Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2019:1504

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
03-04-2019
Datum publicatie
19-04-2019
Zaaknummer
7100967 UC EXPL 18-8469
Rechtsgebieden
Intellectueel-eigendomsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

vordering tot schadevergoeding van licentieneemster wegens inbreuk op auteursrechten op foto afgewezen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 7100967 UC EXPL 18-8469 ID/963

Vonnis van 3 april 2019

inzake

[eiseres] ,

handelend onder de naam [handelsnaam van eiseres],

wonende te [woonplaats] , gemeente Zaanstad,

verder ook te noemen [eiseres] ,

eisende partij,

gemachtigde: Rosmalen Nedland Gerechtsdeurwaarders B.V.,

tegen:

[gedaagde] ,

mede handelend onder de naam [handelsnaam van gedaagde],

wonende te [woonplaats] , Frankrijk,

zaakdoende te [vestigingsplaats] , gemeente Stichtse Vecht,

verder ook te noemen [gedaagde] ,

gedaagde partij,

gemachtigde: mr. W.P. den Hertog.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 10 juli 2018 met producties 1 tot en met 6,

- de conclusie van antwoord met productie 1,

- de conclusie van repliek tevens akte aanvulling gronden ex 130 Rv met producties 7 tot en met 10,

- de conclusie van dupliek met productie 2,

- de akte uitlating productie van [eiseres] .

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiseres] exploiteert onder de naam [handelsnaam van eiseres] een onderneming die online foto’s aanbiedt, waaronder deze foto met nummer [fotonummer] (hierna: de foto):

[foto]

2.2.

[gedaagde] is culinair publicist. Op 11 maart 2008 heeft hij een uitsnede van de foto op zijn website [website] geplaatst.

2.3.

In een e-mailbericht van 11 januari 2017 heeft Permission Machine BVBA namens [handelsnaam van eiseres] [gedaagde] erop gewezen dat de foto auteursrechtelijk beschermd is en dat het gebruik van de foto zonder toestemming van de rechthebbende een auteursrechtinbreuk oplevert. [gedaagde] is in de gelegenheid gesteld alsnog een licentie te kopen voor het gebruik van de foto tot een jaar na de datum van de nota voor een bedrag van € 318,00, vermeerderd met kosten. Ondanks sommaties heeft [gedaagde] niets betaald. [gedaagde] heeft de foto wel van de website verwijderd.

2.4.

Bij brief van 27 juli 2017 heeft Rosmalen Nedland Gerechtsdeurwaarders B.V. namens [handelsnaam van eiseres] [gedaagde] gesommeerd de foto niet meer te gebruiken en € 588,00 aan schadevergoeding te betalen wegens auteursrechtinbreuk, bestaande uit € 318,00 aan misgelopen licentievergoeding, € 210,00 aan door Permission Machine BVBA gemaakte kosten en € 60,00 aan door Rosmalen Nedland Gerechtsdeurwaarders B.V. gemaakte kosten. Ondanks sommaties heeft [gedaagde] niets betaald.

3 Het geschil

3.1.

[eiseres] vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van

€ 322,50 aan schadevergoeding, te vermeerderen met wettelijke rente, en € 177,50 aan door Permission Machine BVBA en Rosmalen Nedland Gerechtsdeurwaarders B.V. gemaakte kosten, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten ex 1019h Rv.

3.2.

[gedaagde] voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiseres] in haar vorderingen, dan wel tot afwijzing daarvan, met veroordeling van [eiseres] in de proceskosten ex 1019h Rv.

3.3.

Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover van belang, worden ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Nu [gedaagde] in het buitenland woont, draagt de zaak een internationaal karakter. Daarom moet eerst beoordeeld worden of de Nederlandse rechter bevoegd is om van het geschil tussen partijen kennis te nemen. Dat is het geval. De vordering van [eiseres] heeft namelijk betrekking op een verbintenis uit onrechtmatige daad en de vermeende daaruit voortvloeiende schade doet zich in Nederland voor. Op grond van het bepaalde in artikel 5 lid 3 van de toepasselijke EEX-Vo komt de Nederlandse rechter in dat geval rechtsmacht toe.

4.2.

Verder is Nederlands recht van toepassing. Dit vloeit voort uit artikel 4 lid 1 van de toepasselijk Rome II-verordening, omdat Nederland het land is waar de vermeende schade uit onrechtmatige daad zich voordoet. De toepasselijkheid van het Nederlands recht staat tussen partijen ook niet ter discussie.

4.3.

Ter beoordeling ligt voor of [gedaagde] jegens [eiseres] schadeplichtig is op grond van een aan hem toe te rekenen inbreuk op auteursrechten op de foto.

4.4.

De kantonrechter gaat voorbij aan het verweer van [gedaagde] dat aan de foto geen auteursrechtelijke bescherming toekomt. [eiseres] heeft gemotiveerd gesteld dat de foto het resultaat is van originele en creatieve keuzes van de maker van de foto, de heer [A] (hierna: [A] ), die onder andere tot uiting komen in de compositie, de gekozen achtergrond en belichting, de hoek waaronder de foto is genomen en de uitsnede. Dit maakt dat de foto voldoende eigen en oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel van de maker draagt. Dat er op internet vele foto’s circuleren van […] kaas, doet hier niet aan af. Bij vergelijking van de overgelegde foto’s van […] kaas blijkt dat deze onderling verschillen en dat [A] het onderwerp op een eigen, creatieve manier in beeld heeft gebracht.

4.5.

Op grond van artikel 1 Auteurswet heeft de auteursrechthebbende het uitsluitend recht om de foto openbaar te maken en te verveelvoudigen. Anderen mogen dit alleen met voorafgaande toestemming van de rechthebbende, tenzij zij zich op een beperking van de Auteurswet kunnen beroepen, maar dat laatste is in dit geval niet gesteld of gebleken. Verder komt aan de maker van de foto op grond van artikel 25 lid 1 sub a en c Auteurswet in beginsel het recht toe op vermelding van zijn naam of een andere aanduiding als maker bij de foto en het recht om zich te verzetten tegen wijziging van de foto. Degene die inbreuk maakt op deze auteurs- en persoonlijkheidsrechten, kan worden aangesproken tot vergoeding van de daardoor geleden schade aan de rechthebbende op grond van onrechtmatige daad.

4.6.

[eiseres] stelt dat aan haar het recht toekomt om de auteursrechten op de foto te beheren en te exploiteren, waaronder het recht om op te treden tegen auteursrechtinbreuken. Dit wordt ondersteund door de overgelegde verklaringen van de maker van de foto (productie 1 bij conclusie van antwoord en productie 7 bij repliek). Daarin verklaart [A] namelijk onder meer dat [eiseres] , handelend onder de naam [handelsnaam van eiseres] , toestemming heeft om de foto in Nederland te exploiteren en dat zij gerechtigd is om in eigen naam en op eigen kosten op te treden tegen auteursrechtinbreuken op de foto, onder meer door het instellen van een schadevergoedingsactie. In punt 13 bij repliek heeft [eiseres] verduidelijkt dat zij de auteursrechten op de foto niet overgedragen heeft gekregen en dat zij in deze procedure niet optreedt namens of in hoedanigheid van de auteursrechthebbende. Zij vordert op eigen naam de door haar zelf als licentieneemster gelede schade vanwege inbreuk op de auteursrechten op de foto.

4.7.

Naar het oordeel van de kantonrechter heeft [eiseres] onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd op grond waarvan kan worden aangenomen dat zij in dit geval als licentieneemster schade heeft geleden. Dit zal hierna worden toegelicht.

4.8.

Zoals [eiseres] zelf ook stelt, heeft [A] in zijn verklaring (productie 7 bij repliek) expliciet verklaard dat [eiseres] , handelend onder de naam [handelsnaam van eiseres] , zijn agent / licentieneemster in Nederland is, en dat hij aan haar een niet exclusieve licentie heeft verstrekt om de foto te gebruiken en in sub-licentie te geven in Nederland. Uit de overlegde stukken valt niet op te maken wanneer [A] deze licentie aan [eiseres] heeft verstrekt. Indien de kantonrechter er evenwel veronderstellenderwijs van uitgaat dat [eiseres] licentieneemster is geworden voor of in de periode waarin [gedaagde] de foto heeft gebruikt, geldt het volgende. Nu het gaat om een niet exclusieve licentie valt zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet in te zien dat [eiseres] door het gebruik van de foto door [gedaagde] schade heeft geleden. Het staat [A] immers vrij om ook aan anderen licenties voor gebruik van de foto te verstrekken en uit niets blijkt dat [gedaagde] desgevraagd geen licentie zou hebben gekregen. Gelet daarop kan niet worden aangenomen dat [eiseres] is geschaad in haar exploitatiemogelijkheden. Verder heeft [eiseres] niets aangevoerd waaruit blijkt dat [gedaagde] , als hij wel vooraf een licentie had gekocht, de (sub)licentie dan van haar zou hebben afgenomen. Daarom kan niet worden aangenomen dat [eiseres] licentie-inkomsten of winst heeft gederfd. Dit maakt dat haar vordering tot betaling van schadevergoeding moet worden afgewezen. De kantonrechter komt aan verdere beoordeling niet toe.

4.9.

[eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. [gedaagde] vordert een volledige proceskostenveroordeling van [eiseres] ex artikel 1019h Rv. De kosten van zijn gemachtigde bedragen volgens de bijgevoegde specificatie (productie 2 bij dupliek) € 7.800,00 exclusief btw voor de periode 23 juli 2018 tot 31 januari 2019. Volgens [gedaagde] zal daar nog een bedrag van € 1.250,00 exclusief btw (5 uur x € 250,00) bijkomen. Nu deze procedure ziet op de handhaving van intellectuele eigendomsrechten is artikel 1019h Rv van toepassing. Op grond van dat artikel wordt de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt, tenzij de billijkheid zich daartegen verzet. Bij de vaststelling van die kosten gaat de kantonrechter uit van de door de rechtbank gehanteerde Indicatietarieven in IE-zaken, versie 1 april 2017. Naar het oordeel van de kantonrechter gaat het in dit geval niet om een zeer eenvoudige, niet bewerkelijke inbreukkwestie waarvoor het liquidatietarief geldt. Dit vanwege de omvang van het gevoerde verweer en, daarmee samenhangend, de omvang van het feitenonderzoek ten behoeve van de procedure. De kantonrechter gaat daarom uit van het tarief behorend bij een eenvoudige bodemzaak van maximaal € 8.000,00 exclusief btw en zal dat bedrag ook toewijzen. Dit omdat [eiseres] de redelijkheid en evenredigheid van de opgevoerde kosten wel heeft betwist, maar heeft nagelaten om dit verweer voldoende te concretiseren en omdat [gedaagde] op zijn beurt onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij meer kosten heeft moeten maken dan als indicatie geldt voor een zaak als deze. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden dus begroot op € 8.000,00 aan salaris gemachtigde.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

wijst de vordering af,

5.2.

veroordeelt [eiseres] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 8.000,00 aan salaris gemachtigde,

5.3.

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Steenbergen, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 3 april 2019.