Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:1837

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
02-05-2018
Datum publicatie
04-05-2018
Zaaknummer
C/16/456535 / KG ZA 18-140
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Massale opzegging zorgovereenkomsten met Zilveren Kruis c.s. door zorgaanbieders. De nadien toegepaste selectie door Zilveren Kruis c.s. en het niet aanbieden van een addendum op de zorgovereenkomst aan eisers is in strijd met redelijkheid en billijkheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
GJ 2018/97
NJF 2018/441
NTHR 2018, afl. 6, p. 320
GZR-Updates.nl 2018-0225
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

handelskamer

locatie Utrecht

zaaknummer / rolnummer: C/16/456535 / KG ZA 18-140

Vonnis in kort geding van 2 mei 2018

in de zaak van

1. de maatschap

[eiseres sub 1] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

2. [eiseres sub 2],

wonende te [woonplaats] ,

3. [eiseres sub 3],

wonende te [woonplaats] ,

4. [eiseres sub 4],

wonende te [woonplaats] ,

eiseressen,

advocaat mr. M.F. van der Mersch en mr. P.J. Kreijger,

tegen

1. de naamloze vennootschap

ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

2. de naamloze vennootschap

AVERO ACHMEA ZORGVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

3. de naamloze vennootschap

INTERPOLIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

4. de naamloze vennootschap

ACHMEA ZORGVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

5. de naamloze vennootschap

FBTO ZORGVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Leeuwarden,

gedaagden,

advocaat mr. D. Hooft Graafland en mr. D.F.J.M. van Dijk.

Partijen zullen hierna [eiseres sub 1] c.s. en Zilveren Kruis c.s. genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding,

  • -

    de tevoren door Zilveren Kruis c.s. toegezonden producties,

  • -

    de mondelinge behandeling,

  • -

    de pleitnota van [eiseres sub 1] c.s.,

  • -

    de pleitnota van Zilveren Kruis c.s.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil en de beoordeling ervan

2.1.

Zilveren Kruis c.s. heeft met (vrijwel) alle verloskundigenpraktijken in Nederland een contract gesloten met betrekking tot de door die praktijken in de jaren 2017 en 2018 te geven verloskundige zorg. Daarbij is overeengekomen dat voor de in deze jaren te geven verloskundige zorg door de NZa vastgestelde tarieven voor 2017 zouden worden vergoed. Ook [eiseres sub 1] c.s. heeft een dergelijke overeenkomst ondertekend.

2.2.

In de loop van 2017 heeft de NZa een rapport uitgebracht over de kosten van de verloskundige hulp in Nederland. (Een van) de conclusie(s) luidt dat de tarieven met ingang van 1 januari 2018 met 13,2% verhoogd moeten worden.

2.3.

Zilveren Kruis c.s. heeft bekend gemaakt dat zij deze nieuwe tarieven niet zal toepassen op de hiervoor genoemde contracten. Zij heeft bezwaar gemaakt bij de NZa tegen de hogere tarieven. Er loopt een bestuursrechtelijke procedure hierover.

2.4.

Over het besluit van Zilveren Kruis c.s. hebben verloskundigen, onder meer via hun beroepsorganisatie KNOV, overleg gepleegd met Zilveren Kruis c.s. Dit overleg heeft niet tot een gewijzigd standpunt van Zilveren Kruis c.s. geleid.

2.5.

Vervolgens heeft ongeveer 95% van de verloskundigenpraktijken in de periode september-oktober 2017 het contract met Zilveren Kruis c.s. opgezegd in verband met de weigering van Zilveren Kruis c.s. om over het jaar 2018 de (hogere) tarieven van de NZa te vergoeden. [eiseres sub 1] c.s. heeft dat gedaan bij brief van 25 september 2017.

2.6.

Op 27 oktober 2017 heeft Zilveren Kruis c.s. aan nagenoeg alle verloskundigenpraktijken in Nederland die voor 2018 eerder een overeenkomst met Zilveren Kruis c.s. hadden een brief geschreven. Daarin staat onder meer:

“U heeft uw tweejarige overeenkomst met Zilveren Kruis opgezegd.

(…)

Wij beschouwen uw opzegging van de overeenkomst 2017-2018 als niet verzonden.

Wij komen tegemoet aan uw bezwaar en voegen een addendum toe aan uw overeenkomst 2017-2018 (…)

Een klein deel van de verloskundigen bieden wij geen nieuwe overeenkomst aan (…)”

2.7.

Eveneens op 27 oktober 2017 heeft Zilveren Kruis c.s. aan [eiseres sub 1] c.s. en 18 andere verloskundigenpraktijken een e-mail gestuurd. daarin staat:

“Wij bieden u geen nieuwe overeenkomst aan.

Wij betreuren het dat u de overeenkomst heeft opgezegd.

(…)

Wij zullen onze klanten middels onze zorgzoeker informeren dat u niet langer een overeenkomst heeft met ons.

Wij voldoen aan onze zorgplicht.

Met een groot deel van de verloskundigen sluiten we een overeenkomst af voor het NZa tarief 2018. We benaderen gericht praktijken om aan onze zorgplicht te voldoen.

(…)”

2.8.

Op 27 oktober 2017 heeft Zilveren Kruis c.s. op haar website een bericht gepubliceerd waarin onder meer is meegedeeld dat Zilveren Kruis c.s. minimaal 80% van de verloskundigen een aangepaste overeenkomst aanbiedt, namelijk de praktijken van wie de meeste verzekerden van Zilveren Kruis c.s. hun verloskundige zorg ontvangen. Die keuze vloeit volgens deze publicatie voort uit de collectieve opzegging door verloskundigen. Met een klein deel van de verloskundigen is geen overeenkomst gesloten. De verloskundigen die de overeenkomst niet hebben opgezegd zullen het nieuwe tarief ontvangen, zodat “Iedere zwangere klant dus nu én in 2018 (kan) rekenen op goede verloskundige zorg dichtbij.” Zilveren Kruis c.s. heeft de naam van [eiseres sub 1] c.s. en de andere achttien verloskundigenpraktijken verwijderd van de zorgzoeker, een onderdeel van de website van Zilveren Kruis c.s. waar alle door haar gecontracteerde zorgverleners staan vermeld.

2.9.

[eiseres sub 1] c.s. heeft na 27 oktober 2017 getracht met Zilveren Kruis c.s. tot overeenstemming te komen, wat geen resultaat had.

2.10.

[eiseres sub 1] c.s. vordert in verband met deze feiten en omstandigheden, kort gezegd, primair dat de voorzieningenrechter Zilveren Kruis c.s. zal veroordelen om binnen 48 uur na dit vonnis de opzegging van de zorgovereenkomst 2017-2018 als niet verzonden te beschouwen en haar met terugwerkende kracht tot 1 januari 2018 een addendum aan te bieden met de NZa maximumtarieven voor het jaar 2018. Verder wil [eiseres sub 1] c.s. dat Zilveren Kruis c.s. haar weer vermeldt op de zorgzoeker.

2.11.

Zilveren Kruis c.s. heeft tegen deze vordering verweer gevoerd.

2.12.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de primaire vordering moet worden toegewezen en dat het verweer van Zilveren Kruis c.s. niet slaagt. Om deze reden zijn de subsidiaire vorderingen hier niet weergegeven. De voorzieningenrechter overweegt het volgende.

2.13.

De voorzieningenrechter oordeelt dat het geschil, anders dan Zilveren Kruis c.s. aanvoert, wel moet worden beoordeeld in het kader van de bestaande contractuele verhouding van partijen. Dat komt, zoals hieronder nader zal worden toegelicht, doordat Zilveren Kruis c.s. in haar reactie op de opzeggingen, de overeenkomsten 2017-2018 bij meer dan 90% van de verloskundigenpraktijken in stand heeft gelaten en slechts voor ongeveer 3% niet. Daarom moet onderzocht worden of het gedrag van Zilveren Kruis c.s. past in de figuur dat overeenkomsten moeten worden uitgevoerd met inachtneming van maatstaven van redelijkheid en billijkheid.

2.14.

Het staat vast dat partijen (en alle andere verloskundigenpraktijken) in 2016 zijn overeengekomen dat voor de aangegane contractsperiode 2017-2018 de NZa-tarieven voor 2017 zouden gelden. In zoverre zijn partijen daar ook aan gebonden. Het stond Zilveren Kruis c.s. dan ook beginsel vrij de door NZa in 2017 voor 2018 vastgestelde tarieven niet te volgen. Gesteld noch gebleken is immers dat die nieuwe tarieven dwingend zijn voorgeschreven.

[eiseres sub 1] c.s. en vrijwel alle andere verloskundigenpraktijken hebben echter, kennelijk als protest tegen het besluit van Zilveren Kruis c.s., hun overeenkomst opgezegd. Dat is gebeurd, zo leidt de voorzieningenrechter af uit de stellingen van [eiseres sub 1] c.s., om in overleg met Zilveren Kruis c.s. te komen tot hogere tarieven in 2018. De voorzieningenrechter oordeelt dat deze opzegging dan ook vooral een onderhandelingsmiddel was om Zilveren Kruis c.s. tot een andere beslissing te bewegen.

2.15.

De opzegging stond dan ook niet op zichzelf en moet worden gezien als een reactie op genoemd besluit van Zilveren Kruis c.s. Door deze massale opzegging constateerde Zilveren Kruis c.s. dat zij in 2018 niet meer zou voldoen aan haar uit artikel 11 en volgende Zorgverzekeringswet voortvloeiende verplichting om haar “in natura” verzekerden voldoende gecontracteerde zorg aan te bieden. Zilveren Kruis c.s. heeft daarop die hiervoor beschreven maatregelen genomen: het contract 2017-2018 liep door voor ruim 90% van de verloskundigen die het contract hadden opgezegd en voor ongeveer 3% (19 praktijken, waaronder [eiseres sub 1] c.s.) niet. De overigen hadden het contract niet opgezegd, maar hebben wel een hogere vergoeding gekregen.

2.16.

Uit haar verweer begrijpt de voorzieningenrechter dat Zilveren Kruis c.s. een selectie is gaan toepassen onder alle door haar gecontracteerde verloskundigen. Zij is per postcodegebied gaan bezien welke verloskundigen welk percentage van haar verzekerden hebben geholpen. Vervolgens heeft zij per postcodegebied een rangorde aangebracht, zodanig dat zij per postcodegebied heeft bepaald met welke praktijken zij tenminste 80% van de (te verwachten) “in natura” verloskundigenzorg kon dekken. Met het toepassen van deze selectie is [eiseres sub 1] c.s. buiten de boot gevallen.

2.17.

De voorzieningenrechter oordeelt dat deze selectie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid die de rechtsverhouding tussen Zilveren Kruis c.s. en [eiseres sub 1] c.s. beheersen, niet aanvaardbaar is. Daartoe is van belang dat een selectiecriterium op basis van de plaats van vestiging van de zorgverlener bij het aangaan van de overeenkomst 2017-2018 niet bestond en, zoals namens Zilveren Kruis c.s. ter zitting meegedeeld, voor 2019 evenmin zal bestaan. Zilveren Kruis c.s. heeft dus in reactie op de massale opzegging een nieuw toelatingsbeleid gevoerd, dat niet tevoren door haar aan alle betrokkenen is meegedeeld. Zij heeft dit immers op 27 oktober 2017 gepubliceerd, de dag waarop zij de brieven aan alle betrokkenen heeft gestuurd, zoals hiervoor is vermeld. Doordat zonder verdere toelichting in de brief aan [eiseres sub 1] c.s. de opzegging niet als niet geschreven is beschouwd en dat bij ruim 90% van de ‘opzeggers’ wel, maar eveneens zonder toelichting, is gebeurd, heeft Zilveren Kruis c.s. een niet van tevoren en rationeel, maar de facto willekeurig onderscheid gemaakt tussen alle opzeggers en daar vergaande gevolgen aan verbonden voor [eiseres sub 1] c.s.

2.18.

De keuze van Zilveren Kruis c.s. is mede willekeurig omdat zij eraan ten grondslag legt (zie punt 36 en 37 van de pleitnota van Zilveren Kruis c.s.) dat zij gedwongen was tussentijds, dus in plaats van in de loop van 2018, opnieuw te inventariseren en kritisch kijken naar de markt: “welke praktijken Zilveren Kruis c.s. moest contracteren en welke eigenlijk niet?” Zij wilde voorts “ook zeker niet” alle opzeggers alsnog contracteren, omdat dat een beloning van de “boycot” zou zijn en een incentive zou creëren voor andere zorgaanbieders om eveneens een blok te vormen om hogere tarieven af te dwingen. Zilveren Kruis c.s. heeft niet inzichtelijk gemaakt op welke grond, anders dan per postcodegebied, [eiseres sub 1] c.s. buitengesloten moest worden. Daarbij geldt bovendien dat tijdens de zitting is gebleken dat de door Zilveren Kruis c.s. aangegeven rangorde van praktijen ertoe heeft geleid dat sommige praktijken van gelijke rang (dus met evenveel klanten van Zilveren Kruis c.s. als andere) wel met het oude contract door mochten gaan en onder andere [eiseres sub 1] c.s. niet. Inhoudelijke argumenten waren er ook niet, omdat niet in geschil is dat [eiseres sub 1] c.s. aan alle kwaliteitseisen voldoet.

2.19.

De voorzieningenrechter zal voorts nog enkel verweren van Zilveren Kruis c.s. bespreken.

2.19.1.

Ten aanzien van de massale opzegging oordeelt de voorzieningenrechter dat niet is komen vast te staan dat er sprake was van een gecoördineerde actie of een boycot. Het heeft er mogelijk de schijn van, maar niet is gebleken dat [eiseres sub 1] c.s., (sommige) andere verloskundigen of hun beroepsvereniging, de KNOV, hierin het voortouw hebben genomen.

2.19.2.

Het is juist dat de ACM op haar website heeft meegedeeld, maar niet persoonlijk aan [eiseres sub 1] c.s., dat een collectieve opzegging in strijd is met het mededingingsrecht. De ACM heeft echter, voor zover in dit kort geding is gebleken, geen actie ondernomen jegens [eiseres sub 1] c.s. of enige andere verloskundigenpraktijk. Bovendien is de ACM eerst met deze mededeling gekomen nadat [eiseres sub 1] c.s. en vele anderen de overeenkomst hadden opgezegd, namelijk 27 oktober 2017. [eiseres sub 1] c.s. was dan ook, anders dan Zilveren Kruis c.s. aanvoert, niet tevoren gewaarschuwd.

2.19.3.

De voorzieningenrechter oordeelt, overeenkomstig de stellingen van [eiseres sub 1] c.s., dat [eiseres sub 1] c.s. wel schade lijdt door de besluiten van Zilveren Kruis c.s.. [eiseres sub 1] c.s. zal immers 25% van haar honoraria niet bij Zilveren Kruis c.s. kunnen declareren maar dat bij haar klanten moeten doen. Daarmee ontstaan een incassorisico en verhoogde administratiekosten. Daarnaast zullen potentiële klanten (mogelijk) kiezen voor een andere, wel gecontracteerde praktijk in [vestigingsplaats] , waardoor omzetdaling zal optreden. Van belang is dat naast [eiseres sub 1] c.s. nog één andere (eenpersoons)praktijk in [vestigingsplaats] geen voortzetting van de overeenkomst 2017-2018 heeft gehad en alle overige (13 praktijken binnen een straal van 6 kilometer van [eiseres sub 1] c.s.) wel. Beide schadeposten zijn niet exact te begroten. De voorzieningenrechter acht het voorshands aannemelijk dat deze schadeposten zich zullen voordoen. Dat is toe te rekenen aan de handelwijze van Zilveren Kruis c.s.

2.19.4.

Dat de door [eiseres sub 1] c.s. geleden schade vanwege de opzegging als eigen schuld, als bedoeld in artikel 6:101 BW, moet worden gezien, is niet juist. Hiervoor is al overwogen dat de door Zilveren Kruis c.s. gehanteerde selectie om een minimale dekkingsgraad van 80% te bereiken, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet aanvaardbaar is. De schade die [eiseres sub 1] c.s. lijdt vanwege de door Zilveren Kruis c.s. gehanteerde selectie, kan daarom voorshands niet aangemerkt worden als een gevolg (van de opzegging en) dat aan [eiseres sub 1] c.s. kan worden toegerekend.

2.20.

Deze overwegingen en oordelen leiden ertoe dat, zoals gezegd, de primaire vordering zal worden toegewezen, op de wijze zoals hierna zal worden verwoord. Hetgeen partijen overigens hebben aangevoerd behoeft geen nadere bespreking.

2.21.

Zilveren Kruis c.s. heeft nog verzocht het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. De aard van de vordering en het onmiddellijke belang van [eiseres sub 1] c.s. verzetten zich tegen dit verzoek, zodat de voorzieningenrechter het verzoek zal afwijzen.

2.22.

Zilveren Kruis c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiseres sub 1] c.s. worden begroot op:

- betekening oproeping € 81,00

- griffierecht € 626,00

- salaris advocaat € 1.224,00

Totaal € 1.931,00

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

veroordeelt Zilveren Kruis c.s. om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis de opzegging door [eiseres sub 1] c.s. van de zorgovereenkomst 2017-2018, gedateerd 25 september 2017, als niet verzonden te beschouwen en [eiseres sub 1] c.s., althans de maatschap [eiseres sub 1] , voor het jaar 2018 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2018 een addendum aan te beden met de NZa maximumtarieven voor het jaar 2018,

3.2.

gebiedt Zilveren Kruis c.s. om [eiseres sub 1] c.s., althans de maatschap [eiseres sub 1] , op te nemen als gecontracteerde zorgaanbieder op www. […] . […] .nl,

3.3.

veroordeelt Zilveren Kruis c.s. in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres sub 1] c.s. tot op heden begroot op € 1.931,00,

3.4.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.S. Penders en in het openbaar uitgesproken op 2 mei 2018.1

1 type: LP (4213) coll: MK (4850)