Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:4439

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
17-09-2018
Datum publicatie
17-09-2018
Zaaknummer
16/659071-17 (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor poging tot diefstal door middel van braak en een bedreiging. De vrouw heeft samen met haar vriend en de dochter van aangeefster geprobeerd een kluis open te breken. Toen de poging tot diefstal werd ontdekt heeft zij de aangeefster en haar dochter bedreigd om te voorkomen dat er aangifte zou worden gedaan. De rechtbank vindt dat er in de eis onvoldoende rekening wordt gehouden met de ernstige bedreiging. De rechtbank veroordeelt de vrouw tot een taakstraf van 80 uur.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/659071-17 (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 17 september 2018

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1998] te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] , [woonplaats]

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 3 september 2018.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. R.E. Creanen en van hetgeen mr. M. Hoevers, advocaat te Utrecht, namens verdachte, naar voren heeft gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

zich in de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016 in [woonplaats] , samen met anderen, heeft schuldig gemaakt aan een poging tot diefstal door een kluis te verplaatsen en/of open te breken

en/of

in de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016 in [woonplaats] , samen met een ander, [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] door middel van Whatsapp-berichten met de dood heeft bedreigd.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 WAARDERING VAN HET BEWIJS

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht beide ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend te bewijzen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit van beide feiten.

Primair heeft de raadsman betoogd dat sprake is van een absoluut ondeugdelijke poging tot het openen van de kluis. [slachtoffer 1] (hierna: [slachtoffer 1] ) kon met het gereedschap dat zij gebruikte op geen enkele wijze de kluis open krijgen. Van een strafbare poging is dan ook geen sprake. Subsidiair heeft de raadsman aangevoerd dat de bijdrage van verdachte van onvoldoende gewicht is geweest om te kunnen spreken van het ‘in vereniging’ plegen.

Ook van de bedreiging dient verdachte, volgens de raadsman, te worden vrijgesproken. Dat [slachtoffer 2] de berichten uiteindelijk heeft gelezen, lag niet besloten in het opzet van verdachte. Bovendien kunnen de berichten die door verdachte zijn verstuurd, volgens de raadsman, niet als serieuze bedreigingen worden gezien.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen 1

De rechtbank acht, op grond van de volgende bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan de poging tot diefstal met braak in vereniging en aan de bedreiging.

Op 16 november 2016 wordt aangifte gedaan door [slachtoffer 2] , wonende aan de [adres] te [woonplaats] . [slachtoffer 2] heeft verklaard dat in een muurkast in haar slaapkamer een kluis staat, waarvan zij alleen de sleutels heeft. In de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016 was [slachtoffer 2] in het buitenland.2 Op 13 november 2016 kreeg zij van haar dochter [slachtoffer 1] een Whatsapp-bericht dat zij had geprobeerd de kluis te openen. Bij thuiskomst zag [slachtoffer 2] schilfers metaal en verf naast de kluis op de grond liggen. Ze zag dat er deuken in de kluis zaten. Ook zag ze dat er met een voorwerp in het slot was gewrikt. De kluis was echter niet open geweest.3 In de Whatsapp-berichten van haar dochter [slachtoffer 1] zag [slachtoffer 2] dat de vriendin van [slachtoffer 1] , [verdachte] (de rechtbank begrijpt: verdachte), haar bedreigd. [slachtoffer 2] verklaart dat zij bang is dat [verdachte] haar bedreiging ten uitvoer zal brengen en haar of [slachtoffer 1] iets aan zal doen.4

[slachtoffer 1] heeft verklaard dat zij, in de periode tussen 8 en 13 november 20165, heeft geprobeerd de kluis open te maken. Ze was geld schuldig aan [medeverdachte] (de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte] ) en wilde hem terugbetalen.6 [slachtoffer 1] heeft verklaard dat ze een schroevendraaier tussen de deur heeft gezet en met de hamer op de schroevendraaier heeft geslagen.7 [verdachte] (de rechtbank begrijpt: verdachte) en [medeverdachte] zijn op twee momenten gekomen om [slachtoffer 1] te helpen, beide keren waren ze met zijn tweeën. Ze hebben gereedschap aangegeven en geholpen met het verplaatsen van de kluis.8

Verdachte heeft verklaard dat zij op de [adres] is geweest en samen met [medeverdachte] heeft gekeken of de kluis los zat en dat zij aan de kluis heeft getrokken.9

[medeverdachte] heeft in zijn verhoor bij de politie verklaard dat hij bij [slachtoffer 1] is geweest en heeft geprobeerd de kluis te verplaatsen. [medeverdachte] zag ook dat [slachtoffer 1] een boor pakte en hiermee in het sleutelgat boorde, waardoor het slot kapot ging.10 [medeverdachte] heeft verder verklaard dat hij aan [slachtoffer 1] het merk en serienummer van de kluis vroeg, omdat hij wilde weten of het een anti-inbraakkluis was.11

Door de politie is onderzoek gedaan naar de in beslag genomen telefoon van verdachte. In Whatsapp wordt een groepsapp aangetroffen, bestaande uit verdachte, één persoon genaamd ‘ [bijnaam] ’ en één persoon genaamd ‘ [bijnaam] ’. In de verklaring van verdachte komt naar voren dat zij haar vriend, [medeverdachte] , in haar telefoonlijst ‘ [bijnaam] ’ noemt. Haar vriendin, [slachtoffer 1] , noemt zij in haar telefoonlijst ‘ [bijnaam] ’.12

2 november 2016

Verdachte:

- Pak gewoon die kk sleutels uit haar tas

(…)

- Lok d’r daar gwn wegg

[bijnaam] :

- Zitten de goeie sleutels ook in haar tas?

Verdachte:

- Zeg gewoon dat ze ff uit de studio moet dat je even muziek wil maken

- Of dat ze iets moet pakke

- Of dat je d’r iets moet laten zien 13

[bijnaam] :

- Wie woont dichtbij

- Laat iemand aanbellen

- Gaat ze de deur opendoen

- Of laat haar lachen

- Dan gaat ze plassen 14

(…)

[bijnaam] :

- Ja ik probeer haar sleutel te pakken maar ze zit bij dr tas

(…)

- Ik ben zo close jonge gwn de kast sleutel gevonden

- Maar die kluis sleutel ligt nergens

- Kheb net heek zolder afgezocht

- Ze heeft m sws in dr tas

- Maar ikkan r gwn niet bij 15

(...)

[bijnaam] :

- I want it

- Beter krijg je de kluis open 16

(…)

[bijnaam] :

- Take that key

- Break the locker

(…)

- Anders gewoon koevoet gebruiken

(…)

- En anders gewoon als ze weg is

- Kist naar de sleutelmaker brengen 17

Door aangeefster [slachtoffer 2] zijn aan de politie schermafdrukken van Whatsapp-berichten overgelegd, welke bij de aangifte zijn gevoegd.18 Uit deze gesprekken tussen “ [bijnaam] ” en de gebruiker van de betreffende telefoon blijkt onder meer het volgende:

Wit ( [bijnaam] ):

- Sla zo hard

- Op die kk Luis

- Kluis

- Dat ie uit eindelijk in denkt

- Deukt

Groen:

- Doet ie niet kat 19

(…)

Groen:

- Ikkan t wel proberen

Wit:

- Sla gwn zo hard als je kan

- Iedere keer

Groen:

- Met die halter

Wit:

- Of hamer

- Kk veel kracht zette

Groen:

- Okayy

Wit:

- Het moet gwn 20

(…)

Groen:

- Ze zei ook als die van hun erop staan laat ik ze oppakken

Wit:

- Ik maak haar dooddd 21

(…)

Wit:

- Als zij dit gaat doen jonge

- Ik maak iedereen kk dood daar

Groen:

- Waar?

Wit:

- Bij jou thuis!!! Ik maak haar helemaal kkkk dood !! En jou hoef ik nooit meer te zien ! Zeg tegen haar wat je wil maar zorg dat ik daar door niet in de kk shit kom 22

(…)

Groen:

- Tis beter als ik zeg dat daarom jullie afdrukken er op staan, dan dat ik t niet zeg en t lukt me niet om m schoon te maken

Wit:

- Dat we die kluis hebbe geprobeerd op te tillen maar hij zat vast en dat je die niet open krijgt en wij weg zijn gegaan en jij ’m daarna gesloopt heb 23

(…)

Groen:

- Je had toch geprobeerd m los te maken

Wit:

- Ik heb ook slot geprobeerd

Groen:

- Jaa maar niet met je vingers

Wit:

- En op dat ding geslagen

- Wel

Groen:

- Toch alleen met gereedschap?

Wit:

- Neee 24

Uit een gesprek tussen de gebruiker van de betreffende telefoon en “ [bijnaam] ” blijkt onder meer het volgende:

[bijnaam] :

- Kluis al open?

(…)

- Staat merk en serie nummer op de kluis?

Gebruiker:

- Nope

[bijnaam] :

- Oke

- Maak is foto van het sleutelgat 25

Verdachte heeft verklaard dat zij [bijnaam] is26 en dat de groene tekst door [slachtoffer 1] is getypt.27 [bijnaam] is [medeverdachte] (de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte] ) in haar telefoon.28

Bewijsoverwegingen

Absoluut ondeugdelijke poging?

De rechtbank deelt het standpunt van de raadsman, dat er sprake is van een absoluut ondeugdelijke poging, niet. De handelingen van verdachte en haar mededaders waren, naar hun uiterlijke verschijningsvorm, gericht op de voltooiing van het misdrijf. Bovendien kan niet worden gezegd dat het gebruik van een schroevendraaier, hamer en boormachine nooit kan leiden tot het openen van een kluis. Het verweer van de raadsman wordt daarom verworpen.

Medeplegen

De rechtbank is, gelet op de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen, van oordeel dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte, medeverdachte [medeverdachte] en [slachtoffer 1] . Al in de Whatsapp-gesprekken van 2 november 2016 wordt er door hen alle drie gesproken over het wegnemen van de kluissleutel bij de moeder van [slachtoffer 1] , aangeefster [slachtoffer 2] . Hieruit leidt de rechtbank af dat er op dat moment al een gezamenlijk plan bestond om de kluis open te maken en geld (of waardevolle goederen) uit de kluis weg te nemen. Vervolgens vindt er ook in de periode van 8 tot en met 13 november 2016 intensief contact plaats tussen [slachtoffer 1] , verdachte en [medeverdachte] . Daarbij is het vooral verdachte die [slachtoffer 1] zegt wat zij moet doen om de kluis open te krijgen. Ook [medeverdachte] heeft via Whatsapp contact met [slachtoffer 1] en zoekt na of sprake is van een anti-inbraakkluis. Bovendien zijn verdachte en [medeverdachte] in de woning van [slachtoffer 2] aanwezig geweest om te helpen met het verplaatsen en openbreken van de kluis. Ten slotte blijkt uit de Whatsapp-gesprekken dat sprake is van een gezamenlijk motief, namelijk het terugbetalen van de schuld die [slachtoffer 1] bij [medeverdachte] had. Gelet op al deze omstandigheden is er naar het oordeel van de rechtbank sprake van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte, [slachtoffer 1] en [medeverdachte] . Dat verdachte en [medeverdachte] niet steeds fysiek aanwezig zijn geweest bij de poging van [slachtoffer 1] om de kluis te openen doet daaraan, gelet op het gezamenlijke plan en de intensieve betrokkenheid van verdachte en [medeverdachte] via Whatsapp, niet af.

Bedreiging

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbare bedreiging. Verdachte heeft via Whatsapp meerdere keren gezegd dat zij de moeder van [slachtoffer 1] (aangeefster [slachtoffer 2] ) dood zou maken en gezegd dat ze iedereen bij [slachtoffer 1] thuis dood maakt, van welke berichten [slachtoffer 2] ook op de hoogte is geraakt . De rechtbank is van oordeel dat dergelijke uitspraken objectief gezien de redelijke vrees kunnen opwekken bij degene tegen wie de bedreiging is gericht. De rechtbank merkt ten overvloede nog op dat het erg goed voorstelbaar is dat aangeefster zich in dit geval ook daadwerkelijk bedreigd heeft gevoeld, gelet op de emotie die spreekt uit de berichten van verdachte en de opmerking dat zij alles kwijt zou kunnen raken als aangeefster aangifte tegen haar zou doen.

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat ten aanzien van de bedreiging sprake is van medeplegen en zal daarom verdachte hiervan partieel vrijspreken.

5 BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

in de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016 te [woonplaats] , ter

uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een woning (gelegen aan de

[adres] ) weg te nemen de inhoud van een kluis, toebehorende aan [slachtoffer 2] , en die weg te nemen inhoud van die kluis onder hun bereik te brengen door middel van braak, met zijn mededader(s),

- heeft geprobeerd om die kluis te verplaatsen en

- met een schroevendraaier en/of een hamer en/of een boormachine, op die kluis heeft geslagen en in het slot van die kluis heeft gewrikt en die kluis heeft geprobeerd open te breken,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet werd voltooid;

en

in de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016 te [woonplaats] , [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend (via Whatsapp) berichten gestuurd (aan [slachtoffer 1] ,

betreffende [onder andere] [slachtoffer 2] ) met daarin de dreigende woorden: 'ik maak haar dooddd' en 'ik maak iedereen kk dood daar' en 'bij jou thuis!!!' en 'ik maak haar helemaal kkkk dood!'.

Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.

6 STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op:

poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak

en

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

7 STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE

Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 OPLEGGING VAN STRAF

8.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door de officier van justitie bewezen geachte te veroordelen tot een taakstraf van 60 uren.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft geen strafmaatverweer gevoerd.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft samen met haar vriend en de dochter van aangeefster geprobeerd een kluis open te breken om daaruit geld of goederen weg te nemen. Verdachte is daarbij op een brutale manier te werk gegaan. Ze heeft, samen met haar vriend, druk uitgeoefend op de dochter van aangeefster, zodat zij zou (blijven) proberen de kluis open te krijgen. Daarnaast is zij in de woning van aangeefster geweest om de dochter van aangeefster te helpen met het forceren van de kluis.

Toen de poging tot diefstal door aangeefster ontdekt werd, heeft verdachte aangeefster en haar dochter bedreigd, om te voorkomen dat er aangifte zou worden gedaan. Verdachte heeft zich zeer manipulatief en berekenend gedragen. De rechtbank neemt haar dit zeer kwalijk.

Uit het uittreksel van de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat zij niet eerder is veroordeeld. De rechtbank zal hier dan ook niet in het voor- of nadeel van verdachte rekening mee houden.

De officier van justitie heeft zowel voor verdachte als voor medeverdachte [medeverdachte] een taakstraf geëist voor de duur van 60 uren. Naar het oordeel van de rechtbank wordt in de eis tegen verdachte onvoldoende rekening gehouden met het feit dat verdachte naast de poging inbraak ook een ernstige bedreiging heeft geuit richting aangeefster en haar dochter. Om die reden zal de rechtbank aan verdachte een taakstraf opleggen voor de duur van 80 uren.

9 TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De beslissing berust op de artikelen 22c, 22d, 45, 57, 285 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

10 BESLISSING

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;

- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Strafbaarheid

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

Oplegging straf

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 80 uren;

- beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 40 dagen hechtenis;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de taakstraf in mindering zal worden gebracht, berekend naar de maatstaf van 2 uren taakstraf per dag.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.A. Bos, voorzitter, mrs. Y.N.M. Rijlaarsdam en H.F. Koenis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.C. van Reenen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 17 september 2018.

Mr. Rijlaarsdam is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

zij in of omstreeks de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016

te [woonplaats] , althans in het arrondissement Midden-Nederland, ter

uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van

wederrechtelijke toeëigening in/uit een woning (gelegen aan de

[adres] ) weg te nemen een kluis en/of de inhoud van die kluis,

geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of

anderen dan aan verdachte en/of haar mededader(s) en zich daarbij de

toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te

nemen kluis en/of de inhoud van die kluis onder haar/hun bereik te brengen

door middel van braak en/of verbreking, met zijn mededader(s), althans alleen

- heeft geprobeerd om die kluis te verplaatsen en/of

- ( met een schroevendraaier en/of een hamer en/of een boormachine, althans met

gereedschap) op die

kluis heeft geslagen en/of in het slot van die kluis heeft gewrikt en/of die

kluis heeft geprobeerd open te breken,

waarna de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet werd voltooid;

en/of

zij in of omstreeks de periode van 8 november 2016 tot en met 13 november 2016

te [woonplaats] , althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen

en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2]

heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met

zware mishandeling, immers heeft/hebben verdachte en/of haar mededader(s)

opzettelijk dreigend (via whatsapp) berichten heeft gestuurd (aan [slachtoffer 1] ,

betreffende [onder andere] [slachtoffer 2] ) met daarin de dreigende woorden: 'ik

maak haar dooddd' en/of 'ik maak iedereen kk dood daar' en/of 'bij jou

thuis!!!' en/of 'ik maak haar helemaal kkkk dood!';

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 19 januari 2017, genummerd PL0900 2016355368, opgemaakt door politie Midden-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 229. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

2 Het proces-verbaal van aangifte, gedaan door [slachtoffer 2] , van 21 november 2016, pagina 103.

3 Het proces-verbaal van aangifte, gedaan door [slachtoffer 2] , van 21 november 2016, pagina 104.

4 Het proces-verbaal van aangifte, gedaan door [slachtoffer 2] , van 21 november 2016, pagina 105.

5 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [slachtoffer 1] van 18 januari 2017, pagina 33.

6 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [slachtoffer 1] van 18 januari 2017, pagina 35 en 36.

7 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [slachtoffer 1] van 18 januari 2017, pagina 34.

8 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [slachtoffer 1] van 18 januari 2017, pagina 39.

9 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte] van 18 januari 2017, pagina 64.

10 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte] van 18 januari 2017, pagina 95.

11 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte] van 18 januari 2017, pagina 98.

12 Het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 176.

13 Een geschrift, te weten een foto van een Whatsapp-gesprek, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 192.

14 Een geschrift, te weten een foto van een Whatsapp-gesprek, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 193.

15 Een geschrift, te weten een foto van een Whatsapp-gesprek, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 197.

16 Een geschrift, te weten een foto van een Whatsapp-gesprek, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 221.

17 Een geschrift, te weten een foto van een Whatsapp-gesprek, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van 27 januari 2017, pagina 225.

18 Het proces-verbaal van aangifte, gedaan door [slachtoffer 2] , van 21 november 2016, pagina 106.

19 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 111.

20 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 112.

21 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 116.

22 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 121.

23 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 123.

24 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 124.

25 Een geschrift, te weten een schermafdruk van een Whatsapp-bericht, pagina 138-139

26 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte] van 18 januari 2017, pagina 67.

27 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte] van 18 januari 2017, pagina 66.

28 Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte] van 18 januari 2017, pagina 72.