Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2020:5433

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
11-12-2020
Datum publicatie
14-12-2020
Zaaknummer
16/214701-20 (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vrijspraak voor de poging om in de nacht van 23 augustus 2020 in Naarden samen met een ander door middel van braak in te breken in een woning. De rechtbank overweegt dat geen bewijs voorhanden is dat verdachte rechtstreeks aan de ten laste gelegde feiten verbindt. De benadeelde partij is niet-ontvankelijk in de vordering en wordt veroordeeld in de kosten, vooralsnog begroot op nihil.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Lelystad

Parketnummer: 16/214701-20 (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 11 december 2020

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1997] te [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] , [adres] ,

hierna: verdachte.

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 27 november 2020.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. H.J. Lambers en van hetgeen de raadsman van verdachte mr. M.A.C. van Vuuren, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt erop neer dat verdachte:

primair

in de nacht van 23 augustus 2020 in Naarden samen met een ander door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming heeft geprobeerd geld en/of goederen van hun gading toebehorende aan [aangever] in/uit een woning gelegen aan de [straat] weg te nemen;

subsidiair

medeplichtig is aan de primair ten laste gelegde poging tot inbraak in de woning aan de [straat] door op de uitkijk te staan en/of de mededaders te vervoeren naar de plaats van het misdrijf en/of met een auto dicht bij de woning te wachten om de vlucht mogelijk te maken.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 WAARDERING VAN HET BEWIJS

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken van de primair en subsidiair ten laste gelegde feiten.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit van de primair en subsidiair ten laste gelegde feiten.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank overweegt dat geen bewijs voorhanden is dat verdachte rechtstreeks aan de ten laste gelegde feiten verbindt. Dat verdachte kort na de nachtelijke poging tot inbraak nabij de betreffende woning op de achterbank van een personenauto is aangetroffen en heeft verklaard dat hij samen met medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] een stuk is gaan rijden, acht de rechtbank onvoldoende voor een bewezenverklaring. De rechtbank is met de officier van justitie en de raadsman van oordeel dat onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden is dat verdachte de primair en subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan en zal verdachte hiervan vrijspreken.

5 BENADEELDE PARTIJ

[aangever] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 497,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte ten laste gelegde.

5.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vordering van de benadeelde partij.

5.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, gelet op de bepleite vrijspraak.

5.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de benadeelde partij [aangever] niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering, omdat verdachte van het ten laste gelegde zal worden vrijgesproken.

Nu de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard in haar vordering, dient zij te worden veroordeeld in de kosten die verdachte tot aan deze uitspraak in verband met de verdediging tegen die vordering heeft moeten maken. Deze kosten begroot de rechtbank vooralsnog op nihil.

6 BESLISSING

De rechtbank:

Vrijspraak

- verklaart het ten laste gelegde feit niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Benadeelde partij

  • -

    verklaart [aangever] niet-ontvankelijk in haar vordering;

  • -

    verwijst [aangever] in de door verdachte gemaakte kosten, tot aan de datum van de uitspraak begroot op nihil..

Dit vonnis is gewezen door mr. H.B.W. Beekman, voorzitter, mr. W.S. Ludwig en mr. S. Rosendahl, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.M.M. Weyers, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 11 december 2020.

Mr. Ludwig is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 23 augustus 2020 te [woonplaats] , in elk geval in Nederland, omstreeks 03.00 uur, in ieder geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit de woning gelegen aan de [straat] , weg te nemen goederen en/of geld van zijn/hunner gading, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot die woning te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen en/of geld van zijn/hunner gading onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen een schroef in het (cilinder)slot van de deur te boren/schroeven/draaien/forceren, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] op of omstreeks 23 augustus 2020 te [woonplaats] , in elk geval in Nederland, omstreeks 03.00 uur, in ieder geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit de woning gelegen aan de [straat] , weg te nemen goederen en/of geld van zijn/hunner gading, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot die woning te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen en/of geld van zijn/hunner gading onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen een schroef in het (cilinder)slot van de deur te boren/schroeven/draaien/forceren, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 23 augustus 2020 te [woonplaats] , in elk geval in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft door:
- op de uitkijk te staan en/of
- de (mede)daders te vervoeren naar de plaats van het misdrijf en/of
- met een auto dicht bij de woning te wachten om de vlucht mogelijk te maken.