Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2017:6335

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
20-12-2017
Datum publicatie
08-01-2018
Zaaknummer
6047810 UC EXPL 17-7856 BEv/35170
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Kanton. Geldvordering. Rauwelijks dagvaarden. Direct Pay wordt in de buitengerechtelijke kosten en de proceskosten veroordeeld, omdat zij pas bij conclusie van repliek stukken heeft overgelegd die de vordering inzichtelijk hebben gemaakt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 6047810 UC EXPL 17-7856 BEv/35170

Vonnis van 20 december 2017

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Direct Pay Services B.V.,

gevestigd in Barendrecht,

verder ook te noemen Direct Pay,

eisende partij,

gemachtigde: Webcasso B.V.,

tegen:

[gedaagde] ,

wonend in [woonplaats] ,

verder ook te noemen [gedaagde] ,

gedaagde partij,

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de brief van 18 juli 2017 van [gedaagde]

- de conclusie van repliek

- de brief van 12 september 2017 van [gedaagde]

- de akte van uitlating aan de zijde van Direct Pay.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil en de beoordeling daarvan

2.1.

Direct Pay vordert betaling van in totaal € 754,30 door [gedaagde] . Dit bedrag bestaat uit € 640,47 aan hoofdsom, € 17,76 aan wettelijke rente en € 96,07 aan buitengerechtelijke incassokosten. Direct Pay vordert daarnaast veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

2.2.

De vordering heeft betrekking op levering van energie, blijkens bijlage 2 van de conclusie van repliek over de periode van 8 september 2015 tot en met 18 februari 2016, door E.On Benelux Levering B.V. E.On heeft haar vordering overgedragen aan Direct Pay. Volgens [gedaagde] had zij geen overeenkomst met E.On en was zij in die periode klant bij Eneco.

2.3.

De primaire grondslag waarop Direct Pay haar vordering baseert, te weten de vermeende overeenkomst tussen [gedaagde] en E.On, kan niet tot toewijzing van het gevorderde leiden. [gedaagde] betwist het bestaan van een overeenkomst, en de overeenkomst blijkt uit niets. Het stuk dat Direct Pay als bewijs overlegt (productie 1 bij de conclusie van repliek) is een brief van E.On aan [gedaagde] , en de kop op de volgende bladzijde luidt: ‘Nog maar drie stappen voordat u E.On klant bent’. [gedaagde] erkent dat zij contact gezocht heeft met E.On om daar klant te worden. Volgens haar heeft zij daarvan afgezien omdat E.On een borg van € 800 vroeg, en heeft de klantenservice haar gezegd dat pas na ontvangst van de door [gedaagde] ondertekende toegestuurde stukken de levering van energie van start zou gaan. Zij heeft vervolgens niets gedaan, en een andere energieleverancier gezocht. Direct Pay stelt dat [gedaagde] daar geen bewijs van heeft, maar dat hoeft ook niet. Het is Direct Pay die moet onderbouwen, en zo nodig bewijzen, dat de overeenkomst tot stand gekomen was, en in dit geval: dat [gedaagde] dat moest begrijpen. Direct Pay heeft dat op geen enkele manier toegelicht. De dagvaarding schiet op dat punt ernstig tekort en ook bij repliek is de toelichting onvoldoende.

2.4.

Subsidiair heeft Direct Pay haar vordering op onverschuldigde betaling gebaseerd. In de dagvaarding ontbreekt echter iedere onderbouwing op dit punt. In de conclusie van repliek met de daarbij overgelegde stukken wordt dit standpunt voor het eerst, zij het summier, onderbouwd. Na kennisneming van de conclusie van repliek is bij [gedaagde] het inzicht gekomen dat de vordering op zich wel terecht is. In haar laatste processtuk heeft [gedaagde] de vordering erkend omdat haar uit nader onderzoek is gebleken dat kennelijk Eneco, ondanks haar aanbetaling van een waarborgsom van € 400,- toch niet tot energielevering was overgegaan en dat E.On dat heeft gedaan. Zij heeft dat niet eerder gezien. Nu zij wel feitelijk energie van E.On heeft afgenomen, zo begrijpt de kantonrechter haar verweer, erkent zij het recht van E.On om daarvan betaling te verkrijgen. Gezien het feit dat E.On zonder rechtsgrond energie aan [gedaagde] heeft geleverd en deze levering van energie inmiddels door [gedaagde] is erkend, zal de vordering worden toegewezen, met de wettelijke rente daarover vanaf de vervaldag van de facturen.

2.5.

Direct Pay vordert eveneens een bedrag van € 96,07 aan buitengerechtelijke incassokosten. Vaststaat dat Direct Pay een aanmaning heeft gestuurd die voldoet aan de wettelijke vereisten. De overige buitengerechtelijke communicatie was echter zo onduidelijk dat [gedaagde] pas na het lezen van de conclusie van repliek begreep dat zij E.On nog een paar maanden energie verschuldigd was. Direct Pay heeft daarnaast niet concreet bestreden dat [gedaagde] voorafgaand aan deze procedure met haar contact had opgenomen met het verweer dat zij in haar visie geen contract met E.On had en wel met Eneco en dat Direct Pay dit zou uitzoeken. Hieruit volgt dat [gedaagde] in de veronderstelling verkeerde energie af te nemen van Eneco. Direct Pay heeft aldus ten onrechte in de dagvaarding verklaard dat haar geen verweer van [gedaagde] bekend was en er moet van worden uitgegaan dat dit verweer van [gedaagde] niet verder is onderzocht. Nu het verweer van [gedaagde] wel bekend was, had het op de weg van Direct Pay gelegen om [gedaagde] uit te leggen dat zij ook zonder contract tussen [gedaagde] en E.On aanspraak kan maken op betaling omdat [gedaagde] in ieder geval wel energie van E.On had afgenomen. Direct Pay had derhalve een procedure kunnen voorkomen door het buitengerechtelijk verweer van [gedaagde] serieus te nemen en met haar het gesprek aan te gaan. Uit de overgelegde incassobrieven blijkt echter niets anders aangevoerd te zijn dan dat [gedaagde] de in die brieven genoemde facturen van E.On moet betalen. [gedaagde] is derhalve niet duidelijk gemaakt op welke grond betaling werd gevorderd. De kantonrechter stelt vast dat de buitengerechtelijke werkzaamheden geen toegevoegde waarde hadden en derhalve niet voor schadevergoeding in aanmerking komen. Dit onderdeel zal daarom worden afgewezen.

2.6.

Wat betreft de proceskosten overweegt de kantonrechter het volgende. Direct Pay is rauwelijks tot dagvaarding van [gedaagde] overgegaan. De enkele verder niet onderbouwde stelling in de dagvaarding dat sprake is van onverschuldigde betaling door E.On dan wel ongerechtvaardigde verrijking van [gedaagde] , geeft geen reden voor een ander oordeel. De inhoud van de vordering is [gedaagde] immers pas na het lezen van de conclusie van repliek duidelijk geworden. De kantonrechter verwijst naar zijn voorgaande overweging. Een gerechtelijke procedure had voorkomen kunnen worden, wanneer Direct Pay in een eerder stadium op een duidelijkere wijze met [gedaagde] over deze vordering had gecommuniceerd. Bij een dergelijk oordeel past de conclusie dat Direct Pay in de proceskosten zal worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.

3 De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan Direct Pay te betalen € 658,23, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 640,47 vanaf de dag van de dagvaarding tot de dag van voldoening;

veroordeelt Direct Pay tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op nihil;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J. Slootweg, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 20 december 2017.