Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:1934

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
04-05-2018
Datum publicatie
09-05-2018
Zaaknummer
16/659198-17 en 16/045187-17
Rechtsgebieden
Materieel strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt t.a.v. ruim 20 oplichtingen via Marktplaats met een valse betaalapp en een diefstal met geweld, grotendeels gepleegd toen hij nog minderjarig was, veroordeeld tot een jeugddetentie van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummers: 16/659198-17 en 16/045187-17 (ter terechtzitting gevoegd) (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 4 mei 2018

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1999 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] , [woonplaats] .

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen achter gesloten deuren op 1 december 2017, 23 februari 2018 en 6 april 2018. Het onderzoek is gesloten ter zitting van 20 april 2018.

De rechtbank heeft op 6 april 2018 kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie, mr. R.E. Craenen, en van hetgeen verdachte en mr. Y. Bouchikhi, advocaat te Utrecht, alsmede de benadeelde partijen, [aangever 1] , [aangever 2] en [aangever 3] , naar voren hebben gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlasteleggingen zijn als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

Parketnummer 16/659198-17

feit 1: zich op 15 juni 2016 te Rotterdam samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan oplichting van [aangever 4] via Marktplaats, door zich voor te doen als bonafide koper en [aangever 4] heeft bewogen tot afgifte van zijn auto.

feit 2: zich op 14 november 2016 te Wassenaar schuldig heeft gemaakt aan diefstal van een camera met toebehoren, toebehorende aan [aangever 5] en [aangever 6] , waarbij sprake is geweest van geweld en bedreiging met geweld tegen [aangever 6] .

feit 3: zich in de periode van 1 juli 2016 tot en met 15 november 2016 te ’s-Gravenhage, Zoetermeer, Aarlanderveen, Nieuwkoop, Leiden, Oegstgeest, ’s-Hertogenbosch, Vleuten, De Bilt, Woudenberg, Gorinchem, Almere, Zeist, Utrecht en Soest samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan oplichting van 16 verschillende personen (zaken a tot en met p) via Marktplaats, door zich voor te doen als bonafide koper en deze personen heeft bewogen tot afgifte van goederen.

feit 4: zich in de periode van 26 februari 2017 tot en met 2 maart 2017 te Zoetermeer, Rijswijk, Houten, Amersfoort en Utrecht samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan oplichting van 5 verschillende personen (zaken a tot en met e) via Marktplaats, door zich voor te doen als bonafide koper en deze personen heeft bewogen tot afgifte van goederen.

Parketnummer 16/045187-17

primair: zich in de periode van 13 oktober 2016 tot en met 21 oktober 2016 te Dordrecht, Zwijndrecht, Amsterdam en Utrecht samen met een ander schuldig heeft gemaakt aan oplichting van 3 verschillende personen, door zich voor te doen als bonafide koper en deze personen heeft bewogen tot afgifte van goederen.

subsidiair: zich in de periode van 13 oktober 2016 tot en met 21 oktober 2016 te Geldermalsen schuldig heeft gemaakt aan heling van verschillende goederen.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 VRIJSPRAAK

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van zaak c en zaak p onder feit 3 van parketnummer 16/659198-17 te veroordelen. In zaak c past verdachte binnen het door aangever opgegeven signalement en blijkt uit de historische gegevens van het nummer waarmee de aangever is gebeld dat de meest aangestraalde zendmast die op de [adres] is, nabij de woning van verdachte. In zaak p past verdachte binnen het door aangever opgegeven signalement en is de telefoon van de aangever in de woning van verdachte aangetroffen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht verdachte ter zake van zaak c en zaak p onder feit 3 van parketnummer 16/659198-17 vrij te spreken, aangezien verdachte ontkent dat hij iets met de oplichtingen te maken heeft en op grond van het dossier niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte in deze zaken een van de daders betrof.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte een van de daders van zaak c en zaak p onder feit 3 van parketnummer 16/659198-17 betrof. Verdachte voldoet weliswaar grotendeels aan de door aangevers opgegeven (algemene) signalementen, maar er is verder onvoldoende bewijs om verdachte als een van de daders aan te merken. In zaak c komen het door aangever opgegeven kenteken en het merk van de auto immers niet overeen met het kenteken en het merk van de auto waarin verdachte later is herkend en ook de telefoonnummers waarmee de daders in zaak c en zaak p naar de aangevers hebben gebeld, kunnen niet aan verdachte worden gelinkt. Het enkele feit dat de telefoon van aangever in zaak p in de woning van verdachte is aangetroffen, maakt nog niet dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich geruime tijd eerder ook schuldig heeft gemaakt aan de oplichting van de aangever. Verdachte zal daarom ter zake van zaak c en zaak p onder feit 3 van parketnummer 16/659198-17 worden vrijgesproken.

5 WAARDERING VAN HET BEWIJS

5.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht alle tenlastegelegde feiten wettig en overtuigend te bewijzen.

5.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht verdachte ter zake van alle tenlastegelegde feiten vrij te spreken, aangezien verdachte ontkent dat hij iets met de oplichtingen te maken heeft en op grond van het dossier niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte in de verschillende zaken een van de daders betrof. Gelet op het feit dat gebruik is gemaakt van verschillende namen, telefoonnummers en rekeningnummers en het aantal daders in de verschillende zaken verschilt, kan niet worden gezegd dat de modus operandi zodanig specifiek is dat op grond daarvan wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte in de verschillende zaken een van de daders is geweest. De door aangevers opgegeven signalementen zijn niet dusdanig specifiek dat het niet anders kan dan dat verdachte een van de daders moet zijn geweest. De gebruikte telefoonnummers, rekeningnummers en personenauto kunnen niet aan verdachte worden gelinkt en de herkenningen van verdachte zijn niet betrouwbaar (genoeg).

5.3

Het oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen

Parketnummer 16/659198-17

feit 1 1

[aangever 4] heeft verklaard dat hij een advertentie heeft geplaatst op de website www.marktplaats.nl, waarin hij zijn zwarte Volkswagen Polo, voorzien van kenteken

[kenteken] te koop heeft gezet voor een vraagprijs van 18.000 euro. Op 15 juni 2016 om 09:21 uur werd hij gebeld door het telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij hoorde dat de persoon die belde zich kenbaar maakte als “ [naam] ”. Hij hoorde “ [naam] ” zeggen dat hij de auto graag wilde hebben en akkoord2 ging met de vraagprijs. Op 15 juni 2016, omstreeks 19:35 uur, kwam hij aan bij de Jumbo in [adres] te [woonplaats] om de deal te sluiten. Hij zag daar een jongen en een meisje. De jongen was ongeveer 18 jaar oud, had een licht getinte huidskleur en een smal/slank postuur, was ongeveer 1.75 tot 1.80 meter lang en had kort zwart haar. Hij is direct met “ [naam] ” richting de Jumbo gelopen. “ [naam] ” heeft vervolgens voor het filiaal van de Jumbo het geld overgemaakt via internetbankieren op zijn telefoon. Hij heeft het volledige bedrag laten overmaken naar de Rabobankrekening van een vriend van hem, [B ] . Hij hoorde “ [naam] ” zeggen dat het bedrag niet meteen op de andere rekening bijgeschreven werd, maar dit de volgende werkdag pas gedaan zou worden, omdat het bedrag groter was dan 2.000 euro. Hij heeft bij de betaling meegekeken en heeft van het laatste scherm een screenshot laten maken en deze naar hem laten mailen. De naam van het emailadres waarmee het screenshot werd verstuurd, [e-mailadres] , was ‘ [verdachte] ’. Hij is vervolgens samen met “ [naam] ” en het meisje de Jumbo binnengegaan om zijn auto over te laten schrijven. “ [naam] ” en het meisje zijn vervolgens in de, naar wat hij veronderstelde, betaalde auto weggereden. Omstreeks 23:20 uur nam hij3 telefonisch contact op met “ [naam] ”. Tijdens dit gesprek vertelde hij aan “ [naam] ” dat het hem toch niet lekker zat dat het geld nog niet op de rekening stond. Hij hoorde dat “ [naam] ” hem hierop gerust probeerde te stellen. Hij vertelde “ [naam] ” dat hij een mail van hem wilde hebben met daarin de mededeling dat hij zijn Volkswagen Polo had gekocht en de naam van degene op wiens naam de auto was gezet. Vervolgens kreeg hij op 16 juni 2016, om 01:28 uur, een mail van het mailadres [naam] @outlook.nl , waarin stond dat de auto op naam was gezet van ene [C] en dat de overboeking achteraf mislukt bleek te zijn. Verder stond in de mail dat de betaling dan wel op 16 juni 2016 geregeld zou worden. Vanaf dat moment heeft hij geen contact meer met “ [naam] ” kunnen krijgen.4

Verbalisant [verbalisant 1] heeft de camerabeelden van de Jumbo bekeken. Bij het bekijken van deze beelden bleek hem dat de jongen die zich bediende van de naam “ [naam] ” dezelfde jongen was als welke hij eerder op beelden van een beveiligingscamera had gezien in een zaak met een soortgelijke modus operandi. Deze persoon kon in dat onderzoek worden geïdentificeerd als [verdachte] .5

feit 2 en feit 3 6

13-15 november 2016

14-15 november 2016: feit 2 en feit 3, zaak a

[aangever 5] (aangeefster feit 2), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat zij een advertentie op Marktplaats had geplaatst. Zij wilde onder meer een fotocamera van het merk Nikon, twee statieven van het merk Gitzo, twee lenzen van het merk Nikon7 en een geheugenkaart van het merk Lexar Prof Workflo8, verkopen. Op maandag 14 november 2016 werd zij gebeld door het telefoonnummer [telefoonnummer] . Zij hoorde dat ze een man aan de telefoon kreeg, die vroeg of hij dezelfde avond langs kon komen om de goederen te kopen. Hij zei dat hij ter plekke bij de aankoop het bedrag zou overmaken.9 Op maandag 14 november 2016 omstreeks 20:00 uur werd er aangebeld bij haar woning. Zij heeft de man binnen gelaten. Het betrof een man van ongeveer 20 jaar, 175 centimeter lang, met een licht getinte huidskleur en donker kort haar. De man droeg een klassieke geweven wollige platte zwart/wit geruite pet en een gewatteerde mosgroene jas, opvallend netjes gestikt. De jongen wilde de goederen kopen en zij zag dat hij zijn telefoon pakte. Zij hoorde dat de jongen om haar bankrekening vroeg. Zij vroeg de jongen bij welke bank hij zat, omdat het naar dezelfde bank moest worden overgemaakt in verband met de tijdsduur van het overmaken van het geld. Zij hoorde dat de jongen zei dat het de ABN-AMRO bank moest zijn. Zij heeft haar bankrekeningnummer aan de jongen gegeven. Zij zag dat de jongen op zijn smartphone dit rekeningnummer invulde. De jongen liet dit aan haar zien. Zij zag dat de jongen het afgesproken bedrag van 2.400 euro invoerde op het scherm. De jongen liet haar zien dat hij op de button verzenden drukte. Vervolgens liet hij zien dat het bedrag van zijn saldo afgehaald was. Zij heeft vervolgens op haar eigen computer gecontroleerd of het bedrag al op haar bankrekening was bijgeschreven. Zij zag dat dit niet het geval was. Zij zei tegen de jongen dat het bedrag er nog niet op stond. Zij hoorde dat de jongen10 vertelde dat dit wel een aantal dagen kon duren, omdat hij het bedrag van een andere bank, dus niet de ABN-AMRO bank, had overgemaakt. Zij zag dat de jongen de doos met goederen van de tafel pakte. Zij zei tegen de jongen dat dit niet de afspraak was. Zij hoorde dat de jongen zei “Het is betaald, ik neem de spullen mee.” Zij zag dat haar man voor de gangdeur in de woonkamer ging staan om de deur te blokkeren. Zij zag dat de jongen op haar man afliep en haar man opzettelijk en met kracht een harde duw gaf. Zij zag dat haar man door de duw naar achteren ging en zijn evenwicht verloor. Zij hoorde dat de jongen riep: “Godverdomme ik trap hier de hele boel in elkaar en jullie ook. Ik bel mijn matties en dan nemen we alles mee.” Zij zag dat haar man trachtte om voor de gangdeur te gaan staan. Zij zag dat de jongen de doos met goederen pakte en wederom richting haar man liep. Vervolgens zag zij dat de jongen opzettelijk en met kracht haar man met zijn rechterhandpalm een harde stoot op de borst gaf. Zij zag dat haar man hierdoor een paar meter naar achteren ging en dat de jongen met de doos de gang inliep. Vervolgens zag zij dat de jongen met de doos met goederen in zijn handen de woning door de voordeur verliet. Zij zag dat er ter hoogte van de woning met nummer [nummer] een auto met draaiende motor stond. Zij zag een jongen op de passagiersstoel zitten. Deze jongen was ongeveer 20 jaar, had een bol gezicht, donker haar en een Noord-Afrikaans uiterlijk. Zij zag dat het kenteken van de auto [kenteken] was. Zij heeft het kenteken op een papier gezet, waarop de jongen die in de woning is geweest ook wat opgeschreven had, namelijk: [naam] , [adres] [woonplaats] .11 Er is uiteindelijk geen geld gestort op haar bankrekening.12

[aangever 6] , echtgenoot van [aangever 5] , heeft verklaard dat er op maandag 14 november 2016, omstreeks 20.00 uur, een jongen van Noord-Afrikaanse afkomst bij hen in de woning kwam om goederen te kopen. De jongen wilde het afgesproken bedrag, 2.400 euro, overmaken via zijn smartphone. Nadat de jongen het bedrag had overgemaakt, zag zijn vrouw dat het bedrag nog niet op hun bankrekening was bijgeschreven. Hierop heeft hij tegen de jongen gezegd dat de jongen de goederen nog niet zou meekrijgen en moest terugkomen als het bedrag op de bankrekening zou zijn bijgeschreven. Nadat hij dit tegen de jongen had gezegd, hoorde hij dat de jongen zei “het is betaald, ik neem de spullen mee”. Hierop ging hij voor de gangdeur staan, om de doorgang te blokkeren. Hij zag dat de jongen op hem af kwam lopen. Hij voelde dat de13 jongen hem opzettelijk en met kracht een duw op zijn borst gaf. Door de duw van de jongen verloor hij zijn evenwicht. Vervolgens hoorde hij dat de jongen tegen zijn vrouw en hem riep: “Godverdomme ik trap hier de hele boel in elkaar en jullie ook. Ik bel mijn matties en dan nemen wij alles mee”. Vervolgens zag hij dat de jongen de doos met goederen oppakte. Hij wilde wederom de doorgang blokkeren en verhinderen dat de jongen met de doos zijn woning zou uitlopen. De jongen gaf hem voor de tweede keer opzettelijk en met kracht een duw op zijn borst, waardoor hij een paar meter naar achteren ging. Door de duw op zijn borst voelde hij pijn op zijn borst. Vervolgens zag hij dat de jongen de doos met goederen oppakte en de woning verliet. Hij zag dat de jongen de doos met de goederen in de kofferruimte van de auto zette. Hij zag dat er op de passagiersstoel van de auto een jongen van ongeveer 20 jaar oud zat. Deze jongen had een bol gezicht, donker haar en een Noord-Afrikaans uiterlijk.14

[aangever 7] (aangever zaak a, feit 3) heeft verklaard dat hij een advertentie (de rechtbank begrijpt: een advertentie op Marktplaats) had geplaatst, waarin hij onder meer de volgende goederen te koop aanbood:

- body Nikon D700

- lens Nikon AF-S NIKKOR 24-70 mm f/2.8

- lens Nikon AF-S NIKKOR 50 mm f/1.4

- Nikon Li-ion Battery Pack15

- Lowepro camera tas voor Nikon D700 + 24-70 mm

- Lowepro cameratas voor Nikon 50 mm.

Op dinsdag 15 november 2016 werd hij gebeld door een jongen met telefoonnummer [telefoonnummer] . De jongen zei dat hij de camera wilde kopen. De jongen vroeg of hij de spullen op kon komen halen en betalen met de app. Hij heeft gezegd dat de jongen rond 18:00 uur de spullen kon komen ophalen. Hij heeft het adres van de [locatie] (de rechtbank begrijpt: [locatie] ), [adres] in [vestigingsplaats] , naar de koper gestuurd. Om 18:59 uur belde de koper om te zeggen dat hij voor de deur stond. Hij zag dat er twee jongens voor de deur stonden. Hij zag ongeveer tien meter verderop een auto staan. Dit was een grijze of zwarte Renault Laguna. Hij kon het kenteken niet geheel zien, maar het kenteken was [kenteken] . De koper was een jongen van ongeveer 18 tot 25 jaar oud. Hij had het idee dat de koper van Noord-Afrikaanse afkomst was. De koper droeg een baret op zijn hoofd en een bruine jas. De tweede jongen, die met de koper meegekomen was, was ongeveer 18 tot 25 jaar oud. Hij denkt dat ook deze jongen van Noord-Afrikaanse afkomst was. De jongen zei dat hij een broer van de koper was. Deze jongen droeg een grijze broek, grijze schoenen, een groene jas en een wit overhemd. Beide jongens wilden eerst de koop bij de auto afronden. Hij heeft toen gezegd dat hij het in het gebouw wilde regelen. De jongens zijn daarop achter hem naar binnen gelopen. Binnen vertelden de jongens dat de camera een cadeau was voor hun vader. Hij zag dat de koper zijn telefoon pakte. Hij zag dat de koper op de ING app in zijn telefoon klikte. Het zag er uit als een officiële app van de ING. Hij zag dat de koper zijn bankgegevens invulde en dat hij 2.000,00 intoetste. Hij hoorde beide jongens deze gegevens herhalen. De jongens wilden vervolgens weg. Hij heeft een foto van de overschrijving op de telefoon gemaakt.16 Hij zei dat hij eerst wilde kijken of het geld al op zijn rekening stond. Hij zag dat er nog geen geld op zijn rekening stond. De jongens zeiden dat het altijd even duurde voordat het geld erop zou staan. Hij heeft de jongens toen laten gaan. Hij heeft de jongens vervolgens nagekeken. Hij zag dat ze de snelweg, de A12, opgingen richting Utrecht. Hij heeft de ING bank gebeld om te controleren of de IBAN van de koper klopte. De koper had betaald met IBAN nummer: [rekeningnummer] . De ING zei dat het rekeningnummer niet klopte. De naam van de rekeninghouder, [naam] , bestond ook niet bij de ING. Het was hem toen duidelijk dat hij door deze twee jongens opgelicht was.17 Het telefoonnummer waarmee de verdachten hem hadden gebeld om te vertellen dat zij voor de deur stonden, was [telefoonnummer] .18

Verbalisant [verbalisant 14] hoorde op 15 november 2016 omstreeks 19:40 uur dat er een eenheid vanuit Den Haag een achtervolging had met een voertuig waarvan de inzittenden weigerden te stoppen. Hij hoorde dat de verdachten inmiddels op de [adres] te [woonplaats] reden. Hij hoorde dat de betreffende auto een grijze Renault Laguna betrof voorzien van het kenteken [kenteken] . Hij heeft het dienstvoertuig gekeerd en de achtervolging ingezet. 19 Op de [adres] te [woonplaats] heeft hij de Renault met het dienstvoertuig klemgereden. Hij zag dat beide inzittenden direct uit het voertuig stapten en in verschillende richtingen vluchten. Hij rende achter de bijrijder aan. Hij zag dat collega Miltenburg de verdachte middels een beenveeg richting de grond bewoog. Hierop heeft hij de verdachte aangehouden. De verdachte gaf later op te zijn genaamd: [medeverdachte] .20

Verbalisant [verbalisant 15] heeft de videobeelden van de achtervolging bekeken. Hij zag dat de bestuurder op het moment dat de achtervolging ten einde kwam uit het voertuig stapte en wegrende. Hij herkende deze persoon direct voor honderd procent als [verdachte] . Hij kent [verdachte] al meerdere jaren ambtshalve vanuit zijn rol als wijkagent. Hij heeft regelmatig persoonlijk contact met hem gehad. Hij herkent [verdachte] aan zijn scherpe gelaatstrekken en zijn postuur.21

Verbalisant [verbalisant 16] heeft de bewegende beelden van de achtervolging bekeken. Hij herkende de bestuurder van de auto voor honderd procent als [verdachte] . Op de fotoafdrukken van de beelden is [verdachte] te zien, gekleed in een donkerkleurige jas. Hij herkent [verdachte] aan zijn gezichtsuitdrukking. [verdachte] heeft een opvallende rechte haarlijn en een wat bredere neus. [verdachte] is regelmatig te zien op straat in [wijk] en is daarom bekend bij verbalisant.22

Verbalisant [verbalisant 17] heeft de inbeslaggenomen Renault Laguna, voorzien van kenteken [kenteken] , doorzocht. Tussen de achterbank en de bestuurdersstoel zag hij een blauwe boodschappentas staan. In deze tas zaten onder meer de volgende artikelen:

- fotocamera van het merk Nikon, type D700, in een rode Lowepro cameratas

- een lens van het merk Nikon

- een powerpack van het merk Nikon

In de achterbak lagen een driepootstatief en een enkele statief van het merk Gitzo. De driepootstatief was voorzien van het nummer G1564MK2.23

Verbalisant heeft op Marktplaats gezocht op de zoekterm Nikon D700. Hij heeft de advertenties bekeken en zag dat er een complete cameraset werd aangeboden voor 2000 euro. Op de foto van de advertentie zag hij alle aangetroffen goederen uit de Renault afgebeeld staan. Hij heeft hierop telefonisch contact opgenomen met de adverteerder. De adverteerder gaf op te zijn genaamd: [aangever 7] . Hij hoorde dat [aangever 7] zei dat hij de cameraset niet meer had, omdat hij was opgelicht.24

Verbalisant [verbalisant 18] heeft de inbeslaggenomen statieven (enkele poot, merk Gitzo, en driepoot, merk Gitzo) aan aangeefster [aangever 5] getoond. De aangeefster deelde hem direct mede dat zij beide statieven herkende als haar eigendom.25

Verbalisant [verbalisant 12] heeft de uit de Renault Laguna met kenteken [kenteken] in beslag genomen goederen aan aangever [aangever 7] getoond. [aangever 7] herkende de getoonde goederen als de zijne.26

Verbalisant [verbalisant 19] heeft de camerabeelden van de bewakingscamera’s van [locatie] te [vestigingsplaats] bekeken. Dit betreffen de camerabeelden van dinsdag 15 november 2016 tussen 18:45 uur en 19:15 uur. Op de camerabeelden gericht op de entree is te zien dat om 18:58:35 uur een donkerkleurige, station model auto aan komt rijden. Om 18:59:56 uur wordt de auto geparkeerd naast de entree en stapt aan de linkerzijde een man uit. Aan de rechterzijde van de auto stapt een man uit, waarvan is te zien dat hij iets wits onder zijn jas draagt. Te zien is dat de mannen samen met de aangever de [locatie] binnenlopen. Op deze beelden is verder te zien dat de aangever samen met de verdachten om 19:09:55 uur naar de auto van de verdachten loopt, waarna de verdachten weer in de auto stappen en wegrijden. Op de camerabeelden van de hoofdingang is te zien dat de aangever om 19:00:16 uur samen met twee mannen/jongens de [locatie] binnenloopt. Naast aangever loopt een lichtgetinte man/jongen met slank postuur, gekleed in en donkere lange broek, donkerkleurige schoenen en een donkerkleurige jas tot op zijn heupen. Ook draagt hij een donkerkleurige pet op zijn hoofd. Achter deze twee personen komt de later aangehouden verdachte [medeverdachte] . Hij is een lichtgetinte jongeman met een wat gezetter postuur, gekleed in een donkere lange broek, donkerkleurige schoenen, een wit overhemd en een groen jack. Hij heeft kort, donker haar en draagt een bril. Om 19:09:34 uur lopen de drie mannen via de hoofdingang weer naar buiten, waarbij de jongeman met de pet een blauwe boodschappentas in zijn rechterhand draagt.27

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Hieruit bleek dat dit telefoonnummer tussen 3 november 2016 en 15 november 2016 werd gebruikt. Er vonden in totaal 364 telefonische contacten plaats. De meest aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer staat op de [adres] te [woonplaats] . De woonadressen van de verdachten (de rechtbank begrijpt: verdachten [medeverdachte] en [verdachte] ), op de [adres] en [adres] , en de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] liggen hemelsbreed nog geen 250 meter uit elkaar.28 Op 14 november 2016 bleek er in totaal drie keer telefonisch contact te zijn geweest tussen dit telefoonnummer en het telefoonnummer van aangeefster [aangever 5] . Tijdens deze drie gesprekken straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . Op 14 november 2016 tussen 19:57 en 20:10 uur vonden er met dit telefoonnummer vijf uitgaande gesprekken plaats. De aangestraalde zendmast tijdens deze gesprekken staat op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) en de door dit telefoonnummer aangestraalde zendmast liggen ongeveer 550 meter uit elkaar.29

Vanaf 13 november 2016 bleek er in totaal veertien keer telefonisch contact te zijn geweest tussen dit telefoonnummer en het telefoonnummer van aangever [aangever 7] . Tijdens negen van de veertien gesprekken straalde dit telefoonnummer de zendmast op de [adres] te [woonplaats] aan. Op 15 november 2016 om 17:42:08 uur belde de aangever naar dit telefoonnummer. De aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer tijdens dit gesprek staat op de [adres] te [woonplaats] . Op 15 november 2016 om 18:59:18 uur belde dit telefoonnummer naar de aangever. De aangestraalde zendmast van de verdachte tijdens dit gesprek staat op het [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) en de door dit telefoonnummer aangestraalde zendmast liggen ongeveer 900 meter uit elkaar.30

13 november 2016: feit 3, zaak n

[aangever 8] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij een advertentie op marktplaats.nl had geplaatst, waarin hij een laptop van het merk Apple te koop aanbood voor 1.150 euro. Op zondag 13 november (de rechtbank begrijpt: 13 november 2016) werd hij gebeld door een man met het telefoonnummer [telefoonnummer] . De man vertelde belangstelling te hebben voor de laptop. De man vroeg naar de prijs. Hij heeft de man medegedeeld dat hij vasthield aan de vraagprijs van 1.150 euro. De man vroeg of hij het bedrag online kon overmaken. Daar ging hij mee akkoord. Die dag omstreeks 19:00 uur werd er aan de voordeur aangebeld. Er stond een man voor de deur die aangaf dat hij voor de laptop kwam. De man haalde zijn telefoon uit zijn zak.31 Hiermee wilde de man de betaling regelen. Hij heeft de man zijn rekeningnummer gegeven. Hij zag dat de man vanuit een ING app werkte en zijn rekeningnummer intoetste. De man toonde hem toen de betalingsoverboeking. Hij heeft daar toen een foto van gemaakt. De man zei dat hij het nummerbord van zijn auto kon noteren. Hij noteerde het nummer [kenteken] . De auto was van het merk Renault, vermoedelijk Laguna, donker van kleur. Hij heeft de man in de auto zien stappen en weg zien rijden. Hij heeft de 1.150 euro niet op zijn rekening gekregen. De man was ongeveer 1.75 meter lang, had een getinte huidskleur en een klein baardje. De man droeg een hoedje.32

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer en het telefoonnummer van de aangever hebben op 13 november 2016 drie keer telefonisch contact gehad. Tijdens deze drie telefonische contacten straalde dit telefoonnummer de zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] .33

14 november 2016: feit 3, zaak e

[aangever 9] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat zij op maandag 14 november 2016 omstreeks 17:00 uur een advertentie op marktplaats.nl had gezet om haar telefoon van het merk Apple, type 6, te verkopen. Op maandag 14 november 2016 omstreeks 20:30 uur werd zij gebeld door een jongen die zich voorstelde als [naam] . Het telefoonnummer waarmee hij belde betrof [telefoonnummer] . De jongen vertelde dat hij interesse had in de iPhone 6. De jongen vertelde dat hij op dat moment in Wassenaar was. Verder zei hij dat hij het geld via zijn telefoon kon overmaken. Na tien minuten stonden er twee jongens bij haar voor de deur. Uiteindelijk zijn de koper en zij een bedrag van 390 euro overeengekomen. Zij stond naast de jongen toen hij het geld overmaakte via zijn telefoon. De koper vertelde haar dat het wel eventjes kon duren voordat het geld op haar rekening zichtbaar zou zijn. Zij heeft vervolgens nog een foto genomen van de afschrijving.34 Het geld werd overgemaakt vanaf het rekeningnummer [rekeningnummer] te name van [naam] . Uiteindelijk bleek het geld helemaal niet overgeboekt. Zij realiseerde zich dat ze was opgelicht. De volgende dag heeft zij telefonisch contact opgenomen met het telefoonnummer van de jongen. De jongen aan de telefoon zei dat hij het geld nog een keer over zou maken en dat zij een mailtje moest sturen naar [e-mailadres] . Dit e-mailadres bleek echter niet te bestaan en ze kreeg uiteindelijk geen telefonisch contact meer. Zij kan de koper omschrijven als een licht getinte Marokkaanse jongen, begin 20 jaar oud en ongeveer 1.75-1.78 meter lang. De koper droeg een licht grijze spijkerstof broek en een licht gewicht, dons gevoerde jas met gestikte naden, metallic kleur groen/pastelgroen, zogenaamd heupmodel. De andere man was een stuk groter dan de koper, was fors/dikkig, had een rond gezicht en kort bruin haar en was begin 20 jaar oud.35

Verbalisant [verbalisant 23] heeft een e-mail van aangeefster [aangever 9] ontvangen, waarbij zij de aankoopbon van haar iPhone had gevoegd. Op de aankoopbon staat dat het IMEI-nummer van de iPhone [IMEI-nummer] is. Tijdens de insluiting van verdachte [medeverdachte] is er bij hem een iPhone met IMEI-nummer [IMEI-nummer] aangetroffen.36

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 14 november 2016 om 20:10 uur is er door dit telefoonnummer gebeld naar het telefoonnummer van de aangeefster. De aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer stond op de [adres] in [woonplaats] .37 Op 14 november 2016 om 20:26 uur werd dit telefoonnummer gebeld, waarbij het telefoonnummer een zendmast aanstraalde op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 3 kilometer uit elkaar.38

Op de bij de aangifte bijgevoegde foto van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.39

15 november 2016: feit 3, zaak o

[aangever 10] heeft verklaard dat hij op 15 november 2016 zijn Apple MacBook Pro via Marktplaats te koop heeft aangeboden. Binnen een uur, rond 16:30 uur, reageerde er een koper, die belde met nummer [telefoonnummer] . De koper vertelde dat hij [naam] heette. Hij sprak met de man af op zijn kantoor aan de [adres] in [woonplaats] . Rond 17:00 uur kwamen er twee buitenlandse mannen naar het kantoor. De koper was een man van ongeveer 20 tot 23 jaar en ongeveer 176 centimeter lang.40 De koper was lichtgetint, mogelijk van Noord Afrikaanse of Marokkaanse afkomst, had kort zwart haar en een mager/tenger postuur. De koper droeg een donkergrijs Engels petje en een lange nette zwartgrijze parka-achtige jas. De man in de gezelschap van de koper was een man van 18 tot 20 jaar en ongeveer 180-185 centimeter lang. Hij was gezet/vadsig en iets donkerder getint dan de koper. Hij had een bol/rond gezicht met kort zwart haar. Hij droeg een moderne zwarte bril. De koper wilde zijn Apple MacBook Pro kopen en ze kwamen een bedrag van € 1.350,00 overeen. De man deed de betaling via een app op zijn mobiele telefoon. Hij mocht meekijken. Het leek erop dat deze man, genaamd [naam] , vanaf bankrekeningnummer [rekeningnummer] het bedrag had overgemaakt naar zijn bankrekening. Hij heeft met zijn telefoon een foto van het scherm van de telefoon gemaakt. De man vertelde dat het wel even kon duren voordat het geld echt op zijn bankrekening stond, omdat het om een hoog bedrag ging. Dat werd ook nog eens bevestigd41 door de man die bij deze koper was. Na de betaling gaf hij zijn Apple MacBook Pro aan de man mee. Hij heeft telefonisch contact gehad met de ING en daar werd hem bevestigd dat het bedrag, ongeacht de hoogte daarvan, altijd direct op zijn rekening zou moeten staan. Dit was niet het geval. Hij heeft toen de man gebeld. Hij vertelde de man dat hij het geld al lang op zijn rekening bijgeschreven had moeten hebben. Uiteindelijk heeft hij zich door de man gerust laten stellen en is het gesprek beëindigd. Daarna was het telefoonnummer van de man niet meer bereikbaar. Hij realiseerde zich dat hij was opgelicht.42

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 15 november 2016 om 17:02:03 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op het [adres] te [woonplaats] . De zendmast aan het [adres] te [woonplaats] en de pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) liggen ongeveer 350 meter uit elkaar.43

Op de bij de aangifte bijgevoegde foto van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.44

12 oktober 2016

12 oktober 2016: feit 3, zaak f

[aangever 11] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 11 oktober 2016 een advertentie op Marktplaats had gezet voor een aantal spullen die hij wilde verkopen. Hij wilde twee Pioneer CDJ 2000 draaitafels en een Mixer DJM-700 verkopen. Op 12 oktober 2016 werd hij gebeld door het nummer 0659106615. Hij hoorde een mannenstem die zichzelf voorstelde als [naam] en die vertelde dat hij interesse had in de spullen.45 [naam] wilde de spullen zo snel mogelijk ophalen, omdat hij de spullen de dag erop nodig had, aangezien een vriend van hem dan jarig was. [naam] stemde in met een bedrag van 2.450 euro en zij spraken af dat [naam] om 21:00 uur bij hem thuis zou zijn. Omstreeks 22:00 uur stond [naam] aan de deur. [naam] was licht getint, vermoedelijk van Marokkaans/Turkse afkomst, was 20-25 jaar, had kort zwart haar, had een dun postuur en was ongeveer 1.80-1.85 meter lang. [naam] zei dat hij het geld naar hem wilde overmaken. [naam] heeft zijn naam en rekeningnummer op een papiertje geschreven: ‘ [naam] , rekeningnummer [rekeningnummer] ’. [naam] liet aan hem zien wat hij in zijn bankierenapp deed. Hij zag [naam] zijn rekeningnummer intypen. Hij heeft zelfs de telefoon nog vast gehad om te kijken of het allemaal klopte. [naam] zei dat het na 21:00 uur was en dat het dan nog wel eens kon gebeuren dat het geld niet gelijk op zijn rekening zou staan. Hij heeft gezien dat [naam] op zijn telefoon op verzenden had gedrukt. Hij zag daarna dat het bedrag nog niet op zijn rekening stond. Hij heeft toen gezegd dat hij eerst wilde zien dat het geld op zijn rekening stond.46 [naam] zei dat hij betaald had en dat hij dan natuurlijk ook de spullen mee wilde hebben. Hij heeft een foto gemaakt van de telefoon van [naam] waarop te zien is dat hij het geld heeft overgemaakt. Uiteindelijk is hij in de verkoop meegegaan, omdat hij had gezien dat het geld was overgemaakt en hij daardoor dacht dat het wel moest kloppen. Hij is met [naam] mee naar buiten gelopen en heeft [naam] gefilmd. Van dat filmpje heeft hij twee foto’s gemaakt. Hij heeft later met de ING bank gebeld en daarbij werd hem verteld dat er helemaal geen geld op zijn rekening is gestort.47

Verbalisant [verbalisant 16] heeft de twee fotoafdrukken (die zijn gevoegd bij de aangifte van [aangever 11] ) op 21 maart 2017 bekeken en herkent hierop [verdachte] . Hij herkent [verdachte] aan zijn gezichtsuitdrukking. Met name zijn neus, haarlijn en wenkbrauwen zijn opvallend. [verdachte] is bij verbalisant bekend. Verbalisant heeft [verdachte] op 27 februari 2017 voor het laatst gesproken.48

Verbalisant [verbalisant 26] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Hieruit bleek dat dit telefoonnummer tussen 16 september 2016 en 15 oktober 2016 werd gebruikt. Er vonden in totaal 485 telefonische contacten plaats. De meest aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer staat op de [adres] te [woonplaats] . Uit de zendmastgegevens lijkt het dat dit telefoonnummer op 12 oktober 2016 vanuit [woonplaats] naar49 [woonplaats] is gegaan.50

Op de bij de aangifte bijgevoegde foto van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.51

3-8 november 2016

3-4 november 2016: feit 3, zaak i en zaak m

[aangever 12] (aangever zaak m), wonende te [adres] te [woonplaats]52, heeft in een internetaangifte aangegeven dat hij zijn telefoon, een Samsung Galaxy S7 Edge, te koop had staan op Marktplaats. Op 3 november 2016 werd hij gebeld door iemand die de telefoon op wilde komen halen. Zij hebben op 4 november 2016 om 19:00 uur afgesproken. Zij zijn een bedrag van 550 euro overeengekomen. De persoon wilde graag het geld overmaken en hij mocht meekijken terwijl het geld werd overgemaakt. Hij was ervan overtuigd dat het geld overgemaakt was. Het bedrag staat echter nog niet op zijn rekening, terwijl het er volgens de ING wel direct op had moeten staan.53 Het telefoonnummer waarmee hij gebeld werd, is

[telefoonnummer] .54

[aangever 1] (aangever zaak i), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 3 november 2016 een iPhone 7 op Marktplaats heeft gezet. Diezelfde dag werd hij gebeld door het telefoonnummer [telefoonnummer] door iemand die zich voorstelde als [naam] . Hij hoorde hem zeggen dat hij geïnteresseerd was in de telefoon en dat hij de telefoon graag kwam ophalen. Hij heeft op 4 november 2016 omstreeks 20:00 uur met de koper afgesproken. Op vrijdag 4 november 2016 omstreeks 20:00 uur hadden zijn ouders de koper al binnengelaten. De koper stelde zich ditmaal voor als [naam] . De koper vertelde dat hij in [woonplaats] woonde. Hij kan de koper als volgt omschrijven: 20 jaar oud, licht getint, 1.85 meter lang en bruin opgeschoren haar.55 De koper haalde zijn telefoon tevoorschijn om het bedrag van 700 euro aan hem over te maken. Hij heeft de koper zijn IBAN gegeven. Hij zag dat de koper de ING app opendeed en het nummer invoerde. Vervolgens boekte de koper het bedrag over. Hij mocht zelfs een foto nemen van de transactie. Toen hij zag dat het bedrag was afgeschreven, heeft hij de koper de telefoon overhandigd. De koper is daarna weggegaan. Aangever heeft uiteindelijk geen geld op zijn rekening ontvangen.56

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Hieruit bleek dat dit telefoonnummer tussen 2 november 2016 en 6 november 2016 werd gebruikt. Er vonden in totaal 428 telefonische contacten plaats. De meest aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer staat op de [adres] te [woonplaats] . De woonadressen van de verdachten (de rechtbank begrijpt: verdachten [medeverdachte] en [verdachte] ), op de [adres] en [adres] , en de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] liggen hemelsbreed nog geen 250 meter uit elkaar. Op 4 november 2017 tussen 18:08 en 18:22 uur belde dit telefoonnummer vier keer naar het telefoonnummer van aangever [aangever 1] . Tijdens deze gesprekken straalde dit telefoonnummer de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Dit telefoonnummer straalde vervolgens om 19:20:55 uur een zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. De pleeglocatie van zaak M ( [adres] in [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 1 kilometer uit elkaar.57 Tussen 19:54 en 20:18 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] in [woonplaats] . De pleeglocatie van zaak I ( [adres] in [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 1 kilometer uit elkaar.58

Op de bij de aangifte in zaak I bijgevoegde foto van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.59

5 november 2016: feit 3, zaak h zaak j en zaak l

[aangever 13] (aangever zaak l), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij zijn MacBook te koop had aangeboden op Marktplaats. Afgelopen zaterdag (de rechtbank begrijpt: 5 november 2016) belde een koper dat hij wel interesse had en dat hij de MacBook wilde komen ophalen. De koper kwam na ongeveer een uur aan de deur. Zij hebben vervolgens afgesproken dat de koper het bedrag via de betaalapp van de ING zou overmaken. De koper liet vervolgens de app aan hem zien, vroeg naar zijn gegevens en vulde deze gegevens in op de app. De koper liet zien dat alles juist was ingevuld. De koper draaide zich vervolgens even om omdat hij zijn pincode in moest voeren en liet daarna zien dat de 1.050 euro van zijn rekening was afgeschreven. Hij kon op dat moment nog niet zien of het bedrag ook op zijn rekening was bijgeschreven, maar hij ging ervanuit dat dit het geval was.60 Later bleek dat er helemaal geen geld naar zijn rekening was overgemaakt en dat de koper hem dus heeft opgelicht met een valse app. Het enige wat hij van deze koper weet is dat zijn telefoonnummer [telefoonnummer] was. De koper zei dat hij uit [woonplaats] kwam en gebruikte bij het inloggen op de MacBook de naam [naam] . De koper was een Noord-Afrikaanse man van ongeveer 20 jaar oud.61

[aangever 14] (aangeefster zaak h), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat zij op de website www.marktplaats.nl een advertentie had geplaatst om haar mobiele telefoon van het merk Apple, type iPhone 6s, te verkopen. Op zaterdag 5 november 2016 omstreeks 18:35 uur werd zij gebeld door een man met telefoonnummer [telefoonnummer] . De man zei dat hij de telefoon voor 460 euro direct kwam ophalen. De man zei dat hij in [woonplaats] was.62 De man zei dat hij niet cash kon betalen, maar wel kon internetbankieren. Omstreeks 18:50 uur hoorde zij dat er werd aangebeld. Zij deed open en zag een man staan, die zij als volgt kan omschrijven: ongeveer 20 jaar, 1.75-1.80 lang, licht getint, vermoedelijk Marokkaans, slank postuur, donker haar. Zij liet de man binnen. Zij zag dat de man zijn eigen telefoon pakte. Zij zag dat er op zijn telefoon een app van de ING openstond. De man gaf de telefoon aan haar en zij heeft haar IBAN-nummer en naam ingevuld.63 Daarna heeft zij de telefoon teruggegeven. Zij zag dat de man toen een pincode intoetste. Zij heeft op haar eigen ING bankieren app gekeken en zag dat de betaling nog niet was binnengekomen. Zij hoorde dat de man toen zei dat dat kwam omdat het weekend was. Zij heeft toen een foto gemaakt van de overschrijving. Op deze foto zag zij de naam [naam] en het rekeningnummer [rekeningnummer] . Zij heeft daarna een foto gemaakt van het kenteken van de personenauto waarmee de man was gekomen. Zij zag dat het een donkergrijze personenauto van het merk Renault, type Laguna, betrof, met kenteken [kenteken] . Zij zag vervolgens dat de man haar woning verliet met de telefoon die zij aan hem had verkocht. De volgende dag zag zij dat het bedrag nog steeds niet op haar bankrekening was bijgeschreven. Zij heeft geen contact meer kunnen krijgen met de koper. Zij realiseerde zich dat ze was opgelicht.64

[aangever 15] (aangever zaak j), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 5 november 2016 een Apple MacBook Pro te koop had aangeboden op marktplaats.nl. Omstreeks 19:30 uur werd hij gebeld door een man met het telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij hoorde dat de man zei dat hij de vraagprijs voor de laptop wilde betalen, mits hij de laptop op dezelfde dag op zou kunnen halen. De man vertelde dat hij uit [woonplaats] kwam en er over een uur kon zijn.65 Omstreeks 21:00 uur hoorde hij dat er iemand bij de voordeur stond. Hij opende de deur en zag twee personen staan. De man die veelal aan het woord was, was een getinte man van ongeveer 1.80 meter lang, met een slank postuur en zwart haar. De andere man was een getinte man van ongeveer 1.90 meter lang, met een normaal postuur en zwart haar. Hij hoorde dat de mannen hem vertelde dat ze voor de laptop kwamen. De mannen zeiden dat ze de laptop wilden kopen. Hij hoorde dat de man zei dat hij het geld middels zijn ING app wilde overmaken. De man zei dat hij gelijk aan hem kon laten zien dat het geld was overgemaakt. Hij zag dat de man zijn rekeninggegevens in zijn telefoon zette. De man draaide daarna weg met zijn telefoon om zijn pincode in te vullen. Daarna liet de man zijn telefoon weer zien. Hij zag dat er 800 euro over was geschreven naar zijn rekening. De mannen zijn daarna weer vertrokken. De volgende dag zag hij op zijn rekening dat hij het geld nog niet had ontvangen.66

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 5 november 2016 om 17:15:41 uur belde dit telefoonnummer naar het telefoonnummer van aangever [aangever 13] . Tijdens dit gesprek straalde dit telefoonnummer de zendmast op de [adres] te [woonplaats] aan. Op 5 november tussen 18:04 en 18:16 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie van zaak l ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 1 kilometer uit elkaar.67 Dit telefoonnummer straalde vervolgens tijdens een telefoongesprek met het telefoonnummer van de aangeefster [aangever 14] om 18:46:52 uur een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie van zaak h ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 8 kilometer uit elkaar.68

Op de bij de aangiftes in de zaken h en l bijgevoegde foto’s van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.69

6 november 2018: feit 3, zaak b, zaak g en zaak k

[aangever 16] (aangever zaak b), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 6 november 2016 omstreeks 12:00 uur een advertentie heeft geplaatst op Marktplaats.nl. Hij heeft daar zijn laptop, een Apple MacBook Pro70, aangeboden. Er belde een jongeman, die 1.200 euro bood en de laptop dezelfde middag nog kwam halen. Op 6 november 2016 tussen 15:15 uur en 15:45 uur kwam er een onbekende jongeman aan de voordeur. De jongen was tussen de 18 en 22 jaar, had een normaal postuur en was ongeveer 1.75 meter lang.71 De jongen was van Noord-Afrikaanse afkomst, waarschijnlijk Marokkaans of Turks. De jongen vertelde hem dat hij in [woonplaats] woonde en had hem gebeld met het nummer [telefoonnummer] .72 De jongen kwam met een Renault Laguna met kenteken [kenteken] . De jongen maakte ter plaatse op zijn mobiele telefoon een geldbedrag van 1.200 euro over, vanaf zijn bankrekening [rekeningnummer] ten name van de heer [naam] . Omdat de jongen hem het scherm op de telefoon liet zien, was hij in de veronderstelling dat het geld daadwerkelijk was overgemaakt. Hij heeft van dit scherm een foto gemaakt. Op 7 november 2016 zag hij dat het geld niet op zijn rekening stond. Hij heeft het bankrekeningnummer op internet gecontroleerd, maar dat bleek niet te kloppen.73 De jongeman heeft hem opgelicht, door zijn laptop weg te nemen zonder hier geld voor te betalen.74

[aangever 17] (aangever zaak g), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 5 november 2017 een advertentie op Marktplaats heeft gezet voor de verkoop van zijn laptop van het merk Apple, type MacBook Pro. Op zondag 6 november 2016 kreeg hij twee telefoontjes over de advertentie. Omdat hij niet op kon nemen, heeft hij het telefoonnummer, [telefoonnummer] , teruggebeld. Hij hoorde dat de persoon aan de andere kant van de lijn een manspersoon betrof. De man zei dat hij de komende middag in [woonplaats] moest zijn om een iPhone 7 op te halen. Hij wilde dan ook meteen bij hem langskomen voor de MacBook. De man stond die middag tussen 16:00 uur en 16:30 bij hem aan de deur.75 Hij zei tegen de man dat de MacBook 1.500 euro kostte. De man ging hiermee akkoord. De man zei dat hij geen cash geld bij zich had, maar dat hij het geld naar hem wilde overmaken. Hij zag dat de man de app van de ING had geopend op zijn mobiele telefoon. De man vroeg om het rekeningnummer en toen heeft de man, terwijl hij naast hem stond, laten zien dat hij 1.500 euro intoetste om het bedrag over te maken. Dit zag er allemaal echt uit. Hij zag dat de man zich even wegdraaide om zijn pincode in te toetsen. De man liet vervolgens op de app de afschrijving zien. Hij heeft toen een foto van de afschrijving gemaakt. Hij zag dat de bankrekening op naam stond van [naam] met bankrekeningnummer [rekeningnummer] . De man is met de MacBook vertrokken. Hij zag dat de man vertrok in een grijs/groene Renault Laguna, met kenteken [kenteken] . Hij zag dat er nog een man op de passagiersstoel zat. Hij heeft daarna de ING bank gebeld en hoorde dat de betaling nog niet binnen was. Hij heeft de man toen gebeld en gezegd dat de betaling nog niet binnen was. Hij hoorde dat de man zei “Die betaling komt echt wel, die staat er zeker weten morgen op.” Later heeft hij nogmaals contact gehad met de ING bank. Er stond nog steeds geen geld76 op zijn rekening. Hij hoorde van de bankmedewerker dat hij waarschijnlijk was opgelicht. Hij kan de man als volgt omschrijven: 1.70-1.75 meter lang, begin 20, kort zwart haar, licht getint, Marokkaans/Turks.77

[aangever 18] (aangever zaak k), wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 5 of 6 november 2016 een advertentie op Marktplaats had gezet, waarin hij zijn iPhone 7 te koop aanbood. Op 6 november 2016 belde [naam] met telefoonnummer [telefoonnummer] . [naam] gaf aan dat hij langs wilde komen en dat hij de telefoon wilde zien. Zij maakten de afspraak dat [naam] op 6 november 2016 omstreeks 16:30 uur naar zijn woning zou komen. [naam] vertelde dat hij uit [woonplaats] kwam. [naam] is rond het afgesproken tijdstip naar zijn woning gekomen en ging akkoord met een bedrag van 700 euro. [naam] ging ter plekke het geld overmaken via zijn mobiele telefoon. [naam] liet zien dat hij via de ING een bedrag van 700 euro overmaakte. In het display stond het nummer [rekeningnummer] en de naam [naam] . Hij zag dat het bedrag overgeschreven was op zijn naam. Hij heeft een kort filmpje gemaakt van de telefoon en de overschrijving. Omdat het zondag was, dacht hij dat het bedrag er de volgende dag pas op zou staan. Een aantal dagen later stond het bedrag echter nog steeds niet op zijn rekening.78 Hij kan de man als volgt omschrijven: getint uiterlijk, 1.80 meter lang, donker kort haar, normaal postuur, van Marokkaanse afkomst.79

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 6 november 2016 tussen 15:22 uur en 15:32 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie van zaak b ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 400 meter uit elkaar.80 Op 6 november 2016 om 16:38 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie van zaak g ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 600 meter uit elkaar.81 Op zondag 6 november 2016 tussen 16:56 uur en 17:07 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie in zaak k ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 500 meter uit elkaar.82

Op de bij de aangiftes in deze zaken bijgevoegde foto’s van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.83

8 november 2016: feit 3, zaak d

[aangever 19] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat zij op de website van Marktplaats een advertentie had gezet om haar iPhone 6+ te verkopen. Op dinsdag 8 november 2016 omstreeks 18:00 uur belde een man die interesse had in de iPhone. De man zei dat hij in de buurt was en langs wilde komen.84 De man kwam omstreeks 18:30 uur die dag. De man vroeg of ik bij de ING bank was. De man zei dat hij het bedrag van 360 euro ging overmaken. De man zei ook dat zij zich geen zorgen hoefde te maken als het even zou duren voordat zij het bedrag op haar rekening kreeg, omdat er een storing bij de ING was. Zij zag dat de man op een ING app iets intoetste. De man liet nog zien dat er 700 euro op de rekening stond en doordat hij het bedrag van 360 euro overmaakte, het saldo nu met 360 euro was verminderd. Zij zag dat de man het bedrag overboekte van zijn rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam] . Zij hoorde de man toen zeggen dat zij een foto mocht maken van het feit dat hij het bedrag overgemaakt had. De man zei dat zij het bedrag de volgende dag op haar rekening zou ontvangen. Omdat zij er toch geen goed gevoel over had, is haar neefje achter de man aangegaan. Haar neefje zag toen dat er nog een man in de auto zat. Haar neefje is de auto, een donkerblauwe Renault, een stukje achterna gereden en heeft het kenteken kunnen noteren: [kenteken] . Zij heeft de man die haar iPhone had gekocht meerdere malen gebeld. Zij heeft hem op 10 november 2016 voor het laatst gesproken. De man zei toen dat hij nog een handtekening bij de bank moest zetten omdat hij minderjarig was en dat het bedrag voor 17:00 uur op haar rekening zou moeten staan. De volgende dag had zij echter nog steeds geen geld op haar rekening. Zij is toen naar de ING bank gegaan. De bankmedewerker vertelde haar dat het rekeningnummer van de ‘koper’ niet klopte.85 Zij is dus opgelicht. Zij kan de ‘koper’ als volgt omschrijven: ongeveer 17 jaar oud, ongeveer 1.65 meter lang, een dun postuur, zwart haar en een Marokkaans gezicht.86

Verbalisant [verbalisant 20] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer straalde op 8 november 2016 tussen 18:29:49 uur en 18:44:35 uur een zendmast aan op de [adres] te [woonplaats] . De pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) en deze zendmast liggen ongeveer 600 meter uit elkaar.87

Op de bij de aangifte bijgevoegde foto van de overschrijving via de telefoon staat geen verbindingsteken van 3G, 4G of LTE boven in het scherm van de telefoon. Omdat er geen connectie was met een netwerk, was het niet mogelijk om een betaling te verrichten.88

feit 4

Zaak a

[aangever 20] heeft verklaard dat hij zijn voertuig, een BMW van Serie 1 voorzien van het kenteken [kenteken] , op Marktplaats had gezet met het oogmerk om het voertuig te verkopen. Op 2 maart (de rechtbank begrijpt: 2 maart 2017) werd hij telefonisch gecontacteerd door [naam] , die aangaf dat hij interesse in de auto had. Zij hebben afgesproken op de [adres] te [woonplaats] . Hij was daar om 19:15 uur en trof daar vier jonge mannen aan. Hij kan van twee van hen een signalement geven:

Persoon 1: man, licht getint, 22 jaar oud, 1.90 meter lang, slank postuur, kort zwart haar, vlassig snorretje;

Persoon 2: man, licht getint, ongeveer 20 jaar oud, 1.75 meter lang, normaal postuur.89

Persoon 2 was degene die de koop sloot en die het woord deed.90

Zij hebben de koop gesloten. De betaling van de auto geschiedde via een banktransactie, welke via de telefoon werd overgemaakt. Hij zag dat de koper via een app van de ING bank een bedrag van 13.751 euro overmaakte. Hij zag dat de koper daadwerkelijk een bedrag intoetste en een bevestiging gaf middels zijn pincode. Hierop heeft hij besloten de overschrijving van de auto te doen maken. Hij heeft een foto van de overschrijving gemaakt en had het vertrouwen dat alles goed zou komen. Het geld is uiteindelijk niet op de rekening bijgeschreven.91 De koper belde met telefoonnummer [telefoonnummer] .92

Aan aangever [aangever 20] is een foto van verdachte [verdachte]93 getoond. Aangever [aangever 20] herkende deze persoon heel duidelijk als de man die het gesprek had gevoerd, die een proefrit had gemaakt en die de overboeking had gedaan.94

Verbalisant [verbalisant 38] kreeg op 3 maart 2017 de opdracht te gaan naar [autobedrijf] te [vestigingsplaats] , aangezien daar iemand een BMW met kenteken [kenteken] in kwam ruilen en het bedrijf daar een slecht gevoel bij had. Verbalisant zag dat genoemde BMW op 3 maart 2017 omstreeks 17:45 uur het terrein van het autobedrijf op kwam rijden. De bestuurder van deze auto gaf op te zijn [verdachte] . De bijrijder identificeerde zich als [naam] .95 Verbalisant heeft de voorlaatste tenaamgestelde van het voertuig, [aangever 20] , gebeld en hoorde dat hij gisteren een BMW had verkocht, maar geen geld had gekregen van de koper. De beide heren die in het voertuig waren gecontroleerd zijn daarop aangehouden.96

In de fouillering van [verdachte] is een mobiele telefoon, een Alcatel One Touch, aangetroffen. In de berichteninbox van deze telefoon stond onder meer het volgende bericht:

Telefoonnummer: [telefoonnummer]

Datum en tijd: 02.03.2017 17:13

Inhoud: Adres van de supermarkt (Hoogvliet) [adres] te [woonplaats] . Tot straks. Gr. [aangever 20] .

Aan aangever [aangever 20] is gevraagd of hij SMS contact had gehad met de koper. Dit werd door de aangever bevestigd. Hij liet het volgende bericht lezen:

Telefoonnummer: [telefoonnummer]

Datum en tijd: do 2 mrt. 17:13

Inhoud: Adres van de supermarkt (Hoogvliet) [adres] te [woonplaats] . Tot straks. Gr. [aangever 20] .97

Verbalisant [verbalisant 22] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Tussen 2 en 3 maart 2017 vonden er in totaal 7 gesprekken en/of sms-berichten plaats tussen de telefoon met dit telefoonnummer en98 het telefoonnummer van de aangever. Tijdens het eerste gesprek, op donderdag 2 maart 2017 om 16:57:51 uur, betrof de locatie van de door dit telefoonnummer aangestraalde zendmast [adres] te [woonplaats] . Het woonadres van verdachte [verdachte] en de locatie van deze zendmast liggen ongeveer 1,5 kilometer uit elkaar. Op donderdag 2 maart 2017 tussen 19:02 uur en 19:10 uur straalde dit telefoonnummer zendmasten aan op de [adres] en het [adres] in [woonplaats] . De pleeglocatie (de [adres] te [woonplaats] ) en de [adres] te [woonplaats] liggen ongeveer 2,4 kilometer uit elkaar en de pleeglocatie en het [adres] te [woonplaats] liggen ongeveer 1 kilometer uit elkaar.99

Zaak b

[aangever 2] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij een advertentie op Marktplaats had gezet om zijn laptop, een Apple MacBook Pro100, te verkopen. Op 26 februari 2017 werd hij op zijn mobiele telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] telefonisch benaderd door het telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij maakte een afspraak met de beller bij hem thuis om 20:00 uur in de avond. Hij heeft de koper zijn adres gegeven. Omstreeks 21:00 uur werd er bij hem aangebeld. Hij zag een man staan.101 De man ging akkoord met de prijs: 1.875 euro. De man was bezig om via zijn mobiel de transactie te regelen. De man zei dat hij in [woonplaats] woonde en dat hij [naam] heette. [naam] liet de transactie op zijn telefoon zien. Hij zag op de transactie dat er een naam stond, hr. [naam] , en een nummer: [rekeningnummer] . Hij zag ook zijn eigen naam staan en een bedrag van -1.875 euro. [naam] heeft daarna de laptop meegenomen en is weggegaan. Het bedrag is uiteindelijk niet op zijn rekening bijgeschreven.102

In de fouillering van [verdachte] is een mobiele telefoon, een Alcatel One Touch, aangetroffen. In de berichteninbox is onder meer een bericht aangetroffen van het telefoonnummer + [telefoonnummer] , met als inhoud “ [adres] [woonplaats] ”, dat is verzonden op 26 februari 2017 om 20:21 uur.103

Verbalisant [verbalisant 22] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 26 februari 2017 vonden er in totaal drie gesprekken en/of sms-berichten plaats tussen de telefoon met dit telefoonnummer en het telefoonnummer van aangever. Om 17:56:54 uur straalde dit telefoonnummer de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Om 20:19:31 uur straalde dit telefoonnummer de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Om 21:47:33 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Deze zendmast is 350 meter gelegen vanaf de pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ).104

Zaak c

[aangever 3] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij zijn Apple Airbook (de rechtbank begrijpt: Apple MacBook Air) op Marktplaats te koop had gezet. Op 26 februari 2017 omstreeks 19:10 uur belde er een man met telefoonnummer [telefoonnummer] . De man zei dat hij interesse had in de Airbook en zij hebben voor dezelfde avond een afspraak gemaakt. De man vertelde dat hij uit [woonplaats] kwam. Omstreeks 20:20 uur kwam de man bij de woning aan. De man wilde het geld ter plaatse via de ING bank overmaken. De man liet op zijn telefoon zien dat de overboeking was gelukt. Hij zag dat er een bedrag van 800 euro was overgeboekt naar de naam [aangever 3] . Hij heeft hiervan een foto gemaakt. Op de foto is te zien dat het rekeningnummer van de man [rekeningnummer] is. De naam die hierbij stond was Hr. [naam] . Nadat de man de Airbook had gekocht, is hij weggegaan.105

In de fouillering van [verdachte] is een mobiele telefoon, een Alcatel One Touch, aangetroffen. In de berichteninbox is onder meer een bericht aangetroffen van het telefoonnummer +31648083390, met als inhoud “ [adres] [woonplaats] ”, dat is verzonden op 26 februari 2017 om 19:21 uur.106

Verbalisant [verbalisant 22] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 26 en 27 februari 2017 vonden er in totaal 5 gesprekken en/of sms-berichten plaats tussen de telefoon met dit telefoonnummer en het telefoonnummer van aangever, [telefoonnummer] .107 Op 26 februari 2017 om 19:18:58 uur straalde dit telefoonnummer daarbij een zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Om 19:21:59 werd vervolgens een zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aangestraald. Op 27 februari 2017 om 14:28:01 werd er een sms verzonden naar dit telefoonnummer. De locatie van de zendmast betrof de [adres] te [woonplaats] .108

Zaak d

[aangever 26] , wonende te [adres] te [woonplaats] , heeft aangifte gedaan van oplichting en verklaard dat hij zijn mobiele telefoon van het merk Apple, type iPhone 7, via Marktplaats te koop heeft aangeboden. Op 24 februari 2017 werd hij gebeld door een koper, die belde met telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij heeft diezelfde dag omstreeks 18:30 uur met de koper afgesproken bij zijn woning. Zij zijn een bedrag van 600 euro overeengekomen. Omstreeks 18:30 uur werd er bij hem aangebeld. Hij zag een jongen voor de deur staan, die hij als volgt kan omschrijven: 18 tot 20 jaar oud,109 1.75 tot 1.80 meter lang, getinte huidskleur. Zij hadden afgesproken dat de koper ter plaatse het geld over zou maken naar zijn rekening. Hij zag dat de jongen zijn mobiele telefoon pakte en inlogde op de ING-bank. Hij heeft hem het rekeningnummer gegeven en zag dat de jongen het rekeningnummer op de ING app intoetste. Hij zag dat de jongen via de app het geld had overgemaakt. Hij zag namelijk dat het bedrag van 600 euro was overgeschreven. Hij heeft toen zijn mobiele telefoon aan de jongen meegegeven.110

In de fouillering van [verdachte] is een mobiele telefoon, een Alcatel One Touch, aangetroffen. In de berichteninbox is onder meer een bericht aangetroffen van het telefoonnummer [telefoonnummer] , met als inhoud “ [adres] [woonplaats] ”, dat is verzonden op 24 februari 2017 om 17:45 uur.111

Verbalisant [verbalisant 22] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 24 februari 2017 vonden er in totaal 5 gesprekken en/of sms-berichten plaats tussen de telefoon met dit telefoonnummer en het telefoonnummer van aangever, [telefoonnummer] . Tijdens drie van deze contacten, om 17:42:48 uur, 17:45:51 uur en 17:46:19 uur, betrof de locatie van de door dit telefoonnummer aangestraalde zendmast de [adres] te [woonplaats] . Om 17:55:37 uur en 17:56:08 uur straalde dit telefoonnummer een zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan.112

Zaak e

[aangever 21] heeft verklaard dat hij een advertentie op Marktplaats had gezet waarin hij zijn laptop van het merk Apple, type: MacBook Pro, te koop aanbood. Op 26 februari 2017 om 19:29 uur werd hij gebeld door een jongeman die zich voorstelde als [naam] , hierna te noemen verdachte. Verdachte had interesse in de laptop en wilde de laptop die avond nog komen ophalen. Zij zijn een bedrag overeengekomen van 775 euro.113 De verdachte belde met het telefoonnummer [telefoonnummer] . De verdachte is die avond niet op komen dagen en zij hebben een nieuwe afspraak gemaakt op 27 februari 2017 om 19:00 uur. Hij heeft per sms de adresgegevens van zijn werkplaats gestuurd, waar zij hadden afgesproken. Dit adres betreft de [adres] te [woonplaats] . Op 27 februari 2017 om 15:17 uur belde de verdachte dat hij al in de buurt was van de werkplaats. Hij heeft de verdachte binnengelaten. De verdachte stelde voor om te betalen via de mobiel bankieren app van de ING op zijn telefoon. Hij heeft de verdachte zijn rekeningnummer gegeven. Verdachte voerde de betaalgegevens in op de app en hij heeft ondertussen meegekeken. Hij herkende de app als de ING app die hij zelf ook op zijn telefoon gebruikt. Op het moment dat de verdachte zijn code in moest voeren, draaide hij het scherm even weg. Na enkele seconden liet hij het scherm opnieuw zien, waarop getoond werd dat de transactie van zijn rekening was afgeschreven. Hij heeft zijn ING app op zijn eigen telefoon opgestart om te zien of de betaling al was overgeboekt. Dit bleek niet het geval. Hij heeft voorgesteld om even een paar minuten te wachten. De verdachte gaf aan dat hij er weer vandoor moest. De verdachte stelde dat hij had betaald en dat hij dus kon vertrekken. De verdachte stelde voor dat hij een foto kon maken van de transactie die op zijn scherm werd getoond. Hij heeft van het scherm een foto gemaakt. Hij zag dat het rekeningnummer van de verdachte [rekeningnummer] was. De verdachte overtuigde hem ervan dat de transactie was verstuurd en hij verzekerde hem ervan dat de betaling in orde kwam.114 De transactie blijkt nooit te zijn overgeboekt. Het rekeningnummer bleek ongeldig te zijn. Hij wist daardoor zeker dat hij was opgelicht. De verdachte was 21 jaar, 1.75 tot 1.80 meter lang, licht getint en had een tenger postuur met donker kort haar.115

In de fouillering van [verdachte] is een mobiele telefoon, een Alcatel One Touch, aangetroffen. In de berichteninbox stonden berichten die overeenkwamen met de berichten die de aangever [aangever 21] had verzonden naar de ‘koper’ van zijn MacBook Pro.116

Verbalisant [verbalisant 22] heeft onderzoek gedaan naar de historische verkeersgegevens van de telefoon met telefoonnummer [telefoonnummer] . Op 26 en 27 februari 2017 vonden er in totaal 9 gesprekken en/of sms-berichten plaats tussen de telefoon met dit telefoonnummer en het telefoonnummer van de aangever. Op 26 februari 2017 om 19:30:09 uur straalde dit telefoonnummer daarbij de zendmast aan de [adres] te [woonplaats] aan. Later die dag werden er verschillende zendmasten in onder meer Zoetermeer en Rijswijk aangestraald. Op 27 februari 2017 tussen 15:17 en 15:28 uur betrof de aangestraalde zendmast de [adres] te [woonplaats] . Deze zendmast en de pleeglocatie ( [adres] te [woonplaats] ) liggen ongeveer 2,1 kilometer uit elkaar.117

Parketnummer 16/045187-17 118

[aangever 22] , wonende te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij een advertentie op Marktplaats had geplaatst, waarin hij zijn videocamera van het merk Canon (type BP-975G119), inclusief diverse accessoires, te koop aanbood. Op donderdag 13 oktober 2016 omstreeks 19:03 uur kreeg hij een telefoontje, afkomstig van het telefoonnummer [telefoonnummer] . Hij kreeg een meneer aan de telefoon, die aangaf interesse te hebben in de aangeboden videocamera inclusief accessoires.120 De meneer bood hem een geldbedrag van 1.900 euro. Hij is hiermee akkoord gegaan. De meneer wilde de videocamera direct op komen halen, omdat het een verjaardagscadeau voor zijn vader was, die de volgende dag jarig was. Hier is hij mee akkoord gegaan en zij hebben afgesproken dat de meneer zich tussen 21:00 uur en 21:30 uur zou melden bij zijn woning. De meneer stelde voor de betaling thuis te verrichten via internetbankieren van de ING bank. Hij hoorde zijn deurbel en zag dat er twee heren voor de deur stonden. De koper gaf aan dat hij de camera wilde kopen. De koper vertelde de betaling via zijn telefoon te zullen doen. Hij heeft de koper zijn bankrekeningnummer gegeven en hij mocht meekijken hoe de koper de betaling verrichte. Hij zag dat de betaling in mindering was gebracht op het saldo. Hij ging er daarom vanuit dat er was betaald voor de videocamera. Beide heren zijn hierop met medeneming van de videocamera vertrokken.121 Op 17 oktober 2016 stond het bedrag nog steeds niet op zijn bankrekening. Hij begreep toen dat hij was opgelicht. Op 18 oktober 2016 hoorde hij dat zijn videocamera was aangetroffen bij verdachten van een oplichtingszaak. De man die de betaling heeft verricht was een man van Marokkaanse afkomst van ongeveer 1.80 meter lang, met een slank postuur en donker kort haar. De vriend van de koper was een man van Marokkaanse afkomst, met een gezet/stevig postuur en zwart haar.122

[aangever 23] , wonende te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij een advertentie op Marktplaats had geplaatst, waarin hij een computer, een Apple MacBook Pro, te koop aanbood. Op 13 oktober 2016 werd hij naar aanleiding van deze advertentie gebeld. Hij hoorde dat hij een manspersoon aan de lijn had, die zei dat hij in de buurt was en direct langs wilde komen om de MacBook te bekijken. De man bood hem 1.300 euro voor de MacBook.123 Diezelfde avond omstreeks 21:00 uur werd er bij hem thuis aangebeld. Hij zag twee mannen voor zijn woning staan, die vertelden dat ze voor zijn MacBook kwamen. De mannen waren van buitenlandse afkomst, ongeveer 21 jaar oud, hadden een normaal postuur en kort zwart haar. De jongens wilden het complete pakket (de MacBook, de bijbehorende koptelefoon, de originele doos, pakbon en muis) van hem overnemen. Zij kwamen tot een overeenkomst van 1.400 euro. De jongens lieten hem op hun telefoon een app van de ING bank zien, waarop te zien was dat er 1.400 euro naar zijn rekening overgemaakt zou worden. Het geld heeft hij uiteindelijk nooit ontvangen. Op 27 oktober 2016 werd hij gebeld door de politie.124 Hij hoorde dat de politie hem vertelde dat ze twee jongens hadden aangehouden. In de auto van de jongens hadden ze zijn koptelefoon, muis, pakbon en originele doos aangetroffen.125

[aangever 24] , wonende te [woonplaats] , heeft verklaard dat hij een camera van het merk Nikon en een cameralens van het merk Nikon te koop had aangeboden op Marktplaats. Op 13 oktober 2016 meldde zich telefonisch een persoon die interesse zou hebben in de camera en de cameralens. De jongen gaf op te zijn genaamd [naam] en belde met het nummer [telefoonnummer] . Op 13 oktober 2016 omstreeks 18:00 uur meldde deze [naam] zich bij zijn woning. [naam] vertelde dat hij interesse had in de camera en cameralens, omdat zijn vader de volgende dag jarig zou zijn.126 Zij zijn uiteindelijk overeengekomen dat [naam] de camera en een batterij zou kopen voor 1.665 euro en de cameralens voor 1.025 euro. Zij zijn overeengekomen dat [naam] middels internetbankieren zou betalen. [naam] toonde hem een app waarvan hij vermoede dat het een internetbankierenapp van de ING betrof. Hij zag in deze app het rekeningnummer [rekeningnummer] staan, met daarboven de tekst [naam] . Hij zag dat [naam] veld voor veld de gegevens in deze app aan het invullen was. [naam] toonde tevens wat het saldo op deze rekening was en wat het saldo was na de betaling. [naam] drong er op aan dat hij foto’s zou nemen van de schermen van zijn telefoon waarop de ingevulde gegevens te zien waren. Hij kwam er later achter dat het een niet geldig rekeningnummer zou betreffen en hij heeft het overeengekomen bedrag ook niet op zijn rekening bijgeschreven gekregen. [naam] heeft hem dus opgelicht en heeft zijn camera en cameralens meegenomen zonder de overeengekomen prijs daarvoor te betalen. De persoon die zich voorstelde als [naam] was een licht getinte man, van ongeveer 1.70 tot 1.75 meter lang, tussen de 19 en 22 jaar oud, met een normaal postuur en kort zwart haar.127 Op 17 oktober 2016 zag hij dat er op Marktplaats een Nikon D880 en een Nikon Lens met dezelfde specificaties als die van hem te koop stonden. Hij is naar de winkel van de aanbieder, [winkel] in [vestigingsplaats] , gereden en zag daar beide goederen te koop staan. De serienummers kwamen overeen met de nummers van de hem ontvreemde goederen. Door de eigenaar is toen de politie gebeld. Degene van wie de eigenaar de camera had gekocht, belde weer om iets te verkopen. Diegene zou vanmiddag nog naar [vestigingsplaats] komen. Hij heeft daarop gewacht. Op het moment dat er twee mannen de winkel in kwamen, herkende hij één van hen voor honderd procent als degene die hem heeft opgelicht met de aankoop van de camera.128 Het gaat om de man met de jas met de horizontale banen die door de politie is aangehouden.129

[aangever 25] heeft verklaard dat hij de eigenaar is van de fotozaak in [vestigingsplaats] . Op 14 oktober 2016 heeft hij van twee mannen een Nikon camera en een Nikon lens gekocht.130 Op 17 oktober 2016 stond er een man in de winkel die aangaf dat de camera en lens van hem waren. Hij besloot toen de politie te bellen. Op het moment dat de politie bij hem was, werd hij gebeld door dezelfde persoon die voornoemde goederen aan hem had verkocht. De persoon vroeg of hij belangstelling had voor nog meer camera’s. Hij heeft aangegeven dat hij belangstelling had. De persoon zei dat hij er met een half uurtje zou zijn. Hij zag die middag op de bewakingscamera’s van zijn winkel dat de mannen die aan kwamen lopen dezelfde personen waren als de personen die hem de voornoemde goederen hadden verkocht. De mannen zijn door de politie aangehouden.131

Verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 7] zijn op 17 oktober 2016 naar camerawinkel [winkel] te [vestigingsplaats] gegaan. De heer [aangever 25] heeft daar de camerabeelden getoond van de jongens die de vrijdag daarvoor bij hem in de winkel waren en die hem de camera en lens132 hebben verkocht. Zij hoorden dat de heer [aangever 24] zei dat degene die hem had opgelicht op de beelden te zien was. Hij wees daarbij naar een jongeman op de camera die een blauwe jas droeg. Omstreeks 14:30 uur hoorden zij dat de heer [aangever 25] gebeld werd en daarna aan hen vertelde dat de jongen die hem de spullen verkocht had, met een half uurtje weer zou komen met een andere camera. Omstreeks 15:00 uur zagen zij via de beveiligingscamera’s dat er twee jongens de winkel binnen kwamen lopen. Zij herkenden de jongens als zijnde de jongens die zij eerder op de camerabeelden, die de heer [aangever 25] hen had getoond, hadden gezien. Zij hoorden dat de heer [aangever 24] zei dat een van de jongens de jongen was die hem had opgelicht. Zij zagen dat hij naar de jongen met de blauwe jas wees. Zij zijn vervolgens de winkel ingelopen en hebben de beide jongens aangesproken. De jongen met de blauwe jas zei dat zijn identiteitsbewijs in de auto lag, onder de zonneklep. De auto stond om de hoek geparkeerd. Zij hebben daarna beide jongens aangehouden.133 Een van de aangehouden verdachte betrof [verdachte] .134 Om de hoek stond een zwarte Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] . In de zonneklep aan de bestuurderszijde zat een rijbewijs op naam van [verdachte] . Verbalisant herkende de persoon op de foto als de aangehouden verdachte met de blauwe jas.135

In Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] zijn onderstaande goederen aangetroffen.

- Filmcamera van het merk Canon136, met tas met inhoud en bijbehorende doos. In de tas van deze filmcamera zijn twee facturen aangetroffen van deze camera met toebehoren. Op deze facturen stond de naam [aangever 22] . De videocamera en toebehoren zijn teruggegeven aan de heer [aangever 22] .

- Hoofdtelefoon van het merk Beats, computermuis van het merk Apple en een doos van een MacBook. Bij deze doos werd een pakbon van de Mediamarkt aangetroffen met daarop de naam [aangever 23] .137

Bewijsoverwegingen

De rechtbank stelt op grond van voornoemde bewijsmiddelen vast dat in alle tenlastegelegde zaken gebruik is gemaakt van dezelfde handelwijze. De ‘kopers’ hebben zich telkens voorgedaan als bonafide kopers, door naar aanleiding van advertenties op Marktplaats een afspraak te maken met de verschillende verkopers, naar de verkopers toe te gaan, een bedrag met de verkopers overeen te komen, aan te geven dit bedrag via een applicatie voor mobiel bankieren over te maken en aan de verkopers te laten zien dat het bedrag volgens de nagemaakte app was overgemaakt. Doordat de verkopers in de veronderstelling waren dat het bedrag ook daadwerkelijk naar hen was overgemaakt, hebben zij de aangeboden goederen aan de ‘kopers’ meegegeven. Door telkens een nagemaakte applicatie voor mobiel bankieren, een valse naam en een vals rekeningnummer te gebruiken, hebben de kopers aldus gebruik gemaakt van een valse naam, een valse hoedanigheid, listige kunstgrepen en een samenweefstel van verdichtsels, waardoor de verkopers werden bewogen tot afgifte van de door hen aangeboden goederen. De rechtbank acht aldus bewezen dat in alle zaken, met uitzondering van het onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 2 tenlastegelegde, sprake is van oplichting. In laatstgenoemde zaak heeft verdachte de goederen uiteindelijk zonder toestemming van de aangeefster meegenomen, waardoor sprake is van diefstal (met geweld/bedreiging met geweld).

Naast de hiervoor omschreven (algemene) handelwijze, komen de verschillende zaken ook op specifiekere punten overeen. Zo reageerde(n) de ‘koper(s)’ altijd op dure en specifieke goederen (waaronder iPhones, MacBooks en camera’s), nam(en) de ‘koper(s)’ vaak heel snel nadat de betreffende advertentie op Marktplaats was gezet contact op met de verkopers, wilde(n) de ‘koper(s)’ meestal direct langskomen om het aangeboden goed te kopen, liet(en) de ‘koper(s)’ vaak weten dat zij uit [woonplaats] kwamen en liet(en) de ‘koper(s)’ de verkopers een foto maken van het scherm waarop te zien zou zijn dat de overboeking was gelukt. Er is in de verschillende zaken aldus sprake van een zelfde modus operandi. Verder valt in het bijzonder op dat in het geheel van de zaken weliswaar verschillende telefoonnummers worden gebruikt, maar dat elk van deze telefoonnummers afzonderlijk beschouwd steeds in een korte tijdsperiode van meestal een week (veelvuldig) wordt gebruikt en dan niet meer terugkomt. De rechtbank ziet zich vervolgens voor de vraag gesteld of verdachte ook bij dezoplichtingen betrokken is geweest. Hiervoor zullen de verschillende feiten/feitencomplexen afzonderlijk worden besproken.

parketnummer 16/659198-17, feit 1

De rechtbank acht, gelet op de herkenning van verdachte op de camerabeelden en het feit dat de ‘koper’ het e-mailadres [e-mailadres] met de naam ‘ [verdachte] ’ gebruikte, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte “ [naam] ” betreft en aldus de aangever heeft opgelicht. De rechtbank ziet, mede gelet op het feit dat de camerabeelden waarop verdachte is herkend heel duidelijk zijn, geen reden om aan de herkenning van verdachte door verbalisant [verbalisant 1] te twijfelen.

parketnummer 16/659198-17, feit 2 en 3

13-15 november 2016

Dee rechtbank ziet geen reden om aan de herkenningen van verdachte door verbalisanten [verbalisant 15] en [verbalisant 16] te twijfelen. Verbalisanten hebben gerelateerd dat zij verdachten kenden en hebben omschreven op basis waarvan de herkenning is geschied. De beelden zijn ook van voldoende kwaliteit om een herkenning op te baseren. Aldus kan worden vastgesteld dat verdachte op 15 november 2016 heeft gereden in een Renault Laguna met kenteken [kenteken] . In dit voertuig zijn daarna verschillende goederen aangetroffen, waaronder de camera met toebehoren van aangever [aangever 7] (feit 3, zaak a) en de statieven van aangeefster [aangever 5] (feit 2). Bij medeverdachte [medeverdachte] , waarvan ook is vastgesteld dat hij heeft (mee)gereden in het voertuig, is voorts de iPhone van aangeefster [aangever 9] (feit 3, zaak e) aangetroffen. Gelet op het aantreffen van de camera met toebehoren in het voertuig, het korte tijdsverloop tussen het moment dat de ‘kopers’ uit Den Haag zijn weggereden en het moment dat het voertuig staande is gehouden en verdachte is gevlucht en het feit dat het signalement van verdachte overeenkomt met het signalement van een van de ‘kopers’ van de camera met toebehoren, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een van de ‘kopers’ van de goederen van aangever [aangever 7] is geweest. Twee uur voor deze ‘koop’ hebben twee mannen de MacBook van aangever [aangever 10] (feit 3, zaak o) meegenomen. Gelet op het feit dat de signalementen van deze twee mannen overeenkomen met de signalementen van de ‘kopers’ van de goederen van aangever [aangever 7] , het korte tijdsverloop tussen beide zaken en het feit dat in deze zaak door de ‘kopers’ gebruik is gemaakt van dezelfde naam, hetzelfde telefoonnummer en hetzelfde bankrekeningnummer, stelt de rechtbank vast dat het om dezelfde personen moet gaan en dat verdachte daarom ook kan worden aangemerkt als een van de ‘kopers’ van de MacBook van aangever [aangever 10] . Op grond van een vergelijkbare redenering stelt de rechtbank daarnaast ook vast dat verdachte betrokken is geweest bij de diefstal met geweld van de goederen van aangeefster [aangever 5] en de ‘koop’ van de iPhone van aangeefster [aangever 9] op 14 november 2016 en de ‘koop’ van de MacBook van aangever [aangever 8] (feit 3, zaak n) op 13 november 2016. Verdachte past immers binnen het door de aangevers opgegeven signalement, de door de verschillende aangevers opgegeven signalementen komen overeen en de gebruikte naam, het telefoonnummer, het bankrekeningnummer en het kenteken komen overeen met de gegevens uit de zaak van aangever [aangever 7] . De goederen van aangeefsters [aangever 9] en [aangever 5] zijn bovendien in het voertuig of bij de medeverdachte aangetroffen. Uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer dat in alle voornoemde zaken is gebruikt, kan worden afgeleid dat de meest aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer in de buurt van de woning van verdachte staat en dat het telefoonnummer ten tijde van de verschillende overdrachten een zendmast in de buurt van de betreffende overdracht aanstraalde. De rechtbank acht op grond van de voorgaande omstandigheden, waaronder ook de modus operandi, in onderlinge samenhang bezien wettig en overtuigend bewezen dat verdachte in alle zaken de ‘koper’ betrof en aldus de verschillende aangevers heeft opgelicht, al dan niet samen met een ander.

12 oktober 2016

De rechtbank acht de herkenning van verdachte door [verbalisant 16] betrouwbaar. Ook hier was verbalisant bekend met verdachte en is helder omschreven op basis waarvan de herkenning heeft plaatsgevonden. De beelden waren ook van voldoende kwaliteit om een herkenning op te baseren. Gelet op de herkenning van verdachte door verbalisant [verbalisant 16] en het feit dat verdachte in de zaken die onder het andere parketnummer ten laste zijn gelegd, gebruik heeft gemaakt van dezelfde naam en hetzelfde telefoonnummer, alsmede de modus operandi, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte “ [naam] ” betreft en aldus aangever [aangever 11] (feit 3, zaak f) heeft opgelicht.

3-8 november 2016

De rechtbank stelt vast dat in alle zaken in deze periode (feit 3, zaken b, d, g, h, i, j, k, l en m) gebruik is gemaakt van hetzelfde telefoonnummer en/of rekeningnummer. Ook is vaak dezelfde naam gebruikt. Gelet op het zeer korte tijdsverloop tussen de verschillende zaken, het feit dat in alle zaken sprake is van dezelfde modus operandi en het feit dat in de verschillende zaken gebruik is gemaakt van dezelfde gegevens, acht de rechtbank bewezen dat de zaken door dezelfde dader zijn gepleegd. In een aantal van deze zaken is gezien dat de dader reed in een auto met kenteken [kenteken] . Dit betreft de auto waarin verdachte een aantal dagen later ook heeft gereden. De dader gebruikte in een aantal van de zaken de naam ‘ [naam] ’; een naam die verdachte ook gebruikte in feit 3, zaak f, en in de onder het andere parketnummer tenlastegelegde feiten. Uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer dat in alle voornoemde zaken is gebruikt, kan worden afgeleid dat de meest aangestraalde zendmast van dit telefoonnummer in de buurt van de woning van verdachte staat en dat het telefoonnummer ten tijde van de verschillende overdrachten een zendmast in de buurt van de betreffende overdracht aanstraalde. Gelet op het feit dat verdachte bovendien past in alle opgegeven signalementen, acht de rechtbank bewezen dat verdachte in alle zaken de ‘koper’ betrof en aldus de verschillende aangevers heeft opgelicht.

parketnummer 16/659198-17, feit 4

De rechtbank acht, gelet op het feit dat verdachte is aangehouden terwijl hij de auto van aangever [aangever 20] (feit 4, zaak a) probeerde te verkopen, het feit dat verdachte door de aangever is herkend als de persoon die het woord deed en die de koop sloot via de banktransactie en het feit dat er in de bij de verdachte aangetroffen telefoon een SMS-bericht is aangetroffen, dat de aangever naar de ‘koper’ van zijn auto heeft gestuurd, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ‘koper’ van de auto en aldus degene die aangever heeft opgelicht is geweest. De rechtbank acht, gelet op het feit dat er ook SMS-berichten van de aangevers in de andere zaken (feit 4, zaken b, c, d en e) in de bij verdachte aangetroffen telefoon zijn aangetroffen, verdachte in de verschillende zaken past binnen de door de aangevers opgegeven signalementen en in de verschillende zaken gebruik is gemaakt van hetzelfde telefoonnummer en rekeningnummer en dezelfde modus operandi, ook wettig en overtuigend bewezen dat het verdachte is geweest die de aangevers in deze zaken heeft opgelicht. De rechtbank acht de verklaring van verdachte dat de bij hem aangetroffen telefoon niet van hem, maar van [naam] was, niet geloofwaardig. Relevant in dit kader is nog dat [naam] in [woonplaats] woont en uit de historische verkeersgegevens van deze telefoon is gebleken dat het gebruikte telefoonnummer ten tijde van de tenlastegelegde feiten telkens zendmasten in [woonplaats] en in de buurt van de plaatsen van de verschillende overdrachten aanstraalde. Het telefoonnummer heeft daarentegen geen zendmasten in [woonplaats] aangestraald.

parketnummer 16/045187-17

De rechtbank acht, gelet op het feit dat verdachte is aangehouden toen hij probeerde de camera van aangever [aangever 24] te verkopen, het feit dat verdachte door aangever [aangever 24] is herkend als de dader van de oplichting en het feit dat de ‘koper’ van de camera hetzelfde telefoonnummer en dezelfde naam heeft gebruikt als verdachte in feit 3, zaak f, van het andere parketnummer, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte “ [naam] ” betrof en aldus aangever [aangever 24] heeft opgelicht. Gelet op het feit dat in het voertuig van verdachte goederen van aangevers [aangever 23] en [aangever 22] zijn aangetroffen, in deze zaken gebruik is gemaakt van dezelfde modus operandi als in andere zaken en dezelfde naam en hetzelfde telefoonnummer als in de zaak van aangever [aangever 24] en verdachte bovendien past binnen de door de aangevers opgegeven signalementen, acht de rechtbank ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte aangevers [aangever 23] en [aangever 22] heeft opgelicht.

De rechtbank leidt uit de bewijsmiddelen af dat het verdachte is geweest die in alle zaken (voornamelijk) het woord voerde en de ‘overboeking’ op zijn telefoon uitvoerde. In een aantal zaken was verdachte alleen en in een aantal zaken was er een ander of waren er anderen met verdachte mee, die ook een bijdrage aan de oplichting leverde(n). De rechtbank acht aldus bewezen dat verdachte in sommige zaken alleen handelde, terwijl er in andere zaken sprake was van medeplegen, te weten in de zaken a, e, j en o onder feit 3 en de zaak a onder feit 4 alsmede de zaak van aangever [aangever 23] onder parketnummer 16/045187-17. In deze zaken overweegt de rechtbank dat uit de aangiftes blijkt dat de “medekoper” niet alleen aanwezig is bij de “koop” maar hierbij tevens een wezenlijke bijdrage heeft geleverd, door mee te praten, de afspraak voor de ontmoeting te maken zoals in zaak a onder 4, danwel te delen in de buit, zoals in zaak e onder 3, waarbij de buitgemaakte telefoon in de fouillering van medeverdachte [medeverdachte] is aangetroffen op 15 november 2016.

6 BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

Parketnummer 16/659198-17

1.

op 15 juni 2016 te Rotterdam met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid en listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 4] heeft bewogen tot de afgifte van een personenauto (Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] )

hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

  • -

    zich in contact gesteld met die [aangever 4] en zich daarbij voorgedaan als " [naam] " en

  • -

    zich voorgedaan als een tot betalen bereid zijnde koper, en

  • -

    met die [aangever 4] een afspraak gemaakt omtrent de verkoopprijs van voornoemde Volkswagen Polo en

  • -

    die [aangever 4] mee te laten kijken bij het overboeken van de verkoopprijs van voornoemde Volkswagen Polo naar de bankrekening van [B ] door middel van een mobiele applicatie (app) voor internetbankieren,

waardoor [aangever 4] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

op 14 november 2016 te Wassenaar met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een camera (merk Nikon) en meerdere cameratoebehoren, waaronder twee statieven en lenzen en een geheugenkaart,

toebehorende aan [aangever 5] en [aangever 6] ,

welke diefstal werd gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever 6] , gepleegd met het oogmerk om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte die [aangever 6] meermalen tegen het bovenlichaam heeft geduwd en gestompt en dreigend de woorden heeft gezegd "Godverdomme ik trap hier de hele boel in elkaar en jullie ook. Ik bel mijn matties en dan nemen we alles mee";

3.

hij op tijdstippen in de periode van 12 oktober 2016 tot en met 15 november 2016 te

(a)'s-Gravenhage en

(b)Zoetermeer en

(d)Nieuwkoop en

(e)Leiden en

(f)Oegstgeest en

(g) + (k) 's-Hertogenbosch en

(h)Vleuten en

(i)De Bilt en

(j)Woudenberg en

( (l) Gorinchem en

(m) Almere en

(n) Zeist en

(o)Utrecht

tezamen en in vereniging met een ander en/of alleen, telkens met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en door een of meer listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, na te noemen personen heeft/hebben

bewogen tot de afgifte van na te noemen goederen, immers hebben verdachte en/of zijn mededader telkens met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

  • -

    naar aanleiding van advertenties op de internetsite Marktplaats.nl contact gezocht met de aanbieders van na te noemen goederen en zich voorgedaan als bonafide koper(s) en

  • -

    vervolgens een afspraak gemaakt voor de aankoop van de aangeboden goederen en

  • -

    vervolgens naar de afgesproken plaats gekomen voor de overdracht en betaling van de goederen waarbij verdachte aangaf het overeengekomen bedrag te voldoen door middel van een betaling via een applicatie voor mobiel bankieren en

  • -

    vervolgens de transactiegegevens, waaronder het rekeningnummer van de verkopers en het bedrag, in die voornoemde applicatie op een smartphone ingetoetst en/of getoond aan de verkopers en/of

  • -

    de verkopers in de gelegenheid gesteld om een foto te maken van het scherm van de smartphone met daarop de geplande transactie waarbij een valse naam (waaronder [naam] en [naam] ) en/of een vals rekeningnummer zichtbaar was en

  • -

    vervolgens aan de verkopers laten weten dat de geplande mobiel bankeren transactie was geslaagd en/of dat het geld was overgemaakt naar de verkopers

waardoor

(a) [aangever 7] (zaak 1) en

(b) [aangever 16] (zaak 3) en

(d) [aangever 19] (zaak 5) en

(e) [aangever 9] (zaak 6) en

(f) [aangever 11] (zaak 7) en

(g) [aangever 17] (zaak 8) en

(h) [aangever 14] (zaak 9) en

(i) [aangever 1] (zaak 10) en

(j) [aangever 15] (zaak 11) en

(k) [aangever 18] (zaak 12) en

(l) [aangever 13] (zaak 13) en

(m) [aangever 12] (zaak 14) en

(n) [aangever 8] (zaak 15) en

(o) [aangever 10] (zaak 16)

werden bewogen tot de afgifte van

(a) een camera van het merk Nikon en meerdere camera-toebehoren, waaronder lenzen en cameratassen en

(b) een Apple MacBook Pro en

(d) een Apple iPhone 6+ en

(e) een Apple iPhone en

(f) twee Pioneer draaitafels en een DJM-700 Mixer en

(g) een Apple MacBook Pro en

(h) een Apple iPhone 6s en

(i) een Apple iPhone 7 en

(j) een Apple MacBook Pro en

(k) een Apple iPhone 7 en

(l) een Apple MacBook Pro en

(m) een Samsung Galaxy S7 en

(n) een Apple MacBook Air en

(o) een Apple MacBook Pro

4.

hij op tijdstippen omstreeks de periode van 26 februari 2017 tot en met 2 maart 2017 te

(a) Zoetermeer en

(b) Rijswijk en

(c) Houten en

(d) Amersfoort en

(e) Utrecht

tezamen en in vereniging met een ander of anderen en/of alleen telkens met het oogmerk om zich en/of een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en door een of meer listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, na te noemen personen heeft/hebben bewogen tot de afgifte van na te noemen goederen, immers hebben verdachte en/of zijn mededader(s) telkens met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

  • -

    naar aanleiding van advertenties op de internetsite Marktplaats.nl contact gezocht met de aanbieders van na te noemen goederen en zich voorgedaan als bonafide koper(s) en

  • -

    vervolgens een afspraak gemaakt voor de aankoop van de aangeboden goederen en

  • -

    vervolgens naar de afgesproken plaats gekomen voor de overdracht en betaling van de goederen waarbij verdachte aangaf het overeengekomen bedrag te voldoen door middel van een betaling via een applicatie voor mobiel bankieren en

  • -

    vervolgens de transactiegegevens, waaronder het rekeningnummer van de verkopers en het bedrag, in die voornoemde applicatie op een smartphone ingetoetst en/of getoond aan de verkopers en/of

  • -

    de verkopers in de gelegenheid gesteld om een foto te maken van het scherm van de smartphone met daarop de geplande transactie waarbij een valse naam ( [naam] ) en/of een vals rekeningnummer zichtbaar was en

  • -

    vervolgens aan de verkopers laten weten dat de geplande mobiel bankieren transactie was geslaagd en/of dat het geld was overgemaakt naar de verkopers

waardoor

(a) [aangever 20] (zaak 18) en

(b) [aangever 2] (zaak 19) en

(c) [aangever 3] (zaak 20) en

(d) [aangever 26] (zaak 21) en

(e) [aangever 21] (zaak 22)

werden bewogen tot de afgifte van

(a) een auto (BMW, Serie 1 met kenteken [kenteken] ) en

(b) een Apple MacBook Pro en

(c) een Apple MacBook Air en

(d) een Apple iPhone 7 en

(e) een Apple MacBook Pro

Parketnummer 16/045187-17

Primair

op tijdstippen in de periode van 13 oktober 2016 tot en met 21 oktober 2016 te Dordrecht en te Zwijndrecht en te Amsterdam en te Utrecht, tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen,

telkens met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 23] en [aangever 22] en [aangever 24] heeft/hebben bewogen tot de afgifte van enige goederen, te weten een MacBook (van het merk Apple, type Pro) en een koptelefoon en een muis (van het merk Apple) en een camera met daarbij behorende accessoires (van het merk Canon, type BP-975G) en een fotocamera (van het merk Nikon, type D880) en een fotocameralens (van het merk Nikon)

hierin bestaande dat verdachte en/of zijn mededader met vorenomschreven oogmerk

- zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid:

  • -

    via www.marktplaats.nl (onder een valse naam) heeft/hebben gereageerd op een door die [aangever 23] en die [aangever 22] en die [aangever 24] geplaatste advertentie, en

  • -

    vervolgens met die [aangever 23] en die [aangever 22] en die [aangever 24] heeft/hebben afgesproken om de te koop aangeboden goederen te bekijken, en

  • -

    vervolgens een koopovereenkomst met die [aangever 23] en die [aangever 22] en die

[aangever 24] is/zijn aangegaan, en

  • -

    vervolgens aan die [aangever 23] en die [aangever 22] en die [aangever 24] heeft/hebben medegedeeld dat zij het afgesproken aankoop bedrag direct middels een op verdachtes mobiele telefoon beschikbare app van de ING bank zou(den) overmaken, en/of

  • -

    vervolgens aan die [aangever 23] en die [aangever 22] en die [aangever 24] een schermafbeelding getoond om aan te tonen dat het afgesproken aankoopbedrag daadwerkelijk was overgemaakt,

  • -

    terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader, ten tijde van het aangaan van de overeenkomst het voornemen had(den) en wist(en) het voornoemde geldbedrag niet te zullen overmaken.

waardoor voormelde personen zijn bewogen tot afgifte van eerdergenoemde goederen.

Voor zover in het bewezenverklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte wordt hiervan vrijgesproken.

7 STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert volgens de wet de volgende strafbare feiten op:

Parketnummer 16/659198-17

- feit 1: oplichting;

- feit 2: diefstal, gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren;

- feit 3: (medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd;

- feit 4: (medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd;

Parketnummer 16/045187-17

- feit 1 primair: (medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd.

8 STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE

Er is geen omstandigheid gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

9 OPLEGGING VAN STRAF

9.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte ter zake van het door hem bewezen geachte te veroordelen tot een jeugddetentie voor de duur van 9 maanden, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De officier van justitie heeft gevorderd als bijzondere voorwaarden de maatregel Toezicht en Begeleiding door Reclassering Nederland, de verplichting tot het volgen van school en het hebben van een bijbaan, de verplichting tot het dragen van een enkelband, zodra en zolang de reclassering dit nodig acht, en een contactverbod met [medeverdachte] op te leggen.

9.2

Het standpunt van de verdediging

Indien verdachte niet zal worden vrijgesproken, heeft de raadsman verzocht geen langere onvoorwaardelijke jeugddetentie op te leggen dan de tijd die verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Daarbij kan een voorwaardelijke jeugddetentie of een werkstraf worden opgelegd. Indien er een voorwaardelijke jeugddetentie zal worden opgelegd, heeft verdachte geen bezwaar tegen de geadviseerde bijzondere voorwaarden. De verplichting tot het dragen van een enkelband zal wel beter moeten worden geformuleerd dan alleen ‘zodra en zolang de reclassering dit nodig acht’. Verdachte heeft zijn leven inmiddels goed op orde en indien een langere onvoorwaardelijke jeugddetentie zal worden opgelegd, zal hij zijn baan verliezen en niet verder kunnen met zijn thuisopleiding. Bovendien zal de kans op recidive bij een langere onvoorwaardelijke jeugddetentie juist groter worden, omdat verdachte dan in aanraking komt met criminele jongeren en zijn motivatie zal verliezen.

9.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

Ernst van de feiten

Verdachte heeft zich gedurende lange tijd schuldig gemaakt aan een zeer groot aantal oplichtingen in vereniging en een diefstal met geweld. Verdachte en zijn mededader(s) hebben op grote schaal gebruik gemaakt van een (nagemaakte) applicatie voor internetbankieren en zijn daarmee op planmatige en professionele wijze te werk gegaan. Door het handelen van verdachte hebben de verkopers van de goederen niet alleen overlast en schade opgelopen, maar is ook het vertrouwen geschaad dat in het economisch verkeer moet kunnen worden gesteld in de wijze waarop via dit soort transacties goederen worden gekocht en verkocht. Verdachte heeft enkel gehandeld om er zelf financieel beter van te worden en heeft zich niet bekommerd om de gevolgen die zijn handelen heeft op de slachtoffers en de maatschappij in het algemeen. Verdachte heeft laten zien geweld niet te schuwen wanneer het niet liep zoals hij had gepland en is zelfs doorgegaan met zijn oplichtingspraktijken nadat hij in november 2016 door de politie is aangehouden. De rechtbank rekent dit alles verdachte zwaar aan.

De rechtbank weegt bij haar beslissing in het nadeel van verdachte mee dat verdachte geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen en er geen blijk van heeft gegeven het kwalijke van zijn handelen in te zien.

Persoonlijke omstandigheden

Bij haar beslissing heeft de rechtbank ten aanzien van de persoonlijke omstandigheden rekening gehouden met:

- een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte d.d. 19 oktober 2017;

- een advies van de Raad voor de Kinderbescherming d.d. 21 maart 2018, opgesteld door [vertegenwoordiger van de raad] ;

- een voortgangsverslag toezicht van Reclassering Nederland d.d. 16 maart 2018, opgesteld door [reclasseringsmedewerker] .

Uit het uittreksel justitiële documentatie is gebleken dat verdachte in februari 2016 een

transactie heeft gekregen vanwege een vermogensdelict, namelijk opzetheling.

Uit het advies van de Raad voor de Kinderbescherming en de toelichting die de heer Lindenhof daarop ter terechtzitting heeft gegeven, blijkt dat verdachte zich sinds zijn laatste schorsing goed houdt aan de schorsingsvoorwaarden en de aanwijzingen van de reclassering. Verdachte komt niet meer in aanraking met de politie, is begonnen met een thuisopleiding en heeft ook verder een zinvolle vrijetijdsbesteding. Om deze overwegend positieve ontwikkeling verder vorm te geven, zou verdachte een kans moeten krijgen om zonder controle van de enkelband te laten zien dat hij in staat is om zijn leven meer zelfstandig vorm te kunnen geven, wat passend is voor zijn leeftijd. Omdat verdachte in het verleden heeft laten zien dat hij zich niet altijd aan de voorwaarden houdt en niet altijd de waarheid spreekt, is het noodzakelijk dat de reclassering, wanneer het aanbieden van structuur weer nodig blijkt te zijn, zelfstandig kan besluiten de enkelband aan te sluiten. Geadviseerd wordt daarom een voorwaardelijke jeugddetentie op te leggen, met als bijzondere voorwaarden de maatregel Toezicht en Begeleiding door de reclassering, de verplichting tot volgen van school en het hebben van een bijbaan en de verplichting tot het meewerken aan het dragen van een enkelband, zodra en zolang de reclassering dit nodig acht. De Raad voor de Kinderbescherming ziet geen contra-indicaties voor het toepassen van het meerderjarigenstrafrecht.

Uit het voortgangsverslag en de toelichting die mevrouw [reclasseringsmedewerker] van de reclassering daarop ter terechtzitting heeft gegeven, blijkt dat verdachte zich sinds zijn laatste schorsing van zijn goede kant heeft laten zien. Hij kijkt naar zijn toekomst, heeft werk gevonden en is gemotiveerd een opleiding te volgen en af te maken. Verdachte houdt zich aan de afspraken en voorwaarden en is niet meer gezien met jongens die justitiecontacten hebben. De enkelband heeft bijgedragen aan een goede structuur in het leven van verdachte, maar is nu niet meer nodig om het risico op recidive te verkleinen. De reclassering staat daarom achter het advies van de Raad voor de Kinderbescherming dat verdachte de enkelband alleen nog maar zou hoeven dragen wanneer de reclassering dit nodig acht. Verdachte zal nu namelijk zelf moeten laten zien dat hij zich aan de afspraken kan houden en iets van zijn leven kan maken. Indien verdachte weer gedetineerd raakt, zal dat consequenties hebben voor zijn werk en huidige opleiding, maar verdachte is wel in staat om na een eventuele detentie een nieuwe baan te vinden en zal in september pas met een nieuwe opleiding beginnen. Ook na een eventuele detentie zal verdachte gemotiveerd en in staat zijn om zijn leven positief vorm te geven. De reclassering ziet geen aanwijzingen om het jeugdstrafrecht toe te passen.

Jeugdstrafrecht of volwassenenstrafrecht

Verdachte is op 12 februari 2017 18 jaar geworden. Dit betekent dat verdachte ten tijde van de meeste tenlastegelegde en bewezenverklaarde feiten minderjarig was. Alleen tijdens de feiten die onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 4 ten laste zijn gelegd, was verdachte meerderjarig. Hoewel de ernst en de hoeveelheid van de feiten toepassing van volwassenenstrafrecht rechtvaardigen, zal de rechtbank, gelet op het feit dat verdachte ten tijde van het grootste deel van de feiten minderjarig was, op alle feiten het jeugdstrafrecht toepassen.

Conclusie

Alles afwegend acht de rechtbank een forse jeugddetentie passend en geboden. Naar het oordeel van de rechtbank kan niet worden volstaan met een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest, aangezien dat onvoldoende recht zou doen aan de ernst van de feiten en de impact die de feiten op de slachtoffers en de maatschappij hebben gehad. Aan verdachte zal daarom een jeugddetentie voor de duur van 12 maanden worden opgelegd, met aftrek van de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Gelet op de positieve ontwikkeling die verdachte heeft doorgemaakt en het feit dat een flinke stok achter de deur wenselijk is om deze ontwikkeling vol te kunnen blijven houden, zal de rechtbank een deel van 6 maanden voorwaardelijk opleggen, waarbij een proeftijd van 2 jaar geldt en als bijzondere voorwaarden de maatregel Toezicht en Begeleiding, uit te voeren door het JOVO-team van Reclassering Nederland, en de verplichting tot het volgen van onderwijs worden opgelegd. De rechtbank acht een contactverbod met [medeverdachte] in de praktijk niet uitvoerbaar en deze voorwaarde zal daarom niet aan verdachte worden opgelegd.

10 BENADEELDE PARTIJEN

Bij de beoordeling van de vorderingen van de benadeelde partijen is de rechtbank uitgegaan van de (koop)overeenkomsten die verdachte met de verschillende benadeelde partijen heeft gesloten. De rechtbank acht de overeengekomen bedragen in beginsel dan ook toewijsbaar, tenzij gemotiveerd is aangevoerd dat de goederen een andere, lagere, waarde vertegenwoordigden.

10.1

[aangever 4]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 19.995,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 1 tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 18.000,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de auto. De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij voor het restant niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien de leasekosten kennelijk voor rekening zijn gekomen van iemand anders dan de benadeelde partij zelf. De officier van justitie heeft hierbij gevorderd de wettelijke rente op te leggen en de schadevergoedingsmaatregel toe te passen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien niet duidelijk is geworden hoeveel de personenauto op het tijdstip van de tenlastelegging waard was en de beoordeling van de vordering daarom een onevenredige belasting voor het strafgeding oplevert.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Nu niet gemotiveerd is aangevoerd dat de auto een andere, lagere waarde vertegenwoordigde, waardeert de rechtbank de materiële schade op € 18.000,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de auto. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 15 juni 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat de leasekosten kennelijk voor rekening zijn gekomen van iemand anders dan de benadeelde partij zelf. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.2

[aangever 5]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 450,00. Dit bedrag bestaat uit € 100,00 aan materiële schade en € 350,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 2 tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering. Subsidiair heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 100,00 en de immateriële schade op € 350,00. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 14 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.3

[aangever 16]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 2.629,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak b, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 1.200,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij voor wat het overige betreft in zijn vordering niet-ontvankelijk te verklaren. De officier van justitie heeft hierbij gevorderd de wettelijke rente op te leggen en de schadevergoedingsmaatregel toe te passen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien niet duidelijk is geworden hoeveel de MacBook op het tijdstip van de tenlastelegging waard was en de beoordeling van de vordering daarom een onevenredige belasting voor het strafgeding oplevert.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Nu niet gemotiveerd is aangevoerd dat de MacBook een andere, lagere waarde vertegenwoordigde, waardeert de rechtbank de materiële schade op € 1.200,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 6 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.4

[aangever 4]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van

€ 1.269,99. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak c, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 840,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhones. De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij voor wat het overige betreft in zijn vordering niet-ontvankelijk te verklaren. De officier van justitie heeft hierbij gevorderd de wettelijke rente op te leggen en de schadevergoedingsmaatregel toe te passen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien niet duidelijk is geworden hoeveel de iPhones op het tijdstip van de tenlastelegging waard waren en de beoordeling van de vordering daarom een onevenredige belasting voor het strafgeding oplevert.

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering, aangezien verdachte van dit feit is vrijgesproken. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.5

[aangever 19]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 360,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak d, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 360,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhone. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 8 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.6

[aangever 9]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 390,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak e, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering, aangezien gebleken is dat de benadeelde partij haar iPhone weer heeft teruggekregen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien de benadeelde partij haar iPhone weer heeft teruggekregen.

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering, aangezien de benadeelde partij haar iPhone weer heeft teruggekregen en dus geen schade heeft geleden. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.7

[aangever 11]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 4.000,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak f, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering, aangezien uit de vordering blijkt dat de benadeelde partij de daadwerkelijk geleden schade al vergoed heeft gekregen van de verzekering.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien de benadeelde partij de daadwerkelijk geleden schade al vergoed heeft gekregen van de verzekering.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank maakt uit de vordering niet op dat de benadeelde partij de schade al vergoed heeft gekregen van de verzekering. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 2.450,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de draaitafels en de mixer. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 12 oktober 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.8

[aangever 14]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.469,20. Dit bedrag bestaat uit € 469,20 aan materiële schade en € 1.000,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak h, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 660,00, te weten: € 460,00 voor het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhone en € 200,00 aan immateriële schade. De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij voor wat het overige betreft in haar vordering niet-ontvankelijk te verklaren. De officier van justitie heeft hierbij gevorderd de wettelijke rente op te leggen en de schadevergoedingsmaatregel toe te passen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering. Subsidiair heeft de raadsman verzocht het bedrag toe te wijzen tot maximaal € 460,00, aangezien de immateriële schade niet is onderbouwd.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 460,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhone. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard, aangezien de wettelijke rente al is toegewezen en de vordering wat betreft de immateriële schade onvoldoende is onderbouwd. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.9

[aangever 1]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van

€ 700,00. Dit bedrag bestaat uit materiele schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak i, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman verzocht het bedrag toe te wijzen tot maximaal € 500,00, aangezien gebleken is dat de benadeelde partij de iPhone voor dat bedrag heeft ingekocht.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 700,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhone. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 4 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.10

[aangever 13]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van

€ 1.050,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak l, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 1.050,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.11

[aangever 8]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.150,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak n, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 1.150,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 13 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.12

[aangever 10]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 1.500,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 3, zaak o, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien niet duidelijk is geworden hoeveel de MacBook op het tijdstip van de tenlastelegging waard was en de beoordeling van de vordering daarom een onevenredige belasting voor het strafgeding oplevert.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 1.350,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag hoofdelijk worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 15 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.13

[aangever 2]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 2.376,26. Dit bedrag bestaat uit € 1.951,26 aan materiële schade en € 425,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 4, zaak b, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 2.151,26, te weten: € 1.951,26 voor het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook en de proceskosten en € 200,00 aan immateriële schade. De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partij voor wat het overige betreft in zijn vordering niet-ontvankelijk te verklaren. De officier van justitie heeft hierbij gevorderd de wettelijke rente op te leggen en de schadevergoedingsmaatregel toe te passen.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in haar vordering. Subsidiair heeft de raadsman ook verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, aangezien de beoordeling van de vordering een onevenredige belasting voor het strafgeding oplevert.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 1.951,26, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de iPhone en de proceskosten. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 26 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

De benadeelde partij zal in het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard, aangezien de vordering wat betreft de immateriële schade onvoldoende is onderbouwd. De benadeelde partij kan de vordering voor het resterende gedeelte deel bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10.14

[aangever 3]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 800,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 4, zaak c, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman zich aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 800,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 26 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

10.15

[aangever 21]

heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van € 775,00. Dit bedrag bestaat uit materiële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 4, zaak e, tenlastegelegde feit.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met oplegging van de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft, gelet op de door hem bepleite vrijspraak, primair verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren in zijn vordering. Subsidiair heeft de raadsman zich aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert de materiële schade op € 775,00, te weten: het overeengekomen bedrag voor de verkoop van de MacBook. De vordering kan tot dat bedrag worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 27 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van de benadeelde partij voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

11 TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De beslissing berust op de artikelen 36f, 47, 63, 77a, 77c, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 312 en 326 van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

12 BESLISSING

De rechtbank:

Vrijspraak

- verklaart het onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 1, zaak c en zaak p, tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Bewezenverklaring

- verklaart het onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 1, feit 2, feit 3 (zaak a, zaak b, zaak d, zaak e, zaak f, zaak g, zaak h, zaak i, zaak j, zaak k, zaak l, zaak m, zaak n en zaak o) en feit 4 en onder parketnummer 16/045187-17 primair tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;

- verklaart het meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Strafbaarheid

- verklaart het onder parketnummer 16/659198-17 onder feit 1, feit 2, feit 3 (zaak a, zaak b, zaak d, zaak e, zaak f, zaak g, zaak h, zaak i, zaak j, zaak k, zaak l, zaak m, zaak n en zaak o) en feit 4 en onder parketnummer 16/045187-17 primair bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 7 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

Oplegging straf

- veroordeelt verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 12 maanden;

- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;

- bepaalt dat van de jeugddetentie een gedeelte van 6 maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt daarbij een proeftijd van 2 jaar vast;

- stelt als algemene voorwaarden dat veroordeelde:

 zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit;

 ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

 medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat veroordeelde:

 zich in het kader van de maatregel van Toezicht en Begeleiding zal melden bij Reclassering Nederland (JOVO-team), zo frequent en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht;

 een door de leerplicht en de reclassering akkoord bevonden opleiding volgt en deze volgt zoals het lesrooster aangeeft;

- geeft Reclassering Nederland opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

Benadeelde partij [aangever 4] - parketnummer 16/659198-17, feit 1

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 18.000,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 15 juni 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 18.000,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 15 juni 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 14 dagen. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 5] - parketnummer 16/659198-17, feit 2

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 450,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 14 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 450,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 14 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 16] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak b

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 1.200,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 6 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 1.200,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 6 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 2 dagen. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 4] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak c

- verklaart de benadeelde partij in zijn vordering niet-ontvankelijk;

- bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts aan kan brengen bij de burgerlijke rechter;

- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt;

Benadeelde partij [aangever 19] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak d

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 360,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 8 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 360,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 8 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 9] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak e

- verklaart de benadeelde partij in haar vordering niet-ontvankelijk;

- bepaalt dat de benadeelde partij de vordering slechts aan kan brengen bij de burgerlijke rechter;

- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt.

Benadeelde partij [aangever 11] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak f

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 2.450,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 12 oktober 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 2.450,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 12 oktober 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 3 dagen. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 14] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak h

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 460,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 460,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 1] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak i

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 700,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 3 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 700,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 4 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 13] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak l

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 1.050,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 1.050,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 5 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 8] - parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak n

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 1.150,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 13 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 1.150,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 13 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 10] parketnummer 16/659198-17, feit 3, zaak o

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 1.350,00;

- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 15 november 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat € 1.350,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 15 november 2015 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat voor zover dit bedrag door de mededader is betaald, verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de Staat te betalen;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 2] - parketnummer 16/659198-17, feit 4, zaak b

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 1.951,26;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 26 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het resterende gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 1.951,26 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 26 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 2 dagen. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 3] - parketnummer 16/659198-17, feit 4, zaak c

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 800,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 24 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 800,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 24 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Benadeelde partij [aangever 21] - parketnummer 16/659198-17, feit 4, zaak e

- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van € 775,00;

- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 27 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken;

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat

€ 775,00 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 27 februari 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door een jeugddetentie voor de duur van 1 dag. De toepassing van deze jeugddetentie heft de betalingsverplichting niet op;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen;

Dit vonnis is gewezen door mr. C.E.M. Nootenboom-Lock, voorzitter, tevens kinderrechter, mrs. L.E. Verschoor-Bergsma en H.F. Koenis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.Z. Schoppink, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 4 mei 2018.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

Parketnummer 16/659198-17

1.

hij op of omstreeks 15 juni 2016 te Rotterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en / of van een valse hoedanigheid en / of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 4] heeft bewogen tot de afgifte van een personenauto (merk/type Volkswagen Polo met kenteken [kenteken] , in elk geval van enig goed,

hebbende verdachte en / of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en / of listiglijk en / of bedrieglijk en / of in strijd met de waarheid

  • -

    zich in contact gesteld met die [aangever 4] en/of zich daarbij voorgedaan als " [naam] " en/of " [naam] ", en/of

  • -

    zich voorgedaan als (een) tot betalen bereid zijnde koper(s), en/of

  • -

    met die [aangever 4] een afspraak gemaakt omtrent de verkoopprijs van voornoemde Volkswagen Polo, en/of

  • -

    die [aangever 4] mee te laten kijken bij het overboeken van de verkoopprijs van voornoemde Volkswagen Polo naar de bankrekening van [B ] door middel van een (op een) mobiele applicatie (app) voor internetbankieren (gelijkende app),

waardoor [aangever 4] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

hij op of omstreeks 14 november 2016 te Wassenaar, althans in Nederland, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een camera (merk Nikon) en/of meerdere cameratoebehoren, waaronder twee statieven en/of lenzen en/of een geheugenkaart, in elk geval enig goed,

geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 5] en/of [aangever 6] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte,

welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever 6] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte die [aangever 6] meermalen tegen het (boven) lichaam heeft geduwd en/of gestompt en/of (dreigend) de woorden heeft gezegd "Godverdomme ik trap hier de hele boel in elkaar en jullie ook. Ik bel mijn matties en dan nemen we alles mee" en/of woorden van soortgelijk aard en/of strekking;

3.

hij op een of meer tijdstip(en) in of omstreeks de periode van 1 juli 2016 tot en met 15 november 2016 te

(a)'s-Gravenhage en/of

(b)Zoetermeer en/of

(c)Aarlanderveen, gemeente Alphen aan den Rijn en/of

(d)Nieuwkoop en/of

(e)Leiden en/of

(f)Oegstgeest en/of

(g)+ (k) 's-Hertogenbosch en/of

(h)Vleuten en/of

(i)De Bilt en/of

(j)Woudenberg en/of

( l) Gorinchem en/of

( m) Almere en/of

( n) Zeist en/of

(o)Utrecht en/of

p) Soest,

althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen en/of alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, na te noemen perso(o)n(en) heeft/hebben

bewogen tot de afgifte van na te noemen goederen, in elk geval van enig goed, immers hebben verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

  • -

    naar aanleiding van advertenties op de internetsite Marktplaats.nl contact gezocht met de aanbieder van na te noemen goederen en zich voorgedaan als bonafide koper(s) en/of

  • -

    (vervolgens) een afspraak gemaakt voor de aankoop van het/de aangeboden goed(eren) en/of

  • -

    (vervolgens) naar de afgesproken plaats gekomen voor de overdracht en betaling van het/de goed/goederen waarbij verdachte(n) aangaf/aangaven het overeengekomen bedrag te voldoen door middel van een betaling via een applicatie voor mobiel bankieren en/of

  • -

    (vervolgens) de transactiegegevens, waaronder het rekeningnummer van de verkoper(s) en het bedrag, in die voornoemde applicatie op een smartphone ingetoetst en/of getoond aan de verkoper(s) en/of

  • -

    de verkoper(s) in de gelegenheid gesteld om een foto te maken van het scherm van de smartphone met daarop de geplande transactie waarbij een valse naam (waaronder [naam] en/of [naam] en/of [naam] en/of [naam] ) en/of een vals rekeningnummer zichtbaar was en/of

  • -

    (vervolgens) tegen de verkoper(s) gezegd en/of op andere wijze aan de verkoper(s) laten weten dat de geplande mobiel bankeren transactie was geslaagd en/of dat het geld was overgemaakt naar de verkoper(s)

( a) [aangever 7] (zaak 1) en/of

( b) [aangever 16] (zaak 3) en/of

( c) [aangever 4] (zaak 4) en/of

( d) [aangever 19] (zaak 5) en/of

( e) [aangever 9] (zaak 6) en/of

( f) [aangever 11] (zaak 7) en/of

( g) [aangever 17] (zaak 8) en/of

( h) [aangever 14] (zaak 9) en/of

( i) [aangever 1] (zaak 10) en/of

( j) [aangever 15] (zaak 11) en/of

( k) [aangever 18] (zaak 12) en/of

( l) [aangever 13] (zaak 13) en/of

( m) [aangever 12] (zaak 14) en/of

( n) [aangever 8] (zaak 15) en/of

( o) [aangever 10] (zaak 16) en/of

( p) [aangever 27] (zaak 17)

werden bewogen tot de afgifte van

( a) een camera van het merk Nikon en/of meerdere camera-toebehoren, waaronder

lenzen en cameratassen en/of

( b) een Apple Macbook Pro en/of

( c) een Apple iphone 6S en/of een Apple iphone 6 en/of

( d) een Apple iphone 6+ en/of

( e) een Apple iphone en/of

( f) twee Pioneer draaitafels en/of een DJM-700 Mixer en/of

( g) een Apple Macbook Pro en/of

( h) een Apple iphone 6s en/of

( i) een Apple iphone 7 en/of

( j) een Apple Macbook Pro en/of

( k) een Apple iphone 7 en/of

( l) een Apple Macbook Pro en/of

( m) een Samsung Galaxy S7 en/of

( n) een Apple Macbook Air en/of

( o) een Apple Macbook Pro en/of

( p) een Apple iPhone 6S

4.

hij op een of meer tijdstip(en) in of omstreeks de periode van 26 februari 2017 tot en met 2 maart 2017 te

( a) Zoetermeer en/of

( b) Rijswijk en/of

( c) Houten en/of

( d) Amersfoort en/of

( e) Utrecht en/of

althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen en/of alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, na te noemen perso(o)n(en) heeft/hebben

bewogen tot de afgifte van na te noemen goederen, in elk geval van enig goed, immers hebben verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

  • -

    naar aanleiding van advertenties op de internetsite Marktplaats.nl contact gezocht met de aanbieder van na te noemen goederen en zich voorgedaan als bonafide koper(s) en/of

  • -

    (vervolgens) een afspraak gemaakt voor de aankoop van het/de aangeboden goed(eren) en/of

  • -

    (vervolgens) naar de afgesproken plaats gekomen voor de overdracht en betaling van het/de goed/goederen waarbij verdachte(n) aangaf/aangaven het overeengekomen bedrag te voldoen door middel van een betaling via een applicatie voor mobiel bankieren en/of

  • -

    (vervolgens) de transactiegegevens, waaronder het rekeningnummer van de verkoper(s) en het bedrag, in die voornoemde applicatie op een smartphone ingetoetst en/of getoond aan de verkoper(s) en/of

  • -

    de verkoper(s) in de gelegenheid gesteld om een foto te maken van het scherm van de smartphone met daarop de geplande transactie waarbij een valse naam ( [naam] ) en/of een vals rekeningnummer zichtbaar was en/of

  • -

    (vervolgens) tegen de verkoper(s) gezegd en/of op andere wijze aan de verkoper(s) laten weten dat de geplande mobiel bankeren transactie was geslaagd en/of dat het geld was overgemaakt naar de verkoper(s)

waardoor

( a) [aangever 20] (zaak 18) en/of

( b) [aangever 2] (zaak 19) en/of

( c) [aangever 3] (zaak 20) en/of

( d) [aangever 26] (zaak 21) en/of

( e) [aangever 21] (zaak 22)

werden bewogen tot de afgifte van

( a) een auto (BMW, Serie 1 met kenteken [kenteken] ) en/of

( b) een Apple Macbook Pro en/of

( c) een Apple Macbook Air en/of

( d) een Apple iphone 7 en/of

( e) een Apple Macbook Pro

Parketnummer 16/045187-17

Primair

hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 13 oktober 2016 tot en met 21 oktober 2016 te Dordrecht en/of te Zwijndrecht en/of te Amsterdam en/of Utrecht, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 23] en/of [aangever 22] en/of [aangever 24] heeft/hebben bewogen tot de afgifte van enig(e) goed(eren), te weten een Macbook (van het merk Apple, type Pro) en/of een koptelefoon (van het merk Apple) en/of een muis (van het merk Apple) en/of een camera (met daarbij behorende accessoires)(van het merk Canon, type BP-975G) en/of een fotocamera (van het merk Nikon, type D880) en/of een fotocameralens (van het merk Nikon) in elk geval van enig(e) goed(eren),

hierin bestaande dat verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:

  • -

    Via www.marktplaats.nl onder een valse naam heeft/hebben gereageerd op een door die [aangever 23] en/of die [aangever 22] en/of die [aangever 24] geplaatste advertentie, en/of

  • -

    (vervolgens) met die [aangever 23] en/of die [aangever 22] en/of die [aangever 24] heeft/hebben afgesproken om de te koop aangeboden goederen te bekijken, en/of

  • -

    (vervolgens) een koopovereenkomst met die [aangever 23] en/of die [aangever 22] en/of die

[aangever 24] is/zijn aangegaan, en/of

  • -

    (vervolgens) aan die [aangever 23] en/of die [aangever 22] en/of die [aangever 24] heeft/medegedeeld dat zij het afgesproken aankoop bedrag direct middels een op verdachtes en/of zijn mededader(s) mobiele telefoon beschikbare app van de ING bank zou(den) overmaken, en/of

  • -

    (vervolgens/daarbij) aan die [aangever 23] en/of die [aangever 22] en/of die [aangever 24] een (gefingeerde) schermafbeelding getoond om aan te tonen dat het afgesproken aankoopbedrag daadwerkelijk was overgemaakt,

  • -

    terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) (als koper(s)) ten tijde van het aangaan van de overeenkomst het voornemen had(den) en/of wist(en) het voornoemd(e) geldbedrag niet te zullen/kunnen overmaken/overdragen/afstaan;

Subsidiair

hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 13 oktober 2016 tot en met 21 oktober 2016 te Geldermalsen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal een of meer goederen, te weten een fotocamera (van het merk Nikon, type D800) en/of een fotocameralens (van het merk Nikon, type 2470) en/of een doos van een Macbook (van het merk Apple, type Pro) en/of een koptelefoon (van het merk Apple) en/of een muis (van het merk Apple) en/of een camera (met daarbij behorende accessoires)(van het merk Canon, type BP-975G) (telkens) heeft/hebben verworven, voorhanden gehad, en/of overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) (telkens) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit/deze goed(eren) wist(en) of redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat dit/deze goed(eren) door diefstal in elk geval door enig misdrijf was/waren verkregen;

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 17 oktober 2016, met onderzoeksnummer RT3R016169, opgemaakt door politie Eenheid Rotterdam, doorgenummerd 1 tot en met 90. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

2 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 4] , opgemaakt door [verbalisant 10] en gesloten op 16 juni 2016, p. 33.

3 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 4] , opgemaakt door [verbalisant 10] en gesloten op 16 juni 2016, p. 34.

4 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 4] , opgemaakt door [verbalisant 10] en gesloten op 16 juni 2016, p. 35.

5 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 1] en gesloten op 31 augustus 2016, p. 48.

6 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 7 maart 2017, genummerd PL1500-2017038754 Z, opgemaakt door politie Eenheid Den Haag, doorgenummerd 1 tot en met 1262. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

7 Bijlage goederen bij proces-verbaal van aangifte door [aangever 5] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 326.

8 Bijlage goederen bij proces-verbaal van aangifte door [aangever 5] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 327.

9 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 5] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 321.

10 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 5] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 322.

11 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 5] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 323.

12 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 17 november 2016, p. 338.

13 Proces-verbaal van verhoor getuige [aangever 6] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 25 maart 2017, p. 1157.

14 Proces-verbaal van verhoor getuige [aangever 6] , opgemaakt door [verbalisant 11] en gesloten op 25 maart 2017, p. 1158.

15 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 7] , opgemaakt door [verbalisant 12] en gesloten op 16 november 2016, p. 219

16 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 7] , opgemaakt door [verbalisant 12] en gesloten op 16 november 2016, p. 220.

17 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 7] , opgemaakt door [verbalisant 12] en gesloten op 16 november 2016, p. 221.

18 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 13] en gesloten op 17 november 2016, p. 253.

19 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 14] en gesloten op 16 november 2016, p. 225.

20 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 14] en gesloten op 16 november 2016, p. 226.

21 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 15] en gesloten op 17 november 2016, p. 299.

22 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 16] en gesloten op 17 november 2016, p. 301.

23 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 17] en gesloten op 16 november 2016, p. 233.

24 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 17] en gesloten op 16 november 2016, p. 234.

25 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 18] en gesloten op 19 november 2016, p. 344.

26 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 12] en gesloten op 18 november 2016, p. 254.

27 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 19] en gesloten op 17 november 2016, p. 244.

28 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 267.

29 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 269.

30 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 268.

31 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 8] , opgemaakt door [verbalisant 21] en gesloten op 11 maart 2017, p. 1248.

32 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 8] , opgemaakt door [verbalisant 21] en gesloten op 11 maart 2017, p. 1249.

33 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 955.

34 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 9] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 29 november 2016, p. 585.

35 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 9] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 29 november 2016, p. 586.

36 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 23] en gesloten op 9 december 2016, p. 590.

37 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 609.

38 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 610.

39 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

40 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 10] , opgemaakt door [verbalisant 9] en gesloten op 25 februari 2017, p. 977.

41 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 10] , opgemaakt door [verbalisant 9] en gesloten op 25 februari 2017, p. 978.

42 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 10] , opgemaakt door [verbalisant 9] en gesloten op 25 februari 2017, p. 979.

43 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 996.

44 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

45 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 11] , opgemaakt door [verbalisant 25] en gesloten op 14 oktober 2016, p. 633.

46 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 11] , opgemaakt door [verbalisant 25] en gesloten op 14 oktober 2016, p. 634.

47 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 11] , opgemaakt door [verbalisant 25] en gesloten op 14 oktober 2016, p. 635.

48 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 16] en gesloten op 21 maart 2017, p. 1160.

49 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 26] en gesloten op 9 februari 2017, p. 664.

50 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 26] en gesloten op 9 februari 2017, p. 665.

51 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

52 Een geschrift, te weten: een afschrift internetaangifte, gedaan door [aangever 12] , p. 905.

53 Een geschrift, te weten: een afschrift internetaangifte, gedaan door [aangever 12] , p. 906.

54 Een geschrift, te weten: een afschrift internetaangifte, gedaan door [aangever 12] , p. 907.

55 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 1] , opgemaakt door [verbalisant 27] en gesloten op 16 november 2016, p. 766.

56 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 1] , opgemaakt door [verbalisant 27] en gesloten op 16 november 2016, p. 767.

57 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 918.

58 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 774.

59 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

60 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 13] , opgemaakt door [verbalisant 28] en gesloten op 9 november 2016, p. 870.

61 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 13] , opgemaakt door [verbalisant 28] en gesloten op 9 november 2016, p. 871.

62 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 14] , opgemaakt door [verbalisant 29] en gesloten op 25 februari 2017, p. 728.

63 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 14] , opgemaakt door [verbalisant 29] en gesloten op 25 februari 2017, p. 729.

64 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 14] , opgemaakt door [verbalisant 29] en gesloten op 25 februari 2017, p. 730.

65 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 15] , opgemaakt door [verbalisant 30] en gesloten op 1 maart 2017, p. 801.

66 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 15] , opgemaakt door [verbalisant 30] en gesloten op 1 maart 2017, p. 802.

67 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 882.

68 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 737.

69 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

70 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 16] , opgemaakt door [verbalisant 31] en gesloten op 13 november 2016, p. 389.

71 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 16] , opgemaakt door [verbalisant 31] en gesloten op 13 november 2016, p. 388.

72 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 32] en gesloten op 18 november 2016.

73 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 16] , opgemaakt door [verbalisant 31] en gesloten op 13 november 2016, p. 388.

74 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 16] , opgemaakt door [verbalisant 31] en gesloten op 13 november 2016, p. 389.

75 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 17] , opgemaakt door [verbalisant 33] en gesloten op 11 november 2016, p. 687.

76 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 17] , opgemaakt door [verbalisant 33] en gesloten op 11 november 2016, p. 688.

77 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 17] , opgemaakt door [verbalisant 33] en gesloten op 11 november 2016, p. 689.

78 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 18] , opgemaakt door [verbalisant 34] en gesloten op 27 februari 2017, p. 836.

79 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 18] , opgemaakt door [verbalisant 34] en gesloten op 27 februari 2017, p. 837.

80 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 408.

81 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 699.

82 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 3 maart 2017, p. 845.

83 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

84 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 19] , opgemaakt door [verbalisant 35] en gesloten op 18 november 2016, p. 543.

85 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 19] , opgemaakt door [verbalisant 35] en gesloten op 18 november 2016, p. 544.

86 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 19] , opgemaakt door [verbalisant 35] en gesloten op 18 november 2016, p. 545.

87 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 20] en gesloten op 22 januari 2017, p. 562.

88 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 24] en gesloten op 5 maart 2017, p. 319.

89 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 36] en [verbalisant 37] en gesloten op 3 maart 2017, p. 1109.

90 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 18 maart 2017, p. 1113.

91 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 36] en [verbalisant 37] en gesloten op 3 maart 2017, p. 1110.

92 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 18 maart 2017, p. 1113.

93 Bijlage bij proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 18 maart 2017, p. 1115.

94 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 20] , opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 18 maart 2017, p. 1113.

95 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 38] en gesloten op 3 maart 2017, p. 1123.

96 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 38] en gesloten op 3 maart 2017, p. 1124.

97 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 18 maart 2017, p. 1134.

98 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1152.

99 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1153.

100 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 2] , opgemaakt door [verbalisant 39] en gesloten op 28 maart 2017, p. 1176.

101 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 2] , opgemaakt door [verbalisant 39] en gesloten op 28 maart 2017, p. 1174.

102 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 2] , opgemaakt door [verbalisant 39] en gesloten op 28 maart 2017, p. 1175.

103 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 20 maart 2017, p. 1196.

104 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1199.

105 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 3] , opgemaakt door [verbalisant 40] en gesloten op 21 maart 2017, p. 1203.

106 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 20 maart 2017, p. 1206.

107 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1209.

108 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1210.

109 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 26] , opgemaakt door [verbalisant 41] en gesloten op 7 maart 2017, p. 1213.

110 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 26] , opgemaakt door [verbalisant 41] en gesloten op 7 maart 2017, p. 1214.

111 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 20 maart 2017, p. 1217.

112 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1210.

113 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 21] , opgemaakt door [verbalisant 42] en gesloten op 21 maart 2017, p. 1223.

114 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 21] , opgemaakt door [verbalisant 42] en gesloten op 21 maart 2017, p. 1224.

115 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 21] , opgemaakt door [verbalisant 42] en gesloten op 21 maart 2017, p. 1225.

116 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 7 april 2017, p. 1241.

117 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 22] en gesloten op 24 april 2017, p. 1247.

118 Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 9 maart 2017, genummerd PL0600-2017157561 Z, opgemaakt door politie Eenheid Oost-Nederland, doorgenummerd 1 tot en met 126. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

119 Bijlage bij proces-verbaal van aangifte door [aangever 22] , opgemaakt door [verbalisant 2] en gesloten op 21 oktober 2016, p. 29.

120 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 22] , opgemaakt door [verbalisant 2] en gesloten op 21 oktober 2016, p. 23.

121 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 22] , opgemaakt door [verbalisant 2] en gesloten op 21 oktober 2016, p. 24.

122 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 22] , opgemaakt door [verbalisant 2] en gesloten op 21 oktober 2016, p. 25.

123 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 23] , opgemaakt door [verbalisant 3] en gesloten op 27 oktober 2016, p. 31.

124 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 23] , opgemaakt door [verbalisant 3] en gesloten op 27 oktober 2016, p. 32.

125 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 23] , opgemaakt door [verbalisant 3] en gesloten op 27 oktober 2016, p. 33.

126 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 24] , opgemaakt door [verbalisant 4] en gesloten op 14 oktober 2016, p. 40.

127 Proces-verbaal van aangifte door [aangever 24] , opgemaakt door [verbalisant 4] en gesloten op 14 oktober 2016, p. 41.

128 Proces-verbaal verhoor getuige [aangever 24] , opgemaakt door [verbalisant 5] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 43.

129 Proces-verbaal verhoor getuige [aangever 24] , opgemaakt door [verbalisant 5] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 44.

130 Proces-verbaal van verhoor getuige [aangever 25] , opgemaakt door [verbalisant 5] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 91.

131 Proces-verbaal van verhoor getuige [aangever 25] , opgemaakt door [verbalisant 5] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 92.

132 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 6] en [verbalisant 7] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 5.

133 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 6] en [verbalisant 7] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 5.

134 Proces-verbaal van aanhouding, opgemaakt door [verbalisant 7] en [verbalisant 6] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 60.

135 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 6] en [verbalisant 7] en gesloten op 17 oktober 2016, p. 6.

136 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 8] en gesloten op 22 oktober 2016, p. 13.

137 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door [verbalisant 8] en gesloten op 22 oktober 2016, p. 14.