Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2017:4853

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
21-09-2017
Datum publicatie
29-09-2017
Zaaknummer
C/16/442355 HA RK 17/153
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Beschikking
Inhoudsindicatie

Erfrecht. Art. 4:203 lid 1 sub a BW. Benoeming van een professionele vereffenaar op verzoek van een schuldeiser van de nalatenschap, te weten de uitvaartonderneming, omdat de vereffenaars/erfgenamen niet beschikken over vereiste specifieke deskundigheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
PFR-Updates.nl 2017-0274
ERF-Updates.nl 2017-0205

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

locatie Utrecht

zaaknummer / rekestnummer: C/16/442355 HA RK 17/153

Beschikking van 21 september 2017

in de zaak van

de besloten vennootschap [verzoekster] B.V.,

statutair gevestigd te [vestigingsplaats] , kantoorhoudende te [vestigingsplaats] ,

verder te noemen: verzoekster,

advocaat mr. M.J.M. Groen;

tegen

[verweerster sub 1] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna ook te noemen: [verweerster sub 1] ,

en

drs. [verweerster sub 2],

wonende te [woonplaats] ,

hierna ook te noemen: [verweerster sub 2] ,

[verweerster sub 1] en [verweerster sub 2] hierna samen te noemen: verweersters,

advocaat mr. J.W. Verhoef.

Het verzoek heeft betrekking op de nalatenschap van:

[A] , geboren te [geboorteplaats] op [1954] , overleden te [woonplaats] op [2017] , laatst gewoond hebbende te [woonplaats] , verder te noemen: erflater.

1 De procedure

De rechtbank heeft kennis genomen van het op 6 juli 2017 ingekomen verzoekschrift, dat strekt tot benoeming van een vereffenaar van de nalatenschap van erflater op grond van artikel 4:203 Burgerlijk Wetboek (verder: BW).

De mondelinge behandeling van het verzoek vond plaats op 7 september 2017. Verschenen zijn:

  • -

    drs. [B] namens verzoekster;

  • -

    mr. Groen;

  • -

    [verweerster sub 1] ;

  • -

    [verweerster sub 2] ;

  • -

    mr. Verhoef.

2 Feiten

Verzoekster heeft een uitvaartonderneming. Eind januari 2017 heeft verzoekster opdracht gekregen om de uitvaart van erflater te verzorgen. Verzoekster heeft een kostenbegroting opgesteld voor een bedrag van € 8.174,85. Verzoekster heeft de uitvaart conform de opdracht uitgevoerd. De kosten van de uitvaart van erflater bedroegen € 8.741,80. De factuur van verzoekster is tot op heden onbetaald gebleven.

Volgens opgave van het Centraal Testamentenregister heeft erflater niet bij testament over zijn nalatenschap beschikt.

Erflater was ten tijde van zijn overlijden gehuwd in algehele gemeenschap van goederen met [verweerster sub 1] . Uit hun relatie is één kind geboren, te weten [verweerster sub 2] .

Verweersters hebben de nalatenschap van erflater beiden beneficiair aanvaard.

3 Het geschil

3.1.

Volgens het verzoekschrift is gebleken dat sprake is van aanmerkelijke schulden aan de zijde van erflater en [verweerster sub 1] . Verzoekster gaat ervan uit dat die schulden reeds voor het overlijden van erflater bekend waren bij verweersters, omdat de Belastingdienst op 22 september 2014 executoriaal beslag gelegd heeft op de woning van erflater.

Verzoekster stelt dat mr. Verhoef in de richting van de advocaat van verzoekster heeft laten weten dat hij met het beheer van de nalatenschap is belast. Daarbij zou mr. Verhoef, dan wel zijn kantoor, zich belasten met onder meer het opstellen van een boedelbeschrijving. Verzoekster is van mening dat mr. Verhoef ongeschikt is om de nalatenschap te beheren respectievelijk om de ter zake voorgeschreven vereffeningshandelingen te verrichten.

Daarom heeft verzoekster de rechtbank verzocht mr. [C] , notaris te [vestigingsplaats] , tot vereffenaar te benoemen. Hij is daartoe bereid.

3.2.

Verweersters zijn van mening dat verzoekster geen belanghebbende is als bedoeld in artikel 4:203 lid 1 sub b BW. Daarom hebben zij de rechtbank primair verzocht verzoekster niet-ontvankelijk te verklaren.

Subsidiair hebben verweersters de rechtbank verzocht het verzoek af te wijzen. Namens verweersters heeft mr. Verhoef ter zitting aangegeven dat de nalatenschap van erflater negatief is. Mr. Verhoef betwist dat hij niet geschikt is om de nalatenschap van erflater te beheren respectievelijk om de ter zake voorgeschreven vereffeningshandelingen te verrichten. Verder heeft mr. Verhoef aangegeven dat hij niet de beheerder van de nalatenschap is en dat ook niet zal worden. Verweersters zijn immers de beheerders van de nalatenschap. Gelet op de psychische problemen van [verweerster sub 1] , worden de beheerwerkzaamheden betreffende de nalatenschap van erflater uitgevoerd door [verweerster sub 2] . Zij ontvangt daarbij steun van (het kantoor van) mr. Verhoef. Mr. Verhoef heeft geen vereffeningshandelingen verricht en zal die ook niet gaan verrichten. De nalatenschap zal dus worden vereffend door [verweerster sub 2] .

Voor het geval de rechtbank zou menen dat toch een vereffenaar zou moeten worden benoemd, is verzocht [verweerster sub 2] tot vereffenaar te benoemen. Voor het geval de rechtbank zou menen dat een vereffenaar anders dan [verweerster sub 2] dient te worden benoemd, is verzocht mr. [D] , notaris te [vestigingsplaats] , tot vereffenaar te benoemen. Hij is daartoe bereid.

4. De beoordeling

4.1

Op grond van artikel 4:203 lid 1 sub b BW kan de rechtbank na een aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving een vereffenaar benoemen op verzoek van

een belanghebbende of van het openbaar ministerie, wanneer hij die met het beheer der nalatenschap is belast in ernstige mate in de vervulling van zijn verplichtingen tekortschiet, daartoe ongeschikt is of niet voldoet aan een last tot zekerheidstelling, wanneer de schulden der nalatenschap de baten blijken te overtreffen, of wanneer tot een verdeling van de nalatenschap wordt overgegaan voordat deze vereffend is.

4.2.

Artikel 4:206 lid 1 BW bepaalt dat de rechtbank niet beslist op het verzoek tot benoeming van een vereffenaar dan na verhoor of behoorlijke oproeping van de verzoeker, alsmede voor zover zij bestaan en bekend zijn, van de erfgenamen, de boedelnotaris en de executeur. Verzoekster en de erfgenamen zijn opgeroepen. Er is geen sprake van een boedelnotaris en executeur.

4.3.

Verzoekster is als schuldeiser van de nalatenschap belanghebbende in de zin van artikel 4:203 lid 1 sub a BW.

4.4.

Toewijzing van het verzoek tot benoeming van een vereffenaar op grond van artikel 4:203 lid 1 sub b BW is onder andere mogelijk als de schulden van de nalatenschap de baten blijken te overtreffen. Volgens verweersters is dit het geval. De rechtbank dient dan na te gaan of de erfgenamen wel de meest aangewezen vereffenaars zijn. Door de beneficiaire aanvaarding zijn de erfgenamen, [verweerster sub 1] en [verweerster sub 2] , vereffenaars van de nalatenschap op grond van artikel 4:195 lid 1 BW. Gelet op de psychische problematiek bij [verweerster sub 1] worden de beheerwerkzaamheden volgens mr. Verhoef uitgevoerd door [verweerster sub 2] . Reeds hieruit leidt de rechtbank af dat [verweerster sub 1] niet in staat is om zelf de vereffeningswerkzaamheden uit te voeren, hetgeen ook bevestigd werd door het optreden van [verweerster sub 1] ter zitting.

[verweerster sub 2] voert thans de beheerwerkzaamheden alleen uit. Gesteld noch gebleken is dat [verweerster sub 2] beschikt over specifieke deskundigheid op het gebied van de vereffening van een (insolvente) nalatenschap. De rechtbank is van oordeel dat de feiten en omstandigheden van dit geval die specifieke deskundigheid vereisen. Zij overweegt daartoe het volgende.

De nalatenschap van erflater is negatief. Erflater en [verweerster sub 1] waren gehuwd in gemeenschap van goederen. Door het overlijden van erflater is thans sprake van een ontbonden huwelijksgemeenschap. Tot die ontbonden huwelijksgemeenschap behoort onder andere een woonhuis, gelegen te [woonplaats] aan de [adres] . Dit woonhuis is belast met:

  • -

    een eerste hypotheekrecht, gevestigd in 1992 ten behoeve van Mees Pierson N.V.;

  • -

    een tweede hypotheekrecht, gevestigd in 2008 ten behoeve van mr. Verhoef; en

  • -

    een executoriaal beslag, ingeschreven op 22 september 2014 ten behoeve van de Belastingdienst.

Volgens verweersters zal de verkoopopbrengst van de woning hoogstwaarschijnlijk niet voldoende zijn om alle schuldeisers te voldaan. Dat maakt dat de onderlinge rangorde tussen de diverse schuldeisers van bijzonder belang is.

Verder is door mr. Verhoef ter zitting aangegeven dat erflater voor zijn overlijden was aangemeld voor een traject van buitengerechtelijke vrijwillige schuldsanering bij de gemeente […] . In onderzoek is nu of alsnog een buitengerechtelijk schuldeisersakkoord kan worden gerealiseerd. Dit heeft tot een aanzienlijke hoeveelheid correspondentie met de Belastingdienst geleid.

De ondersteuning van [verweerster sub 2] door (het kantoor van) mr. Verhoef is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende. Mr. Verhoef heeft niet gesteld dat hij over de vereiste specifieke deskundigheid beschikt. Voorts is tot op heden niet voldaan aan de plicht tot terinzagelegging van de boedelbeschrijving op grond van artikel 4:211 lid 3 BW en lijkt [verweerster sub 2] mede namens [verweerster sub 1] op te treden zonder schriftelijke volmacht of andere vertegenwoordigingsbevoegdheid.

Daarom zal de rechtbank een professionele vereffenaar benoemen.

4.5.

Partijen hebben beiden een professionele vereffenaar voorgesteld, maar kunnen over en weer niet instemmen met de door de wederpartij voorgestelde vereffenaar. Daarom zal de rechtbank een onafhankelijke vereffenaar benoemen, die nog niet eerder bij de nalatenschap van erflater betrokken is geweest, te weten: mr. [E] , kandidaat-notaris te [vestigingsplaats] , verbonden aan [naam notariskantoor] , [adres] , [postcode] [vestigingsplaats] , postadres: postbus [postbusnummer] , [postcode] [vestigingsplaats] . Hij heeft zich daartoe bereid verklaard.

5 De beslissing

De rechtbank:

- benoemt mr. [E] , kandidaat-notaris te [vestigingsplaats] , verbonden aan [naam notariskantoor] , [adres] , [postcode] [vestigingsplaats] , postadres: postbus [postbusnummer] , [postcode] [vestigingsplaats] , tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater;

- draagt de griffier op de benoeming van deze vereffenaar onverwijld in het boedelregister in te schrijven;

- draagt de vereffenaar op zijn benoeming bekend te maken in de Staatscourant;

- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.H.F. van Vugt en in het openbaar uitgesproken op 21 september 2017.