Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:3651

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
10-07-2018
Datum publicatie
04-09-2018
Zaaknummer
C/16/462144 / JE RK 18-1212
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

PO van de minderjarige is met drie maanden vertraagd. Langer verblijf in de gesloten jeugdhulp is minder schadelijk dan meerdere overplaatsingen. Het voorkomen van dergelijke ongewenste vertragingen ligt buiten de macht van de GI en de kinderrechter.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Familierecht

Zittingsplaats: Utrecht

Zaakgegevens: C/16/462144 / JE RK 18-1212

Datum uitspraak: 10 juli 2018

Beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

In de zaak van

De gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland, hierna te noemen de GI,

gevestigd te Utrecht,

betreffende

[minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2003 te [geboorteplaats], hierna te noemen [minderjarige].

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder], hierna te noemen de moeder,

wonende te [woonplaats].

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

  • -

    het verzoek met bijlagen van de GI van 13 juni 2018, ingekomen bij de griffie op 14 juni 2018;

  • -

    de instemmende verklaring d.d. 18 april 2018 van de gekwalificeerde gedragswetenschapper;

  • -

    de bepaling jeugdhulp d.d. 5 april 2018;

  • -

    de SAVE rapportage betreffende [minderjarige] van de GI van 6 juli 2018, ingekomen bij de griffie op 6 juli 2018.

Op 10 juli 2018 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.

Gehoord zijn:

  • -

    de minderjarige [minderjarige], bijgestaan door zijn advocaat mr. S.J. Daniels,

  • -

    de moeder, in het bijzijn van een tolk, mevrouw W.H. Bronkhorst-Man,

  • -

    mevrouw [vertegenwoordiger van de GI], namens de GI.

Bijzondere toegang is verleend aan mevrouw [A], begeleider van de moeder.

De feiten

Het ouderlijk gezag over [minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.

[minderjarige] verblijft bij [instelling] te [vestigingsplaats].

Bij beschikking van 8 december 2017 is de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd tot 20 december 2018. De kinderrechter heeft bij beschikking van 19 april 2018 een machtiging gesloten jeugdhulp voor [minderjarige] verleend tot 19 juli 2018.

Het verzoek

De GI heeft een machtiging gesloten jeugdhulp verzocht om [minderjarige] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van de ondertoezichtstelling, te weten tot 20 december 2018.

De standpunten

[minderjarige] heeft, mede middels zijn advocaat, ter zitting naar voren gebracht dat het heel goed met hem gaat in [vestigingsplaats]. Het is jammer dat het PO nog niet is gestart, maar [minderjarige] vindt het beter om nog wat langer in [vestigingsplaats] te blijven in afwachting van een passende vervolgplek, dan dat hij vaker overgeplaatst moet worden. [minderjarige] vertrouwt erop dat zodra duidelijk is wat voor hem een goede plek is, de gezinsvoogd hem zal overplaatsen.

De GI heeft ter zitting naar voren gebracht dat zij hartstikke trots is op [minderjarige], omdat hij het zo goed doet in [vestigingsplaats]. Hij laat ander gedrag zien. Zo houdt hij zich aan de afspraken betreffende school en koken. Ook heeft hij contact met zijn moeder. Hij mag op zaterdag en zondag naar zijn moeder toe. Er moeten eerst duidelijke afspraken met de moeder worden gemaakt, waarna hij daar ook mag overnachten. Het PO zou eerst begin juni starten, maar als gevolg van personeelstekort en drukte heeft het PO nog niet kunnen aanvangen. Uit het PO zal een advies voor een vervolgplek volgen. Ondanks dat het nu met [minderjarige] zo goed gaat in [vestigingsplaats], is het niet verstandig om [minderjarige] in afwachting van het advies in de tussentijd op een andere (open) plek te plaatsen. Teveel wisselingen zijn lastig voor [minderjarige].

De moeder heeft ter zitting naar voren gebracht dat zij het eens is met het verzoek. Zij wil het allerbeste voor [minderjarige] en als dat een plaatsing in [vestigingsplaats] is, dan is het goed als [minderjarige] hier nog wat langer moet blijven.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken.

Op grond van de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting overweegt de kinderrechter als volgt. [minderjarige] heeft een belast verleden waarin hij in zijn thuissituatie onvoldoende veiligheid, rust, emotionele en pedagogische stabiliteit en continuïteit heeft ervaren. [minderjarige] laat zowel internaliserend als externaliserend gedrag zien en heeft geringe emotieregulatievaardigheden en copingvaardigheden. Na een aantal heftige escalaties bij [instelling] verblijft [minderjarige] sinds 13 april 2018 bij [instelling] te [vestigingsplaats]. De afgelopen periode heeft [minderjarige] zich positief ontwikkeld. Dit wordt (h)erkend door zijn omgeving. Hij is behulpzaam, kan goed communiceren en hij volgt onderwijs binnen de gesloten instelling. [minderjarige] heeft baat bij de geboden duidelijkheid en structuur van [vestigingsplaats]. Daar komt bij dat hij goed omgaat met zijn vrijheden. Derhalve is er reeds gestart met verlof, waarbij hij zijn moeder kan bezoeken op zaterdag en zondag.

Op de zitting van 19 april 2018 is besproken dat een PO noodzakelijk is voor [minderjarige], omdat onduidelijk is waar zijn ernstige gedragsproblemen door worden veroorzaakt. De verwachting was dat dit binnen drie maanden zou zijn afgerond. Uit de stukken blijkt dat de gedragswetenschapper van [instelling] op 1 juni 2018 aan de GI heeft bevestigd dat dit PO op korte termijn zal starten. De kinderrechter begrijpt van de GI dat het PO als gevolg van personeelstekort bij [instelling] pas op 1 september zal starten en naar verwachting op 30 september zal zijn afgerond. Omdat zonder afgerond PO onduidelijk is welke vervolgplek voor [minderjarige] passend zal zijn, en bovendien te verwachten is dat hier niet direct plek zal zijn, is het hierdoor noodzakelijk om de plaatsing binnen de gesloten jeugdhulp voort te zetten. De kinderrechter is van oordeel dat [minderjarige] zwaarder zal worden getroffen door een of meer overplaatsingen dan door een langer verblijf binnen de gesloten jeugdhulp. Het voorkomen van dergelijke ongewenste vertragingen in onderzoek, behandeling een doorplaatsing ligt buiten de macht van de GI en de kinderrechter.

De kinderrechter zal de machtiging gesloten jeugdhulp voor [minderjarige] verlenen voor de duur van de ondertoezichtstelling, derhalve tot 20 december 2018.

De beslissing

De kinderrechter:

- verleent een machtiging gesloten jeugdhulp voor [minderjarige], met ingang van 19 juli 2018 tot 20 december 2018.

Deze beschikking is gegeven door mr. I.L. Rijnbout, kinderrechter, in tegenwoordigheid van E.C. van Delft als griffier en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2018.

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 12 juli 2018