Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2016:6168

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
22-11-2016
Datum publicatie
22-11-2016
Zaaknummer
16/707466-15 en 16/711351-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een 49-jarige man uit Veenendaal heeft zich schuldig gemaakt aan het bezit van 3.000 foto’s en 83 films met daarop kinderporno. De rechtbank Midden-Nederland veroordeelt de man tot een gevangenisstraf van 18 maanden en tbs met voorwaarden. Ook moet hij nog een voorwaardelijke celstraf van een jaar uitzitten voor een veroordeling in 2012.

Ziekelijke stoornis

De man is in 2006 veroordeeld voor ontucht, en in 2012 voor het bezit van de kinderporno. Deskundigen constateren dat er bij hem sprake is van een ziekelijke stoornis in de vorm van pedofilie. Ondanks de voorwaardelijke straf van een jaar die hij in 2012 kreeg opgelegd, pleegde hij opnieuw strafbare feiten. Ook is gebleken dat hij zijn eerdere behandeling niet serieus nam.

Tbs met voorwaarden

De reclassering stelt dat de man gemakzuchtig, berekenend, en niet open is. Een combinatie van een voorwaardelijk strafdeel en een behandeling vindt de rechtbank niet passend. De rechtbank oordeelt dat de man nu binnen de tbs-maatregel met voorwaarden kan laten zien dat hij echt gemotiveerd is tot verandering. Mocht de behandeling stagneren dan kan dit worden omgezet in ongelimiteerde tbs met dwangverpleging, om te voorkomen dat hij onvoldoende behandeld terugkeert in de samenleving.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht

Zittingslocatie Utrecht

Parketnummers: 16/707466-15 en 16/711351-11 (tul)

Vonnis van de meervoudige strafkamer van 22 november 2016

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [1967] ,

zonder vaste woon- of verblijfplaats,

preventief gedetineerd in het Huis van Bewaring te Nieuwegein.

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 7 juni 2016, 30 augustus 2016 en 8 november 2016. De verdachte is in persoon verschenen en heeft zich ter terechtzitting laten bijstaan door mr. J.P.M. Denissen, advocaat te Utrecht.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. B.E.M. van de Ven en van wat verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

De tenlastelegging is op de zitting van 30 augustus 2016 gewijzigd.

De tenlastelegging is, met wijziging, als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

in de periode van 10 april 2014 tot en met 6 maart 2016 te Veenendaal kinderporno heeft verspreid, aangeboden, openlijk tentoongesteld, verworven, in het bezit gehad en daartoe toegang gehad door gebruikmaking van een geautomatiseerd werk en gebruikmaking van een communicatiedienst en dat verdachte van dat misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.

3 Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde feit en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde feit en baseert zich daarbij op de bevindingen van de politie in het onderzoek naar de bij verdachte aangetroffen gegevensdragers, de telefoon- en internettap, de observatie en de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft geen verweer gevoerd ten aanzien van het bewijs.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden, aanbieden, verwerven, in het bezit hebben en zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst toegang verschaffen van kinderporno, waarvan hij een gewoonte heeft gemaakt. Verdachte heeft dit feit bekend en de verdediging heeft geen vrijspraak bepleit. Onder deze omstandigheden zal de rechtbank met toepassing van artikel 359, derde lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering -voor zover zij dit feit bewezen acht- volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen:1

- de bevindingen met betrekking tot het aantreffen van de afbeeldingen op [internetsite] via de internettap, van 11 februari 2016;2

- de bevindingen met betrekking tot de beoordeling van de aangetroffen afbeeldingen als kinderpornografisch materiaal, van 23 februari 2016;3

- de bekennende verklaring van verdachte.4

5 Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4.3 genoemde bewijsmiddelen bewezen dat verdachte

in de periode van 10 april 2014 tot en met 6 maart 2016 te Veenendaal, meermalen, telkens afbeeldingen, te weten foto's en video’s en films en gegevensdragers bevattende afbeeldingen heeft

verspreid en aangeboden en verworven en in bezit gehad en zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het vaginaal en oraal en anaal penetreren met de penis en vingers/hand en voorwerpen van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 54, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 3, 6, 10, 7)

en

het vaginaal en oraal en anaal penetreren van het lichaam van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met de penis en vingers/hand en voorwerpen

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 44, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 1, 24 screenshot uit film, 17, 27 screenshot uit film)

en

het betasten en aanraken van de geslachtsdelen en de billen van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met vingers/hand en de mond/tong

(collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 2, 20, 18)

en

het betasten en aanraken van de geslachtsdelen ende billen van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt met vingers/hand/voet

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 65, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 4, 22)

en

het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van personen die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet hebben bereikt, waarbij deze personen gekleed zijn en/of opgemaakt zijn en poseren in een omgeving en met voorwerpen en in erotisch getinte houdingen op een wijze die niet bij hun leeftijd passen en waarbij deze personen zich vervolgens in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van hun kleding ontdoen en waarna door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose en de wijze van kleden van deze personen en de uitsnede van de afbeeldingen/films nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen en borsten en billen in beeld gebracht worden waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 38, 23, 24, 53, 48, 36, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 24 (screenshot uit film), 9, 25 (screenshot uit film), 9, 8)

en

het ejaculeren boven/bij het gezicht en het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt en

het houden van een stijve penis dicht bij het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

(collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 15, 5)

van welke misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

6 De strafbaarheid van het feit

Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar als:

een afbeelding of een gegevensdrager, bevattende een afbeelding, van een seksuele gedraging, waarbij iemand de kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, aanbieden, verwerven, in het bezit hebben en zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt.

Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7 De strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn, met dien verstande dat de rechtbank bij de strafoplegging rekening houdt met de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte, zoals hieronder nader overwogen.

8 Motivering van de straffen en maatregelen

8.1

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het door haar bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, met aftrek van het voorarrest, en dat de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege zal worden opgelegd.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft de rechtbank verzocht de eis van de officier van justitie niet te volgen. De eerdere ambulante behandelingen die verdachte heeft gehad waren onvoldoende intensief, niet op verdachte toegesneden en hebben niet het gewenste resultaat gehad. Een maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging is op dit moment een stap te ver. De verdediging verzoekt de rechtbank dan ook om een gevangenisstraf op te leggen waarvan een deel voorwaardelijk, met de bijzondere voorwaarden zoals door de psychiater en psycholoog zijn geadviseerd. Een klinische opname kan verdachte een passende behandeling bieden.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de op te leggen straf en maatregel heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van de sanctie en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Oplegging straf

Verdachte heeft zich gedurende een periode van twee jaar schuldig gemaakt aan het verspreiden, aanbieden, verwerven, in het bezit hebben van kinderporno en zich de toegang hiertoe verschaffen. Verdachte heeft van dat misdrijf een gewoonte gemaakt. De rechtbank rekent dit verdachte ernstig aan. De strekking van artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht is het tegengaan van seksueel misbruik van jeugdigen en de exploitatie van dergelijk misbruik. Centraal hierin staat de bescherming van de (afgebeelde) jeugdige. Voor een effectieve bestrijding van kinderporno is het noodzakelijk om niet alleen degenen aan te pakken die kinderporno vervaardigen, maar ook degenen die kinderporno verzamelen en verspreiden. De vraag naar en het bezit van kinderpornografie draagt immers bij aan de productie ervan en daarmee aan het misbruik van kinderen. Het is een feit van algemene bekendheid dat kinderen die slachtoffer zijn van kinderpornografie nog jaren lang, zo niet hun verdere leven, de niet alleen psychische, maar ook de vaak lichamelijke gevolgen ondervinden van het (seksueel) misbruik dat zij hebben moeten doorstaan en de daarmee gepaard gaande vernederingen.

Bij de bepaling van de strafmaat heeft de rechtbank acht geslagen op het aantal afbeeldingen dat verdachte in bezit had, te weten meer dan 3.000 foto’s en 83 films, de leeftijd van de kinderen op de plaatjes en de aard van de handelingen waartoe de kinderen zijn gedwongen. Verdachte had, net als bij zijn veroordeling in 2012, een zeer grote hoeveelheid aan afbeeldingen in zijn bezit, waarvan een groot deel bestond uit foto’s van zeer jonge kinderen die op een afschuwelijke manier zijn misbruikt. Daarbij komt dat bij het onderzoek naar het feit tevens chatgesprekken zijn aangetroffen tussen verdachte en een - vermoedelijke - vervaardiger van kinderporno, waaruit blijkt dat verdachte zeer geïnteresseerd is in het maken van voornoemde kinderporno en het plegen van ontucht met zeer jonge kinderen. Verdachte gaat geraffineerd te werk, waarbij hij gebruik maakt van anonieme netwerken en versleutelde gegevensdragers, en heeft, zoals blijkt uit de gedetailleerde chatgesprekken, zich intensief bezig gehouden met het verspreiden en uitwisselen van kinderporno.

Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank acht geslagen op het de verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 20 september 2016, waaruit volgt dat verdachte op 6 januari 2006 is veroordeeld voor ontucht met zijn neefje en op 28 december 2012 is veroordeeld voor – kort gezegd - het bezit en het verspreiden van kinderporno, waarvan hij een gewoonte heeft gemaakt.

Verdachte liep ten tijde van het plegen van dit feit in een proeftijd behorende bij laatstgenoemde veroordeling. De rechtbank houdt hier ten nadele van de verdachte rekening mee.

De rechtbank heeft kennis genomen van de Pro Justitia rapportages betreffende verdachte, van 10 mei 2016, opgemaakt door I. Maksimovic, psychiater, en van 24 mei 2016, opgemaakt door F.J.R. Jonker, psycholoog.

De psychiater heeft geconstateerd dat bij verdachte sprake is van een ziekelijke stoornis van zijn geestesvermogens in de zin van pedofilie. Deze ziekelijke stoornis was ook aanwezig ten tijde van het ten laste gelegde feit en beïnvloedde het ten laste gelegde ten dele. Als het ten laste gelegde bewezen wordt verklaard, dan kan worden gesteld dat betrokkene in verminderde mate in staat was om een halt toe te roepen aan zijn seksuele driften en impulsen.

De psycholoog heeft geconstateerd dat verdachte lijdend is aan pedofilie. Dit was ten tijde van het ten laste gelegde eveneens het geval en de gedragskeuzes en gedragingen ten tijde van het ten laste gelegde werden hierdoor beïnvloed. De drang tot het bevredigen van pedoseksuele gevoelens bij betrokkene is aanzienlijk.

Beide deskundigen adviseren om verdachte als verminderd toerekeningsvatbaar te beschouwen.

De rechtbank neemt de conclusies van de deskundigen over de aanwezigheid van de ziekelijke stoornis over. De rechtbank is van oordeel dat hetgeen de deskundigen rapporteren met betrekking tot de invloed die de stoornis heeft gehad op het handelen van verdachte volgt dat het bewezenverklaarde aan verdachte verminderd toegerekend moeten worden.

Alles afwegende is de rechtbank met de officier van justitie van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van de periode die verdachte in voorarrest heeft gezeten, passend en geboden is.

Oplegging maatregel

Uit de rapportages volgt dat het recidiverisico kan worden verlaagd door een intensievere behandeling van de stoornis van verdachte dan tot nog toe heeft plaatsgehad. Het is gebleken dat verdachte meer individuele behandelmodules nodig heeft. Bij gebrek aan intensieve dagklinische behandelingen, in combinatie met het feit dat verdachte geen goede basis heeft voor een dagklinische behandeling, wordt geadviseerd dat verdachte in eerste instantie een klinische behandeling ondergaat in een FPA of een FPK met een zorgprogramma voor zedendelinquenten. Na de klinische behandeling kan de behandeling ambulant worden voortgezet. Geadviseerd wordt om verdachte een verplicht reclasseringscontact op te leggen voor zolang als dit mogelijk is. Als bijzondere voorwaarde bij een deels voorwaardelijke straf dient verdachte zich verplicht te laten behandelen in een kliniek die gespecialiseerd is in de behandeling van pedoseksuele zedendelinquenten.

Ter terechtzitting is gebleken dat de deskundigen slechts in beperkte mate kennis hebben genomen van het strafdossier. Zo hebben zij de chatberichten tussen verdachte en andere in kinderporno geïnteresseerde personen niet gelezen. Uit deze chatberichten heeft de rechtbank afgeleid dat verdachte zeer geïnteresseerd is in misbruik van jonge kinderen en zijn behandeling in het kader van zijn eerdere veroordeling geenszins serieus nam.

Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van het de verdachte betreffende reclasseringsrapport van Reclassering Nederland van 29 juli 2016, opgemaakt door [reclasseringsmedewerker] , inhoudende het advies om aan verdachte de tbs-maatregel met voorwaarden op te leggen. Het is gebleken dat een reclasseringstoezicht onvoldoende kader biedt om verdachte te weerhouden van recidive. Gezien verdachtes ontwijkende gedrag, zijn niet open houding, zijn gemakzucht en zijn berekenende, opportunistische houding is de reclassering van mening dat er een significante straf/maatregel boven zijn hoofd moet hangen, teneinde hem te weerhouden van het plegen van strafbare feiten. Verdachte kan binnen de tbs-maatregel met voorwaarden laten zien dat hij echt gemotiveerd is tot verandering. Mocht dit onvoldoende blijken en de behandeling stagneren dan zal een dwangverpleging uiteindelijk kunnen voorkomen dat betrokkene niet of onvoldoende behandeld weer instroomt in de samenleving. Dit in tegenstelling tot een behandeling opgelegd als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke veroordeling, waarbij indien verdachte niet of onvoldoende meewerkt aan de voorwaarden niet een tbs met dwangverpleging maar een ‘kale’, ten uitvoer gelegde gevangenisstraf het gevolg zou zijn. In het laatste geval zou verdachte opnieuw onvoldoende behandeld in de samenleving kunnen terugkeren met alle risico’s van dien.

De rechtbank is op basis van de inhoud van het strafdossier, de rapportages en de toelichting van de deskundigen ter zitting tot de conclusie gekomen dat verdachte ter beschikking moet worden gesteld met de door de reclassering opgestelde voorwaarden, waarbij de behandeling klinisch dient plaats te vinden voor de duur van maximaal 24 maanden. Binnen dit kader kan de verdachte voor lange tijd gehouden worden aan de noodzakelijke behandelvoorwaarden en kan de maximale beïnvloeding en correctie worden geboden die nodig is om de recidive te verkleinen.

Met alle deskundigen is de rechtbank van oordeel dat een maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging, zoals door de officier is gevorderd, thans niet aan de orde is. Ook met een terbeschikkingstelling met voorwaarden kan naar het oordeel van de rechtbank behandeling worden gewaarborgd en wordt de samenleving voldoende beschermd.

De rechtbank volgt de psycholoog en de psychiater niet in hun ter terechtzitting gehandhaafde conclusie dat een voorwaardelijk strafdeel met bijzondere voorwaarden voldoende vangnet biedt. Immers, een behandeling opgelegd als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke veroordeling zal bij stagneren van de behandeling de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke strafdeel tot gevolg hebben. Dit zou betekenen dat verdachte opnieuw onvoldoende behandeld in de samenleving terugkeert. De rechtbank acht het risico dat verdachte dan wederom soortgelijke delicten begaat te groot. De rechtbank vindt het zeer ernstig en zorgelijk dat verdachte gedurende langere tijd, terwijl hij onder toezicht stond van de reclassering, toch in herhaling is vervallen en – zoals volgt uit de in het dossier opgenomen chatgesprekken – zeer geïnteresseerd is in misbruik van jonge kinderen en zijn behandeling geenszins serieus nam. Verdachte heeft in gesprekken met de reclassering en Kairos geen openheid van zaken gegeven. Ook heeft de eerder voorwaardelijke opgelegde gevangenisstraf van 1 jaar verdachte er niet van kunnen weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen.

Aan de eisen die de wet stelt aan het opleggen van een terbeschikkingstelling met voorwaarden is voldaan. Bij verdachte bestond ten tijde van het plegen van het feit een ziekelijke stoornis van de geestvermogens, het bewezen en strafbaar verklaarde is een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld en de veiligheid van anderen, alsmede de algemene veiligheid van personen eist de oplegging van die maatregel.

Verdachte heeft zich ter terechtzitting bereid verklaard mee te werken aan de voorwaarden die door de reclassering zijn verbonden aan een terbeschikkingstelling. De verdachte heeft weliswaar verklaard moeite te hebben met de voorwaarde die ziet op de verplichting tot het innemen van (libidoremmende) medicatie omdat deze voorwaarde zijn keuzevrijheid belemmert, maar heeft daarbij tevens aangegeven dat hij zich niet zonder meer tegen medicatie zal verzetten.

In alle omstandigheden van deze zaak ziet de rechtbank aanleiding te oordelen dat de op te leggen ter beschikkingstelling met voorwaarden dadelijk uitvoerbaar moet zijn. Uit de ernst en aard van het bewezenverklaarde, alsmede de persoon van de verdachte volgt dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

Tot slot is in dit verband de vraag aan de orde of sprake is van een ongelimiteerde terbeschikkingstelling, in voorkomend geval dat de terbeschikkingstelling met voorwaarden zou worden omgezet naar en terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege.

Gelet op de systematiek van de wet acht de rechtbank zich gehouden thans – ook al doet deze situatie zich niet voor en heeft de rechtbank geen directe redenen om aan te nemen dat deze situatie zich ooit voor zal doen – als zittingsrechter hieromtrent een beslissing te nemen.

Het (een gewoonte maken van het) bezit en verspreiden van kinderporno levert een onmiskenbare bijdrage op aan het in stand houden van de markt voor kinderporno, waarvoor feitelijk en daadwerkelijk kindermisbruik een noodzakelijk gegeven en vereiste is. Door het bezit en verspreiden van kinderporno blijven vele slachtoffers voor onbepaalde duur op een beschamende manier op internet staat en op die manier blijven zij slachtoffer van eerder begane gedragingen. Hiermee wordt door het bezit en verspreiden van kinderporno bijgedragen aan de ernstige inbreuk die is gemaakt op de lichamelijke integriteit van de desbetreffende minderjarigen. Verdachte heeft zich hieraan schuldig gemaakt. Dit betekent dat – in het geval van omzetting van de terbeschikkingstelling met voorwaarden naar een terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege – er sprake is van een zogenoemde ongelimiteerde terbeschikkingstelling. De rechtbank verwijst in dit verband naar het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 augustus 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:6906.

9 Het beslag

9.1

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft ter terechtzitting een beslaglijst overgelegd en heeft gevorderd de HP computer (nr. 1), usb-stick (nr. 2), Thinkpad computer (nr. 3), HP usb-stick (nr. 14), harddisk Seagate (nr. 19) en de randapparatuur Lexar (nr. 28) te onttrekken aan het verkeer. Zij vordert het briefje met de wachtwoorden (nr. 41) verbeurd te verklaren.

9.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft geen verweer gevoerd met betrekking tot het beslag.

9.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt vast dat het op de beslaglijst aangeduide voorwerpen onder verdachte in beslag zijn genomen.

De rechtbank acht de in beslag genomen gegevensdragers bevattende kinderpornografisch materiaal, nader genoemd in de beslissing, vatbaar voor onttrekking aan het verkeer. Gebleken is dat dit voorwerpen betreffen met behulp van welke het bewezen verklaarde is begaan en van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang.

Een voorwerp dat eveneens is gebruikt bij het begaan van het bewezen verklaarde is het briefje met de wachtwoorden, nader aangeduid in de beslissing. Dit voorwerp acht de rechtbank vatbaar voor verbeurdverklaring. Een briefje met wachtwoorden is niet van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang, maar het kan mogelijk wel toegang verschaffen tot gegevensdragers waarop (ander) kinderpornografisch materiaal aanwezig is.

10 Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling

Bij de stukken bevindt zich de op 9 maart 2016 ter griffie van deze rechtbank ontvangen vordering van de officier van justitie in het arrondissement Midden-Nederland in de zaak met parketnummer 16/711351-11 betreffende het onherroepelijk geworden vonnis d.d. 28 december 2012 van de meervoudige strafkamer van de rechtbank Utrecht, waarbij verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren, met bevel dat van deze straf een gedeelte, groot 1 jaar niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat veroordeelde zich voor het einde van een op 3 jaren bepaalde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Tevens bevindt zich bij de stukken een akte waaruit blijkt dat de kennisgeving, bedoeld in artikel 366a van het Wetboek van Strafvordering, op 29 januari 2013 aan verdachte is uitgereikt.

Gebleken is dat verdachte zich voor het einde van voornoemde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, zoals naar voren komt uit de verdere inhoud van dit vonnis. De rechtbank ziet hierin aanleiding de tenuitvoerlegging van dat voorwaardelijke strafdeel te gelasten.

11 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14e, 14g, 33, 33a, 36b, 36c, 37a, 38, 38a, 38d en 240b van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

12 Beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op:

een afbeelding of een gegevensdrager, bevattende een afbeelding, van een seksuele gedraging, waarbij iemand de kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, aanbieden, verwerven, in het bezit hebben en zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt.

Strafbaarheid

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte daarvoor strafbaar.

Oplegging van straf en maatregel

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 18 maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Gelast dat verdachte ter beschikking zal worden gesteld en stelt daarbij de volgende voorwaarden:

Algemene voorwaarden:

  • -

    verdachte stelt zich onder toezicht van de reclassering en zal zich houden aan de voorschriften en aanwijzingen door of namens deze instelling aan hem te geven;

  • -

    verdachte pleegt gedurende de looptijd van de terbeschikkingstelling met voorwaarden geen strafbare feiten;

  • -

    verdachte verleent medewerking aan het verstrekken van een pasfoto en het verstrekken van informatie zoals bedoeld in het kader van het landelijk opgestelde opsporingsbeleid ten aanzien van tbs-gestelden.

Bijzondere voorwaarden:

  • -

    verdachte verleent zijn medewerking aan opname in een FPK of FPA of een soortgelijke intramurale instelling, zulks ter beoordeling van het NIFP-IFZ/FPK, op basis van de door het NIFP-IFZ/FPK afgegeven indicatie-instelling. Deze klinische opname zal duren zolang de reclassering/behandelaren dit nodig achten, maar niet langer dan 24 maanden, waarbij verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door zijn behandelaren worden gegeven, ook wanneer dit inhoudt het gebruik van (libidoremmende) medicatie. Verdachte wordt bovendien verplicht zijn medewerking te verlenen aan een gefaseerde uitplaatsing voortvloeiende uit de opname;

  • -

    verdachte werkt mee aan een behandeling bij een forensische polikliniek, bijvoorbeeld De Waag of soortgelijke instelling, als vervolg op de klinische behandeling, zolang die instelling en/of de reclassering dat nodig achten;

  • -

    verdachte kiest domicilie in overleg en met toestemming van de reclassering. Verdachte zal niet zonder overleg en toestemming van de reclassering verhuizen naar een andere woning;

  • -

    verdachte onthoudt zich op welke wijze dan ook van het op digitale wijze met een seksuele intentie communiceren met minderjarigen, van gedragingen die zijn gericht op internetomgevingen waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen en van gedragingen die zijn gericht op internetomgevingen waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;

  • -

    verdachte verleent zijn medewerking aan controle door de politie van zijn computer(s) en andere apparatuur waarop afbeeldingen kunnen worden opgeslagen of waarmee het internet kan worden benaderd. Verdachte overlegt wachtwoorden benodigd om toegang te krijgen tot computerbestanden aan de politie en/of de reclassering. Indien nodig zal verdachte zijn medewerking verlenen aan het onder toezicht ontgrendelen van bestanden;

  • -

    verdachte beschikt over een passende, controleerbare dagbesteding en/of zet zich in om deze te verkrijgen en/of te behouden. Verdachte zal niet zonder overleg en/of toestemming van de reclassering veranderen van (vrijwilligers)werk;

  • -

    verdachte geeft openheid over zijn netwerk;

  • -

    verdachte zal niet alleen met minderjarigen in een vertrek zijn, of zich buiten met kinderen ophouden;

  • -

    verdachte maakt zijn bezigheden in zijn vrije tijd inzichtelijk;

  • -

    verdachte stelt zich begeleidbaar op en zal zich gedragen naar de aanwijzingen van de reclassering.

Geeft opdracht aan Reclassering Nederland de terbeschikkinggestelde bij de naleving van die voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Beveelt dat de terbeschikkingstelling met voorwaarden dadelijk uitvoerbaar is.

Beslissing ten aanzien van het beslag

Verklaart verbeurd (nummering volgens beslaglijst op pagina 25 van het procesdossier):

- Nr. 41 wachtwoorden/papier SIN:AAGC2628NL

Verklaart onttrokken aan het verkeer (nummering volgens beslaglijst op pagina 25 van het procesdossier):

- nr. 1 computer (personal) HP SIN: AAIT8645NL

- nr. 2 usb-stick SIN: AAIT8646NL

- nr. 3 computer (portable) Thinkpad SIN: AAGC2424NL

- nr. 14 usb-stick HP SIN: AAGC2388NL

- nr. 19 harddisk Seagate SIN: AAGC2430NL

- nr. 28 randapparatuur Lexar SIN:AAGC2433NL

Beslissing ten aanzien van de voorwaardelijke tenuitvoerlegging

Gelast de tenuitvoerlegging van de bij genoemd vonnis van 28 december 2012 opgelegde voorwaardelijke straf, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van 1 jaar.

Dit vonnis is gewezen door

mr. E.M. de Stigter, voorzitter,

mr. M.P. Glerum en mr. R.L.M. van Opstal, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. I. Völkers, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 22 november 2016.

De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE : De tenlastelegging

Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt, na wijziging van de tenlastelegging, die hierna cursief is weergegeven, ten laste gelegd dat:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 april 2014 tot en met 6 maart 2016 te Veenendaal, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens)

afbeeldingen, te weten (een) foto('s) en/of (een) video('s) en/of (een)

film(s) en/of (een) gegevensdrager(s) bevattende (een) afbeelding(en)

heeft

verspreid en/of aangeboden en/of openlijk tentoongesteld en/of verworven en/of in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken,

welke voornoemde seksuele gedraging(en) - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het vaginaal en/of oraal en/of anaal penetreren (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en))) van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 54, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 3, 6, 10, 7)

en/of

het vaginaal en/of oraal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en))

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 44, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 1, 24 screenshot uit film, 17, 27 screenshot uit film)

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (met (een) vinger(s)/hand en/of de mond/tong)

(collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 2, 20, 18)

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (met (een) vinger(s)/hand/voet)

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 65, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 4, 22)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of poseert/poseren in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten en/of billen in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(collectiescan pagina 223 – 224 foto nr. 38, 23, 24, 53, 48, 36, collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 24 (screenshot uit film), 9, 25 (screenshot uit film), 9, 8)

en/of

het ejaculeren boven/bij het gezicht en/of het lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt en/of

het houden van een (stijve) penis dicht bij het lichaam van een pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

(collectiescan pagina 321 – 322 foto nr. 15, 5)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

1 Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende proces-verbaal, nr. PL0900-2015279029, bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering (pagina 1 tot en met 504), het aanvullend proces-verbaal ‘versleutelde schijven’, onder hetzelfde dossiernummer (pagina 1 tot en met 3) en een aanvullend proces-verbaal ‘rectificatie’, onder hetzelfde dossiernummer (pagina 1 en 2). Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

2 Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek interceptie, periode 12 oktober 2015 tot en met 22 februari 2016, pagina 209 en 213.

3 Een proces-verbaal van bevindingen beschrijving kinderpornografisch materiaal, pagina 214 tot en met 296.

4 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 8 november 2016.