Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:851

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
28-02-2018
Datum publicatie
07-03-2018
Zaaknummer
5823629
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Factoringmaatschappij heeft diverse gelegenheden om de eis te onderbouwen ongebruikt voorbij laten gaan. Verweer van gedaagde onvoldoende weersproken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 5823629 UC EXPL 17-4421 JW/1350

Vonnis van 28 februari 2018

inzake

de besloten vennootschap

Infomedics Factoring B.V., h.o.d.n. Infomedics,

gevestigd te Almere,

verder ook te noemen: Infomedics,

eisende partij,

gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten BV,

tegen:

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen: [gedaagde] ,

gedaagde partij,

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 4 oktober 2017.

1.2.

Overeenkomstig het bepaalde in het tussenvonnis van 4 oktober 2017 en de nadere datumbepaling heeft op donderdag 22 februari 2018 om 9:00 uur een zitting plaatsgevonden. Daarbij is [gedaagde] verschenen. Namens Infomedics is niemand verschenen.

1.3.

Op 1 juni 2017 heeft de griffie Infomedics de conclusie van antwoord van [gedaagde] toegestuurd en Infomedics de gelegenheid gegeven tot 28 juni om daarop te reageren. Op 27 juni 2017 heeft Infomedics verzocht om uitstel. Op 28 juni 2017 heeft de griffie medegedeeld dat het verzochte uitstel is verleend tot 26 juli 2017. Daarbij is vermeld dat het om een laatste uitstel gaat. Door Infomedics is daarna geen reactie op de conclusie van antwoord ingestuurd, hetgeen op 28 juli 2017 aan Infomedics is bevestigd. Ook is daarbij aangegeven dat het vonnis gepland stond op 23 augustus 2017. Op 15 augustus 2017 heeft Infomedics verzocht om alsnog in de gelegenheid gesteld te worden om een conclusie van repliek in te dienen. Volgens Infomedics had zij het rolbericht waarin het uitstel was verleend tot 26 juli 2017 niet ontvangen. Het verzoek om uitstel is door de rolrechter afgewezen.

1.4.

Vervolgens is op 4 oktober 2017 een tussenvonnis gewezen. Daarin heeft de kantonrechter bepaald dat een comparitie van partijen zou plaatsvinden. Aan Infomedics is verzocht uiterlijk één week voor de zitting stukken aan te leveren waaruit blijkt welke rekeningen er door Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] in totaal zijn gestuurd aan [gedaagde] , en stukken waaruit blijkt welke betalingen er in totaal zijn verricht door [gedaagde] . Noch de kantonrechter, noch [gedaagde] heeft stukken van Infomedics ontvangen. Daarna heeft Infomedics 10 minuten voor aanvang van de op 22 februari 2018 om 9:00 uur geplande zitting een faxbericht aan de rechtbank gestuurd, waarin zij mededeelt dat de behandelaar van de zaak ziek is en dat er daarom niemand namens Infomedics zal verschijnen. Infomedics heeft in dat bericht verzocht om uitstel van de comparitie van partijen, dan wel een termijn om schriftelijk te kunnen reageren op de conclusie van [gedaagde] .

1.5.

Yards heeft geen stukken overgelegd waaruit blijkt dat er daadwerkelijk sprake was van ziekte van de zaaksbehandelaar. Ook is door Yards niet aangegeven waarom er geen andere zaaksbehandelaar van Yards naar de zitting kon komen. Verder heeft Infomedics nagelaten om uiterlijk een week voor zitting de stukken waarom was verzocht aan de kantonrechter en [gedaagde] toe te sturen. De zitting was bedoeld om een overzicht te kunnen krijgen over de verstuurde facturen en de volgens Infomedics door [gedaagde] verrichte betalingen. In feite kreeg Infomedics zodoende al een extra kans om hierover stukken in het geding te brengen. Zij heeft immers zelf twee mogelijkheden om een conclusie van repliek in te dienen ongebruikt voorbij laten gaan. Infomedics heeft ook deze extra kans niet gebruikt. Voor zover Infomedics voor het eerst ter zitting de bedoelde stukken had willen overleggen, zou de kantonrechter dat geweigerd hebben vanwege strijd met de goede procesorde. De stukken waren dan immers te laat ingediend, hetgeen des te meer klemt gezien de hiervoor beschreven voorgeschiedenis. Noch de kantonrechter, noch [gedaagde] had zich bovendien op deze stukken kunnen voorbereiden, zodat de zitting – door de nalatigheid van Infomedics/Yards – weinig zinvol was geweest. Gezien al deze redenen is het verzoek om uitstel van Yards afgewezen en is nu vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde] is patiënt bij Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] .

2.2.

Infomedics is een factoringmaatschappij die vorderingen van zorgaanbieders, waaronder Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] , incasseert.

3 Het geschil

3.1.

Infomedics vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeling van [gedaagde] om aan Infomedics te voldoen € 336,82 (bestaande uit € 288,95 aan hoofdsom, € 4,53 aan rente tot 6 maart 2017 en € 43,34 aan buitengerechtelijke incassokosten), te vermeerderen met de wettelijke rente over de hoofdsom vanaf 6 maart 2017 tot de voldoening en met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

3.2.

Ter onderbouwing van die vordering stelt Infomedics dat [gedaagde] jegens Infomedics toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de verplichtingen ingevolge de tussen partijen gesloten overeenkomst, door het verschuldigde bedrag van € 288,95, ondanks sommaties, onbetaald te laten. Infomedics maakt aanspraak op de wettelijke rente en de buitengerechtelijke kosten nu [gedaagde] in verzuim is geraakt, respectievelijk Infomedics de vordering uit handen heeft moeten geven.

3.3.

[gedaagde] heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen de vordering met als conclusie dat de kantonrechter deze zal afwijzen, met veroordeling van Infomedics in de proceskosten.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Infomedics stelt ter onderbouwing van haar vordering dat Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] [gedaagde] op 13 mei 2016 een factuur heeft gestuurd van € 358,75, waarvan [gedaagde] slechts € 69,80 heeft voldaan. Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] heeft Infomedics opgedragen het restant van € 288,95 te incasseren.

4.2.

[gedaagde] is het daar niet mee eens. Zij heeft tijdens de mondelinge behandeling toegelicht dat de “reguliere” tandartsrekeningen altijd door Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] rechtstreeks worden toegestuurd aan de verzekeraar, die het dan betaalt. In 2016 heeft zij echter een beugel gehad. De rekeningen daarvoor werden direct aan haarzelf gestuurd. Zij heeft kopieën van de aan haar toegestuurde facturen in het geding gebracht. Bij elkaar opgeteld bedragen deze facturen een totaalbedrag van € 888,75.

4.3.

Verder heeft [gedaagde] verklaard dat een deel van de door haar betaalde bedragen is overgemaakt aan Infomedics, een deel aan CMIB Incassobureau en één betaling aan Yards. Zij heeft betalingsbewijzen overgelegd, waaruit blijkt dat zij in totaal € 1.385,40 aan CMIB, Infomedics en Yards heeft overgemaakt. Nu de facturen in totaal € 888,75 bedroegen, stelt [gedaagde] dat zij teveel heeft betaald. Zij vordert het teveel betaalde terug. [gedaagde] wijst er verder nog op dat Tandartsenpraktijk [tandartsenpraktijk] telefonisch aan haar heeft gezegd dat er volgens hen geen achterstand bestaat. Ook wijst [gedaagde] op een brief van Yards van 15 maart 2017 (dezelfde dag dat de dagvaarding in deze zaak is betekend), waarin Yards onder meer aan [gedaagde] schrijft:

“Geachte mevrouw [gedaagde] .

Inzake INFOMEDICS FACTORING B.V. delen wij u mee, dat:

- wij uw betaling tijdig ontvingen;

- waarmee deze vordering volledig is voldaan;

- zodat de procedure is stopgezet

- en het dossier door ons is gesloten.”

Volgens [gedaagde] blijkt ook hieruit dat zij geen schuld meer aan Infomedics heeft. Zij vraagt zich af of de betalingen wel correct door Infomedics/Yards zijn geadministreerd.

4.4.

Zoals eerder al is overwogen heeft Infomedics niet gereageerd op de stellingen van [gedaagde] hoewel zij daartoe verschillende keren in de gelegenheid is gesteld. Gezien de door [gedaagde] overgelegde bewijsstukken en het ontbreken van enig verweer daartegen door Infomedics, gaat de kantonrechter uit van de juistheid van de stellingen van [gedaagde] . De kantonrechter houdt het er dan ook voor dat [gedaagde] de facturen waarop de onderhavige procedure ziet, volledig heeft betaald. De vordering van Infomedics zal dan ook worden afgewezen. Verder gaat de kantonrechter er van uit dat [gedaagde] € 1.385,40 – € 888,75 = € 496,65 te veel aan Infomedics heeft betaald. Infomedics zal dan ook worden veroordeeld om dit bedrag aan [gedaagde] terug te betalen.

4.5.

Infomedics zal als de in het ongelijk gestelde partij in conventie en in reconventie worden veroordeeld in de kosten van [gedaagde] . De kantonrechter begroot de reis- en verletkosten van [gedaagde] op € 50,00.

5 De beslissing

De kantonrechter:

in conventie:

5.1.

wijst de vordering af;

in reconventie:

5.2.

veroordeelt Infomedics om aan [gedaagde] tegen bewijs van kwijting te betalen € 496,55;

5.3.

wijst het meer of anders gevorderde af;

in conventie en in reconventie

veroordeelt Infomedics tot betaling van de kosten aan de zijde van [gedaagde] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 50,00.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.W. Wagenaar, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 28 februari 2018.

type: JW (1350)

coll: DvS (30361)