Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2015:8067

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
18-11-2015
Datum publicatie
26-11-2015
Zaaknummer
4314600 UC EXPL 15-11324
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Fitnessabonnement. Opzegging is niet komen vast te staan. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar om de overeenkomst lange tijd in stand te houden bij wanbetaling. Sportschool had na 6 maanden wanbetaling moeten ontbinden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2015/2336
Prg. 2016/16
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 4314600 UC EXPL 15-11324 SHD/1023

Vonnis van 18 november 2015

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Direct Pay Services B.V.,

gevestigd te Barendrecht,

als rechtsopvolger onder bijzondere titel van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Fitness365 Amsterdam B.V., gevestigd te Amsterdam,

verder ook te noemen Direct Pay,

eisende partij,

gemachtigde: Webcasso B.V.,

tegen:

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] , gemeente Stichtse Vecht,

verder ook te noemen [gedaagde] ,

gedaagde partij,

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek.

1.2.

[gedaagde] heeft, hoewel daartoe behoorlijk in de gelegenheid gesteld, daarna niet voor dupliek geconcludeerd.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil en de beoordeling daarvan

2.1.

Direct Pay vordert betaling door [gedaagde] van € 356,30 (bestaande uit € 303,20 aan hoofdsom, € 7,62 aan rente tot 22 juni 2015 en € 45,48 aan buitengerechtelijke incassokosten) met verdere rente en kosten. De hoofdsom heeft betrekking op facturen voor een sportabonnement van Fitness365. De vordering is gecedeerd aan Direct Pay.

2.2.

[gedaagde] heeft erkend dat zij een fitness abonnement heeft afgesloten voor de duur van drie jaar, lopend van 1 juli 2010 tot 1 juli 2013. Zij heeft echter aangevoerd dat zij in 2013 aan Fitness365 heeft laten weten dat zij geen verlenging wilde en dat zij een handgeschreven opzeggingsbrief heeft gestuurd. Zij heeft verder gesteld dat zij in de afgelopen twee jaar steeds heeft geprobeerd om het abonnement te beëindigen.

2.3.

Direct Pay heeft betwist dat [gedaagde] de overeenkomst op enig moment heeft opgezegd. Direct Pay heeft verder aangevoerd dat [gedaagde] in de gelegenheid is gesteld om van haar abonnement gebruik te maken en dat Fitness365 haar verplichtingen uit de overeenkomst zorgvuldig en volledig is nagekomen.

2.4.

De kantonrechter overweegt als volgt. Gelet op de overgelegde overeenkomst van lidmaatschap is [gedaagde] per 1 juli 2010 een fitnessabonnement aangegaan voor de duur van 3 jaar, tot 1 juli 2013. Uit het ‘Lidmaatschap reglement en voorwaarden F!Tness365’ volgt dat na de overeengekomen lidmaatschapsduur het lidmaatschap automatisch wordt verlengd voor de periode van steeds één maand met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste één volledige kalendermaand voor afloop van de contracttermijn. Volgens [gedaagde] heeft zij het abonnement na afloop van de contractstermijn van drie jaar, per 1 juli 2013, beëindigd. Zij is dan ook met ingang van de maand juli 2013 gestopt met betalen, op een paar betalingen na.

2.5.

De kantonrechter overweegt allereerst dat de door [gedaagde] gestelde opzegging niet is komen vast te staan. Het Burgerlijk Wetboek gaat uit van de zogenaamde ontvangsttheorie, die inhoudt dat een tot een bepaalde persoon gerichte verklaring die persoon moet hebben bereikt om haar werking te kunnen hebben. Nu Direct Pay heeft betwist dat Fitness365 de opzeggingsbrief van [gedaagde] heeft ontvangen, had het op de weg van [gedaagde] gelegen aan te tonen dat deze brief wel door Fitness365 is ontvangen, hetgeen zij heeft nagelaten. Om die reden kan de kantonrechter niet beslissen dat [gedaagde] de overeenkomst heeft opgezegd.

2.6.

Uit de dagvaarding volgt dat Direct Pay de contributie vordert zoals gefactureerd in juli 2013 en november 2013 tot en met april 2015, in totaal 20 maanden x € 18,95 = € 379,-. Hiervan heeft [gedaagde] volgens Direct Pay reeds 4 x € 18,95 betaald, namelijk op 22 november 2013, 24 november 2014, 18 december 2014 en 22 januari 2015. Zodoende vordert Direct Pay thans nog betaling van 16 maanden x € 18,95 = € 303,20.

2.7.

De kantonrechter is van oordeel dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de overeenkomst gedurende lange tijd in stand te houden nu er geruime tijd sprake was van wanbetaling aan de zijde van [gedaagde] en zij evenmin gebruik maakte van de diensten van Fitness365. In de algemene voorwaarden van Fitness365 is opgenomen dat Fitness365 het recht heeft het lidmaatschap te beëindigen indien een lid na waarschuwing niet aan haar betalingsverplichting voldoet. De kantonrechter is van oordeel dat het in redelijkheid op de weg van Fitness365 had gelegen om, op het moment dat zij reeds zes maanden geen betaling van [gedaagde] kon verkrijgen, de overeenkomst te ontbinden op grond van de wanbetaling van [gedaagde] , nu hieruit dient te worden opgemaakt – in combinatie met de omstandigheid dat [gedaagde] geen gebruik meer maakte van de faciliteiten van Fitness365 – dat [gedaagde] niet langer gebruik wenste te maken van de diensten van Fitness365. Het is in dit geval niet redelijk om de overeenkomst te laten voortduren en de betaling van de volledige contributie van [gedaagde] te vorderen. Nu [gedaagde] volgens Direct Pay op 22 november 2013 een betaling heeft verricht (hetgeen door [gedaagde] niet is weersproken) en vervolgens een jaar niets meer heeft betaald, is de kantonrechter van oordeel dat Direct Pay geen aanspraak kan maken op de contributie zoals die in rekening is gebracht na 21 mei 2014 (zijnde zes termijnen nadat de betaling van 22 november 2013 is verricht). Dit betekent dat [gedaagde] is gehouden om de gevorderde contributie tot en met 21 mei 2014 te voldoen, zijnde 9 x € 18,95 = € 170,55, maar dat Direct Pay geen recht heeft op betaling van de gevorderde contributie na die datum, zijnde 11 x € 18,95 = € 208,45, nu Fitness365 de overeenkomst op dat moment in redelijkheid had dienen te ontbinden op grond van wanbetaling.

2.8.

[gedaagde] heeft blijkens de dagvaarding reeds € 75,80 aan contributie betaald. Direct Pay heeft niet gesteld welke omschrijving aan deze betalingen is meegegeven. Om die reden dienen deze betalingen in mindering te worden gebracht op de oudste contributiemaanden. Derhalve zal een hoofdsom van € 170,55 - € 75,80 = € 94,75 worden toegewezen, te vermeerderen met een wettelijke rente over € 170,55 vanaf de opeisbaarheid van de respectievelijke contributietermijnen tot de voldoening, waarbij rekening dient te worden gehouden met de door [gedaagde] verrichte betalingen.

2.9.

Direct Pay maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Daarop is het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing, omdat het verzuim na 1 juli 2012 is ingetreden. De door Direct Pay verzonden aanmaning van 12 augustus 2014 voldoet niet aan de in artikel 6:96 lid 6 BW gestelde eisen, nu in de aanmaning een lager bedrag is genoemd dan thans wordt gevorderd. De gevorderde buitengerechtelijke kosten zijn daarom slechts toewijsbaar tot het in de aanmaning vermelde bedrag, namelijk € 40,00. Voor zover Direct Pay wettelijke rente heeft willen vorderen over de buitengerechtelijke incassokosten, geldt dat niet is gesteld of gebleken dat Direct Pay deze kosten al daadwerkelijk aan haar gemachtigde heeft betaald of met de betaling daarvan in verzuim verkeert en als zodanig vermogensschade heeft geleden. De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten zal daarom niet worden toegewezen.

2.10.

[gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Direct Pay worden begroot op:

- dagvaarding € 79,47

- griffierecht € 116,00

- salaris gemachtigde € 60,00 (2 punten x tarief € 30,00)

Totaal € 255,47

3 Beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan Direct Pay tegen bewijs van kwijting te betalen € 134,75, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 170,55 vanaf de opeisbaarheid van de respectievelijke contributietermijnen die hieraan ten grondslag liggen tot de dag der algehele voldoening, waarbij rekening dient te worden gehouden met de door [gedaagde] verrichte betalingen;

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van Direct Pay, tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 255,47, waarin begrepen € 60,00 aan salaris gemachtigde;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.A.M. Pinckaers, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 18 november 2015.