter [slachtoffer 1] , geboren op [2008]

, die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt,

een of meer handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten (telkens)

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis in de vagina

en/of tussen de schaamlippen van die [slachtoffer 1] en

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis in de mond

van die [slachtoffer 1] en

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, vinger(s) in de mond

van die [slachtoffer 1] en

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis op/tegen de

vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 1] en

- het tonen van zijn, verdachtes penis en

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 1] en

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 1] ;

2.

op tijdstippen omstreeks de periode van 30 november 2017 tot en met 30 september 2018 te Amersfoort met zijn minderjarige zoon [slachtoffer 2] , geboren op [2009] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten (telkens)

- het tonen van zijn, verdachtes, penis aan die [slachtoffer 2] en

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 2] en

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 2]

en

- het aftrekken van die [slachtoffer 2] door verdachte en het

betasten/aanraken van de penis van die [slachtoffer 2] door verdachte;

3.

op tijdstippen omstreeks de periode van 5 december 2011 tot en met 4 december 2016 te Amersfoort met zijn minderjarige zoon [slachtoffer 3] , geboren op [2006] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten (telkens)

- het tonen van zijn, verdachtes, penis aan die [slachtoffer 3] en

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 3] en

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 3]

en

- het aftrekken van die [slachtoffer 3] door verdachte en

het betasten/aanraken van de penis van die [slachtoffer 3] door verdachte.

Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.

6 STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op:

feit 1: met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, terwijl de schuldige het feit begaat tegen zijn kind, meermalen gepleegd

feit 2 en feit 3: telkens: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, terwijl de schuldige het feit begaat tegen zijn kind, meermalen gepleegd

7 STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE

Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 OPLEGGING VAN STRAF/MAATREGEL

8.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door hem bewezen geachte te veroordelen tot een gevangenisstraf van 5 jaren, met aftrek van het voorarrest en dat daarnaast de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging (tbs) zal worden gelast. Verder heeft de officier van justitie gevorderd dat aan verdachte een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht zal worden opgelegd voor de duur van 5 jaren, inhoudende dat verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zal zoeken en/of hebben met [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] .

8.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw van verdachte heeft ten aanzien van de strafmaat aangevoerd dat rekening moet worden gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte: hij heeft ernstige gezondheidsproblemen (COPD en reuma) en is al op leeftijd. Daarnaast heeft de raadsvrouw zich op het standpunt gesteld dat aan verdachte geen tbs moet worden opgelegd, nu alleen de psychiater tot een stoornis komt (in tegenstelling tot meerdere andere deskundigen), welke stoornis bovendien alleen gebaseerd is op het delict verleden van verdachte. Voorts heeft de raadsvrouw aangevoerd dat, gelet op de gevorderde leeftijd van verdachte, een tbs-maatregel naast een lange gevangenisstraf niet reëel is, maar dat een keuze gemaakt moet worden.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf/maatregel heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.

De ernst van het feit

Verdachte heeft zich gedurende een lange periode schuldig gemaakt aan ernstige strafbare feiten door zijn drie minderjarige kinderen te dwingen hem af te trekken. Daarnaast heeft zijn minderjarige dochter vergaande seksuele gedragingen bij hem moeten verrichten en ondergaan (verdachte heeft zijn penis in haar mond en vagina gebracht) en heeft hij seksuele handelingen (aftrekken) bij zijn minderjarige zoons verricht. Verdachte heeft hiermee op ernstige wijze misbruik gemaakt van het aanzien en het vertrouwen dat hij als vader had. Hij misbruikte de situatie (als moeder weg of beneden was) om zijn eigen lusten te bevredigen en had hiertoe de gelegenheid omdat de kinderen in een leeftijdsfase verkeerden waarin zij kwetsbaar, beïnvloedbaar en volgzaam zijn. Daarnaast heeft hij de kinderen met dreigementen ertoe bewogen om al die tijd hun mond hierover te houden. Door zijn handelen heeft verdachte de lichamelijke integriteit en het vertrouwen van zijn kinderen geschonden en hun normale seksuele ontwikkeling verstoord. Het is een feit van algemene bekendheid dat slachtoffers van seksueel misbruik de psychische en lichamelijke gevolgen daarvan nog lange tijd mee zullen dragen. Uit de slachtofferverklaring van de moeder blijkt dat de kinderen kampen met grote gevoelens van angst en onveiligheid. De ernst van de problemen als gevolg van het gedrag van verdachte zal in de toekomst moeten blijken. De rechtbank rekent dit alles verdachte zwaar aan.

De persoon van verdachte

Wat betreft de persoon van verdachte heeft de rechtbank acht geslagen op een verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 21 oktober 2019 waaruit blijkt dat verdachte eerder (in 1986) onherroepelijk is veroordeeld voor ontucht met kinderen, te weten de kinderen uit zijn eerste huwelijk. Daarnaast is hij in 2017 veroordeeld voor het tonen van zijn penis aan en verrichten van aftrekhandelingen bij zichzelf ten overstaan van kinderen. De rechtbank houdt hier in haar oordeel rekening mee.

De rechtbank heeft voorts acht geslagen op het Pro Justitia-rapport van 8 november 2019, opgemaakt door R. Bout, GZ-psycholoog en het Pro Justitia-rapport van 20 januari 2020, opgemaakt door T.E. Verrijp, psychiater.

De laatste rapporteur concludeert dat sprake is van een pedofiele stoornis bij verdachte. Hij komt tot deze conclusie op basis van de eerdere zedendelicten uit 2017, omdat de medewerking van verdachte aan het onderzoek beperkt blijft. Er kan door de gebrekkige medewerking niets geconcludeerd worden over de aanwezigheid van eventuele andere seksuele stoornissen, zoals exhibitionisme of hyperseksualiteit - twee diagnoses die gezien de eerdere delicten en de hetero-anamnestische gegevens niet geheel uitgesloten kunnen worden. In andere levensdomeinen dan het seksuele, worden er enkele beperkingen gezien die wijzen op problemen in de persoonlijkheid. Verdachte is een man die problemen bagatelliseert en zichzelf in een slachtofferrol plaatst. Hij neemt daarbij geen verantwoordelijkheid voor zijn gedrag en toont weinig empathie voor anderen. Hij laat veelal slechts oppervlakkige emoties zien en ziet het onderdrukken van emoties als een succesvolle en logische copingstrategie. Verdachte stelt zijn eigen behoeftes boven die van anderen. De rapporteur stelt concluderend dat er veel persoonlijkheidskenmerken zijn die bij verdachte problemen kunnen veroorzaken in zijn (emotioneel) functioneren en relaties met anderen, maar doordat hij ook langere periodes stabiel heeft gefunctioneerd in relaties zijn er al met al onvoldoende (betrouwbare) aanwijzingen dat sprake is van een persoonlijkheidsstoornis.

De rapporteur adviseert de feiten, gelet op de stoornis, verminderd toe te rekenen aan verdachte. Verdachte valt in de prioriteitscategorie matig-hoog voor seksuele delicten, hetgeen betekent dat er een belangrijke indicatie is voor het inzetten van interventies om het recidive risico te verkleinen. Omdat verdachte zelf duidelijk geen noodzaak ziet tot behandeling, heeft behandeling in een vrijwillig of onvoldoende dwingend kader geen kans van slagen. De rapporteur adviseert daarom een ter beschikking stelling met dwangverpleging. Dit behandelkader zal de meeste garantie bieden om de geschetste recidiverisico’s terug te dringen.

De rechtbank neemt de conclusie en het advies van deze rapporteur over.

Dat de psychiater tot nu toe de enige is die een pedofiele stoornis als diagnose heeft gesteld, maakt dit naar het oordeel van de rechtbank niet anders. Immers, eerdere deskundigen hebben deze diagnose weliswaar niet gesteld, maar ook niet expliciet uitgesloten. Dit heeft er mede mee te maken dat verdachte beperkt heeft meegewerkt aan onderzoek. Daarnaast heeft verdachte de ten laste gelegde feiten, evenals de eerdere zedendelicten, ontkend. Feit is echter dat hij in 2017 vier zedendelicten (tonen penis en verrichten van aftrekhandelingen bij zichzelf) heeft gepleegd waarbij tenminste zes minderjarige kinderen betrokken waren. En in deze zaak heeft hij ontuchtige handelingen verricht bij (zijn eigen) drie minderjarige kinderen. Ook bij de zaak uit 1986 ging het om (eigen) minderjarige kinderen.

De rechtbank heeft verder acht geslagen op het reclasseringsrapport van 23 december 2019, alsmede het aanvullende reclasseringsrapport van 31 januari 2020, opgemaakt door D. van Reeuwijk, reclasseringswerker. In het laatste rapport stelt de reclassering dat zij zich conformeren aan het advies van de psychiater, te weten een ter beschikking stelling (tbs) met dwangverpleging. In het rapport van 23 december 2019 adviseert de reclassering positief ten aanzien van het opleggen van een contactverbod.

De rechtbank neemt deze adviezen mee in haar overweging.

De straf

Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank gelet op de straffen die in vergelijkbare zaken zijn opgelegd. Het gaat daarbij in deze zaak om drie kinderen. Daarnaast acht de rechtbank strafverzwarend dat verdachte reeds eerder voor vergelijkbare strafbare feiten is veroordeeld. De rechtbank ziet in de omstandigheid dat verdachte op leeftijd is geen aanleiding om een lagere straf op te leggen.

Gevangenisstraf

De rechtbank is – alles overwegende – van oordeel dat een lange onvoorwaardelijke gevangenisstraf, te weten een gevangenisstraf voor de duur van 5 jaren, passend en geboden is.

Tbs-maatregel

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de maatschappij dient te worden beschermd voor een herhaling van het handelen van verdachte. Gelet op de diagnose pedofiele stoornis door de psychiater en het recidiverisico is een klinische zedenbehandeling met een dwingend karakter aangewezen. De rechtbank neemt het advies van de psychiater over en zal overgaan tot het opleggen van de tbs-maatregel met dwangverpleging. Bij de oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat voldaan wordt aan de eisen die de wet daaraan stelt, te weten:

 bij verdachte bestond ten tijde van het plegen van de feiten een ziekelijke stoornis, te weten een pedofiele stoornis;

 op de gepleegde misdrijven is een gevangenisstraf van vier jaren of meer gesteld;

 de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen eist de maatregel.

De bewezenverklaarde feiten zijn misdrijven die gericht zijn tegen dan wel gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, zodat een termijn van een eventuele tbs-maatregel met dwangverpleging niet is beperkt tot vier jaren.

Vrijheidsbeperkende maatregel

De rechtbank is van oordeel dat, naast het voormelde, conform de eis van de officier van justitie, aan verdachte tevens een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v Sr passend is, te weten een contactverbod met de kinderen [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , ter voorkoming van strafbare feiten. De rechtbank overweegt hierbij nog dat hiervan kan worden afgeweken, indien contact in het belang van de kinderen wordt geacht en SAVE of een andere hulpverleningsinstantie het contact zal begeleiden, een en ander door de reclassering te beoordelen.

9 BENADEELDE PARTIJ

Aangeefster heeft zich als wettelijke vertegenwoordiger van de benadeelde partijen [slachtoffer 1] ( [slachtoffer 1] ), [slachtoffer 2] ( [slachtoffer 2] ) en [slachtoffer 3] ( [slachtoffer 3] ) in het geding gevoegd en vordert een bedrag van:

- € 32.102,39 voor [slachtoffer 1] , bestaande uit € 102,39 aan materiële schade en € 32.000,- aan immateriële schade;

- € 16.390,97 voor [slachtoffer 2] , bestaande uit € 1.390,97 aan materiële schade en € 15.000,- aan immateriële schade; en

- € 18.945,37 voor [slachtoffer 3] , bestaande uit € 1.445,37 aan materiële schade en € 17.500,- aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte ten laste gelegde feit. De vordering is ter terechtzitting namens de benadeelde partijen toegelicht door hun raadsvrouw, mr. N. Durdabak.

9.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen alle drie geheel kunnen worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente en onder oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

9.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw van verdachte heeft zich primair (vanwege de bepleite vrijspraak) op het standpunt gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen niet-ontvankelijk moeten worden verklaard. Subsidiair heeft de raadsvrouw gesteld dat de vorderingen wegens onduidelijkheid niet-ontvankelijk moeten worden verklaard, dan wel afgewezen, dan wel (wat betreft de immateriële schadevergoedingen) sterk dienen te worden gematigd. De raadsvrouw verwijst daarvoor naar een andere zaak. Ten aanzien van de materiële schadevergoedingen heeft de raadsvrouw aangevoerd dat in de vorderingen een grote kostenpost is toebedeeld aan de behandelingen van de kinderen bij het Kindertherapeuticum, maar dat de kinderen al langer en vanwege andere problematiek bij dit centrum in behandeling waren, zodat niet duidelijk is welk deel van deze kosten op de onderhavige zaak zien.

9.3

Het oordeel van de rechtbank

Naar het oordeel van de rechtbank staat vast dat de benadeelde partijen als gevolg van de bewezen verklaarde feiten rechtstreeks schade hebben geleden.

De rechtbank zal de materiële schade zoals die is gevorderd door de benadeelde partijen en niet door de verdediging is betwist, toewijzen, te weten de gevorderde reiskosten van elk

€ 102,39, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling.

Ten aanzien van de materiële schade die door de verdediging is betwist, overweegt de rechtbank als volgt. Opgevoerd zijn de kosten eigen bijdrage therapiekosten (ten behoeve van [slachtoffer 2] voor € 1.288,58 en ten behoeve van [slachtoffer 3] voor € 1.342,98). Met de raadsvrouw is de rechtbank van oordeel dat onvoldoende duidelijk is welk deel van deze kosten ziet op therapie die nodig is als gevolg van de onderhavige feiten en welk deel ziet op therapie die de kinderen reeds hadden als gevolg van andere problematiek. Nu dit niet duidelijk blijkt uit de stukken zal de rechtbank de vordering op dit punt niet-ontvankelijk verklaren. De benadeelde partijen kunnen dit deel van de vorderingen bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Ten aanzien van de immateriële schade acht de rechtbank, gelet op vergelijkbare zaken en de omstandigheden van het geval, een bedrag van € 7.500,- ten behoeve van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] billijk en waardeert de schade op dat bedrag. De rechtbank zal de vorderingen van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] dan ook tot een bedrag van € 7.500,- toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling. Ten behoeve van [slachtoffer 1] acht de rechtbank een bedrag van € 15.000,- billijk en waardeert de schade op dat bedrag. De rechtbank zal haar vordering dan ook tot een bedrag van € 15.000,- toewijzen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf 1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling.

Voor het overige deel van de gevorderde immateriële schade zal de rechtbank de benadeelde partijen in hun vorderingen niet-ontvankelijk verklaren. De benadeelde partijen kunnen dat deel van hun vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Als extra waarborg voor betaling zal de rechtbank ten behoeve van [slachtoffer 3] , [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] aan verdachte de verplichting opleggen tot betaling aan de Staat van de bedrag van € 15.102,39 (€ 102,39 + € 15.000,-) voor [slachtoffer 1] , € 7.602,39 voor [slachtoffer 3] (€ 102,39 + € 7.500,-) en 7.602,39 voor [slachtoffer 2] (€ 102,39 + € 7.500,-), te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf

1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling. Als door verdachte niet wordt betaald, zal deze verplichting worden aangevuld met 186 dagen gijzeling, waarbij toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft.

De betaling die is gedaan aan de Staat wordt op de verplichting tot betaling aan de benadeelde partijen in mindering gebracht. Dit geldt andersom ook indien betaling is gedaan aan de benadeelde partijen.

Verdachte zal verder worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partijen hebben gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zullen maken. Deze kosten worden tot op dit moment begroot op € 28,65 (3x € 9,55).

10 VORDERING TENUITVOERLEGGING

Bij vonnis van de meervoudige kamer van deze rechtbank van 29 juni 2018 (parketnummer 16/660099-17) is verdachte een gevangenisstraf voor de duur van drie maanden voorwaardelijk opgelegd.

10.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft verzocht de vordering toe te wijzen.

10.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw van verdachte heeft zich primair (gelet op de bepleite vrijspraak) op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden afgewezen. Subsidiair (indien de rechtbank tot een veroordeling komt) heeft de raadsvrouw zich wat betreft de vordering gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

10.3

Het oordeel van de rechtbank

Nu verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig heeft gemaakt aan strafbare feiten is de rechtbank van oordeel dat de vordering tot tenuitvoerlegging moet worden toegewezen. De rechtbank zal derhalve gelasten dat de eerder bij vonnis van 29 juni 2018 voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden ten uitvoer zal worden gelegd.

11 TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De beslissing berust op de artikelen 36f, 37a, 37b, 38v, 38w, 57, 244, 247 en 248 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

12 BESLISSING

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;

- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Strafbaarheid

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

Oplegging straf en maatregelen

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 5 (vijf) jaren;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- gelast dat verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege wordt verpleegd;

- legt aan verdachte op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van 5 jaren die het volgende inhoudt:

  • -

    verdachte zal op geen enkele wijze – direct of indirect – contact opnemen zoeken of hebben met [slachtoffer 1] (zijn dochter), geboren op [2008] , [slachtoffer 3] (zijn zoon), geboren op [2006] , en [slachtoffer 2] (zijn zoon), geboren op [2009] ;

  • -

    beveelt dat voor het geval de maatregel wordt overtreden de maatregel telkens wordt vervangen door twee weken hechtenis;

  • -

    beveelt dat de totale duur van de dan ten uitvoer te leggen vervangende hechtenis ten hoogste zes maanden bedraagt;

  • -

    bepaalt dat van deze maatregel kan worden afgeweken indien het belang van de kinderen dit vergt en indien de kinderen daarbij door SAVE of een soortgelijke hulpverleningsinstantie tijdens het contact worden begeleid;

Benadeelde partijen

  • -

    wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 15.102,39 (€ 102,39 aan materiële schade en € 15.000,- aan immateriële schade);

  • -

    wijst de vordering van [slachtoffer 3] toe tot een bedrag van € 7.602,39 (€ 102,39 aan materiële schade en € 7.500,- aan immateriële schade);

  • -

    wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 7.602,39 (€ 102,39 aan materiële schade en € 7.500,- aan immateriële schade);

  • -

    veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling;

  • -

    verklaart de benadeelde partijen voor wat betreft het meer gevorderde (materiële en immateriële schade) niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vorderingen voor dat deel kunnen worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

  • -

    veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partijen gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op € 28,65;

  • -

    legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] aan de Staat te betalen respectievelijk € 15.102,39, € 7.602,39 en € 7.602,39, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 oktober 2018 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 186 dagen gijzeling;

  • -

    bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde partijen dan wel aan de Staat heeft vergoed;

Vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16/660099-17

- wijst de vordering toe;

- gelast de tenuitvoerlegging van de door de meervoudige kamer in de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 29 juni 2018 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van drie maanden.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Bos, voorzitter, mrs. E.W.A. Vonk en C.S.K. Fung Fen Chung, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.S. Wijkstra, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 20 februari 2020.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

1

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 5 augustus 2016 tot en met 4 augustus 2018 te Amersfoort, althans in Nederland, met (zijn minderjarige dochter) [slachtoffer 1] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten (telkens)

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis in de vagina

en/of tussen de schaamlippen van die [slachtoffer 1] en/of

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis in de mond

van die [slachtoffer 1] en/of

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, vinger(s) in de mond

van die [slachtoffer 1] en/of

- het brengen/duwen/houden van zijn, verdachtes, penis op/tegen de

vagina en/of schaamstreek van die [slachtoffer 1] en/of

- het tonen van zijn, verdachtes penis en/of

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 1] en/of

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 1] ;

( art 244 Wetboek van Strafrecht, art 248 lid 2 Wetboek van Strafrecht )

2

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 30 november 2017 tot en met 30 september 2018 te Amersfoort, althans in Nederland, met (zijn minderjarige zoon) [slachtoffer 2] , geboren op [2009] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten (telkens)

- het tonen van zijn, verdachtes, penis aan die [slachtoffer 2] en/of

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 2] en/of

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 2] en/of

- het aftrekken van die [slachtoffer 2] door verdachte en/of het

betasten/aanraken van de penis van die [slachtoffer 2] door verdachte;

( art 247 Wetboek van Strafrecht, art 248 lid 2 Wetboek van Strafrecht )

3

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 5 december 2011 tot en met 4 december 2016 te Amersfoort, althans in Nederland, met (zijn minderjarige zoon) [slachtoffer 3] , geboren op [2006] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten (telkens)

- het tonen van zijn, verdachtes, penis aan die [slachtoffer 3] en/of

- het zich laten aftrekken door die [slachtoffer 3] en/of

- het laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer 3] en/of

- het aftrekken van die [slachtoffer 3] door verdachte en/of het

betasten/aanraken van de penis van die [slachtoffer 3] door verdachte;

( art 247 Wetboek van Strafrecht, art 248 lid 2 Wetboek van Strafrecht )

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Tenzij anders vermeld zijn deze processen-verbaal als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal (onderzoek 03Bijvoet), genummerd PL0900-2019073082, opgemaakt door de politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 102 en een procesdossier doorgenummerd 98 tot en met 190 (inhoudende de uitgewerkte studioverhoren). Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Waar mogelijk wordt volstaan met een verkorte en zakelijke weergave.

2 Een proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 100.

3 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 104.

4 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 106.

5 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 107.

6 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 108.

7 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 109.

8 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 110.

9 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 112.

10 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 114.

11 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 117.

12 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 118.

13 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 119.

14 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 120.

15 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 121.

16 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 122.

17 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 123.

18 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 124.

19 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 126.

20 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 133.

21 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 1] ) op 16 mei 2019, p. 134.

22 Een proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 140.

23 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 141.

24 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 145.

25 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 146.

26 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 147.

27 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 148.

28 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 149.

29 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 150.

30 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 151.

31 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 152.

32 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 153.

33 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 154.

34 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 155.

35 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 160.

36 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 2] ) op 16 mei 2019, p. 161.

37 Een proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 172.

38 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 173.

39 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 174.

40 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 175.

41 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 176.

42 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 177.

43 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 178.

44 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 179.

45 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 180.

46 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 181.

47 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 181.

48 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 182.

49 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 182.

50 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 183.

51 Proces-verbaal van bevindingen (uitgewerkt studioverhoor [slachtoffer 3] ) op 16 mei 2019, p. 186.

52 Een proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangeefster] op 16 april 2019, p. 17.

53 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangeefster] op 16 april 2019, p. 19.

54 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangeefster] op 16 april 2019, p. 21.

55 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangeefster] op 16 april 2019, p. 22.

56 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangeefster] op 16 april 2019, p. 23.

57 Een proces-verbaal van verhoor aangever [aangeefster] op 30 juli 2019, p. 33.

58 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangeefster] op 30 juli 2019, p. 35.

59 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangeefster] op 30 juli 2019, p. 33.

60 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangeefster] op 30 juli 2019, p. 34.

61 Een proces-verbaal van verhoor verdachte op 6 augustus 2019, p. 88.

62 Proces-verbaal van verhoor verdachte op 6 augustus 2019, p. 89.

63 Een proces-verbaal van verhoor verdachte op 7 augustus 2019, p. 94.