Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2020:1493

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
09-03-2020
Datum publicatie
20-04-2020
Zaaknummer
7554401 \ UE VERZ 19-67
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Mondelinge uitspraak
Proces-verbaal
Inhoudsindicatie

proces-verbaal mondelinge uitspraak. 5:130 BW, geen besluit, geen vernietiging, afwijzing verzoek.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 7554401 UE VERZ 19-67 VS/1257

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de kantonrechter van

9 maart 2020

inzake

[verzoekster] ,

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen [verzoekster] ,

verzoekende partij,

gemachtigde: mr. C. Claessens,

tegen:

de vereniging

Vereniging van Eigenaren [verweerster] gelegen te [vestigingsplaats] [straatnaam] [nummeraanduiding 1] tot en met [nummeraanduiding 8] (even nummers),

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

verder ook te noemen de VvE,

verwerende partij,

gemachtigde: mr. R.W. Nederveen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift van 21 februari 2019 met producties;

- de producties 4 en 5 van de zijde van [verzoekster] ;

- het verweerschrift van 21 februari 2020 met producties;

- de mondelinge behandeling op 9 maart 2020. [verzoekster] was daarbij aanwezig. Mr. Claessens heeft het woord gevoerd aan de hand van pleitaantekeningen. Namens de VvE waren aanwezig de heer [A] (administrateur), de heer [B] (commissaris) en mr. Nederveen. Verder waren aanwezig de appartementseigenaren van de huisnummers [nummeraanduiding 1] , [nummeraanduiding 2] , [nummeraanduiding 3] , [nummeraanduiding 4] , [nummeraanduiding 5] [nummeraanduiding 6] en [nummeraanduiding 7] .

De griffier heeft aantekening gehouden van de zitting.

1.2.

Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter met toepassing van artikel 30p van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering mondeling uitspraak gedaan.

2 De beslissing

De kantonrechter:

2.1.

wijst het verzoek af;

2.2.

veroordeelt [verzoekster] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de VvE, tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 480,00;

2.3.

verklaart deze uitspraak uitvoerbaar bij voorraad.

3 De beoordeling

3.1.

De kantonrechter geeft hiervoor de volgende motivering.

3.2.

[verzoekster] en de VvE verschillen van mening over de vraag of er in de vergadering van de VvE van 30 januari 2019 een besluit is genomen waarvan [verzoekster] aan de kantonrechter de vernietiging kan vragen op grond van artikel 5:130 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Volgens [verzoekster] heeft de vergadering van de VvE op 30 januari 2019 het besluit genomen dat de verwarming in het complex uitgeschakeld blijft tussen 23:00 en 7:00 uur. Dit besluit moet tevens worden gelezen als een weigering van de VvE om individuele warmtemeters toe te passen, zo stelt [verzoekster] . De VvE betoogt echter dat er op 30 januari 2019 geen besluit is genomen maar slechts een peiling is gehouden over de vraag of onder de leden van de VvE behoefte bestaat aan nachtelijke verwarming.

3.3.

De kantonrechter oordeelt dat het door [verzoekster] genoemde besluit om de verwarming in de nachtelijke uren uitgeschakeld te laten, er niet is. Het nemen van een dergelijk besluit stond niet op de agenda en het is ook niet vastgelegd in de notulen van de vergadering. De gehouden peiling is geen besluit want het is niet op rechtsgevolg gericht. De peiling heeft immers geen verandering in de rechtstoestand bewerkstelligd.

3.4.

De tijdens de mondelinge behandeling naar voren gebrachte stelling van [verzoekster] dat het niet honoreren van een verzoek ook een besluit is, treft geen doel. Een appartementseigenaar kan wel vragen om een besluit te nemen, maar daarvoor is dit niet de juiste procedure.

3.5.

De redenering van [verzoekster] dat de wens om individuele warmtemeters te plaatsen is gekoppeld aan haar verzoek de verwarming aan te zetten in de nachtelijke uren, en dat de vergadering van de VvE daar dus ook afwijzend op heeft beslist, gaat niet op. Dit punt stond niet op de agenda en bovendien blijkt uit de notulen van de vergadering dat de discussie over plaatsing van warmtemeters wordt geparkeerd zolang daarover een gerechtelijke procedure loopt.

3.6.

Omdat er geen besluit is genomen door de VvE komt de kantonrechter niet toe aan een beoordeling van de door [verzoekster] naar voren gebrachte verwachtingen en de vraag of het al dan niet redelijk is dat de verwarming ’s nachts uitstaat.

Aan partijen wordt meegegeven dat de wensen van [verzoekster] bij het onderzoek naar de verduurzaming van het appartementencomplex meegenomen kunnen worden en dat [verzoekster] daar mogelijk een actieve bijdrage aan kan leveren. In een appartementencomplex moeten de eigenaren van de appartementen dit soort zaken immers samen regelen.

3.7.

Het verzoek van [verzoekster] is niet toewijsbaar. De VvE heeft in deze procedure gelijk gekregen. Daarom moet [verzoekster] de proceskosten betalen. Dat is een bedrag van € 480,00 (twee punten x tarief € 240,00) aan salaris gemachtigde.

Deze mondelinge uitspraak is gedaan door mr. S. Bokx-Boom, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken in de aanwezigheid van de griffier op 9 maart 2020, waarvan dit proces-verbaal is opgemaakt op 9 maart 2020.