Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2018:1830

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
18-04-2018
Datum publicatie
02-05-2018
Zaaknummer
16/660134-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Herstelvonnis. Zie vonnis: 16/660134-17 (P), d.d. 18 april 2018 ECLI:NL:RBMNE:2018:1829

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/660134-17

Herstelvonnis

van het op 18 april 2018 uitgesproken vonnis van de meervoudige kamer

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1962] te [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres

[adres] , [woonplaats] .

1 De aanleiding en de beoordeling

Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat in het dictum van het vonnis - ten aanzien van de benadeelde partij [slachtoffer] - de toewijzing van de schadevergoedingsmaatregel ontbreekt. In het vonnis is wel de overweging opgenomen dat de rechtbank de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] tot een bedrag van € 1.185,43 voor toewijzing vatbaar acht en tevens een schadevergoedingsmaatregel voor datzelfde bedrag zal opleggen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 augustus 2016 tot aan de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 21 dagen hechtenis.

Er is sprake van een kennelijke misslag, in die zin dat deze beslissing abusievelijk niet in het dictum van het vonnis is vermeld. De rechtbank zal ten behoeve van de executie van die beslissing het vonnis herstellen door verbetering van het dictum, waartoe het onderhavige vonnis strekt.

2 BESLISSING

De rechtbank:

De rechtbank:

- vult het dictum als volgt aan:

- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 1.185,43 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 augustus 2016 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 21 dagen hechtenis;

- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;

- verstaat dat het vonnis van 18 april 2018 voor het overige ongewijzigd blijft;

- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van en dit vonnis ter kennis doet brengen van de verdachte, de raadsvrouw van verdachte, de officier van justitie, de benadeelde partij en de raadsman van de benadeelde partij.

Dit vonnis is gewezen door mr. drs. S.M. van Lieshout, voorzitter, mrs. J.G. van Ommeren en D. Riani el Achhab, rechters, in tegenwoordigheid van A.W. van Wijk, griffier.