Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2017:284

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25-01-2017
Datum publicatie
22-02-2017
Zaaknummer
4525337 MC EXPL 15-11428 en 5064094 MC EXPL 16-5403
Rechtsgebieden
Intellectueel-eigendomsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

hoofdzaak en vrijwaring, deels verstek, schending auteursrecht op foto's

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

kantonrechter

locatie Almere

Vonnis in hoofdzaak en vrijwaring van 25 januari 2017

in de zaak met zaaknummer: 4525337 MC EXPL 15-11428 ID/963

[eiser in de hoofdzaak] ,

tevens h.o.d.n. [naam 1],

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen [eiser in de hoofdzaak] ,

eisende partij,

gemachtigde: mr. D. Beentjes,

tegen:

1 [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ,

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ,

gedaagde partij,

gemachtigde: mr. W.H.J. Luijer,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] in liquidatie,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

verder ook te noemen [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] ,

gedaagde partij,

niet verschenen,

en in de zaak met zaaknummer: 5064094 MC EXPL 16-5403 ID/963

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ,

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ,

eisende partij,

gemachtigde: mr. W.H.J. Luijer,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] in liquidatie,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

verder ook te noemen [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] ,

gedaagde partij,

niet verschenen.

1. De procedure

in de hoofdzaak

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het incidenteel vonnis van 13 april 2016,

- de conclusie van antwoord van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ,

- de conclusie van repliek,

- de conclusie van dupliek van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] .

1.2.

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft niet (tijdig) geantwoord en evenmin uitstel gevraagd, zodat tegen haar verstek is verleend.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

in de vrijwaringszaak

1.4.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding.

1.5.

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft niet (tijdig) geantwoord en evenmin uitstel gevraagd, zodat tegen haar verstek is verleend.

1.6.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiser in de hoofdzaak] is parttime fotograaf. [eiser in de hoofdzaak] drijft onder de naam [naam 1] een onderneming in de vorm van een eenmanszaak, die zich bezighoudt met onder meer portret-, bruids- en evenementfotografie.

2.2.

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] is een onderneming die zich bezighoudt met het organiseren van dance- en sportevenementen. [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] wordt bestuurd door [bedrijf 1] B.V. en [bedrijf 2] B.V. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] is enig bestuurder en aandeelhouder van [bedrijf 1] B.V.

2.3.

[eiser in de hoofdzaak] is auteursrechthebbende op een zestal foto’s (hierna: de foto’s), die hij heeft gemaakt op het feest ’ [...] , editie [...] . [eiser in de hoofdzaak] heeft de foto’s gepubliceerd op de website www. [...] .nl.

2.4.

Zonder toestemming van [eiser in de hoofdzaak] en zonder vermelding van [eiser in de hoofdzaak] als maker van de foto’s zijn vier van de foto’s in bewerkte vorm gebruikt in een advertentie en drie van de foto’s in bewerkte vorm in een flyer ter promotie van het feest ’ [...] , editie [...] . De advertentie is geplaatst op de Facebookpagina van [naam 2] en op de website [...] . De flyer is in gedrukte vorm verspreid en online gepubliceerd op de Facebookpagina van [naam 2] en op de website www. [...] .

2.5.

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] staat bij SIDN geregistreerd als houder van de domeinnaam [naam 2] .nl.

2.6.

Op 2 september 2014 heeft [eiser in de hoofdzaak] [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] schriftelijk gesommeerd de foto’s van de websites te verwijderen en de verspreiding van de flyer stop te zetten en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] een voorstel gedaan ter afdoening van de door hem geleden schade als gevolg van de schending van zijn auteursrechten op de foto’s. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft hier niet op gereageerd.

2.7.

Bij e-mail van 15 oktober 2014 heeft mr. D. Beentjes namens [eiser in de hoofdzaak] [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] gesommeerd het gebruik van de foto’s te staken, de herkomst van de foto’s bekend te maken, opgave te doen van de verdere verspreiding van de foto’s en een bedrag van € 1.400,00 te betalen aan schadevergoeding. De foto’s zijn verwijderd. Ondanks herhaalde sommatie is aan het overige niet voldaan.

2.8.

Op 17 november 2014 heeft mr. Luijer zich als gemachtigde van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] gemeld. Onderling overleg heeft niet geresulteerd in een minnelijke regeling. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft zich op het standpunt gesteld dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verantwoordelijk is voor de promotie van het feest ’ [...] , zodat niet hij, maar [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] aansprakelijk is voor eventuele schade van [eiser in de hoofdzaak] die mocht voortvloeien uit dat handelen.

2.9.

Bij e-mail van 22 april 2015 heeft [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] mr. D. Beentjes bericht:

“Naar aanleiding van uw mail, kan ik bevestigen dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] onder de naam [naam 2] het feest ’ [...] heeft georganiseerd op [...] . Eveneens is er voor ’ [...] promotie gemaakt op verschillende websites en op Facebook.”

2.10.

Bij brief van 24 april 2015 heeft mr. D. Beentjes [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] aansprakelijk gesteld voor de door [eiser in de hoofdzaak] geleden schade als gevolg van de schending van zijn auteursrechten op de foto’s en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verzocht een voorstel te doen tot minnelijke afhandeling.

2.11.

Bij e-mail van 1 juni 2015 heeft [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] mr. D. Beentjes onder meer bericht:

“ (…)

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft geen eigen website. [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft ook geen eigen Facebook-pagina. [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft derhalve nooit foto’s die door uw cliënt gemaakt zijn op haar website of Facebook-pagina gebruikt. [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] zal er wel op toezien dat voor de promotie van haar evenementen geen foto’s van uw cliënt gebruikt worden.

Indien uw cliënt de foto’s uitsluitend heeft gepubliceerd via [...] , dan zal dat de herkomst van de foto’s zijn.

(…)

De desbetreffende foto’s zijn niet door [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verspreid en zullen door [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] niet verspreid worden.

(…)

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] zal dan ook geen betaling doen.

(…)”

2.12.

Op 9 juni 2015 heeft mr. Luijer zich als gemachtigde van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] gemeld. Onderling overleg heeft niet geleid tot een minnelijke regeling.

3 Het geschil

in de hoofdzaak

3.1.

[eiser in de hoofdzaak] vordert - verkort weergegeven - dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

1. voor recht verklaart dat [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] inbreuk hebben gemaakt op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] ,

2. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt tot betaling van € 3.000,00, althans een door de kantonrechter te bepalen bedrag, aan schadevergoeding voor de inbreuk op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] ,

3. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] beveelt binnen vijf dagen na dit vonnis schriftelijk de bron bekend te maken waaruit zij de foto’s hebben verkregen door het verstrekken van de contactgegevens van de (rechts)persoon dan wel de volledige URL indien de foto’s van internet zijn gekopieerd, op straffe van een dwangsom,

4. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] beveelt binnen vijf dagen na dit vonnis schriftelijk de omvang en verspreiding van de gedrukte flyer bekend te maken, op straffe van een dwangsom,

5. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt tot het vergoeden van de schade ontstaan door de verspreiding van de gedrukte flyer op basis van de gederfde licentievergoeding, de grootte van de flyer en de oplage volgens de tabel op pagina 10 van de tarievenlijst van Stichting Foto Anoniem dan wel [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt tot betaling van een door de kantonrechter te bepalen bedrag aan schadevergoeding ter zake,

6. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt in de volledige proceskosten ex artikel 1019h Rv, dan wel in de proceskosten, waaronder het salaris van de gemachtigde en de buitengerechtelijke incassokosten ex artikel 6:96 lid 2 sub c BW,

7. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt in de nakosten ex artikel 237 lid 4 Rv ad € 100,00,

8. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt tot vergoeding van de wettelijke rente te rekenen vanaf de datum van betekening van het vonnis tot de dag van volledige voldoening.

3.2.

[eiser in de hoofdzaak] legt aan zijn vordering - kort gezegd - het volgende ten grondslag. [eiser in de hoofdzaak] stelt dat [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] inbreuk hebben gemaakt op zijn auteurs- en persoonlijkheidsrechten door de foto’s zonder toestemming en naamsvermelding in bewerkte vorm in een advertentie en flyer te gebruiken en deze openbaar te maken en dat hij door dit onrechtmatige handelen schade heeft geleden bestaande uit gederfde licentie-inkomsten en overige (immateriële) schade. [eiser in de hoofdzaak] houdt de (rechts)persoon die handelt onder de naam [naam 2] aansprakelijk voor de gepleegde inbreuken, zijnde niet (alleen) [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] , maar (ook) [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] . [eiser in de hoofdzaak] stelt dat online minstens 23 inbreuken zijn gepleegd: 8 inbreuken door het gebruik van vier van de foto’s in een advertentie die op twee websites openbaar is gemaakt en 15 inbreuken door het gebruik van drie van de foto’s in een flyer, die ten minste 5 keer online is geplaatst. [eiser in de hoofdzaak] heeft geen informatie over de verspreiding van de gedrukte flyer. [eiser in de hoofdzaak] stelt dat hij voor het gebruik van de foto’s in dit formaat op een website met een .nl extensie een licentievergoeding zou hebben gehanteerd van minimaal € 218,00 per foto per openbaarmaking per maand, welk tarief is gebaseerd op de tarieven van de Stichting Foto Anoniem, versie 2010. [eiser in de hoofdzaak] begroot de gederfde licentievergoeding voor het gebruik van de zes foto’s op vier websites (in totaal 23 inbreuken) op € 5.014,00. De hoogte van de geleden immateriële schade begroot [eiser in de hoofdzaak] aan de hand van analoge toepassing van de door hem gehanteerde algemene voorwaarden van de Nederlandse Fotografenfederatie in totaal op € 20.056,00, zijnde driemaal de gebruikelijke licentievergoeding vanwege het ontbreken van toestemming voor het gebruik (artikel 17.2) en eenmaal de gebruikelijke licentievergoeding vanwege het ontbreken van de naamsvermelding (artikel 18.2). [eiser in de hoofdzaak] heeft ervoor gekozen zijn vordering tot vergoeding van de door hem geleden schade voor het zonder toestemming en zonder naamsvermelding online openbaar maken van de foto’s te beperken tot een bedrag van € 3.000,00. [eiser in de hoofdzaak] vordert verder bekendmaking van de bron van de foto’s en van de omvang en de verspreiding van de gedrukte flyer ex artikel 28 lid 9 Auteurswet, alsmede schadevergoeding voor de inbreuk door de gedrukt flyer op basis van gederfde licentievergoeding, te bepalen aan de hand van de tarievenlijst van de Stichting Foto Anoniem, versie 2010. [eiser in de hoofdzaak] vordert ten slotte veroordeling van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] in de daadwerkelijk gemaakte proceskosten ex artikel 1019h Rv, dan wel in de proceskosten en in de buitengerechtelijke kosten ex artikel 6:96 lid 2 sub c BW, alsmede in de nakosten ex artikel 237 lid 4 Rv, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.3.

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen de vorderingen met als conclusie dat de kantonrechter deze zal afwijzen, met veroordeling van [eiser in de hoofdzaak] in de kosten van dit geding en in de kosten van het geding in vrijwaring.

3.4.

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] voert als verweer aan dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verantwoordelijk is voor de promotie van het feest ‘ [...] en dat voor zover daarbij de rechten van [eiser in de hoofdzaak] geschonden zijn en deze daardoor schade zou hebben geleden, [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] daarvoor aansprakelijk is. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] betwist dat hij zelf handelt of heeft gehandeld onder de naam [naam 2] . Hiervan is door [eiser in de hoofdzaak] ook geen bewijs overgelegd. [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft verklaard dat zij onder de naam [naam 2] het feest ’ [...] heeft georganiseerd en dat voor dat feest promotie is gemaakt op verschillende websites. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] gebruik laten maken van de website www. [naam 2] .nl, waarvan hij domeinnaamhouder is. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] beheert de inhoud van die website niet en is niet betrokken geweest bij de promotieactiviteiten. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] betwist verder dat de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] zijn geschonden en dat door [eiser in de hoofdzaak] schade is geleden, alsmede de omvang en de hoogte van de gestelde geleden schade. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] voert aan dat hij niets met de publicatie van de foto’s en de flyer van doen heeft gehad, zodat hij niet bekend is met de herkomst van de foto’s en de verspreiding van de flyer. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] bestrijdt tenslotte dat er grond is voor de gevorderde proceskostenveroordeling. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] stelt dat het [eiser in de hoofdzaak] kwalijk mag worden genomen dat hij ondanks de verklaring van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verantwoordelijk is voor de promotieactiviteiten, ervoor heeft gekozen om [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ook te dagvaarden, zodat [eiser in de hoofdzaak] dient te worden veroordeeld in de proceskosten in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak.

3.5.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in de vrijwaringszaak

3.6.

[eiser in de hoofdzaak] vordert - verkort weergegeven - dat de kantonrechter [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] veroordeelt om aan [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] te betalen datgene waartoe [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] als gedaagde in de hoofdzaak jegens [eiser in de hoofdzaak] mocht worden veroordeeld, met veroordeling van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.7.

[eiser in de hoofdzaak] legt aan zijn vordering het volgende ten grondslag. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] en [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] zijn door [eiser in de hoofdzaak] gedagvaard in verband met vermeende inbreuk op auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] door de foto’s zonder toestemming en naamsvermelding in bewerkte vorm in een advertentie en flyer te gebruiken en deze openbaar te maken ter promotie van het feest ’ [...] . [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] stelt dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] de promotie van dat feest heeft verzorgd en in dat verband gebruik heeft gemaakt van de domeinnaam van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] [naam 2] .nl. Dit heeft [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] ook erkend. Indien [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] daarbij inbreuk heeft gemaakt op auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] , dan dient [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] aldus [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] de gevolgen te dragen van dat onrechtmatige handelen en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] op grond van onrechtmatige daad te vrijwaren van alle schade die daarvan voor [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] het gevolg mocht zijn.

4 De beoordeling

in de hoofdzaak

4.1.

Vast staat dat de auteursrechtelijk beschermde foto’s zonder toestemming van [eiser in de hoofdzaak] zijn bewerkt en vervolgens in een online geplaatste advertentie en flyer en in een gedrukte flyer openbaar zijn gemaakt ter promotie van het feest ’ [...] , editie [...] , zonder vermelding van de naam van [eiser in de hoofdzaak] als maker. Gelet daarop is er sprake van een inbreuk op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] en daarmee van onrechtmatig handelen jegens [eiser in de hoofdzaak] . [eiser in de hoofdzaak] en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] twisten allereerst over de vraag of [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] schadeplichtig is ter zake van dit inbreukmakende handelen. De kantonrechter overweegt daarover als volgt.

4.2.

Jegens [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] staat als onweersproken vast dat zij onder de naam [naam 2] feesten organiseert, waaronder het feest ‘ [...] , en dat zij bij de promotie van het feest ’ [...] , editie [...] , gebruik heeft gemaakt van verschillende websites, waaronder de Facebookpagina van [naam 2] , en een gedrukte flyer en daarbij inbreuk heeft gemaakt op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] . Tussen [eiser in de hoofdzaak] en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] is in geschil of ook [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] deze handelspraktijk drijft en zo eveneens aansprakelijk is te houden voor dit inbreukmakende handelen. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft [eiser in de hoofdzaak] zijn stelling dat [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] (ook) onder de naam [naam 2] handelt en verantwoordelijk is voor de organisatie van voornoemd feest, mede in het licht van de gemotiveerde betwisting door [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] , onvoldoende onderbouwd. Daarvoor is het volgende redengevend.

4.3.

[eiser in de hoofdzaak] heeft ter onderbouwing van zijn stelling de navolgende omstandigheden aangevoerd:

- Uit het KvK-uittreksel van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] blijkt niet dat [naam 2] een handelsnaam is van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] ,

- [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] heeft verklaard dat de website en Facebookpagina van [naam 2] niet in haar eigendom zijn. Daaruit volgt dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] niet handelt uit naam van [naam 2] ,

- [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] wordt bestuurd door [bedrijf 2] B.V. en door [bedrijf 1] B.V., waarvan [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] enig bestuurder is. Uit het als productie 6 overgelegde persbericht van [naam 2] blijkt dat zij al sinds 2010 feesten organiseert onder de naam [naam 2] . [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] is pas in 2013 opgericht. Verder blijkt uit het persbericht dat [bedrijf 2] B.V. los staat van [naam 2] . Hieruit volgt dat niet [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] , maar [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] handelt onder de naam [naam 2] ,

- [bedrijf 1] B.V. was eerder middellijk bestuurder van de gefailleerde besloten vennootschap [bedrijf 3] B.V. Uit de als productie 7 overgelegde informatie blijkt dat die rechtspersoon de handelsnaam [naam 2] voerde,

- [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft altijd inhoudelijk gereageerd op berichten van de gemachtigde van [eiser in de hoofdzaak] ,

- Pas na de betekening van de dagvaarding aan [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] werd het verweer gevoerd dat niet [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] maar [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verantwoordelijk is,

- [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] is houder van de website www. [naam 2] .nl.

4.4.

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] heeft hiertegen als verweer aangevoerd dat niet hij, maar [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] onder de naam [naam 2] het feest ’ [...] op [...] heeft georganiseerd en dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] verantwoordelijk is geweest voor de promotie van dat feest. [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] stelt dat hij [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] alleen gebruik heeft laten maken van de website www. [naam 2] .nl, waarvan hij domeinnaamhouder is, en dat hij verder niet betrokken is geweest bij de promotieactiviteiten. Dit wordt ondersteund door de door [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] overgelegde e-mails van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] van 22 april 2015 en 1 juni 2015, zoals deels aangehaald onder 2.9. en 2.11. Daarin erkent [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] immers dat zij onder de naam [naam 2] het feest ’ [...] heeft georganiseerd op [...] en dat zij voor dat feest promotie heeft gemaakt op verschillende websites en op Facebook. Voorts verklaart zij daarin dat zij geen eigen website en geen eigen Facebookpagina heeft. Dit onderstreept de juistheid van het verweer van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] dat de relevante onderneming wordt gerund door [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] onder gebruikmaking van zijn website. Dit strookt ook met de informatie uit het overgelegde uittreksel van het KvK van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] , waaruit volgt dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] een onderneming is die zich bezighoudt met het organiseren van dancefeesten. Mede in dat licht bezien, volgt uit de door [eiser in de hoofdzaak] gestelde omstandigheden niet noodzakelijkerwijs dat [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] alleen of samen met [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] die handelsactiviteiten heeft ontplooid.

4.5.

Uit het vorenstaande volgt dat de vorderingen jegens [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] dienen te worden afgewezen, omdat de daartoe aangevoerde grondslag (het in het kader van zijn onderneming verveelvoudigen van de desbetreffende foto’s) niet is komen vast te staan. De kantonrechter komt aan verdere beoordeling van het geschil tussen [eiser in de hoofdzaak] en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] niet toe.

4.6.

[eiser in de hoofdzaak] zal als de jegens [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] worden begroot op € 350,00 aan salaris gemachtigde (2 punten x tarief € 175,00).

4.7.

Nu [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] naar het oordeel van de kantonrechter voldoende belang had bij het instellen van de vordering in vrijwaring, zal [eiser in de hoofdzaak] ook worden veroordeeld in de kosten van de vrijwaringszaak, die voor rekening komen van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] .

De kosten van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] in de vrijwaringszaak worden begroot op:

- dagvaarding € 98,87 (inclusief btw en informatiekosten)

- griffierecht € 223,00

- salaris gemachtigde € 175,00 (1 punt x tarief € 175,00)

Totaal € 496,87

4.8.

Zoals hiervoor reeds is overwogen staat onweersproken vast dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] jegens [eiser in de hoofdzaak] schadeplichtig is ter zake van de geconstateerde inbreuk op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] .

4.9.

[eiser in de hoofdzaak] heeft ervoor gekozen zijn schadevergoedingsvordering ten aanzien van de door hem geleden schade voor het zonder toestemming en zonder naamsvermelding online openbaar maken van de foto’s, te beperken tot een bedrag van € 3.000,00. De kantonrechter acht dit bedrag toewijsbaar. Onweersproken staat vast dat [eiser in de hoofdzaak] aan gebruik van zijn foto’s in dit formaat op een website met een .nl extensie een tarief verbindt van minimaal

€ 218,00 per foto per openbaarmaking per maand, welk tarief is gebaseerd op de tarieven van de Stichting Foto Anoniem, versie 2010. Uit de overgelegde afdrukken van de geconstateerde inbreuken blijkt dat de flyer in ieder geval in augustus en september 2014 online is gepubliceerd en de advertentie in ieder geval in juli en september 2014. Uitgaande van het genoemde tarief komt de gederfde licentievergoeding daarmee al op een bedrag van € 3.052,00 (2 x 3 foto’s x € 218,00 + 2 x 4 foto’s x € 218,00).

4.10.

[eiser in de hoofdzaak] vordert ex artikel 28 lid 9 Auteurswet bekendmaking van de bron van de foto’s en van de omvang van de verspreiding van de gedrukte flyer alsmede schadevergoeding voor de inbreuk door de gedrukt flyer op basis van gederfde licentievergoeding te bepalen, mede aan de hand van de te verkrijgen informatie, op basis van de op pagina 10 weergegeven tabel van de tarievenlijst van de Stichting Foto Anoniem, versie 2010. De kantonrechter zal deze vorderingen toewijzen, nu [eiser in de hoofdzaak] belang heeft bij verstrekking van de gevorderde gegevens en de te betalen schadevergoeding aan de hand van de genoemde factoren voldoende concreet kan worden vastgesteld.

4.11.

De door [eiser in de hoofdzaak] gevorderde verklaring voor recht zal worden afgewezen. Uit de veroordeling tot betaling van schadevergoeding volgt al dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] inbreuk heeft gemaakt op de auteurs- en persoonlijkheidsrechten van [eiser in de hoofdzaak] . [eiser in de hoofdzaak] heeft niet gesteld dat hij als gevolg van het inbreukmakende handelen meer schade heeft geleden of dreigt te lijden dan hij in deze procedure heeft gevorderd. Gelet daarop is niet komen vast te staan dat [eiser in de hoofdzaak] bij de gevorderde verklaring voor recht nog een voldoende rechtens te respecteren belang heeft als bedoeld in artikel 3:303 BW.

4.12.

Het gevorderde komt de kantonrechter voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.

4.13.

[gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. [eiser in de hoofdzaak] vordert op grond van artikel 1019h Rv een volledige proceskostenveroordeling. Nu deze procedure de handhaving van auteursrechten tot inzet heeft, is artikel 1019h Rv van toepassing. Op grond van dat artikel wordt de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt, tenzij de billijkheid zich daartegen verzet. [eiser in de hoofdzaak] vordert, onder verwijzing naar de door hem als producties 12 en 16 overgelegde specificaties, in totaal een bedrag van € 3.537,98 aan salaris gemachtigde. Dit overzicht is door [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] niet betwist, zodat de kantonrechter uitgaat van de redelijkheid en evenredigheid van de opgegeven kosten. De kantonrechter houdt echter wel rekening met het gegeven dat een deel van deze kosten, te weten een bedrag van € 218,93 (inclusief kantoorkosten), ziet op gemaakte kosten ter zake van het incident. Deze dienen in de hoofdzaak buiten beschouwing te blijven, nu bij het incidenteel vonnis is beslist dat deze voor rekening van [eiser in de hoofdzaak] blijven. De kantonrechter houdt voorts rekening met het gegeven dat een groot deel van de vorderingen, waaronder de door [eiser in de hoofdzaak] tegen [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ingestelde vorderingen, wordt afgewezen. Tot de redelijke en evenredige kosten van de procedure behoort niet dat deel van de gemaakte kosten aan salaris gemachtigde dat moet worden toegerekend aan het afgewezen deel van de vorderingen. De kantonrechter zal daarom van de opgevoerde kosten aan salaris gemachtigde naar rato een bedrag van afgerond € 1.500,00 toewijzen en het overig gevorderde op dit punt afwijzen. De kosten aan de zijde van [eiser in de hoofdzaak] worden aldus begroot op:

- dagvaarding € 101,95 (inclusief informatiekosten en btw)

- griffierecht € 221,00

- salaris gemachtigde € 1.500,00 (inclusief kantoorkosten)

Totaal € 1.822,95

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten zal worden toegewezen met inachtneming van de hierna te bepalen termijn.

4.14.

De nakosten, waarvan [eiser in de hoofdzaak] betaling vordert, zullen op de in het dictum weergegeven wijze worden begroot. De gevorderde wettelijke rente over de nakosten zal als volgt worden toegewezen.

in de vrijwaringszaak

4.15.

Nu de in de hoofdzaak tegen [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] ingestelde vorderingen zijn afgewezen en [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] derhalve niet is veroordeeld tot het doen van enige betaling aan [eiser in de hoofdzaak] , dient de vordering van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] in de vrijwaringszaak te worden afgewezen.

4.16.

[gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] moet als de in het ongelijk gestelde partij worden aangemerkt en in de proceskosten worden verwezen. De kosten aan de zijde van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] worden begroot op nihil.

5 De beslissing

in de hoofdzaak

De kantonrechter:

5.1.

wijst de vorderingen jegens [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] af,

5.2.

veroordeelt [eiser in de hoofdzaak] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] , tot de datum van dit vonnis begroot op € 350,00 aan salaris gemachtigde,

5.3.

veroordeelt [eiser in de hoofdzaak] in de voor rekening van [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] komende kosten van de vrijwaringszaak tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 496,87,

5.4.

veroordeelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] om aan [eiser in de hoofdzaak] tegen bewijs van kwijting te betalen € 3.000,00, aan schadevergoeding voor het zonder toestemming en zonder naamsvermelding online openbaar maken van de foto’s,

5.5.

beveelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] binnen vijf dagen na dit vonnis schriftelijk de bron bekend te maken waaruit zij de foto’s heeft verkregen door het verstrekken van de contactgegevens van de (rechts)persoon dan wel de volledige URL indien de foto’s van internet zijn gekopieerd, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,00 per dag dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] daarmee in gebreke blijft tot een maximum van € 2.500,00 is bereikt,

5.6.

beveelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] binnen vijf dagen na dit vonnis schriftelijk de omvang en verspreiding van de gedrukte flyer bekend te maken, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,00 per dag dat [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] daarmee in gebreke blijft tot een maximum van € 2.500,00 is bereikt,

5.7.

veroordeelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] tot het vergoeden van de schade ontstaan door de verspreiding van de gedrukte flyer op basis van de door [eiser in de hoofdzaak] gederfde licentievergoeding, te bepalen aan de hand van de grootte en de oplage van de flyer op basis van de tabel op pagina 10 van de tarievenlijst van Stichting Foto Anoniem, versie 2010,

5.8.

veroordeelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [eiser in de hoofdzaak] , tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 1.822,95, waarin begrepen € 1.500,00 aan salaris gemachtigde, te voldoen binnen 14 dagen na de datum van dit vonnis, bij gebreke waarvan voormeld bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na de datum van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

5.9.

veroordeelt [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] , onder de voorwaarde dat zij niet binnen 14 dagen na aanschrijving door [eiser in de hoofdzaak] volledig aan dit vonnis voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:

- € 100,00 aan salaris gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na aanschrijving,

- te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening,

5.10.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.11.

wijst het meer of anders gevorderde af,

in de vrijwaringszaak

5.12.

wijst de vordering af,

5.13.

veroordeelt [gedaagde sub 1 in de hoofdzaak / eiser in de vrijwaringszaak] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde sub 2 in de hoofdzaak / gedaagde in de vrijwaringszaak] tot de datum van dit vonnis begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Steenbergen, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 25 januari 2017.