Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2020:1152

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
04-03-2020
Datum publicatie
03-04-2020
Zaaknummer
C/16/498466 / FA RK 20-1598
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

''Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel'' ''Wvggz"

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling familierecht

Locatie Utrecht

Zaaknummer: C/16/498466 / FA RK 20-1598

Betrokkenenummer: [betrokkenenummer]

Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

Beschikking van 4 maart 2020, naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [1988] te [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] te [woonplaats] ,

verblijvende te Altrecht, locatie [locatie] te [woonplaats] ,

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. M.A. de Boer.

1 Procesverloop

1.1.

Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 3 maart 2020, heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 2 maart 2020 opgelegde crisismaatregel.

Bij het verzoekschrift zijn (onder meer) de volgende bijlagen gevoegd:

  • -

    een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel d.d. 2 maart 2020;

  • -

    de medische verklaring d.d. 2 maart 2020.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 4 maart 2020 te Altrecht op de locatie [locatie] te [woonplaats] .

1.3.

Daarbij heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- de betrokkene,

- de advocaat,

- de heer J. Havenaar, psychiater.

1.4.

De officier van justitie heeft van tevoren laten weten dat hij niet voornemens is bij de mondelinge behandeling te verschijnen.

1.5.

De rechtbank heeft na de mondelinge behandeling direct uitspraak gedaan en een kennisgeving mondelinge uitspraak aan de advocaat van betrokkene en aan de vertegenwoordiger van de instelling verstrekt.

2 Beoordeling

2.1.

In de crisismaatregel waarvan de officier van justitie voortzetting vraagt, zijn de volgende vormen van verplichte zorg, als bedoeld in artikel 3:2 Wvggz, opgenomen:

- toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- onderzoek aan kleding of lichaam;

- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

- controleren op de aanwezigheid van gedag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

2.2.

De advocaat heeft tijdens de mondelinge behandeling gepleit voor afwijzing van het verzoek. Betrokkene gaat het liefst naar huis of wil vrijwillig in de instelling verblijven. Het is belangrijk dat hij zijn werk en woning kan blijven behouden. Betrokkene weet echter ook dat hij hulp nodig heeft om thuis goed te kunnen functioneren. Hij gaat dan ook akkoord om voor korte duur in de instelling te blijven om de nodige hulp te kunnen krijgen.

2.3.

De psychiater heeft gepleit voor toewijzing van het verzoek. Hij kent betrokkene nog maar kort, maar vanuit het dossier en zijn eerste indruk lijkt het dat betrokkene psychotische waanideeën heeft. Waar dit uit voortkomt is nog niet duidelijk. Op dit moment wil betrokkene geen medicatie. Het is van belang om betrokkene in de instelling te kunnen opnemen ter observatie en om op zoek te gaan naar verdere behandeling. Als betrokkene een stoornis heeft is de duur van drie weken voor de opname nodig. Als de stoornis verdwijnt, dan kan betrokkene eerder met ontslag. Tot die tijd zal betrokkene zo veel vrijheid als mogelijk krijgen. Volgens de psychiater is het niet mogelijk om betrokkene vrijwillig op te nemen. De dag voorafgaande aan de mondelinge behandeling was betrokkene immers nog stellig dat hij naar huis wilde gaan. Zijn wens om vrijwillig te blijven kan zomaar omslaan.

2.4.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, met name gelegen in ernstig lichamelijk letsel. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, voornamelijk in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

2.5.

De rechtbank is van oordeel dat bij de voortzetting van de crisismaatregel de verzochte vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden. Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.6.

Deze vormen van verplichte zorg zijn evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.7.

Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden en aldus geldt tot en met 25 maart 2020.

3 Beslissing

De rechtbank:

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene], geboren op [1988] te [geboorteplaats] , met voor de duur van de machtiging de volgende vormen van verplichte zorg:

- toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- onderzoek aan kleding of lichaam;

- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

- controleren op de aanwezigheid van gedag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 25 maart 2020.

Deze beschikking is op 4 maart 2020 mondeling gegeven door mr. D.J. van Maanen, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door mr. Z.E.W. Fuchs als griffier, en schriftelijk uitgewerkt en ondertekend op…

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.